11. Raadsbrief Stede Broec kwetsbare kinderen.docx
Tekst van het document
Raadsbrief Regiorapport Vervolgtoezicht Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd Informerend Zaaknummer: 408085 Bijlage: 3
Geachte raad, Met deze brief infomeren wij u over het op 5 juli 2021 gepubliceerde regiorapport voor de Jeugdbeschermingsregio's Amsterdam en Noord-Holland (waaronder ook Westfriesland) over het vervolgtoezicht Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd.
Toelichting In november 2019 is het inspectierapport Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd gepubliceerd. De inspecties concludeerden toen dat jeugdigen met een jeugdbeschermingsmaatregel te lang moeten wachten op een vaste jeugdbeschermer en/of passende jeugdhulp. Ook werden accounthoudende gemeenten aangewezen om te sturen op bovenregionale samenwerking van gemeenten per GI. Op basis van dit rapport van de Inspecties hebben de regio’s Noord Holland en Amsterdam gezamenlijk met de betrokken Gecertificeerde Instellingen (GI’s) verbeterplannen opgesteld. Bij de voortgangsrapportage van oktober 2020 bleek dat een doorbraakmethode nodig was om de wachtende jeugdigen per regio te helpen aan passende jeugdhulp. Vervolgens hebben de Inspecties in februari en maart 2020 vervolgonderzoek gedaan en een praktijktoets uitgezet of kinderen tijdig een jeugdbeschermer, gedragen koers en passende hulp hebben. De praktijktoets bestond uit dossieronderzoek en interviews met medewerkers uit de Jeugdbescherming in de verschillende regio’s. De Inspecties concluderen op basis van dit praktijkonderzoek dat de wachtlijstproblematiek ondanks de doorbraakaanpak nog niet voldoende is opgelost. Inspecties hebben niet de bevoegdheid om aanwijzingen op te leggen aan de regio’s maar zullen welde komende zes maanden afspraken maken om de geconstateerde problemen aan te pakken.
De Inspectie noemt dit verscherpt toezicht. Wat hebben de Inspecties geconcludeerd? In de regio Noord Holland ontbreekt het aan effectieve (bovenregionale) samenwerking die nodig is voor een kwantitatief en kwalitatief toereikend passend specialistisch hulpaanbod voor kinderen met een jeugdbeschermingsmaatregel. In een aantal gemeenten in de regio Noord Holland is het proces om te komen tot passende hulp voor jeugdigen met een maatregel zodanig gecompliceerd dat dit de tijdige inzet van passende hulp vertraagt. De inspecties stellen vast dat een aantal gemeenten niet zonder meer vertrouwt op de professionaliteit van de GI (Jeugdbescherming) bij de uitvoering van de wettelijke taken. Daarom hebben de Inspecties aanbevelingen geformuleerd voor gemeenten, GI’s en voor de keten van jeugdhulpregio’s, GI’s, zorgaanbieders en lokale teams gezamenlijk. Aanbevelingen voor gemeenten: Maak mogelijk dat de Gecertificeerde Instelling (GI) de noodzakelijk geachte hulp zonder vertraging kan inzetten. Zorg voor een redelijk alternatief voordat de bestaande specialistische residentiële hulp wordt afgebouwd. Zorg in elke regio voor een operationeel expertteam. Aanbevelingen voor Gecertificeerde Instellingen:
-
Overleg tijdig met de daartoe aangewezen inhoudelijk deskundige van de gemeente over de beschikbaarheid en de mogelijkheden om de noodzakelijke hulp in te zetten. Schaal tijdig op naar het expertteam indien de passende hulp niet tijdig beschikbaar blijkt.
Aanbevelingen voor jeugdhulpregio’s, GI’s, zorgaanbieders en lokale teams gezamenlijk: Scherp gezamenlijk de doorbraakaanpak aan en zet deze in voor kinderen met een maatregel die nu wachten op passende hulp. De Inspecties geven de regio’s de opdracht om gezamenlijk met betrokken partijen te werken aan een plan van aanpak dat op korte termijn zal leiden tot een kwantitatief en kwalitatief toereikend passend specialistisch hulpaanbod voor jeugdigen met een maatregel. Deze opdracht sluit aan bij de bovenregionale samenwerking rond een “thuis voor Noordje” waarin afspraken gemaakt worden over het bovenregionaal aanbod van jeugdzorg plus en jeugdhulp met verblijf. Wat betekent dit rapport voor Westfriesland? In West Friesland is de doorbraakmethode voortvarend opgepakt. Voor jeugdigen (met een maatregel) die langer dan drie maanden moesten wachten op passende hulp zijn maatwerkoplossingen gezocht. Tegelijkertijd bleek uit onze monitoring dat de wachtlijsten door de nieuwe instroom niet korter werden. Om die reden zijn extra acties ingezet zoals een periodieke regionale monitoring met GI’s en het invoeren van een Vierhoeksoverleg met de Raad voor de Kinderbescherming, Veilig Thuis, de lokale gebiedsteams en de GI’s gericht op het verbeteren van de samenwerking. Voor wachtlijstproblemen worden in dit overleg gezamenlijk oplossingen gezocht.
Op termijn zullen ook jeugdhulpaanbieders aansluiten zodat een lerend netwerk van professionals wordt ontwikkeld. Tenslotte wordt onderzocht of een beschikbaarheidsapplicatie kan worden ingevoerd. Met deze applicatie geeft inzicht in de wachtlijsten bij de jeugdhulpaanbieders. Hierdoor zal snel inzichtelijk zijn welke jeugdhulpaanbieder ruimte heeft om hulp te verlenen. In Stede Broec gaat het om 25 gezinnen met een maatregel, 1 gezin vrijwillig en 2 OTS. In het rapport wordt door de Inspecties expliciet aangegeven dat het Resultaatgestuurd werken in Westfriesland belemmerend werkt voor het inzetten van tijdige en passende jeugdhulp. Het beeld is dat jeugdhulpaanbieders starten met de hulpverlening wanneer de jeugdbeschermer het met de gemeenten eens is over het in te zetten arrangement. Dit kost in sommige situaties veel tijd, waardoor hulpverlening niet tijdig gestart kan worden. Mogelijk is de praktijk nog niet voldoende afgestemd op hoe het resultaatgestuurd werken vorm zou moeten krijgen. We vertrouwen erop dat de regionale gesprekken die we met regelmaat voeren met lokale teams en jeugdhulpaanbieders om de afspraken en de wijze waarop resultaatgestuurd werken wordt uitgevoerd, te bespreken en ontstane knelpunten op te lossen, tot een effectieve en gedragen werkwijze in de praktijk leiden. West-Friesland valt inmiddels onder verscherpt toezicht.
Hoe verder? De inspecties hebben de regio’s in Noord-Holland gevraagd uiterlijk 30 juni een bestuurlijke reactie te geven. De regio’s hebben op NH niveau gezamenlijk een reactie opgesteld (Bijlage 1). In deze brief erkennen de regio’s het probleem en wordt het belang van gezamenlijk optrekken en transparantie benadrukt. Daarnaast wordt aangegeven dat het rapport geen recht doet aan de ontwikkelingen en inzet die al gepleegd is en ingegaan op de wijze waarop de Inspectie gemeenten aanspreekt. Tenslotte wordt in de brief op hoofdlijnen aangegeven waar gemeenten gezamenlijk op willen gaan sturen. Westfriesland zal na publicatie van het rapport nog een aparte brief sturen om de conclusie die gedaan is over het resultaatgerichte werken van een tegenreactie te voorzien. Er moeten nog afspraken worden gemaakt voor het vervolgtoezicht traject. De verwachting is dat de Inspecties opdrachten aan de regio zullen verstrekken en de voortgang van de uitvoering van deze afspraken zullen monitoren. In Januari 2022 zullen wij de raad opnieuw informeren over de opbrengsten van het vervolgtraject.
Bovenkarspel, 6 juli 2021 Burgemeester en wethouders van Stede Broec De secretaris, De burgemeester,
A. Huisman
R.A.P. Wortelboer