25-0191a Onderzoeksopzet rekenkameronderzoek arbeidsmigranten
Tekst van het document
Onderzoeksopzet: Veiligheid woonsituatie arbeidsmigranten in de SED gemeenten 30 oktober 2025 Aanleiding en doel: Arbeidsmigranten vormen een belangrijke groep inwoners in de regio West-Friesland, waaronder in de SED-gemeenten. Het aantal arbeidsmigranten is de afgelopen jaren gestegen en zal naar verwachting de komende jaren verder toenemen. De monitor van de provincie Noord-Holland laat zien dat in 2022 ongeveer 10.000 arbeidsmigranten in de provincie werkten, waarvan ongeveer een kwart in de SED-gemeenten. Het merendeel verblijft slechts enkele maanden in de regio. Het tijdelijke karakter- veelal seizoenswerk in sectoren als de land- en tuinbouw en de visserij – betekent dat er een grote behoefte is aan flexibele woonoplossingen die slechts voor kortere duur nodig zijn. Daarnaast zijn er arbeidsmigranten die zich langer in de regio vestigen en behoefte hebben aan andere, meer permanente woonvormen. Tegelijkertijd is er sprake van krapte op de woningmarkt en blijft 'de huisvesting van arbeidsmigranten problematisch, zowel met het oog op humane en veilige huisvesting van de arbeidsmigranten zelf, als de overlast voor de omgeving en mogelijke uitbuiting door de verhuurder. De problemen hangen vaak samen met illegaal (strijdig) gebruik van een pand en met overbewoning.
De Wet goed verhuurderschap (Wgv), van kracht sinds 1 juli 2023, is ingesteld om misstanden in het huisvesten van verschillende doelgroepen, waaronder arbeidsmigranten, te voorkomen en te bestrijden. De wet verplicht bijvoorbeeld iedere gemeente om een meldpunt in te richten waar huurders, zoals arbeidsmigranten, misbruik, misstanden of gebreken kunnen rapporteren. Daarnaast geeft de wet gemeenten de bevoegdheid om strengere eisen te stellen aan verhuurders en hen bij overtredingen te bestraffen met bestuurlijke maatregelen (zoals boetes of sluiting). Als laatste zijn in de wet twee aanvullende regels opgesteld die specifiek gelden voor arbeidsmigranten, waaronder het scheiden van de arbeids- en huurovereenkomst.
De SED gemeenten hebben inmiddels beleid ontwikkeld in overeenstemming met de wet. Daarin is aandacht voor het registeren van arbeidsmigranten en het uitvoeren van controles op woonomstandigheden. Desondanks is bij ons de vraag gerezen in hoeverre de sociale en fysieke veiligheid van arbeidsmigrantenhuisvesting nu daadwerkelijk geborgd is. Zijn er tekortkomingen in het huidige beleid of de uitvoering daarvan? In hoeverre is de gemeenteraad voldoende geïnformeerd om haar kaderstellende en controlerende rol te kunnen vervullen? En worden de beschikbare bestuursrechtelijke instrumenten – indien nodig – effectief ingezet?
Kortom, het rekenkameronderzoek speelt zich af in de context van een toename in het aantal arbeidsmigranten, de urgentie om hun huisvesting sociaal en fysiek veilig te houden en nieuwe wettelijke mogelijkheden om dit te reguleren. Het rekenkameronderzoek richt zich op: • • • •
De aard en omvang van de woonsituatie van arbeidsmigranten; De woonbeleving van arbeidsmigranten (sociale en fysieke veiligheid); De gemeentelijke aanpak om de huisvesting van arbeidsmigranten te verbeteren en de toepassing van handhavingsinstrument; De informatievoorziening over de huisvesting van arbeidsmigranten aan de gemeenteraad.
Het doel van het rekenkameronderzoek is om tekortkomingen in kennis of aanpak te identificeren en te verhelpen en – indien mogelijk – de gemeente handvatten te geven om de gemeentelijke verantwoordelijkheid te vervullen die de huisvesting van arbeidsmigranten ten goede komt. Onderzoeksvragen: 1. Hoe ziet de huidige woonsituatie van arbeidsmigranten in de SED gemeenten eruit? 2. Welke maatregelen hebben de SED gemeenten genomen sinds de invoering van de Wet goed verhuurderschap? 3. Wat zijn de grootste knelpunten in de huisvesting van arbeidsmigranten binnen de SED gemeenten? 4. Welke sociale en fysieke risico's ervaren arbeidsmigranten in de huidige huisvestingslocaties? 5. In de SED gemeenten is sprake van shortstay voor seizoenswerkers en wat doen de gemeenten met de huisvesting voor de langere termijn? 6. Hoe verloopt de uitvoering van de Wet goed verhuurderschap en het gemeentelijk beleid in de praktijk en welke uitdagingen komen hierbij naar voren? 7. Werkt het meldpunt ‘problemen met verhuurders bij de SED gemeenten? 8. Hoe wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de woonsituatie van arbeidsmigranten? 9. Welke bestuursrechtelijke instrumenten (waarschuwing, bestuursdwang, bestuurlijke boete of stopzetten verhuur) worden toegepast en hoe effectief zijn deze?
Plan van aanpak Het plan van aanpak bestaat uit drie fasen. Fase 1: Voorbereiding van het onderzoek Het doel van de eerste fase is om in overleg met de gemeentesecretarissen, rekenkamer en onderzoekers het plan van aanpak verder te verfijnen en vast te stellen. We bespreken tijdens het startoverleg het plan van aanpak en de verwachtingen over het proces. Het resultaat van de eerste fase is een definitief plan van aanpak. Fase 2: Dataverzameling Het doel van de tweede is om informatie te verzamelen. De tweede fase bestaat uit twee onderdelen: het uitvoeren van deskstudie en het afnamen van (groeps)gesprekken. Deskstudie De deskstudie vormt de start van het onderzoek. We brengen op basis van de beschikbare documentatie en data de aard en de omvang van de woonsituatie en het beleid vanuit de SED gemeenten in kaart. Hiervoor worden onder andere de gemeentelijke documenten bestudeerd, zoals beleidsnotities over het huisvesten van arbeidsmigranten, raadsinformatiebrieven, collegevoorstellen, handhavingsplannen en de Regionale huisvestingsafspraken West-Friesland. Verder besteden we aandacht aan de uitvoering van de Wet goed verhuurderschap. De SED gemeenten hebben sinds de invoering van de wet bijvoorbeeld een meldpunt ingericht waar huurders problemen met verhuurders kunnen melden.
We onderzoeken het gebruik van het meldpunt, de ontwikkeling van beleid of handhavingsstrategieën en de inzet van bestuursrechtelijke instrumenten om misstanden te voorkomen en te bestrijden. Dit geeft een beeld van de mate waarin de gemeenten grip hebben op de naleving van de wet en de bescherming van arbeidsmigranten in de praktijk. (Groeps)gesprekken We organiseren vervolgens (groeps)gesprekken om het resultaat van de deskstudie vanuit verschillende perspectieven in te kleuren en aan te vullen en de onderzoeksvragen te beantwoorden: het gemeentelijk perspectief, het perspectief vanuit betrokkenen organisaties en het perspectief vanuit de arbeidsmigranten. De (groeps)gesprekken zorgen ervoor dat het verhaal achter het resultaat van de deskstudie helder wordt. Bovendien helpen de (groeps)gesprekken bij het identificeren van oorzaken van problemen en het zoeken naar oplossingen die aansluiten bij de leefwereld van de arbeidsmigranten zelf.
-
-
-
Het gemeentelijk perspectief: met onder andere de betrokkenen vanuit de SEDorganisatie (beleidsmatig), de gemeenteraad en de betrokkenen vanuit de gemeente bij vergunningverlening, toezicht en handhaving en de politie. Het perspectief vanuit betrokken organisatie met onder andere de particuliere verhuurders en woningcorporaties, de Westfriese Bedrijvengroep en de Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord. Het perspectief vanuit arbeidsmigranten met onder andere Stichting FairWork, Stichting Barka en individuele arbeidsmigranten.
Fase 3: Analyse, rapportage en wederhoor De volgende fase is bedoeld voor analyse, rapportage en wederhoor/afronding. We trianguleren de verzamelde data en werken daarmee toe naar een onderzoeksrapport. Uiteindelijk zal het rapport moeten bestaan uit een bestuurlijke nota en een nota van bevindingen. Waar relevant maken we onderscheid tussen de verschillende gemeenten. Planning: