26-036 TA PRO gewasbeschermingsmiddelen
Tekst van het document
vragen Fractie
PRO
Opsteller
Jeroen Bakker
Commissie/Raad
Grondgebiedszaken
Onderwerp
Toezicht op gewasbeschermingsmiddelen
Geagendeerd
-
Agendapunt
-
Datum aanvraag
04-06-2026
Inleiding: Bij het vaststellen van de Zienswijzen op de Begroting van de GR Omgevingsdienst NHN valt op dat het college een negatieve zienswijze wil afgeven op de post ‘Gewasbeschermingsmiddelen’. In de Kadernota 2027 schreef de OD NHN hierover (2.2.8 Gewasbeschermingsmiddelen): Sinds 2024 is de maatschappelijke aandacht voor de gevolgen van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen sterk toegenomen. Door juridische uitspraken leidt dit tot een tijdelijk verbod op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de nabijheid van woonwijken. Door de Raad van State is geoordeeld dat bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen significante, negatieve gevolgen op Natura 2000-gebieden niet zijn uit te sluiten. Het gevolg is dat telers voortaan mogelijk een natuurvergunning nodig hebben. Het college tekent hierbij aan dat het niet gaat om een wettelijke verplichting en dat deze uitgave, gelet op de financiële positie van de gemeente, niet te verantwoorden is.
Vragen: 1. Heeft het college aanleiding om, anders dan de OD NHN, aan te nemen dat toezicht op inzet van gewasbeschermingsmiddelen nabij kwetsbare gebieden niet nodig zal zijn? 2. Kan de uitspraak van de Raad van State ook gelden voor gebieden in Stede Broec, zoals rond ‘De Traanbok’, dat aan Natura 2000-gebied grenst? 3. Kan in het verlengde van ‘nabijheid van woonwijken’ ook een functie zoals die van sportvelden onder aangescherpte regels vallen? 4. Is met de voorgenomen negatieve zienswijze een (tijdelijk) verbod, op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de nabijheid van woonwijken, te handhaven? 5. Kan een ondernemer met het verkrijgen van een natuurvergunning een uitzondering krijgen op het (tijdelijke) verbod op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen nabij kwetsbare locaties? En valt hiermee dus duidelijkheid te creëren voor de ondernemer? 6. Klopt het dat de meerkosten voor intensivering van deze taak voor de gemeente Stede Broec neerkomen op €4.000? Op hoeveel bedrijven/locaties wordt voor dit geld toezicht gehouden? Antwoorden ⃰ Dit vragenformulier z.s.m. toezenden aan griffie@stedebroec.nl
pagina 1
1. De raad heeft ten tijde van de behandeling van de zienswijze op de Kadernota ook een negatieve zienswijze afgegeven op de post gewasbeschermingsmiddelen. De wettelijke taken blijven belegd bij de bevoegde gezagen, zoals de Nederlandse Voedselen Warenautoriteit (NVWA), het waterschap, gemeenten en de provincie. De NVWA ziet toe op het toegelaten gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Het waterschap ziet toe op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen voor zover dit het waterbelang raakt. De omgevingsdienst is bevoegd voor gemeentelijke milieutaken, zoals opslag, zorgplicht en maatwerk. Daarnaast adviseert de omgevingsdienst in het ruimtelijk kader over het onderwerp spuitzonering. De provincie is bevoegd voor het natuurspoor, zoals mogelijke effecten op Natura 2000-gebieden of beschermde soorten. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de evenwichtige toedeling van functies aan locaties in ruimtelijke besluiten, het stellen van lokale milieuregels in het omgevingsplan en dienen bij hun besluitvorming het belang van gezondheid mee te wegen. Het college ziet geen aanleiding om te veronderstellen dat toezicht op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen nabij kwetsbare gebieden niet nodig is.
Het college is van oordeel dat, gezien de verdeling van wettelijke taken en verantwoordelijkheden, het toezicht in de huidige systematiek al is belegd bij de daarvoor aangewezen bevoegde gezagen. 2. Ja, dit kan het geval zijn. Als op de omliggende percelen agrarisch gebruik met gewasbeschermingsmiddelen is toegestaan, kunnen effecten op het aangrenzende Natura 2000-gebied niet worden uitgesloten. Het rechterlijk verbod dat in de kadernota werd aangehaald, kwam uit een civiele zaak, waarbij de rechter het gebruik van toegelaten middelen in de lelieteelt op korte afstand van een bestaande woonwijk als dreigende onrechtmatige daad aanmerkte. 3. Een sportveld leidt niet automatisch tot aangescherpte regels. Sportvelden worden net als woonwijken, schoolterreinen, terreinen rond zorginstellingen, openbare parken en terreinen voor (verblijfs)recreatie aangemerkt als gevoelig voor blootstelling aan spuitmiddelen. In het kader van ruimtelijke besluitvorming vallen deze onder dezelfde beoordeling/jurisprudentielijn als woonwijken. 4. Het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen wordt gehandhaafd door de NVWA. 5. Ja en ja. 6. De Omgevingsdienst vraagt met de begroting om een uitbreiding van haar takenpakket: een nieuwe, niet-verplichte taak met extra inzet en kosten.
De meerkosten betreffen onder andere bedrijfsbezoeken, extra meldingen en controles naar aanleiding van het behandelen van handhavingsverzoeken en het verder opbouwen van kennis en aanvullende juridische ondersteuning bij de Omgevingsdienst. Het bedrag van € 4.000 voor de gemeente Stede Broec is niet gerelateerd aan het aantal bedrijven, maar volgt uit de reguliere verdeelsleutel (lumpsumbijdrage).
Pagina 2