Bijlage Stede Broec - Verklaring van geen bedenkingen
Tekst van het document
BIJLAGENUMMER 2
Overeenkomstig voorstel besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad, gehouden op 12 januari 2012
AAN DE RAAD
Stede Broec, 13 december 2011 Onderwerp: Aanwijzing van categorieen van gevallen waarin geen verklaring van bedenkingen is vereist Financiële gevolgen: Aan deze besluitvorming zijn geen financiële consequenties verbonden
Inleiding Met ingang van 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking getreden. Met deze nieuwe wet zijn 25 bestaande afzonderlijke vergunningen teruggebracht tot één vergunning: de omgevingsvergunning. Deze vergunning geeft bijvoorbeeld toestemming voor de activiteit kappen, bouwen, het maken van een inrit, slopen etc. Ook een met het bestemmingsplan strijdig gebruik wordt gezien als een activiteit binnen de omgevingsvergunning. Er is dan sprake van een omgevingsvergunning voor de activiteit “planologisch strijdig gebruik” (voorheen Projectbesluit). De inwerkingtreding van de Wabo heeft veel aanpassingen in bestaande wet- en regelgeving tot gevolg gehad. Ook de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is ingrijpend gewijzigd. Doelstelling en beoogd resultaat De Wro bevat nu een ingrijpend afgeslankt stelsel van verantwoordelijkheden en bevoegdheden. De vaststelling van de inhoudelijke toetsingscriteria ofwel het kaderstellend beleid blijft de bevoegdheid van de raad. U blijft dus de algemene kaders vast stellen in bijvoorbeeld structuurvisies en bestemmingsplannen. De Wabo is vooral een procedurele wet waarin het gaat om concrete, uitvoeringsgerichte besluiten die op aanvraag worden verleend. Het college is als dagelijks bestuur het aangewezen orgaan. Bij toepassing van de uitgebreide procedure bepaalt de Wabo dat de raad een zgn.
“verklaring van geen bedenkingen” af geeft. Om de procedure sneller te laten verlopen, biedt de wet de raad echter de mogelijkheid categorieën aan te wijzen van gevallen waar een dergelijke verklaring niet is vereist. Om de klant/burger flexibel en slagvaardig van dienst te zijn, adviseren wij u van deze mogelijkheid gebruik te maken. Argumenten De Wabo kent voor plannen die afwijken van het bestemmingsplan twee soorten voorbereidingsprocedures: - de reguliere en; - de uitgebreide voorbereidingsprocedure. De reguliere procedure is bedoeld voor alle omgevingsvergunningaanvragen, inclusief de aanvragen die in geringe mate afwijken van het bestemmingsplan (de zgn. “kruimelgevallen“). Het college is hiervoor het aangewezen orgaan. Met toepassing van de uitgebreide procedure kan medewerking worden verleend aan activiteiten die weliswaar in strijd zijn met het bestemmingsplan, maar een goede ruimtelijke ordening niet in de weg staan. De toepassing van deze procedure behoort ook tot de taak van het college. Wij kunnen echter niet zonder meer beslissen. Om medewerking te kunnen verlenen is namelijk een zogenaamde “verklaring van geen bedenkingen” van de raad nodig (art. 2.27 Wabo). Zonder deze verklaring kan de omgevingsvergunning niet worden verleend. 1
De raad kan deze verklaring alleen weigeren in het belang van een goede ruimtelijke ordening. Het is dus van belang dat de aanvraag is voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing. De procedure van de verklaring van geen bedenkingen is geregeld in art. 3.11 van de Wabo. Hierin is bepaald dat de raad in feite drie keer een rol in het vergunningsproces speelt: 1. Het college stuurt een exemplaar van de aanvraag met bijbehorende stukken naar de raad (u kunt dan eventueel verzoeken om aanvullende stukken die nodig zijn voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening). 2. De raad zendt binnen 6 weken na ontvangst een ontwerp van de verklaring van geen bedenkingen aan het college (wordt met ontwerp-vergunning 6 weken ter inzage gelegd met mogelijkheid tot indienen van zienswijzen). 3. De raad verleent (of weigert) de definitieve verklaring van geen bedenkingen. De Wabo houdt voor deze procedure rekening met een termijn van 26 weken. Gelet op de college- en raadsvergaderingscyclus is het echter praktisch niet of nauwelijks mogelijk de uitgebreide procedure binnen deze termijn af te ronden. Als een aanvraag 3 keer naar de raad moet, zal de doorlooptijd aanzienlijk langer zijn. Het laten verstrijken van de 26 weken termijn levert weliswaar geen vergunning van rechtswege op, maar kan wel nadelige financiële gevolgen hebben in verband met de Wet dwangsom.
Deze wet bepaalt dat bij niet tijdige beslissing op een aanvraag er recht kan zijn op een schadevergoeding (dwangsom) per dag dat de beslistermijn wordt overschreden (maximaal € 1.260,--). Dit komt de dienstverlening en klantvriendelijkheid niet ten goede. Eén van de doelstellingen van de Wabo is juist het voorkomen van regeldruk en het verkorten en stroomlijnen van procedures. Met het oog hierop is daarom artikel 6.5, lid 3, in het Besluit omgevingsrecht opgenomen dat bepaalt dat de gemeenteraad categorieën van gevallen kan aanwijzen waarin een verklaring niet is vereist. Inmiddels hebben de meeste gemeenten van deze mogelijkheid gebruik gemaakt en wij verzoeken u ook categorieën gevallen aan te wijzen waarin de verklaring van geen bedenkingen niet is vereist. Het gaat daarbij niet om grootschalige ontwikkelingen maar om plannen met een geringe ruimtelijke impact. Daarbij blijft u uiteraard kaderstellend en bevoegd voor ruimtelijke initiatieven die niet binnen eerder vastgesteld beleid passen. Hoe gaan we dat bereiken en is evaluatie nodig? Het werken met een lijst van categorieën betekent voor de klant een snelle en efficiënte besluitvorming op zijn verzoek. Dit draagt bij aan een goede en gewenste dienstverlening. Categorieënlijst Een verklaring van geen bedenkingen van de raad is niet vereist in de volgende gevallen: a.
indien reeds stedenbouwkundige randvoorwaarden, een stedenbouwkundige visie, of een daarmee te vergelijken ruimtelijke kader is vastgesteld door de raad; b. het realiseren van maatschappelijk, educatief en/of infrastructureel belang voor de uitvoering waarvan de raad reeds middelen beschikbaar heeft gesteld (geven van krediet is instemming verlenen); c. projecten/initiatieven/ontwikkelingen waarbij de gemeenteraad in een vooroverleg reeds heeft verklaard geen bedenkingen te hebben; d. indien wel een VVGB bij de raad is gevraagd en het ontwerp VVGB ter inzage heeft gelegen en er door belanghebbenden geen zienswijzen zijn ingediend. De categorie-aanwijzing is in de lijn met de eerdere voorwaarden voor het Projectbesluit waarvoor ook geen raadsbehandeling nodig was. Om inzicht te geven in de aanvragen die wij op grond van de door u vast te stellen lijst in behandeling hebben genomen, bieden wij u elk halfjaar een lijst van aanvragen aan. De categorieënlijst treedt in werking op de dag nadat u deze heeft vastgesteld. 2
Communicatie De vast te stellen lijst met categorieën waarvoor geen “verklaring van geen bedenkingen” is vereist wordt gepubliceerd in de Middenstander en de website, zodat de aanvragers om een omgevingsvergunning kunnen beoordelen welke procedure voor een plan van toepassing is. Exploitatieplan Bij de toepassing van de categorieënlijst moet ook een besluit worden genomen over de economische uitvoerbaarheid van het project. Meestal wordt deze economische uitvoerbaarheid geregeld via een exploitatieovereenkomst (de anterieure overeenkomst). Het zou uiterst onhandig en absoluut onnodig zijn om, bij elke toepassing van de categorieënlijst, door uw raad te laten verklaren dat er geen exploitatieplan wordt vastgesteld. Daarom is het logisch om deze bevoegdheid gelijktijdig te delegeren aan het college, die bevoegd is om de omgevingsvergunning te verlenen. Voorstel: Wij stellen uw raad voor om over te gaan tot vaststelling van het bijgevoegde conceptraadsbesluit. In haar vergadering van 12 december 2011 heeft de commissie Grondgebiedzaken ingestemd met dit raadsvoorstel.
Burgemeester en wethouders van Stede Broec, de secretaris, de burgemeester,
3