CConstaterende datStede Broec
Koppel je AI →
Document · PDF

05A Evaluatie kaderplan SHV definitief nov2020

Gemeenteraad 25 maart 2021, gemeente Stede BroecBij agendapunt: Samenleving7.359 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie Regionaal kaderplan Westfriesland

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

1

Inhoud Evaluatie Regionaal kaderplan Westfriesland ......................................................................................1 1.

Inleiding ..................................................................................................................................4

2.

Terugblik op kaderplan schuldhulpverlening Westfriesland .....................................................5

3.

4.

5.

2.1

Doel van het kaderplan ....................................................................................................5

2.2

Missie en visie kaderplan .................................................................................................5

2.3

Uitgangspunten kaderplan ...............................................................................................5

2.4

Samenwerking .................................................................................................................6

2.5

Kwaliteitsborging .............................................................................................................6

2.6

Ambities kaderplan ..........................................................................................................7

Stand van zaken vroegsignalering ............................................................................................8 3.1

Ketensamenwerking en laagdrempelige aanmelding .......................................................8

3.2

Pilot Vroeg Eropaf Westfriesland .....................................................................................8

3.3

Conclusie .........................................................................................................................9

Stand van zaken regionale preventie ..................................................................................... 10 4.1

Informatieverstrekking en doorbreken taboe rondom schulden..................................... 10

4.2

Bevorderen participatie ................................................................................................. 11

4.3

Voorlichting en trainingen ............................................................................................. 11

4.4

Hulp bij financiën ........................................................................................................... 11

4.5

Conclusie ....................................................................................................................... 12

Behaalde resultaten .............................................................................................................. 12 5.1

Uitvoering schuldhulpverlening in de regio .................................................................... 12

5.2

Ambitie 1: Meer inwoners hulp bieden bij schulden ....................................................... 13

5.3 Ambitie 2: Verminderen van het aantal beëindigingen wegens het niet voldoen aan de verplichtingen ........................................................................................................................... 14 5.4

Ambitie 3: Voor 100% voldoen aan de wettelijke termijnen en wachttijden ................... 14

5.5

Ambitie 4: 100% van de hulpvragers hulp bieden ........................................................... 15

5.6

Ambitie 5: Maximaal 5% van de aanvragen buiten behandeling stellen .......................... 15

5.7 Ambitie 6: Minimaal een 7 gemiddeld scoren in het tweejaarlijks tevredenheidsonderzoek........................................................................................................... 15

6.

5.8

Ambitie 7: Maximaal 10% van de toelatingen per jaar is recidive ................................... 15

5.9

Samenvatting................................................................................................................. 16

Trends en ontwikkelingen ..................................................................................................... 17 6.1

Besluit breed moratorium .............................................................................................. 17

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

2

7.

8.

6.2

Samenwerkingsverband Brede schuldenaanpak............................................................. 17

6.3

Noodstopprocedure voorkomt stapelen boetes bij mensen met schulden ..................... 17

6.4

Coronacrisis ................................................................................................................... 17

6.5

Wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening ......................................................... 17

6.6

Herziening van het beslag- en executierecht .................................................................. 18

Financiën............................................................................................................................... 18 7.1

Uitgaven op schuldhulpverlening ................................................................................... 18

7.2

Investeren om te besparen ............................................................................................ 20

7.3

Conclusie ....................................................................................................................... 20

Bevindingen en aanbevelingen .............................................................................................. 21 8.1

Inleiding......................................................................................................................... 21

8.2

Bevindingen................................................................................................................... 21

8.3

Conclusie ....................................................................................................................... 22

8.4

Aanbevelingen ............................................................................................................... 22

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

3

1. Inleiding Vanaf 1 juli 2012 geldt de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (hierna: Wgs). Deze wet geeft gemeenten de regie op integrale schuldhulpverlening en verplicht gemeenten om minimaal eens per vier jaar een beleidsplan vast te stellen. In 2017 stelden de Westfriese gemeenten gezamenlijk het kaderplan Westfriesland, Schuldhulpverlening 2017-2020 vast, verder te noemen kaderplan. In het kaderplan is opgenomen dat de Westfriese gemeenten onder integrale schuldhulpverlening verstaan: ‘Een samenhangend hulpaanbod van preventie tot en met nazorg met als doel zowel financiële problemen als de oorzaak hiervan op te lossen of te stabiliseren zodat ze geen belemmering vormen om mee te kunnen doen in de samenleving’. Ter voorbereiding op de ontwikkeling van nieuw beleid ten aanzien van de schuldhulpverlening in Westfriesland is het huidige kaderplan geëvalueerd. In dit document treft u de uitkomst van de evaluatie. De evaluatie is als volgt opgebouwd: -

Terugblik, uitgangspunten beleidskader Stand van zaken vroegsignalering Stand van zaken regionale preventie Behaalde resultaten Trends en ontwikkelingen Financiën Bevindingen en aanbevelingen

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

4

2. Terugblik op kaderplan schuldhulpverlening Westfriesland In dit hoofdstuk wordt teruggekeken naar het kaderplan. Aangegeven wordt wat de doelen en uitgangspunten waren in de afgelopen periode.

2.1 Doel van het kaderplan De doelen van het kaderplan zijn: 1. één uniforme, effectieve en efficiënte manier van hulpverlening te kunnen realiseren, en; 2. duidelijkheid te creëren voor alle inwoners van Westfriesland. Het Regionale Kaderplan is gericht op integrale schuldhulpverlening. Dit is: “Een samenhangend hulpaanbod van preventie tot en met nazorg met als doel zowel financiële problemen als de oorzaak hiervan op te lossen of te stabiliseren zodat ze geen belemmering vormen om mee te kunnen doen aan de samenleving.”

2.2 Missie en visie kaderplan De missie van de Westfriese gemeenten is het bieden van laagdrempelige hulp aan alle inwoners met (mogelijke) financiële problemen. Westfriese inwoners moeten perspectief krijgen om hun schulden op te lossen. En als dat (nog) niet lukt, moeten hun schulden beheersbaar worden gehouden. De Westfriese gemeenten helpen daarom iedereen die dat nodig heeft. Ook inwoners die geen grote schulden hebben of niet in een situatie zitten die snel stabiel te krijgen is. De visie van de Westfriese gemeenten is het voorkomen van schuldensituaties en het terugdringen van de schuldenproblematiek. De Westfriese gemeenten willen de financiële zelfredzaamheid en participatie van inwoners bevorderen en vergroten. Hierbij speelt de eigen verantwoordelijkheid een grote rol. Deze financiële zelfredzaamheid is afhankelijk van de mogelijkheden van de inwoner. Is hulp en ondersteuning nodig om zelfredzaamheid en onafhankelijkheid te realiseren? Dan bieden de gemeenten deze hulp en ondersteuning. Uitgangspunt hierbij is dat armoede en schulden verlammend werken op het vermogen om problemen op te lossen en de participatie belemmeren. Dit vraagt om maatwerk bij uitstek. De gemeenten zorgen ook voor goede informatie en voorlichting om zo schulden te voorkomen.

2.3 Uitgangspunten kaderplan De Westfriese gemeenten bieden integrale schuldhulpverlening. Hierdoor is er aandacht voor het oplossen van de financiële problemen van een inwoner én voor de oorzaken van deze financiële problemen. Het gaat om een laagdrempelige hulp aan alle inwoners. Hierbij geldt dat iedere inwoner zich voor schuldhulpverlening mag aanmelden. Daarnaast willen de gemeenten schuldensituaties voorkomen en de schuldenproblematiek terugdringen. Dit betekent: Maatwerk Elke specifieke situatie vraagt om passende hulp en oplossingsgericht handelen. Hiervoor is het nodig om begeleiding op maat te bieden en op het juiste moment de juiste partner(s) te betrekken. De oorzaken van de schulden spelen een belangrijke rol. Hier wordt goed naar gekeken, net als naar de mogelijkheden van de inwoner. In hoeverre is de inwoner in staat om zelfstandig naar verbetering toe te werken? En in hoeverre kunnen oorzaken worden weggehaald?

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

5

Laagdrempelige (brede) toegang en vroegsignalering Het aantal mensen met problematische schulden de afgelopen jaren is gegroeid. Dit heeft meerdere oorzaken. Niet iedereen met problematische schulden is bij de gemeenten in beeld. Ook niet iedereen vraagt om hulp, bijvoorbeeld vanuit onwetendheid of schaamte. Het is daarom belangrijk om belemmeringen om hulp te vragen zo veel mogelijk weg te nemen.

2.4 Samenwerking Een goede samenwerking met de inwoner, instanties, (keten)partners, hulpverleners en vrijwilligers is belangrijk. Zowel voor, tijdens als na het schuldhulpverleningstraject. Dit is nodig om de inwoner te kunnen ondersteunen en toekomstige schuldenproblematiek te kunnen voorkomen. De gemeente blijft altijd (in de vorm van de schuldhulpverlener) de regierol voeren. Daarnaast is een goede samenwerking nodig om de kans van slagen van het schuldhulpverleningstraject te vergroten. De Westfriese gemeenten zoeken de samenwerking op. Niet alleen met gecontracteerde en gesubsidieerde partijen, maar ook met bijvoorbeeld kerken, stichtingen, betrokken commerciële partijen en vrijwilligers. Door intensivering, verbetering en uitbreiding van de samenwerking kan een optimale integrale schuldhulpverlening worden bereikt. Dit is waar de Westfriese gemeenten op inzetten in het belang van vroegsignalering, preventie, schuldhulpverleningstrajecten en nazorg.

2.5 Kwaliteitsborging De Westfriese gemeenten kopen de uitvoering van de schuldhulpverlening (deels) in. Hierbij is kwaliteit belangrijk. De gemeenten streven naar kwaliteit en spannen zich hiervoor in. Zij zien erop toe dat de gecontracteerde partner de overeengekomen kwaliteit levert. Sommige Westfriese gemeenten voeren een deel van het schuldhulpverleningstraject zelf uit. Ook dan is de kwaliteit belangrijk. Afspraken en werkprocessen worden schriftelijk vastgelegd. Zo ontstaat er uniformiteit en is altijd duidelijk wie wanneer verantwoordelijk is. Er zal open en duidelijk gecommuniceerd worden naar inwoners en schuldeisers.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

6

2.6 Ambities kaderplan In het kaderplan hebben de Westfriese gemeenten aangegeven de volgende resultaten te willen behalen:       

Meer inwoners hulp bieden bij schulden; Verminderen van het aantal beëindigingen wegens het niet voldoen aan de verplichtingen; Voor 100% voldoen aan de wettelijke termijnen en wachttijden; 100% van de hulpvragers hulp bieden; Maximaal 5% van de aanvragen buiten behandeling stellen; Minimaal een 7 gemiddeld scoren in het tweejaarlijks tevredenheidsonderzoek; Maximaal 10% van de toelatingen per jaar is recidive.

Om dit te kunnen meten is afgesproken om uniform te registreren op de volgende kenmerken:  Wachttijd  Aantal aanvragen  Doorlooptijd (gemeente en externe partij)  Afwijzingen  Producten  Recidive  Persoonlijke situatie (alleenstaanden, partners met/zonder kinderen, geslacht, leeftijd, koop/huurwoning, inkomen hoogte/soort en (loon-)beslag ja/nee, ex-ondernemer, onder bewind gesteld ja/nee  Hoogte schuldenlast Daarnaast is in het kaderplan vastgelegd om eens per twee jaar een tevredenheidsonderzoek te houden onder de inwoners. Met gecontracteerde partijen vinden voortgangsgesprekken plaats. De uitkomsten hiervan geven een beeld van het kwaliteitsniveau en kunnen leiden tot afspraken voor verbeteringen.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

7

3. Stand van zaken vroegsignalering Zoals in hoofdstuk 2 “Terugblik op kaderplan schuldhulpverlening Westfriesland” al is aangegeven, wordt vroegsignalering in het kaderplan gedefinieerd als: Het tijdig signaleren en het eerder bereiken van risicovolle en problematische schulden. De gemeenten hebben zich de afgelopen beleidsperiode ingezet om vroegsignalering in Westfriesland verder te ontwikkelen. Door inwoners eerder en beter te bereiken, kan namelijk tijdig hulp worden geboden en zwaardere problematiek worden voorkomen. Vroegsignalering helpt hierbij en geeft de mogelijkheid om inwoners in een vroeg stadium actief te benaderen.

3.1 Ketensamenwerking en laagdrempelige aanmelding De gemeenten hebben zich de afgelopen periode ingezet om goede afspraken te maken met de ketenpartners over de samenwerking en doorverwijzing. Denk hierbij aan afspraken tussen schuldhulpverleners en woningcorporaties. Hiervoor zijn er in meerdere gemeenten bijeenkomsten georganiseerd waarbij zowel de betrokken gemeentelijke afdelingen als de ketenpartners aanwezig waren. Een mooi voorbeeld hiervan zijn de regionale bijeenkomsten die in samenwerking met WerkSaam en Zuidweg & Partners is gehouden, gericht op Schuldhulpverlening bij ondernemers. Naast de focus op de samenwerking met de ketenpartners, is er ook ingezet op het verbeteren van de interne doorverwijzing vanuit de lokale teams naar de afdeling Schuldhulpverlening. Zo is bij hadden zowel ketenpartners en als de eigen medewerkers de mogelijkheid een presentatie gegeven training te volgen over het herkennen en doorverwijzen van schuldenproblematiek. Daarnaast is er door meerdere gemeenten gewerkt aan het vergemakkelijken van het aanmeldproces (bijvoorbeeld via de website) en het zorgen voor een grotere bekendheid van de mogelijkheden tot hulp. Al het bovenstaande is gericht op een beter bereik en een meer laagdrempelige aanmelding.

3.2 Pilot Vroeg Eropaf Westfriesland Gemeenten moeten met ingang van 1 januari 2021 alle meldingen van betalingsachterstanden van woningcorporaties, zorgverzekeraars, water- en energieleveranciers (hierna: melders) opvolgen. Dat staat in de wetswijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening ten behoeve van de uitwisseling van persoonsgegevens (Wgs) die op 1 januari 2021 in werking treedt. In voorbereiding op deze wetswijziging, zijn de Westfriese gemeenten al begin 2020 de pilot Vroeg Eropaf Westfriesland gestart. Binnen deze pilot zijn in eerste instantie convenantafspraken gemaakt met woningcorporaties / gemeentelijke woningbedrijven en zorgverzekeraar VGZ. Daarnaast geeft in een aantal gemeenten ook de afdeling Gemeentelijke Belastingen betaalachterstanden door. De gemeenten hebben voor het verwerken en matchen van de signalen het systeem RIS Vroeg Eropaf van Inforing ingekocht. Deze signalen worden door medewerkers van de gemeente binnen 4 weken opgevolgd met een aanbod tot een eerste gesprek aan de inwoner en een terugkoppeling aan de melder. Idealiter is dit door middel van een huisbezoek, waar de medewerkers proberen passende hulp te bieden. Dit kan zowel een schuldhulpverleningstraject zijn, als bijvoorbeeld doorverwijzing naar flankerende hulp.

Vanwege de Coronacrisis is de uitvoering in de vorm van de huisbezoeken in 2020 helaas tijdelijk stil komen te liggen. De uitvoerders hebben in deze periode zoveel als mogelijk meldingen telefonisch of digitaal opgepakt. Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

8

In de loop van 2020 zullen meer melders van betaalachterstanden, zoals water- en energieleveranciers, aangesloten worden. Ook monitoring van de cijfers en een evaluatie zijn een belangrijk onderdeel van de pilot, onder andere om zo zicht te houden op de daadwerkelijke kosten en baten van vroegsignalering.

3.3 Conclusie Concluderend kunnen we stellen dat de Westfriese gemeenten op het gebied van de implementatie van vroegsignalering goede stappen hebben gezet. De inwoners worden met deze werkwijze eerder bereikt en er kan zo gerichter hulp worden geboden en zwaardere problematiek daarmee voorkomen. Het starten met de pilot is een mooie basis voor de wetswijziging die 1 januari 2021 ingaat. Het is van belang hierbij genoeg aandacht te besteden aan de monitoring. Op deze manier krijgen we inzicht in de daadwerkelijke effectiviteit van de nieuwe werkwijze.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

9

4. Stand van zaken regionale preventie De Westfriese gemeenten verstaan onder integrale schuldhulpverlening: “Een samenhangend hulpaanbod van preventie tot en met nazorg met als doel zowel financiële problemen als de oorzaak hiervan op te lossen of te stabiliseren zodat ze geen belemmering vormen om mee te kunnen doen in de samenleving.’’ De integrale schuldhulpverlening richt zich op drie kernpunten: preventie, stabilisatie en schuldregeling. Preventie wordt in het kaderplan omschreven als “Het op verschillende manieren voorkomen van risicovolle en problematische schulden.’’ In het kaderplan zijn diverse thema’s beschreven waar preventief op ingezet zou kunnen worden. Hieronder wordt per thema beschreven hoe hier invulling aan is gegeven.

4.1 Informatieverstrekking en doorbreken taboe rondom schulden In de afgelopen jaren hebben de Westfriese gemeenten flink ingezet op de informatieverstrekking aan inwoners. Zowel over de mogelijkheden qua schuldhulpverlening als over de ondersteuning die geboden wordt om schulden te voorkomen. Geldkrant Een goed voorbeeld van deze inzet is de Geldkrant die in samenwerking met het Nibud is uitgegeven. Met deze huis aan huis verspreide krant zijn in Koggenland, Medemblik, Enkhuizen, Drechterland en Stede Broec de inwoners in Westfriesland geïnformeerd over schuldhulpverlening, inkomensondersteuning vanuit de gemeente en lokale, regionale en landelijke organisaties. Ook algemene informatie over rondkomen en financiën werd in deze krant meegenomen. In Hoorn is vergelijkbare informatie geplaatst in de huis-aan-huis bladen. Op doelgroep gerichte communicatie Ook zijn inwoners waarvan bekend is dat zij tot bepaalde risicogroepen behoren direct aangeschreven met voor hen praktische informatie over mogelijkheden voor hulp en ondersteuning. Daarnaast hebben meerdere gemeenten gebruik gemaakt van andere communicatiemiddelen, opgesteld door het Nibud of zelf ontwikkeld, speciaal gericht op het bereiken van de doelgroep op een laagdrempelige en bij hen passende wijze.

Voorbeelden hiervan zijn het geven van informatie op scholen zoals een animatiefilm voor schoolgaande kinderen, het verspreiden van folders met informatie over geldzaken of boekjes specifiek voor jongeren die 18 jaar worden en het ontwikkelen van kaarten met praktische informatie over hulp bij financiën met hierbij ook de momenten waarop een inloopspreekuur wordt gehouden. “Kom uit je schuld” Ook zijn een aantal gemeenten aangehaakt bij de campagne ‘’Kom uit je schuld’’ waarmee landelijk is ingezet op het bespreekbaar maken van schulden en problemen met rondkomen en gemeenten op lokaal niveau gebruik kunnen maken van de opgestelde communicatiemiddelen.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

10

4.2 Bevorderen participatie In het Regionaal kaderplan Westfriesland staat beschreven dat de financiële zelfredzaamheid wordt vergroot door de participatie van inwoners te stimuleren. Gemeenten bevorderen participatie onder andere door deelname aan activiteiten op het gebied van sport, cultuur en recreatie mogelijk te maken via inkomensondersteunende regelingen en subsidieverstrekkingen aan organisaties en initiatieven die zich inzetten voor participatie onder inwoners. Dit gebeurt bijvoorbeeld via de bijzondere bijstand, gemeentelijke participatiefondsen en in samenwerking met regionale en landelijke organisaties. Met name vanaf 2017 hebben gemeenten de regelingen gericht op kinderen uitgebreid vanwege de ontvangst van de decentralisatieuitkering kansarme kinderen, ook wel bekend als de “Klijnsmagelden”. Ook wordt er via subsidies door gemeenten bijgedragen aan organisaties en initiatieven die zich inzetten voor participatie onder inwoners.

4.3 Voorlichting en trainingen De door de gemeente verstrekte voorlichting en trainingen hebben zich zowel gericht op ketenpartners als op inwoners zelf. De samenwerking met ketenpartners is geïntensiveerd. Dit is ook in het belang van preventie omdat veel ketenpartners de inwoners in beeld hebben. Zij kunnen dus inschatten of zij tot de risico-doelgroep behoren, voordat er daadwerkelijk sprake is van financiële problemen of schulden. Wanneer ketenpartners goed op de hoogte zijn van de mogelijkheden om problemen te voorkomen, kunnen zij bij het voorkomen van schulden een belangrijke rol spelen. Ook is door middel van netwerkbijeenkomsten en gerichte voorlichtingsbijeenkomsten met bijvoorbeeld WerkSaam, Zuidweg & Partners, het UWV en lokale netwerkpartners aandacht geweest voor de samenwerking en hoe partijen elkaar hierin kunnen versterken. Gemeenten hebben daarnaast budgetteercursussen en voorlichtingsbijeenkomsten georganiseerd voor inwoners. Een belangrijke doelgroep vormen scholieren en jongeren. Voor kleinere gemeenten kan het nog lastig zijn om een goede inschatting te maken van de doelgroepen waar collectieve preventieve activiteiten effectief voor ingezet zouden kunnen worden, gezien de kleine populatie. De grotere gemeenten hebben ingezet op voorlichting op het middelbare onderwijs en de MBO scholen.

De verwachting is echter dat hier de komende jaren een steeds beter beeld van verkregen zal worden, doordat middels het project ‘’Vroeg Eropaf’’ informatie wordt verkregen over oorzaken van het ontstaan van schulden en doelgroepen. Hierdoor kunnen gemeenten voorlichting en trainingen beter later aansluiten op de gesignaleerde problematiek.

4.4 Hulp bij financiën Vrijwel alle gemeenten hebben een inloopspreekuur ingericht waarbij inwoners op een laagdrempelige wijze informatie en advies kunnen krijgen over bijvoorbeeld inkomensondersteunende regelingen zoals bijzondere bijstand en de regelingen voor ondersteuning van kinderen. Ook voor coaching en advies over budgetteren en rondkomen met beperkte middelen kunnen inwoners bij deze inloopspreekuren terecht. Juist door de inloopspreekuren laagdrempelig vorm te geven, verwachten de gemeenten die inwoners te bereiken die eerder een drempel ervaarden om bij de gemeente aan te kloppen. Vanuit dit spreekuur kan ook doorverwezen worden naar projecten en trajecten, waarbij vrijwilligers worden ingezet die financiële hulp bieden aan individuele inwoners. Bijvoorbeeld bij het ordenen van administratie of de belastingaangifte. In veel gevallen wordt deze inzet vanuit de gemeenten gesubsidieerd.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

11

4.5 Conclusie In de periode 2017 tot en met 2019 is de inzet van gemeentelijke middelen in Westfriesland op preventie toegenomen met ongeveer 150%. Dit is terug te lezen in hoofdstuk 7, financiën. Preventie heeft de afgelopen jaren ook veel aandacht gekregen in de regio Westfriesland. Deze inzet richtte zich op de verschillende thema’s die in het kaderplan staan beschreven. Hiermee zijn de doelstellingen qua inzet in de afgelopen periode behaald. Of hiermee ook het doel is behaald dat middels deze inzet risicovolle en problematische schulden zijn voorkomen is moeilijk te toetsen. Dit valt niet uit cijfers van de Westfriese gemeenten op te maken. Bovendien is het bij preventieve inzet veelal lastig om het effect zichtbaar te maken omdat veel factoren invloed hebben op de uitkomsten. Maar gezien de inzet is dit wel te verwachten. Daarnaast is inzet op preventie meer iets wat zich pas op langere termijn uitbetaald.

5. Behaalde resultaten In paragraaf 2.6 zijn de ambities in het kaderplan aangegeven. Deze ambities worden in dit hoofdstuk getoetst op de gegevens van de zeven Westfriese gemeenten. Hoewel in het kaderplan was opgenomen dat afspraken en werkprocessen schriftelijk zouden worden vastgelegd om uniformiteit en verantwoordelijkheid te waarborgen, is gebleken dat dit niet het geval is. Bij de verzameling van deze gegevens is gebleken dat de registratie van de kenmerken niet op een gelijke manier wordt gedaan. De oorzaak hiervan is dat bij iedere gemeente een ander registratiesysteem en een andere uitvoering is van de schuldhulpverlening. Dit komt in de volgende paragrafen aan de orde.

5.1 Uitvoering schuldhulpverlening in de regio In de Westfriese gemeenten wordt de schuldhulpverlening op een verschillende manier uitgevoerd. In dit hoofdstuk wordt aangegeven wat de werkwijze is in iedere gemeente. Opmeer In Opmeer pakt de Kredietbank het gehele traject op, vanaf de melding met hulpvraag tot aan de nazorg. Ook wordt er vanuit het wijkteam ondersteuning geboden bij de aanmelding bij schuldhulpverlening en kan er informatie en advies geboden worden waardoor in veel gevallen de inzet van schuldhulpverlening wordt voorkomen. Koggenland en Medemblik Zowel in Koggenland als Medemblik komen de meldingen met hulpvraag bij de gemeente binnen. Zij verstrekken informatie en advies en voeren een screeningsgesprek. De overige fases in het schuldhulpverleningsproces en budgetbeheer worden door de Kredietbank uitgevoerd. De Kredietbank en de gemeenten voeren in beide gemeenten de nazorg uit. Drechterland, Enkhuizen, Hoorn en Stede Broec De gemeenten Drechterland, Enkhuizen, Hoorn en Stede Broec voeren het traject vanaf de aanmelding en de intake tot aan de stabilisatie zelf uit. Ook verlenen deze gemeenten informatie en advies als dit nodig is. Als het dossier stabiel is, wordt het overgedragen naar de Kredietbank. Deze start de daadwerkelijke schuldhulpverlening, dus het minnelijke traject, maar ook toeleiding naar de WSNP en budgetbeheer.

Zodra het dossier bij de Kredietbank ligt, voeren de gemeenten de regie over het door te lopen traject. Regelmatig vindt er onderzoek plaats naar de stand van zaken van een dossier. Als het traject volledig is doorlopen en de klant een schone lei heeft, verzorgen de gemeenten ook de nazorg. Zowel voor het minnelijke traject als het wettelijke traject.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

12

5.2 Ambitie 1: Meer inwoners hulp bieden bij schulden De ambitie van de Westfriese gemeenten is om alle inwoners die hulp vragen bij schulden ook te helpen en om de drempel om zich te melden voor inwoners met (dreigende) schulden te verlagen. Op deze ambitie is er in de gemeenten echter geen eenduidige registratie. De aantallen aanmeldingen worden in Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland pas vanaf juli 2018 geregistreerd. Alleen Koggenland geeft aan dat zij sinds 2017 de gegevens op de wijze registreren zoals deze nu verwerkt is. In Hoorn is het aantal aanmeldingen, in de periode 2017 tot en met 2019, dat door de gemeente zelf is opgepakt niet bekend. Dit komt door de wijze van registratie. Daarnaast blijkt dat bij de gemeente Medemblik alle aanmeldingen worden geteld, dus ook de meldingen voor vroegsignalering en advies, bij Hoorn ook de meldingen waar alleen advies wordt gegeven en bij de anderen alleen de aanmeldingen voor schuldhulpverlening. De door de gemeenten aangegeven aanmeldingen Schuldhulpverlening zijn in onderstaande tabel opgenomen. Tabel 5.1. Aantal aanmeldingen schuldhulpverlening bij gemeenten Aantal aanvragen Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal

2017 18 56 384 24 201 0 21 704

2018 21 26 596 28 370 0 29 1070

2019 66 63 666 26 507 0 74 1402

Vervolgens wordt een gedeelte van de aanmeldingen doorgestuurd naar de Kredietbank. De overige aanmeldingen zijn opgepakt door de gemeenten zelf. De aantallen aanvragen die bij de Kredietbank zijn gedaan zijn opgenomen in tabel 5.2. Tabel 5.2. Aantal aanvragen schuldhulpverlening Kredietbank Aantal aanvragen Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal

2017 18 56 130 24 92 20 21 361

2018 16 19 181 14 79 12 17 338

2019 11 24 148 14 66 11 23 297

Niet duidelijk is hoeveel van de door alle gemeenten aangedragen cijfers van de aanvragen dubbel (dus zowel door de gemeente als door de Kredietbank) worden geteld. Door deze onduidelijkheid en de verschillen in notatie is het niet mogelijk deze cijfers te vergelijken en is niet bekend of deze ambitie is behaald, doch op basis van de aangeleverde cijfers van de gemeenten is er wel een groei zichtbaar. Conclusie: deze ambitie is behaald, hoewel niet eenduidig geregistreerd.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

13

5.3 Ambitie 2: Verminderen van het aantal beëindigingen wegens het niet voldoen aan de verplichtingen Uit onderzoeken1 blijkt dat mensen met schulden door stress hun keuzes en beslissingen minder goed kunnen overzien. In veel gevallen hebben zij ook problemen met het bijhouden van hun administratie. In de gemeente Hoorn is het aantal beëindigingen wegens het niet voldoen aan de verplichtingen wel wat gestegen (zie onderstaande tabel), maar gezien het grote aantal aanvragen is ook dat gering te noemen. Bij de overige gemeenten is dit gedaald. De Kredietbank is gevraagd naar de reden hiervan. Zij gaven aan dat, het aantal beëindigingen – gezien het grote aantal aanmeldingen van Hoorn – relatief laag is. Een reden waarom deze tien trajecten beëindigd zijn, kon door de Kredietbank niet worden gegeven. Wel moet worden vastgesteld dat deze doelstelling in Hoorn en Medemblik niet behaald is en in Drechterland, Enkhuizen, Koggenland en Opmeer wel. Tabel 5.3. Aantal beëindigingen wegens het niet voldoen aan de verplichtingen (bron Kredietbank) Aantal beëindigingen

Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal

2017 3 2 0 0 2 3 0 10

2018 1 1 4 0 2 1 0 9

2019 0 1 10 0 4 0 1 16

Conclusie: Deze doelstelling is niet in alle gemeenten behaald.

5.4 Ambitie 3: Voor 100% voldoen aan de wettelijke termijnen en wachttijden Voor schuldhulpverlening gelden de volgende wettelijke termijnen:  Tussen aanmelding en intake mogen op grond van de Wgs maximaal 4 weken verlopen (“de wachttijd”).  Daarna moet op grond van de Awb binnen 8 weken een besluit worden genomen over toelating tot de schuldhulpverlening (“de beslistermijn”).  De stabilisatiefase duurt maximaal 4 maanden en kan maximaal eenmaal verlengd worden met 4 maanden.  Schuldsanering via de Wsnp duurt vanaf de daadwerkelijke start tot afronding 3 jaar. Op al deze zaken is uitvraag gedaan bij de zeven gemeenten en bij de Kredietbank. Alle gemeenten en de Kredietbank geven aan dat uit hun registratie blijkt dat de doelstellingen, na het geven van een hersteltermijn, zijn behaald. Op het traject van de schuldsanering via de WSNP hebben de Westfriese gemeenten geen invloed. Conclusie: Deze doelstelling is behaald.

1

“Scarity, why having too little means so much” (2013, Sendil Mullainathan en Eldar Shafir) en “Stress-sensitief werken in het sociaal domein” (2020, Nadja Jungmann)

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

14

5.5 Ambitie 4: 100% van de hulpvragers hulp bieden Naast de gemeenten zijn er verschillende organisaties in Westfriesland die persoonlijke hulp of advies verlenen bij schulden. Bijvoorbeeld het maatschappelijk werk, sociaal raadslieden, de Kredietbank, kerkelijke instanties, banken of financiële instellingen en tal van financiële buddy’s en mensen vanuit het eigen netwerk van de schuldenaar zelf. In het ene geval is de inwoner geholpen met een advies of een doorverwijzing en in het andere geval is een (intensief) hulpverleningstraject nodig van de Kredietbank. En in het uiterste geval wordt de rechter gevraagd om een oplossing: het wettelijke traject (de WSNP). Omdat er vanaf het moment dat de inwoner een hulpvraag doet veel partijen betrokken zijn, kan deze ambitie niet getoetst worden. Conclusie: Met de huidige afspraken en registratiemethoden is deze ambitie niet te toetsen.

5.6 Ambitie 5: Maximaal 5% van de aanvragen buiten behandeling stellen Een aanvraag voor schuldhulpverlening kan buiten behandeling worden gesteld als de inwoner, na het geven van een hersteltermijn, niet de benodigde gegevens voor de beoordeling van de aanvraag heeft geleverd. De gemeente heeft dan niet voldoende informatie om een beschikking af te geven. Uit de gegevens van de Kredietbank blijkt dat in 2018 vier aanvragen buiten behandeling gesteld werden en in 2019 zijn dit er negen. Op het totaal aanvragen schuldhulpverlening (respectievelijk 338 in 2018 en 297 in 2019) in de regio is daarmee de doelstelling om maximaal 5% van de aanvragen buiten behandeling te stellen, ruimschoots behaald. Conclusie: Deze doelstelling is behaald.

5.7 Ambitie 6: Minimaal een 7 gemiddeld scoren in het tweejaarlijks tevredenheidsonderzoek De gemeenten doen zelf geen tevredenheidsonderzoek. Uit het meest recente door de Kredietbank uitgevoerde klanttevredenheidsonderzoek blijkt dat de klanttevredenheid een 7,2 gemiddeld scoort volgens klanten van de Kredietbank uit alle Westfriese gemeenten gezamenlijk. Kredietbank

2016 2017 7,7 7,4

2018 7,2

2019 7,1

Conclusie: Deze doelstelling is behaald.

5.8 Ambitie 7: Maximaal 10% van de toelatingen per jaar is recidive Er is sprake van recidive wanneer iemand niet voor de eerste keer een beroep doet op schuldhulpverlening. Vaak gebeurt dit nadat de voorgaande keer (of keren) het schuldhulpverleningstraject zonder succes is beëindigd. Inwoners die vaker om schuldhulpverlening vragen worden niet uitgesloten. Afhankelijk van de situatie van de inwoner wordt hulp geboden. Voor recidivisten staan namelijk niet altijd alle beschikbare middelen van het schuldhulpverleningstraject open 2.

2

Dit is bijvoorbeeld het geval na een beëindiging van een Wsnp, zonder schone lei. Voor deze inwoners is de toegang tot de Wsnp 10 jaar gesloten. Het schuldhulpverleningstraject moet dan anders worden ingericht.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

15

Het streven van de schuldhulpverlening is om de inwoner zelfredzaam te maken. Daarom is de laatste van de in de kaderplan genoemde ambities om maximaal 10% van de toelatingen per jaar uit recidive aanvragen te laten zijn. De aantallen, zowel absoluut als in percentage zijn in onderstaande tabel opgenomen. Tabel 5.4 aantal recidives in toelatingen, zowel absoluut als in percentage

Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal

2017 Recidive %

2018 Recidive %

1 2 7 1 0 0 1 12

2 7 6 0 5 0 3 23

5,6% 3,6% 5,4% 4,0% 0,0% 0,0% 4,8% 3,3%

2019 Recidive %

12,5% 12,3% 3,3% 0,0% 6,3% 0,0% 13,0% 6,5%

1 2 5 0 3 1 0 12

9,0% 7,1% 3,3% 0,0% 4,5% 9,0% 0,0% 4,0%

Het is lastig om bij kleinere gemeenten te bepalen of deze doelstelling behaald is, omdat een klein aantal al betekent dat het percentage recidivisten overschreden wordt. Daarom is het beter te kijken naar de gehele regio. Conclusie: Deze doelstelling is in 2017 en 2019 behaald. In 2018 niet.

5.9 Samenvatting Doordat de uitvoering en registratie op verschillende wijze wordt gedaan is het lastig om op deze ambities volledig tot op de komma te monitoren. Wel zijn in de looptijd van dit kaderplan, door de goede samenwerking in de regio, grote stappen gezet op de onderdelen preventie en vroegsignalering. Geconcludeerd kan worden dat veel ambities behaald zijn, maar ook dat deze soms niet te toetsen zijn. Ook door de grote verschillen in aantallen inwoners en hulpvragen schuldhulpverlening, registratie en de bewoording van de ambities kan niet geconcludeerd worden dat, bijvoorbeeld, een inwoner in Enkhuizen of Hoorn dezelfde hulp aangeboden krijgt als een inwoner in Opmeer of Koggenland. De in deze samenvatting geformuleerde constateringen zullen in hoofdstuk 8 “bevindingen en aanbevelingen” een belangrijk onderwerp zijn.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

16

6. Trends en ontwikkelingen In de afgelopen periode en voor de toekomst zijn er aantal trends en ontwikkelingen geconstateerd binnen het domein schuldhulpverlening. Hier wordt in dit hoofdstuk nader op ingegaan.

6.1 Besluit breed moratorium Op 1 april 2017 is het breed moratorium in werking getreden. Met deze regeling krijgen mensen met schulden extra hulp en tijd om uit de financiële problemen te komen. Voor schuldenaren biedt het een incassopauze. Raakt men in de problemen door de manier waarop schuldeisers hun vorderingen innen, dan kan aan de rechter om een invorderingsstop worden gevraagd. Schuldeisers kunnen dan tijdelijk niet aankloppen om geld op te eisen of spullen in beslag te nemen. De invorderingsstop geldt voor maximaal 6 maanden. Dit geeft een schuldhulpverlener de tijd om de financiële situatie van de schuldenaar goed in kaart te brengen. Gedurende het breed moratorium worden alle incasso- en executiemaatregelen – waaronder beslaglegging – tijdelijk stopgezet.

6.2 Samenwerkingsverband Brede schuldenaanpak Het Rijk, VNG en verschillende (uitvoerings)instanties werken samen om problematische schulden te voorkomen dan wel bij te dragen aan het oplossen daarvan. In het Actieplan Brede Schuldenaanpak staan de 40 maatregelen die het kabinet neemt om het aantal mensen met problematische schulden terug te dringen, mensen met schulden beter te helpen en wie daarbij betrokken zijn.

6.3 Noodstopprocedure voorkomt stapelen boetes bij mensen met schulden Mensen die hun boetes wel willen betalen maar dat door problematische schulden niet kunnen, krijgen voortaan meer ademruimte. Per 1 april 2020 geldt namelijk een zogenoemde noodstopprocedure bij het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). Deze moet voorkomen dat deze mensen verder in de problemen komen. Om hiervoor in aanmerking te komen moeten inwoners zich aanmelden bij de gemeente.

6.4 Coronacrisis De coronacrisis heeft invloed op de armoede/schuldenpositie van inwoners. Het brengt meer inwoners, vooral ZZP’ers in problemen. Vooral de financieel kwetsbare groepen voelen de gevolgen van de coronacrisis in hun portemonnee. De Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) verwacht door de coronacrisis een toename van 30% van het aantal aanvragen schuldhulpverlening3.

6.5 Wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Op 10 maart 2020 heeft de Tweede Kamer de gewijzigde Wgs aangenomen. Op 23 juni 2020 heeft de Eerste Kamer de gewijzigde Wgs aangenomen. De wijziging treedt met ingang van 1 januari 2021 in werking. De wijziging van de wet maakt het mogelijk gegevens van betalingsachterstanden te delen om schulden zo vroeg mogelijk te signaleren. Het idee is dat zorgverzekeraars, woningcorporaties en energie- en waterleveranciers straks zonder toestemming van hun klant diens contactgegevens door kunnen geven aan de gemeente. Gemeenten zijn verplicht om deze meldingen op te pakken.

3 Zie: https://www.nvvk.nl/k/news/view/11563/3481/oproep-aan-gemeenten-begroot-extra-financiele-hulp.html

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

17

6.6 Herziening van het beslag- en executierecht Het wetsvoorstel Herziening van het beslag- en executierecht komt tegemoet aan het bestaansminimum van schuldenaren. Ook maakt het wetsvoorstel beslaglegging en executie eenvoudiger. Het wetsvoorstel heeft 3 uitgangspunten: 1. 2. 3.

Bestaansminimum schuldenaar moet worden geborgd Beslag en executie moeten zo effectief en efficiënt mogelijk plaatsvinden Bij te hoge kosten geen beslag of executie

Het wetsvoorstel is op 14 mei 2020 aangenomen door de Tweede Kamer. De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel op 2 juni 2020 aangenomen. De inwerkingtreding van de herziening moet ten tijde van het opstellen van deze evaluatienota nog worden vastgesteld bij koninklijk besluit.

7. Financiën Het armoede- en schuldenbeleid en de bijbehorende uitvoeringskosten wordt gefinancierd uit de algemene uitkering en de decentralisatie- en de integratie-uitkeringen van het gemeentefonds. Decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn net als de algemene uitkering beleids- en bestedingsvrij en er vindt geen verantwoording naar het Rijk plaats, zoals bij specifieke uitkeringen wel het geval is.

7.1 Uitgaven op schuldhulpverlening De uitgaven hangen samen met het aantal mensen dat een beroep doet op de gemeentelijke schuldhulpverlening. Het betreft hier namelijk een open einde regeling. Daarnaast speelt de wijze waarop de schuldhulpverlening wordt uitgevoerd een belangrijke rol. Zoals al eerder is aangegeven verschilt het moment waarop de Westfriese gemeenten de Kredietbank Nederland inschakelen per gemeente. In tabel 7.1 wordt weergeven wat de totale uitgaven zijn geweest over de periode van 2017 tot en met 2019. Tabel 7.1 Totale uitgaven 2017-2019

Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal

2017 € 62.934,61 € 134.430,80 € 717.798,00 € 46.153,00 € 195.000,00 € 60.776,00 € 92.484,08 € 1.309.576,49

2018 € 89.536,79 € 130.265,66 € 770.519,00 € 34.541,00 € 193.000,00 € 57.214,00 € 88.931,60 € 1.364.008,05

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

2019 € 164.785,03 € 218.705,22 € 1.009.573,00 € 44.359,00 € 217.000,00 € 64.222,00 € 171.007,00 € 1.889.651,25

18

Het gaat om alle uitgaven op het gebied van schuldhulpverlening per gemeente en deze opgeteld als zijnde de totale uitgaven in Westfriesland. Dit zijn de feitelijke bedragen die besteed zijn aan schuldhulpverlening voor de inwoners. De uitgaven bestaan in de zeven Westfriese gemeenten uit:      

kosten externe trajecten schuldhulp subsidies educatie en voorlichting preventie en vroegsignalering personeelskosten gemeentelijke schuldhulpverleners, preventiemedewerkers en budgetcoaches 4 kosten van inhuur personeel

In de tabellen hieronder zijn de totale uitgaven per jaar gesplitst in de uitgaven voor preventie en uitvoering. Onder de kosten van preventie vallen de subsidies, educatie en voorlichting, vroegsignalering en alle andere activiteiten die in het hoofdstuk preventie zijn opgenoemd. Tabel 7.2 Splitsing totale uitgaven in preventie en uitvoering 2017 2017

Totale uitgaven

preventie

uitvoering

Drechterland

€

62.934,61

€

6.922,00

€

56.012,61

Enkhuizen

€

134.430,80

€

6.600,00

€

127.830,80

Hoorn

€

717.798,00

€

88.228,00

€

629.570,00

Koggenland

€

46.153,00

-

€

46.153,00

Medemblik

€

195.000,00

€

30.000,00

€

165.000,00

Opmeer

€

60.776,00

€

35.464,00

€

25.312,00

Stede Broec

€

92.484,08

€

6.922,00

€

85.562,08

Totaal

€ 1.309.576,49

€

174.136,00

€ 1.135.440,49

Tabel 7.3 Splitsing totale uitgaven in preventie en uitvoering 2018 2018 Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal

4

Totale uitgaven € 89.536,79 € 130.265,66 € 770.519,00 € 34.541,00 € 193.000,00 € 57.214,00 € 88.931,00 € 1.364.007,45

preventie € 20.331,00 € 22.059,40 € 95.915,00 € 11.040,00 € 39.500,00 € 29.932,00 € 22.024,00 € 240.801,40

uitvoering € 69.205,79 € 108.206,26 € 674.604,00 € 23.501,00 € 153.500,00 € 27.282,00 € 66.907,00 € 1.123.206,05

Deze personeelskosten zijn niet in iedere gemeente genoteerd als zijnde kosten schuldhulpverlening.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

19

Tabel 7.4 Splitsing totale uitgaven in preventie en uitvoering 2019 2019 Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal uitgaven

Totale uitgaven € 164.785,35 € 218.705,22 € 1.009.574,00 € 44.359,00 € 217.000,00 € 64.222,00 € 171.007,00 € 1.889.652,57

preventie € 35.608,32 € 61.391,00 € 162.604,00 € 18.918,00 € 74.000,00 € 35.187,00 € 46.987,00 € 434.695,32

uitvoering € 129.177,03 € 157.314,22 € 846.970,00 € 25.441,00 € 143.000,00 € 29.035,00 € 124.020,00 € 1.454.957,25

7.2 Investeren om te besparen Huisuitzetting, maatschappelijke opvang en ontzetting uit de ouderlijke macht kunnen een gevolg zijn van het hebben van schulden. Dit heeft financiële gevolgen voor de inwoner als individu maar ook voor de samenleving. Schuldenproblematiek (opvang, hulpverlening, schuldsanering) kost de samenleving landelijk jaarlijks 11 miljard euro. Voor elk huishouden met ernstige financiële problemen betaalt de samenleving gemiddeld € 100.0005. Daarom hebben de zeven Westfriese gemeenten ingezet op vroegsignalering en preventie. Door vroegtijdig naar de inwoner toe te gaan, worden schulden in een eerder stadium aangepakt, wat grotere problemen voorkomt. De uitkomst van verschillende onderzoeken is dat elke geïnvesteerde euro voor het vroegtijdig signalering en oppakken van schulden, meer rendement oplevert. Omdat het moeilijk meetbaar is, verschillen deze bedragen. Maar uit onderzoek6 blijkt dat dit lonend is.

7.3 Conclusie Alle Westfriese gemeenten hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in de preventie, vroegsignalering en schuldhulpverlening. Niet alle gemeenten hebben dezelfde investeringen gedaan. De verhoogde kosten uit tabel 7.3 en 7.4 worden hiermee deels verklaard. Daarnaast zien we in bijna alle gemeenten een stijging wat betreft het aantal aanmeldingen. Wat aan de voorkant meer kosten met zich mee brengt. De totale opbrengsten van deze investeringen zijn niet direct te meten, omdat deze niet alleen ten goede komen aan schuldhulpverlening, maar ook aan de overige onderdelen van het Sociaal Domein, andere beleidsterreinen van de gemeente en aan andere instanties. De verwachting is dat de kosten die aan de voorkant van het traject worden gemaakt op de langere termijn besparingen met zich mee zullen brengen.

5

https://gemeenten.movisie.nl/sites/default/files/2017-02/Wat-werkt-bij-schuldhulpverlening.pdf In 2011 onderzocht onderzoeksbureau Regioplan de uitgaven van vijf gemeenten aan schuldhulpverlening. Uit het onderzoek met als titel 'Schuldhulp loont' bleek dat de opbrengst van de schuldhulp ‘ruim 2 keer zo hoog’ was als het bedrag dat de vijf gemeenten uitgaven aan schuldhulp. Bijna de helft van deze baten komt ten goede aan de gemeente zelf terwijl ook andere partijen, zoals woningcorporaties en het UWV, meeprofiteren. De grootste baten worden gegenereerd door het inkorten en voorkomen van bijstands- en WW-uitkeringen, en het voorkomen van huisuitzettingen en dakloosheid’, schreven de onderzoekers. 6

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

20

8. Bevindingen en aanbevelingen 8.1 Inleiding Het uitgangspunt van het kaderplan was om in regionaal verband de regie te voeren op schuldhulpverlening. Uit de voorgaande hoofdstukken is gebleken dat dit op vele fronten is gelukt, maar dat er nog enkele verbeterpunten aan te geven zijn. Zo blijkt dat de regionaal bepaalde doelstellingen en resultaten achteraf niet allemaal meetbaar waren. In dit hoofdstuk worden de bevindingen samengevat en worden enkele aanbevelingen gegeven voor een nieuw regionaal kaderplan schuldhulpverlening, zodat hier in een volgend kaderplan rekening mee gehouden kan worden.

8.2 Bevindingen Vroegsignalering Op het gebied van vroegsignalering hebben de Westfriese gemeenten flinke stappen gezet. Vroegsignalering is een belangrijk onderdeel van de Schuldhulpverleningsaanpak. De inwoners worden met deze werkwijze immers eerder bereikt. Zo wordt er gerichter hulp geboden en zwaardere problematiek wordt voorkomen. Het starten met de pilot is een mooie basis voor de wetswijziging die 1 januari 2021 ingaat. Preventie Preventie heeft de afgelopen jaren veel aandacht gekregen in de regio Westfriesland. Dit is in verschillende coalitieakkoorden opgenomen. Deze inzet richtte zich op de verschillende thema’s die in het kaderplan staan beschreven. Hiermee zijn de doelstellingen qua inzet in de afgelopen periode behaald. Of hiermee ook het doel is behaald dat middels deze inzet risicovolle en problematische schulden zijn voorkomen, is moeilijk te toetsen. Doelstellingen Het al dan niet behalen van de doelstellingen blijkt lastig te meten. De oorzaak hiervan kan gevonden worden in het feit dat de organisatie van de schuldhulpverlening deels gekoppeld is aan de grootte van de gemeente. Het zijn vooral de kleinere gemeenten die alles of veel uitbesteden aan de Kredietbank. De grotere gemeenten zitten dichter op het proces.

Door deze verschillende wijzen van uitvoering, maar ook door verschil in registratie, is gebleken dat moeilijk getoetst kan worden of de doelstellingen uit het kaderplan behaald zijn. Financiën De uitgaven op de schuldhulpverlening, met name op preventie en vroegsignalering, zijn in Westfriesland gestegen. Hier staan opbrengsten tegenover. Deze opbrengsten zijn niet te meten, omdat deze niet alleen ten goede komen aan schuldhulpverlening, maar ook aan de overige onderdelen van het Sociaal Domein, andere beleidsterreinen van de gemeente en aan andere instanties. Schuldhulpverlening is namelijk meer dan alleen financiële hulp bieden. Schuldhulpverlening is het samenspel tussen de inwoner, de gemeente en de verschillende maatschappelijke partners, om de benodigde ondersteuning op het juiste moment aan de klant te geven. Door dit op het juiste moment aan te bieden wordt in een later stadium meer geld bespaard.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

21

Integrale Schuldhulpverlening Zoals in de inleiding is aangegeven, verstaan de Westfriese gemeenten onder integrale schuldhulpverlening: ‘Een samenhangend hulpaanbod van preventie tot en met nazorg met als doel zowel financiële problemen als de oorzaak hiervan op te lossen of te stabiliseren zodat ze geen belemmering vormen om mee te kunnen doen in de samenleving’ De integrale schuldhulpverlening in Westfriesland richt zich op drie kernpunten: preventie, stabilisatie en schuldregeling en uit de evaluatie blijkt dat deze in de regionale samenwerking goed worden opgepakt. Wat hierin alleen gemist wordt is de verbinding tussen de overige beleidsterreinen, zoals Wmo en Participatie. Deze zijn in de beleidsdoelen en ambities niet verwoord en dan ook niet getoetst. Echter, alle investeringen op bovengenoemde drie kernpunten behoren effecten te hebben op de andere beleidsterreinen binnen het sociaal domein. De gemeenten in Westfriesland hebben wel een goed beeld van bovengenoemde integrale aanpak in het sociale domein en voeren dit mogelijk ook uit, maar er is geen concrete monitoring. Maar conform de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening moet deze wel verbonden worden aan de andere transities.

8.3 Conclusie Geconcludeerd mag worden dat een aantal van de doelstellingen niet SMART7 geformuleerd zijn en er grote verschillen zijn in de uitvoering en de registratie. Hierdoor kan niet beoordeeld worden of alle doelstellingen van het kaderplan volledig behaald zijn. Er worden door de Kredietbank kwartaalverslagen opgesteld die periodiek worden besproken, maar deze cijfers kunnen niet volledig worden gekoppeld aan de doelstellingen. De zeven Westfriese gemeenten hebben flinke stappen gezet ten aanzien van vroegsignalering en preventie.

8.4 Aanbevelingen Op basis van de bevindingen worden de volgende aanbevelingen gedaan voor het nieuwe regionale kaderplan. Vroegsignalering Zet de ingezette weg voort en verbeter de Vroegsignaleringsaanpak op basis van de ervaringen met de pilot. Preventie Zet de extra inzet op preventie voort en verbeter deze op basis van de ervaringen van de afgelopen periode. Doelstellingen Om de resultaten op de gemeenschappelijke doelstellingen beter te kunnen volgen en te evalueren dienen deze: 1. In het nieuwe regionale beleidskader SMART geformuleerd te worden. 2. Aansluiten op een goede en uniforme monitoring.

7

SMART staat voor: Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

22

Financiën 1. Het budget van het Rijk dient als taakstellend te worden genomen voor de uitvoering van de (regionale) schuldhulpverlening. 2. Onderzoek hoe de opbrengsten door de inzet van preventie en vroegsignalering gemeten kunnen worden. Integrale Schuldhulpverlening 1. Onderzoek hoe de integrale schuldhulpverlening met de overige beleidsvelden binnen het Sociaal Domein, zoals Wmo en Participatiewet, verbonden kunnen worden.

Evaluatie regionaal kaderplan Westfriesland 2017-2020

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9763720/1