CConstaterende datStede Broec
Koppel je AI →
Document · PDF

2.3 AB voorstel bezuinigingen 2026

Gemeenteraad 27 februari 2025, gemeente Stede BroecBij agendapunt: Recreatieschap WF3.878 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan het algemeen bestuur van het Recreatieschap Westfriesland

Bovenkarspel

: 12 december 2024

Onderwerp

: Bezuinigingen - Ravijnjaar 2026

Bijlagenummer

:

Geachte leden van het algemeen bestuur, 2026 staat inmiddels bekend als ‘het Ravijnjaar’ waarin gemeenten staan voor financiële uitdagingen. Daarbij kijken de gemeenten ook naar de gemeenschappelijke regelingen waarin zij deelnemen. Er is daarom in de zienswijzen op de Begroting 2025 door verschillende gemeenten gevraagd inzichtelijk te maken welke bezuinigingsmogelijkheden er zijn bij het Recreatieschap en welke financiële en maatschappelijke gevolgen die hebben. In dit voorstel is dit uiteengezet. 1. Historie Bezuinigingen bij de gemeenschappelijke regelingen zijn niet nieuw. In de periode 2010-2016 is er fors bezuinigd. Het effect daarvan werkt structureel door tot en met het heden. Bij de Begroting 2021 is opnieuw gevraagd bezuinigingsmogelijkheden te verkennen. Er is toen een kerntakendiscussie gevoerd. Uitkomst was dat het Recreatieschap de juiste (kern)taken uitvoert en dit doelmatig en op de juiste wijze doet. Ten opzichte van 2021 is de situatie niet veranderd. Door oorzaken als inflatie, toegenomen gebruik van de terreinen en andere autonome ontwikkelingen is de druk op de financiën zelfs toegenomen. Tevens zijn er verschillende opgaven gerealiseerd zonder verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Voor de Begroting 2025 is besloten tot een minimale verhoging van € 0,09 per inwoner om de gevolgen van de cao 2024-2025 te compenseren.

De Begroting 2025 is daarmee sluitend gemaakt maar biedt geen ruimte voor nieuwe of onvoorziene kosten. Dit is een onwenselijke situatie. De Kadernota 2026 laat een nihil resultaat zien. Het algemeen bestuur heeft in de vergadering van 10 juli 2024 geconcludeerd dat de conclusies van de kerntakendiscussie uit 2020 nog steeds actueel zijn en er geen ruimte is voor bezuinigingen, zonder dat dit direct die kerntaken raakt. 2. Recreatievisie Westfriesland Momenteel zijn de gemeenten in Westfriesland samen met het Recreatieschap Westfriesland in proces om een recreatievisie op te stellen. De gemeenteraden worden nauw betrokken in dit traject. Op 11 december is het ambitieniveau voor de visie vastgesteld; de ambitie is om de recreatieve voorzieningen uit te breiden met accent op verbindingen. De visie heeft een looptijd van tien à vijftien jaar. Dat in deze tijd van bezuinigingen nog niet wordt geïnvesteerd is begrijpelijk, maar het doorvoeren van de gevraagde bezuinigingen zijn niet in lijn met dit ambitieniveau. Daar komt bij dat door inwonersgroei (woningvraag: 13.000 woningen tot 2032) het aantal vierkante meters recreatiegroen per inwoner sowieso verhoudingsgewijs daalt. Dit geldt ook voor het voorzieningenniveau. Er is op dit moment alleen (financiële) ruimte voor instandhouding en niet voor vervanging, uitbreiding en kwaliteitsverbetering.

Om niet achteruit te gaan én te anticiperen op de toekomst is het juist nodig om

2

te investeren. Het schrappen van taken, terreinen of projecten maakt de opgave voor de toekomst alleen maar groter. 3. Effecten/maatschappelijke gevolgen Bezuinigingsmaatregelen leiden tot een lager voorzieningen- of kwaliteitsniveau. Uit onderzoek van de provincie blijkt dat Westfriesland nu al een fors tekort aan recreatieruimte heeft. Uit de Atlas van Gemeenten 2023 komt naar voren dat Westfriesland behoort tot de minst aantrekkelijke regio’s van Noord-Holland als het gaat om de groenblauwe woonaantrekkelijkheid. Naast een economisch belang van recreatie voor de regio als woon- en werkgebied draagt recreëren en sporten in een groene omgeving positief bij aan de fysieke en geestelijke gezondheid van de inwoners. Het RIVM laat zien dat per hectare groen (natuur, bos, parken, recreatiegebieden) in de buurt de zorgkosten tot € 10.000 per jaar verminderen. Het heeft ook een negatieve invloed op zaken als toegankelijkheid en inclusie voor álle inwoners. Een lager kwaliteitsniveau betekent minder sport- en spelmogelijkheden, een beperking van de openstelling en schoonmaak van toiletgebouwen en paden die toegankelijk zijn voor jong en oud. Voor alle maatregelen geldt dat deze een direct negatief effect hebben voor onze recreanten. De kwaliteit en kwantiteit van de terreinen en voorzieningen nemen af. De gebieden worden minder aantrekkelijk en de gebruiksmogelijkheden nemen af.

Dit heeft niet alleen negatief effect op de regio als woon- en vestigingsklimaat maar ook indirect op de fysieke en mentale gezondheid van onze inwoners. Onderstaand zijn de effecten/(maatschappelijke) gevolgen uiteengezet. Risico lager onderhoudsniveau Een lager beheer- en onderhoudsniveau leidt tot een verhoogd risico op ongelukken, waardoor het risico op aansprakelijkheidstelling toeneemt. Bij een bewuste verlaging kan de dekking van de verzekering mogelijk in gevaar komen. Politiek effect Maatregelen kunnen ook politieke gevolgen hebben. Bij het afstoten van een terrein staat niet de regio maar de gemeente waarin het terrein ligt, (financieel) aan de lat voor het onderhoud. Als er ook sprake is van verkoop aan derden, dan zullen de recreatieve mogelijkheden binnen een gemeente mogelijk afnemen. Effect efficiency Tot slot heeft het afstoten van taken of terreinen een negatief effect op de efficiency op regionale schaal. Als een taak bij het Recreatieschap wordt weggehaald vallen alleen de directe terreingebonden kosten weg. De algemene kosten als loonkosten, kosten voor materieel en overhead blijven. Als de beheerkosten verlegd worden naar de betreffende gemeenten zullen zij naast de terreingebonden kosten ook deze algemene kosten hebben. Daar komt bij dat de organisatie qua personeel en materieel vaak niet is ingericht op deze werkzaamheden. 4.

Bezuinigingsopgave versus de Kadernota 2026 Hoewel de bezuinigingsopgave en de Kadernota een duidelijke relatie met elkaar hebben is er voor gekozen om een onderscheid te maken en de Kadernota 2026 op te stellen op basis van het huidige beleid en takenpakket van het Recreatieschap. Voorliggend stuk gaat over de mogelijkheden om te bezuinigen door dit beleid en/of takenpakket aan te passen. Indien raden in hun zienswijze afwijken van het voorstel van het dagelijks bestuur om geen bezuinigingen door te voeren en het algemeen bestuur dit overneemt, dan zal het algemeen bestuur de keuze moeten maken waarop te bezuinigen. Aan de hand van deze keuze zal de Begroting 2026 worden opgesteld.

3

5. Uitgangspunt verkenning bezuinigingsmogelijkheden Van de Regietafel is een brief ontvangen met bezuinigingsrichtlijnen. Daarin wordt gesteld dat de gemeenschappelijke regelingen twee scenario’s uitwerken van 3 en 5 % bezuinigen op de gemeentelijke bijdrage en daarbij onderscheid maken in vier soorten maatregelen (methodiek GGD): - Wettelijke of maatschappelijke irrationele impact – kan niet op taakniveau worden bezuinigd (rood); - Taken waar niet op kan worden bezuinigd zonder ernstige impact (impact kan organisatorisch, operationeel, maatschappelijk, imago, financieel (waaronder frictiekosten) enz. zijn (oranje); - Taken waar eventueel kan worden bezuinigd, met beperkte impact (groen); - Bezuinigingen door efficiency, beter organiseren (onderdeel van plan-do-check-act) (blauw). In de tabel in bijlage 1 wordt bij bovenstaande categorisering aangesloten. In onderstaande tabellen is het effect van de twee bezuinigingsscenario’s (per gemeente) weergegeven op basis van de Begroting 2025. Daarnaast is op verzoek van de portefeuillehouders Financiën uit de regio ook het effect van een bezuiniging van 7% opgenomen in de tabel. Bezuiniging op basis van Kadernota 2026 3% 5% 7% Bijdrage per deelnemer op basis van Kadernota 2026 - € 7,60 per inwoner Gemeente Drechterland Gemeente Enkhuizen Gemeente Hoorn Gemeente Koggenland Gemeente Medemblik Gemeente Opmeer Gemeente Stede Broec

Effect gemeentelijke bijdrage € 1.570.000 € 50.554 € 84.256 € 117.959

Effect per inwoner € 0,22 € 0,35 € 0,53

Huidige bijdrage

Effect bezuiniging 3%

Effect bezuiniging 5%

Effect bezuiniging 7%

€ € € € € € €

€ € € € € € €

€ € € € € € €

€ € € € € € €

155.785 143.579 577.007 196.004 349.326 93.609 169.814

4.674 4.307 17.310 5.880 10.480 2.808 5.094

7.789 7.179 28.850 9.800 17.466 4.680 8.491

10.905 10.051 40.390 13.720 24.453 6.553 11.887

6. Onderzochte ombuigings- en bezuinigingsmogelijkheden Om de (on)mogelijkheden voor bezuinigingen en/of inkomsten verhogen bij het Recreatieschap in beeld te brengen is er gekeken naar de volgende zaken: 1. Het afstoten van terreinen of (kern)taken; 2. Begrotingsruimte, exploitatie en post onvoorzien; 3. Inverdienmogelijkheden; 4. Personeel; 5. Afschrijvingstermijnen; 6. Reserves en voorzieningen; 7. Kostenstijgingen. 1. (Kern)taken en terreinen Met een begrotingsomvang van € 1.950.000 (Begroting 2025) behoort het Recreatieschap tot de kleine gemeenschappelijke regelingen van Westfriesland. Van dat bedrag is ongeveer € 1.800.000 niet of zeer beperkt beïnvloedbaar. Dit betreft posten als personeelskosten, dienstverleningsovereenkomst, verzekeringen, NUTS-kosten, kapitaallasten, onderhoud van materiaal, brandstof en kosten voor verplichte schouw en groot maaiwerk. Het resterende deel is slechts deels beïnvloedbaar. Om daar (structureel) op te bezuinigen moeten (kern)taken worden geschrapt of substantieel worden bijgesteld. Dat kan door het (kwaliteits)niveau van de voorzieningen naar beneden bij te stellen of deze in zijn geheel te schrappen. Ook kunnen taken worden geschrapt en terreinen afgestoten. Onderstaand overzicht laat zien welke mogelijkheden er daarvoor zijn. Dit overzicht is in bijlage 1 nader uitgewerkt.

4 Af te stoten terrein/netwerk Streekbos De Hulk De Leijen Egboetswater Wijdenes Uiterdijk Schellinkhout Vooroevers Medemblik en Andijk Drachterveld Wandelnetwerk Fietsroutenetwerk Vaarroutenetwerk

Maatregel beheer Bijstellen kwaliteitsniveau onderhoud terrein Bijstellen kwaliteitsniveau onderhoud voorzieningen Openstelling en schoonmaak toiletten beperken of afsluiten Schrappen van noodzakelijke inhuur en advisering Afstoten terreinen derden Schrappen van specifieke taken: Maaien vaarroutes Baggeren haven Wijdenes Enz…

2. Begrotingsruimte, exploitatie en post onvoorzien Doordat het Recreatieschap een kleine begroting heeft is het mogelijk om scherp te begroten en strak op de uitgaven te sturen. Daardoor is er geen ruimte te vinden in maatregelen binnen de ‘blauwe categorie’ van de Regietafel zonder dat dit effect heeft op de (kwaliteit van de) uitvoering. Een kleine begroting heeft ook als effect dat onvoorziene kosten verhoudingsgewijs snel hoog zijn en niet binnen de exploitatie op te vangen zijn. Er is een post onvoorzien in de begroting opgenomen voor kosten als gevolg van dumpingen van (drugs)afval, vernieling en vandalisme. Deze kostenpost neemt steeds meer toe. Maar het gaat ook om kosten voor calamiteiten door klimaatverandering zoals deze afgelopen winter hebben plaatsgevonden. Gestreefd wordt naar een post onvoorzien van € 25.000 maar deze is de afgelopen jaren regelmatig (in de rapportages) naar beneden bijgesteld om de begroting sluitend te maken. Dat is ook gedaan voor 2027 en verder. De afgelopen jaren bedroegen de kosten voor vandalisme en (drugs)dumpingen zo’n € 20.000 à € 25.000 per jaar. In de winter van 2023-2024 bedroegen de kosten door wateroverlast meer dan € 40.000. Dit heeft als gevolg dat de post onvoorzien niet (altijd) toereikend is en dit ten koste van reguliere werkzaamheden - en daarmee de kwaliteit van de gebieden - zal gaan.

De algemene reserve bedraagt conform de regionale afspraken maximaal 2,5 procent van de lasten. Dat is voor het Recreatieschap slechts € 43.000. Daarmee kunnen tegenvallers maar beperkt incidenteel worden opgevangen. Bezuinigen heeft als gevolg dat er bij onvoorziene kosten een beroep moet worden gedaan op de deelnemende gemeenten of dat dit ten koste van het reguliere beheer en onderhoud gaat. Onderstaand overzicht laat het verloop van het jaarrekening- en begrotingsresultaat zien. Dit overzicht laat zien dat er geen grote financiële overschotten zijn en het begrotingsresultaat, de exploitatie en de post onvoorzien geen ruimte bieden voor bezuinigen. Jaar Begroting/ Kadernota Jaarrekening*

Resultaat Hoogte post onvoorzien Resultaat Hoogte post onvoorzien

BG 2020 € 32.000 € 25.000

BG 2021 € 11.000 € 25.000

BG 2022 € 16.000 € 25.000

BG 2023 € 18.000 € 25.000

€ 5.000 €0

€0 €0

€ 1.000 €0

**€ 29.000 €0

BG 2024 € 2.000 € 25.000

BG 2025 €0 € 23.000

KN 2026 € 1.000 € 25.000

KN 2027 €0 €7.000

KN 2028 €0 € 12.000

*In de jaarrekening is het resultaat het jaar rekeningresultaat inclusief de post onvoorzien. **Het relatief hoge resultaat in 2023 ontstaat vooral doordat het deel van de kosten voor het beheer van het stadsstrand Hoorn die het Recreatieschap betaalt, vanaf 2023 volledig is begroot, terwijl de openstelling gefaseerd gaat. De kosten zullen de komende jaren toenemen. Deze ‘ruimte’ is daardoor slechts tijdelijk van aard (zie ook de tabel in bijlage 1).

3. Inverdienmogelijkheden Ombuigen van de gemeentelijke bijdrage kan ook door naar inkomsten te kijken. Als gevolg van de kerntakendiscussie in 2020 is er een verkenning gedaan naar inverdienmogelijkheden. Deze blijken zeer beperkt te zijn en/of in het verleden door het bestuur niet wenselijk geacht (parkeergelden). Waar

KN 2029 €0 € 18.000

5

mogelijkheden zich aandienen, zijn of worden deze (al) benut. De huur- en pachtinkomsten die het Recreatieschap hanteert, worden zowel bij het opstellen en verlengen van contracten of tussentijds beoordeeld op markconformiteit. Het beeld is dan ook dat hierin geen winst te behalen is. Als toch besloten wordt tot verder inverdienen zullen er forse financiële en organisatorische inspanningen nodig zijn. Denk aan het herinrichten van parkeerplaatsen om betaald parkeren mogelijk te maken, personeel voor heffing en handhaving, investeringen in infra (weg, water, riool, energie) voor economische activiteiten, natuurcompensatie en uitgebreide RO-procedures. Er moet eerst geïnvesteerd worden voordat er inkomsten zijn. Maar ondanks deze inspanningen blijft er ook de mogelijkheid dat factoren zoals openbare orde en veiligheid, overlast voor de omgeving, gebrek aan draagvlak en (natuur)wetgeving mogelijkheden voor economische activiteiten beperken. Een gevolg van economische activiteiten kan ook zijn dat delen van terreinen niet meer vrij toegankelijk zijn. Dat is bijvoorbeeld het geval als er verblijfsrecreatie of grootschalige horeca wordt ontwikkeld. In dat geval gaat dit ten koste van de beschikbare ruimte voor recreatie. Ook zal een commerciële benadering van evenementen en activiteiten er mogelijk toe leiden dat er geen ruimte meer is voor ‘lokale’ en ‘sympathieke’ evenementen.

Denk aan goede doelen of culturele of sportieve evenementen. Daarnaast neemt het ‘ondernemersrisico’ toe naarmate meer wordt inverdiend. Deze risico’s zijn door de kaders van een gemeenschappelijke regeling en de beperkte financiële omvang van het Recreatieschap niet gewenst. Ook zijn zaken als de Wet markt en overheid en Vennootschapsbelasting factoren om rekening mee te houden. In maart 2021 heeft het dagelijks bestuur om die reden nog besloten dat inverdienen geen doelstelling op zich moet zijn. 4. Personeel (loonsom) Het Recreatieschap heeft 10,26 fte verdeeld over 12 personeelsleden. Er is geen sprake van (structurele) vacatureruimte. Ook is er geen ruimte om toekomstige vacatures niet of deels in te vullen omdat dit de kritische werkzaamheden raakt en leidt tot ongezonde werkdruk en daarmee verhoogde kans op uitval. Het Recreatieschap heeft een post inhuur van € 43.500 die wordt ingezet voor inhuur voor beheer op piekmomenten. Hierop bezuinigen heeft als gevolg dat de beheerintensiteit en daarmee de kwaliteit van de terreinen afneemt. Van dat bedrag is circa € 28.500 gekoppeld aan het beheer van het stadsstrand Hoorn. Hierop bezuinigen zal in overleg moeten gaan met de gemeente Hoorn en vraagt om bijstelling van de beheerovereenkomst. 5.

Afschrijvingstermijnen Volgens de Nota activabeleid van het Recreatieschap wordt de verwachte gebruiksduur en afschrijvingstermijn van voertuigen, gereedschappen en overige materiaal vastgesteld naar de op dat moment gangbare ervaringsnormen. Voor overige investeringen zijn er uitgangspunten opgenomen maar ook daarvoor wordt er per keer beoordeeld wat realistisch is, en waar mogelijk worden afschrijvingstermijnen verlengd. De mogelijkheden om te bezuinigen door het verlengen van de afschrijvingstermijnen zijn daarmee verwaarloosbaar. 6. Reserves en voorzieningen Het Recreatieschap heeft vier reserves. Twee daarvan zijn ter dekking van kapitaallasten en bedragen samen circa € 690.000. Daar kan geen aanspraak op worden gemaakt. Dit geldt ook voor de (enige) voorziening die is bestemd voor de dekking van lasten uit het beheerplan. De andere reserves zijn de Algemene Reserve van € 43.000 en de Reserve Natuur- en Recreatieplan Westfriesland van ongeveer € 700.000 waarvan € 63.000 nog vrij te besteden is. In theorie zou de Algemene Reserve en circa € 650.000 van de reserve Natuur- en Recreatieplan Westfriesland incidenteel

6

ingezet kunnen worden om aan de bezuinigingsopgave te voldoen. In dat geval moeten er projecten van het uitvoeringsprogramma geschrapt worden en kunnen de gewenste en benodigde ontwikkelingen niet worden uitgevoerd. Een aantal projecten is reeds in voorbereiding. Deze maatregel heeft een negatief effect op het kwaliteitsniveau van de recreatieterreinen en voorzieningen. Deze maatregel staat haaks op de ambities en opgaven waar de regio voor staat op het gebied van recreatie. Inzetten van de Algemene Reserve leidt er toe dat incidentele financiële tegenvallers niet opgelost kunnen worden. Het inzetten van de reserves voor de bezuinigingsopgave is geen structurele oplossing maar verschuift het probleem naar de toekomst. Ook maakt het de uitvoering van projecten vanuit het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland en de nieuwe recreatievisie moelijker. 7. Kostenstijgingen (lasten) Naast de (on)mogelijkheden om te bezuinigen zijn ook kostenstijgingen in beeld gebracht. Deze ontstaan bijvoorbeeld door stijgende aanneem- en materiaalkosten, effecten daarvan op de (te herziene) meer-jaren-onderhoudsplannen en effecten van de nieuwe cao (2025).

Ook ziet het Recreatieschap een mogelijke daling van inkomsten als gevolg van contractonderhandelingen met ondernemers en verwacht het Recreatieschap op termijn een toename van rentelasten voor investeringen voortkomend uit het beheerplan of het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. Omdat het Recreatieschap de afgelopen jaren steeds vaker geconfronteerd wordt met de gevolgen van vandalisme en calamiteiten (zie ook het kopje ‘Begrotingsruimte en post onvoorzien‘) is een post onvoorzien van minimaal € 25.000 noodzakelijk. Hoewel dat in het meerjarenperspectief in de Kadernota 2026, vanaf 2027 niet structureel het geval is, is gezien de wens van de gemeenten om bezuinigingen door te voeren ervoor gekozen de gemeentelijke bijdrage hiervoor (nog) niet extra te verhogen. In de Kadernota 2026 is rekening gehouden met een extra dotatie in de voorziening voor groot onderhoud en toenemende rentelasten. De financiële gevolgen van de genoemde kostenstijgingen op de lange termijn zijn nog onduidelijk. Deze kosten zullen naar verwachting in de toekomst verder oplopen. Dit is mede afhankelijk van besluitvorming hierover. Advies Er is onderzoek gedaan naar de bezuinigings- of ombuigingsmogelijkheden bij het Recreatieschap.

De conclusie is dat de begroting van het Recreatieschap geen mogelijkheden biedt voor bezuinigingen en/of ombuigingen in 2026 zonder dat het de kerntaken en/of de uitvoering van geplande projecten raakt. Dit komt mede doordat er in het verleden al verschillende opgaven, zoals de bouw van een nieuwe werkschuur en het beheer van projecten als het wandelnetwerk en algehele stijging van beheerkosten als gevolg van intensiever gebruik van de terreinen en toename van ‘natuur-inclusiever’ beheer zijn gerealiseerd zonder verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Er zijn voor 2026 ook kostenstijgingen te verwachten. Deze zijn verwerkt in de Kadernota 2026. De verkenning laat zeer beperkt ruimte tot bezuinigen zien. Dit effect is alleen minimaal en onvermijdelijke kostenstijgingen als bijvoorbeeld de gevolgen van een nieuwe cao doen deze teniet. Het inzetten van de reserve voor het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland door deze te herbestemmen en in te zetten om een begrotingstekort te dekken is een incidentele en niet-duurzame maatregel. Als het bestuur toch besluit 3%, 5% of 7% te bezuinigen moet het de keuze maken welke (kern)taken te schrappen, terrein(en) af te stoten en/of projecten niet uit te voeren.

De negatieve politieke en maatschappelijke impact voor de regio van eventuele maatregelen zijn dusdanig groot dat doorvoeren ervan niet in verhouding staat tot deze opbrengsten voor de regio.

7

Het voorstel aan het algemeen bestuur is om in de Begroting 2026 geen bezuinigingen door te voeren. Alternatieven Alternatief is om wel een bezuiniging door te voeren in de Begroting 2026. Het algemeen bestuur moet dan kiezen welke reserves in te zetten en/of welke van de terreinen of taken (zie bijlage 1) afgestoten moeten worden. Voorstel Wij stellen u voor om: - In de Begroting 2026 geen bezuinigingen door te voeren;

De secretaris,

de voorzitter,

8

Bijlage 1. Mogelijke bezuinigingsmaatregelen Maatregel

Financieel effect

Uitsterfbeleid speeltoestellen

€ 9.000

Kwaliteit en kwantiteit paden omlaag

€ 10.000

Budget advisering

€ 5.000

Maaien vaarroutes

€ 10.000

Budget inhuur

€ 5.000

Openstelling en schoonmaak toiletten beperken Bijstellen kwaliteitsniveau onderhoud terreinen

€ 16.000

Baggeren haven Wijdenes

€ 12.000

Strand Hoorn: van het bijstellen van het beheerniveau tot het volledig aan Hoorn doorberekenen van de kosten

Afstoten werkzaamheden van derden Strand Hoorn: van het bijstellen van het beheerniveau tot het volledig aan Hoorn doorberekenen van de kosten Strand Hoorn: volledig afstoten van het terrein.

€ 10.000

€ 0 tot € 75.000

Maatschappelijk effect

Categorie regietafel

Voorzieningenniveau en kwaliteitsniveau van de terreinen daalt. Zal Dit leidt tot klachten van de bezoekers. Voorzieningenniveau en kwaliteitsniveau van de terreinen daalt. Het leidt mogelijk tot gevaarlijke situaties, ongevallen en sluiting van paden. Dit leidt tot klachten van de bezoekers. Ruimte om expertise in te huren neemt af. (Juridische) Producten worden van mindere kwaliteit of taken blijven liggen. Plaatsen waar waterplanten overlast geven worden niet meer gemaaid (leidt tot klachten). Werk kan ook op kosten van de betreffende gemeente worden gedaan. Geen of minder inhuur op piekmomenten. Dit leidt mogelijk tot het niet meer opruimen van zwerfvuil in de weekenden. Dit geeft overlast en leidt tot klachten. De toiletgebouwen niet mee openen leidt tot klachten, vervuiling van terreinen en slechtere zwemwaterkwaliteit. Kwaliteit van beheer wordt beperkt tot de essentiële zaken. Alle extra’s vervallen en verzoeken van gemeenten of samenwerkingspartners (bijv. IVN) worden niet (meer) gehonoreerd. Havenfunctie vervalt. Recreanten en de SAR Wijdenes kunnen geen gebruik meer maken van de haven. Hier liggen afspraken over met de gemeente Drechterland. Deze maatregel zet de politieke verhoudingen op scherp. Voor het beheer van het Stadsstrand zijn afspraken vastgelegd.

Als gekozen wordt om het kwaliteitsniveau generiek te verlagen, lijkt het logisch dat ook wordt doorgevoerd voor het Stadsstrand. Dit heeft dan alleen effect op de 50% deel van de beheerkosten die het Recreatieschap betaalt.

Categorie regietafel € 0 tot € 75.000

- € 10.000

Enkhuizerzand

- € 4.000

Oosterleek

- € 6.000

Julianapark

- € 15.000

Regattacentrum

- € 6.000

Broekerhaven oost

-€4.000

Voor het beheer van het Stadsstrand zijn afspraken vastgelegd. Als gekozen wordt om het kwaliteitsniveau generiek te verlagen, lijkt het logisch dat ook wordt doorgevoerd voor het Stadsstrand. Dit heeft dan alleen effect op de 50% deel van de beheerkosten die het Recreatieschap betaalt. Het volledig afstoten van het beheer van het Strand Hoorn heeft een negatief financieel effect. Dit komt doordat met het toevoegen van het beheer van het stadsstrand aan de taken van het Recreatieschap de indirecte lasten (loon, overhead, kapitaallasten) zijn toegenomen. Deze kosten blijven grotendeels bestaan en zijn hoger dat de bijdrage van de gemeente Hoorn die de gemeente Hoorn betaalt voor het beheer. Het beëindigen van deze werkzaamheden heeft een negatief financieel effect. Het beëindigen van deze werkzaamheden heeft een negatief financieel effect. Het beëindigen van deze werkzaamheden heeft een negatief financieel effect. Het beëindigen van deze werkzaamheden heeft een negatief financieel effect. Het beëindigen van deze werkzaamheden heeft een negatief financieel effect.

9 Af te stoten eigen terrein/netwerk Streekbos De Hulk De Leijen Egboetswater Wijdenes Uiterdijk Schellinkhout Vooroevers Stadsstrand* Drachterveld Wandelnetwerk Fietsroutenetwerk Vaarroutenetwerk (excl. maaien waterplanten)

Financieel effect € 48.000 € 11.000 € 13.000 € 30.000 € 13.000 € 6.000 € 55.000 - € 10.000 € 6.000 € 8.000 € 6.000 € 1.500

Maatschappelijk effect

Categorie regietafel

- Zet de politieke verhoudingen op scherp - Recreatieterrein verdwijnt in zijn huidige vorm = afname voorzieningen - Beheer is dan aan de betreffende gemeente. Mogelijk zal deze zijn deelname of bijdrage aan de GR heroverwegen - Efficiencyvoordeel beheer neemt af: Vanwege doorlopende vaste kosten is het bezuinigingsvoordeel beperkt - Kosten worden verschoven naar de betrokken gemeente. Voor die gemeente betekent het een nadeel. Voor de overige gemeenten een voordeel. Per saldo is het regionale effect negatief. - Voorzieningenniveau neemt af - Efficiencyvoordeel en eenduidige kwaliteit verdwijnt - Westfriesland wordt een witte vlek

Toelichting kolom ‘Categorie regietafel’; - Wettelijke of maatschappelijke irrationele impact – kan niet op taakniveau worden bezuinigd (rood); - Taken waar niet op kan worden bezuinigd zonder ernstige impact (impact kan organisatorisch, operationeel, maatschappelijk, imago, financieel (waaronder frictiekosten) enz. zijn (oranje); - Taken waar eventueel kan worden bezuinigd, met beperkte impact (groen); - Bezuinigingen door efficiency, beter organiseren (onderdeel van plan -do-check-act) (blauw).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15072248/1