03A Schriftelijke toelichting 3 raden bijeenkomst 19 mei Keuzes maken in schaarste
Tekst van het document
Schriftelijke toelichting 3 radenbijeenkomst SED 19 mei 2021 1 bijlage: powerpoint presentatie Keuzes maken in schaarste
SED organisatie: Keuzes maken in schaarste Achterblijvende financiering. Een steeds groeiend takenpakket. Ongezond oplopende werkdruk. Voor de SED organisatie is een toekomstbestendige financiële positie noodzaak. SED: Volop in ontwikkeling en de roep om versterking In 2015 is de SED organisatie gestart. Mede door de bezuiniging die daarbij werd meegegeven, was dat achteraf bezien geen erg goede start. De grote veranderingen en de decentralisaties in het sociale domein zaten niet in het ‘startkapitaal’ van de SED. Vanaf 2018 is via ‘SED perspectief’ extra geld beschikbaar gekomen. Dat geld was hard nodig en werd gebruikt om ontwikkelingen in dienstverlening, digitalisering, topstructuur te financieren en eerdere bezuinigingen terug te draaien. De begroting van onze ambtelijke organisatie is structureel niet meegegroeid met de ambities en extra taken.
De personele omvang van onze ambtelijke organisatie is gegroeid met een kleine 15% van 350 in 2015 naar 400 nu. Ondanks die personele groei is de nood hoog en de werkdruk ongezond hoog en klinkt links en rechts de roep om versterking: “we kunnen het werk niet meer aan.” Het probleem van SED is het probleem van heel Nederland De situatie bij SED is ernstig, maar zeker niet uniek. Integendeel. Het probleem is een probleem dat in heel Nederland wordt gevoeld en ervaren, ook in de ons omliggende gemeenten. De ernstige financiële situatie waarin heel veel gemeenten zich momenteel bevinden, is grotendeels het directe gevolg van het feit dat het Rijk al jaren taken overhevelt naar gemeenten zonder daarbij te zorgen voor adequate financiering. Elke overheveling gaat gepaard met bezuinigingen op de oorspronkelijke
uitgaven en gemeenten moeten maar zien hoe zij de gaten dichten. Dat lukt dus nu gewoon niet meer. Dat voelen en ervaren we overal. Haags afknijpen betekent schade voor de burger Bij de start van de SED in 2015 zijn de drie grote decentralisaties niet meegenomen. Hoewel de SED deels door onze drie gemeenten is gecompenseerd voor extra uitvoeringslasten in het sociaal domein, was en is dit simpelweg ontoereikend. Er zijn inmiddels dan ook grote problemen bij de WMO, de jeugdzorg en de schuldhulpverlening. Een krant kopte: ‘Haags afknijpen van gemeenten levert schade op voor inwoners.’ De coronacrisis maakt het probleem nog zichtbaarder en lastiger. De taken en de hoeveelheid werk stapelen zich op en het gat met de beschikbare capaciteit wordt alleen maar groter, met alle gevolgen van dien. Dit moet ophouden Het probleem gaat echter verder dan het sociaal domein. Ook in het ruimtelijk domein zijn er forse opgaven, zoals de steeds luidere roep om acceleratie in de woningbouw, de ingrijpende energietransitie, en de volgend jaar in werking tredende Omgevingswet. Zo vraagt de Omgevingswet om investeringen en specialisten die de werkwijze en regels van de nieuwe digitale wet kunnen toetsen en uitvoeren. Daar is wel extra geld voor, maar dat is uitsluitend een projectbudget en door schaarste binnen de organisatie ingezet voor met name tijdelijke mensen.
Als die tijdelijke mensen straks weg gaan, dan hebben we geen oplossing om de kennis te behouden. Op dit moment jaagt echter elke gemeente in ons land op die nog schaarse specialisten, dus daar is heftige concurrentie en prijsopdrijving. Ronald Wortelboer, burgemeester van Stede Broec en voorzitter van het dagelijks bestuur van de SED, gaf een krachtig statement over de situatie: “Dit moet ophouden. Den Haag moet nu ook eens over de brug komen. Wij kunnen dit als gemeenten niet allemaal alleen.” We moeten ook naar onszelf kijken Natuurlijk is niet alles de schuld van Den Haag. We moeten ook kritisch naar onszelf kijken. De groei in capaciteit – in mensen, dus – heeft de afgelopen jaren geen gelijke tred gehouden met de groei aan taken en een veel groter beroep dat op elk terrein op ons werd en wordt gedaan. Berenschot concludeert in een benchmark onderzoek naar apparaatskosten dat de SED 20fte beleidsformatie te kort komt. De begrotingsvergelijking tussen de SED gemeenten en de SED organisatie hierboven laat zien dat de organisatie flink in groei is achtergebleven ten opzichte van de groei van de algemene uitkeringen van de 3 gemeentes. Daarbij komt dat de formatie die nodig is voor de uitvoering van het sociaal beleid vanaf de aanvang buiten de SED-begroting is gehouden.
In de eerste vier jaar werden die kosten achteraf verrekend bij de gemeenten en werd gebruik gemaakt van ad hoc oplossingen. In het vijfde jaar heeft het Algemeen Bestuur besloten dat tekorten binnen de eigen begroting moeten worden opgelost, maar dat lukt nu niet meer. Onderfinanciering, groeiend takenpakket, ongezond hoge werkdruk De SED heeft aangegeven dat de opdracht om de uitvoeringskosten sociaal domein binnen de SEDbegroting op te vangen niet meer uitvoerbaar is. Het gevolg is dat onze ambtelijke organisatie inwoners en bedrijven niet meer de diensten kan leveren zoals het geacht wordt te doen en onze medewerkers van harte willen. De wachtlijsten die er zijn worden langer, het aantal principeverzoeken en vergunningsaanvragen blijft maar stijgen. Er is achterblijvende financiering,
een groeiend takenpakket en een ongezond hoge werkdruk. Zo kan het echt niet langer. Dat beseft iedereen. SED krijgt projecten niet meer bemenst De SED krijgt nu het werk met de huidige bezetting niet meer gedaan. Dat is slecht voor de organisatie, pijnlijk voor onze gemeenten, maar vooral heel vervelend en naar voor de inwoners en bedrijven die op ons moeten kunnen rekenen. De SED krijgt niet meer alle projecten behoorlijk bemenst. Bestuurders kunnen niet meer worden bijgestaan en geadviseerd zoals dat van de SED wordt verwacht en zij vanuit hun professionele expertise graag en goed doen. Dat knaagt aan professionaliteit en vertrouwen. De SED kan zich onvoldoende gedragen en profileren als een goede, moderne werkgever. Er is – nog zwaarder gevoeld in coronatijd - een hoge werkdruk, een toenemend verloop en een te hoog ziekteverzuim. Onze concurrentiepositie op de arbeidsmarkt is niet heel goed. Wij bieden drukke banen voor gemiddeld lagere salarissen dan een 60.000+gemeente. Het zijn indicatoren en omstandigheden die duidelijk maken dat het zo niet verder kan. Niet alles kan, maar er moet wel het nodige gebeuren Het zijn moeilijke tijden. En in tijden van schaarste moeten keuzes worden gemaakt, daar is SED zich terdege van bewust. Niet alles kan, maar er moet wel het nodige gebeuren.
Meer geld vragen om taken en bevoegdheden naar behoren en tijdig uit te voeren, is geen prettige boodschap. Met meer geld naar gemeentelijke diensten en ambtenaren win je de populariteitsprijs niet. Want waarom wel meer geld naar het ‘apparaat’ als er tegelijkertijd flink moet worden bezuinigd, voorzieningen op de tocht staan, en belastingen omhoog moeten? Dat is inderdaad geen prettig verhaal, maar wel een verhaal dat verteld en gehoord moet worden en niet kan worden genegeerd. Het gaat niet vanzelf weg. Het gaat niet vanzelf beter. Taken en prioriteiten nu scherp op het netvlies Er waren de afgelopen jaren zorgen en er is twijfel geuit of meer geld voor de SED eigenlijk wel helpt en of dat extra geld niet in een bodemloze put verdwijnt en nuttiger anders en elders kan worden besteed. We hebben daarover eerder indringend gesproken. De SED is daardoor de afgelopen jaren verder gekomen, en dankzij voortschrijdend inzicht staat nu scherper dan ooit op het netvlies welke taken en prioriteiten er zijn, wat daarvoor gedaan moet worden, en wat dat kost in termen van menskracht en geld. Het haalbare, niet het maximale Voor iedereen is duidelijk dat er meer geld nodig is. In het voorliggende plan wordt vanaf 2022 € 1,5 miljoen structureel toegevoegd aan het personeelsbudget van de SED.
Ook vanaf 2022 wordt een mobiliteitsbudget geherintroduceerd ter hoogte van maximaal € 250.000,- dat bij onderbesteding terugvalt aan de gemeenten. Dit betekent voor de individuele gemeenten de volgende bijdragen. Voor de aanvullende structurele bijdrage van € 1,5 miljoen is de verdeling Stede Broec € 481.800, Enkhuizen € 559.350, Drechterland € 458.850. Voor het mobiliteitsbudget van € 250.000 is de verdeling Stede Broec € 80.300, Enkhuizen € 93.225, Drechterland € 76.475.
Pragmatisch keuzes maken Hoe welkom deze extra gelden ook zijn, het is niet wat er eigenlijk nodig is. Er is realisme en de SED beseft dat zij pragmatisch moet zijn in schaarse tijden. Een grotere investering dan nu voorgesteld zit er gewoon niet in, dat is helder geworden. De financiële situatie bij de drie gemeenten laat het simpelweg niet toe. De SED gaat voor realisme, voor loyaliteit, voor het haalbare en niet voor het maximale. Keuzes maken in schaarste heet dat. De opgave voor de SED Het bestuur heeft de afgelopen tijd met de ambtelijke organisatie gezocht naar een begaanbaar pad. Een niet comfortabele maar wel heldere route die iedereen verder kan brengen. Minder dan € 1,5 miljoen structureel kan echt niet, en meer zit er nu echt niet in. Hier moet een ieder het mee doen. Keuzes maken in schaarste. Verantwoordelijkheid nemen. De opgave voor de SED is nu als volgt geformuleerd: • De werkvoorraad en de beschikbare (beleids-)capaciteit beter in balans brengen; • Zorgvuldig werkgeverschap voor toekomstige en huidige medewerkers. Hier gaan we met de colleges en uw raden samen aan werken. Aan de slag. Met kennis, inzet, betrokkenheid en enthousiasme. En met het aantrekken van de juiste mensen die gaan helpen onze opgave en opdrachten te realiseren.
In de bijlage treft u de Powerpoint presentatie zoals gegeven op de drie raden bijeenkomst van 19 mei, hierin deels aanvullende informatie op bovenstaand document.