Programma Stedelijk water en Riolering 2023-2024 gemeente Stede Broec
Tekst van het document
Omgaan met grondwateroverlast In de regio Westfriesland zijn er, uitzonderingen daargelaten, geen grote structurele knelpunten bekend met betrekking tot grondwateroverlast. In Stede Broec zijn er weinig tot geen meldingen van grondwateroverlast binnengekomen. Speeltuinen of groene locaties blijven na langdurige neerslag wel eens lang drassig vanuit als gevolg van hoog grondwater We nemen maatregelen als grondwateroverlast structureel en nadelig is. Per locatie wordt door de gemeente een afweging gemaakt op basis van het karakter van de overlast, de mogelijke gevolgen en de doelmatigheidscriteria. Uitgesloten situaties daarbij zijn situaties waarbij het de bouwkundige of waterhuishoudkundige verantwoordelijkheid betreft van de eigenaar (bijvoorbeeld kelders en kruipruimtes) en gebeurtenissen van regionale en boven regionale oorsprong (bijvoorbeeld hoge waterstanden in watergangen);
Definities structureel nadelige grondwateroverlast en doelmatige maatregelen Structurele grondwateroverlast is: • • • •
Wederkerend te zijn en gemeld (tenminste jaarlijks geregistreerd); én gedurende langere tijd voor te komen (tenminste 1 maand continu); én niet tijdelijk te zijn (tenminste 2 jaar); én stabiel of toenemend te zijn.
Nadelige gevolgen zijn: • • •
gezondheidsklachten door vocht in de woning; óf schade aan gebouwen of infrastructuur (o.a. aan wegfundering); aantasting van de primaire functie op basis van het bestemmingsplan.
Doelmatige maatregelen zijn: • maatregelen dienen effectief te zijn (met de maatregelen worden de problemen voorkomen of aanzienlijk beperkt); • én maatregelen dienen efficiënt te zijn (geen alternatieven op de probleemlocatie die goedkoper of effectiever zijn); • én de kosten van de maatregelen dienen in verhouding te staan tot de nadelige gevolgen.
Van de perceeleigenaren verwachten we dat deze bij eventuele grondwaterproblemen de vereiste (waterhuishoudkundige en/of bouwkundige) maatregelen nemen op eigen terrein. Dit wordt getoetst bij de aanvraag van de omgevingsvergunning en/of op basis van een locatiebezoek. Indien gewenst geven we als gemeente voorlichting over door de perceeleigenaar te nemen maatregelen of verrichten we nader onderzoek. Als er sprake is van structureel nadelige gevolgen vanwege de grondwaterstand nemen we als gemeente (op termijn) maatregelen om de afvoer van het overtollige grondwater te verbeteren. Grondwatermaatregelen voeren we wanneer mogelijk uit in combinatie met afkoppelen, rioolvervanging of herinrichting van de openbare ruimte. Het grondwaterpeil willen we zoveel als mogelijk op natuurlijke wijze laten blijven fluctueren. We hanteren hiertoe onderstaande voorkeursvolgorde:
25
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
We hanteren de voorkeursvolgorde ophogen-bergen-afvoeren voor het uitvoeren van maatregelen om de gewenste waterstanden te realiseren en om grondwater over- en onderlast tegen te gaan: 1. Ophogen van het maaiveld. 2. Realiseren van extra oppervlaktewater voor af- en aanvoer van water in de wijk. 3. Aanleggen van een drainagesysteem met eventuele grondverbetering. Voorkomen grondwateroverlast Om grondwateroverlast te voorkomen doorlopen we als gemeente en het hoogheemraadschap bij planologische wijzigingen een watertoetsprocedure. Hierbij beoordelen we de waterhuishoudkundige randvoorwaarden en effecten van nieuwe ontwikkelingen. Door middel van de watertoetsprocedure voorkomen we in de bestemmingsfase dat ‘natte’ gebieden bebouwd gaan worden en/of dat onvoldoende ontwateringsmaatregelen worden genomen. Met het in werking treden van de Omgevingswet vervangt het begrip 'weging van het waterbelang' de term watertoets. De gemeente moet de opvattingen van de waterbeheerder betrekken bij het omgevingsplan. Dit geldt in het algemeen voor alle waterbelangen. Bijvoorbeeld watercompensatie in verband met toenemende verharding en ontmoedigen bouwen in verband met waterwinning. Er gelden geen regels voor hoe de gemeente de waterbeheerder hierbij betrekt. Als gemeente zijn we vrij om hier zelf invulling aan te geven. Vooralsnog zien we geen aanleiding om de huidige procesgang te wijzigen.
Ontwatering De bodemgesteldheid en waterdoorlatendheid kunnen lokaal en regionaal sterk verschillen. Om wateroverlast door hoge grondwaterstanden te voorkomen geven we daarom gebiedsspecifiek invulling aan de ontwateringsnormen. Bij nieuwbouwsituaties creëren we op deze wijze een ontwateringsdiepte die het risico op grondwater over- of onderlast minimaliseert. Onderstaande ontwateringsdiepten (zie Tabel 2) beschouwen we als een inspanningsplicht. We kunnen als gemeente dan ook niet verantwoordelijk worden gesteld voor het handhaven van de genoemde waarden. Door bij nieuwbouwsituaties een grotere ontwatering te hanteren, bijvoorbeeld door kruipruimteloos bouwen, beperken we het risico op grondwateroverlast verder.
Tabel 2: Ontwateringsdiepten Functie
Minimaal benodigde ontwatering t.o.v. maaiveld (gebaseerd op Gemiddelde Hoogste Grondwaterstand in meters)
Woningen
1,0
Parken, tuinen, groenvoorzieningen
0,5
Wegen en woonstraten
0,7
Voorkomen van grondwaterverontreiniging We voorkomen grondwaterverontreiniging door vervuilende activiteiten te weren. Op eventuele locaties met grote bodemverontreinigingen zijn we voorzichtig met infiltratie van hemelwater om verspreiding te voorkomen. De bescherming van het grondwater is opgenomen in de Omgevingsverordening Noord-Holland 2020. Deze bescherming is geregeld door grondwaterbeschermingsgebieden aan te wijzen. In voorkomende gevallen verwijzen we naar deze verordening.
26
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Monitoren Vanwege het beperkt aantal meldingen is overwegend sprake van een piepsysteem. Bij veel meldingen treffen we doelmatige maatregelen en plaatsen zonodig peilbuizen. Binnen de regio streven we ernaar om de eventuele meetgegevens onderling te delen en op uniforme (centrale) wijze te ontsluiten. Tegengaan verdroging Droogte en wateroverlast in het stedelijk gebied pakken we binnen de regio Westfriesland in samenhang op. We verkleinen de kwetsbaarheden voor klimaatverandering door specifieke aandacht te geven aan waterberging, waterafvoer, waterkwaliteit, stijgend grondwater, droogteschade aan stedelijk groen, paalrot en bodemdaling. Bij de inrichting van groen met een ont- of afwaterende functie hebben we oog voor een klimaatbestendige inrichting. Het groen moet bij voorkeur bestand zijn tegen zowel kortdurende vernatting als langdurige droogte.
4.5
Oppervlaktewater
Goed rioolgebruik We verwachten van onze inwoners dat ze zelf een bijdrage leveren aan het verlagen van de beheer- en onderhoudskosten door het riool goed te gebruiken, oftewel het riool alleen gebruiken waarvoor het is bedoeld. Ook verwachten we dat onze inwoners hun riolering op eigen terrein in goede staat onderhouden. Via verschillende media-kanalen informeren we onze inwoners over hun eigen verantwoordelijkheid met betrekking tot een goed gebruik van het riool en het voorkomen van foutaansluitingen. Door verkeerde aansluitingen kan er continu vuilwater in het oppervlaktewater stromen. Dit is een onwenselijke situatie en waar mogelijk moet dit voorkomen worden. Indirecte lozingen Een indirecte lozing is een lozing die niet direct op het oppervlaktewater uitkomt, maar wordt geloosd via bedrijfsriolering en/of een ander tussenliggend (zuiverings)werk van een derde. Vaak verloopt de route via bedrijfsriolering-gemeentelijke riolering-transportstelsel HHNK-zuivering HHNK. Indirecte lozingen kunnen zowel kwantitatief als kwalitatief schade veroorzaken. Het betreft onvoldoende gezuiverde lozingen (via overstorten of RWZI), of lozingen die het functioneren van riolen, gemalen of de RWZI verstoren. Om wateroverlast te voorkomen zijn overstortingen vanuit het rioolstelsel soms onvermijdbaar, maar dit leidt overwegend niet tot directe volksgezondheids- of milieuproblemen.
De kwaliteit van het oppervlaktewater is de afgelopen jaren sterk verbeterd. We gaan (waar doelmatig) door met het afkoppelen van verhard oppervlak om de milieubelasting aanvaardbaar te houden. Omgaan met negatieve gevolgen van medicijnresten, organische microverontreinigingen en microplastics Als gevolg van lozingen komen medicijnresten, organische microverontreinigingen en microplastics in ons oppervlaktewater terecht. Dit is schadelijk voor ons milieu en willen we uiteraard zoveel als mogelijk beperken. Hiervoor is een gecombineerde bron-, systeem-, en end-of-pipe aanpak nodig. Met het maken van (inter)nationale afspraken kunnen fabrikanten worden gestimuleerd/verplicht om meer duurzaam te produceren. Hier ligt een opgave voor de rijksoverheid In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan rijksomgevingswaarden voor de kwaliteit van oppervlaktewater voor aangewezen oppervlaktewaterlichamen. Een deel van die omgevingswaarden zijn een vertaling van de Europese regels. In dit geval de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Provincies kunnen in een omgevingsverordening omgevingswaarden stellen voor de waterkwaliteit van oppervlaktewater. Deze omgevingswaarden mogen alleen strenger zijn dan, of aanvullend zijn op, de rijksomgevingswaarden. Bij de vaststelling daarvan betrekt de provincie de economische effecten.
Denk hierbij aan effecten op het vestigingsklimaat en de werkgelegenheid.
HHNK voert samen met PWN een pilot uit op RWZI Wervershoof om meer ervaring op te doen met het zoveel mogelijk afvangen van microverontreinigingen. We volgen deze ontwikkeling. HHNK zet in eerste instantie in op een beleidsarme overgang van de huidige keur naar een waterverordening onder de Omgevingswet. De focus ligt hierbij op waterkwantiteit. De bruidsschatregels worden integraal overgenomen. Beleidsregels met betrekking tot waterkwaliteit worden in een later stadium gebiedsspecifiek gemaakt. De komende planperiode stemmen we het opnemen van eventuele regels met betrekking tot waterkwaliteit in omgevingsplan/waterverordening af met de waterbeheerder.
27
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Figuur 4-4: De rioolwaterzuiveringsinstallatie van HHNK in Wervershoof (bron: HHNK, Philippe van de Loo)
Opheffen foutaansluitingen De afvalwaterketen is primair gericht op het zoveel als mogelijk ingesloten houden van afvalwater en dit te transporteren naar een zuiveringslocatie. Foutaansluitingen en riooloverstortingen vanuit een gemengd rioleringssysteem vormen hierin zwakke schakels. Bij foutaansluitingen komt onbedoeld vuil water in het oppervlaktewater terecht of regenwater bij de zuivering. Riooloverstortingen treden op bij hevige en/of langdurige neerslag om wateroverlast te voorkomen. De ongezuiverde lozingen kunnen de waterkwaliteit nadelig beïnvloeden. Om de milieubelasting op kwetsbare locaties te beperken sporen we foutaansluitingen op en herstellen deze (mits doelmatig). Via het opsporen en (laten) herstellen van foutaansluitingen voorkomen we dat milieubelastende stoffen onbedoeld maar voortdurend in het oppervlaktewater terechtkomen. Om de milieubelasting als gevolg van riooloverstortingen te minimaliseren koppelen we verhard oppervlak van de riolering af en vertragen en minimaliseren we de toevoer naar het systeem door neerslag lokaal vast te houden. Omgaan met recreëren in, op of nabij water in de omgeving Als gevolg van klimaatverandering en de bevolkingsdichtheid neemt de druk op wateren steeds verder toe. We zien een toename aan watergebonden evenementen, er ontstaan meer wildzwemplekken en ook op het water wordt het drukker.
Voor ons dorpswater kunnen we echter niet de kwaliteit en veiligheid garanderen zoals dat wel de bedoeling is voor de aangewezen zwemwateren. Na regenval kan het water bijvoorbeeld verontreinigd zijn met fecaliën, in of op de waterbodem kunnen gevaarlijke voorwerpen liggen of water afkomstig uit landelijk gebied (of zelfs van bepaalde binnenstedelijke wegen) is bijvoorbeeld verontreinigd met chemicaliën/parasieten etc. Gelet op het grote aantal mogelijke wildzwemwaterlocaties heeft het plaatsen van borden weinig nut. Vanuit het oogpunt van publieke gezondheid en openbare veiligheid zetten we daarom vooralsnog in op informeren van de omwonenden, tenzij we echt grote veiligheids- of gezondheidsrisico’s zien. In dat geval gaan we in gesprek met belanghebbende partijen en brengen we onze kennis met betrekking tot het functioneren van de riolering- en het watersysteem in. Het zou mooi zijn als op de lange termijn de delen van het watersysteem die niet voldoende kwaliteit hebben om daar zelfs veilig te kunnen zwemmen, maar daarvoor is nog een lange weg te gaan. In beleid en uitvoering zorgen we er in ieder geval voor dat door ons handelen de waterkwaliteit tenminste niet verslechtert.
28
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Voor oppervlaktewater wat niet is aangewezen als zwemwater bestaat nog geen specifieke regelgeving. Dat is nog een grijs gebied waar de komende jaren meer aandacht voor zal komen op zowel landelijke als regionale schaal.
4.6
Bedrijfsvoering
In het kader van de samenwerkingsovereenkomst ten behoeve van de waterketen hebben we als de zeven Westfriese gemeenten ook met betrekking tot de bedrijfsvoering afspraken gemaakt. Deze afspraken zijn als volgt: • Hanteren principes van assetmanagement • Gemeenten nemen de regie om ingrepen in de openbare ruimte af te stemmen • Bundelen kennis om data op te krijgen en te houden • Bouwen aan een Beslissing Ondersteunend Instrumentarium (BOI) • Ontwikkelen GIS-expertise • (Afval)waterketen weerbaar maken tegen cyberaanvallen • Samenwerken door kennis en inzichten te delen • Inventariseren mogelijkheden om bewustwording te verhogen en handelingsperspectief te bieden • Het monitoren van het kennis- en competentieniveau van de Branchestandaard van de gemeentelijke watertaken. In de strategische uitwerking van de bedrijfsvoering is met deze afspraken rekening gehouden. Rioolvervanging Met het verouderen van de bestaande riolering neemt de vervangingsopgave als gevolg van de leeftijdsopbouw toe. Zo zal in theorie de piek in rioolaanleg in de jaren zestig de komende 5-10 jaar tot een vervangingspiek leiden (uitgaande van een gemiddelde levensduur van 60 jaar). Om beter te kunnen beoordelen of een riool aan vervanging toe is hebben we de afgelopen planperioden de toestand van het rioleringssysteem in beeld gebracht door inspecties uit te voeren.
Met deze inspectieresultaten zijn we beter in staat om een afweging te maken tussen welke maatregel het meest passend is: repareren, renoveren of vervangen. We brengen eerst onze gegevens op orde en delen binnen de regio Westfriesland kennis met betrekking tot vervangingsstrategieën. Zodra de basis op orde is kunnen we een vervolgstap zetten richting risico gestuurd beheer en een leidraad hiervoor opstellen. Risicogestuurd beheer betekent dat we riolen vervangen waar het moet en de levensduur via reparaties oprekken waar het kan. Met betrekking tot rioolvervanging hebben we in regionaal verband een document opgesteld, dat rekening houdt met de impact van bezwijken op de omgeving en de restlevensduur. Het te nemen risico relateren we aan het mogelijke effect van bezwijken. Vanuit deze gedachte zijn inspectie- en onderhoudsintervallen van verschillende objecttypen al bijgesteld. Bijvoorbeeld vuilwater riolering 1x per 10 jaar, hemelwater riolering 1x per 20 jaar, kolken afhankelijk van bomen (zgn. bladstraten), 'vieze' rioolgemalen vaker schoonmaken, etc. Bij oudere rioolstelsels zal er vaker geïnspecteerd moeten worden om zo goed mogelijk risicogestuurd te kunnen werken en waar mogelijk een vervanging uit te stellen.
Om risicogestuurd beheer mogelijk te maken zijn volgende onderwerpen van belang: • goede opbouw van beheerdata; • het ontwikkelen en vaststellen van risicoprofielen; • het monitoren van de kwaliteitsontwikkeling van het stelsel; • het koppelen van maatregelen aan risicoprofielen; • periodiek evalueren van de werkwijzen. Door stapsgewijs invulling te geven aan bovenstaande onderwerpen kunnen we in de nabije toekomst sterker sturen op rioolvervanging die is gebaseerd op daadwerkelijke levensduur. Daardoor kunnen we ons geld op de juiste plek inzetten en mogelijk besparingen realiseren. In de komende planperiode besteden we aandacht aan de analyse van de inspectieresultaten en het effect daarvan op het beheer van het stelsel. De komende planperiode evalueren we de risicogestuurde aanpak en stellen deze zonodig bij.
29
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Figuur 4-5: Het vervangen van riolering is vaak een behoorlijk forse ingreep in de openbare ruimte
Beheer en Onderhoud Om een goed functioneren van het watersysteem te waarborgen voeren we beheer- en onderhoudsmaatregelen uit. De planning leggen we vast in operationele jaarprogramma’s. Bij de invulling van het beheer en onderhoud groeien we geleidelijk toe naar een meer risico-gestuurde benadering. Dit betekent dat we niet uitgaan van een vaste onderhoudsfrequentie (cyclisch) en vervanging op basis van leeftijd. We differentiëren om zo beter rekening te houden met mogelijke risico’s en de maatschappelijke, economische en ecologische waarde. Waar het kan doen we dan wat minder en daar waar het moet doen we dan wat meer. Uitgangspunt hierbij is dat alle inwoners van de gemeente die rioolheffing betalen het recht hebben op een goed functionerend rioleringssysteem en een veilige leefomgeving. Dit is ook van toepassing voor de buitengebieden maar dit wordt op een andere manier ingevuld. Om risicogestuurd beheer en onderhoud te kunnen uitvoeren brengen we eerst de komende jaren de basis verder op orde. 30
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
We onderscheiden vier typen beheer- en onderhoudsmaatregelen: 1. Vervanging Vervangingsmaatregelen, zoals slopen en vervangen van het bestaande rioolstelsel. Dit combineren we zoveel als mogelijk met andere werkzaamheden zoals wegbeheer om ‘werk-met-werk’ te maken en eventuele hinder tot een minimum te beperken. 2. Groot onderhoud / renovaties Onder groot onderhoud verstaan we preventieve en/of correctieve maatregelen, zoals relining, om het rioolstelsel in goede staat te houden of te brengen. Bij relining wordt de bestaande rioolbuis van binnenuit verstevigd door middel van een zogenoemde kous of schaaldelen. 3. Klein onderhoud Onder klein onderhoud verstaan we reguliere onderhoudsactiviteiten met een kort-cyclisch karakter, zoals reinigen en repareren van kolken, gemalen en riolen. 4. Reactief onderhoud Soms is onvoorzien onderhoud nodig, bijvoorbeeld bij een calamiteit. De kans hierop proberen we zoveel als mogelijk te beperken door een gedegen uitvoering van het beheer en onderhoud.
Figuur 4-6: Er gaat ook weleens wat mis. In deze situatie is een gestuurde boring dwars door een bestaande buis heen geboord
Gegevensbeheer en digitalisering Binnen stedelijk waterbeheer hebben we te maken met statische en dynamische gegevens. De statische gegevens zijn basisgegevens zoals de afmetingen en hoogtemetingen van putten en leidingen. Deze gegevens worden laagfrequent geïnventariseerd en geactualiseerd. De dynamische gegevens bestaan uit o.a. meldingen, waarnemingen en praktijkmetingen. Deze worden met een hoge(re) frequentie ingezameld. Deze gegevens houden/brengen we op orde om zo beter in staat te zijn het beheer van het stedelijk watersysteem doelmatig uit te voeren. Het doel is om onze beheersystemen op orde te hebben.
31
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Meten en monitoren Door te meten en te monitoren hebben we (meer) inzicht in het daadwerkelijk functioneren van het rioolstelsel. Dat inzicht is gewenst om ervoor te zorgen dat we als gemeente ‘de goede dingen doen’, bijvoorbeeld wanneer we maatregelen willen treffen op kwetsbare locaties voor wateroverlast. Op basis van praktijkmetingen kunnen we analyses maken van het feitelijk functioneren van de afvalwaterketen. Op regionaal niveau (verzorgingsgebied HHNK) bundelen we de hiertoe benodigde kennis en bouwen we aan een beslissing onderbouwend instrumentarium.
Figuur 4-7: Door waterniveaus te meten krijgen we inzicht in het ledigings- en vullingsgedrag van de riolering
Communicatie en samenwerking Via actieve communicatie willen we het waterbewustzijn bij inwoners, bedrijven en organisaties verder vergroten. Voorbeelden hiervan zijn: WatZr-campagne (zie watzr.nl): gezamenlijke communicatiemiddelen m.b.t. riolering en klimaatadaptatie op schaal van regio Noorderkwartier, gericht op bewustwording en handelingsperspectief inwoners in stedelijke omgeving; Klimaatcircus: rondreizende voorstelling voor inwoners, schoolklassen etc. t.b.v. individuele bewustwording en handelingsperspectief (voorstellingen zijn al uitgevoerd, voorjaar 2022); Operatie Steenbreek (handelingsperspectieven) Participatie m.b.t. klimaatbestendigheid bij (her)inrichtingsprojecten in bestaand gebied; Met dergelijke vormen van communicatie, in combinatie met de juiste prikkels (bijvoorbeeld financieel) en door zelf het goede voorbeeld te geven, werken we aan draagvlak voor de gemeentelijke watertaken. Draagvlak is belangrijk, bijvoorbeeld voor acceptatie van water op straat, begrip voor mogelijke hinder als gevolg van verbetermaatregelen, enthousiasme om mee te werken aan een klimaatbestendige omgeving en uiteraard om het riool op een goede wijze te gebruiken. De taken op het gebied van beheer en onderhoud van het watersysteem, de waterketen en het gebruik van het water zijn duidelijk geregeld en vastgelegd.
De eigen dienst voert de primaire taken uit, op specialistische/incidentele taken 32
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
voeren we regie. We worden hierbij geholpen door de goede en transparante samenwerking met het regionale samenwerkingsverband ‘Westfriesland’. Binnen dit samenwerkingsverband overleggen we periodiek over operationele en beleidsmatige vraagststukken en projecten waarop we kunnen samenwerken. Inhoudelijk is de samenwerking gericht op de (afval)waterketen. In eerste instantie was de focus gericht op kostenbesparing. De aandacht verschuift nu naar het functioneren van de riolering en het vanuit riolering bijdragen aan belangrijke maatschappelijke thema's.
Figuur 4-8: watzr.nl (op deze website vinden inwoners bijvoorbeeld handelingsperspectieven) 33
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Capaciteit en kennis op orde Binnen regio Westfriesland vullen we elkaar aan op punten waar we nu het meest kwetsbaar zijn en /of waaraan we nu als gemeente zelf geen invulling (kunnen) geven. Een passende organisatie voor de samenwerking in de waterketen met de juiste mensen, op de juiste plaats, ook voor de toekomst. Als gevolg van de toename aan watertaken als gevolg van ontwikkelingen zoals klimaatadaptatie en de energietransitie en de behoefte aan integraal werken staan de werkzaamheden met betrekking tot beheer en beleid onder druk. Om deze reden hebben we in dit programma opgenomen dat we verder aan de slag gaan met de uitkomsten van de toegepaste branchestandaard gemeentelijke watertaken. Zo komt uit de Branchestandaard naar voren dat regio Westfriesland structureel de minste personele capaciteit heeft in regio Noorderkwartier. Voor Stede Broec is de Branchestandaard in 2018 opgesteld door een adviesbureau en werd er geconcludeerd dat de capaciteit wordt aangevuld met inhuur. Dat beperkt de kennis in de organisatie en zijn de kosten hoger. Door verschillende personele wisselingen willen we de Branchestandaard graag de komende planperiode herhalen om inzichtelijk te maken of we nu daadwerkelijk stappen hebben gezet om de belangrijkste kwetsbaarheden te verminderen/ robuuster te worden.
In deze standaard staat welke kennis en competenties nodig zijn en in welke rol voor uitvoering van de gemeentelijke watertaken. Gezamenlijk stellen we hiervoor binnen de regio een opleidingsplan op binnen het reguliere opleidingsbudget. Calamiteitenplannen Naast het optimaliseren van de reguliere bedrijfsvoering brengen we ook in beeld op welke wijze incidenten afgehandeld kunnen worden. Hierbij kan gedacht worden aan lozing van een gevaarlijke stof in het riool, langdurige uitval van een rioolgemaal, een breuk in een persleiding, het bezwijken van een hoofdriool onder een belangrijke weg of wateroverlast door extreme neerslag. We maken afspraken met partijen die bij calamiteitensituaties betrokken zijn, zoals de veiligheidsregio. Ook onderzoeken we de kwetsbaarheid van onze waterketenvoorzieningen bij overstroming. In regionaal verband denken we na hoe we de drinkwatervoorziening en afvalwaterverwerking tijdens (langdurige) uitval toch kunnen waarborgen.
34
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
5
Uitvoeringsagenda
In dit hoofdstuk is weergegeven welke activiteiten en/of maatregelen wij als gemeente Stede Broec in samenwerking met onze waterpartners of zelfstandig verrichten om invulling te geven aan de ambities en watertaken in dit PSWR. Omdat maatregelen bijdragen aan meerdere opgaven zijn de maatregelen gegroepeerd weergegeven per type: planvorming en onderzoek, beheer en onderhoud, uitvoeringsmaatregelen en overig.
5.1
Gezamenlijk programma
Om kennis te delen en kosten te besparen voeren we gezamenlijke activiteiten uit in de samenwerkingsregio Westfriesland. De gezamenlijke activiteiten bestaan uit o.a. periodiek overleg, opstellen gezamenlijk beleid, actualiseren Systeem Stedelijk Water(SSW) (waar van toepassing), bundelen van kennis en kennisdeling. Tabel 3: Overzicht gezamenlijk programma in planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
Activiteit
2023
2024
2025
2026
2027
Samenwerking WK-WF: Periodiek overleg operationele en beleidsmatige vraagstukken • Opstellen gezamenlijk rioleringsbeleid (doelmatigheidscriterium, denkraam hemelwaterbeleid, incidentenafhandeling, cybersecurity) • Bundelen kennis metingen en delen kennis/ data op orde/ beslissingsondersteunend model • Kennis + inzichten delen
€ 4.600
€ 4.600
€ 4.600
€ 4.600
€ 4.600
TOTAAL
€ 4.600
€ 4.600
€ 4.600
€ 4.600
€ 4.600
•
5.2
Gemeentelijk uitvoeringsprogramma
5.2.1
Planvorming en onderzoek
Planvorming is onmisbaar voor doelmatig rioleringsbeheer. Om inzicht te behouden en verkrijgen in de toestand en het functioneren van het rioleringssysteem is onderzoek noodzakelijk.
35
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Tabel 4: Overzicht planvorming en onderzoek in planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027.Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
Activiteit
2023
2024
2025
2026
2027
€ 50.000
€ 50.000
€ 50.000
€ 50.000
€ 50.000
Opstellen SSW
-
€ 30.000
-
-
-
Bijstellen PSWR 2025-2027
-
€ 15.000
-
-
-
Plannen en onderzoek klimaatadaptatie (zie Uitvoeringsagenda klimaatadaptatie Stede Broec)
€ 20.000
€ 6.500
€ 12.000
€ 12.800
€ 12.800
Data op orde
€ 30.000
€ 5.000
€ 5.000
€ 5.000
€ 5.000
-
€ 5.000
€ 5.000
€ 5.000
€ 5.000
Inhaalslag niet geïnspecteerd
€ 50.000
€ 50.000
-
-
-
Nader te specificeren onderzoek
€ 25.000
€ 25.000
€ 25.000
€ 25.000
€ 25.000
TOTAAL
€ 105.000
€ 130.000
€ 35 000
€ 35 000
€ 35 000
Planvorming door externen
Hydraulisch toetsen masterplan bestaande omgeving
5.2.2
Cyclisch onderhoud
Onderhoudsinspanningen zijn afgestemd op het in stand houden en goed laten functioneren van het systeem, waarbij risico’s worden vermeden (assetmanagement). De activiteiten bestaan uit regulier onderhoud en (reactieve) reparaties. De onderhoudskosten maken een significant deel uit van de totale exploitatie van de gemeente Stede Broec. Deze kosten bestaan grotendeels uit het jaarlijks onderhoud van rioleringen, gemalen en rand- en hemelwatervoorzieningen. Tabel 5: Overzicht cyclisch onderhoud in planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
Activiteit
2023
2024
2025
2026
2027
Onderhoud
€ 433.500
€ 433.500
€ 433.500
€ 433.500
€ 433.500
Veegvuil
€ 48.100
€ 48.100
€ 48.100
€ 48.100
€ 48.100
TOTAAL
€ 481.600
€ 481.600
€ 481.600
€ 481.600
€ 481.600
5.2.3
Vervangings- en verbeteringsmaatregelen
Maatregelen zijn afgestemd op het in stand houden en optimaliseren van het functioneren van het systeem. Ten behoeve van de drie zorgplichten is het van belang dat het functioneren van het stelsel in stand gehouden wordt. Het is dus zaak dat oude leidingen tijdig vervangen worden. Het moment van vervangen wordt gebaseerd op de inspectieresultaten en/of optredende problemen. Bij ingrepen in de openbare ruimte kiezen we binnen de regio Westfriesland altijd voor een integrale aanpak. Zo koppelen we de rioolvervangingsopgave aan andere opgaven met een ruimtelijke impact zoals de klimaatadaptatieopgave, herinrichtingsopgaven, verkeersopgaven, de woningbouwopgave, duurzame mobiliteit en de energietransitie.
36
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Tabel 6: Overzicht vervangings- en verbeteringsmaatregelen in 2023-2027. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
Activiteit
2023
2024
2025
2026
2027
€ 2.353.200
€ 2.353.200
€ 2.353.200
€ 2.353.200
€ 2.353.200
Pompen
€ 14.800
€ 14.800
€ 14.800
€ 14.800
€ 14.800
Leidingwerk
€ 6.300
€ 6.300
€ 6.300
€ 6.300
€ 6.300
Putten
€ 400
€ 400
€ 400
€ 400
€ 400
Buitenopstellings-kasten
€ 400
€ 400
€ 400
€ 400
€ 400
Schakelkasten
€ 7.400
€ 7.400
€ 7.400
€ 7.400
€ 7.400
Mechanische gemengde riolering
€ 1.000
€ 1.000
€ 1.000
€ 1.000
€ 1.000
€ 2.383.500
€ 2.383.500
€ 2.383.500
€ 2.383.500
€ 2.383.500
Klimaatadaptatie (5%)
€ 119.175
€ 119.175
€ 119.175
€ 119.175
€ 119.175
Kwalitatieve maatregelen
€ 73.700
€ 73.700
€ 73.700
€ 73.700
€ 73.700
€ 2.576.375
€ 2.576.375
€ 2.576.375
€ 2.576.375
€ 2.576.375
Vervanging Vervanging riolering
TOTAAL Vervanging Verbetering
TOTAAL
5.2.4
Facilitair
Om het stedelijke watersysteem goed te beheren, nemen wij als gemeente ondersteunende diensten af zoals telefoon en energiediensten. Deze worden gegroepeerd onder ‘facilitair’ en zijn opgenomen in Tabel 7. Tabel 7: Overzicht facilitair / overig in planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
Activiteit
2023
2024
2025
2026
2027
Elektra
€ 65.100
€ 65.100
€ 65.100
€ 65.100
€ 65.100
Telefonie, internet en gemnet
€ 9.700
€ 9.700
€ 9.700
€ 9.700
€ 9.700
Perceptiekosten
€ 7.300
€ 7.300
€ 7.300
€ 7.300
€ 7.300
SB directe doorberekening SED
€ 20.000
€ 20.000
€ 20.000
€ 20.000
€ 20.000
TOTAAL
€ 102.100
€ 102.100
€ 102.100
€ 102.100
€ 102.100
37
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
6
Middelen
De vervangingswaarde van het stedelijk watersysteem in de gemeente Stede Broec bedraagt ca. € 143,4 miljoen. Hier zitten geen investeringen voor klimaatadaptatie bij in. Voor het beheer van dit systeem zijn geschikte mensen en financiële middelen nodig. In de aankomende planperiode geven we hieraan gemiddeld € 2,5 miljoen per jaar uit. Geld dat bewoners en ondernemers via de rioolheffing bijeenbrengen. In dit hoofdstuk gaan we in op de benodigde personele en financiële middelen om invulling te geven aan goed en doelmatig rioleringsbeheer in Stede Broec.
6.1
Personele middelen
De bestaande formatie in de SED-gemeenten bedraagt 11 fte. Volgens de verdeelsleutel wordt dit als volgt aan de drie afzonderlijke gemeenten toegerekend • • •
Stede Broec: Enkhuizen: Drechterland:
33,1% 36,8% 30,1%
De huidige formatie leidt, samen met de doorbelastingen vanuit ondersteunende teams, tot kosten die ten laste komen van de rioolheffing van Stede Broec. Deze zijn weergegeven in Tabel 8. Tabel 8: Overzicht loonkosten en overhead in planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027.Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023. Activiteit
2023
2024
2025
2026
2027
Loonkosten
€ 263.800
€ 263.800
€ 263.800
€ 263.800
€ 263.800
Overhead
€ 125.200
€ 125.200
€ 125.200
€ 125.200
€ 125.200
TOTAAL
€ 389.000
€ 389.000
€ 389.000
€ 389.000
€ 389.000
De ervaring van de afgelopen planperiode heeft ons geleerd dat de werkzaamheden, zoals databeheer, onder druk staan bij de huidige formatie. Deze periode dient ons databeheer op orde gebracht te worden. Bovendien hebben we de ambitie om aan de slag te gaan met een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van de openbare ruimte. De verwachting is dat de formatie onvoldoende is om de werkzaamheden uit te voeren zoals we ons hebben voorgenomen in dit plan. Met behulp van de Formatiescan stedelijke watertaken vanuit de Kennisbank Stedelijk Water: Personele Middelen, brengen wij deze planperiode de benodigde uitbreiding in beeld. Op basis van dit inzicht gaan we intern in gesprek om voldoende personele middelen te borgen voor uitvoering van om onze plannen.
6.2
Financiële middelen
In het kostenoverzicht maken we onderscheid in exploitatiekosten en investeringsuitgaven. Bij de exploitatiekosten gaat het om jaarlijkse uitgaven voor beheer- en onderhoudsactiviteiten die nodig zijn voor een goed en doelmatig rioleringsbeheer. De kosten van deze uitgaven worden toegeschreven aan het boekjaar waarin deze worden uitgegeven. De kosten voor beheer en onderhoud worden jaarlijks hoger door algemene prijsstijgingen, stijgingen van de lonen, vergroting van het areaal en uitbreiding van werkzaamheden. Investeringsuitgaven bestaan uit vervangingsinvesteringen (bijvoorbeeld rioolvervanging) en verbeteringsinvesteringen (bijvoorbeeld buisvergroting of afkoppelmaatregelen). Investeringen zijn uitgaven voor zaken die meerdere jaren meegaan. Om tot een kostendekkend tarief te komen hebben we een financiële doorrekening van de rioolheffing over 60 jaar gemaakt.
38
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
6.2.1
Uitgangspunten
Rioolheffing • • • • • •
De rioolheffing per standaard heffingseenheid bedraagt in 2023 € 180,77; de rioolheffing die is vastgesteld op 22 november 2022. Er wordt rekening gehouden met kwijtschelding over de inkomsten. In 2023 komt dat overeen met € 500,De rioolheffing mag op begrotingsbasis maximaal kostendekkend zijn: de geraamde opbrengsten mogen de geraamde lasten niet overstijgen (Gemeentewet artikel 229b); Reserveren voor tariefsegalisatie en/of toekomstige vervangingsinvesteringen – door dotaties aan de voorziening(en) – is toegestaan; Reserveren enkel voor uitbreiding van het voorzieningenniveau is niet toegestaan; De opbrengsten van de rioolheffing mogen niet voor andere doeleinden dan voor het gemeentelijk rioolstelsel (inclusief grond- en hemelwatervoorzieningen) worden aangewend ofwel hebben een relatie met de waterhuishouding;
Rente & inflatie • • •
De rente op nieuwe investeringen en boekwaarden bedraagt 2,85%. Er vindt geen toerekening van rente plaats op positieve saldi van reserves en/of voorzieningen; Er vindt per jaar een indexatie van de uitgaven plaats (als gevolg van inflatie);
BTW •
We belasten in de basisvariant BTW door aan de rioolheffing.
Voorzieningen • • •
Het saldo van de Egalisatievoorziening (BBV 44.2) bedraagt per 1 januari 2023: € 4.114.000. Het saldo van de voorziening mag gedurende de gehele beschouwde periode niet negatief zijn; Er is geen maximum gesteld aan het saldo dat gedurende de beschouwde periode in de voorziening(en) wordt begroot.
Heffingseenheden •
Het fictieve aantal heffingseenheden bedraagt in 2023: 11.088. Dit aantal eenheden is berekend door de totale opbrengsten uit huishoudens en producenten te delen door het standaard tarief in 2023. Dit aantal blijft gedurende de beschouwde periode gelijk.
Investeringen •
•
•
39
Het vervangingsschema voor vrijvervalriolering hebben we gebaseerd op de gegevens over de vrijvervalriolering in het de gemeentelijke beheerbestand over technische levensduur (60 jaar) en jaar van aanleg riolering. Daarnaast zijn inspectieresultaten meegenomen. Als vanuit inspectie blijkt dat een buis niet meer voldoet, komt hij eerder terug in de vervangingscyclus dan de theoretische levensduur. Het omgekeerde geldt ook: als een buis aan het einde van de standaard levensduur volgens inspectie nog in orde is, wordt de restlevensduur verlengd. Om kosten te bepalen zijn afgesproken kengetallen in de regio Westfriesland gehanteerd. Hierbij is aangenomen dat 25% wordt gerelined en 75% wordt vervangen. In de praktijk zijn er riolen die langer meegaan dan theoretisch bepaald. Het beheerbestand genereert een vervangingsbedrag van ~ € 5,8 miljoen in 2023 voor riolen die in praktijk langer meegaan dan de theoretische levensduur. Aangenomen is dat deze riolering verspreid over een periode van 10 jaar wordt vervangen vanaf 2023 (~ € 0,6 miljoen per jaar). Vervangingsschema’s voor rioolgemalen, drukriolering, persleidingen, IBA’s, randvoorzieningen, infiltratievoorzieningen en drainage hebben we gebaseerd op de verwachte technische levensduur. De onderliggende kostenkengetallen zijn gebaseerd op de kostenkengetallen uit de Kennisbank Stedelijk Water van de Stichting Rioned.
We activeren investeringen en hanteren hierbij de volgende afschrijvingstermijnen: – De afschrijvingstermijn op vervangingsinvesteringen voor vrij verval riolering, bouwkundige delen van gemalen, en drukriolering bedraagt 60 jaar;
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
– De afschrijvingstermijn op vervangingsinvesteringen voor bouwkundige delen van en persleidingen, infiltratievoorzieningen en drainage bedraagt 45 jaar; – De afschrijvingstermijn op vervangingsinvesteringen voor IBA’s en bouwkundige delen van randvoorzieningen bedraagt 40 jaar; – De afschrijvingstermijn op vervangingsinvesteringen voor elektro-/mechanische delen van gemalen, drukriolering en randvoorzieningen bedraagt 30 jaar; De afschrijving vindt lineair plaats, startend aan het begin van het jaar volgend op de investering. Alle investeringen zijn gemiddeld over perioden van 10 jaar.
• •
Toerekening van kosten klimaatadaptatie De gemeente draagt vanuit de rioolheffing bij aan voorzieningen in de buitenruimte als deze functioneel bijdragen aan het waterrobuust maken van het stedelijk watersysteem. Bijvoorbeeld verlagingen in het groen waar overtollig water naar kan wegstromen zoals bermen of speelweides, groene daken/gevels die water vasthouden, waterpasserende verhardingsmaterialen of waterpartijen voor de opvang van regenwater. Hiervoor reserveren wij vanaf 2023 een jaarlijks budget ter grootte van 5% van het vervangingsbedrag van €2.383.500 over de investeringslijn. Dit komt overeen met een gemiddeld jaarlijks bedrag van €119.175.
6.2.2
Uitgaven
De beschreven uitgangspunten, voorziene planmaatregelen en jaarlijkse werkzaamheden leiden tot het volgende uitgavenpatroon voor de gemeente Stede Broec in de periode 2023 t/m 2027. Tabel 9: Verwacht uitgavenpatroon gemeente Stede Broec planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027 (prijspeil 2023).
Activiteit
2023
2024
2025
2026
Exploitatie
€ 1.082.300
€ 1.082.300
€ 1.082.300
€ 1.082.300
€ 1.082.300
Investering Vervanging
€ 2.383.500
€ 2.383.500
€ 2.383.500
€ 2.383.500
€ 2.383.500
Investering Verbeter
€ 192.875
€ 192.875
€ 192.875
€ 192.875
€ 192.875
€ 3.658.675
€ 3.658.675
€ 3.658.675
€ 3.658.675
TOTAAL
2027
€ 3.658.675
Tabel 10: Verwachte last gemeente Stede Broec planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027 (prijspeil 2023).
Activiteit
2023
2024
2025
2026
Last per jaar voor exploitatie, kapitaallasten en BTW
€ 2.598.396
€ 2.750.202
€ 2.775.591
€ 2.909.987
40
Datum: 30 januari 2023
2027 € 3.038.890
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
6.2.3
Kostendekking
De benodigde totale baten zijn in onderstaande grafiek vertaald naar de benodigde rioolheffing. Het overzicht in Tabel 11 drukt rioolheffing in getallen uit. De rioolheffing stijgt de gedurende vijf jaar 10,1% dit omdat de rioolheffing mee moet groeien met de kosten om een buffer te kunnen behouden. Op langere termijn kan de rioolheffing weer omlaag omdat kapitaallasten gaan teruglopen. Bij de interpretatie van de resultaten dient rekening te worden gehouden met de huidige, lage rentestand. Naast de renteontwikkelingen zijn er andere onzekerheden in de toekomst die de rioolheffing zullen beïnvloeden zoals kostenontwikkelingen van (bouw)materialen en ontwikkelingen rondom klimaatadaptatie. Om een kostendekkende rioolheffing te behouden, dient de in Tabel weergegeven rioolheffing jaarlijks te worden geïndexeerd op basis van de optredende inflatie. Tabel 11: Verwacht heffingsverloop gemeente Stede Broec planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027 (prijspeil 2023).
Jaar
Benodigde inkomsten uit rioolheffing
Aantal (equivalente) heffingseenheden
Rioolheffing per eenheid tegen vast prijspeil
2023
€ 2.004.378
11.088
€ 180,77
2024
€ 2.206.820
11.088
€ 199,03 (+10,1%)
2025
€ 2.429.709
11.088
€ 219,13 (+10,1%)
2026
€ 2.675.109
11.088
€ 241,26 (+10,1%)
2027
€ 2.945.295
11.088
€ 265,63 (+10,1%)
Ter bevordering van lastenegalisatie worden verschillen tussen totale baten en lasten verwerkt op de Egalisatievoorziening (art. 44.2 BBV). Het verwachte saldoverloop van deze voorziening is weergegeven in Tabel 12
Tabel 12: Verwacht verloop voorziening gemeente Stede Broec planperiode 2023-2024 met doorkijk tot 2027 (prijspeil 2023).
Activiteit
Saldo 1/1
Onttrekking
Saldo 31/12
2023
€ 4.114.000
-€ 594.018
€ 3.519.982
2024
€ 3.519.982
-€ 543.382
€ 2.976.600
2025
€ 2.976.600
-€ 345.882
€ 2.630.717
2026
€ 2.630.717
-€ 234.878
€ 2.395.840
2027
€ 2.395.840
-€ 93.595
€ 2.302.245
41
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Bijlage A Begrippen en definities
DEFINITIE VAN BEGRIPPEN • • • • • •
Doelmatig Dit vullen we als volgt in: De goede dingen doen: maatregelen dienen effectief te zijn. Met de maatregelen voorkomen of beperken we problemen of lossen deze op. De dingen goed doen: maatregelen dienen efficiënt te zijn. We nemen geen maatregelen in openbaar gebied als alternatieven op een niet openbare probleemlocatie goedkoper of effectiever zijn. Een goede verhouding tussen kosten en rendement. De kosten van de maatregelen staan in verhouding tot de effecten. Effectiviteit gaat over de mate waarin het resultaat aan het beoogde doel beantwoordt. Efficiëntie gaat over het proces om tot dit resultaat te komen. Doelmatigheid gaat over de combinatie van beide.
-
Redelijkerwijs De betekenis hiervan is situatie afhankelijk en wegen we af op basis van kosten-baten, inpasbaarheid en maatschappelijke overlast.
-
Duurzaam Hiermee doelen we op energie- en grondstoffengebruik, energie- en grondstoffen terugwinning en levensduur.
-
Aantoonbaar De te nemen acties zijn te herleiden en hiermee te controleren.
-
Hydrologisch neutrale ontwikkeling De ontwikkeling heeft geen negatief effect op de omgeving.
-
Hydrologisch positieve ontwikkeling De ontwikkeling heeft geen negatief effect op de omgeving en vermindert bovendien eventueel bestaande negatieve effecten.
Aanbod op RWZI De totale hoeveelheid afvalwater die wordt aangeboden aan de RWZI. Aangesloten verhard oppervlak Het op de riolering aangesloten oppervlak dat tijdens neerslag regenwater afvoert naar het rioleringssysteem. Afvalwaterakkoord Een akkoord tussen waterschap en gemeente. Het bevat afspraken over overnamepunten en afnamehoeveelheden. Daarnaast staat in het afvalwaterakkoord hoe partners omgaan met uitwisseling van (meet)gegevens, elkaar informeren in de situatie van groot onderhoud of calamiteiten, enzovoort. Afvloeiend regenwater Neerslag die tot afstroming komt.
42
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Afkoppelen/niet-aankoppelen Het op de gemengde of vuilwaterriolering aangesloten afvoerend verhard oppervlak loskoppelen en aansluiten op een hemelwatervoorziening. Bij nieuwbouw: het niet aansluiten van afvoerend verhard oppervlak op een vuilwatersysteem. Afnamehoeveelheid De toegestane hoeveelheid water dat op het overnamepunt wordt aangeboden. Afvalwater Al het water waarvan de houder zich - met het oog op de verwijdering daarvan - ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen. Afvalwaterinstallatie Een (toekomstige) installatie die het afvalwater ter plaatse verwerkt tot grondstoffen. Afvalwatersysteem Het geheel van rioleringstechnische en zuiveringstechnische werken (waaronder riolering, gemalen, persleidingen, AWZI). Algemene regels De lozingen worden tegenwoordig hoofdzakelijk geregeld via algemene regels (AmvB’s). Uitgangspunt: de lozer mag niets doen waarvan hij kan verwachten dat het problemen oplevert voor het riool, de zuivering of het (water)milieu. Assetmanagement Maximaliseren van de waarde van bezittingen door het optimaal uitbalanceren van onderhoud en vervanging in relatie tot kosten, prestaties en risico’s. Basisrioleringsplan (BRP)/verbreed BRP Plan waarin de hydraulische afvoercapaciteit, de vuilemissie en het aanbod op de AWZI wordt getoetst voor de bestaande en toekomstige plansituatie (planhorizon ca. 10-15 jaar).
Het plan bevat in de regel verbeteringsmaatregelen om in de toekomstige situatie te voldoen aan de wensen/eisen van gemeente en waterbeheerder. In een verbreed BRP zijn de zorgplichten grondwater en regenwater meer expliciet uitgewerkt. Bedrijfsafvalwater Afvalwater dat vrijkomt bij door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid, dat geen huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater of grondwater is. Blauw-groene verbindingen Aaneenschakeling van water- en groenvoorzieningen, goed te combineren met natuurontwikkeling en opvang/infiltratie van regenwater. Circulaire economie Economie gericht op en maximaal hergebruik van (afval)stoffen. Drukriolering Een mechanisch rioleringssysteem waarbij het afvalwater via kleine pompjes en persleidingen wordt verpompt naar een ontvangstput. Drukriolering wordt vaak toegepast in het buitengebied. Het systeem is niet geschikt voor het transporteren van regenwater.
43
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Energie- en grondstoffenfabriek Aangepaste RWZI voor de terugwinning van energie en grondstoffen uit afvalwater en biomassa. Gemeentelijk rioleringsplan (GRP)/verbreed GRP Een strategische nota waarin op hoofdlijnen de visie van het gemeentebestuur voor de komende planperiode is neergelegd met betrekking tot aanleg en beheer van het rioleringssysteem. Het GRP is een verplicht planinstrument volgens de Wet Milieubeheer (in de toekomst Omgevingswet). In een verbreed GRP zijn de gemeentelijke watertaken mbt de zorgplichten stedelijk afvalwater, grondwater en regenwater concreet uitgewerkt. Gemengd rioolstelsel (GEM) Rioolstelsel waarbij afvalwater en regenwater door één buizenstelsel worden ingezameld en afgevoerd. Gescheiden rioolstelsel (GS) Rioolstelsel waarbij afvalwater en regenwater door afzonderlijke buizenstelsels worden Ingezameld en afgevoerd. Het afvalwater wordt afgevoerd naar een AWZI, (een groot deel van) het regenwater wordt rechtstreeks afgevoerd naar het oppervlaktewater. Groene berging Verdiepte groenvoorziening voor de tijdelijke opvang van overtollig regenwater. Groen dak Begroeid dak, heeft niet alleen een beschermende functie, maar vangt ook fijn stof af, werkt verkoelend, vertraagt de waterafvoer en draagt positief bij aan vergroening van de stad. Grondwater Spreekt voor zich, geen wettelijke definitie.
Hemelwaterafvoer Afvoer van hemelwater voordat het tot afstroming komt over het wegdek of via de riolering. Hittestress Het optreden van extreme hitte door een ongunstige combinatie van zonnestraling, temperatuur en bebouwing. Dit treedt meestal op in dicht bebouwde centra met een laag ventilatievermogen. Hoofdrioolgemaal Eindgemaal, meestal in beheer en eigendom van een waterbeheerder, via welke het afvalwater wordt getransporteerd naar een AWZI. Huishoudelijk afvalwater Afvalwater dat overwegend afkomstig is van menselijke stofwisseling en huishoudelijke werkzaamheden. Hydraulische afvoercapaciteit De capaciteit van een rioolstreng of rioleringssysteem om overtollig water af te voeren. IBA Systeem voor Individuele Behandeling van Afvalwater. Vergelijkbaar met een verbeterde septic-tank. Industrieel afvalwater Afvalwater afkomstig van industrieën of bedrijven.
44
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Ingrijpmaatstaf Grenstoestand van een rioleringsobject waarbij ingrijpen noodzakelijk is en maatregelen moeten worden opgesteld. Infiltratievoorziening Een waterdoorlatende ondergrondse voorziening die het regenwater opvangt en het langzaam laat wegzakken in de bodem. Inspecteren Het waarnemen, herkennen en beschrijven van de toestand van rioleringsobjecten. Kapitaallasten De langjarige kosten verband houdend met een nieuwe investering die niet direct is afbetaald. LCA Levens Cyclus Analyse, analyse van de benodigde materialen, energie en kosten over de levensduur van een object. Maaiveld Veelgebruikte term om een hoogte aan te kunnen relateren. Meestal is bedoeld het straatniveau of de hoogte van een groenstrook. Nieuwe sanitatie Geheel van duurzame sanitaire voorzieningen zoals composttoiletten, natuurlijke filters e.d. voor de lokale verwerking van afvalwater. Omgevingsgericht Rekening houdend met de gewenste toekomstige inrichting van het openbare gebied. Openbare riolering Het gedeelte van de buitenriolering in eigendom en beheer bij de overheid (in de meeste gevallen is dit de gemeente). Overlastfrequentie Het theoretisch gemiddeld aantal malen per jaar dat ernstige hinder of wateroverlast optreedt als gevolg van overbelasting van de riolering.
Overnamepunt Punt waar de overdracht plaatsvindt van het afvalwater uit de riolering aan het transportsysteem van het waterschap. Persleiding Een leiding waardoor rioolwater met gebruikmaking van één of meerdere pompen onder overdruk wordt afgevoerd. Randvoorziening Vloeistofdichte voorziening als onderdeel van het rioolstelsel met als het doel het afvangen van vuil en/of bergen van overtollig afvalwater. Dergelijke voorzieningen worden toegepast ter verbetering van de waterkwaliteit.
45
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Regenwaterriool Riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van afstromend regenwater. Regenwatersysteem Zie “RWA-systeem”. Regenwateruitlaat Voorziening bedoeld voor de directe lozing van regenwater op oppervlaktewater of groene berging. Regenweerafvoer (rwa) Afvoer van ingezameld regenwater. Relinen Het inbrengen van een verstevigende constructie ter versterking van de buis. Meestal in de vorm van een in te brengen flexibele kous die door hete lucht, of water en/of licht uithardt en de buis duurzaam herstelt. Regenwatersysteem Het geheel aan voorzieningen voor de gescheiden inzameling en transport van regenwater. Restlevensduur Resterende levensduur van een riool, gebaseerd op de toestand van het riool (technische restlevensduur) of de leeftijd van het riool (theoretische restlevensduur). Retentiebassin Een ruimte al of niet overdekt, voor het tijdelijk opslaan van overtollig regenwater. Riolering Het geheel van riolen, rioolputten en bijbehorende voorzieningen voor de inzameling en het transport van afvalwater. Rioleringsbeheer Zorg voor het goed functioneren van het rioleringssysteem. Rioolheffing De belasting die bewoners en bedrijfsleven moeten betalen om gebruik te mogen maken van de riolering. De heffing kan uit een aansluitheffing en een afvoerheffing bestaan.
De aansluitheffing wordt geheven wegens het hebben van een aansluiting op het gemeentelijk riool. De rioolafvoerheffing wordt geheven wegens het afvoeren van rioolwater afkomstig van de gebruiker van een onroerend goed. Rioleringsbeheerplan (RBP)/verbreed RBP In een rioleringsbeheerplan staat op welke wijze het rioleringssysteem wordt beheerd. Het bevat o.a. onderhoudsstrategieën en een vervangingsplanning riolering. In een verbreed RBP is het onderhoud en beheer ook uitgewerkt voor hemelwater- en grondwatervoorzieningen. Rioolbeheerder Openbaar lichaam belast met de zorg voor (het goed functioneren van) de riolering (meestal een gemeente). Rioolgemaal Bouwwerk met een inrichting voor het verpompen van afvalwater. Riooloverstortput Voorziening die bij hevige of langdurige neerslag in werking treedt en het overtollige regenwater loost op een voorziening of direct op oppervlaktewater.
46
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Rioleringssysteem Samenstel van riolen en rioolputten voor de inzameling en het transport van afvalwater. Rioolwaterzuivering (RWZI) Een inrichting (werk) waar het afvalwater wordt ontdaan (van een groot deel) van de verontreinigingen. Riothermie Techniek om thermische energie (warmte) te onttrekken aan het afvalwater en deze her te gebruiken, bijvoorbeeld voor de verwarming van en zwembad. RWA-systeem Rioolstelsel alleen bestemd voor de inzameling en het transport van regenwater. Sanitatie Geheel van sanitaire voorzieningen zoals waterleiding, riolering, sanitair e.d. en voorlichting over nut en noodzaak van hygiënische leefomstandigheden als preventieve maatregel tegen gezondheidsklachten/ziekten. Stedelijk afvalwater Huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater. Transitie Een geleidelijke ombuiging van een bestaande situatie naar een toekomstig gewenste situatie. Bijvoorbeeld de transitie van een lineaire economie naar een circulaire economie. Vacuümtoilet Een vacuüm toilet transporteert d.m.v. drukverschil het afvalwater van toiletten, douches en wastafels. Door de kleine leidingdiameters werkt het waterbesparend. Vacuüm riolering Rioleringssysteem dat het afvalwater transporteert d.m.v. drukverschil. Dit systeem is niet geschikt voor het transport van regenwater.
Verbeterd gemengd rioolstelsel (VGM) Gemengd rioolstelsel met ter plaatse van één of meerdere lozingspunten een randvoorziening met als doel vuilemissiereductie. Verbeterd gescheiden rioolstelsel (VGS) Gescheiden rioolstelsel waarbij een deel van het (meest vervuilde) regenwater wordt verpompt naar de AWZI of alternatieve locatie voor de behandeling van verontreinigd regenwater. Voedselrestenvermaler Voorziening in de gootsteen die de grove delen vermaalt tot een vloeibare massa (in Nederland niet toegestaan). Vrijvervalriolering Rioleringssysteem waarbij het transport van afvalwater plaatsvindt door middel van de zwaartekracht. Vuilemissie Het totaal aan vervuilende stoffen afkomstig uit het rioleringssysteem dat (in)direct via riooloverstortputten wordt geloosd op oppervlaktewater. 47
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Vuilwaterriool Riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater. Vuilwatersysteem Het geheel aan voorzieningen voor de gescheiden inzameling en transport van stedelijk afvalwater. Waarschuwingsmaatstaf Grenstoestand van een rioleringsobject waarbij de actuele toestand discutabel is en nader onderzoek benodigd.
Wadi Een bovengrondse droogstaande groenvoorziening die het regenwater opvangt en langzaam laat wegzakken in de bodem Waterpasserende/waterdoorlatende verharding Verharding (meestal wegbestrating) die het regenwater laat passeren via grof materiaal in de voegen (waterpasserend) of via het poreuze materiaal (waterdoorlatend). Water-op-straat Het verschijnsel tijdens hevige of langdurige neerslag dat water uit de riolering op straat komt te staan of dat regenwater niet in de riolering kan stromen als gevolg van overbelasting en/of een belemmerde afvoer. Wateroverlast Het verschijnsel dat “water op straat” overgaat in wateroverlast in de vorm van ernstige hinder (langdurige onbereikbaarheid) of leidt tot waterschade (bijvoorbeeld water in de woning). Zorgplicht stedelijk afvalwater De gemeente draagt zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen. Zorgplicht hemelwater De gemeente draagt zorg voor een doelmatige inzameling van het afvloeiend hemelwater, voor zover van degene die zich daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen, redelijkerwijs niet kan worden gevergd het afvloeiend hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen.
Zorgplicht grondwater De gemeente draagt zorg voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort.
48
Datum: 30 januari 2023
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
Bijlage B Wetgeving
A) EUROPEES
1.
Europese Kaderrichtlijn Water
B) NATIONAAL
1.
Waterwet (Ww)
2.
Wet Milieubeheer (Wm)
3.
Zorgplichten Afval-, Hemel-, en Grondwater
4.
Lozingen besluit Afvalwater (Wm)
5.
Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht (Wabo)
6.
Wet Informatie Uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse Netten en Netwerken (Wibon)
7.
Basisregistratie Ondergrond (Bro)
8.
Wet op lijkbezorging en besluit op lijkbezorging (1991)
9.
Nationaal Waterplan 2016-2021
10. Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) + addendum 11. Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten 12. Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie 13. Omgevingswet 14. Drinkwaterwet en drinkwaterbesluit
NADERE INFORMATIE: ZIE WWW.INFOMIL.NL
49
Datum: 21 oktober 2022
PROGRAMMA STEDELIJK WATER EN RIOLERING 2023-2024
A.1 (EUROPEES) KADERRICHTLIJN WATER De Kaderrichtlijn Water (KRW) is de Europese richtlijn voor de beoordeling van oppervlakte- en grondwaterkwaliteit in Europa. De KRW is daarmee bepalend voor beleidsvorming en maatregelen in veel Nederlandse wateren. De Europese Kaderrichtlijn Water (richtlijn 2000/60/EG) is sinds eind 2000 van kracht. Doel van de KRW is om de Europese wateren in een ‘goede toestand’ te krijgen en om in heel Europa duurzaam met water om te gaan. De bescherming van water heeft zowel betrekking op kanalen, rivieren, meren en kustwateren als op grondwater. B.1 (NATIONAAL) WATERWET
De Waterwet regelt in hoofdzaak het beheer van watersystemen, waaronder waterkeringen, oppervlaktewater- en grondwaterlichamen. De wet is gericht op het voorkomen dan wel beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, de bescherming en verbetering van kwaliteit van watersystemen en de vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen. Niet in de laatste plaats levert de Waterwet een belangrijke bijdrage aan kabinetsdoelstellingen zoals: vermindering van regels, vereenvoudiging van vergunningstelsels en vermindering van administratieve lasten. Veel activiteiten vallen onder algemene regels, waarvoor geen watervergunning nodig is; in deze gevallen kan dan met een melding worden volstaan. Lozingen van hemelwater uit het gemeentelijk rioolstelsel bijvoorbeeld vallen niet meer onder vergunningplicht (voorheen Wvo-vergunning), maar onder algemene regels. Bevoegd gezag kan Rijkswaterstaat, het waterschap of de provincie zijn. Activiteiten waarvoor een watervergunning nodig is, zijn: • • • • • • • •
Stoffen in een oppervlaktewaterlichaam brengen; Afvalwater in een oppervlaktewaterlichaam lozen of rechtstreeks (dus niet via de gemeentelijke riolering) afvoeren naar een rioolwaterzuiveringsinrichting; Stoffen in zee brengen; Een waterstaatswerk of beschermingszone gebruiken (aanleg, wijzigen, verwijderen); Een waterstaatswerk is een oppervlaktewaterlichaam, bergingsgebied, waterkering of ondersteunend kunstwerk (bijv. een sluis of stuw); Water in de bodem brengen of eraan onttrekken; Grondwater onttrekken of in samenhang daarmee water in de bodem brengen (infiltreren). Ook onttrekkingen in verband met bodemenergiesystemen vallen in deze categorie; Water in een oppervlaktewaterlichaam brengen of eraan onttrekken;
B.2 (NATIONAAL)
WET MILIEUBEHEER
De Wet Milieubeheer (Wm) bevat verschillende onderdelen die specifiek van toepassing zijn op watergerelateerde onderwerpen, zoals indirecte lozingen, de gemeentelijke zorgplicht voor de inzameling van stedelijk afvalwater en het gemeentelijk rioleringsplan. De Wm kent naast watergerelateerde onderwerpen ook onderdelen die van grote relevantie zijn voor waterzaken. Te denken valt aan de afvalstoffenregelgeving, de coördinatie bij vergunningverlening en de samenwerking tussen bevoegde gezagen. Samen met de Waterwet biedt de Wm de wettelijke grondslag voor een aantal uitvoeringsbesluiten en de gemeentelijke afval-, hemel-, en grondwaterzorgplichten. B.3 (NATIONAAL)
ZORGPLICHTEN AFVAL-, HEMEL- EN GRONDWATER
Zorgplicht stedelijk afvalwater De zorgplicht stedelijk afvalwater valt onder de Wet Milieubeheer (in toekomst onder Omgevingswet). In artikel 10.33 is de wettelijke verplichting vastgelegd: