CConstaterende datStede Broec
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 reactie namens het college op het advies van de Wmo adviesraad

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente Stede BroecBij agendapunt: Vaststellen visie sociaal domein1.746 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geachte leden van de Wmo-adviesraad Stede Broec, Op 30 september jl. hebben wij uw advies op de “visie sociaal domein 2026 en verder” ontvangen. Wij willen u bedanken voor uw betrokkenheid en advisering over dit onderwerp. Hieronder willen wij een korte reactie geven op de door u gestelde vragen en opmerkingen. Algemene opmerkingen: 1. De adviesraad mist de stip aan de horizon. Met andere woorden, wanneer zou de visie werkelijkheid moeten zijn (2030?, 2040?, …). Er word geen einddatum vastgesteld. Het realiseren van de visie is een doorlopend proces. 2. De adviesraad hoopt op een concretere visie per beleidstermijn, te weten: • alle veldsport is geconcentreerd op de nieuwe sportlocatie bij de Voetakker per…. • alle uit huis geplaatste jeugdigen vinden hun nieuwe thuis in oostelijk West-Friesland • van mensen met problematische schulden weet 90% het gemeenteloket te vinden • voor jongeren is binnen een redelijke termijn een zelfstandige woning beschikbaar • de gemeente weet met haar communicatie alle ingezetenen te bereiken, niet alleen de digitaal onderlegden Er volgt geen aparte visie per beleidsterrein. In het uitvoeringsplan worden er concrete doelen geformuleerd waar in de komende jaren aan gewerkt gaat worden. Die zullen ook dusdanig geformuleerd worden dat ze meetbaar zijn. 3.

De adviesraad mist een communicatieplan (wanneer gaat wie op welke wijze over de visie geïnformeerd worden). Na besluitvorming in december wordt de visie sociaal domein gepubliceerd op overheid.nl. Daarnaast wordt de visie sociaal domein op de websites van de drie gemeenten geplaatst. Deze communicatiekanalen zijn openbaar en voor iedereen toegankelijk. De drie gebiedsteams worden apart geïnformeerd door de regisseur Samenleving. 4. Graag ziet de Wmo-adviesraad een ’high-level’ planning met data wanneer het uitvoeringsplan en afgeleide beleidsdocumenten ter advisering zullen worden aangeboden. Het uitvoeringsplan visie sociaal domein wordt in het tweede kwartaal van 2026 aan u aangeboden voor advisering. Voor nu zijn er geen afgeleide beleidsdocumenten die daarbij verwacht worden. 5. Het rapport “Burger in zicht!’ van de Nationale Ombudsman geeft een aantal suggesties onder de kopjes “Borg de eigen regie van burgers’, “Benut en waardeer de adviesraad” en “Maak duidelijk waar de burger terecht kan met klachten en verlaag de drempel”. De adviesraad ziet de realisatie van eerste en derde suggestie graag in de visie opgenomen. Wij hebben met interesse kennis genomen van het rapport “burger in zicht! Graag reageren wij op de suggesties die dit rapport geeft: Borg de eigen regie van burgers 1.

Laat de burger niet wachten, houd je aan de termijnen van de Wmo en vraag niet telkens hetzelfde uit als iemand al een Wmo-voorziening ontvangt. 2. Vereenvoudig de mogelijkheid om onjuistheden in het verslag van het keukentafelgesprek te verwijderen. 3. Wees flexibel en creatief bij het toekennen van Wmo-voorzieningen als het aangeboden standaardpakket niet aansluit bij de behoefte van de aanvrager. 4. Biedt proactief voldoende en onafhankelijke cliëntondersteuning aan. Het gaat hierbij deels om het wettelijk kader (Algemene Wet Bestuursrecht), welke wij verplicht zijn te hanteren voor aanvragen Wmo. Onjuistheden worden uit het verslag van het gesprek gehaald, dit gaat altijd in overleg met de consulent. Op pagina 18, kernwaarde 3 is de volgende zin opgenomen: “We beschikken passend bij de situatie/ problematiek van de inwoner”. Dit

betekent dat waar van toepassing er meerjarige beschikkingen kunnen worden afgegeven zodat de inwoner niet elk jaar opnieuw het verhaal hoeft te doen. Dit is bekrachtigd in de wmo en jeugdhulp verordening. De mogelijkheden flexibel en creatief te zijn bij het toekennen van Wmo-voorzieningen hangt samen met de wijze van inkopen van Wmo voorzieningen. Momenteel werken wij voor Wmo voorzieningen met producten. De onafhankelijke clientondersteuning wordt bij Wmo meldingen actief aangeboden: inwoners worden hier op gewezen in de bevestigingsbrief van de melding. Ter aanvulling is het volgende opgenomen in de visie sociaal domein n.a.v. van uw schrijven: Het staat de inwoner vrij om gebruik te maken van de onafhankelijke clientondersteuning. Maak duidelijk waar de burger terechtkan met een klacht en verlaag de drempel 1. Informeer bij de burger tijdens en na het aanvragen van de voorziening hoe hij het proces heeft ervaren en neem de bevindingen mee voor het verbeteren van het proces. 2. Zorg ervoor dat het duidelijk is waar de burger terecht kan met zijn klacht en stel eisen aan de klachtbehandeling bij de door de gemeente ingeschakelde derde partijen, bijvoorbeeld over een persoonlijke benadering. 3. Ga regelmatig in gesprek met de door de gemeente ingeschakelde derde partijen, bespreek de aard van de binnengekomen klachten en hoe daar mee om gegaan is.

In een toe- of afwijzingsbeschikking staat altijd vermeldt op welke wijze de inwoner een klacht of bezwaar kan indienen. Daarnaast staat de klachtenprocedure op de gemeentelijke websites vermeldt. Voor ervaringen van inwoners die gebruik maken van of hebben gemaakt van Wmoof Jeugwetvoorzieningen gebruiken wij de clientervaringsonderzoeken die BMC voor ons uitvoert. Gesprekken met ingeschakelde derde partijen over klachten gaan op organisatieniveau en overstijgen daarmee het niveau van het sociaal domein. 6. De visie beschrijft dat de financiën een van de uitdagingen is. Graag ziet de adviesraad geformuleerd hoe gehandeld gaat worden in situaties waarin de zorgvraag conflicteert met de beschikbare financiële ruimte. Het uitgangspunt is altijd dat de kwaliteit en continuïteit van noodzakelijke zorg en ondersteuning te allen tijde gewaarborgd moet blijven. Dit met inachtneming van de wet- en regelgeving waaronder de geldende verordeningen. 7. Naar de mening van de adviesraad kunnen een aantal zaken scherper worden geformuleerd. In het verleden is vaak gesproken over de regie (wie heeft de regie over een bepaalde casus. Is dat Ons Stede Broec, de zorgverlener, of een gemeenteambtenaar? Momenteel zijn er landelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op het vraagstuk “lokale teams” en “regievoering”. Een voorbeeld van zo’n ontwikkeling is de Hervormingsagenda Jeugd.

De hervormingsagenda en het daaruit voortvloeiende richtinggevend kader zijn de basis voor kernwaarde 3. Daarom is op pagina 17, kernwaarde 3, het volgende opgenomen: De lokale teams en toegang zorgen voor de juiste hulp, met de juiste intensiteit, door de juiste professional met mandaat: zij zijn een regisseur van passende zorg en ondersteuning. Lokale teams en toegang verwijzen naar Ons Stede Broec en de jeugdconsulenten. De nadere uitwerking van wie welke rol inneemt zijn werkafspraken op lokaal niveau. 8. Daarnaast heeft de adviesraad nog een aantal hieronder genoemde specifieke opmerkingen: 8.1.Het nut van hoofdstuk 1.2 ’Demografische ontwikkelingen’ ontgaat de adviesraad. De toekomstige voorspelde aantallen lijken relevanter. De demografische gegevens zijn onderdeel van de visie sociaal domein om een ‘startfoto’ te hebben van de huidige demografie binnen de drie gemeenten. Het is deels de onderbouwing voor de wijze waarop deze visie tot stand is gekomen. 8.2.De toekomstige rol van ONS Stede Broec is niet duidelijk. Bijvoorbeeld: wordt ONS de regisseur voor alle zorgvragen en zorgdossiers, of blijft ONS het startloket. Wat is de

2/4

gewenste rol van ONS bij de diverse zorgvragen, is ONS het inkooploket waar burgers zonder afspraak terecht kunnen? Zoals genoemd bij de reactie op punt 7 zijn er momenteel landelijke ontwikkelingen die spelen die van invloed zijn op de rol van lokale teams. De hervormingsagenda Jeugd en het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming zijn hier voorbeelden van. Daarnaast speelt voor de SED-gemeenten het vervolg op het visieleertraject van de VNG. De komende maanden wordt hier vervolg aan gegeven. Al deze ontwikkelingen maken dat we in de visie dit niet dusdanig concreet hebben geformuleerd; daartoe loopt een aparte opdracht. 8.3.De visie in 3.2 is erg ruim en niet heel specifiek gedefinieerd. Ook lijken de woorden ’prettig’ en ‘problemen en tegenslagen horen bij het leven’ en ’iedere inwoner’, utopisch. Een visie is een ambitieus droombeeld van de toekomst. Daarbij is het streven zo dicht mogelijk bij het realiseren van de visie te komen. 8.4.Kernwaarde 3 ’Grip op toegang’. De adviesraad ziet graag uitgewerkt hoe de toekomstige samenwerking met gecertificeerde instellingen gestalte krijgt. De adviesraad is met name bezorgd over situaties waarin medisch specialisten zouden moeten doorverwijzen, maar waar de gemeente een alternatief pad wil bewandelen. De wijze waarop we de toekomstige samenwerking verder gaan vormgeven wordt onderdeel van een uitvoeringsplan.

We nemen uw zorgen mee. 8.5.Kernwaarde 4 ‘Integraal en domeinoverstijgend werken’ De wens om integraal en domein-overstijgend te werken wordt volledig onderschreven. Wel ziet de adviesraad graag uitgewerkt hoe dit domeinoverstijgend werken vorm gegeven gaat worden. Het ‘hoe’ dit vormgegeven gaat worden is onderdeel van een uitvoeringsplan. 8.6.Kernwaarde 5 ‘Leren en ontwikkelen door monitoren en sturen’ De wens om te investeren in partnerschappen wordt volledig onderschreven. Wel ziet de adviesraad graag uitgewerkt hoe getoetst wordt of een samenwerking werkt of onvoldoende resultaat oplevert. Het ‘hoe’ dit concreet vormgegeven gaat worden is onderdeel van een uitvoeringsplan. De toetsing zal in ieder geval plaatsvinden op basis van vooraf gemaakt (werk) afspraken en indicatoren op inhoud en samenwerking. 8.7.Hoofdstuk 5 Afspraken en evaluaties. Het samenwerken op regionaal niveau heeft als risico dat de grip op partners verwatert. De adviesraad wil sterk benadrukken dat de gemeente Stede-Broec te allen tijde verantwoordelijk blijft en dus ook de juiste maatregelen neemt om deze verantwoordelijkheid te dragen. Het college onderschrijft uw standpunt en neemt deze ter harte. 8.8.Hoofdstuk 5.1 Geen onbeperkt open einde.

De adviesraad wil graag benadrukken dat het regelmatig toetsen door lokale teams niet mag leiden tot het onnodig keuren van mensen van wie duidelijk is dat hun beperking permanent is. Het college onderschrijft uw standpunt en neemt deze ter harte. Zij verwijst naar pagina 18 van de visie sociaal domein, kernwaarde 3: “We beschikken passend bij de situatie/ problematiek van de inwoner”. 8.9 Hoofdstuk 5.1 Geen ongereguleerde verwijzingen De adviesraad maakt zich grote zorgen over de rol van de lokale teams bij het filteren van doorverwijzingen. Indien een lokaal team afwijkt van een advies van een specialist, dan

3/4

mag dat alleen na overleg met de specialist en zeer precies onderbouwd (zoals aangegeven in artikel 3:2 Awb). Wij begrijpen uw zorg en hebben de alinea aangepast naar: We stellen grenzen aan hoe direct verwijzers inwoners naar specialistische zorg en ondersteuningen verwijzen. Verwijzers onderzoeken samen met de lokale teams en toegang welke mogelijkheden er in de sociale basis zijn om de hulpvraag op te pakken. Er is overleg voordat wordt verwezen naar beschikte zorg en ondersteuning. Lokale teams en toegang houden de regie over het proces van de inwoner; zij volgen de verwijzingen. Zij helpen de inwoner om na afloop weer zelfstandig verder te kunnen of met hulp uit de sociale basis. Hopende u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16225257/1