Amendement ODS, CDA, VVD, GBS, OP TVW uitgangspunten def.docx
Tekst van het document
Amendement Onderwerp: Transitievisie Warmte, vaststellen uitgangspunten De raad van de gemeente Stede Broec in vergadering bijeen op 25-03-2021, behandelend agendapunt ’Transitievisie Warmte, vaststellen van uitgangspunten’ Constaterende dat: Uitgangspunten noodzakelijk zijn om een Transitievisie Warmte op te stellen;
Overwegende dat: De voorgestelde uitgangspunten te algemeen zijn; De gemeente Hilversum duidelijke uitgangspunten heeft vastgesteld en wij dit als voorbeeld willen volgen; Voor de gemeente kan een faciliterende of participerende rol interessant zijn. Zie: https://www.omgevingsweb.nl/nieuws/gemeenten-en-warmtenetten-faciliteren-of-participeren Wij de volgende uitgangspunten met bijbehorende motivatie willen terugzien in het raadsbesluit: a) We gaan eerst zoveel mogelijk energie besparen. Duurzame energie is schaars, en zeker niet gratis of zonder impact op de omgeving. Wat bespaard wordt, hoeft niet opgewekt te worden. Daarom willen wij eerst de energievraag zo ver mogelijk naar beneden brengen. Dit is afhankelijk van het type woning (bijvoorbeeld nieuwbouw of vooroorlogs), de maatregelen die getroffen kunnen worden en de kosten die hiermee gepaard gaan. Als de aanpassingen aan de woning om energie te besparen dusdanig ingrijpend en duur zijn, kan bepaald worden dat label D de enige haalbare en betaalbare keuze is voor die woning. Wanneer deze kosten laag zijn, kan geadviseerd worden om de woning naar energielabel A of B te brengen. b) De transitie is betaalbaar voor iedereen. Een inclusieve en daadkrachtige transitie is alleen mogelijk als een betaalbare omschakeling voor iedereen mogelijk is. Landelijk is het uitgangspunt dat de omschakeling (woon)lastenneutraal is.
Hiermee wordt bedoeld dat het alternatief niet duurder is dan verwarmen op aardgas op het moment dat er besloten wordt op een andere warmtebron over te gaan. Ook de gemeente zal bij haar initiatieven en instrumenten steeds toetsen of het leidt tot betaalbare oplossingen. Daarvoor zijn toegankelijke financieringsoplossingen en transparante terugverdientijden nodig. Voor volledige omschakeling zijn voorlopig ook meestal subsidies nodig. Belangrijk om te signaleren is dat de realisatie daarvan voor een belangrijk deel afhankelijk is van landelijke kostenreductieprogramma’s en subsidies. c) Alle alternatieve warmtebronnen zijn denkbaar. Alternatieve warmtebronnen moeten passen bij de lange termijn doelen en bijdragen aan het klimaatneutraal maken van de energievoorziening. Te denken valt bijvoorbeeld aan geothermie en andere innovaties. De raad heeft in juni 2020 een motie aangenomen dat houtige biomassaverbranding centrales niet gewenst zijn. d) We onderzoeken lokaal of gemeentelijk mede-eigendom van collectieve warmtebronnen. Ook voor warmtebronnen kan mede-eigendom van omwonenden en lokale ondernemers bijdragen aan draagvlak en betrokkenheid. Daarom wordt bij het ontwikkelen van collectieve warmtebronnen verkend of lokaal eigendom mogelijk is en welke vorm de meeste meerwaarde biedt.
Daarin kijken we onder andere naar de bereidheid van bewoners om te bij te dragen aan de totale kosten van de bron en op welke manier de continuïteit van warmtelevering goed geborgd kan worden. e) We starten in de buurten waar de meeste kansen liggen en maken een integrale afweging samen met de buurt bij het wijkuitvoeringsplan.
Bij het opstellen van een wijkuitvoeringsplan bekijken we samen met de bewoners en gebouweigenaren in een gebied welke oplossing past. We maken een brede afweging waarin kosten, maar ook klimaatwinst, impact op de omgeving en het gebouw en comfort, (on)gemak en flexibiliteit voor de gebruikers meetellen. De wijkuitvoeringsplannen worden pas opgesteld als de randvoorwaarden voor de warmtetransitie zijn ingevuld of als er een haalbaar bottom-up initiatief is. f) De initiatieven van bewoners, ondernemers en organisaties zijn een belangrijk aspect in de prioritering van de buurten. Initiatiefnemers die midden in de samenleving staan, hebben een cruciale rol. Zij staan dicht bij hun buurtgenoten en hebben vaak creatieve ideeën die goed passen in de omgeving. Als er in een buurt initiatieven zijn met een goed plan en een duidelijke achterban, dan maakt dat een buurt kansrijk om alvast mee aan de slag te gaan om woningen en gebouwen aardgasvrij-klaar te maken . Als zij dat willen kunnen initiatiefnemers ondersteund worden,, om een trekkende rol te vervullen bij het uitwerken en uitvoeren van de plannen voor hun gebied. Tegelijkertijd sluiten we geen nieuwe initiatieven uit en gaan we op zoek naar een manier om de buurten waar geen initiatieven opkomen te ondersteunen in de stappen naar aardgasvrij-klaar.
g) Draagvlak bepaalt het tempo Bij het verduurzamen van een woning of gebouw maakt elke eigenaar een eigen afweging. Tegelijkertijd is deze keuze afhankelijk van de collectieve keuze voor een warmtealternatief en de keuze om op een bepaalde datum het gasnet af te sluiten. Het is randvoorwaardelijk dat in de eerste buurten bewoners en gebouweigenaren positief staan tegenover het plan voor verduurzaming. h) De effecten op milieu, circulariteit en biodiversiteit zoveel mogelijk inzichtelijk maken en bij hoge impact deel uit laten maken van de afweging. De afwegingmatrix is bedoeld om ook na te denken over de effecten van keuzes op milieu, circulariteit en biodiversiteit en niet alleen te kijken naar kosten of overlast.Om impact van een keuze te bepalen op deze onderdelen moet gekeken worden naar de totale levensduur van wieg tot graf.
Een keuze kan bv zorgen voor; -extra (niet recyclebaar) afval, -versneld afschrijven/weggooien van kostbare grondstoffen -effecten op natuur (bv zonneparken) Besluit: Het voorgenomen besluit: Voor het opstellen van de TransitieVisie Warmte de volgende uitgangspunten vast te stellen: - betaalbaarheid voor iedereen - we starten in de buurten waar de meeste kansen liggen - draagvlak bepaalt het tempo - open ogen voor innovatie - keuzevrijheid voor bewoners - eerst energie te wijzigen in: 1- Voor het opstellen van de TransitieVisie Warmte de volgende uitgangspunten vast te stellen: a) We gaan eerst zoveel mogelijk energie besparen. b) De transitie is betaalbaar voor iedereen. c) Alle alternatieve warmtebronnen zijn denkbaar. d) We onderzoeken lokaal of gemeentelijk mede-eigendom van collectieve warmtebronnen. e) We starten in de buurten waar de meeste kansen liggen en maken een integrale afweging samen met de buurt bij het wijkuitvoeringsplan. f) De initiatieven van bewoners, ondernemers en organisaties zijn een belangrijk aspect in de prioritering van de buurten. g) Draagvlak bepaalt het tempo.
h) De effecten op milieu, circulariteit en biodiversiteit zoveel mogelijk inzichtelijk maken en bij hoge impact deel uit laten maken van de afweging. 2- Het college op te dragen om te komen met een onderbouwd inzicht van de belangrijkste afwegingen in de keuze van wijken, waarom wijken zijn afgevallen en welke alternatieven onderzocht zijn. 3- Dit amendement via de griffie te verspreiden naar de overige SED gemeenten.
Ingediend door: Fractie ODS
Fractie CDA
Fractie VVD
Ellen Dudink-Dol
Jean-Pierre Kroezen
Mike Lezaire
Fractie GBS
Fractie OP
Peter Raven
Wilma de Wit-Scholten