CConstaterende datSon en Breugel
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Jaarstukken 2025

Gemeenteraad 2 juli 2026, gemeente Son en BreugelBij agendapunt: Jaarstukken 2025 Gemeente Son en Breugel42.333 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

In 2024 is een nieuwe financieringssystematiek ingevoerd. De nieuw gekozen vorm van indexatie levert meer stabiliteit op. De indexatie is gesplitst in een volumedeel en een prijsdeel. De volumeontwikkeling wordt gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp, waardoor het gemeentefonds minder schommelt (volumedeel). De indexatie voor inflatie volgt de prijs bbp van het lopende jaar, waardoor het gemeentefonds reëel “op niveau” blijft (prijsdeel). Hoewel de doorgevoerde wijzigingen er dus op gericht zijn om meer stabiliteit te krijgen in de grootste inkomstenbron van de gemeenten, passen we de risicowaarde op dit onderdeel vooralsnog niet aan. De schommelingen in de algemene uitkering kunnen nog steeds problemen veroorzaken voor het sluitend krijgen van de begroting. Er bestaat ook geen directe rechtstreekse relatie tussen gemeentelijke uitgaven enerzijds en de compensatie daarvoor via het Gemeenfonds anderzijds. In die zin kent het Gemeentefonds met generieke compensaties ook de nodige globaliteit. Beheersmaatregel De algemene uitkering maakt integraal onderdeel uit van de begroting. De schommelingen worden op het eerst volgende moment binnen de exploitatie verwerkt om deze sluitend te houden.

Jaarstukken 2025 56

9] Niet of onderverzekerd zijn m.b.t. gebouwen waar de gemeente risico loopt Door een onzeker voorval (bijv. brand-/waterschade) kan gebouw te maken met diverse schade en totaalverlies. Gevolg is dat de zelf vastgelegde herbouwwaarde te laag is en je niet kunt herbouwen met alleen de verzekeringsuitkering. Door mogelijke onderverzekering krijg je niet de maximale getaxeerde waarde en draag je ook het surplus boven het zelf benoemde bedrag tot de werkelijke schade. Beheersmaatregel Preventief: - herbouwwaarde taxaties laten uitvoeren Detectief: - eigendomsregistratie opzetten Repressief: - Goed werkend schadeproces door MT laten vaststellen Correctief: - Als repressieve maatregel is uitgevoerd (zie boven) verloopt het herstellen van schade conform vastgesteld proces 10] Exploitatie archiefruimte gemeentehuis Er spelen risico’s voor de exploitatie van onze archiefruimte, welke geheel ondergrond is aangelegd in de kelder van ons gemeentehuis, door klimaatveranderingen. Deze risico’s spitsen zich toe op de waterdichtheid van het bordes, de bloembak gelegen naast het bordes en kelderwanden & -vloeren. Eind 2023 werden we geconfronteerd met wateroverlast door een stijging van en aanhoudende hoge grondwaterstanden, in combinatie met extreme neerslag, waardoor grondwater en regenwater, tot de keldervloer door wist te dringen.

Hierdoor ontstaan er risico’s van aantasting van archiefstukken, mede door een te hoge luchtvochtigheid en plassen die ontstaan op de keldervloer in het archief en ruimtes waar waardevolle kunstwerken worden opgeslagen. Inden de exploitaties van onze kelder en het archief niet naar verwachting verloopt, kan de gemeente verantwoordelijk worden gesteld om verloren en of aangetaste archiefstukken e/o kunstwerken te gaan vergoeden. Met daarnaast het risico om vanuit archiefbeheer (Dienst Dommelvallei) per ommegaand gesommeerd te worden om kosten te gaan maken om het archiefbeheer op het minimaal “wettelijke niveau” te krijgen. Beheersmaatregel Er zijn korte lijnen met archiefbeheer (Dienst Dommelvallei) en er vindt periodiek overleg plaats m.b.t. de exploitatie van de archiefruimte. Er wordt, met het oog op de exploitatie van het archief, een pakket van uit te voeren maatregelen opgesteld (vanuit gebouwenbeheer), om het archief klimaatbestendig (lekkage vrij) te maken.

Weerstandscapaciteit in cijfers De beschikbare weerstandscapaciteit is de verzamelterm van al die bronnen waaruit niet voorziene financiële tegenvallers bekostigd kunnen worden.

Beschikbare weerstandscapaciteit Incidentele weerstandscapaciteit

Peildatum 31-12-2025

Algemene reserve

€ 3.000.000

Reserve vrije bestedingsruimte

€ 5.784.098

Totaal incidentele weerstandscapaciteit

€ 8.784.098

Structurele weerstandscapaciteit Post onvoorzien

€ 80.000

Totaal structurele weerstandscapaciteit

€ 80.000

Totaal beschikbare weerstandscapaciteit

€ 8.864.098

Jaarstukken 2025 57

Er is veel meer incidentele capaciteit beschikbaar dan structurele capaciteit. De structurele capaciteit kan in principe jaarlijks worden vrijgemaakt voor financiële tegenvallers. De incidentele capaciteit kan slechts eenmaal worden aangesproken en kan pas na aanvulling weer worden gebruikt om volgende tegenvallers op te vangen.

Weerstandsvermogen Er wordt uitgegaan van een gewenste minimale score voor de ratio weerstandsvermogen van ‘voldoende’ (ratio ≥ 1). Deze verhouding wordt als volgt bepaald: Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit / Benodigde weerstandscapaciteit € 8.864.098 / € 3.127.435 = 2,83 Wij concluderen dat het weerstandsvermogen van de gemeente met een weerstandsratio van 2,83 goed is. Ontwikkeling weerstandsvermogen De onderstaande grafiek laat de ontwikkeling van de weerstandsratio zien, inclusief de prognose voor de komende jaren. Voor de prognose gaan we uit van gelijk blijvende benodigde weerstandscapaciteit. Voor de beschikbare weerstandscapaciteit gaan we uit van de meerjarenramingen. Met een weerstandsratio van 2,83 is het weerstandsvermogen van Son en Breugel goed. Ook voor de komende jaren blijft de ratio op een goed niveau gehandhaafd.

Financiële kengetallen Kengetallen geven inzicht in bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen bijdragen aan het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. De combinatie van de kengetallen geven een indicatie over de financiële positie van de gemeente. Daarnaast bieden kengetallen de mogelijkheid om gemeenten onderling te vergelijken. Een individueel kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie van de gemeente moet worden beoordeeld. De kengetallen moeten in samenhang bekeken worden, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een beeld geven van de financiële positie van de gemeente.

Jaarstukken 2025 58

Een kengetal, of de ontwikkeling van een kengetal, is een weerspiegeling van het gevoerde beleid. Voor de provincie als toezichthouder hebben de kengetallen een signaleringswaarde. Ze kunnen worden betrokken bij het krijgen van een completer inzicht in de financiële situatie en risicopositie van een gemeente. De volgende financiële kengetallen moeten in de paragraaf weerstandsvermogen opgenomen worden: • netto schuldquote; • netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; • solvabiliteitsratio; • grondexploitatie; • structurele exploitatieruimte; • belastingcapaciteit. De toezichthouder hanteert geen normering, maar maakt gebruik van onderstaande signaleringswaarden. Waarderingscijfer

Minst risicovol

Neutraal

Meest risicovol

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

<90

90-130

>130

Solvabiliteitsratio

>50

20-50

<20

Grondexploitatie

<20

20-35

>35

Structurele exploitatieruimte

>0

0

<0

Belastingcapaciteit

<95

95-105

>105

Zie voor de onderlinge verhouding van de kengetallen bij conclusie.

Jaarstukken 2025 59

Jaarstukken 2025 60

Uitgangspunten Voor de kolommen realisatie is uitgegaan van de balans zoals opgenomen in de betreffende jaarrekening. De kengetallen voor de begroting 2025 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 2025-2028. De kengetallen voor 2026 tot en met 2028 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 2026-2029. Omschrijving

Realisatie

Begroting

2023 2024 2025

2025

2026

Netto schuldquote

49%

63%

85%

110% 115% 132% 140% 136%

2027

2028

2029

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

46%

61%

82%

106% 112% 130% 138% 134%

Solvabiliteitsratio

49%

39%

34%

32%

28%

26%

25%

24%

Grondexploitatie

-13%

-9%

-8%

0%

-4%

-2%

-3%

-2%

Structurele exploitatieruimte

-5%

-2%

-5%

1%

2%

1%

2%

2%

Belastingcapaciteit

95%

85%

86%

93%

91%

91%

91%

91%

Hieronder volgt per kengetal een korte toelichting. Netto schuldquote 160%

130%

140%

106

120%

80% 60%

61% 46

40% 20%

112 132%

82%

100%

138%

110%

115%

2025

2026

140%

85% 63%

49%

0% 2023

2024

2025

REALISATIE

2027

2028

BEGROTING

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen).

Jaarstukken 2025 61

Solvabiliteitsratio 60% 50%

49%

40%

39% 34%

30%

32% 28%

26%

25%

2027

2028

20% 10% 0% 2023

2024

2025

2025

REALISATIE

2026

BEGROTING Solvabiliteitsratio

Het kengetal “ solvabiliteitsratio” geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente. Grondexploitatie 0%

0%

-2%

-2% -3%

-4%

-4%

-6% -8%

-8% -9%

-10% -12% -13% -14% 2023

2024

2025

2025

REALISATIE

2026

2027

2028

BEGROTING Grondexploitatie

De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van een gemeente. Indien gemeenten leningen hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstige) woningbouwproject, hebben zij een schuld. Bij de beoordeling van een dergelijke schuld is het van belang om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Van de opbrengst van de verkochte gronden kan immers de schuld worden afgelost. Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten.

Jaarstukken 2025 62

Structurele exploitatieruimte 3% 2%

2%

1%

1%

2% 1%

0% -1% -2%

-2%

-3% -4% -5%

-5%

-5%

-6% 2023

2024

2025

2025

2026

REALISATIE

2027

2028

BEGROTING Structurele exploitatieruimte

Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken. Belastingcapaciteit 96% 94%

95% 93%

92% 90%

91%

91%

91%

2026

2027

2028

88% 86% 85%

84%

86%

82% 80% 2023

2024

2025

2025

REALISATIE

BEGROTING Belastingcapaciteit

De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar deze kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte te kunnen weergeven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven. Voor de gemeenten wordt de belastingcapaciteit gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, rioolheffing en reinigingsheffing). Naast de OZB wordt tevens gekeken naar de riool- en afvalstoffenheffing, omdat de heffing niet kostendekkend hoeft te zijn, maar ook lager mag worden vastgesteld.

Jaarstukken 2025 63

Conclusie Netto schuldquote (zowel gecorrigeerd als niet gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). De hoogte van dit kengetal wordt voor de gemeente Son en Breugel beïnvloed door een aantal oorzaken: • De boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie zijn de afgelopen jaren gedaald. • Stijging van de langlopende leningen • Diverse investeringen. Solvabiliteitsratio In 2025 is de boekwaarde van de activa gestegen als gevolg van met name bovenstaande investeringen en is het eigen vermogen licht gedaald. Het kengetal is hierdoor gedaald. Grondexploitatie Dit kengetal is in 2025 minder negatief geworden omdat er onder andere kosten voor het woonrijp maken Sonniuspark zijn gemaakt. Daarnaast is de verwachting dat de grondexploitaties herontwikkeling centrum Breugel en centrum Son meer verlieslatend zijn waardoor dit een negatieve invloed heeft op dit kengetal. Structurele exploitatieruimte Het kengetal is negatief. Dit betekent dat alle structurele lasten, inclusief de kapitaallasten van de geraamde investeringen, niet opgevangen worden binnen een structureel sluitende jaarrekening. Belastingcapaciteit Het landelijk gemiddelde van het kengetal voor de belastingcapaciteit wordt jaarlijks op 100% gesteld. De lasten voor OZB, de afvalstoffen- en rioolheffing zijn in 2025 lager dan het landelijke gemiddelde.

Jaarstukken 2025 64

Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding In deze paragraaf gaan we in op het beheer en onderhoud van het groen (openbaar groen), grijs (wegen en openbare verlichting) en blauw (riolering; gemalen en grondwater). Een rationeel beheer en onderhoud van dergelijke kapitaalgoederen is gebaat bij geautomatiseerde beheersystemen die tijdig de gewenste informatie verschaffen in het noodzakelijke onderhoud en de daarmee samenhangende kosten. Vandaar dat we in deze paragraaf ingaan op de huidige stand van zaken van deze systemen.

Wegen en weginspectie Wegen, straten en pleinen In 2025 hebben we in meer dan 90 straten werkzaamheden uitgevoerd aan trottoirs, fietspaden, en wegen. Oneffenheden door boomwortelopdruk of een losliggende tegel word met enige regelmaat onderhoud aan gepleegd. Enkele asfaltwegen zijn voorzien van een nieuwe asfalt laag om alles veilig en toegankelijk te houden. Beleid Son en Breugel werkt met een wegenbeheersysteem. Op basis van tweejaarlijkse inspecties actualiseren we de basisgegevens binnen dit systeem. Het huidig areaal aan verhardingen is te verdelen in: • Elementenverhardingen: ca. 670.000 m2 • Asfaltverhardingen: ca. 470.000 m2 Uitgangspunt van het onderhoud aan de gemeentewegen is dat die voldoet aan de kwaliteitsnormen van het CROW (Centrum voor onderzoek en regelgeving in de grond-, weg- en waterbouw en verkeerstechniek). Het onderhoudsniveau van wegen is kwaliteitsniveau C. In de CROW-kwaliteitscatalogus wordt dit omschreven als matig. Het onderhoudsniveau van trottoirs is B (kwaliteit: voldoende). Algemeen Jaarlijks heeft circa 10 % van de wegen/verharding een vorm van onderhoud nodig om te kunnen voldoen aan het beeldkwaliteitsniveau. Aan de hand van inspecties wordt tweejaarlijks een onderhoudsplan opgesteld. In 2025 is het MJOP weer opnieuw vastgesteld. We hebben een achterstand in onderhoud van wegen.

Het gaat hier om soms om kleine oppervlakken en soms om volledige wegen. In 2025 is gestart met het terugbrengen van de achterstand, hiervoor is extra budget beschikbaar gesteld. De uitvoering zal meerdere jaren in beslag nemen, omdat niet alles tegelijk kan worden uitgevoerd. Vanwege toegankelijkheid van het dorp en capaciteit bij de aannemers. In de eerste helft van 2025 is het beheerplan groen en grijs vastgesteld. Beleidsplan Naam

Periode

Vastgesteld in de raad

Beheerplan wegen

2016-2020

Commissie GZ: 6 januari 2016

Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2025

Uitgangspunten De kosten voor noodzakelijke reconstructies c.q. vervangingen van wegverhardingen worden niet in de reguliere onderhoudsbegroting meegenomen. Aan de hand van de weginspecties wordt hiervoor zo nodig een afzonderlijk voorstel aan het college en de gemeenteraad voorgelegd. Jaarlijks onderhoudsbudget In onderstaande tabel staan de beschikbare budgetten voor het groot onderhoud exclusief de eigen uren.

Jaarstukken 2025 65

Financieel

2025

Raming groot onderhoud asfaltverhardingen en klinkerwegen

877.610

Realisatie groot onderhoud asfaltverhardingen en klinkerwegen

842.002

Verschil

35.607

Naast bovenvermelde bedragen voor het groot onderhoud is € 227.394,- besteed aan klein onderhoud. Onderhoudsbehoefte Op basis van de globale visuele inspectie en een maatregelentoets wordt jaarlijks de onderhoudsbehoefte bepaald. De inspectieresultaten geven aan waar onderhoud noodzakelijk is en met een maatregelentoets bepalen we wat er exact moet gebeuren om het areaal op niveau te houden. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Openbare verlichting Beleid Aan de hand van het beheersysteem worden jaarlijks de onderhoud- en vervangingsinvesteringen inzichtelijk gemaakt en opgenomen in de begroting. Uitgangspunt is dat de installatie voldoet aan de landelijke richtlijnen (NPR 13201-1). Duurzame openbare verlichtingsinstallatie De openbare verlichting in Son en Breugel is zijn geheel voorzien van energiezuinige led-armaturen. Dit geldt inmiddels ook voor aanstralers van het oude raadhuisje en de kerktoren in Son. Het onderhoudscontract is in 2022 aanbesteed en meerjarig gegund. In 2025 zijn geen bijzonderheden geweest met betrekking tot onderhoud. Steekproeven lieten zien dat de openbare verlichting naar behoren functioneert. Daarnaast zijn meldingen over schades of niet functioneren snel en adequaat opgepakt en afgehandeld. Aandachtspunt: Netwerkproblemen liggen buiten de macht van de gemeente. In deze situaties is het voorgekomen dat het langer duurde dan normaal, voordat deze waren opgelost. Beleidsplan Naam

Periode

Beleidsnota openbare verlichting

N.v.t.

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan

6-okt-16 N.v.t.

Uitgangspunten Kwalitatief goede openbare verlichting waarbij de verkeersveiligheid, sociale veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid als speerpunten gelden. Voldoen aan de landelijke richtlijnen. Jaarlijks groot onderhoudsbudget In onderstaande tabel zijn de bedragen voor het onderhoud van de verlichting weergegeven, exclusief kleine reparaties en eigen uren. Financieel

2025

Raming onderhoud openbare verlichting

74.208

Realisatie onderhoud verlichting

93.126

Verschil

-18.918

Achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud.

Civieltechnische kunstwerken Beleid De brug Dommelpas is in 2025 aangelegd.

Jaarstukken 2025 66

In 2025 is een Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) voor de civiele kunstwerken voorbereid ter vaststelling door het college. Beleidsplan Naam

Periode

Vastgesteld in de raad

MJOP civieltechnische kunstwerken

n.v.t.

n.v.t.

Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2026

Uitgangspunten De MJOP's worden opgesteld om de civiele kunstwerken op een efficiënte en effectieve wijze in stand en veilig te houden. De wijze waarop wordt in beleidskaders vastgesteld en in de MJOP opgenomen. Jaarlijks onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen In onderstaande tabel zijn de bedragen voor het onderhoud van de civiele kunstwerken weergegeven, exclusief kleine reparaties. Financieel

2025

Raming onderhoud civiele kunstwerken

13.740

Realisatie onderhoud civiele kunstwerken

9.500

Verschil

4.240

In de raming van 2025 is een bedrag opgenomen voor het opstellen van het Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) civiele kunstwerken. Dit bedrag van € 9.950,- is niet volledig besteed in 2025 omdat het geraamde bedrag hoger lag dan nodig bleek. Het vaststellen en uitvoering geven aan het MJOP wordt in 2026 opgepakt. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud, maar er zijn wel verschillende kunstwerken die in verschillende mate onderhoud nodig hebben.

Groenvoorzieningen Beleid In 2021 is het Beleidsplan Openbaar Groen vastgesteld. Dit plan diende als basis voor het opstellen van het groen-grijsbeheerplan. Het college heeft dit beheerplan in 2025 vastgesteld, waarmee een integraal kader is vastgesteld voor het beheer van de openbare ruimte. Beleidsplan Naam

Periode

Beleidsplan openbaar groen 2021

2022 - (geen specifieke einddatum)

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan

25 november 2021

Uitgangspunten Het hoofddoel van het Beleidsplan Openbaar Groen is het realiseren van een samenhangend beleid en beheer van het openbaar groen in de gemeente. Daarbij staat zowel de tevredenheid van bewoners en bedrijven centraal als een geleidelijke verschuiving van cultuurlijk naar natuurlijk groen. Het vastleggen van waardevolle groenstructuren en groengebieden draagt bij aan het behoud van de kenmerkende groene identiteit van Son en Breugel. Daarnaast wordt de betrokkenheid van inwoners vergroot door het stimuleren van groene bewonersinitiatieven in de wijk. Jaarlijks onderhoudsbudget We onderhouden de volgende arealen: • gazons/gras: 258.000 m2 • bermen: 590.000 m2 • hagen: 28.000 m2 • bosplantsoen: 598.000 m2 • wijkbossen: 360.000 m2 • bomen: 17.380 stuks.

Jaarstukken 2025 67

In 2025 is de implementatie van het maaibeleid verder vormgegeven. Dit betekent dat de wijze van beheer op diverse locaties zijn aangepast, met als doel de ecologische waarde van het groen te versterken en zo leefgebieden voor insecten en vogels te behouden en te vergroten. In onderstaande tabel wordt het meerjarenbudget voor het onderhoud aan het openbaar groen weergegeven. Het gaat om de bestekken voor de verschillende arealen.

Financieel

2025

Raming exploitatie openbaar groen

585.478

Realisatie exploitatie openbaar groen

628.158

Verschil

-42.680

Naast de reguliere onderhoudsbudgetten is voor de uitvoering van het groenbeleidsplan € 133.354 ,gereserveerd. Eind 2025 is nog € 108.498,- beschikbaar. Deze middelen zetten we de komende jaren in voor de uitvoering van het groenbeleid. Financieel

2025

Raming besteding uit reserve

0

Besteding uit reserve

0

Verschil

0

Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Riolering Beleid Het gemeentelijk beleid is vastgelegd in het Programma Water en Riolering 2023-2027 (PWR). Er zijn vier gemeentelijke zorgplichten: zorgplicht voor stedelijk afvalwater, zorgplicht voor hemelwater, zorgplicht voor grondwater en de zorgplicht voor beheer en onderhoud van de riolering. Daarnaast hebben we in het PWR maatregelen opgenomen die voortvloeien uit de Kader Richtlijn Water (KRW). Programma Water en riolering 2023-2027 Op 22 juni 2023 is het PWR 2023-2027 vastgesteld door de gemeenteraad. In dit programma is een overzicht opgenomen van de te nemen verbetering- en vervangingsmaatregelen. Hieraan zijn tevens de financiële consequenties gekoppeld. We hebben aandacht geschonken aan acties die ondernomen moeten worden in het kader van klimaatverandering waarbij grote droge periodes worden afgewisseld met forse natte periodes. Wateroverlast is een belangrijk aandachtspunt. De financiële gevolgen vormen de basis voor het vaststellen van een kostendekkende rioolheffing. Samenwerking binnen de afvalwaterketensystemen (OAS) cluster Eindhoven Binnen het samenwerkingsverband worden maatregelen genomen om de waterkwaliteit van de Dommel en de zij-beken te laten voldoen aan de Europese Kader Richtlijn Water (KRW). De KRWrichtlijn is opgesteld om te zorgen dat de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater in Europa uiterlijk 2027 op een goed niveau is en blijft.

Voor het stroomgebied van de Boven-Dommel en de zij-beken werken de betrokken partijen (gemeenten, waterschap De Dommel, Provincie en Brabant Water) samen in het Klimaatportaal Zuidoost Brabant. Beleidsplan Naam

Periode

Programma Water en Riolering 2023 - 2027

2023-2027

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan

22-jun-23

2027

Jaarlijks groot onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen In onderstaande tabel staan de kosten voor het onderhoud aan het rioolstelsel. Daarnaast zijn er kosten voor onder andere planvorming, kapitaallasten en interne uren. De vervangingsinvesteringen zijn gebaseerd op het gemeentelijk rioleringsplan en zijn opgenomen in het activiteitenplan.

Jaarstukken 2025 68

Financieel

2025

Raming onderhoudskosten riolering

493.502

Realisatie onderhoudskosten riolering

518.190

Verschil

-24.688

Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Gebouwen Beleid In december 2025 is het Maatschappelijk Vastgoedbeleid 2026-2029 vastgesteld. Daarin is een aantal beleidsmatige uitgangspunten en kaders geformuleerd. Hiermee wordt de verbinding gelegd met onze maatschappelijke opgaven op het gebied van het sociaal domein, duurzaamheid, ruimtelijke ontwikkeling en instandhouding en vervanging van maatschappelijk vastgoed. Gelijktijdig is vanuit dit beleid de stap naar het Accommodatieplan direct vastgoed gezet. Voor het onderdeel onderwijshuisvesting is dit met de vaststelling op 22 februari 2024 van het Integraal Huisvestingsplan 2024-2028 (IHP), al gebeurd. Daarnaast heeft er een concrete vertaling plaatsgevonden van het MJOP Maatschappelijk Vastgoed in de Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029. Gemeentelijke gebouwen algemeen Er is in 2025 planmatige onderhoud (vervangen installaties), reparatie- en klachtenonderhoud uitgevoerd aan diverse gemeentelijke gebouwen. Dommelhuis In het Dommelhuis zijn een diverse maatregelen- en restpunten uitgevoerd, waaronder openstaande acties om de toegankelijkheid voor het Dommelhuis te bevorderen. Niet alle maatregelen zijn in 2025 uitgevoerd, de nog openstaande maatregelen worden in 2026 verder opgepakt en afgerond. Voormalige Vestzaktheater In het Vestzaktheater zijn tijdelijk gebruikers van sporthal de Bongerd geplaatst. Daarnaast is er een tijdelijke kringloopwinkel gehuisvest.

We hebben het voormalig Vestzaktheater in 2025 in leegstandsbeheer gezet. Heistaat 6 (huisvesting Cmd.) Voor de huur van Heistraat 6 is op 29 augustus 2024 de huurovereenkomst ondertekend, met een overeengekomen huursom van € 66.550,- per jaar. De overeengekomen huurperiode betreft 10 jaar. Op deze locatie is vanaf eind 2025 het Cmd. gehuisvest, die voorheen in het Dommelhuis gehuisvest was. Voor de transformatie van deze casco ruimte is een kredietaanvraag opgesteld, voor het verkrijgen van het benodigde budget voor de realisatie. Sporthal de Landing In 2025 is aangevangen met de uitvoering van de geplande maatregelen. MFA de Bongerd Het opstellen van de huurcontracten heeft in beginsel enige vertraging opgelopen. In 2026 wordt het opstellen van deze huurcontracten afgerond en zal de huur met terugwerkende kracht worden geïnd. Beleidsplan Naam

Periode

MJOP gebouwen

N.v.t.

Vastgesteld in de raad

Planning vaststelling nieuw beleidsplan 7-nov-24

Uitgangspunten Elk half jaar wordt de MeerJaren Onderhoudsbegroting (MJOB) gemeentelijke gebouwen geactualiseerd, met de Accommodatie Plannen (AP) en het vastgoedbeleid als uitgangspunt, zodat planning en uitvoering in een lijn blijven en de kosten/budgetten actueel. Noodzakelijke wijzigingen zoals extra toevoeging aan het vastgoed door verduurzaming, of uitvoering van verbouwingen en/of renovaties, worden opgenomen en hierin verwerkt.

Jaarstukken 2025 69

In 2024 is het beheerplan gemeentelijke gebouwen opgesteld, in 2025 is dit beheerplan formeel vastgesteld. De structurele verhoging van de jaarlijkse dotering aan de voorzieningen en het ophogen van het budget dagelijks onderhoud zijn reeds verwerkt en opgenomen in meerjarenbegroting 2025-2028, welke op 7 november 2024 door de raad is vastgesteld. Het nieuwe MJOB inclusief de geactualiseerde budgetten, zijn daardoor vanaf 1 januari 2025 reeds beschikbaar. Jaarlijks onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen Financieel

2025

Dotatie voorziening

276.000

Besteding uit voorziening

-79.370

Saldo voorziening per 31-12

1.105.826

In 2023 hebben we achterstanden opgelopen. Daarbij hadden we een overvol uitvoeringsprogramma in 2024. Hierdoor heeft de uitvoering van diverse maatregelen uit 2024 vertraging opgelopen. Deze opgelopen achterstanden betreffen met name “planmatige” activiteiten, die vervolg hebben gekregen in 2025 en afronding gaan krijgen in 2026. Onderhoudsbehoefte Op basis van de in 2024 uitgevoerde visuele conditiemetingen volgens de NEN 2767 methodiek, is de jaarlijks onderhoudsbehoefte bepaald. Deze resultaten geven aan waar onderhoud noodzakelijk is en is tevens bepaald wat er exact moet gebeuren om het gemeentelijk vastgoed op het wenselijke conditieniveau te houden. Achterstallig onderhoud Momenteel is sprake van verantwoord uitgesteld onderhoud, onder andere doordat geplande renovaties uitgesteld zijn vanwege herontwikkelingen en/of nieuwbouw.

Speeltoestellen Uitgangspunten Uitgangspunt is dat de speeltuinen voldoen aan de veiligheidseisen van het attractie- en speeltuinenbesluit. Elk jaar worden de speeltoestellen gecontroleerd door een externe partij en eventuele tekortkomingen worden hersteld. Jaarlijks onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen In onderstaande tabel wordt het meerjarenbudget voor het onderhoud aan de speelvoorzieningen. Dit budget omvat onder andere onderhoud, inspectie kleine vervangen en schoonmaak van de speelvoorzieningen. Financieel

2025

Raming onderhoud speeltoestellen

63.409

Realisatie onderhoud speeltoestellen

95.170

Verschil

-31.761

Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

Jaarstukken 2025 70

Financiering Inleiding De paragraaf financiering in de begroting en de jaarstukken is in het BBV en in de wet Fido verplicht gesteld. Financiering is de manier waarop wij de benodigde geldmiddelen aantrekken en (tijdelijke) overtollige geldmiddelen beleggen. Dit gebeurt binnen de wettelijke kaders van het BBV en de wet Fido. Naast deze wetgeving geldt voor de gemeente een Treasurystatuut. Dit statuut bevat regels om de financieringsfunctie te sturen, beheersen en controleren. De bedragen in onderstaande tabellen moeten vermenigvuldigd worden met € 1.000,-. Door de afronding op duizendtallen kunnen er afrondingsverschillen ontstaan. Conform het BBV moet deze paragraaf inzicht geven in de rentelasten en -baten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, grondexploitaties en projecten. Toerekening aan de taakvelden is gedaan met de rentepercentages die hieronder zijn genoemd.

Interne- en externe ontwikkelingen De ECB heeft in juni 2025 voor het laatst de rente nog met 0,25%-punt verlaagd. Dit was de achtste verlaging binnen twaalf maanden. De periode van versoepeling moest de economie ondersteunen na een tijd van matige groei. Sindsdien heeft de ECB de rente ongewijzigd gehouden. De EMUtekortruimte voor gemeenten in 2025 is vastgesteld op -/-0,34 % BBP. De individuele EMUreferentiewaarde voor Son en Breugel is voor 2025 vastgesteld € 2.531.000. Dit betreft geen norm, maar een indicatie van het aandeel dat de gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft. Omschrijving

2025

1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves

-2.463

2 Mutatie (im)materiële vaste activa

-8.002

3 Mutatie voorzieningen

1.184

4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

-824

5 Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa

0

EMU-saldo

-10.105

De renteberekening voor activa mag conform BBV 25% afwijken op basis van begroting en werkelijkheid. De bouwgrondexploitaties wordt bij de jaarrekening op werkelijke basis toegerekend. Renteschema

Begroting

Realisatie

Bespaarde rente over voorziening verliesgevende complexen bouwgrond

2,00%

2,00%

Rente activa en Grex afgerond (omslagrente)

1,30%

1,30%

In onderstaand schema is het renteresultaat berekend volgens BBV: Renteschema

2025

De externe rentelasten over de lange financiering

914

De externe rentelasten over de korte financiering

121

De externe rentebaten

-36

Saldo rentelasten en rentebaten

999

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend

0

De rentebaten van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

-15

De rentelasten van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

10

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

994

Rente over eigen vermogen

0

Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

162

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente 1+2+3)

1.155

De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) actieve gronden De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) activa Renteresultaat op het taakveld treasury (4+5)

39 1.052 64

Jaarstukken 2025 71

Het genoemde renteresultaat komt terug op het taakveld treasury, maar is niet het enige resultaat op dat taakveld. Ook bijvoorbeeld ontvangen dividend wordt geraamd op het taakveld, maar maakt geen onderdeel uit van het renteschema.

Financieringsbehoefte Beleidsvoornemen financiering. Het beleid van 2025 is erop gericht om de financieringsbehoefte af te dekken met kortlopende financiering om flexibel te blijven in de ontwikkelingen van de financieringsbehoefte. We houden daarbij rekening met de kasgeldlimiet, die bepaalt dat de gemiddelde vlottende schuld over 3 maanden gezien, in beginsel niet boven de 8,5% van het begrotingstotaal mag uitkomen. Het renterisico wordt gereduceerd door op verschillende momenten leningen af te sluiten zodat sprake is van een 'gemiddelde' rente.

Liquiditeit Medio 2025 is een kasgeldlening van € 10 miljoen omgezet in een langlopende lening.

Renterisicobeheer De overheid heeft twee instrumenten bepaald voor het toetsen van het renterisico, namelijk: de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet vormt de bovengrens waarmee een tijdelijk liquiditeitstekort gefinancierd kan en mag worden met een kortlopende geldlening (korter dan 1 jaar). Als het liquiditeitstekort een structureel karakter draagt moet een langlopende geldlening worden aangetrokken. Wanneer voor het derde achtereenvolgende kwartaal de kasgeldlimiet wordt overschreden, moet de toezichthouder hiervan op de hoogte worden gesteld. Ook moeten we de kwartaalrapportage en een plan om binnen de kasgeldlimiet te blijven ter goedkeuring voorleggen aan de toezichthouder. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal. In het eerste en vierde kwartaal is de kasgeldlimiet (geoorloofd) overschreden. Stap

Omschrijving

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

Bepalen toegestane kasgeldlimiet Omvang begrotingstotaal

54.634

54.634

54.634

54.634

Percentage regeling

8,50%

8,50%

8,50%

8,50%

4.644

4.644

4.644

4.644

Opgenomen gelden < 1 jaar

10.667

6.667

1.667

4.667

Schuld in rekening courant

173

0

0

546

Gestorte gelden door derden < 1 jaar

12

12

12

22

Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld

0

0

0

0

10.851

6.679

1.679

5.234

1 Toegestane kasgeldlimiet Vlottende korte schuld

2 Totaal vlottende korte schuld Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar

2

3

5

8

1.106

2.137

1.682

442

0

0

0

0

1.109

2.139

1.687

450

4 Totaal netto vlottende schuld (2-3)

9.743

4.539

-9

4.784

Ruimte(+)/Overschrijdingen(-) (1-4)

-5.099

105

4.653

-140

3 Totaal vlottende middelen

Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een grens aan het te lopen renterisico op de vaste schuld. De risiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet hoger mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal (zie tabel hierna).

Jaarstukken 2025 72

Stap

Omschrijving

Begroting

Begroting na wijziging

1 Renteherzieningen 2 Aflossingen 3 (1+2)

6 (4 x 5)

0

0

2.801

3.301

Renterisico

2.801

3.301

4 Begrotingstotaal

54.634

58.504

5 Percentage regeling

20%

20%

Renterisiconorm

10.927

11.701

8.126

8.400

7 Ruimte(+)/Overschrijdingen(-)

In 2025 is de renterisiconorm niet overschreden.

Leningenportefeuille Een belangrijk onderdeel van het financieringsbeleid vormt de omvang, flexibiliteit, gemiddelde looptijd en rentegevoeligheid van de leningenportefeuille. De leningenportefeuille van de gemeente ziet er als volgt uit: Opgenomen langlopende leningen Leningverstrekker

Looptijd

Rente

Van

Oorspronkelijk

1-1-2025

31-12-2025 562

t/m

Prov. NB

2018

2033

1,13%

1.014

629

Prov. NB

2023

2033

1,18%

357

323

289

BNG

2024

2034

3,08%

20.000

19.000

17.000

BNG

2025

2035

2,77%

10.000

0

9.500

BNG

2022

2042

1,72%

14.000

12.600

11.900

45.372

32.552

39.251

Totaal

Jaarstukken 2025 73

Bedrijfsvoering Inleiding De bedrijfsvoering heeft als doel het zo optimaal mogelijk ondersteunen en uitvoeren van de programma’s. In de praktijk moet dit tot uiting komen in het goed bedienen van de klanten van onze gemeente, interne en externe processen efficiënt te laten verlopen en zorgvuldige besluitvorming te garanderen. Concreet gaat het om een goede dienstverlening aan de inwoner, namelijk door: • een efficiënt werkende organisatie; • een zorgvuldig besluitvormingsproces; • een gestructureerde planning en beheersing van de beleidsuitvoering; • waar mogelijk op een verantwoorde manier benutten van ICT-mogelijkheden; • de beschikbaarheid van gemotiveerd en gekwalificeerd personeel.

Organisatie die we willen zijn Doorontwikkeling organisatie De doorontwikkeling van de organisatie onder de programmanaam Samen Werkt * wordt jaarlijks vertaald naar activiteiten op vier sporen: met elkaar (cultuur), slim geregeld (werkprocessen), goed georganiseerd (organisatie opzet), ieder zijn plek (formatie). In 2025 is veel aandacht besteed aan het optimaliseren van de dienstverlening. In dat kader is begonnen aan het organiseren van bijeenkomsten / workshops gericht op wat goed gaat, wat beter kan en wat iedereen daar zelf aan kan bijdragen. Strategisch HRM – beleid In het (strategisch) HRM plan 2022 - 2026 zijn de onderdelen HRM-visie en -beleid uitgewerkt voor de vier Dommelvallei organisaties. In 2025 is dit beleid geëvalueerd en zijn de restpunten en nieuwe inzichten vertaald naar een uitvoeringsprogramma. Samen met HR wordt gewerkt aan de prioritering en uitvoering hiervan. Zo is dit jaar gewerkt aan het verbeteren van ons sollicitatieproces. e-HRM De verdere doorontwikkeling van de digitale HR-service is een permanent proces. Bij een update van HR-systemen zijn dit jaar problemen ontstaan. Een projectteam werkt hard aan de oplossing. Wanneer de problemen zijn verholpen, kan weer worden ingezet op verdere optimalisering van geautomatiseerde managementinformatie.

Hybride werken Binnen de afzonderlijke teams heeft onderlinge afstemming plaatsgevonden over de aanwezigheid op kantoor. De ervaringen met de invulling hiervan heeft geen aanleiding gegeven om daar nadere organisatiebrede afspraken te hernieuwen.

Informatievoorziening In de loop van 2025 is het geactualiseerde Informatieplan 2025-2028 opgesteld. We constateerden dat er scenario’s opgesteld moeten worden, waarbij consequenties voor voldoen aan wet- en regelgeving (bijvoorbeeld cybersecurity wet, Wet Open Overheid, Archiefwet, AVG), dienstverlening richting inwoners en financiën inzichtelijk worden. Daarmee kan gezamenlijk het ambitieniveau en de risicoacceptatie bepaald worden. Wat wilden we bereiken: 1. In control zijn op de uitvoering van het informatieplan 2024-2027 en starten met implementeren informatieplan 2025-2028. 2. Wegwerken van achterstanden bouwdossiers en andere archieven. Wat hebben we ervoor gedaan: In control op uitvoering informatieplan: We zijn nauwer gaan samenwerken binnen de vier Dommelvallei-organisaties door het doorontwikkelen van het IV-board waarin alle organisaties vertegenwoordigd zijn. We hebben een pilot gedraaid om een servicedesk-medewerker wekelijks een halve dag in Son en Breugel te laten werken. Deze pilot is positief geëvalueerd.

Jaarstukken 2025 74

We hebben projectportfoliomanagement en daarbij behorende rapportages over voortgang verbeterd, zodat eigenaarschap en projectvoortgang inzichtelijk is, op de aspecten proces, mens en technologie. We hebben in samenwerking met Financiën gewerkt aan het meer inzichtelijk maken van de materiële kosten van informatievoorziening en informatiedienstverlening. Bellen met Teams is geïmplementeerd. Deze implementatie is bij Dienst Dommelvallei gestart en vervolgens bij de 3 betrokken gemeenten. Voor gemeente Son en Breugel wordt dit begin 2026 in gebruik genomen. We hebben diverse data-migratietrajecten succesvol afgerond, waaronder Gouw en DataB (belastingen). Daarnaast is de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer geïmplementeerd binnen onze systemen en processen. Tot slot zijn diverse IT-projecten opgestart en afgerond ter voorbereiding op de implementatie van M365 en de moderne werkplek.

Informatiebeveiliging en privacy De gemeente wisselt op alle beleidsterreinen informatie uit en wil een betrouwbare partner zijn voor inwoners, medewerkers en ketenpartners. Dit vraagt om zorgvuldige omgang met gegevens en naleving van maatschappelijke en wettelijke verplichtingen. Om blijvend aan veranderende wet- en regelgeving te voldoen, moeten de gemeente procesmatig werken verder versterken. Voldoen aan wet- en regelgeving De gemeente heeft een zorgplicht en meldplicht om digitale weerbaarheid te borgen en toezicht op haar prestaties. Op dit moment kan nog niet overal worden aangetoond dat volledig aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) wordt voldaan. Inzicht in de actuele staat van informatieveiligheid en privacy binnen processen is noodzakelijk. Deze onderwerpen moeten daarom structureel worden meegewogen bij besluiten over procesaanpassingen, investeringen en technische wijzigingen. Wat wilden we bereiken: De Network and Information Security Directive (NIS2-richtlijn), die verder gaat dan de BIO en ook operationele technologie omvat, wordt omgezet in nationale wetgeving, de Cyberbeveiligingswet (CbW). De borging in processen is nu al noodzakelijk, maar wordt door de CbW wettelijk vereist. Wat hebben we ervoor gedaan: Afgelopen jaar zijn er veel beleidsuitgangspunten vastgesteld en is een deel van het fundament, nodig om te groeien, opgezet.

Er is meer inzicht verkregen door uitgevoerde bewustwordingsactiviteiten m.bt. informatiebeveiliging en privacy, waaronder een phishingcompetitie, een keynote over kunstmatige intelligentie (AI) en gebruikersrichtlijnen voor gebruik van AI. Begin 2025 waren bijna de helft van de noodzakelijke privacy maatregelen geïmplementeerd. Aan het einde van 2025 was dit bijna driekwart. Hiermee is een zichtbare groei gerealiseerd op het gebied van privacy. Verder zijn er op het gebied van informatiebeveiliging kwetsbaarheidsonderzoeken op het netwerk uitgevoerd en een impactanalyse met betrekking tot de cyberbeveiligingswet. De resultaten laten zien dat we zijn gegroeid maar dat de groei onder druk staat door onvoldoende kwalitatieve en kwantitatieve resources om te voldoen aan wetgeving. Om informatiebeveiliging en privacy structureel in de processen te borgen is minimaal volwassenheidsniveau 3 vereist. Dit vraagt om een aanzienlijke ontwikkelslag die alleen haalbaar is met stevige bestuurlijke steun. Er is behoefte aan een gedragen richting voor de uitwerking van de cybersecuritywet, inclusief organisatie, fasering en financiering.

Tabel datalekkenoverzicht Periode

2025

Aantal datalekken

3

Gemeld bij de AP

0

Betrokkenen geïnformeerd

0

Een melding bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) betekent niet ook automatisch een melding bij de betrokkenen of andersom. Of we een datalek melden bij de AP en/of betrokkenen is altijd een afweging en afhankelijk va het privacy risico voor de betrokkenen.

Jaarstukken 2025 75

De bovengenoemde datalekken zijn vrijwel in alle gevallen het gevolg van een incidentele menselijke fout. Meestal gaat het om een brief en/of mail die per abuis is verstuurd naar een verkeerder ontvanger. Vanuit het bewustwordingsprogramma nemen we medewerkers mee om datalekken te melden en lichten we hen voor hoe ze datalekken kunnen tegengaan. Denk hierbij bij het verzenden van een mail met gebruik veilig mailen via Zivver.

Beveiligingsincidentenoverzicht Beveiligingsincidentenoverzicht In 2025 is één informatiebeveiligingsincident gemeld. Deze had betrekking op alle Dommelvallei organisaties en betrof een phishingmail die 40 medewerkers hebben ontvangen en waarbij 1 medewerker wachtwoordgegevens heeft gedeeld. Door proactief handelen is de impact nihil gebleken. Verder is er een melding van een verloren telefoon gedaan. Uit analyse is gebleken dat gegevens op afstand zijn gewist waardoor de impact nihil is gebleken.

Rechtmatigheidsverantwoording Het college is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties niet rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. In de onderstaande tabel zijn de onrechtmatigheden opgenomen, voor zover deze de door de raad vastgestelde rapportagegrens van € 50.000,- overstijgen. Begrotingscriterium

Onrechtmatigheid Waarvan acceptabel

Overschrijding lasten programma's

624.000

445.000

Uit de tabel in het onderdeel Begrotingsrechtmatigheid bij de Toelichting op het overzicht van baten en lasten in deze jaarrekening blijkt het totaal aan overschrijdingen ten opzichte van de begroting na wijziging. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten)

75.000

Totaal begrotingsonrechtmatigheden

699.000

Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden die acceptabel zijn op grond van de Financiële verordening gemeente Son en Breugel 2023

445.000

Voorwaardencriterium Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed

1.296.000

1. Beveiliging opvang Oekraïense vluchtelingen (€ 87.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van beveiliging opvanglocaties is niet Europees aanbesteed. Argument voor afwijking Het argument voor de afwijking is dwingende spoed. Echter is de opdracht meerdere keren verlengd en was er op die momenten geen sprake meer van dwingende spoed, waardoor er geen gebruik gemaakt kan worden van deze uitzondering. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is via de 2e bestuursrapportage 2025 gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie Er is in 2025 na het doorlopen van een Europese aanbestedingsprocedure een nieuwe raamovereenkomst gesloten. 2. Opdracht voor gladheidsbestrijding (€ 127.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van gladheidsbestrijding is niet Europees aanbesteed. Argument voor afwijking De kosten zijn gestegen, waarmee de Europese drempel is overschreden. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is via de 2e bestuursrapportage 2025 gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie De overeenkomst loopt nog tot oktober 2026. Voor de opdracht daarna wordt een nieuwe aanbesteding doorlopen. 3.

Inhuur dienstverlening (€ 474.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Na verlenging(en) is de Europese drempel overschreden. Argument voor afwijking Partij is bekend met de opdracht en de gemeente.

Jaarstukken 2025 76

Begrotingscriterium

Onrechtmatigheid Waarvan acceptabel

Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is via de 2e bestuursrapportage 2025 gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie Zodra het juridisch mogelijk is, wordt deze opdracht opnieuw Europese aanbesteden. 4. Inhuur derde (€ 119.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van inhuur externe medewerker is niet Europees aanbesteed. Argument voor afwijking Na verlenging(en) is de Europese drempel overschreden. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is niet tussentijds (via tussentijdse rapportage) gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie De mogelijkheden om deze onrechtmatigheid op te heffen worden onderzocht. 5. Inhuur ondersteuning (€ 101.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht voor het opstellen van de nota kostenverhaal. Argument voor afwijking De bestedingen zijn hoger dan verwacht en hebben daarmee de Europese drempel overschreden. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is via de 2e bestuursrapportage 2025 gecommuniceerd met de gemeenteraad. Actie De mogelijkheden om deze onrechtmatigheid op te heffen worden onderzocht. 6.

Onderhoud openbare verlichting (€ 64.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht voor het onderhoud van de openbare verlichting. Argument voor afwijking De bestedingen zijn hoger dan verwacht en hebben daarmee de Europese drempel overschreden. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is niet tussentijds (via tussentijdse rapportage) gecommuniceerd met de gemeenteraad Actie De mogelijkheden om deze onrechtmatigheid op te heffen worden onderzocht. 7. Inhuur derde (€ 176.000) Lasten uit inkoopcontracten die niet in lijn met de Europese aanbestedingsregels tot stand zijn gekomen. Onrechtmatigheid Opdracht op het gebied van inhuur externe medewerker is niet Europees aanbesteed. Argument voor afwijking De bestedingen zijn hoger dan verwacht en hebben daarmee de Europese drempel overschreden. Tussentijdse communicatie met de gemeenteraad Is niet tussentijds (via tussentijdse rapportage) gecommuniceerd met de gemeenteraad Actie De mogelijkheden om deze onrechtmatigheid op te heffen worden onderzocht. 8. Overig (€ 148.000) 5 aanbestedingsfouten (< € 50.000 rapporteringstolerantie) Misbruik & Oneigenlijk gebruik criterium Geen bevindingen

0

Totaal onrechtmatigheden

1.995.000

Verantwoordingsgrens (2% conform raadsbesluit van 18 december 2025)

1.155.000

Waarvan acceptabel

445.000

Waarvan niet acceptabel

1.550.000

Wet financiering decentrale overheden Er zijn geen afwijkingen geconstateerd. Gids Proportionaliteit Tijdens de controle is geconstateerd dat de gids proportionaliteit niet altijd wordt nageleefd bij inkooptrajecten. Deze bevindingen worden teruggekoppeld om dit in de toekomst te voorkomen.

Jaarstukken 2025 77

Kengetallen Formatie (peildatum 31-12-2025) Indicatoren BBV jaarrekening

Jaarrekening 2024

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Jaarrekening 2025

Formatie (FTE per 1000 inwoners)

4,83

5,18

5,35

5,90

5,52

Bezetting (FTE per 1000 inwoners)

4,22

4,21

5,24

5,23

4,96

Apparaatskosten (kosten per inwoner)

695,08

898,20

696,44

884,00

978,51

Externe inhuur (kosten inhuur externen als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen)

28,14%

6,74%

8,51%

8,36%

23,10%

Overhead (% van de totale lasten)

16,18%

15,78%

13,75%

14,79%

17,43%

Formatie (exclusief Griffie en College B&W) Factor Totale formatie

fte

Begroting 2025

31-12-2025

94,4

99,9

bron: staat B 2025 en 2026

Ziekteverzuim (excl. zwangerschapsverlof) (excl. Griffie en College B&W) Door een update van de HR-systemen in 2025, zijn er over 2025 geen betrouwbare gegevens over het ziekteverzuim te genereren. Periode

2025

2024

Verzuimpercentage

7,50

Verzuimfrequentie

1,47

Jaarstukken 2025 78

Verbonden partijen Inleiding De paragraaf verbonden partijen moet inzicht geven in de relaties van de gemeente in rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én financiële belangen gemoeid zijn. Verbonden partijen zijn een manier om een bepaald beleidsvoornemen uit te voeren; het aangaan van verbonden partijen komt altijd voort uit het publiek belang. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Onder financieel belang wordt verstaan: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichting niet nakomt. Ter voldoening aan het bepaalde in de artikelen 1, 5, 8, 9, 15, 26 en 36 van het BBV komen hierna de verbonden partijen aan de orde.

Gemeenschappelijke regelingen: • Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Brabant Zuidoost te Helmond; • Gemeenschappelijke Regeling Dienst Dommelvallei te Mierlo; • Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorziening de Dommel (WSD) te Boxtel; • Gemeenschappelijke Regeling Blink Vennootschappen en coöperaties: • Naamloze Vennootschap Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) te Den Haag; • Naamloze Vennootschap Brabant Water te Den Bosch; Stichtingen en verenigingen: • Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost te Helmond; • Stichting Bureau Inkoop en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB) te Oirschot; • Stichting Beveiliging Bedrijven Ekkersrijt (SBBE) te Son en Breugel; • Stichting Begraafplaats en Uitvaartcentrum Wolfswinkel te Son en Breugel; Uitwerking In deze paragraaf werken we in tabelvorm elke verbonden partij uit aan de hand van de volgende indelingen: • Doel en openbaar belang van de verbonden partij; • Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij: uitgangspunten waarom en wanneer er gebruik wordt gemaakt van de verbonden partij; • Veranderingen en ontwikkelingen

van de verbonden partij; • Risico’s: welke risico’s zijn er bij deelname; • Afbreukrisico van geen deelname: wat zijn de risico’s bij geen deelname; • Alternatieven voor geen deelname: welke alternatieven zijn er; • Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging: wie zijn er betrokken bij de samenwerking; • Frequentie van terugkoppeling naar de raad: frequentie van informatie terugkoppeling; • Financieel belang: welke kosten horen bij de samenwerking; • Vermogenspositie en resultaat boekjaar van de verbonden partij. De volgende afkortingen zijn gebruikt in de uitwerking van de verbonden partijen: DB: Dagelijks bestuur; GR: Gemeenschappelijke regeling; NV: Naamloze Vennootschap.

Jaarstukken 2025 79

Gemeenschappelijke regelingen

GR Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven Doel en openbaar belang Samenwerkingsverband tussen 21 gemeenten in de regio Zuidoost-Brabant. Het takenpakket is vastgelegd in artikel 4 van de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven. Het doel van deze samenwerking is het behouden en het verstevigen van de internationale concurrentiepositie en spitst zich toe op de behartiging van de gezamenlijke belangen op de thema’s economie, energietransitie, mobiliteit, ruimte & wonen en vitale groene leefomgeving. Het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) maakt ook onderdeel uit van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven. RHCe heeft taken op het gebied van toezicht, behoud en het openbaar maken van de cultuurhistorische informatie. Algemene visie op en beleidsvoornemens over inschakelen van de verbonden partij De regio wordt bestuurd op verschillende overheidsniveaus (lokaal, subregionaal en regionaal) en er wordt steeds geschakeld tussen die verschillende niveaus. De samenwerking vindt niet alleen plaats op de schaal van de 21 gemeenten, maar ook op subregionaal niveau. Flexibele samenwerkingsverbanden, die gebaseerd zijn op gelijkluidende belangen van de deelnemers, worden steeds belangrijker. Daarnaast kan de Metropoolregio op tijdelijke thema’s de gezamenlijke belangen zowel van alle gemeenten als van enkele gemeenten behartigen.

Door deze samenwerking wordt niet alleen een kostenbesparing gerealiseerd, maar worden de (ontwikkelings)mogelijkheden van de (sub)regio(‘s) beter benut. Samen met andere overheden, bedrijfsleven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties worden de thema’s economie, ruimte en mobiliteit verkend en wordt de regionale strategie bepaald. Wij brengen ons archief na verloop van tijd onder bij het RHCe, voor zover deze documenten niet vernietigd (moeten) worden. Veranderingen en ontwikkelingen Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven Vanwege de inwerkingtreding van de nieuwe Wet op de gemeenschappelijke regelingen is de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven in 2024 gewijzigd. Deze gewijzigde regeling is in het voorjaar van 2024 door alle 21 gemeenteraden vastgesteld. Werkorganisatie Metropoolregio Eindhoven In 2023 is het Samenwerkingsakkoord 2023 - 2026 Metropoolregio Eindhoven vastgesteld. Hierin staan de gezamenlijke ambities, opgaven, doelen en afspraken waar de 21 gemeenten in Zuidoost Brabant de komende jaren aan willen werken. Met dit samenwerkingsakkoord streven we naar het behouden van de economische kracht in de regio en dit in goede banen leiden met oog voor een fijne woon- en leefomgeving. De regio kent een grote economische groei en als gevolg daarvan zal de regio een schaalsprong ondergaan.

Dit brengt positieve en negatieve effecten met zich mee. Er is een groeiende behoefte aan werknemers, ruimte voor wonen, nieuwe bedrijfslocaties, slimme bereikbaarheid en ook een passende sociaal-maatschappelijke infrastructuur. Tegelijkertijd biedt dit ook kansen om brede welvaart en het welzijn van de inwoners van de regio te verbeteren. De uitdaging is om al deze opgaven gezamenlijk ter hand te nemen, zodat uiteindelijk iedereen kan profiteren van de economische voorspoed die de regio nu kent. Om de uitdagingen ter hand te nemen zijn van de eerder genoemde opgaven in de Brainportdeal en de Beethovendeal met het Rijk en de Provincie afspraken gemaakt om tot realisatie te komen. Op basis van het Samenwerkingsakkoord wordt de MRE-organisatie aangepast en uitgebreid. Naar aanleiding van de groei en het niet ontvlechten van de organisatie is een nieuw organisatiemodel ingevoerd met een algemeen directeur met daaronder 3 managers voor de verschillende organisatieonderdelen, MRE, RHC-e en bedrijfsbureau. Om voor de verschillende opgaven tot realisatie te komen, is in 2025 een verkenning naar het MRE Realisatiebedrijf gestart. Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) Het Programma 2025/2026 is beleidsmatig uitgevoerd volgens planning.

Jaarstukken 2025 80

Gulbergen De voorziening Gulbergen is nog niet afgewikkeld, omdat de voormalige stortplaats officieel nog niet gesloten is en de nazorg nog niet is overgedragen aan de Provincie Noord-Brabant. Het ziet er naar uit dat de nazorg van de stortplaats Gulbergen voorlopig niet aan de provincie wordt overgedragen in afwachting van onderzoek naar mogelijkheden om de toekomstige nazorgkosten te beperken. In 2020 is de erfpacht afgekocht, waardoor MRE weer volledige zeggenschap heeft over de gronden in het gebied. In 2021 zijn mogelijk scenario's voor de toekomstige ontwikkeling van het landgoed opgesteld. Via een participatietraject zijn stakeholders en inwoners betrokken en zij hebben zich kunnen uitspreken over de voorliggende scenario's. Het traject is inmiddels afgerond met een participatieverslag. Op basis daarvan is in 2023 de ontwikkelvisie Landgoed Gulbergen opgesteld. Deze is in 2024 vastgesteld als kader voor de ontwikkeling van Landgoed Gulbergen. Het golfterrein op Landgoed Gulbergen is per 1 maart 2024 in erfpacht uitgegeven aan Libéma, de nieuwe eigenaar van Gulbergen BV. Onderdeel van deze overeenkomst is de verkoop van de opstallen op het golfterrein.

Risico's Op basis van de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen Metropoolregio Eindhoven (vastgesteld AB juli 2018) wordt bepaald wat de organisatie onder risicomanagement verstaat en welke uitgangspunten hierbij worden gehanteerd. Ook is bepaald welke risico’s door de Metropoolregio Eindhoven worden gedragen en welke door de deelnemende gemeenten. Als uitwerking van de nota zijn voor de organisatie de risico’s in beeld gebracht, geclassificeerd en financieel inzichtelijk gemaakt. Jaarlijks worden deze risico's bij het opstellen van de begroting en jaarrekening opnieuw beoordeeld. De huidige stand van de algemene reserves is voldoende om deze risico’s af te dekken. Afbreukrisico van geen deelname Het risico is dat de gemeente Son en Breugel zich buitensluit als zij niet deelneemt aan de GR Metropoolregio Eindhoven. Metropoolregio Eindhoven is een belangenbehartiger van de regio en weet ook middelen bij anderen (veelal via cofinanciering) los te krijgen. Alternatieven voor geen deelname Naast Metropoolregio Eindhoven zijn er allerlei andere vormen van (gemeentelijke) samenwerking mogelijk. Zo is op subregionaal vlak een bestuursovereenkomst gesloten met de gemeenten in het stedelijk gebied van Eindhoven en wordt er ook in Dommelvallei-verband samengewerkt. Op het niveau van Zuidoost-Brabant is, inhoudelijk gezien, geen vergelijkbare samenwerking.

Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging • Deelname door de 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant. • Algemeen bestuur: lid: Mireille Bonnier, plv. lid: Jelle de Jong Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel jaarlijks driemaal (begroting, bestuursrapportage, jaarrekening). Daarnaast incidenteel, afhankelijk van ontwikkelingen. Financieel belang Opsplitsing bijdrage MRE 2025: • Streekarchief (RHCe) € 73.384,• Regionale opgaven € 100.026,• Brainport Development € 65.540,• Stimuleringsfonds € 45.158,• Totaal € 284.108,Het voorlopig resultaat 2025 voor accountantscontrole bedraagt in totaal € 83.033, waarvan € 170.070 voor onderdeel MRE en - € 87.037 voor onderdeel RHCe.

Jaarstukken 2025 81

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17061242/1