CConstaterende datStede Broec
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Begroting 2022 II Present

Gemeenteraad 3 maart 2022, gemeente Stede BroecBij agendapunt: Samenleving2.405 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Begroting 2022

Meerjarenperspectief 2023-2025

Inhoud 1. Inleiding ................................................................................................................................. 3 2. Aandachtspunten bij de begroting 2022 ................................................................................. 4 3. Begroting 2022 ....................................................................................................................... 6 4. Uitgangspunten meerjarenperspectief 2023 tot en met 2025 ................................................. 7 5. Balansontwikkeling en ontwikkeling financiële ratio’s. ........................................................ 9 6. Vaststelling ........................................................................................................................... 10

2

1. Inleiding Het college van bestuur biedt u de begroting voor 2022 aan plus het meerjarenperspectief voor 2023-2025. Onlangs is het koersplan 2022-2025 van Stichting Present vastgesteld. Het koersplan geeft richting aan de koers van de stichting, het stafbureau en de scholen. In dat plan beschrijven we wie we zijn, wat we willen behouden en wat we willen veranderen.

Deze notitie bevat: • Aandachtspunten begroting 2022 • Begroting 2022 • Meerjarenperspectief 2023-2025 • Balansontwikkeling en ontwikkeling financiële ratio’s

3

2. Aandachtspunten bij de begroting 2022 Koersplan 2022-2025 In deze periode willen wij onze kernwaarden zowel op de scholen als ook op het bestuursbureau verder doorvoeren. De scholen zullen op basis van de visie en kernwaarden van Present een herkenbare specifieke, pedagogische en didactische identiteit gaan ontwikkelen. Ten aanzien van onze gebouwen streven we naar duurzaamheid. Aanvullende voorwaarden voor goed onderwijs, zoals techniek en ICT worden op basis van hun toegevoegde waarde beleidsmatig op onze scholen ingezet. Onderwijsgelden Nationaal Programma Onderwijs Onderzoek heeft uitgewezen dat ondanks de grote inspanning die het onderwijs heeft verricht, het onvermijdelijk is dat door de coronacrisis de onderwijskwaliteit onder druk staat. Daarom heeft het kabinet besloten tot een Nationaal Programma Onderwijs. Het Nationaal Programma Onderwijs neemt maatregelen om verdere school- en studievertraging te voorkomen, opgelopen vertraging waar mogelijk zo snel mogelijk in te halen en het mentaal welzijn van leerlingen te herstellen. Hiervoor worden gedurende 2 schooljaren extra gelden beschikbaar gesteld. Voor het schooljaar 2021/2022 is dit ruim € 700 per leerling plus een bedrag van € 250 voor leerlingen voor scholen met een bepaalde achterstandsscore.

Voor 2022/2023 is het bedrag nog niet bekend, maar aangegeven is dat rekening gehouden kan worden met minimaal € 500 per leerling. De scholen van Present hebben vanuit de menukaart, die door het ministerie is opgesteld, diverse interventies gekozen om op te pakken. Lerarentekort Het tekort aan leraren wordt ook bij Present steeds nijpender. Aan het begin van het schooljaar was de reguliere formatie volledig ingevuld. Echter vervanging wordt echt een groot probleem. Er zijn bijna geen vervangers meer beschikbaar. Om het lerarentekort enigszins op te vangen, zijn de schoolbesturen in de regio samen gaan werken in: het Regionale Aanpak Personeelstekort. Er zijn diverse werkgroepen samengesteld die zich bezighouden met het oplossen van het personeelstekort, zoals zij-instromers, verkorte deeltijders en opleiden onderwijsassistenten. Present heeft diverse onderwijsassistenten benoemd die de verkorte deeltijdopleiding volgen. Als het goed is zijn zij na een opleiding van een jaar bevoegd om voor de klas te staan. Ook volgen sommige onderwijsassistenten de deeltijd PABO. Binnenkort wordt een tweede traject gestart tot het werven van zij-instromers. Energieprijzen Voor de meeste scholen koopt Present elektriciteit en aardgas in via het inkoopcollectief Energie voor Scholen. Dat is een initiatief van een aantal besturenorganisaties, waaronder de Vos/ABB.

Zij werken samen binnen het Inkoop Centrum Onderwijs. De uitvoering van dit project is uitbesteed aan het onafhankelijke energieadviesbureau Hellemans Consultancy. Ondanks dat de huidige marktprijzen voor elektriciteit en aardgas ruim verdrievoudigd zijn, blijft de prijsstijging voor onze scholen beperkt. Dit is te danken aan de inkoopstrategie waarbij er gespreid is ingekocht. De huidige stijging van de marktprijzen heeft een minimale impact op onze huidige tarieven. Bovenmatig Eigen Vermogen De inspectie heeft aangegeven dat Present een bovengemiddeld hoog eigen vermogen heeft. Dit te hoog eigen vermogen dient de komende jaren afgebouwd te worden tot een niveau dat 4

door de inspectie is aangegeven. Er is plan opgesteld om te komen tot een verlaging van het eigen vermogen. Er is besloten om de inkoop van het aantal uren vakonderwijs bij Sportservice uit te breiden van 1 uur naar 2 uur per groep. De kosten op jaarbasis hiervoor zijn € 125.000. Verder is één van de speerpunten bij Present de uitrol van het ICT-plan. De kosten van de uitvoering van dit ICT-plan, waaronder het aanstellen van een bovenschoolse ICT-er en ambassadeurs op de scholen worden vanuit heet eigen vermogen betaald. Dit geldt ook voor extra formatie op scholen i.v.m. bijzondere omstandigheden. Rekening wordt gehouden met € 120.000 per jaar. Het verder opnemen van een budget voor projectgelden wordt momenteel achterwege gelaten. Via de NPO-gelden hebben de scholen voldoende mogelijkheden. Ook zal een extra dotatie aan de voorziening groot onderhoud moeten worden gedaan. De afgelopen jaren is er een hoop geïnvesteerd in het groot onderhoud van de scholen maar ook de komende jaren wordt behoorlijk veel geïnvesteerd op basis van het meerjaren onderhoudsplan. Hierdoor is het saldo voor de komende 20 jaar onvoldoende en wordt een extra dotatie gedaan aan de voorziening huisvesting van € 240.000. Bovendien is gesproken over het omlaag brengen van de vaste kosten. Daarbij wordt met name gekeken naar het energieverbruik en het verduurzamen.

Hiervoor wordt ook een extra dotatie aan de voorziening huisvesting gedaan van € 175.000. Deze maatregelen geven een overschrijding op de begroting van € 660.000. Vereenvoudiging bekostiging Vanaf 2023 wordt een vereenvoudigde bekostigingssystematiek voor het primair onderwijs ingevoerd. Bekostiging vindt dan plaats per kalenderjaar. Door deze overgang van het oude naar het nieuwe bekostigingsstelsel ontstaat er vanwege het betaalritme in het huidige systeem aan het eind van het kalender jaar een vordering op de overheid van ruim € 430.000. Dit bedrag moet in 2023 eenmalig wordt afgeboekt. Deze heeft grote invloed op ons eigen vermogen. Met de nieuwe bekostigingsmethode wil men de bekostiging voor scholen: • Duidelijker maken: Scholen krijgen 1 basisbedrag per leerling en per school. Zij krijgen niet langer aparte budgetten voor personeel en materieel. • Eenvoudiger maken: De 130 rekenregels moeten naar ongeveer 30 regels. Dat maakt de berekening van het geld eenvoudiger voor de scholen. • Beter voorspelbaar maken: De bekostiging wordt per kalenderjaar (in plaats van schooljaar) vastgesteld. Zo krijgen scholen op hetzelfde moment inzicht in de volledige bekostiging. Het aantal leerlingen dat een school heeft, is belangrijk voor de hoogte van het bedrag dat scholen krijgen. In het wetsvoorstel gaat de teldatum naar 1 februari van het vorige kalenderjaar.

Voorbeeld: het bedrag voor het kalenderjaar 2023 wordt vastgesteld op basis van de teldatum op 1 februari 2022. • Er zijn minder bijstellingsmomenten van het budget. Nu vindt de bijstelling van de loon- en prijsstijgingen twee keer per kalenderjaar plaats. Dat wordt één keer per jaar. In de nieuwe situatie is al gedurende het kalenderjaar bekend wat het definitieve budget wordt in plaats van achteraf. Volgens de nieuwste berekening ontvangt Present ongeveer € 100.000 minder dan via de huidige berekeningswijze. Voor de eerste 3 jaren is er een overgangsregeling, waarbij steeds een afbouw van 25% wordt toegepast.

5

3. Begroting 2022 Voor de begroting wordt aan hand van de normering vanuit het ministerie een budget voor de scholen bepaald. Op basis van de verdeling zoals die is vastgelegd in het financieel beleidsplan worden de rijksgelden verdeeld tussen de scholen en bovenschools niveau. De directeuren stellen een begroting op voor hun eigen school. Uitgangspunt voor de begroting is dat de totale baten en lasten gelijk zijn. In de begroting van de scholen zijn ook de NPO-gelden opgenomen. De bovengenoemde maatregelen i.v.m. het bovenmatig vermogen worden als extra uitgaven verwerkt onder de betreffende lasten. Hierdoor ontstaat een negatief saldo. Begroting 2022 in cijfers Begroting 2022

Begroting 2021

Werkelijk 2020

BATEN Rijksbijdrage OCW Overige baten Totale Baten

10.942.990 172.340 11.115.330

9.677.995 115.725 9.793.720

9.897.127 128.544 10.025.671

LASTEN Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige Lasten Totale lasten

9.042.750 256.140 1.238.660 1.237.780 11.775.330

8.287.880 261.215 772.750 771.875 10.093.720

8.138.575 256.390 852.530 933.867 10.181.362

Saldo baten en lasten

-660.000

-300.000

-155.691

Financiële baten

0

SALDO

-660.000

-2.518 -300.000

-158.209

6

4. Uitgangspunten meerjarenperspectief 2023 tot en met 2025 Bij de nieuwe bekostiging verdwijnen alle aparte budgetten voor personeel en materiële bekostiging. Vanwege de nieuwe bekostiging zal een aanpassing van het financieel beleidsplan moeten worden vastgesteld. Welke percentage is voor de materiële instandhouding en welk deel voor personele kosten. Zodra vanuit het ministerie definitieve cijfers bekend zijn, wordt dit verder uitgewerkt. Ontwikkeling aantal leerlingen Het aantal leerlingen dat op de teldatum 1 oktober 2021 staat ingeschreven bij Present is 1487. Op 1 oktober 2020 was het aantal leerlingen 1500. Een daling van 13 leerlingen. Dit is minder dan de prognose van vorig jaar, waarbij rekening gehouden werd met een daling van 23 leerlingen. Door de vereenvoudigde bekostiging van het primair onderwijs is 2021 de laatste keer dat 1 oktober de teldatum is. Vanaf 2022 geldt 1 februari als teldatum voor de bekostiging. Jaarlijks wordt de prognose aangepast. Bij de opstelling van de prognose wordt gebruik gemaakt van de prognose van het Arbeidsmarktplatform PO. Deze is samengesteld op basis van gegevens van BRON, CBS en belangstellingspercentages. De prognose gaat nog uit van 1 oktober, maar die is aangepast naar de teldatum 1 februari.

Prognose aantal leerlingen 1520

Aantal leerlingen

1500 1480 1460 1440 1420 1400 1380 2021

2022

2023

2024

2025

Jaar

Personeel Uitgangspunt voor de personele lasten is dat de uitgaven gelijk zijn aan de rijksvergoeding. Momenteel wordt de lumpsumvergoeding personeel voor 100% ingezet op de scholen. Echter zoals eerder is vermeld, is er straks geen rijksvergoeding personeel meer, maar is er één totaalbudget. We gaan er in de meerjarenbegroting vanuit dat het percentage dat van de volledige rijksvergoeding wordt ingezet voor personeel ook straks wordt ingezet. Dat wordt ook in de meerjarenraming verwerkt, aangepast naar het aantal leerlingen. In de begroting is geen rekening gehouden met premiestijgingen die in 2022 zullen plaatsvinden. Er wordt vanuit gegaan dat deze kosten gedekt zullen worden uit een verhoging van de rijksvergoeding. Volgens de prognose zal er in 2022 een daling zijn van het aantal leerlingen. Hierdoor zal de beschikbare formatie enigszins dalen. Gelet op het lerarentekort en de moeilijkheid om vacatures te kunnen vervullen is deze leerlingendaling eenvoudig op te vangen.

7

Saldo baten en lasten In het meerjarenperspectief zijn in 2023 nog gelden opgenomen van het Nationaal Programma Onderwijs. Deze vallen in 2024 weg. De komende jaren zullen wel de extra gelden i.v.m. het besteden van het bovenmatig eigen vermogen opgenomen worden. Zouden deze gelden niet opgenomen zijn, dan nog laat het meerjarenperspectief een behoorlijk te kort zijn. Hiermee zal rekening worden gehouden met de aanpassing van het financieel beleidsplan, waarbij als uitgangspunt wordt genomen dat de uitgaven gelijk zijn aan de inkomsten. Het meerjarenperspectief is samengevat in hoofdlijnen. 2022

2023

BATEN Rijksbijdrage OCW Overige baten Totale Baten

10.942.990 172.340 11.115.330

LASTEN Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige Lasten Totale lasten Saldo

2024

2025

10.332.000 170.000 10.502.000

9.679.000 170.000 9.849.000

9.481.000 170.000 9.651.000

9.042.750 256.140 1.238.660 1.237.780 11.775.330

8.848.260 256.140 839.660 869.055 10.813.115

8.260.260 256.140 839.660 869.055 10.225.115

8.117.260 256.140 839.660 839.055 10.052.115

-660.000

-311.115

-376.115

-401.115

8

5. Balansontwikkeling en ontwikkeling financiële ratio’s. In onderstaand schema wordt een overzicht gegeven van de balanscijfers over 2020 en een verwachting voor de jaren 2021 tot en met 2025. Hierbij wordt ervan uit gegaan dat het resultaat maximaal € 245.000 negatief is, zijnde de genoemde maatregelen i.v.m. de inperking van het bovenmatig eigen vermogen. Dat is minder dan de verwachte negatieve resultaten in het meerjarenperspectief. Er dienen daarom ook vanaf 2023 naar bezuinigingen te worden gezocht om het negatieve resultaat van € 245.000 te bereiken. Balans PRESENT ACTIVA Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vorderingen Liquide middelen Totale Activa

31-12-2020 31-12-2021 31-12-2022 31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

1.305.713 48.325 1.049.280 4.008.270 6.411.588

1.300.000 48.000 1.000.000 3.614.811 5.962.811

1.300.000 48.000 320.000 3.033.811 4.701.811

1.300.000 48.000 750.000 2.208.811 4.306.811

1.300.000 48.000 750.000 2.004.811 4.102.811

1.300.000 48.000 750.000 1.807.811 3.905.811

PASSIVA Reserves Resultaat Eigen vermogen Voorzieningen Kortlopende schulden Totale Passiva

4.039.761 -158.224 3.881.537 1.191.214 1.338.838 6.411.589

3.881.537 -300.000 3.581.537 1.381.274 1.000.000 5.962.811

3.151.537 -660.000 2.491.537 1.410.274 800.000 4.701.811

2.491.537 -245.000 2.246.537 1.260.274 800.000 4.306.811

2.246.537 -245.000 2.001.537 1.301.274 800.000 4.102.811

2.001.537 -245.000 1.756.537 1.349.274 800.000 3.905.811

Ratio's

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Liquiditeitsratio Rentabiliteit

3,78 -1,60%

4,61 -3,06%

4,19 -5,94%

3,70 -2,33%

3,44 -2,49%

3,20 -2,54%

- Materiële vaste activa Dit betreft de waarde van de MVA. Verwacht wordt dat de waarde van de MVA eind 2022 rond de € 1.300.000 zal zijn. - Financiële vaste activa Dit bedrag betreft een borg bij de aankoop van tablets van Snappet. - Vorderingen en kortlopende schulden Door de invoering van het nieuwe bekostigingsstelsel zal eind 2022 de vordering van het ministerie die normaal gesproken in januari wordt aangevuld, moeten worden afgeboekt. Dat heeft een behoorlijk effect op het eigen vermogen. - Eigen vermogen (EV) Het (negatieve) resultaat wordt toegevoegd aan/afgetrokken van het EV. - Voorzieningen Dit betreft een voorziening voor toekomstig groot onderhoud en een personele voorziening. - Liquiditeit De liquiditeitsontwikkeling is de resultante van alle exploitatie- en balansontwikkelingen. 9

6. Vaststelling Het college van Bestuur van Stichting PRESENT heeft de begroting 2022 vastgesteld op 8 december 2021. De Raad van Toezicht van Stichting PRESENT heeft de begroting 2022 goedgekeurd op 8 december 2021. Ondertekening: R. Bijlsma, voorzitter College van bestuur, Ondertekening: J.M. Hendriks, voorzitter Raad van Toezicht

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11113129/1