26-010 Antwoord Omgevingsvisie CDA-Beantwoording
Tekst van het document
Technische vragen Fractie
CDA
Opsteller
Jean-Pierre Kroezen
Commissie/Raad
GGZ
Onderwerp
Vastellen Omgevingsvisie
Geagendeerd
Ja
Agendapunt
4
Datum aanvraag
15-1-2026
Inleiding: Na bespreking van het raadsvoorstel in de commissie en de discussie die daar is ontstaan, heeft de fractie de volgende vragen.
Vragen: 1. Als wij deze omgevingsvisie zo vaststellen, wat is dan het vervolgtraject cq wat wordt er met deze visie gedaan? 2. Welke rechten kunnen bedrijven, inwoners en/of andere belanghebbende onttrekken aan deze visie? Voorbeeld is de ingetekende zonneweide (vanuit de RES). Kunnen de eigenaren van deze grond, een wijziging omgevingsplan indienen en moet het college dan conform deze visie de aanvraag honoreren? 3. Er is gevraagd om nog een extra MER-toetsing uit te voeren voor het aangepaste OER. Wat zijn de gevolgen van het uitstellen van dit raadsvoorstel, zodat er voldoende tijd is om deze toetsing alsnog te kunnen laten uitvoeren? 4. Stel dat we dit raadsvoorstel wel in januari vaststellen, kan de MER-toetsing alsnog worden gedaan en wat heeft dit dan als gevolg? 5. In de commissie werd het voorbeeld genoemd van het Stiltegebied. Deze status is door de provincie voor het op de Waardenkaart aangegeven gebied gekenmerkt. Inmiddels heeft de provincie besloten deze status voor dit gebied er per 1 februari 2026 toch weer vanaf te halen. Ons is onbekend of er nog andere wijzigingen provinciaal spelen, die soortgelijke invloed hebben op onze omgevingsvisie. Mocht dat zo zijn, dan willen wij die graag weten. 6. Nu moet de raad een omgevingsvisie vaststellen met Waardenkaart waarop dit stiltegebied wel staat aangegeven.
Dit lijkt ons ook onduidelijk voor betrokkenen (burgers, bedrijven etc) die vervolgens dit document bekijken. Is hier een oplossing voor cq kan onze omgevingsvisie de laatste externe wijzigingen bevatten zoals die bijvoorbeeld door de provincie worden vastgesteld?
⃰ Dit vragenformulier z.s.m. toezenden aan griffie@stedebroec.nl
pagina 1
Antwoorden 1. De omgevingsvisie geeft koers en richting, met betrekking tot de bestaande waarden die we willen behouden en/of versterken, en het toekomstbeeld met doelen en ambities die we willen halen. De uitwerking van de doelen en ambities van de omgevingsvisie vindt plaats in programma’s (zie par. 5.2 Omgevingsvisie). Kortom, de visie is kaderstellend voor programma’s. Ook voor het nieuwe omgevingsplan vormt de visie een kader. Tot slot is de omgevingsvisie een kader voor de afweging van initiatieven die niet binnen het huidige omgevingsplan passen. Na vaststelling wordt de omgevingsvisie geëvalueerd en zo nodig bijgesteld. 2. Geen. De omgevingsvisie is een intern stuk. Het wordt gebruikt om de programma’s en het omgevingsplan op te stellen. Dat wil zeggen dat deze alleen het bestuursorgaan bindt dat de omgevingsvisie heeft vastgesteld. Een omgevingsvisie bevat bijvoorbeeld geen regels voor burgers, bedrijven of andere overheden. Bij de aanvraag voor het wijzigen van een omgevingsplan is altijd een motivering noodzakelijk. Hierin wordt uiteraard wel getoetst of de aanvraag tot wijziging past binnen de omgevingsvisie, alsmede andere beleidskaders en wet- en regelgeving. NB: In de omgevingsvisie is geen zonneweide ingetekend, maar zijn zoekgebieden opgenomen waarover al eerder is besloten in het kader van de RES.
In die gebieden zijn onder voorwaarden kansen voor zonne-energie. 3. De Commissie mer heeft geadviseerd over de omgevingseffectrapportage (OER). Zij heeft geadviseerd om ontbrekende informatie aan te vullen voordat tot besluitvorming over vaststelling van de omgevingsvisie wordt overgegaan. Alle punten met betrekking tot de ontbrekende informatie zijn in de aanvullende notitie van Haskoning d.d. 7 juli 2025 puntsgewijs beantwoord. De Commissie mer heeft geen rol om hier opnieuw naar te kijken. 4. Zie beantwoording van vraag 3, dit is niet aan de orde. 5. Andere wijzigingen zijn ons niet bekend. 6. Op het moment van opstellen van de omgevingsvisie was de wijziging vanuit de provincie ten aanzien van de stiltegebieden nog niet bekend. Het ontwerp van de omgevingsvisie heeft ter inzage gelegen met de aanduiding van stiltegebieden aangegeven op de Waardenkaart. De gemeente heeft overigens de mogelijkheid om stilte-/rustige gebieden op te blijven nemen. Dit is alleen niet langer verplicht vanuit de provincie (met uitzondering van NNN- en Natura 2000-gebieden). Als meest zorgvuldige optie wordt gezien om eerst op gemeentelijk niveau een standpunt te bepalen over het al dan niet behouden van de stiltegebieden en dit vervolgens mee te nemen bij de actualisatie van de omgevingsvisie en het opstellen van het omgevingsplan.
Zodoende worden belanghebbenden ook in de gelegenheid gesteld om een zienswijze op dit punt naar voren te brengen.
Pagina 2