bijlage 2.3 Jaarstukken RSW 2021 (inclusief verklaring)
Tekst van het document
Jaarstukken 2021
Inhoudsopgave
Jaarverslag............................................................................................................................................................... 3 Algemeen ............................................................................................................................................................ 4 Programmaverantwoording ................................................................................................................................ 7 Programma 1 – Recreatieterreinen ................................................................................................................ 7 Programma 2 - Recreatieve netwerken ........................................................................................................ 10 Programma 3 - Algemeen beheer en beleid ................................................................................................. 12 Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien ....................................................................... 15 Paragrafen ......................................................................................................................................................... 17 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..................................................................................................
17 Onderhoud kapitaalgoederen ....................................................................................................................... 19 Financiering ................................................................................................................................................... 20 Bedrijfsvoering .............................................................................................................................................. 21 Jaarrekening .......................................................................................................................................................... 23 Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting .......................................................... 24 Overzicht van baten en lasten ....................................................................................................................... 24 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling..................................................................................... 25 Onvoorzien .................................................................................................................................................... 26 Overzicht incidentele baten en lasten ..........................................................................................................
27 Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves ....................................................... 28 Rechtmatigheid ............................................................................................................................................. 28 Verantwoording Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 29 Vennootschapsbelasting (vpb) ...................................................................................................................... 32 De balans en toelichting op de balans .............................................................................................................. 33 Balans ............................................................................................................................................................ 34 Toelichting op de balans ............................................................................................................................... 36 Bijlagen .............................................................................................................................................................. 44 Bijdrage 2021 per deelnemer........................................................................................................................
45 Overzicht van de onderlinge stemverhouding .............................................................................................. 45 Overzicht baten en lasten per taakveld ........................................................................................................ 45
2 / 45
Jaarverslag
3 / 45
Algemeen Het Recreatieschap Westfriesland kan terugkijken op een geslaagd jaar. Financieel gezien is de jaarrekening sluitend (geen positief of negatief resultaat) en de gestelde doelen zijn behaald. Een mijlpaal voor de afdeling Groen- en Recreatiebeheer van het Recreatieschap is de realisatie van het nieuwe bedrijfsgebouw. Na bijna 50 jaar verblijf in verschillende tijdelijke locaties heeft deze afdeling nu haar eigen gebouw. Modern, duurzaam praktisch en van alle gemakken voorzien. En natuurlijk gasloos en voorzien van zonnepanelen en een warmtepomp; nul op de meter dus. Noemenswaardig is ook dat de organisatie deze investering binnen de begroting (zonder gevolgen voor de bijdrage per inwoner) heeft kunnen realiseren. 2021 was ook een jaar dat – hoe kan het anders-in het teken van corona stond. De impact in 2021 was wel anders en ook minder groot dan in het voorgaande jaar. De organisatie en de medewerkers hadden al ervaringen opgedaan in het voorgaande jaar en waren zodoende beter voorbereid op de gevolgen en maatregelen. De impact van het virus op de bedrijfsvoering was dat betreft minimaal. Wel was het sociale aspect iets dat veel aandacht vroeg. Het kantoorpersoneel is voorzien van (mobiele) devices om thuis te werken. Hierdoor konden de werkzaamheden worden gedaan, maar onder soms lastige omstandigheden.
Vanuit de bedrijfsvoering is er vooral ingezet op de reguliere werkzaamheden. Daarbij is er een doorgaande opgave om de (interne) bedrijfsprocessen te blijven optimaliseren en onze bedrijfsvoering toekomstbestendig te houden en waar mogelijk de efficiency te vergroten. Beleidsmatige en bestuurlijke opgaven kwamen veelal voort uit de uitwerking en vertaling van de uitkomsten van de kerntakendiscussie welke het bestuur eind in 2020 heeft gevoerd. Daarbij gaat het om de verkenningen naar opgaven en kansen voor de terreinen maar ook het vraagstuk over toevoeging van nieuwe taken aan het takenpakket. Niet vreemd is dat het beheer en onderhoud van het stadsstrand Hoorn daarbij de meeste aandacht vroeg. De besluitvorming die hier uiteindelijk over heeft plaatsgevonden is vertaald naar de Kadernota 2023. Ook is er aan reguliere beleidsopgaven gewerkt, dit heeft onder andere geleid tot de vaststelling van een nieuw toekomstbestendig beheerplan. Het Recreatieschap heeft in 2021 een groot aantal bezoekers mogen ontvangen op zijn terreinen en gebruik kunnen laten maken van de voorzieningen. En daar is het ook trots op! Door sluiting van horeca, het niet doorgaan van evenementen, beperkte mogelijkheden voor bezoek aan pret- en attractieparken en vakanties boden deze voorzieningen veel van de inwoners en toeristen vertier.
Op zonnige dagen werden de terreinen enorm goed bezocht en werd er goed gebruik gemaakt van de netwerken voor varen, fietsen en wandelen. De keerzijde van die drukte is dat (zwerf)vuilverwerking en herstel van vandalisme op sommige momenten erg veel aandacht vroegen. Om te voorkomen dat andere werkzaamheden daar onder zouden leiden en uitgesteld of doorgeschoven moesten worden naar een later moment is er extra capaciteit ingehuurd. De afgelopen jaren is de meerwaarde van de terreinen en voorzieningen meer dan duidelijk geworden. Maar het maakte ook de kwetsbaarheid van onze natuur- en recreatiegebieden duidelijk. Dat heeft impact op zowel de recreatieve als natuurwaarden van de gebieden. Het Recreatieschap heeft en houdt dan ook aandacht voor het vraagstuk hoe er ook in de toekomst voldoende ruimte blijft voor natuur en recreatie. Bij de programmaverantwoording zijn per programma de (financiële) gevolgen van corona uiteengezet. Tot slot hield het Recreatieschap zich bezig met de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. Zo zijn bijvoorbeeld voor het wandelnetwerk en de route Rustenburg-Verlaat de laatste puntjes op de ‘i’ gezet en financieel en administratief afgerond, is het kitesurfstrand op het terrein Uiterdijk Schellinkhout afgerond en is de tweede fase van het project Kwaliteitsimpuls afvalinzameling afgerond.
4 / 45
Verschillende projecten en doelstellingen uit het Natuur- en Recreatieplan kunnen integraal worden gerealiseerd als onderdeel hiervan. Ook werkt het Recreatieschap mee aan kleinere lokale initiatieven zoals het Voedselbos in het Streekbos dat IVN daar wil realiseren. Al met al kijkt het Recreatieschap positief terug op het jaar 2021.
5 / 45
Overzicht beleidsdoelen Het volgende schema bevat een overzicht van de beleidsdoelen uit de Begroting 2021. Aangegeven is of deze doelen wel, niet of deels zijn behaald. Zo nodig is een toelichting gegeven. De beleidsdoelen van het Recreatieschap staan in de programma’s 1 tot en met 3. Beoogde beleidsdoelen
Behaald
Toelichting
Programma 1 - Recreatieterreinen Algemeen: Onderhoud en beheer van de openluchtrecreatieterreinen Onderhoud en beheer van stranden, speelWel en ligweiden Onderhoud en beheer van park- en Wel speelmeubilair Onderhoud van wegen, paden en openbare Wel parkeerterreinen Onderhoud van (toilet)gebouwen Wel Onderhoud en beheer van bruggen en Wel Aan verschillende bruggen is groot onderhoud steigers, duikers en trailerhellingen uitgevoerd conform het beheerplan. Bagger- en schouwwerkzaamheden in en Wel langs sloten Beheer van zwemwaterlocaties op eigen Wel terreinen en terreinen van derden (locaties in Hoorn, Enkhuizen en Bovenkarspel) Programma 2 - Recreatieve netwerken Het beheer en onderhoud van de bebording Wel Er zijn ook voorbereidingen getroffen om het van het vaar-, fiets- en wandelnetwerk beheer van de netwerken vanaf 2022 in eigen beheer uit te voeren. Uitbreiden en ontwikkelen van het Wel Het wandelnetwerk Westfriesland is in 2020 wandelnetwerk afgerond en in 2021 zijn de laatste puntjes op de ‘I’ gezet. Ook is er gewerkt aan verbetering van tracés binnen het netwerk. Dit is een continue ontwikkeling. Uitbreiden en ontwikkelen van het Wel De projecten ‘Vaarroute Rustenburg-Verlaat’ en vaarroutenetwerk de verbetering van een deel van de vaarroute tussen Hoorn en Enkhuizen in Drechterland zijn in 2021 afgerond.
Uitbreiden en ontwikkelen van het Wel Op trajectniveau zijn (tijdelijke) aanpassingen fietsroutenetwerk gedaan ten behoeve van de kwaliteit. Er is geparticipeerd in het project van het Fietsplatform om het netwerk van Landelijke Fietsroutes (LFroutes) op te waarden tot LF-icoonroutes. Secretariaat en uitvoering van taken voor de Wel Deze stichting heeft als doel promotie van de Beheerstichting Fietsroutenetwerk Noordrecreatieve netwerken in de regio’s Alkmaar en Kennemerland en Westfriesland Westfriesland. Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Uitvoering Uitvoeringsprogramma Natuur- en Wel Verschillende projecten zijn gerealiseerd of Recreatieplan Westfriesland gestart. Voor uitgebreide informatie zie onze websitepagina.
6 / 45
Interne en externe communicatie
Nieuw bedrijfspand Groen- en Recreatiebeheer
Wel
Wel
Interne communicatie en communicatie aan bestuur, raadsleden en zakelijke relaties middels media als nieuwsbrieven en (pers)berichten. Communicatie aan recreanten via advertenties, artikelen, nieuwsbrieven, website en sociale media. Hierbij wordt samengewerkt met DMO Holland boven Amsterdam. De bouw is begin 2021 afgerond.
Programmaverantwoording Programma 1 – Recreatieterreinen Wat hebben we bereikt? De eigen inwoners, dagjesmensen, natuurliefhebbers, verblijfsrecreanten en toeristen van buiten de regio konden genieten van de recreatieterreinen van het Recreatieschap. Deze terreinen hebben een totaal oppervlak van ruim 300 hectare. De terreinen zijn gratis toegankelijk en gevarieerd ingericht en bieden daardoor verschillende mogelijkheden om te recreëren. Op een aantal terreinen is horeca aanwezig en worden activiteiten aangeboden door recreatieondernemers of verenigingen. De meest in het oog springende attractie is het Klimpark in het Streekbos. De recreatieterreinen hebben ook een positief effect op de gezondheid van de inwoners, ze dienen maatschappelijke doelen en ze dragen bij aan een prettig en gunstig woon- en vestigingsklimaat. Deze laatste kwaliteiten blijken bij beperkingen door corona weer van onschatbare waarde. Voor gasten van binnen en buiten de regio zijn natuur- en recreatiegebieden dé mogelijkheid om te recreëren, sporten of van de natuur te genieten. De terreinen hebben tot slot ook bijgedragen aan een andere doelstelling, namelijk het vergroten van de biodiversiteit in Westfriesland. Het Recreatieschap heeft zichzelf (in het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland) als doel gesteld hier actief aan te willen bijdragen.
Daarom zijn de terreinen en het beheer ervan natuurinclusief. Dit houdt in dat het beheer op een zo natuurlijk en ecologisch mogelijke manier is uitgevoerd. Doordat dit slim wordt gedaan gaat dit niet ten koste van de recreatie maar draagt het eraan bij. Wat hebben we daarvoor gedaan? Het Recreatieschap heeft in 2021 ruim 300 hectare aan recreatieterreinen. De terreinen bevatten vele kilometers wandel- en fietspaden, bruggen en steigers, parkmeubilair, waterlopen en open waterpartijen. Deze zijn alle beheerd en onderhouden om zo de kwaliteit op peil te houden. Waar nodig en mogelijk wordt geïnvesteerd om de kwaliteit te verhogen (zie ook programma 3). De terreinen worden intensief gebruikt. De inrichting sluit daarop aan waardoor het beheer intensief en veelomvattend is. Op de rustige delen van de terreinen is het beheer zo natuurlijk mogelijk uitgevoerd. Het beheer is onderhevig aan wet- en regelgeving en is conform deze wet- en regelgeving uitgevoerd. Dan gaat het om de algemene natuur- en milieuwetten, maar ook om wetten en regels specifiek voor recreatie. Om zwemstranden aan de regels van de Europese zwemwaterwetgeving te laten voldoen worden deze intensief beheerd en dagelijks gekeurd. Naast de zwemlocaties op onze eigen terreinen voert het Recreatieschap ook het zwemwaterbeheer uit op drie locaties van derden.
Maar er is bijvoorbeeld ook wetgeving voor de controle van speeltoestellen en ‘boomveiligheid’.
7 / 45
Ziektes, invasieve exoten en plaagdieren De laatste jaren is door de toename van essentaksterfte en bastwoekerziekte de boomveiligheid een onderwerp dat steeds meer beheerinspanning vraagt. Daar is ook in 2021 op ingezet. Maar ook nemen de inspanningen die gedaan moet worden om plaagdieren en invasieve exoten te bestrijden toe. Zo vinden we sinds een aantal jaren regelmatig de eikenprocessierups in onze gebieden. Het Recreatieschap hanteert hiervoor een natuurvriendelijke bestrijdingsmethode. De effecten daarvan zijn de afgelopen jaren positief. De methode wordt voortgezet en de informatie wordt gedeeld met andere beheerders. Een ander plaagdier dat meer en meer opkomt is de bruine rat. Deze problematiek speelt overigens landelijk. De reden daarvoor is dat de bestrijding met gif niet meer is toegestaan. Deze methode was erg effectief maar leidde ook tot veel nevenschade (sterfte onder bijvoorbeeld roofvogels die vergiftigde ratten eten). Het Recreatieschap werkt nauw samen met de bestrijdingsdienst om de ratten (gifvrij) te bestrijden. De nieuwe ondergrondse vuilbakken dragen hier preventief aan bij, omdat deze door hun grote capaciteit zwerfvuil tegengaan en ratten niet in de bakken kunnen komen. Een andere plaag is de Japanse duizendknoop. Om verdere verspreiding, overlast en schade te voorkomen is er ingezet op de bestrijding van deze invasieve exoot.
Biodiversiteit De biodiversiteit is een belangrijk onderwerp dat steeds meer de aandacht krijgt. Ook in Westfriesland. Het Recreatieschap heeft zichzelf als doel gesteld hier actief aan te willen bijdragen. Dit is in 2021 gedaan door de terreinen zo natuurinclusief mogelijk te beheren en in de terreininrichting rekening te houden met de biodiversiteit of het beheer hiervoor aan te passen. Er is ook winst behaald voor de ecologie door slimme keuzes te maken in de soorten bij aan- en herplant. Concrete voorbeelden uit 2021 zijn het beheer door een schaapskudde in het Egboetswater. Dit zorgt voor een gevarieerdere samenstelling van de grasmat, hetgeen positief is voor de flora en fauna. Nog belangrijker is dat natuurinclusiviteit onderdeel is van de dagelijkse werkzaamheden. Om dit te bereiken heeft het Recreatieschap medewerkers in dienst die hier kennis van hebben en continu ‘in het veld komen’ en zo weten wat er speelt en leeft in de terreinen. Deze kennis wordt vertaald naar het gefaseerd of later maaien van terreinen, delen van gebieden af te sluiten voor recreatie of zo in te richten dat alleen extensieve recreatie mogelijk is. De natuur krijgt daardoor meer ruimte. Hierbij is het de uitdaging om de natuur een meerwaarde te laten zijn voor de recreatie in plaats van deze er ten koste van te laten gaan.
Dat doet het Recreatieschap door de natuur altijd beleef- en zichtbaar te maken. Uiteraard streeft het Recreatieschap ernaar om alleen duurzame en natuur- en milieuvriendelijke materialen te gebruiken en geen chemische bestrijdingsmiddelen. De opgave voor biodiversiteit is een gezamenlijke opgave waarbij het Recreatieschap graag de samenwerking zoekt met het maatschappelijk middenveld. Het werkt daarvoor samen met verschillende natuur- en milieuverenigingen in de regio. Zo is er 2021 gewerkt aan de aanleg van het Voedselbos in het Streekbos. Dit initiatief van het IVN gaat bijdragen aan de biodiversiteit maar ook aan de bewustwording van de waarde van de natuur en de sociale cohesie. De opening van het Voedselbos is gepland in 2022. Evenementen Naast dat de terreinen ruimte bieden aan recreatie, worden er normaal gesproken ook evenementen en activiteiten gehouden. Jaarlijks gemiddeld zo’n 70 stuks. Door corona heeft meer dan de helft daarvan geen doorgang kunnen vinden. De terreinen zijn ook het perfecte decor voor georganiseerd buitensporten door bootcampscholen en wandel- of hardloopclubs of voor individuele buitensporters. Waar het aantal evenementen enorm is afgenomen, is van deze activiteiten door corona juist een toename te zien in de afgelopen twee jaar.
8 / 45
Bedrijfspand Groen- en Recreatiebeheer Ten behoeve van de werkzaamheden van de afdeling Groen- en Recreatiebeheer is een nieuw bedrijfspand gerealiseerd. De aanleiding hiervoor was dat de huur van de oude locatie afliep en door de verhuurder niet werd verlengd. Er is gekozen om een perceel grond aan te kopen en nieuw te bouwen. Er is een modern, duurzaam en praktisch pand gebouwd. Het is een ‘nul op de meter-pand’, dus gasloos en voorzien van zonnepanelen. Deze opgave is binnen de huidige begroting opgelost. Het gebouw is begin 2021 opgeleverd.
Het nieuwe bedrijfspand van de afdeling Groen- en Recreatiebeheer
Impact corona Binnen dit programma heeft corona de meeste (directe) impact gehad. De grootste kostenposten ontstaan door gemiste inkomsten uit pachten en huren voor horeca en evenementen omdat er afspraken zijn gemaakt en regelingen getroffen met evenementenorganisatoren en horecapachters. Maar ook door benodigde extra inhuur bij topdrukte en uitval of quarantaine en kosten die zijn gemaakt voor extra borden, afzettingen en andere maatregelen. De exacte kosten zijn moeilijk te bepalen maar zullen ergens tussen de € 25.000 en € 40.000 liggen. Naast financiële gevolgen heeft corona ook invloed gehad op de medewerkers van Groen- en Recreatiebeheer. Deze was wel minder groot dan in 2020. Dit komt enerzijds omdat er is geleerd van gevolgen in dat jaar en de organisatie beter voorbereid was. Anderzijds kwam dit ook doordat het weer in 2021 minder goed was voor de recreatie en er in de zomer meer alternatieven waren voor de vrijetijdsbesteding dan in 2020. Ondanks dat was de drukte in 2021 hoger dan normaal en ging er erg veel tijd zitten in herstel van schade door vandalisme en (moedwillige) bevuiling van de terreinen. De kosten voor vandalisme liggen tussen de € 10.000 en € 15.000. Ook zijn er veel extra uren in de vuilrondes gestoken. Ter illustratie: in 2021 is er bijna 20% meer vuil opgehaald dan voorgaande jaren.
Om te voorkomen dat werkzaamheden uitgesteld of geschrapt moesten worden en dat zou leiden tot achterstallig onderhoud, achteruitgang van kwaliteit en mogelijk gevaarlijke situaties, is er extra personeel ingehuurd in 2021.
9 / 45
Programma 2 - Recreatieve netwerken Wat hebben we bereikt? Het Recreatieschap heeft ervoor gezorgd dat recreanten en toeristen in 2021 aantrekkelijke en kwalitatieve netwerken voor varen, fietsen en wandelen tot hun beschikking hadden. Naast het in stand houden van de netwerken is er ook geïnvesteerd in de netwerken door nieuwe trajecten aan de netwerken toe te voegen of bestaande trajecten te verbeteren. Het basisbeheer van borden is uitbesteed aan daarin gespecialiseerde aannemers. Maatwerk en urgente zaken zijn zelf opgepakt. Hiermee is aan de recreanten en toeristen ruim 1.000 kilometer aan kwalitatieve routenetwerk geboden, waar ontspannen, actief en veilig kan worden gewandeld, gevaren of gefietst. Wat hebben we daarvoor gedaan? Wandelnetwerk In 2020 is het Wandelnetwerk Westfriesland afgerond. Door dit project is een gebiedsdekkend wandelnetwerk Westfriesland gerealiseerd dat naadloos aansluit op de netwerken in de omliggende gebieden. Daardoor is een bijna provinciedekkend wandelnetwerk Noord-Holland ontstaan. Als onderdeel van het project is het Streekpad Westfriese Omringdijk gerealiseerd. Het is uitgevoerd vanuit het Uitvoeringsprogramma voor het Natuur- en Recreatieplan. In 2021 zijn de laatste puntjes op de ‘I’ gezet van het netwerk. Voor de bestaande delen van het netwerk is het beheer gevoerd om het netwerk en de bewegwijzering in stand te houden.
Maar ook wordt er continu gewerkt om het netwerk op trajectniveau te blijven verbeteren. Dit gaat van plaatsing van voorzieningen als borden en overstapjes tot toevoegingen van nieuwe trajecten. Fietsroutenetwerk Het Recreatieschap beheert het fietsroutenetwerk in Westfriesland. Het gevoerde beheer is gericht op instandhouding van de bewegwijzering. Op trajectniveau zijn er aanpassingen gedaan ten behoeve van de kwaliteit en veiligheid van het netwerk en is er meegewerkt aan het project van het Fietsplatform om de Landelijke Fietsroutes om te vormen tot icoonroutes. Voor Westfriesland betrof dat de realisatie van de LF Zuiderzeeroute. Daarnaast voerde het Recreatieschap het secretariaat van de Beheerstichting Fietsroutenetwerk Westfriesland en Noord-Kennemerland en heeft het de werkzaamheden van deze stichting uitgevoerd. De stichting beheert de middelen die bij de oplevering van het project beschikbaar zijn gesteld voor promotie van het fietsroutenetwerk. Bij de uitvoering wordt aangesloten bij (boven)regionale projecten en initiatieven. Vaarnetwerk Westfriesland beschikt over drie netwerken die alle aansluiten op het sloepennetwerk of vaarroutenetwerk in de provincie.
Het gaat om de netwerken in de gemeente Koggenland en aan de westkant van de gemeente Hoorn, het netwerk in Westfriesland-oost dat tevens doorloopt tot in de gemeente Opmeer en tot slot de BRTNroutes over het boezemwater aan de west- en zuidgrens van de regio. Het Recreatieschap beheert voor deze netwerken de bewegwijzering. Ook wordt in samenwerking met partijen als gemeenten, hoogheemraadschap en provincie structureel gewerkt aan het oplossen van bestaande knelpunten in het netwerk en het voorkomen van nieuwe knelpunten. Hiervoor zijn in 2021 de knelpunten in de vaarroute tussen Enkhuizen en Hoorn aangepakt en zijn er in samenwerking met de gemeenten Koggenland en Stede Broec nieuwe subsidieaanvragen ingediend voor het oplossen van nieuwe knelpunten. De financiële afwikkeling van het oplossen van het knelpunt brug Veenhuizen is ook in 2021 afgerond. Tot slot voert het Recreatieschap als pilot in samenwerking met het hoogheemraadschap het maaibeheer uit op de vaarroutes waar plantengroei de doorvaart belemmert. Deze pilot is een project uit het Natuur- en Recreatieplan.
10 / 45
Gerealiseerde brug over de Wijzend in Drechterland
Algemeen Het Recreatieschap is dé partij die de regio vertegenwoordigt in provinciale en landelijke overleggen over de routenetwerken. In 2021 heeft het de regio vertegenwoordigd in verschillende overleggen. Hierbij is de inzet om onderwerpen te agenderen die van belang zijn om de recreatieve routenetwerken in de regio minimaal op niveau te houden, maar waar mogelijk de kwaliteit te verbeteren en de netwerken uit te breiden. En om optimaal te kunnen aansluiten bij landelijke ontwikkelingen op het gebied van routes. De effecten van corona zijn zeer goed zichtbaar in toename van drukte op de netwerken. In de verschillende overleggen was in 2021 drukte- en spreidingsmanagement op provinciaal niveau daarom een belangrijk en terugkerend onderwerp. Daarnaast is het Recreatieschap samen met Recreatie Noord-Holland initiatiefnemer van een provinciebreed overleg over de recreatieve routenetwerken in Noord-Holland. Doel van dit overleg is de samenhang en samenwerking binnen dit onderwerp te verbeteren met als doel de kwali- en kwantiteit te verbeteren in de breedste zin van het woord. Maar ook om de kosten én baten van de netwerken inzichtelijk te maken en hoe deze zich verhouden tussen de verschillende regio’s. Impact corona De gevolgen van corona voor dit programma waren vooral te zien in een grote toename van gebruik. Veel meer recreanten maakten gebruik van de netwerken.
Het effect leek minder groot dan in 2020. Dat is verklaarbaar doordat er meer alternatieven waren en het weer minder gunstig was. Toch waren vooral wandelen en fietsen dé vormen van recreatie die populair waren in coronatijd. En de verwachting is dat als de impact van corona is afgenomen, de populariteit van de vorm van recreatie blijvend is. De financiële gevolgen waren beperkt. Er was een lichte toename van vandalisme en er kwamen meer meldingen van knelpunten of defecten aan de bewegwijzering binnen. Aan de andere kant zijn er in 2021 geen klachten ontvangen over waterplantenoverlast in het vaarroutenetwerk. De maaikosten lagen circa € 3.000 lager dan gemiddeld. Het relatief koude weer dat ongunstig was voor de recreanten en voor de groei van waterplanten, lijkt de meest logische verklaring te zijn hiervoor.
11 / 45
Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Wat hebben we bereikt? De algemene bedrijfsvoering was in 2021 voor een groot deel gericht op het verbeteren van de interne processen en administratie. Dit is een doorgaande opgave waarmee de organisatie nog beter in staat is om tijdig en adequaat te reageren op ontwikkelingen, te kunnen bijsturen en risico’s te beperken. Een kerntaak van het Recreatieschap is de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland middels het bijbehorende Uitvoeringsprogramma. In 2021 is door het Recreatieschap gewerkt aan verschillende projecten uit het plan. Enkele daarvan zijn in 2021 afgerond. Het Natuur- en Recreatieplan heeft een duidelijke link met het Pact van Westfriesland en de daarin genoemde doelen en ambities. De uitvoering is opgepakt met de gemeenten en andere (beherende) partijen in de regio. Ook is er ingezet op communicatie en informatievoorziening over de recreatiemogelijkheden. Daarbij ging het om het informeren van recreanten en toeristen over de mogelijkheden op de terreinen. Ook is er in de communicatie aandacht voor bewustwording van de kwetsbaarheid en verstoring van de natuur, en aandacht voor overlast en gevolgen van zwerfafval. Tot slot is er regelmatig gewezen op de mogelijkheden om verantwoord te kunnen recreëren binnen de coronamaatregelen.
Als laatste aandachtspunt is er ingezet op communicatie en informatievoorziening naar de politieke achterban: het bestuur en de gemeenteraden, provincie en andere partners. Wat hebben we daarvoor gedaan? Bedrijfsvoering Naast de reguliere werkzaamheden vanuit de bedrijfsvoering is ingezet op verbetering van de interne processen en administratie. Daarvoor zijn in 2021 het beheerplan geactualiseerd en een Nota Activa opgesteld en door het algemeen bestuur vastgesteld. Daarnaast zijn er verbeteringen doorgevoerd in verschillende administratie en interne processen. In het Uitvoeringsprogramma van het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland staan verschillende projecten. Het Uitvoeringsprogramma is een dynamisch plan. Door invloed van projectpartners als gemeenten en provincie of door subsidiemogelijkheden of omdat andere projecten of werkzaamheden prioriteit kregen of vroegen is het onvermijdelijk dat het plan regelmatig moet worden bijgesteld en geactualiseerd. De uitgaven van deze projecten komen grotendeels ten laste van de programma’s 1 en 2 en worden gedekt via de voor de uitvoering ingestelde reserve Natuur- en Recreatieplan. Mutaties met financiële gevolgen zijn verwerkt in de Voor- en Eindejaarsrapportage. De projecten zijn ingedeeld in verschillende categorieën: algemeen, routes en recreatieterreinen. Hieronder wordt een aantal projecten en activiteiten uitgelicht.
Algemeen Het gaat hier om projecten niet-specifiek gericht op terreinen of routes. Bijvoorbeeld structureel overleg met andere beheerders en partijen in het werkveld en overleg met ondernemers over kansen voor samenwerkingen nieuwe initiatieven. Maar ook over projecten om bij te dragen aan het vergroten van de biodiversiteit in de regio. Deze werkzaamheden zijn voornamelijk in programma 1 verantwoord. Routes De projecten in dit thema sluiten aan of komen overeen met de genoemde in programma 2. Daar zijn de projecten 'Afronding wandelnetwerk Westfriesland', Streekpad Westfriese Omringdijk en het oplossen van de knelpunten in de vaarroutes genoemd.
12 / 45
Op het gebied van vaarroutes is gewerkt aan de ambitie om een regiodekkend vaarnetwerk Westfriesland te krijgen. Er wordt daarom doorlopend ingezet op het in (ruimtelijk) beleid vastleggen van het regionale vaarnetwerk in Westfriesland en het borgen van het beheer. Dit speelt op regionaal en provinciaal niveau. Op regionaal niveau is de pilot voortgezet om trajecten in het regionale netwerk, waar hinder is van waterplantenoverlast, te maaien. De pilot liep in 2021 voor het vijfde jaar. De maatregelen zijn effectief en door de pilot is duidelijk geworden welke (financiële) inspanning nodig zijn. Recreatieterreinen In 2021 is fase 2 van de investeringen in de afvalinzameling afgerond. De in fase 1 geplaatste bakken zijn deze afgelopen jaren op de proef gesteld door de coronadrukte en de resultaten zijn zeer positief. Het vernieuwde systeem heeft een positief effect op het tegengaan van zwerfafval, vandalisme en ongedierte en draagt daarnaast bij aan het milieu en vergroot de efficiëntie van het beheer. Op het Uitvoeringsprogramma staan ook projecten op de eigen terreinen van het Recreatieschap. Projecten die het toevoegen van voorzieningen betreffen, maar ook (her)ontwikkeling van recreatieterreinen. Onder laatstgenoemde valt de Koopmanspolder. In plaats van weinig effectief baggeren is besloten om te kijken naar een herinrichting van het gebied.
Een vernieuwde inrichting moet leiden tot meer kwaliteit, koppeling van functies en betere combinatie van natuur en de beleving ervan. Dit project is al enige tijd in voorbereiding. In samenwerking met de gemeente Medemblik is een traject opgestart om dit project aan te laten sluiten bij de Agenda IJsselmeergebied 2050 en het project Wieringerhoek. Mede hiervoor is door de provincie, gemeenten en andere betrokkenen een samenwerkingsintentie getekend en is gestart met het opstellen van een Kustvisie IJsselmeergebied. Het doel hiervan is om alle belangen nauwkeurig af te wegen en op basis daarvan tot een breed gedragen visie te komen voor de kustzone. De Koopmanspolder wordt integraal meegenomen. Op het terrein Uiterdijk Schellinkhout is een speciaal kitesurfstrand aangelegd. Hierdoor wordt de kite- en windsurfers een veilige plek geboden. Door de verplaatsing van de kitezone is ook de veiligheid en kwaliteit voor de zwemmers verbeterd.
Kitesurfstrand Schellinkhout (foto: Sport-in-beeld.nl)
13 / 45
In 2021 is de projectuitwerking van de opwaardering van het terrein De Hulk afgerond. Met het project worden, onder andere om de natuurwaarden van het gebied verhogen, verschillende functies toegevoegd en de routestructuren verbeterd. Daarbij wordt nadrukkelijk gezocht naar aansluiting op aangrenzende gebieden en projecten. Een van die projecten is de verzwaring van de dijk tussen Hoorn en Amsterdam waar de Alliantie Markermeerdijken aan werkt. Als onderdeel van deze werkzaamheden wordt het doorgaande fiets-/wandelpad gerealiseerd. Vanuit De Hulk wordt een verbinding gelegd met dit pad en het buitendijkse deel van De Hulk wordt opgewaardeerd. Dit laatste gebeurt in samenwerking met de gemeente Koggenland en het hoogheemraadschap. In samenwerking met laatstgenoemde partij zijn al enkele werkzaamheden uitgevoerd in combinatie met werkzaamheden aan het gemaal Westerkogge. Het Recreatieschap is namens de regio vertegenwoordigd in overleggen over de dijkverzwaring en is lid van de provinciale stuurgroep Ambitieprogramma Ruimtelijke Kwaliteit Kustzone Hoorn-Amsterdam. Vanuit dit programma wordt (financieel) bijgedragen aan projecten die gerealiseerd worden, gekoppeld aan de dijkverzwaring. Communicatie De externe communicatie aan recreanten en toeristen is uitgevoerd via de Destinatie Marketing Organisatie (DMO) Holland boven Amsterdam.
Nieuws dat van belang is voor de Westfriese inwoners loopt via de regionale en lokale kranten en de website van het Recreatieschap. Op de website is toeristische, recreatieve en organisatorische informatie te vinden. Uiteraard worden ook sociale media ingezet. Beleids- en projectmatige werkzaamheden Vanzelfsprekend heeft het Recreatieschap ook zijn dagelijkse beleids- en projectmatige taken uitgevoerd. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om gevraagde en ongevraagde advisering en belangenbehartiging ten behoeve van de recreatie in Westfriesland. Zo is het Recreatieschap nauw betrokken bij de realisatie van het stadsstrand in Hoorn en adviseert het gemeenten op het gebied van recreatie, natuur en landschap en vertegenwoordigt het de regio in verschillende overleggen en projecten op regionaal en provinciaal niveau. Door het algemeen bestuur is er in 2020 een (kern)takendiscussie gevoerd. Hiervoor heeft de organisatie in 2021 verschillende verkenningen uitgevoerd naar inverdienmogelijkheden, efficiency en een marktverkenning uitgevoerd naar collega-terreinbeheerders. De uitkomsten van deze verkenningen zullen de komende jaren nader uitgewerkt worden. Wel zijn er door het bestuur uitspraken gedaan over nieuwe taken, waaronder het stadsstrand. De resultaten hiervan zijn verwerkt in de Kadernota 2023.
Impact corona De impact van corona binnen dit programma had niet zozeer een groot financieel effect. Het nog langer moeten thuiswerken had impact op het personeel. Maar hier geldt dat men wel beter voorbereid was en al van alle faciliteiten voorzien is. Dit heeft dan ook niet geleid tot uitval of ziekteverzuim. De financiële gevolgen lagen vooral in het eerste programma. Voor de uitvoering van projecten of beleid waren de effecten vooral merkbaar waar (burger)participatie onderdeel is van het proces of waar ‘fysiek‘ samenkomen vereist was. Dit vroeg om andere werkwijzen of verschuiving van de planning.
14 / 45
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien U vindt in dit programma geen toelichting over ‘wat hebben we bereikt’ en ‘wat hebben we daarvoor gedaan’. Dit programma bevat enkel de ramingen en verantwoordingen voor het budget onvoorzien, rentebaten van de uitgezette geldlening en de bijdragen van de deelnemende gemeenten. Wat heeft het gekost? Programma
Primitieve begroting 2021
Begroting na wijziging 2021
Werkelijk 2021
Lasten: Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting Totaal lasten
872.000 42.000 173.000 25.000 310.000 0 1.422.000
863.000 55.000 221.000 25.000 310.000 0 1.473.000
772.000 73.000 176.000 0 464.000 1.485.000
Baten: Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting Totaal baten
155.000 0 0 1.237.000 0 0 1.393.000
158.000 5.000 0 1.237.000 0 0 1.401.000
147.000 17.000 0 1.238.000 0 0 1.402.000
Saldo van baten en lasten
-30.000
-72.000
-83.000
Toevoeging reserves Onttrekking reserves
0 41.000
40.000 131.000
33.000 116.000
Saldo mutaties reserves
41.000
91.000
83.000
Gerealiseerde resultaat
11.000
18.000
0
Voordelig
Voordelig
Toelichting afwijking begroting na wijziging en realisatie Programma 1 - Recreatieterreinen ● Personeel van derden ● Onderhoud materieel waaronder brandstof ● Onderhoud terreinen ● Huur horecagelegenheden
110.000 -8.000 -4.000 -13.000
Programma 2 - Recreatieve netwerken ● Projecten Rustenburg-Verlaat en Wandelroutenetwerk ● Subsidie en bijdragen project Wandelroutenetwerk ● Onderhoud routenetwerken
-14.000 N 12.000 V -8.000 N
V N N N
15 / 45
Programma 3 - Algemene beheer en beleid ● Personeel van derden ● Opleidingskosten
38.000 V 5.000 V
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien ● Budget onvoorzien
25.000 V
Overhead* ● Personeel van derden Mutaties in reserves ● Onttrekking aan de Reserve uitvoering NRP voor kosten van de projecten RustenburgVerlaat en Wandelroutenetwerk. ● Lagere onttrekking aan de Reserve uitvoering NRP doordat de werkelijke activering voor de projecten Kwaliteitsimpuls Afvalinzameling en Kwaliteitsimpuls Uiterdijk lager zijn. ● Lagere onttrekking aan de Reserve uitvoerig NRP doordat de werkelijke lasten voor het project Pilot maaibeheer lager zijn. ● Storting in de Reserve uitvoering NRP door subsidie en bijdragen voor project Wandelroutenetwerk. ● Lagere storting in de Reserve afschrijvingslasten door lagere investeringen projecten NRP. Totaal verschil tussen werkelijk en verwacht resultaat
-153.000 N
14.000 V -20.000 N -7.000 N -13.000 N 20.000 V -18.000 N
* De analyse laat een overschrijding van de post overhead zien. Dit is ontstaan doordat de BBV voorschrijft dat al het personeel dat een functie heeft gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces, volledig aan overhead wordt toegeschreven. Ook als dit maar een deel van de werkzaamheden betreft. In de begroting 2021 zijn loonkosten voor deze medewerkers begroot in de programma’s 1 en 3. De onderschrijdingen in deze programma’s egaliseren de overschrijding van de post overhead. Impact corona De directe financiële gevolgen van corona bedragen tussen € 25.000 en € 40.000. Dat zijn kosten die ontstaan door gemiste inkomsten uit pachten en huren, toestemmingskosten voor evenementen en (materiaal)kosten voor maatregelen als terreinafsluitingen, bebording en dergelijke en extra inhuur. Deze kosten zijn ten laste van programma 1 gekomen. Naast de directe kosten zijn er ook indirecte kosten. Dit zijn ‘verborgen’ kosten die binnen de bestaande budgetten en werkzaamheden zijn opgevangen. Dat komt omdat corona vooral invloed had op werkzaamheden die liggen in het verlengde van de reguliere werkzaamheden. Vooral vandalisme, (extreme) zwerfvuiloverlast (20 procent meer vuilaanbod dan gemiddeld), werkzaamheden voor maatregelen en verzuim (quarantaine) namen veel tijd in beslag.
16 / 45
Paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Aanleiding en achtergrond Met weerstandsvermogen wordt de mate bedoeld waarin het Recreatieschap in staat is om substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt. Voor een beoordeling van het weerstandsvermogen van het Recreatieschap moet de weerstandscapaciteit worden bezien in relatie tot mogelijke risico’s. Volgens artikel 3.4 van de Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen geldt 2,5% van de lasten als richtlijn voor de hoogte van de Algemene reserve. Bij zwaarwegende argumenten kan afgeweken worden van dit bedrag. Voor 2021 betekent dit uitgangspunt een hoogte van de Algemene reserve van € 37.000. Op 31 december 2021 bedraagt de Algemene reserve € 40.000. In 2023 nemen de lasten toe tot ruim € 1,6 miljoen waarmee een Algemene reserve van € 40.000 conform de uitgangspunten is. De weerstandscapaciteit bestaat uit vrij aanwendbare middelen, onbenutte inkomstenbronnen en bezuinigingsmogelijkheden. De vrij aanwendbare middelen zijn de reserves en onvoorzien. De reserves maken deel uit van het eigen vermogen. Tot de vrij aanwendbare reserves worden de reserves gerekend die van het algemeen bestuur nog geen specifieke bestemming hebben gekregen.
Hieronder een overzicht van de vrij aanwendbare middelen: Overzicht vrij aanwendbare middelen Algemene reserve Resultaat 2021 Reserve uitvoering Natuur- en Recreatieplan
31-12-2021 40.000 0 1.286.000
Totaal
1.326.000
Risico's Het Recreatieschap voert een actief beleid op de beheersing van de risico’s. Door inzicht in de actuele risico’s worden de betrokken partijen in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. Het Recreatieschap onderkent het belang van het in beeld brengen van risico’s en het treffen van eventuele beheersmaatregelen. Het is een dynamisch proces.
17 / 45
Beschrijving van het risico
Gewenste beheersmaatregel(en) Maximaal risico
Kans op optreden
Impact
Bedrag * kans
Langdurige afwezigheid van een werknemer door ziekte.
Continuering van goed personeelsbeleid.
€ 50.000
2=30%
3
€ 15.000
Beëindigen overeenkomst door verhuurders en/of verpachters.
Tijdige verlenging van overeenkomsten en contact onderhouden met de huurders en pachters.
€ 80.000
2=30%
3
€ 24.000
Het uittreden van één van de Door proactief te handelen zorgen gemeenten uit dat het Recreatieschap als gemeenschappelijke regeling. meerwaarde wordt gezien voor de regio/gemeenten.
€ 100.000
1=10%
4
€ 10.000
Imagoschade.
Alle (potentiële) gebruikers en bezoekers tijdig betrekken bij en informeren over werkzaamheden, incidenten en calamiteiten.
€ 10.000
5=90%
1
€ 9.000
Gevolgen van klimaatverandering.
Door hier bij de inrichting rekening mee te houden wordt hier op geanticipeerd. Maar ook door (verplichte) maatregelen als de controle van de zwemwaterkwaliteit. En natuurlijk door voorlichting aan de gasten zodat zij hun eigen maatregelen kunnen nemen. Door verhuurders te compenseren wordt voorkomen dat verhuurders failliet gaan en dat zij met hun activiteiten moeten stoppen.
€ 10.000
3=50%
1
€ 5.000
€ 15.000
5=90%
1
€ 14.000
Financiële gevolgen door corona.
Totaal
€ 77.000
Benodigde weerstandscapaciteit Uit bovenstaand overzicht blijkt dat het totaalbedrag aan risico’s € 77.000 bedraagt. Dit is de benodigde weerstandscapaciteit. Wij willen opmerken dat de inventarisatie van risico’s een dynamisch proces is. De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt per 31 december 2021 € 1.326.000. De benodigde weerstandscapaciteit is € 77.000. Daarmee beschikken wij over een ratio weerstandsvermogen van 17 (beschikbaar in relatie tot benodigd). Er zijn daarmee voldoende middelen om de risico’s af te dekken. Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen is er een normtabel (zie onderstaande tabel) ontwikkeld door het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van de berekende ratio. Ons weerstandsvermogen valt in de klasse A “uitstekend”. Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A B C D E F
>2,0 1,4 - 2,0 1,0 - 1,4 0,8 - 1,0 0,6 - 0,8 <0,6
Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
18 / 45
Financiële kengetallen Het is verplicht om in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing te rapporteren over financiële kengetallen. Dit wordt middels de onderstaande tabel gedaan. Jaarverslag Kengetallen 1. a. netto schuldquote b. netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Verloop van de kengetallen Werkelijk 2020
Begroting 2021
Werkelijk 2021
25%
64%
44%
4%
41%
44%
51%
23%
53%
2.
solvabiliteitsrisico
3.
structurele exploitatieruimte
0%
1%
3%
4.
grondexploitatie
n.v.t
n.v.t
n.v.t
5.
belastingcapaciteit
n.v.t
n.v.t
n.v.t
Het ministerie van BZK heeft 3 kwalificaties aangegeven: minst risicovol, gemiddeld en meest risicovol. Toelichting kengetallen 1. a. De netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Het RSW valt in de categorie ‘minst risicovol’. b. Zie bovenstaande. 2. Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeenschappelijke regeling bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Het RSW valt in de categorie ‘gemiddeld’. 3. Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeenschappelijke regeling heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten.
De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Het RSW valt in de categorie ‘minst risicovol’. 4. Niet van toepassing. 5. Niet van toepassing.
Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de realisatie van de uitvoering van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties. Voor de dekking van de kosten voor groot onderhoud aan de kapitaalgoederen is een voorziening gevormd welke is gebaseerd op het Beheerplan 2021-2031. Voor 2021 zijn lasten voor groot onderhoud begroot voor een bedrag van € 75.000. De werkelijke lasten zijn € 78.000.
19 / 45
Ontwikkeling Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen Omschrijving
Werkelijk 2021 Begroot 2022
Stand per 1 januari Vermeerderingen (storting) Verminderingen (aanwending) Stand per 31 december
216.000 50.000 78.000 188.000
Begroot 2023
188.000 50.000 96.000 142.000
Begroot 2024
142.000 50.000 65.000 127.000
127.000 50.000 73.000 104.000
Financiering Het Recreatieschap hanteert het treasurybeleid van de gemeente Stede Broec. Eind 2013 is het verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden ingevoerd. Overtollige middelen moeten worden aangehouden in de schatkist. Kasgeldlimiet De begrenzing van de renterisico’s op de kortlopende middelen (< 1 jaar) vindt plaats door het vaststellen van een kasgeldlimiet. Deze limiet is door de minister van Financiën vastgesteld op 8,2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 300.000. Voor 2021 dient de gemiddelde netto-vlottende schuld onder de door het ministerie gestelde minimum van € 300.000 te blijven. Dit bedrag is in 2021 niet overschreden. Renterisiconorm De begrenzing van de renterisico’s op de gemeentelijke langlopende middelen (> 1 jaar) vindt plaats door het vaststellen van een renterisiconorm. Deze norm is door de minister van Financiën vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal met een minimum van € 2.500.000. Doelstelling van de renterisiconorm is dat de leningenportefeuille zo moet worden gespreid dat de renterisico’s die gelopen worden, gelijkmatig over de jaren worden gespreid. In 2021 is de norm niet overschreden. In 2021 is er alleen afgelost en zijn er geen nieuwe leningen afgesloten.
Rentetoerekening De paragraaf financiering moet inzicht geven in: - De rentelasten; - Het renteresultaat; - De wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen en projecten. Onderstaand schema geeft hier invulling aan. De externe rentelasten over de korte en lange financiering
41.145
De externe rentebaten (idem)
15.006 -/-
Totaal door te rekenen externe rente De rente die aan de grondexploitatie moet worden toegerekend
26.139 0 -/-
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
9.450 -/-
De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
15.006 +/+
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
5.556
Rente over eigen vermogen
0
Rente over voorzieningen
0
20 / 45
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
31.695
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
31.619
Renteresultaat op het taakveld Treasury
76
Bedrijfsvoering Personeelsformatie en organisatieopbouw In 2021 was de formatie van het Recreatieschap 9,15 fte, ingevuld door elf medewerkers. De toegestane formatie is 9,63 fte. Daarnaast was er een budget van € 41.000 voor flexibele inhuur, dat incidenteel is verhoogd. Vanuit dit budget is er voor de afdeling Groen- en Recreatiebeheer ingehuurd om de pieken in het hoogseizoen op te vangen. De inhuur gebeurt (onder andere) bij WerkSaam. Het personeel van het Recreatieschap is formeel in dienst van de gemeente Stede Broec. In 2021 is een overeenkomst vastgesteld waarmee is vastgelegd welke personeelskosten aan het Recreatieschap worden doorbelast. Het dagelijks bestuur heeft in november van 2020 een strategisch personeelsplan vastgesteld. Het organogram hierna geeft een beeld van de personeelsformatie en organisatieopbouw ultimo 2021.
21 / 45
Facilitaire organisatie De SED organisatie verzorgt voor de organisatie de facilitaire ondersteuning. Hieronder vallen alle zogenaamde PIOFAH-taken (personeel, inkoop, organisatie, financiën, automatisering en huisvesting). Dit is vastgelegd in een dienstverleningsovereenkomst met een producten- en dienstencatalogus. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage over 2021 is 9,99%. In de begroting 2021 is gemeld dat er wordt gestreefd naar een ziekteverzuimpercentage dat niet hoger is dan 4%. Het hoge ziekteverzuimpercentage is ontstaan doordat één medewerker langdurig ziek is geweest. Daarnaast zijn er een aantal gevallen van afwezigheid door corona (quarantaine) geweest.
22 / 45
Jaarrekening Dit hoofdstuk bevat de jaarrekening met het overzicht van baten en lasten en een toelichting op deze cijfers. Ook bevat dit hoofdstuk de balans en de toelichting daarop.
23 / 45
Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting Overzicht van baten en lasten In dit onderdeel treft u een financiële verantwoording aan, waarbij is opgenomen: • de geraamde lasten en de werkelijke lasten per programma; • de geraamde baten en de werkelijke baten per programma; • de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves; • het gerealiseerde resultaat; • een analyse van de verschillen tussen geraamde cijfers en werkelijke cijfers welke is opgenomen in het jaarverslag. Programma
Primitieve begroting 2021
Begroting na wijziging 2021
Werkelijk 2021
Programma 1 - Recreatieterreinen
872.000
863.000
772.000
Programma 2 - Recreatieve netwerken
42.000
55.000
73.000
Programma 3 - Algemeen beheer en beleid
173.000
221.000
176.000
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
25.000
25.000
0
Overhead
310.000
310.000
464.000
0
0
1.422.000
1.473.000
1.485.00
155.000
158.000
147.000
Programma 2 - Recreatieve netwerken
0
5.000
17.000
Programma 3 - Algemeen beheer en beleid
0
0
0
1.237.000
1.237.000
1.238.000
Overhead
0
0
0
Vennootschapsbelasting
0
0
0
1.393.000
1.401.000
1.402.000
-30.000
-72.000
-83.000
Toevoeging reserves
0
40.000
33.000
Onttrekking reserves
41.000
131.000
116.000
Saldo mutaties reserves
41.000
91.000
83.000
Gerealiseerde resultaat
11.000
18.000
0
Voordelig
Voordelig
Lasten:
Vennootschapsbelasting Totaal lasten Baten: Programma 1 - Recreatieterreinen
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
Totaal baten
Saldo van baten en lasten
24 / 45
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De grens van activeren is vastgesteld op € 10.000. Vaste activa Investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Afschrijvingstermijnen Investeringen met economisch nut
Afschrijvingstermijnen
Automatiseringsproducten Inventaris Speeltoestellen Schuren Renovatie gebouwen Nieuwbouw gebouwen Technische installaties in gebouwen Voertuigen, gereedschappen en overige materiaal
3 t/m 5 jaar 10 jaar 10 jaar 10 t/m 15 jaar 20 jaar 40 jaar 15 jaar Gangbare ervaringsnormen
* In de nota Activabeleid 2021 is opgenomen dat voor het vaststellen van de afschrijvingstermijnen van voertuigen, gereedschappen en overige materiaal de op dat moment gangbare ervaringsnormen worden gehanteerd. Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf het jaar volgend op het jaar van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden.
25 / 45
De gehanteerde afschrijvingstermijnen: Afschrijvingstermijnen Investeringen met maatschappelijk nut Beschoeiing Bruggen en overige grote kunstwerken Rioleringswerken Wegen en wegconstructies Openbare verlichting
Afschrijvingstermijnen 10 jaar 20 jaar 25 jaar 15 jaar 15 jaar
Financiële vaste activa Leningen aan openbare lichamen zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Vlottende activa Voorraden De handelsgoederen worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume worden geen voorzieningen getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting worden opgenomen.
Onvoorzien In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in het gebruik van het geraamde bedrag voor onvoorzien. Deze post is bedoeld om kosten die bij het opstellen van de begroting niet voorzienbaar waren maar toch zijn ontstaan, op te vangen. In de begroting 2021 is een post opgenomen van € 25.000. De post is in 2021 niet ingezet.
26 / 45
Verloop post Onvoorzien Datum vergadering algemeen bestuur
Omschrijving Post Onvoorzien 1 januari 2021 Post Onvoorzien 31 december 2021
bedrag 25.000 25.000
Overzicht incidentele baten en lasten De incidentele lasten en baten worden in onderstaand overzicht weergegeven. Incidentele budgetten Programma Omschrijving
Begroting na wijziging
Werkelijk
Incidentele lasten Programma 1 Programma 1 Programma 2
Inrichting werkplekken locatie Groen- en Recreatiebeheer Onderhoud De Hulk Kosten i.v.m. corona
7.000 0 5.000
9.000 3.000 20.000
Programma 1 Programma 2 Programma 2 Programma 3
Projecten NRP: Pilot Maaibeheer Afronden Wandelroutenetwerk WF Rustenburg-Verlaat, brug Veenhuizen Tijdelijke inhuur beleidsmedewerker
7.000 0 8.000 44.000
2.000 9.000 14.000 43.000
Stortingen reserves Programma 1 Programma 1
Reserve afschrijvingslasten NRP Reserve uitvoering NRP-Project Afronden Wandelroutenetw. WF
38.000 5.000
20.000 8.000
Incidentele baten Programma 1 Programma 1 Programma 2 Programma 2
Verlaging huur horeca-ondernemers (i.v.m. corona) Vergoeding groenbeheer De Hulk Subsidie provincie voor project Wandelroutenetwerk WF Bijdrage derden kosten Wandelroutenetwerk WF
0 0 5.000 0
-13.000 3.000 10.000 7.000
5.000 38.000
5.000 20.000
7.000 8.000 44.000
2.000 14.000 43.000
Onttrekkingen reserves Programma 2 Algemene reserve – Dekking kosten corona Programma 1 Reserve uitvoering NRP – tbv Reserve afschrijvingslasten projecten NRP Programma 1 Reserve uitvoering NRP – project Pilot maaibeheer Programma 2 Reserve uitvoering NRP – project Rustenburg-Verlaat Programma 3 Reserve uitvoering NRP - beleidsmedewerker
Presentatie van het structureel exploitatiesaldo Saldo baten en lasten
-83.000
Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
83.000
Saldo
0
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)
-37.000
Structureel saldo
37.000
27 / 45
Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves Structurele onttrekkingen De structurele onttrekkingen zijn ter dekking van de afschrijvingslasten van het Streekbos Paviljoen, dekking van de afschrijvingslasten van de aanlegvoorzieningen Drachterveld, dekking van de afschrijvingslasten van het fietspad Vooroever, dekking van de afschrijvingslasten van borden Wandelroutenetwerk, dekking van de afschrijvingslasten van het toiletgebouw Streekbos en dekking van de afschrijvingslasten Kwaliteitsimpuls afvalinzameling. Raming begrotingsjaar na wijziging
Onttrekking aan de reserves Reserve kapitaallasten Paviljoen Streekbos Reserve dekking afschrijvingslasten Natuuren Recreatieplan Totaal
Waarvan structureel
Realisatie begrotingsjaar
Waarvan structureel
1.000
1.000
1.000
1.000
26.000 27.000
40.000 41.000
26.000 27.000
26.000 27.000
Rechtmatigheid Analyse begrotingsrechtmatigheid In het volgende overzicht staan de programma’s waarbij de werkelijke lasten hoger zijn dan de geraamde lasten: Gewijzigde Realisatie Verschil begroting Recreatieve 55.000 73.000 -18.000 netwerken Programma