08 Beantwoording Artikel 36 vragen omtrent verkoop Kweeklust
Tekst van het document
Beantwoording schriftelijke vragen artikel 36 omtrent verkoop Kweeklust Zaaknummer: 1005479
Aanleiding Op 16 september 2022 zijn door de fractie Onafhankelijke Partij Stede Broec de onderstaande vragen, omtrent de verkoop van Kweeklust gesteld aan het college van de gemeente Stede Broec.
Hieronder treft u zowel de vragen als antwoorden aan. Informatieverstrekking
Inleiding Op 24 augustus heeft de gemeente Stede Broec het volgende gepubliceerd in het gemeenteblad: Voorgenomen verkoop van onroerende zaak door de gemeente Stede Broec aan Kuin Vastgoed Ontwikkeling B.V. Naar aanleiding van deze publicatie alsmede ook de door de Onafhankelijke Partij gestelde artikel 33 vragen over de uitspraak van de Hoge Raad dd. 26 november 2021 (Didam-arrest) stellen wij u de volgende vragen:
Vraag 1 U stelt in de publicatie van de voorgenomen verkoop dat Kuin Vastgoed Ontwikkeling B.V. de enige serieuze gegadigde is om de genoemde gronden (locatie Kweeklust) te kopen. Vraag: zijn andere partijen in staat gesteld om de gronden van locatie Kweeklust te kopen, zo ja op welke (aantoonbare) wijze heeft dit plaatsgevonden en welke partijen hebben zich gemeld?
Antwoord 1 Andere partijen zijn niet anders dan in de zes weken durende reactietermijn op de voorgenomen verkoop in staat gesteld om ook deze gronden mogelijk te verwerven. Er hebben zich in deze periode ook geen partijen gemeld. De verkoop aan Kuin/Woonschakel en de ontwikkeling van dit gebied is nadrukkelijk het resultaat van een zorgvuldig doorgelopen proces, waarin het college en de Raad stapsgewijs is meegenomen en heeft kunnen beslissen. In 2020 heeft de combinatie Kuin/Woonschakel al haar eerste aanbieding gedaan voor de aankoop/ontwikkeling. Op 28 januari 2021 heeft de Raad ingestemd met de ontwikkeling van Kweeklust als woongebied, in casu de keuze voor het aanbod van Kuin/Woonschakel. In juli 2021 heeft Kuin/Woonschakel een aangepast en definitief aanbod gedaan, welke in september 2021 door de Raad is aanvaard. Ook is in die periode tussen gemeente en Kuin/Woonschakel een voorovereenkomst gesloten om de beoogde ontwikkeling verder op zijn haalbaarheid te onderzoeken en te komen tot een koop-ontwikkelovereenkomst. Inmiddels is dit afgerond, ligt er een door de gemeente goedgekeurd ontwikkelplan (stedenbouwkundig plan, etc.), en wensen gemeente en Kuin/Woonschakel over te gaan tot het concretiseren van de verkoop en realisatie.
Het Didam-arrest is van november 2021, dit is dus na de eerdere genomen besluiten door de gemeente(raad) over de beoogde ontwikkeling van dit plan door Kuin/Woonschakel. Vanuit dit arrest was de gemeente dus genoodzaakt de voorgenomen 1:1 verkoop te onderbouwen en publiceren. Deze onderbouwing wijkt in principe echter niet af van redenen en eerdere beslissingen om met Kuin/Woonschakel in zee te gaan. Vraag 2 Bij punt 2 van de argumentatie stelt u dat de gemeente Kuin Vastgoed Ontwikkeling heeft uitgenodigd om de ontwikkeling van Kweeklust ter hand te nemen. Dit staat haaks op de verklaring die u middels het raadvoorstel van 17 december 2020 (zie bijlage) aan de gemeenteraad heeft gedaan, namelijk dat de stichting de Woonschakel Westfriesland samen met Kuin Vastgoedontwikkeling de gemeente hebben benaderd. Vraag: Kunt u de discrepantie verklaren en aangeven welke juridische of andere redenen aan de orde zijn (geweest) om dit nu/toen anders te verwoorden. Antwoord 2 Dit is een omissie in de tekst. Er is altijd sprake geweest van een oplossing/aanbod vanuit Kuin/Woonschakel, welke wij hebben aanvaard. Vanuit het aanbod hebben wij Kuin/Woonschakel aansluitend uitgenodigd om het aanbod samen met ons verder uit te werken tot het huidige haalbare (en goedgekeurde) stedenbouwkundig plan en de concretisering van de verkoop en ontwikkeling.
Vraag 3 Ook onder punt 2 van de argumentatie stelt u dat Kuin Vastgoed Ontwikkeling als enige bereid en in staat bleek om de volkstuinen te verplaatsen naar een ander perceel. Dat is ook de reden, waarom de gemeente enkel met Kuin Vastgoed Ontwikkeling in zee is gegaan voor de ontwikkeling van deze voormalige volkstuinen. Vraag: Welke partijen heeft u nog meer benaderd om de volkstuinen te verplaatsen, dan wel welke partijen hebben u benaderd of zijn aangedragen door derden, bijvoorbeeld de volkstuinvereniging Kweeklust? Welke inspanningen heeft u daarvoor verricht en zijn deze partijen/locaties ook voorgelegd aan de tuindersvereniging Kweeklust? Antwoord 3 Voor zover bekend heeft de gemeente geen andere partijen benaderd voor een alternatieve locatie voor de volkstuinen en is de gekozen locatie van Kuin in goed overleg gegaan met en naar tevredenheid van de tuindersvereniging. O het moment dat dit speelde was Kuin de enige bekende partij die met zekerheid en op korte termijn een alternatieve en geschikte locatie kon aanbieden. Tot slot, de her locatie van de volkstuinen is een zeer belangrijke, maar niet het enige argument om in deze ontwikkeling met Kuin/Woonschakel in zee te gaan. Het gaat om het gehele pakket (o.a. woonbeleid, haalbaarheid, financiën, maar bijvoorbeeld ook (ambtelijke) capaciteit).
Vraag 4a Onder punt 4 van de argumentatie stelt u dat u op grond van het Didam-arrest 26 november 2021 voornemens te zijn dit uit te geven aan één serieuze gegadigde, zijnde Kuin Vastgoed Ontwikkeling B.V. en voor wat betreft de sociale woningen aan Stichting de Woonschakel West- Friesland. Vraag a: Kunt u aangeven aan welke voorwaarden er moet worden voldaan om op grond van het Didam-arrest de gronden van Kweeklust te verkopen en in hoeverre dit verschilt met de voorwaarden die golden voor het Didam-arrest.
Antwoord 4a Voor het Didam-arrest mocht een 1:1 verkoop, mits er geen sprake was van (onbedoelde) staatssteun, i.c. een marktconforme prijs is hierin een/de belangrijkste vereiste. Hier is in de verkoop aan Kuin/Woonschakel voldaan; de koopprijs is meer dan zowel de extern getaxeerde waarde als de intern berekende residuele grondwaarde. Met het Didam-arrest mag vanuit mededinging een 1:1 niet, mits aantoonbaar hier slechts één gerede partij voor in aanmerking komt, waarvan wij van mening zijn dat dit in dit geval van toepassing is. Vraag 4b Vraag b: Op 11 februari 2022 heeft de Onafhankelijke Partij artikel 33 vragen gesteld over de uitspraak van de Hoge Raad dd. 26 november 2021 (zgn Didam-arrest). In de beantwoording stelt u dat deze uitspraak geen invloed heeft op de verkoop van Kweeklust. Wat zijn de redenen waarom u in deze publicatie verwijst naar deze uitspraak. Antwoord 4b Als hierboven aangegeven is de beoogde 1:1 verkoop aan en ontwikkeling door Kuin/Woonschakel het resultaat van een zorgvuldig proces waarop in principe al besloten was voor het Didam-arrest. Dit op basis van (grotendeels) dezelfde argumenten waarop wij in de (nieuw verplichtte) Didam-publicatie onderbouwen dat de beoogde 1:1 verkoop gerechtvaardigd is. Vanhier uit dus onze eerdere beantwoording dat ‘…deze uitspraak geen invloed heeft op de verkoop van Kweeklust…’.
Daarnaast geeft de afgelopen publicatie, zonder reacties, ons nu ook meer rechtszekerheid over de verkoop.
Vraag 5 De doelstellingen van in inkoop- en aanbestedingsbeleid van de gemeente Stede Broec zijn: 1. Een bijdrage aan de college- en organisatiedoelstellingen leveren; 2. Doelmatig en rechtmatig inkopen & aanbesteden, zodat gemeenschapsgelden op een verantwoorde en controleerbare wijze worden aangewend en besteed; 3. Een integere en betrouwbare opdrachtgever zijn, die ondernemers gelijke kansen biedt; 4. Inkopen & aanbesteden tegen de optimale (integrale) prijs-kwaliteitsverhouding; 5. Administratieve lastenverlichting van de inkoop- en aanbestedingsprocessen voor ons en de ondernemers. Vraag: Bent u ervan overtuigd dat u volledig conform bovenstaande doelstellingen van het inkoop- en aanbestedingsbeleid van de gemeente Stede Broec hebt gehandeld? Wij willen u verzoeken uw antwoord te onderbouwen.
Antwoord 5 1. Met de verkoop en ontwikkeling door Kuin/Woonschakel wordt een bijdrage geleverd aan deze doelstellingen, c.q. het woonbeleid 2. N.v.t. 3. Juist om ook na het Didam-arrest door te gaan met Kuin/Woonschakel laat de gemeente zien een integere en betrouwbare opdrachtgever te zijn. In deze casus is, alles overziend vanuit de aanbieding van Kuin/Woonschakel, wel door het college bewust afgeweken van mededinging in de initiële fase 4. Als hierboven aangegeven ligt de verkoopprijs hoger dan de taxatie/residuele waarde, waarbij gemeentelijke kwaliteitseisen ten aanzien van het programma en openbare ruimte zijn geborgd 5. Juist door de 1:1 verkoop/ontwikkeling wordt zowel in de aanbesteding als later in de uitvoering onze organisatie ontlast Vervolg Wij vertrouwen erop dat de vragen volledig en naar tevredenheid zijn beantwoord.
Bovenkarspel, 25 oktober 2022 Burgemeester en wethouders van Stede Broec De secretaris, De burgemeester,
A. Huisman
R.A.P. Wortelboer