02 Informatiebrief Westfriese raden samenwerking Klimaatakkoord dd. 26 sep
Tekst van het document
Contactpersoon C.M. Bakker
Aan de leden van de commissie en raad Email cm.bakker@hoorn.nl
Telnummer 06-51215716 Zaaknummer:
Hoorn, 26 september 2023 Onderwerp: Regionale samenwerking uitvoering Klimaatakkoord
Beste leden van de commissie en raad, Inleiding Met deze brief wil ik u namens de Westfriese gemeenten op de hoogte brengen van het proces rondom de regionale samenwerking in de uitvoering van het Klimaatakkoord en de te nemen vervolgstappen. De basis hiervoor is het onderzoek dat Berenschot uitvoerde in 2020. Berenschot bracht daarbij in beeld hoeveel capaciteit nodig is in Westfriesland om uitvoering te geven aan de (nieuwe) taken die voortvloeien uit het Klimaatakkoord. Dit betreft ca. 100 fte waarvan het gros nodig is voor de verduurzaming van woningen. In de afgelopen twee jaar is in opdracht van de Westfriese gemeentesecretarissen onderzoek gedaan naar op welke wijze uitvoering gegeven kan worden aan de activiteiten uit het Klimaatakkoord. Berenschot heeft de gemeenten hierin ondersteund. Gedurende de onderzoeksperiode hebben verschillende ontwikkelingen plaatsgevonden, waarin samenwerking op Westfries niveau wordt gevraagd, namelijk; -
Regionale energie strategie (RES); Energie Infrastructuur (Task Force Energie-Infrastructuur); Gebouwde omgeving van het aardgas af ( Nationaal Programma Lokale Warmte).
Aan alle drie onderwerpen zijn financiële regelingen verbonden ter ondersteuning van de uitvoering van de taken die regionaal opgepakt moeten worden. Daarnaast zijn klimaatgelden vanuit het Rijk toegekend voor de komende drie jaar, aan de gemeenten. Belang Het organiseren van een klimaatopgave waarbij ca. 100 fte voor de uitvoering nodig is, vraagt om een regionale aanpak. De arbeidsmarkt is krap, taken vanuit het Klimaatakkoord gelden voor alle gemeenten en als gemeenten willen we aantrekkelijk zijn en blijven voor potentiële werknemers. Een gezamenlijk aanpak draagt bij aan het succesvol organiseren van deze opgave. Dit betekent overigens niet dat alle taken en activiteiten uit het Klimaatakkoord ook regionaal opgepakt moeten worden. Er is en blijft ruimte voor lokale invulling.
1/3
Resultaat Berenschot adviseert om een mogelijke samenwerkingsvorm verder uit te werken en dit in verschillende stappen te doorlopen. Hiervoor wordt een transitieplan1 opgesteld.
Figuur 1. Transitieplan samenwerking klimaatopgave
Met het eindrapport van Berenschot is een goede stap gezet maar is er ook nog een hele weg te gaan. Om het werk en gedachtengoed vast te houden is het belangrijk om nu besluiten te nemen die een vervolg goed kunnen ondersteunen. Een van de manieren is om een transitieplan te gaan opstellen met daarin verschillende stappen om de samenwerking verder vorm te geven en te organiseren. Om de benodigde besluiten overzichtelijk en goed onderbouwd te kunnen nemen. Het is namelijk met de kennis van nu nog lastig te overzien hoe de transitie in de samenwerking van de klimaatopgave eruit komt te zien. Voor de korte termijn willen we een kwartiermaker aanstellen. De kwartiermaker stelt een transitieplan op en draagt zorg voor het formaliseren van de huidige regionale inzet. In de geest van klein beginnen is de volgende stap om een duurzaamheidspool Westfriesland in te richten. Met verschillende rollen op het gebied van warmte, energie opwek, energie infra en mobiliteit. Dit past ook goed in het advies wat Berenschot heeft gegeven. En de tijd begint te dringen, er komen steeds meer regionale en provinciale initiatieven op gang en de behoefte naar expertise groeit. Voor de middellange termijn adviseert Berenschot de samenwerking verder uit te bouwen met een convenant of letter of interest (tussen de colleges) waarin de inhoudelijke reikwijdte van de samenwerking staat.
Als laatste stap wordt verder onderzoek gedaan naar een mogelijk samenwerkingsvorm en vinden de voorbereidingen plaats voor besluitvorming uiterlijk eerste kwartaal 2026.
1 Een transitieplan is een stappenplan dat de komende twee jaar moet leiden tot besluitvorming over een regionale
samenwerkingsvorm waarin uitvoering wordt gegeven aan de klimaattaken die op regionaal niveau uitgevoerd kunnen worden. Zie figuur 1. Dit plan bevat ook het proces van de voorbereiding tot deze besluitvorming met gemeentesecretarissen, bestuurder en raden. 2/3
Vervolg Onderdeel van het transitieplan is het goed organiseren van de besluitvorming in de verschillende gremia (organisatie inclusief de OR, gemeentesecretarissen, bestuurders en raden). Verwachting is dat tot 2026 meerdere momenten komen waarop u wordt geinformeerd over het verloop van het proces naar besluitvorming. En de wijze waarop invulling kan worden gegeven aan een vorm van samenwerking in de regio op dit onderwerp. De gemeente Koggenland kiest ervoor om eerst de eigen organisatie te versterken en heeft ervoor gekozen om niet deel te nemen aan verdere stappen in deze verkenning en samenwerking op dit onderwerp en sluit daarom niet meer aan. Daarmee is een toekomstige samenwerking met de Gemeente Koggenland niet uitgesloten, de deur blijft openstaan om in de samenwerking aan te sluiten en daar haar bijdrage aan te leveren. Met vriendelijke groet,
René Assendelft Voorzitter van de VVRE namens de portefeuillehouders duurzaamheid in Westfriesland Wethouder A. Helling (Gemeente Hoorn) Wethouder H. Nederpelt (Gemeente Medemblik) Wethouder T. Visser (Gemeente Stede Broec) Wethouder F. de Vos (Gemeente Drechterland) Wethouder H. ter Veen (Opmeer) Wethouder J. Franx ( Gemeente Enkhuizen) Wethouder R. van Dolder (Gemeente Koggenland)
3/3