Raadsvoorstel Bomenbeleidsplan
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad Onderwerp: Zaaknummer:
Omgevingsprogramma Bomen (Bomenbeleidsplan) 891211
Commissie: Raadsvoorstel:
11 oktober 2021. 28 oktober 2021
Portefeuillehouder: Programma:
B.S. Nootebos 3. Beheer openbare ruimte
Karakter:
Besluitvormend
Bijlagen:
Ter vaststelling: - Omgevingsprogramma Bomen Stede Broec - Deelvisie Bomen SED Organisatie Ter informatie: - Diverse bijlagen behorende bij omgevingsprogramma bomen Stede Broec en deelvisie Bomen SED organisatie
Voorgesteld besluit: 1. De deelvisie Bomen alsmede het Omgevingsprogramma Bomen vast te stellen 2. De bij de deelvisie Bomen alsmede het Omgevingsprogramma Bomen behorende bijlagen met de genoemde kaders, normen, richtlijnen en boomstructuren uitganspunt te laten zijn voor een adequaat boombeheer en een duurzame inrichting van de buitenruimte met bomen.
Inleiding Stede Broec heeft de beschikking over diverse beleidsnotities en niet vastgestelde werkwijzen, en wil deze graag vatten in een samenhangend beleidsplan. Ook de huidige lijst van beeldbepalende en monumentale bomen is niet gestoeld op heldere criteria. Er is behoefte aan heldere criteria om deze lijst te kunnen actualiseren. Voor een efficiënte uitvoering voor de SED organisatie is het wenselijk om waar mogelijk de werkwijze ten behoeve van inrichting, beheer en bescherming van het bomenbestand van de 3 gemeenten zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen, en tegelijkertijd de lokale accenten te bewaren. De Omgevingswet vraagt om een integrale visie en regels voor de leefomgeving. Sectoraal beleid (onder andere voor bomen) moet integraal gemaakt worden, aansluiten op de gemeentelijke Omgevingsvisie en Omgevingsplan, en kan vervolgens verder uitgewerkt worden in een uitvoerings- of omgevingsprogramma voor de bomen. De DEELVISIE BOMEN sluit aan bij de toekomstige integrale omgevingsvisie die nu volop in voorbereiding is. Dit voorjaar bent u middels een raadsbrief geïnformeerd over de voortgang van het opstellen van het bomenbeleidsplan. De uitwerking van bovenstaande heeft geresulteerd in een DEELVISIE BOMEN en een O MGEVINGSPROGRAMMA BOMEN. De DEELVISIE BOMEN is opgesteld voor Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland.
De visie richt zich op gemeentelijke bomen met een doorkijk naar particuliere bomen en bomen van andere terreinbeheerders, en heeft raakvlakken met groen. De doelstellingen uit deze visie worden per gemeente praktisch uitgewerkt in het O MGEVINGSPROGRAMMA BOMEN. De juridische regels die gelden voor alle initiatiefnemers worden verder uitgewerkt in het nog op te stellen omgevingsplan.
1
Het OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN is opgesteld voor raadsleden, de medewerkers van de SED organisatie en alle ontwikkelaars en aannemers die voor of namens de gemeente werkzaamheden uitvoeren of projecten ontwikkelen. Het is opgezet in de vorm van een hoofdrapport en diverse bijlagen. Er worden kaders benoemd, richtlijnen aangegeven en harde voorwaarden gesteld om hier mee uitvoering te geven aan de doelstelling: te komen tot een adequaat boombeheer en een duurzaam boombestand. In dit raadsvoorstel worden de belangrijkste kaders uit het OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN samengevat. In de diverse bijlagen (ter informatie en niet ter besluitvorming) is een verdere detaillering en onderbouwing te vinden. Per onderwerp kan dit aan aannemers, projectontwikkelaars of anderen die met of rondom bomen werkzaam zijn worden meegegeven opdat zij de adequate informatie krijgen die zij nodig hebben voor hun werkzaamheden. De acties waartoe in dit OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN aanzet wordt gegeven, zijn opgenomen in de Uitvoeringsagenda Bomen (bijlage 21). Beoogd effect Actualiseren van het bomenbeleid om zo te komen tot een actueel bomenbeleid wat past binnen de gemeenten, de SED-samenwerking en aansluit op de eisen vanuit de Omgevingswet. Het doel is om hiermee te komen tot een adequaat beheer van de bomen en een duurzaam bomenbestand.
Beleidsvrijheid / -ruimte (wettelijk kader) In februari hebben wij uw raad middels een raadsbrief geïnformeerd over het opstellen van een bomenbeleidsplan. Zoals toen gemeld, willen wij hiermee aanhaken bij de gemeenten Drechterland en Enkhuizen die beiden in hun uitvoeringsprogramma het opstellen van een bomenbeleidsplan hebben opgenomen. Het doel is om te komen tot een adequaat boombeheer en het afstemmen en harmoniseren van werkprocessen. Uw raad wordt gevraagd de visie vast te stellen evenals de kaders voor het inrichting van de openbare buitenruimte met bomen en de kaders voor de bescherming en het beheer van de bomen. Argumenten Het bomenbeleidsplan (DEELVISIE BOMEN en OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN) Is idealiter een uitwerking van de omgevingsvisie gericht op het bomenbeleid. De toekomstige integrale Omgevingsvisie en de DEELVISIE BOMEN en OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN zijn nagenoeg gelijktijdig voorbereid. Tijdens deze voorbereidingen is steeds gekeken of er geen tegenstrijdigheden (gaan) ontstaan tussen het bomenbeleidsplan en de toekomstige integrale omgevingsvisie. Om tot een effectief bomenbeleidsplan te komen is het gewenst om ook voor het bomenbeleid een visie te beschrijven van waaruit de verdere doelstellingen worden geformuleerd. Uit een analyse van bestaande (beleids)stukken komt voor de SED gemeenten een gemeenschappelijke visie naar voren.
Deze visie is dus niet nieuw maar is een vertaling van bestaande beleidsstukken. De drie gemeenten streven naar: “Een prettige, veilige, groene leefomgeving met een duurzaam bomenbestand”. De visie op bomen geeft nog weinig houvast voor een goed bomenbeleid en een adequaat boombeheer en is daarom verder geconcretiseerd in en aantal doelstellingen die in het OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN met de bij behorende bijlagen zijn uitgewerkt. In de visie worden de acht doelstellingen en de daarbij behorende uitwerkingen gedetailleerd beschreven zodat dit een praktisch handvat biedt voor het dagelijks werk met bomen en toetsing van plannen en vergunningaanvragen. Hieronder treft u de acht doelstellingen aan met daarbij een motivatie aangegeven. A. Kwalitatief goed bomenbestand I. Door te werken vanuit strategisch boombeheer worden alle bomen minimaal eens per 3 jaar geïnspecteerd en krijgen de bomen het onderhoud die vanuit hun groeifase of standplaats noodzakelijk is. II. Om een goede structurele bijdrage te leveren aan de klimaatdoelstellingen en te kunnen voldoen aan het ambitieniveau en adaptatiestrategie, die door de raad is vastgesteld, is een vaste boomnorm bepaald waaraan nieuwbouwprojecten moeten voldoen.
2
B.
Toegankelijk en goed functionerend openbaar groen
I., II. Grotere plantsoenen en parken dragen bij aan een gezonde leefomgeving en recreatiemogelijkheden dicht bij huis. Het is van belang om de functies en de toegankelijkheid kritisch te beoordelen en waar nodig te verbeteren. III. Met voldoende schaduw wordt wederom een bijdrage geleverd aan de doelstellingen van de klimaatadaptatie. Daarnaast worden kinderen meer beschermd tegen de nadelige gevolgen van te intensieve blootstelling aan zonlicht. IV. Het landelijk gebied levert een belangrijke bijdrage aan de recreatie in onze regio. Landschappelijke inpassing van bedrijfsgebouwen zorgt er voor dat het landelijk gebied ook een aantrekkelijk is om doorheen te wandelen en te fietsen. V. Met voldoende schaduw wordt wederom een bijdrage geleverd aan de doelstellingen van de klimaatadaptatie. C. Versterking biodiversiteit Betreft richtlijnen interne werkwijze aanvullend op de vastgestelde beheerparagraaf Biodiversiteit . D. Interne en externe communicatieprocessen optimaliseren Betreft richtlijnen interne werkwijze. E. Bewonersparticipatie bij herinrichting Betreft richtlijnen interne werkwijze. F. Indeling van het bomenbestand naar beleidsstatus I., II. Niet alle bomen kunnen uitgroeien tot een oude monumentale boom. En niet alle boomstructuren (lijnvormige boombeplantingen in straten en langs wegen) zijn van belang voor de grote ruimtelijke structuren van een stad of dorp.
Om objectief te kunnen beoordelen of een boom (potentieel) waardevol is moet de boom voldoen aan een aantal criteria. Om in aanmerking te komen voor de status waardevolle boom dient te boom 80 jaar of ouder te zijn, of wanneer de leeftijd niet bekend is een stamomvang te hebben van 80 cm op borsthoogte. Voorts dient de boom gezond te zijn en een levensverwachting te hebben van minimaal 10 jaar. Daarnaast dient de boom minimaal aan één van de aanwijscriteria te voldoen te weten:
Beeldbepalendheid; Ecologische waarde; Cultuurhistorische waarde; Zeldzaamheid uniciteit of dendrologische waarde.
Waardevolle bomen kunnen zowel gemeentelijke als particuliere bomen zijn. Naast waardevolle bomen zijn er ook bomen die nog niet de leeftijd van 80 jaar hebben bereikt maar wel de potentie hebben om deze leeftijd te bereiken en voldoen aan de aanwijscriteria. Voor deze potentieel waardevolle bomen geldt een minimale leeftijd van 40 jaar en een duurzame groeiplaats zodat zij de ambitieleeftijd van 80 jaar kunnen behalen. Bomen in structuren en grotere groenstroken/vakken en op begraafplaatsen leveren een belangrijke bijdrage aan het karakter van de omgeving doordat ze stedenbouwkundige en landschappelijke structuren accentueren en versterken. Boomstructuren verhogen de herkenbaarheid van een woonwijk, een straat of een waterweg. Daarnaast kunnen zij van belang zijn als ecologische verbindingslijnen tussen verschillende groengebieden. Hierbij is aansluiting gezocht bij de beheerparagraaf Biodiversiteit.
3
Boomstructuren inclusief parken, begraafplaatsen en groenstroken III. Om een afweging te kunnen maken welke investering, naast de reguliere onderhoudskosten, het waard is om een boom te behouden wordt een rekenformule gehanteerd. Afhankelijk van de status van de boom en de leeftijd wordt berekend welke kosten ‘rendabel’ zijn om overlast of risico’s weg te nemen of levensverlengende maatregelen te treffen of dat besloten moet worden de desbetreffende boom te kappen. Om ook particuliere waardevolle bomen beter te beschermen kunnen particulieren kosteloos hun bomen periodiek laten inspecteren. Uit de inspectie volgt een onderhoudsadvies. De kosten voor het onderhoud is voor de boom eigenaar. IV. Grote oude bomen en boomstructuren leveren een grote bijdrage aan het karakter en de identiteit van het stads of dorpsgezicht en verdienen alleen daarom een betere bescherming dan overige bomen. Anderzijds leeft ook de gedachte dat burgers en bedrijven meer verantwoordelijkheid en betrokkenheid voor hun leefomgeving moeten krijgen en daarmee meer vrijheid voor de inrichting van eigen tuin of terrein. Onnodige kapvergunningsprocedures moeten vermeden worden. Om die reden wordt gesteld dat alleen voor bomen die zijn aangewezen als (potentieel) waardevol of onderdeel uitmaken van een vastgestelde boomstructuur een kapvergunning nodig is om de boom te mogen kappen.
Bomen die niet aan de criteria voldoen worden vrijgesteld van een kapvergunningsplicht.
4
V. In de loop der jaren stukjes grond verkocht of verhuurd aan particulieren. In veel gevallen is de gemeente de bomen blijven onderhouden. Omdat bij grondoverdracht ook de aanwezige bomen formeel overgaan naar de nieuwe eigenaar is ook deze eigenaar verantwoordelijk en aansprakelijk voor de boom. Uitgangspunt is dat dergelijke bomen worden overgedragen aan de particuliere eigenaar van de grond waarop de boom zich bevindt. Hiervoor wordt de verantwoordelijkheid (beheer, onderhoud) van de huidige aanwezige bomen geheel overdragen aan de particuliere eigenaar van de ondergrond, inclusief de kosten daarvoor. Bomen op verhuurde grond zijn en blijven van de gemeente en worden ook als zodanig door de gemeente onderhouden. G. Duurzaam behoud van de aanwezige bomen I. Om een afweging te kunnen maken welke investering, naast de reguliere onderhoudskosten, het waard is om een boom te behouden wordt een rekenformule gehanteerd. Afhankelijk van de status van de boom en de leeftijd wordt berekend welke kosten ‘rendabel’ zijn om overlast of risico’s weg te nemen of levensverlengende maatregelen te treffen of dat besloten moet worden de desbetreffende boom te kappen. III. Bij werkzaamheden worden bomen regelmatig beschadigt door bijvoorbeeld graafwerkzaamheden of doordat er bouwmaterialen onder de bomen worden geplaatst.
Heldere richtlijnen moeten meer duidelijkheid geven wat wel en niet kan rondom bomen. H. (Her)inrichting met nieuwe bomen I. Met de norm van 15% kroonbedekking wordt gezorgd dat minimaal 15% van de openbare ruimte wordt beschaduwd door bomen. Er is gekozen voor een percentage kroonbedekking omdat 1 grote boom vaak een grotere bijdrage levert aan de biodiversiteit en de klimaatadaptie dan bijvoorbeeld 10 kleine bomen. Door een norm te stellen worden ontwikkelaars gedwongen creatieve keuzes te maken over de inrichting van de buitenruimten bij nieuwbouw projecten. II. De richtlijnen uit het Handboek Bomen bij de aanplant van bomen zorgt dat bomen zowel ondergronds als bovengronds voldoende groeiruimte krijgen waardoor de bomen bij volle wasdom minder overlast veroorzaken en onnodige onderhoudskosten zoveel mogelijk worden vermeden. De norm voor de afstand tussen bomen onderling en bomen en woningen moet voorkomen dat in de toekomst overlast gaat ontstaan (overhangende takken en gebrek aan (zon)licht in woning en tuin). Om ontwerptechnische redenen kan hier bij uitzondering van afgeweken worden als bijvoorbeeld hierdoor de boomnorm niet gehaald zou worden. Kanttekeningen / alternatieven De kaders, normen en richtlijnen en werkwijzen vormen een compleet, ambitieus en afgewogen samenspel om daarmee te komen tot een adequaat boombeheer.
Op onderdelen kunnen wellicht strengere normen gehanteerd worden en ook zullen niet alle voorgestelde richtlijnen in de praktijk altijd haalbaar zijn. De praktijk zal uitmaken of het OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN voldoende houvast geeft om een afdoende bijdrage te leveren aan de doelstellingen van de klimaatadaptatie en dat met de te nemen maatregelen een duurzaam bomenbestand wordt gecreëerd zodat invulling wordt gegeven aan de visie: “Een prettige, veilige, groene leefomgeving met een duurzaam bomenbestand”. Integrale voorbereiding Voorafgaand aan het opstellen van de DEELVISIE BOMEN en het OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN zijn verschillende interdisciplinaire werksessies gehouden waarbij naast de boomverzorgers, de groenbeheerders/beleidsadviseurs ook civieltechnische projectleiders zijn betrokken evenals een vertegenwoordiging van de werkvelden ruimtelijke ontwikkeling, duurzaamheid/klimaatadaptatie, omgevingsvisie en communicatie. Uit de werksessies kwam naar voren dat het wenselijk is dat er meer helderheid wordt verschaft rondom het werken met en nabij bomen. Wel wordt opgemerkt dat kaders, normen, en richtlijnen een extra druk geven op de inrichting van de toch al beperkte buitenruimte en kostenverhogend kunnen werken.
Anderzijds zal bij een duurzaam bomenbestand, waarbij gekozen wordt voor een juiste boom op de juiste plaats met goede groeiomstandigheden de kosten van het onderhoud van zowel wegen als van de bomen zelf op termijn af nemen.
5
Draagvlak Wanneer er voor een buurt/bewoners ingrijpende maatregelen dienen te worden genomen, worden zij en/of de buurt vooruitlopend op de daadwerkelijke actie betrokken. Planning, evaluatie en verantwoording In de Uitvoeringsagenda (zie bijlage) is een planning opgenomen van alle actiepunten uit het OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN. Een aantal van deze actiepunten worden opgenomen in andere documenten, andere actiepunten zullen vanaf het moment van vaststelling van het OMGEVINGSPROGRAMMA BOMEN geïmplementeerd worden in de werkwijzen en werkprotocollen. Daar waar de gemeenteraad bevoegd is zullen nadere voorstellen worden gedaan. De voorgestelde kaders, normen en richtlijnen gelden voor de nieuw te initiëren projecten. Voor de lopende projecten zijn deze nog niet van toepassing. Financiën Het Omgevingsprogramma bomen zal niet direct leiden tot structurele hogere onderhoudskosten wel zullen de strengere normen leiden tot hogere investeringskosten bij bijvoorbeeld nieuwbouwplannen. Er zal meer geïnvesteerd moeten worden in ondergrondse groeiplaatsverbeteringen en doordat er een norm wordt vastgesteld voor de kroonbedekkingspercentage van de openbare buitenruimte zullen meer of grotere bomen een plek moeten krijgen in de ontwikkelplannen wat in sommige gevallen tot hogere kosten kan leiden dan wellicht in eerste instantie gepland was.
Voor de realisering van onderwerpen uit de Uitvoeringskalender, die niet binnen het huidige budget en/of werkcapaciteit kunnen worden uitgevoerd, zullen u nadere voorstellen worden voorgelegd.
Bovenkarspel, 21 september 2021 Burgemeester en wethouders van Stede Broec De secretaris, De burgemeester,
A. Huisman
R.A.P. Wortelboer
6