25-0155a Jaarverslag Regionaal Toezicht Wmo 2024
Tekst van het document
Jaarverslag Regionaal Toezicht Wmo 2024
1
Inhoud 1. Inleiding 2. Doel en definitie Toezicht Wmo 3. Uitvoering regionaal toezichthouderschap 3a. Uitvoering onderzoeken 3b. Opbrengsten
4. Doelenrealisatie jaarplan 2024
2
1. Inleiding Voor u ligt het jaarverslag 2024 van team Regionaal Toezicht Wmo Westfriesland (hierna Toezicht Wmo). In dit jaarverslag verantwoorden wij ons op basis van de gemaakte afspraken in de Dienstverleningsovereenkomst (DVO) 2024 en het jaarplan 2024.
Wij wensen u veel leesplezier!
Team Toezicht Wmo
3
2. Doel & definitie Toezicht Wmo Team Regionaal toezicht Wmo Westfriesland heeft tot doel om de kwaliteit van de Wmovoorziening en het naleven van contractuele afspraken tussen aanbieder en de 7 Westfriese gemeenten te borgen, aan de hand van het kwaliteitskader 2024.
Het doel van de overeenkomst is de regionale samenwerking versterken door gezamenlijk toezichten handhavingstaken uit te voeren op het gebied van rechtmatigheid en kwaliteit. Dit door het aanstellen van toezichthouders die belast zijn met het houden van toezicht op de naleving van de Wmo als het gaat om de kwaliteit en naleving van de Wmo en Jeugdwet als het gaat om de rechtmatigheid (DVO 2024).
Toezicht is het verzamelen van de informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen, het zich vormen van een oordeel daarover en het eventueel naar aanleiding daarvan interveniëren (VNG, 2020).
4
3. Uitvoering regionaal toezichthouderschap 3a. Uitgevoerde onderzoeken In 2024 zijn 7 structurele onderzoeksrapporten, 4 heronderzoeksrapporten en 3 signaalonderzoeksrapporten opgeleverd.
Proactief onderzoek: Structureel onderzoek; hierbij wordt gestreefd dat alle aanbieders tenminste 1x per 4 jaar een kwaliteitsaudit krijgen. Het toetsingskader 2024 vormt de basis van deze audit. Dit toetsingskader 2024 bestaat uit 85 vragen welke zijn onderverdeeld in de volgende vijf domeinen: 1. Doelmatigheid Voorziening 2. Veiligheid 3. Samenwerking en afstemming 4. Kwaliteit van personeel en organisatie 5. Rechten van de cliënt. In 2024 zijn er 7 rapportages structureel onderzoek opgeleverd.
Heronderzoek; hierbij gaat de toezichthouder na in hoeverre de aanbieder actie heeft ondernomen op de aanbevelingen uit een voorliggend onderzoek dat is uitgevoerd door Toezicht Wmo. In 2024 zijn er 4 rapportages heronderzoek opgeleverd.
Reactief onderzoek: Signaal gestuurd onderzoek; hierbij onderzoekt de toezichthouder specifieke signalen die bij de toezichthouder bekend zijn geworden. Hierbij geldt het principe `één signaal is géén signaal’, tenzij deze dusdanig ernstig is dat er een gerechtvaardigd belang is om direct tot onderzoek over te gaan. In de praktijk verricht Toezicht Wmo een signaal gestuurd onderzoek bij een cumulatief aan signalen van gelijksoortige aard. Daarom is bij een signaal gestuurd onderzoek de scope van het onderzoek smaller en specifieker dan bij een structureel onderzoek.
In 2024 zijn er 13 signalen door team Toezicht in behandeling genomen. Er is bureauonderzoek uitgevoerd op 9 van deze signalen. Hiervan wordt geen onderzoeksrapport opgeleverd. Op 1 signaal over een geweldsincident, niet zijnde een calamiteit of signaalonderzoek, heeft de toezichthouder een schriftelijke aanwijzing tot verbetering gegeven. De overige 3 signalen hebben wel tot een uitgebreid onderzoek geleid, welke zijn afgerond met een rapportage.
Aan één van deze signaalonderzoeken ligt een collegebesluit van de gemeente Hoorn ten grondslag. Bij de betreffende aanbieder is een grootschalige controle uitgevoerd op onder meer het tijdig verversen van de VOG’s van de medewerkers. Uit het onderzoek is onder meer gebleken dat
5
de VOG’s niet volgens de contractuele afspraken worden ververst. De toezichthouder heeft het college aanbevolen om een bestuurlijke boete in overweging te nemen, omdat de betreffende aanbieder structureel weigert de VOG van haar medewerkers iedere 5 jaar te verversen en stelt dat ook niet van plan te zijn. Hiermee leeft de aanbieder art. 4.5 lid 18 Offerteaanvraag Wmo Wf versie 230705 niet na.
Een geweldsincident dat zich in Koggenland heeft afgespeeld is door de toezichthouder als signaal onderzocht. Dit kwam doordat het incident niet voldeed aan de richtlijn voor een calamiteitenonderzoek, aangezien de Wmo-cliënt zelf niet ernstig gewond is geraakt. De medewerker(s) van de gemeente Koggenland zijn echter dusdanig aan geweld blootgesteld, dat een signaalonderzoek is uitgevoerd. Uit dit onderzoek is gebleken dat de specifieke onderaannemer een rol had in het faciliteren van het geweldsincident dat de Wmo-cliënt heeft gepleegd. De netwerkorganisatie heeft een brief verstuurd naar de hoofdaannemer, als verantwoordelijke partij voor de onderaannemer, waarin is aangegeven dat de hoofdaannemer de betreffende onderaannemer niet meer in mag zetten voor inwoners uit de zeven Westfriese gemeenten en de destijds aanwezige inwoners overgeplaatst dienden te worden naar een andere onderaannemer. De hoofaanbieder welke als gecontracteerde partij van de 7 Westfriese gemeenten eindverantwoordelijk blijft, heeft na het opvolgen van de aanbevelingen en extra gesprekken met de contractmanager het vertrouwen gekregen om haar dienstverlening voort te zetten.
Tot slot is er een signaalonderzoek gestart na een tentamen suïcide van een cliënt uit Koggenland. Deze melding leek in eerste instantie geen calamiteit te zijn, omdat de Wmo-cliënt niet ernstig gewond, dan wel overleden was. Doordat pas enkele weken later bekend werd dat er tóch sprake was van ernstig blijvend letsel bij de Wmo-cliënt heeft team Toezicht besloten alsnog een signaalonderzoek uit te voeren. De aanbieder heeft opvolging gegeven aan de aanbevelingen van de toezichthouder, waardoor het onderzoek gesloten kon worden.
Calamiteitenonderzoek; Hierbij wordt onderzoek gedaan naar een niet-beoogde of onverwachte gebeurtenis, die betrekking heeft op de kwaliteit van een voorziening en die tot een ernstig schadelijk gevolg voor of de dood van een cliënt heeft geleid. Indien de aanbieder over onvoldoende kennis en kunde beschikt om zelfstandig een calamiteitenonderzoek uit te voeren en/of niet beschikt over een onafhankelijk voorzitter van de onderzoekscommissie, kan een toezichthouder Wmo optreden als onafhankelijk voorzitter. In dat geval zal er volgens het 9stappen-model worden gewerkt, waarbij methodieken PRISMA en SIRE op een complementaire wijze worden toegepast om te komen tot een volledig onderzoeksrapport.
6
In 2024 is één calamiteitenrapportage opgeleverd na onderzoek van de aanbieder zelf. Daarnaast is er één calamiteitenrapportage opgeleverd, waarvan het onderzoek onder leiding van de toezichthouder, in samenwerking met, de aanbieder is uitgevoerd. In beide gevallen is het regionale calamiteitenprotocol 2024 gehanteerd, dat in de praktijk goed bleek te werken.
3b. Opbrengsten Vanaf 2023 werkt Toezicht Wmo met een individuele productieafspraak, waarbij iedere toezichthouder tussen de 5 en 8 rapportages van structurele onderzoeken dient op te leveren. Bij deze productieafspraak is het haalbaar om de 72 gecontracteerde aanbieders, 1x per 4 jaar aan een kwaliteitsaudit te onderwerpen (72 aanbieders: 4 jaar = 18,5 onderzoeken per jaar: 3 toezichthouders= 6,2 onderzoeken per toezichthouder). Bij de totstandkoming van de productieafspraak is rekening gehouden met het feit dat de toezichthouder ook heronderzoeken moet kunnen uitvoeren en het 4 ogenprincipe voor de collega toezichthouder(s) kan blijven uitvoeren. Zaken die invloed hebben op de totale productiecapaciteit van het team zijn onder meer de mate van intensiteit van de reactieve onderzoeken en de mate van verzuim binnen team Toezicht. Reactieve onderzoeken zijn, in tegenstelling tot de proactieve onderzoeken, niet- of minder goed te plannen en zijn qua intensiteit vaak onvoorspelbaar. Tijdens de kwaliteitsaudit van het structurele onderzoek haalt de toezichthouder ook feedback op bij de aanbieders over de samenwerking en afstemming met de gemeente(n) waarmee zij te maken hebben. Deze feedback kan leiden tot aanbevelingen aan de 7 Westfriese gemeenten. De 7 Westfriese gemeenten zijn er veelal in geslaagd om per opgeleverde rapportage een zienswijze op de aanbevelingen te geven.
Toezicht op de rechtmatigheid Wmo & Jeugdwet is in 2024 niet uitgevoerd. Dit komt doordat er geen toezichthouder op rechtmatigheid is aangesteld en/of benoemd in 2024.
7
4. Doelenrealisatie jaarplan 2024 De doelen uit het jaarplan 2024 zijn grotendeels behaald: •
De individuele productiecapaciteit is door 1 toezichthouder behaald.
•
In 2024 zijn wij van start gegaan met het nieuwe toetsingskader.
•
Het werkterrein van de toezichthouders Wmo is voldoende bekend bij de Wmoconsulenten in de 7 Wf-gemeenten.
•
Het aansluiten bij de consulenten overleggen is in 2024 niet uitgevoerd zoals bedoeld. Door een structurele onderbezetting in Q2 en Q3 is de keuze gemaakt om alleen bij het regionale consulentenoverleg aan te sluiten. Vanaf Q4 is het team weer op volle sterkte beschikbaar. Hierdoor is het weer mogelijk om structureel aan te sluiten bij consulenten overleggen in alle 7 Wf-gemeenten.
•
In het eerste kwartaal is nagegaan wat het overleg met de werkgroep oplevert. Uit deze evaluatie is gebleken dat het voornamelijk dient om toezicht onder de aandacht van de beleidsmedewerkers met toezicht in portefeuille te houden.
•
In het eerste kwartaal is nagegaan wat het overleg met de Netwerkorganisatie oplevert. Uit deze evaluatie is naar voren gekomen dat het nut en de noodzaak van dit overleg voor beide partijen als waardevol worden ervaren. Door dit overleg is duidelijk wie wat wanneer doet in relatie tot de gecontracteerde aanbieders.
•
Werkprocessen staan in Engage beschreven.
•
De afdeling communicatie is betrokken bij de ontwikkeling van formats. Deze zijn grotendeels omgezet in de juiste lay-out (regio Wf). Het afronden van dit proces verdient nog aandacht in 2025.
•
In Q1 zijn twee registratiesystemen voor Toezicht onderzocht. Dit waren TMO en KEDO. Er is gekozen voor KEDO. In Q2 en Q3 is gewerkt aan de vormgeving. In Q4 is de eerste proefversie geïmplementeerd. In 2025 zal verdere ontwikkeling plaatsvinden.
•
Door het in gebruik nemen van een registratiesysteem zal de grootste kwetsbaarheid op de privacyaspecten bij het uitvoeren van onderzoeken naar een acceptabel niveau zijn teruggebracht. Dit sluit aan bij de bevindingen uit de DPIA (Data Protected Impact Assesment).
•
Het is niet gelukt om alle toezichthouders in 2024 opgeleid te hebben in calamiteitenonderzoek. Dit komt door verzuim en wisselingen van de personele bezetting. De toezichthouder, welke beschikbaar was tot 1 oktober 2024, was al opgeleid om calamiteitenonderzoek uit te voeren. Een aanvullende opleiding is gevolgd om calamiteitenrapportages van aanbieders te interpreteren.
8
•
De piketdienst voor toezichthouders is op 1 januari 2024 geïmplementeerd. De piketdienst loopt van vrijdag t/m zondag van 8:00- 20:00 uur en heeft tot doel de bereikbaarheid bij calamiteiten te vergroten. Dit is belangrijk voor enerzijds de aanbieders die nog niet eerder met calamiteiten te maken hebben gehad; wij kunnen deze aanbieders direct begeleiden. Anderzijds kunnen de bestuurders direct op de hoogte worden gesteld en inschatten of de burgemeester moet worden geïnformeerd. In Q1 is dit door 2 toezichthouders uitgevoerd, in Q2 en Q3 door 1 toezichthouder en in Q4 door 3 toezichthouders. Q1 2025 zal geëvalueerd worden wat de nut en noodzaak hiervan is.
•
De werving- en selectieprocedure heeft 3 nieuwe toezichthouders in Q4 opgeleverd. Tijdens de gesprekken is toelichting gegeven op de piketdienst.
•
Intervisie is structureel geïmplementeerd met de toezichthouders uit Den Helder en vindt 4 keer per jaar plaats. Daarnaast is er structureel deelgenomen aan de bovenregionale bijeenkomsten, waarbij ook de VNG aanhaakt.
•
Er is een regionaal calamiteitenprotocol ontwikkeld, vastgesteld en geïmplementeerd.
•
Wij hebben in Q1 een training ontwikkeld en gegeven om regionaal medewerkers op te leiden die zitting kunnen hebben in de calamiteitencommissie, indien de aanbieder weigert een calamiteitenonderzoek uit te voeren of hieraan mee te werken.
9