Bijlage 1 Wmo beleidsplan 2025 en verder Stede Broec
Tekst van het document
Wmo beleidsplan 2025 en verder
Voorwoord Voor u ligt het Wmo beleidsplan 2025 en verder van gemeente Stede Broec. Een lokale visie op de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). In dit plan staat wat we voor inwoners doen om ze deel te laten nemen aan de samenleving en ervoor te zorgen dat inwoners zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Dit plan loopt vooruit op de nog op te stellen nieuwe visie Sociaal Domein. In deze visie staat de integraliteit van de vier grote onderdelen centraal; Jeugd, Wmo, Bestaanszekerheid en Sociale Basis. Dit Wmo beleidsplan wordt verder aangescherpt als de nieuwe visie daar aanleiding toe geeft. Er is daarom ook voor gekozen om nu geen einddatum vast te stellen voor dit beleidsplan. Het opstellen van een beleidsplan Wmo doen we als gemeente niet alleen. Meedoen in de samenleving staat centraal. Samen met onze inwoners stellen we de kaders en geven we aan waar we de komende jaren aan gaan werken. Dit beleidsplan geeft richting aan dat wat we samen met onze inwoners willen bereiken. Dit beleidsplan is opgesteld in afstemming met de Wmo adviesraad Stede Broec en met input van Stichting Ons Stede Broec. De meest belangrijke punten uit de gesprekken zijn uitgewerkt in dit beleidsplan.
Een aantal zaken gaat over de uitvoering van de Wmo en komen terug bij het vaststellen van een nieuwe verordening en/of beleidsregels Wmo omdat deze besluiten hierop betrekking hebben. De kern van het Wmo beleidsplan 2024 en verder is opgebouwd uit vijf thema’s: 1. De gemeente en Ons Stede Broec 2. Mantelzorgers en vrijwilligers 3. Wonen en zorg 4. Aanvullende ondersteuning voor wie dat nodig heeft 5. Een vangnet voor kwetsbare inwoners Onze Wmo visie: We bieden ondersteuning door versterking van de zelfredzaamheid en participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen, beschermd wonen en opvang. We richten ons op preventie, waarbij we de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking bevorderen en daarmee bijdragen aan het realiseren van een inclusieve samenleving. Als inwoners toch professionele ondersteuning nodig hebben om mee te doen, biedt de gemeente dit vangnet.
2
Inhoud Voorwoord ............................................................................................................................. 2 1. Inleiding ............................................................................................................................. 4 2. Wat is de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)? ................................................... 5 3. Waar staan we als Stede Broec nu? .................................................................................. 6 Lokale en landelijke ontwikkelingen ................................................................................... 7 4. 5.
Ervaringen van Wmo gebruikers .................................................................................... 9 Het Wmo beleidsplan uitgewerkt in vijf thema’s ............................................................11 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
De gemeente en Ons Stede Broec........................................................................12 Mantelzorgers en vrijwilligers ................................................................................14 Wonen en zorg......................................................................................................16 Aanvullende ondersteuning voor wie dat nodig heeft ............................................18 Een vangnet voor kwetsbare inwoners ..................................................................20
Een blik naar de toekomst ....................................................................................................22
3
1. Inleiding Conform artikel 2.1.2 van de Wet maatschappelijke ondersteuning dient ‘de gemeenteraad periodiek een plan vast te stellen met betrekking tot het door het gemeentebestuur te voeren beleid met betrekking tot maatschappelijke ondersteuning’. In relatie tot de Wmo zijn er een aantal beleidsdocumenten actueel in Stede Broec. In deze beleidsdocumenten zit een volgorde in de vorm van een trechter, van een strategische hoogover Meerjarenvisie tot de concrete uitvoeringsregels en het financieel besluit. Dit is hieronder visueel weergegeven1.
Meerjarenvisie 2020-2024 ‘Thuis in Stede Broec’
Wmo-beleidsplan 2024 en verder
Verordening maatschappelijke ondersteuning Stede Broec 2020 (art. 2.1.3 Wmo) Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Stede Broec 2024
Beleidsnotitie Preventiebeleid Jeugdhulp en Wmo gemeente Stede Broec 2021 e.v. met daarin de pilot Versterken Eerste Lijn (amendement gemeenteraad 2019)
Uitvoeringsregels Financieel besluit maatschappelijke maatschappelijke ondersteuning ondersteuning 2024 Stede Broec 2020
Er is de afgelopen jaren veel veranderd binnen het sociaal domein. Het aantal aanvragen en daarmee de kosten van de Wmo stijgen. De gemeente zal de komende jaren scherp aan de wind moeten zeilen en dat vraagt om concrete richting en keuzes van de gemeente. Dit beleidsplan bevat een overzicht van de keuzes die tot nu toe zijn gemaakt. Het Wmo beleidsplan 2024 en verder is voorliggend aan de nieuwe Visie Sociaal Domein, die op dit moment wordt opgesteld. De visie bestaat uit vier pijlers, waarvan Wmo er een is. Dit plan kan worden gezien als startdocument, waarin staat beschreven hoe gemeente Stede Broec op dit moment de wettelijke taak van de Wmo uitvoert en wat de gevolgen zijn van de nieuwe inkoop van de Wmo vanaf 2025, waarin ook de keuzes van de gemeenteraad zijn meegenomen. Dit Wmo beleidsplan wordt verder aangescherpt als de nieuwe visie daar aanleiding toe geeft. In de nieuwe visie Sociaal domein wordt dieper ingegaan op concrete keuzes die kunnen worden gemaakt om de Wmo-koers voor de toekomst te bepalen.
1
De verordening en de uitwerking van de Nadere regels, Uitvoeringsregels en het Financieel besluit beschrijft hoe iemand in aanmerking komt voor een individuele maatwerkvoorziening.
4
2. Wat is de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)? De Wmo gaat in eerste plaats uit van de eigen kracht en het netwerk van mensen. Mensen die door een beperking, ouderdom of psychische problematiek onvoldoende zelfredzaam zijn of onvoldoende in staat zijn tot participatie, kunnen een beroep doen op door de gemeente georganiseerde ondersteuning. Ondersteuning moet zo veel mogelijk via algemene voorzieningen en zo dicht mogelijk bij huis worden geboden. De Wmo legt de nadruk op preventie en op het voorkomen van problemen. Als individuele ondersteuning toch nodig is om mee te doen aan het sociale leven, wordt deze geboden in het kader van de Wmo. Als langdurige intensieve zorg en blijvende behoefte aan 24 uur per dag zorg en/of permanent toezicht nodig is, valt dit niet onder de Wmo maar onder de Wet langdurige zorg (Wlz2). De Wmo is gericht op het meedoen aan het sociale leven. De Wmo kent drie hoofddoelen: 1. Bevorderen van sociale samenhang, mantelzorg en vrijwilligerswerk, de toegankelijkheid van voorzieningen, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente. Evenals het voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld; 2. Ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met chronisch psychische of psychosociale problemen, zoveel mogelijk in de eigen omgeving; 3.
Bieden van maatschappelijke opvang, vrouwenopvang, beschermd wonen en verslavingszorg. In de overwegingen van de wettekst van de Wmo is opgenomen dat burgers een eigen verantwoordelijkheid dragen en dat van burgers mag worden verwacht dat zij elkaar daarin naar vermogen bijstaan3. Van inwoners wordt verwacht dat zij hun eigen verantwoordelijkheid dragen voor het deelnemen aan het maatschappelijke leven en daarnaast mag van inwoners verwacht worden dat zij ondersteuning bieden aan kwetsbare mensen in hun omgeving. Aanspraak maken op een Wmo-maatwerkvoorziening is daarmee niet meteen een vanzelfsprekendheid. Dit beleidsplan bevat het kader voor alle voorzieningen binnen de Wmo, zoals sociale basisinfrastructuur en algemene voorzieningen, welzijn, maatwerkvoorzieningen en vangnetvoorzieningen voor de meest kwetsbare inwoners. Het beleidsplan biedt inzicht in de samenhang van de diverse voorzieningen. Zoals benoemd, het doel van deze voorzieningen is dat zoveel mogelijk inwoners mee kunnen doen in de samenleving, ook wanneer zij een beperking hebben die meedoen bemoeilijkt. Dat wordt ook wel een inclusieve samenleving genoemd. Om dat te bewerkstelligen is het belangrijk om passende ondersteuning te bieden waar nodig. Dit geldt ook voor de Participatiewet en de Jeugdhulp. Passende ondersteuning is voor iedereen anders.
Deze ondersteuningsvormen liggen dichtbij de Wmo en dienen ook in samenhang te worden gezien.
2
https://wetten.overheid.nl/BWBR0035917/2022-01-01
‘Dat burgers een eigen verantwoordelijkheid dragen voor de wijze waarop zij hun leven inrichten en deelnemen aan het maatschappelijk leven, en dat van burgers mag worden verwacht dat zij elkaar naar vermogen daarin bijstaan; dat het tevens wenselijk is nieuwe regels te stellen om de rechten en plichten van de burger meer met elkaar in evenwicht te brengen; dat burgers die zelf dan wel samen met personen in hun naaste omgeving onvoldoende zelfredzaam zijn of onvoldoende in staat zijn tot participatie.’ https://wetten.overheid.nl/BWBR0035362/2022-07-01 3
5
3. Waar staan we als Stede Broec nu? De samenleving verandert door een aantal maatschappelijke ontwikkelingen: vergaande individualisering, vergrijzing, ontgroening, toenemende migratie, meer kwetsbare inwoners in wijken en dorpen, digitalisering, krapte op de arbeidsmarkt en andere opvattingen over de inzet van ondersteuning (van zorgen voor naar meedoen) spelen daarbij een rol. Ook staat de leefbaarheid en sociale cohesie in bepaalde wijken en dorpen onder druk. Daarnaast is er ook een financiële urgentie. Het aantal cliënten dat gebruik maakt van de Wmo stijgt, wat zorgt voor stijgende kosten. De hoge (en stijgende) zorg- en ondersteuningskosten in het Sociaal domein zijn op termijn niet houdbaar. Als we ervoor willen zorgen dat ondersteuning in de toekomst voor inwoners beschikbaar blijft, dan is verandering en vernieuwing noodzakelijk.
Investeren in eigen kracht en preventie Inwoners krijgen een grotere eigen rol en verantwoordelijkheid. Gemeenten dragen daaraan bij door het stimuleren van de eigen kracht, de zelfredzaamheid, de participatie en de vitaliteit van inwoners. Dit doen we door te investeren in preventie, passende ondersteuning nabij de woon/leefomgeving van onze inwoners, ondersteuning volgens het principe ‘zo licht als mogelijk, zo zwaar als noodzakelijk’ en voldoende ruimte voor innovaties. Vroegsignalering vinden we belangrijk: hoe eerder we (risico’s op) kwetsbaarheid signaleren des te groter de kans dat we tijdig kunnen ondersteunen. We zetten hier onder andere op in door het initiatief Zorgzame Buurt, een project dat loopt tot en met september 2025. Inclusieve samenleving Een inclusieve samenleving houdt in dat iedereen kan meedoen aan de samenleving, ongeacht zaken als afkomst, overtuigingen, geaardheid en beperkingen. Voor de Wmo ligt de focus in deze voornamelijk bij passende ondersteuning voor mensen met een beperking.4 Betekenisvolle participatie in de samenleving is belangrijk. Als mensen zich kunnen inzetten voor hun directe leefomgeving, buurtgenoten of maatschappelijke doelen, draagt dat bij aan zelfontplooiing en het gevoel van eigenwaarde. Ook ontmoet men op deze wijze andere 4
https://wetten.overheid.nl/BWBR0035362/2021-07-01
6
mensen, hetgeen eenzaamheid tegen gaat. Goede contacten in de buurt dragen bij aan de kwaliteit van bestaan, maar ook aan het gevoel van veiligheid. Voor kwetsbare inwoners voorkomt sociale samenhang eenzaamheid en sociaal isolement. Voldoende hulp, niet alleen van professionals maar juist ook van het sociale netwerk, betekent dat mensen langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Het is belangrijk om een sterke basisinfrastructuur te bieden met toegankelijke algemene voorzieningen. Normaliseren is de norm Het begrip ‘normaliseren’ verwijst naar de vraag wat normaal is. Dat iemand in het leven moeilijke perioden doormaakt is normaal. Het leven gaat gepaard met vallen en opstaan. Normaliseren is ook dat inwoners zelf verantwoordelijk zijn voor het beantwoorden van hun eigen ondersteuningsvraag. Eerst kijken wat inwoners zelf kunnen. Als dat niet lukt, is de gemeente een vangnet. Met normaliseren zetten wij ook in op de beweging ‘dat hulp vragen aan je directe omgeving normaal en vanzelfsprekend is’.
Lokale en landelijke ontwikkelingen Toenemende vergrijzing De bevolking van Nederland is geleidelijk aan het vergrijzen. Vergrijzing houdt in dat het aandeel ouderen in de totale bevolking toeneemt. Er komen meer ouderen en de ouderen worden ook nog eens ouder. In de twintigste eeuw is het aantal 65-plussers in Nederland meer dan vertienvoudigd. Er zijn in Nederland bijna 3,4 miljoen ouderen (2020). Daarnaast is sprake van ‘dubbele vergrijzing’. Dit houdt in dat van de groep 65-plussers het deel 80plussers toeneemt. Op 1 januari 2020 waren er in Nederland bijna 824.000 mensen van 80 jaar en ouder, wat neerkomt op 4,7% van de bevolking. Van de 65-plussers was bijna een kwart ouder dan 80 jaar. Westfriesland vergrijst relatief gezien nog meer en in Stede Broec is de vergrijzing zelfs het grootst. De prognose van de toename van het aantal 80-plussers in 2040 ten opzichte van 2017 is zelfs 202%.
1 Prognose toename aantal 80-plussers in procenten in de Westfriese gemeenten 2017-2040
Vergrijzing heeft veel invloed op de uitvoering van de Wmo. Zo wordt er een groter beroep gedaan op de zelfredzaamheid van mensen en hun omgeving. Tegelijkertijd zien we dat het aantal kwetsbare mensen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is toeneemt. Toename van het aantal ouderen met dementie Het aantal mensen met dementie is door de vergrijzing verzesvoudigd ten opzichte van 1950 tot op dit moment 290.000 mensen in Nederland. De verwachting is dat het aantal oploopt tot 620.000 in 2050.5 Een dementievriendelijke omgeving is belangrijker dan ooit. Meer kwetsbare inwoners Kwetsbare groepen worden vaak nog kwetsbaarder dan zij al zijn. (Psychisch) kwetsbare inwoners zijn inwoners die kampen met (psycho)sociale, economische, psychische en/of 5
https://www.alzheimer-nederland.nl/factsheet-cijfers-en-feiten-over-dementie
7
fysieke problemen. De onderwerpen die daarbij kunnen spelen zijn eenzaamheid, welbevinden, huiselijk geweld, psychische druk en gezondheid.6 Het abonnementstarief Het vaste tarief voor de eigen bijdragen aan Wmo-voorzieningen is ingegaan op 1 januari 2020. De invoering van dit abonnementstarief heeft geleid tot een aanzuigende werking op Wmo-ondersteuning, vooral bij huishoudelijke hulp. Binnen Stede Broec is een onderzoek gedaan naar het invoeren van een inkomensafhankelijke bijdrage hiervoor, maar dat is wettelijk niet toegestaan. Landelijk is er zicht op verandering van het abonnementstarief. De inkomensafhankelijke eigen bijdrage Wmo wordt naar verwachting vanaf 1 januari 2027 ingevoerd. Wel is aangekondigd dat dit verrekend zal worden met het gemeentefonds, waardoor er geen financiële verlichting wordt verwacht. Daarnaast is in het Integraal Zorgakkoord afgesproken dat gemeenten per 2025 €110 miljoen per jaar extra krijgen voor Wmo-voorzieningen zoals aanpassingen in huis, een traplift of dagbesteding. Deze afspraak in het Integraal Zorgakkoord zorgt ervoor dat er per 2025 structureel meer geld beschikbaar komt voor (overige) Wmo-voorzieningen, zoals aanpassingen in huis, een traplift of dagbesteding voor ouderen.
78 Toename van beroep op vrijwilligers en mantelzorgers Het beroep op vrijwilligers en mantelzorgers neemt toe, terwijl mensen over het algemeen minder tijd hebben voor vrijwilligerswerk omdat ze langer doorwerken en de AOW-leeftijd opschuift. Ook verandert de wijze waarop inwoners invulling (willen) geven aan vrijwilligerswerk. Stijging vraag Wmo ondersteuning Landelijk is de afgelopen jaren een stijging van vraag naar ondersteuning zichtbaar, dat geldt ook voor Stede Broec. Uit het Wmo-voorspelmodel blijkt dat het percentage inwoners dat gebruik maakt van de Wmo in 2028 naar verwachting met 11% zal zijn gestegen ten opzichte van 2023.9 Naast een toename van het aantal inwoners dat een beroep doet op Wmo-voorzieningen zien we ook een toename van het aantal inwoners met complexe(re) ondersteuningsvragen. Daarbij gaat het niet om de complexiteit van de ondersteuningsvragen maar ook gestapelde zorg of inwoners met meerdere indicaties. Kansen We kunnen deze trends en maatschappelijke ontwikkelingen niet tegengaan, maar er wel zo goed als mogelijk op inspelen. De ontwikkelingen bieden namelijk ook kansen. De nieuwe generatie ouderen is bijvoorbeeld in het algemeen hoger opgeleid, welvarender, mobieler en actiever dan de eerdere generatie ouderen. Zij willen gezond en vitaal oud worden, het liefst zo lang mogelijk in hun vertrouwde omgeving.
6
https://www.vtv2018.nl/kwetsbare-groepen https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2022/11/04/invoering-eerlijkere-eigen-bijdrage-huishoudelijke-hulp 8 Op 29 november werd duidelijk dat de gemeenten uit het Integraal Zorgakkoord stappen, omdat de VNG-top vindt dat uitvoering hiervan niet mogelijk is door de bezuinigingen op preventie en er niet voldoende wordt ingespeeld op het jaar 2026. 9 Wmo voorspelmodel, geraadpleegd op 25-09-2024 7
8
4. Ervaringen van Wmo gebruikers Om inzicht te krijgen in de kwaliteit van de uitvoering van de Wmo en ervaringen van Wmo gebruikers, vinden er cliëntervaringsonderzoeken plaats. Vanaf 2021 wordt er een nieuw ontwikkelde onderzoeksmethode toegepast: het continu-onderzoek. Het continu-onderzoek wordt op kwalitatieve wijze uitgevoerd. Dit betekent dat cliënten die een beschikking hebben ontvangen gedurende het jaar geïnterviewd worden over de onderwerpen toegang, kwaliteit van de ondersteuning en effect van de ondersteuning. Door opvolging te geven aan de aanbevelingen uit de onderzoeken, bijvoorbeeld door het bijsturen van beleid, proberen we de dienstverlening voor inwoners doorlopend te verbeteren. Aanbevelingen worden onder andere besproken met consulenten en Ons Stede Broec. Tijdens het opzetten van de onderzoeken is bepaald dat inwoners wiens ondersteuningsverzoek is afgewezen, buiten de scope vallen van de cliëntervaringsonderzoeken. Uit deze cliëntervaringsonderzoeken blijkt dat cliënten over het algemeen erg blij zijn met de ondersteuning die zij krijgen. Verschillende quotes uit de interviews: Ik ben overal eigenlijk over tevreden. Misschien kan ik het benadrukken met het feit dat als ik een 10 geef u mij niet gelooft, maar als ik een 9+ geef, geeft dat wel aan hoe ik erover denk.
De traplift zorgt ervoor dat mijn man langer thuis kan blijven wonen. Daarvoor was het heel eng hoe hij de trap op ging. Je moet er niet aan denken dat je hem beneden vindt. Ook het contact met de gemeente en hulpverleners wordt vaak als positief benoemd: Dat ze elke week, en op tijd komt en op tijd weer weggaat. Ook brengt ze een beetje gezelligheid mee in plaats van dat ik alles de hele tijd moet voorkauwen.
Als er iets niet goed is wat mij niet bevalt, dan kan ik dat gewoon zeggen in het overleg met elkaar. Ik heb niks te klagen.
De mensen die er werken zijn aardig en welwillend. Ze willen met alle liefde meedenken en dingen doen.
Aan de cliënten wordt ook gevraagd welke verbeterpunten zij willen meegeven. Een deel van de cliënten gaf aan dat de gemeente met de uitvoering vooral zo door moet gaan. Wel komt naar voren dat de vele wisselingen van huishoudelijke hulpen als vervelend worden ervaren. De cliënten hebben behoefte aan vastigheid: Ik wil eindelijk een vaste hulp. Ik ben ruim in de 80, heb corona gehad en ben vermoeid. Ik wil een vast gezicht. Het brengt spanning met zich mee, ik lig er wakker van ‘s nachts. Ik word er onzeker van.
Het ging heel stroef, het duurde lang. De gemeente zat vol. Als je hulp nodig hebt, dat de deur dan dicht blijft. Dat er geen aandacht voor je is.
Wat beter zou kunnen is het sneller behandelen van de aanvraag tot hulp. Want er zijn meer oudere mensen die zo lang moeten wachten en dat kan niet altijd 9
Hoewel meerdere cliënten positief zijn over het contact met de gemeente, zijn er ook negatieve ervaringen, sommige respondenten hebben te maken met lange wachttijden. Toch geven cliënten ook aan dat dit bij hen meeviel of goed werd opgelost: Ik denk dat ik een klein halfjaar moest wachten (augustus) voor de huidige beschikking kon worden afgegeven. Ik vond het niet erg dat dit even duurde want we kregen een goede tussenoplossing aangeboden via die mantelzorgondersteuning.
Het contact met de Wmo was erg goed, het was binnen de kortste keren geregeld. Er wordt aan het eind van het interview gevraagd naar het rapportcijfer voor de ontvangen ondersteuning. Het gemiddelde rapportcijfer ligt bij elk cliëntervaringsonderzoek rond de 8. Hoewel dit cijfer door het kwalitatieve onderzoek niet kan worden gegeneraliseerd naar alle cliënten die Wmo-ondersteuning ontvangen in gemeente Stede Broec, kan er uit de interviews wel worden geconcludeerd dat Wmo gebruikers overwegend positief zijn over de toegang, de kwaliteit van de ondersteuning en het effect van de ondersteuning.
10
5. Het Wmo beleidsplan uitgewerkt in vijf thema’s Om onze ambitie van een inclusieve samenleving vorm te geven, richten we ons op een aantal centrale thema’s die de basis vormen van onze voorzieningen op het gebied van maatschappelijke ondersteuning. We voeren de Wet maatschappelijke ondersteuning uit op basis van deze visie: We bieden ondersteuning door versterking van de zelfredzaamheid en participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen, beschermd wonen en opvang. We richten ons op preventie, waarbij we de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking bevorderen en daarmee bijdragen aan het realiseren van een inclusieve samenleving. Als inwoners toch professionele ondersteuning nodig hebben om mee te doen, biedt de gemeente dit vangnet.
11
5.1 De gemeente en Ons Stede Broec Inleiding op het thema Ons Stede Broec is hét centrale punt voor inwoners voor informatie en/of een ondersteuningsvraag. Alle inwoners van Stede Broec kunnen hier terecht voor sociale, culturele en maatschappelijke activiteiten en ondersteuning. Inwoners kunnen op een laagdrempelige manier binnenlopen, maar ook bij zwaardere problematiek kunnen inwoners terecht. Het wijkteam van Ons Stede Broec werkt hierbij samen met Wmo-consulenten van de gemeente, waardoor er snel geschakeld kan worden als een aanvullende voorziening nodig is. Ons Stede Broec is een stichting die middenin de samenleving staat, waardoor zij veel kennis hebben van preventieve mogelijkheden en lichte ondersteuning in het voorliggende veld, maar wanneer nodig ook meer of zwaardere zorg en hulpmiddelen kunnen inschakelen. Ons Stede Broec zet zoveel mogelijk in op de eerstelijnszorg en outreachend werken. Op deze manier worden inwoners snel en dichtbij geholpen en wordt bijvoorbeeld het eigen netwerk van de inwoner betrokken. Opgaven Het is onze ambitie om vanuit deze toegang ook de aansluiting naar andere voorzieningen uit het sociaal domein als schuldhulpverlening, werk en inkomen en bijzondere bijstand te stroomlijnen. We richten ons op preventie, signalering, vraagverheldering en kortdurende en lichte ondersteuning. Alle inwoners moeten Ons Stede Broec weten te vinden.
Ondersteuning op maat, dicht bij de inwoners en in de buurt, versterken van eigen kracht en de inzet van het sociale netwerk vormen de basis. Als meer of langduriger ondersteuning nodig is zorgen zij dat deze wordt ingezet. Dat kan zijn in de vorm van collectieve oplossingen, individuele ondersteuning of specialistische hulp. Er wordt intensief samengewerkt met professionals en vrijwilligers en met buurgemeenten Drechterland en Enkhuizen. Doelen Een goed functionerende, toegang, ook als middel om een verschuiving van specialistische hulp naar laagdrempelige ondersteuning en preventie te realiseren. Ook willen we een sterkere verbinding tussen het sociale domein en de gezondheidzorg, door het inzetten op een betere samenwerking met huisartsen. Wat doen we om dit te bereiken? - We financieren Ons Stede Broec, die preventieve activiteiten aanbiedt die bijdragen aan het eerder opsporen en behandelen van hulpvragen van inwoners. Vanuit Ons Stede Broec lopen er verschillende innovatieve projecten die zich richten op preventie. Voorbeelden hiervan zijn het preventieprogramma en het eerstelijnsloket. Anders voorbeelden zijn: o Mediation; zij bieden ouders die in een scheiding liggen ondersteuning door hen zorgvuldig op praktisch, juridisch en financieel gebied te adviseren.
Daarnaast is er aandacht voor en ondersteuning bij een individuele of gezins- (psychische, sociale, emotionele) hulpvraag, welke door Ons Stede Broec opgepakt wordt. o Jongerenwerk, 18-/18+; Dit is aanvullende inzet op de ondersteuningsmogelijkheden van Ons Stede Broec, omdat het begeleiden van deze doelgroep uitdagingen brengt, mede door de overgang van de jeugdwet naar andere wetgeving. Het gaat om ‘kwetsbare’ individuele jongeren 18-/18+ die een hoge ondersteuningsvraag hebben. Meerdere jongeren met of na een kinderbeschermingsmaatregel krijgen ondersteuning bij dagbesteding, huisvesting, sociale contacten of financiën. Ook houdt men zicht op jongeren met risicovol gedrag die dreigen af te glijden naar criminaliteit. Begin 2023 is de website www.18instedebroec.nl gelanceerd, waar jongeren die 18 worden 12
-
-
informatie kunnen vinden over alles wat zij moet weten nu zij voor de wet volwassen zijn. Ons Stede Broec werkt aan het verder creëren van bekendheid door onder andere een digitale én papieren nieuwsbrief per post. In opdracht van de gemeente wordt er gewerkt aan een uitbreiding van een lokale aanpak door expertise in het lokale veld toe te voegen. Deze is aanvullend op de deskundigheid van Ons Stede Broec. Een voorbeeld hiervan is Home-start. Dit is een erkend opvoedingsondersteuningsprogramma (NJI april 2019), waarbij vrijwilligers uit de omgeving van het gezin betrokken worden om te helpen bij de opvoeding van kinderen. Het project Welzijn op Recept wordt uitgevoerd. In plaats van ‘het traditionele pilletje’ kan de huisarts patiënten doorverwijzen naar een welzijnscoach, waardoor gefocust kan worden op de onderliggende sociaal-maatschappelijke problemen van klachten, zoals bijvoorbeeld eenzaamheid.
13
5.2 Mantelzorgers en vrijwilligers Inleiding op het thema Gemeente Stede Broec wordt gekenmerkt door inwoners die oog hebben voor elkaar en zich op een prettige manier om elkaar bekommeren. In de jaren 2020-2022 was 12 à 13 procent van de bevolking van 16 jaar of ouder mantelzorger10. In 2023 heeft 49 procent van de Nederlandse bevolking zich minstens één keer als vrijwilligers ingezet11. Als gevolg van de ontwikkelingen binnen de samenleving zal er de komende jaren een steeds groter beroep worden gedaan op mantelzorgers en vrijwilligers. Opgaven Ons Stede Broec voert namens de gemeente de mantelzorgondersteuning uit, onder andere door in te zetten op een mantelzorgcoach, respijtmedewerker en lotgenotencontact. Deze vormen van ondersteuning zijn erop gericht om mantelzorgers te helpen de balans tussen zorg, werk en ontspanning te vinden en behouden. Door samen te kijken naar voorzieningen of regelingen kan de werkdruk (tijdelijk) worden verlaagd. Daarnaast is er respijtzorg (vervangende zorg) mogelijk, bijvoorbeeld in de vorm van het gebruik van vrijwilligers of het stellen van een indicatie voor dagbesteding of kortdurend verblijf, om de mantelzorger (tijdelijk) te ontlasten.
Een specifieke voorziening binnen de ondersteuning is de Huishoudelijke Hulp Toelage (HHT), die in de gemeente beschikbaar is om mantelzorgers te helpen met huishoudelijke taken en zo overbelasting te voorkomen. Als erkenning voor de belangrijke rol van mantelzorgers biedt de gemeente bovendien jaarlijks een mantelzorgcompliment in de vorm van een geldbedrag, om hen symbolisch te bedanken en te ondersteunen en hen een hart onder de riem te steken. Om overbelasting te voorkomen, wordt ingezet op het stellen van duidelijke grenzen en het helder communiceren van wat wel en niet verwacht kan worden van vrijwilligers en mantelzorgers. Hierbij is het belangrijk om duidelijkheid te geven over de ondersteuning die de gemeente kan bieden en waar aanvullende professionele zorg vereist is. Alle informatie over mantelzorg is makkelijk te vinden via de gemeentewebsite. Naast Ons Stede Broec met ruim 250 vrijwilligers, is het Vrijwilligerspunt Westfriesland een belangrijke partner van de gemeente op het gebied van vrijwillige inzet. Ze faciliteren en ondersteunen bij het vrijwilligerswerk in Westfriesland. Ze zorgen dat vrijwilligers leuker, makkelijker en beter hun werk kunnen doen. Daarnaast delen ze kennis, kunde en netwerk met non-profit organisaties, zodat zij effectiever vrijwilligers kunnen aantrekken, inzetten en behouden.
Met betrekking tot het doen van vrijwilligerswerk stimuleren wij onze inwoners om zich in te zetten als vrijwilliger en gaan we vanuit het Vrijwilligerspunt aan de slag om hier vorm aan te geven. Daarnaast bieden we een vrijwilligersverzekering, voor risico’s die direct verband houden met de vrijwilliger en het werk dat gedaan wordt. Het ondersteunen van vrijwilligers en het stimuleren van vrijwilligerswerving en -binding is erg belangrijk. Het aantal vrijwilligers neemt af, mensen willen zich vaak niet langer vastleggen voor een langere periode maar zetten zich liever af en toe vrijwillig in.12 Het Vrijwilligerspunt zet zich op verschillende manieren in om meer vrijwilligers te werven, zoals via maatschappelijke diensttijd (MDT). Bij MDT zetten jongeren van 12 tot 30 jaar zich vrijwillig in voor een maatschappelijke organisatie. Door jongeren en andere doelgroepen te betrekken, hopen we het aanbod van vrijwilligers te vergroten en hen langer te binden.
Mantelzorg en vrijwilligerswerk in de zorg | CBS Vrijwilligerswerk 2023 | CBS 12 Minder mensen doen aan vrijwilligerswerk, blijkt uit nieuw onderzoek: 'Mensen willen zich niet vastleggen op vaste periode' - EenVandaag 10 11
14
Doelen De gemeente ziet het als belangrijke taak om de mantelzorg en vrijwilligers te stimuleren en te bevorderen, overbelasting tegen te gaan en zorg te dragen voor waardering voor de inzet van mantelzorgers en vrijwilligers. Daarnaast willen wij de participatie van onze inwoners bevorderen. Om het mogelijk te maken dat kwetsbare mensen langer thuis kunnen blijven wonen, is mantelzorg en vrijwillige inzet op het gebied van zorg heel belangrijk. Juist omdat de vraag naar mantelzorgers en vrijwilligers zal blijven toenemen, is het belangrijk dat zij hun taak zo goed mogelijk kunnen blijven uitvoeren. Door een goede ondersteuning wordt de draagkracht van mantelzorgers en vrijwilligers versterkt en wordt overbelasting voorkomen. Het is daarom belangrijk dat de gemeente mantelzorgers en vrijwilligers niet alleen stimuleert, maar ook faciliteert, ondersteunt en waardeert.
Wat doen we om dit te bereiken? - We bieden mantelzorgondersteuning door o.a. een mantelzorgcoach, respijtmedewerker en lotgenotencontact - We zetten in op kennisdeling, door het subsidiëren van Kennisplatform Mantelzorg WestFriesland - We verlichten mantelzorgers door het bieden van een Huishoudelijke Hulp Toelage - We waarderen mantelzorgers door middel van een jaarlijks mantelzorgcompliment - We zetten in op het bereiken van nog meer mantelzorgers door goede en brede communicatie en in gesprek te gaan over hun behoeften - We steunen organisaties die volledig draaien op de inzet van vrijwilligers d.m.v. subsidies - We zetten in op het werven en behouden van vrijwilligers door middel van de Bedankt Vrijwilligerscampagne en de stimulering van vrijwilligerswerk via Ons Stede Broec en het Vrijwilligerspunt Westfriesland - We hebben een vrijwilligersverzekering
15
5.3 Wonen en zorg Inleiding op het thema Sociaal-demografische ontwikkelingen, zoals (dubbele) vergrijzing en de groei van kleine huishoudens, hebben invloed op de woning- en zorgmarkt in Nederland. Zo zorgen ontwikkelingen als de afbouw van de intramurale zorg en voormalige verzorgingshuizen, de ambulantisering van de GGZ (mensen met psychische aandoeningen zo veel mogelijk laten deelnemen aan en wonen in de maatschappij), de transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis (meer ambulante begeleiding in de wijk en meer cliënten die zelfstandig wonen in hun vertrouwde omgeving), arbeidsmigratie en de huisvesting van statushouders, voor een grotere druk op de woningmarkt. Inwoners blijven langer thuis wonen, waardoor de vraag naar geschikte woningen is toegenomen. Met name voor aandachtsgroepen13 is het vinden van een geschikte woning complex, omdat er onvoldoende geschikte, betaalbare woningen zijn. Daarnaast worden er uitdagingen gezien op het gebied van doorstroming naar geschikte woningen. Opgaven Binnen de ‘Taskforce Wonen & Zorg’14 in de regio worden oplossingen voor de zorgwoonopgave onderzocht. De Westfriese gemeenten werken daarin samen met zorgaanbieders, woningcorporaties en het zorgkantoor15. Langer thuis wonen, ondanks iemands gezondheidsstatus, stelt eisen aan de woning en woonomgeving, onder meer de voorzieningen.
Omgekeerd, voor ouderen geschikte, geclusterde woningen zijn alleen op een goede wijze te exploiteren als er voldoende (thuis)zorg voorhanden is. Dat geldt ook voor het versterken van het sociale netwerk en het werken aan een zorgzame buurt, om de druk op de formele zorg te verminderen. Door de visie van het rijk op verzorgingstehuizen en de druk op de woningmarkt, staan de gemeente en haar inwoners voor een opgave, waar zij zich samen voor in moeten zetten. Ook vanuit de Brede SPUK16 wordt ingezet op langer thuis blijven wonen, het vergroten van zelfredzaamheid en vitale inwoners. Vanuit de Brede SPUK en de Taskforce Wonen & Zorg is het project Zorgzame Buurt gestart, met als doel dat de inwoners van Stede Broec zo lang mogelijk gezond thuis kunnen wonen met passende ondersteuning in een leefbare wijk. In het project Zorgzame Buurt is de buurtverbinder de verbinder van de buurt, dit zijn de vrijwilligers in de buurt of wijk. Zij staan in contact met één vaste buurt en weten hierdoor goed wat er speelt en wat die buurt nodig heeft om samen te groeien. De wijkondersteuner is het eerste aanspreekpunt voor bewoners en de verbindende schakel met zorgverleners, gemeente, welzijnswerkers en andere professionals. Ze brengt mensen bij elkaar, signaleert hulpvragen en stimuleert ‘samen’ redzaamheid. Daarnaast wordt door het project ook eenzaamheid tegengegaan.
Een zorgzame buurt is een bottom-up activiteit; niet vóór bewoners maar dóór bewoners.
13
Mensen in een kwetsbare situatie met meestal meerdere problemen tegelijk en weinig hulpbronnen. https://www.taskforcewonenzorg.nl/nieuws/wonen-en-zorg-steeds-hoger-op-de-agenda-maar-we-zijn-er-nog-niet 15 Zorgkantoren helpen mensen die langdurende zorg nodig hebben de juiste zorg te vinden. 16 In het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Gezond & Actief Leven Akkoord (GALA) maken gemeenten en verschillende zorgpartijen afspraken over te bereiken gezondheidsdoelen voor de komende jaren.Voor de financiering van de activiteiten die voortkomen uit het IZA en het GALA, is er een brede specifieke uitkering (SPUK). 14
16
Doelen Inwoners en gemeente zetten zich samen in om de uitdagingen op de woningmarkt aan te gaan. Inwoners kunnen zo lang mogelijk thuis blijven wonen. We hebben een integraal beleid ontwikkeld op het gebied van wonen en zorg. Om dit te realiseren wordt intensief samengewerkt tussen verschillende gemeentelijke afdelingen en met externe partners zoals woningcorporaties en zorgaanbieders. Er moet worden bekeken hoe de bestaande woningvoorraad kan worden aangepast en op welke manier er woningen, (tussen-) woonvormen en extra instellingsplekken bij kunnen komen. Het hebben van een brede blik is hierbij van belang, er moet verder worden gekeken dan de scheidingslijn tussen ‘fysiek’ en ‘sociaal’. Binnen de woonzorgvisie zullen ook prestatieafspraken en een woonprogramma onderdeel zijn. Zowel in de prestatieafspraken als het woonprogramma zullen de beleidsterreinen wonen, zorg, welzijn en ruimtelijke ordening met elkaar worden verbonden. De prestatieafspraken en het woonprogramma geven richting aan het beleid voor wonen en zorg, en vormt daardoor ook een afwegingskader en toetsingsinstrument waarmee de gemeente nieuwe plannen – bijvoorbeeld voor gebiedsontwikkeling – kan beoordelen. Wat doen we om dit te bereiken? - We helpen inwoners om langer thuis te blijven wonen, onder andere door in te zetten op valpreventie. We bieden trainingen aan inwoners die hier behoefte aan hebben.
- We zoeken binnen de ambtelijke organisatie actief de samenwerking op tussen de afdeling samenleving en ruimte en werken samen aan de woonzorgvisie. De woonzorgvisie volgt uit de wet Versterking regie op de volkshuisvesting, die naar verwachting in werking treedt op 1 januari 2026. Omdat we niet zo lang willen wachten met het vastleggen van beleid op het gebied van wonen en zorg, stellen we in 2025 een nieuw woonprogramma op met onder andere de huurdersraden en woningcorporaties.17 - We benadrukken bij projectontwikkelaars het belang van geschikte, levensloopbestendige woningen voor verschillende doelgroepen (o.a. ouderen en jongeren) bij nieuwe gebiedsontwikkelingen. Woonzorgconcepten worden hierin meegenomen.18 - We nemen actief deel aan de taskforce Wonen & Zorg Westfriesland - We betalen mee aan de campagne en website Lekker blijven wonen, een platform gericht op preventie op het gebied van langer thuis wonen. - We financieren het project Zorgzame Buurt, een pilot die doorloopt tot augustus 2025. Daarna wordt gekeken of en op welke manier het project wordt gecontinueerd.
Het opstellen van een nieuw woonprogramma heeft als doel een breed gedragen woonbeleid voor de komende jaren. In de woonzorgvisie zal worden beschreven hoe we omgaan met de toenemende uitdagingen. We zullen op zoek moeten gaan naar creatieve oplossingen op het gebied van huisvesting. 18 Een woonzorgconcept houdt in dat woningen op zo’n manier worden ingericht, zodat de bewoner voorzien wordt in zijn behoefte, zoals bijvoorbeeld langer thuis blijven wonen. 17
17
5.4 Aanvullende ondersteuning voor wie dat nodig heeft Inleiding op het thema Vanuit de Wmo zetten we in op maatschappelijke participatie en het vergroten van zelfredzaamheid. Als iemand zich bij de gemeente meldt met een verzoek om ondersteuning, doen wij onderzoek naar de persoonlijke situatie van deze persoon. Op basis hiervan wordt besloten of iemand ondersteuning krijgt vanuit de Wmo. Dat kan in de vorm maatwerkvoorzieningen. Opgaven Als een inwoner zich meldt bij de gemeente met een behoefte aan ondersteuning wordt onderzocht in hoeverre de inwoner zelfstandig en zelfredzaam kan participeren in de maatschappij. Hierbij wordt in eerste instantie nagegaan of er mensen in de directe omgeving kunnen helpen, of dat er algemene voorzieningen zijn die passend zijn. Als blijkt dat de inwoner behoefte heeft aan aanvullende, specifieke ondersteuning, kan een maatwerkvoorziening (arrangement) worden ingezet. Vanuit zo’n arrangement wordt huishoudelijke hulp, individuele begeleiding en/of een vorm van dagbesteding aangeboden. De inwoner stelt samen met de zorgaanbieder een plan op over hoe de ondersteuning ingezet wordt. Andere vormen van individuele maatwerkvoorzieningen zijn bijvoorbeeld rolstoelen, scootmobielen en woningaanpassingen.
In 2023 en 2024 zijn we met alle zeven Westfriese gemeenten bezig geweest met de nieuwe inkoop van Wmo en Jeugdhulp. In deze aanbesteding zijn huishoudelijke ondersteuning, begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf opnieuw ingekocht voor een periode van vier jaar, vanaf 1 juli 2025. Vanwege te verwachten landelijke ontwikkelingen in de (her)invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage en diverse uitspraken van de Centrale Raad van Beroep is met de aanbesteding ingezet op het inkopen van losse producten in plaats van pakketten. Het werken met resultaten zal blijven, echter de indicaties zullen weer gebeuren in concrete uren, dagdelen of etmalen. In het voortraject van de nieuwe inkoop hebben de colleges aangegeven dat zij graag willen inzetten op versterken van het voorveld. In de aanbesteding is hier rekening mee gehouden. Hier ligt een relatie met de Hervormingsagenda voor de Jeugdwet, waarbij de beweging naar het voorveld ook wordt gezien als oplossing van knelpunten. Centraal blijft de ondersteuning van onze kwetsbare inwoners, die van goede kwaliteit moet zijn en beschikbaar in de nabijheid. Voor inwoners is het aanvraagproces en de werking van voorzieningen niet altijd even duidelijk. Ook de juiste plek voor het doorgeven van een compliment of juist een klacht is niet 18
altijd bekend. We zijn bezig met het aanpassen van de gemeentelijke website, zodat voor iedere inwoner duidelijk is hoe een Wmo voorziening kan worden aangevraagd en waar de klachtenprocedure duidelijk staat beschreven. Inwoners met een hulpvraag kunnen zich laten bijstaan door een onafhankelijke cliëntondersteuner. De ondersteuner helpt inwoners met het uitvragen van de behoefte aan hulp en ondersteunt bijvoorbeeld met het doen van een aanvraag bij de gemeente. Een ondersteuningstraject bestaat uit maximaal 8 uur. Deze vorm van onafhankelijke ondersteuning is voor iedere inwoner gratis beschikbaar. Doelen
Wij vinden het belangrijk dat iedereen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kan blijven wonen, zo zelfredzaam mogelijk door het leven kan gaan en zo veel mogelijk regie voert over het eigen leven en huishouding. We bieden aanvullende individuele ondersteuning aan wie dat nodig heeft om zelfstandig te kunnen blijven functioneren. Het gaat hierbij meestal om een maatwerkvoorziening, zoals bijvoorbeeld hulp bij het huishouden, begeleiding of een scootmobiel. Wat doen we om dit te bereiken? - We bieden arrangementen en andere maatwerkvoorzieningen zoals huishoudelijk hulp, individuele begeleiding en dagbesteding, als blijkt dat de hulpvraag niet in het voorveld kan worden beantwoord. - We bieden collectief vraagafhankelijk vervoer via de Regiotaxi, om mobiliteit en zelfstandigheid te ondersteunen - We bieden acht uur kosteloze onafhankelijke cliëntondersteuning, om inwoners te helpen bij bijvoorbeeld het aanvragen van ondersteuning - We bieden de regeling Ondersteuning voor mensen die aannemelijke meerkosten maken voor zorg
19
5.5 Een vangnet voor kwetsbare inwoners Inleiding op het thema Voor inwoners voor wie zelfredzaamheid (tijdelijk) buiten bereik ligt en niet of (zeer) beperkt beschikken over een eigen netwerk of financiële draagkracht biedt de gemeente in samenwerking met haar partners een vangnet. Het gaat hier bijvoorbeeld om zeer kwetsbare mensen die dak- en thuisloos, zorg mijdend zijn en/of zware verslavings- en/of GGZ problematiek hebben, maar ook om inwoners voor wie zelfredzaamheid geen blijvende vanzelfsprekendheid is. Ook in 2024 en de daaropvolgende jaren (in ieder geval tot en met 2028) nemen de Westfriese gemeenten gezamenlijk verantwoordelijkheid voor inwoners die zich in een kwetsbare situatie bevinden. Opgaven De taken Beschermd Wonen en Beschermd Thuis worden in het hele land doorgedecentraliseerd, op basis van landelijk vastgestelde kaders. Waar de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van deze taken eerder bij Hoorn als centrumgemeente lag, is de inhoudelijke verantwoordelijkheid vanaf 2022 bij de gemeenten zelf komen te liggen. Vanaf 2024 is ook de financiële verantwoordelijkheid aan regiogemeenten overgedragen. In Westfriesland is besloten om de taken voor Beschermd Wonen en Beschermd Thuis gezamenlijk te blijven uitvoeren.
We zien dat complexe problematiek toeneemt, waardoor er voor een groeiende groep inwoners geen passende (zorg) voorziening is en zij tussen wal en schip vallen. Daarnaast hebben nieuwkomers een verhoogd risico op (psychische) kwetsbaarheid. Door taalverschillen, stigma en cultuurbarrières is het mogelijk dat voorlichting en/of preventieve activiteiten hen niet of niet tijdig bereiken, waardoor een deel van de doelgroep pas in beeld komt als de ernst van de kwetsbare situatie is toegenomen. Ook zien we dat tolerantie in de maatschappij afneemt, waardoor inbedding van psychisch kwetsbare inwoners in een wijk wordt bemoeilijkt. Verder zorgen de tekorten op de woningmarkt ervoor dat het vinden van betaalbare woonplekken ingewikkeld is. Daarnaast zijn er inwoners die momenteel zelfredzaam zijn, maar zich in een kwetsbare positie bevinden waardoor de zelfredzaamheid in het geding is. 20
Doelen In Westfriesland wonen mensen met een (psychische) kwetsbaarheid zoveel mogelijk in hun eigen omgeving, waarbij ze worden aangemoedigd om zelfredzaam te zijn en naar vermogen deel te nemen aan de samenleving. De zorg en ondersteuning die zij nodig hebben, wordt integraal aangeboden en is gericht op preventie en herstel. Als inwoners (tijdelijk) niet in staat zijn om zelfstandig te wonen of niet in staat zijn om zelf voor onderdak te zorgen en een ondersteuningsvraag hebben, bieden we voldoende geschikte (tijdelijke) opvangmogelijkheden. Wat doen we om dit te bereiken? - De Toekomstvisie voor (psychisch) kwetsbare inwoners van de regio Westfriesland voor 2024-2028+ is door alle Westfriese gemeenten vastgesteld. Deze toekomstvisie richt zich op verschillende thema’s, waaronder Ondersteun(en)de samenleving, Veiligheid, Bestaanszekerheid en Zinvolle daginvulling. Naar aanleiding van de toekomstvisie is een bijbehorend implementatieplan opgesteld, dat zich richt op concrete acties op de genoemde thema’s. - Er wordt een structurele samenwerkingsstructuur van gemeenten en ketenpartners uit het zorg- en veiligheidsdomein ontwikkelt, waarbij een persoonsgerichte aanpak centraal staat. Zo worden kwetsbare inwoners bijgestaan in het herstellen en versterken van de eigen regie en bij participatie aan de samenleving.
- Om dak- en thuislozen zo goed mogelijk in beeld te krijgen, doen we mee met de landelijke ETHOS-telling. Westfriesland is een van de zes regio’s die in het voorjaar van 2024 heeft meegedaan met de telling.19 - We hebben oog voor de verschillende doelgroepen, zowel de zeer kwetsbare personen met ernstige problematiek, als de personen die minder zichtbaar zijn. - We hebben inzicht in vraag en aanbod, door overzichten van woonplekken te gebruiken om betere aansluiting tussen deze twee te realiseren voor (psychisch) kwetsbare inwoners met een woon én ondersteuningsbehoefte. - Om huisuitzettingen zo veel mogelijk te voorkomen, hebben we afspraken met woningcorporaties en maatschappelijke partners, waaronder het team Vangnet&Advies. - We onderzoeken hoe we ervaringsdeskundigen kunnen inzetten, zowel bij het opstellen van beleid als bij praktische toepassingen. - De Westfrieze gemeenten werken samen om voorzieningen te realiseren voor inwoners die een woon- én ondersteuningsbehoefte hebben. Innovatieve ideeën worden onderzocht om zo ook in tijden van woning schaarste te komen tot een gepaste oplossing. - We zetten nog meer in op samenwerking, door het maken van regionale afspraken over preventie en nazorg, het inzichtelijk maken van het lokale aanbod en het opzetten van een structurele samenwerking tussen verschillende ketenpartners waarvan ook cliëntorganisaties een onderdeel zijn.
Resultaten tweede ETHOS telling: veel verborgen dakloosheid onder vrouwen en kinderen - Kansfonds Tijdens de ETHOS-telling van 2024 zijn er in Westfriesland 559 dak- en thuisloze personen geteld, waarvan 91 kinderen. Van de getelde volwassenen is een derde vrouw, de grootste groep dakloze mensen verblijft bij vrienden, familie of derden. Als de resultaten van de telling vragen om regionale en/of lokale acties, wordt dit opgepakt. 19
21
Een blik naar de toekomst De gemeente is verantwoordelijk voor het bieden van een passende ondersteuning, zodat alle inwoners zo veel mogelijk kunnen participeren. We willen zorgen voor een inclusieve samenleving, een vitale gemeenschap en passende ondersteuning voor inwoners die het nodig hebben. Dit doen wij door in te zetten op preventie, ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers, te werken aan een Woonzorgvisie en het bieden van maatwerkvoorzieningen. Een belangrijk aspect binnen de Wmo zijn de stijgende kosten. Door de landelijke ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld vergrijzing, is het aannemelijk dat we de komende jaren meer geld uitgeven aan Wmo-arrangementen, terwijl de Rijksbijdrage niet meestijgt met onze kosten. Dit vraagt om maatregelen om de kosten beheersbaar te houden. De Wmo is een open-eind-regeling: wanneer iemand recht heeft op ondersteuning, mag de gemeente de verstrekking feitelijk niet weigeren. We proberen deze kosten echter zo veel mogelijk te beperken, bijvoorbeeld door te investeren in preventie. Daarnaast wordt de ontwikkeling van het kostenaspect nauwlettend gevolgd zodat geïntervenieerd kan worden indien nodig. In de nieuwe Visie Sociaal domein die op dit moment wordt opgesteld, is het uitgangspunt Preventie. Uit onderzoek blijkt dat preventie werkt.
Door actieve inzet op preventie en vroegsignalering moet voorkomen worden dat een zwaardere, en dus duurdere, vorm van langdurige, maatschappelijke ondersteuning nodig is. Dit willen we onder andere bereiken door versteviging van het voorveld en de verschuiving van maatwerkvoorzieningen naar algemene voorzieningen. Nieuwe inkoop In de periode 2023/2024 is door de Westfriese gemeenten in gezamenlijkheid een visie ontwikkeld op het verstrekken van maatwerkvoorzieningen vanaf 2025. In eerste instantie is het document “Beleidsuitgangspunten Inkoop Jeugd en Wmo Westfriesland 2024 en verder” vastgesteld door alle gemeenteraden van Westfriesland. Dit document is verder uitgewerkt in een “Stip op de Horizon”, welke vastgesteld is door alle colleges van Westfriesland waarin het toekomstperspectief voor het zorglandschap in Westfriesland beschreven wordt. Hierin komt met name naar voren dat het voorveld versterkt zal worden, met de intentie de druk op de individuele maatwerkvoorzieningen te verminderen. In de praktijk betekent dit mogelijk dat in de loop van de komende jaren het aanbod van diensten zoals Ons Stede Broec die aanbiedt verder uitgebreid zou kunnen worden.
Benodigde hulp en ondersteuning is dan dichtbij en vlot toegankelijk voor alle inwoners en alleen specialistische hulp zal nog individueel worden toegekend Er wordt zoveel mogelijk ingezet op een gezinsgerichte benadering waarbij -indien nodigalle gezinsleden worden betrokken bij de hulp en ondersteuning. De ondersteuning kan hierbij uit de hoek komen van de Wmo of de Jeugdwet, maar soms is ook schuldhulpverlening of Wonen met Ondersteuning (beschermd wonen) een goede manier om de inwoners te ondersteunen. De gemeente en de ketenpartners dragen samen de verantwoordelijkheid dat de inwoner tijdig de juiste hulp wordt geboden. De gemeente zal samen met de zorgaanbieders nauw samenwerken om de hulpvragen van de inwoners op te lossen. De benodigde ondersteuning aan de inwoner staat centraal staat en er wordt ingezet wordt op het mogelijk afbouwen van de ondersteuning naar een lichtere vorm. In het belang van de inwoner wordt zo integraal mogelijk gewerkt.
22
Prioriteiten Om van het huidige zorglandschap naar het beschreven toekomstperspectief te komen heeft de gemeente samen met de andere Westfriese gemeenten prioriteiten20 gesteld, waarvan de belangrijkste zijn: ➢ Versimpeling van het systeem, meer ondersteuning is direct beschikbaar zonder aanvraagprocedure en beschikking; ➢ De zorginhoudelijke vraag van de inwoner staat voorop, er is minder focus op de financiën bij gesprekken op inwonersniveau; ➢ Elke gemeente heeft een stevig voorveld, ook wel sociale basisinfrastructuur en sluit aan op het regionaal ingekocht specialistische aanbod. In dit regionaal ingekochte aanbod is in de contracten ruimte opgenomen om het ingekochte aanbod af te schalen zodra het voorveld de capaciteit heeft om de ondersteuning zelf te leveren; ➢ Zorg en ondersteuning is in de leefomgeving van de inwoner, en anders zo nabij mogelijk, georganiseerd. ➢ De gemeenten ondersteunt inwoners om hulpvragen zoveel mogelijk zelfstandig op te lossen Door ons te richten op deze prioriteiten, en door in te zetten op preventie en de versteviging van het voorveld, hopen we de meer grip te krijgen op de stijgende kosten.
Ondanks dat de Wmo een open einde regeling is, richten wij ons op onze cirkel van invloed, en draaien we aan de voor ons beschikbare knoppen, om zo door middel van de nieuwe inkoop en de nieuwe visie sociaal domein te proberen de stijgende kosten zo veel mogelijk te beperken, zelfredzaamheid te stimuleren en inwoners zo goed mogelijk te ondersteunen waar dat nodig is.
20
Afkomstig uit de door alle Westfriese colleges vastgestelde ‘Stip op de Horizon’
23