Vervolgvraag afhandeling toezegging cie Ruimte 26 september 2024 aan Gemeenschapslijst raadsvoorstel BP Ploegstraat 64
Tekst van het document
Afhandeling acties en toezeggingen - Vervolgvraag Fractie
Gemeenschapslijst
Onderwerp
Raadsvoorstel bestemmingsplan Ploegstraat 64 Someren
Datum vergadering
26 september 2024
Datum antwoord
8 en 10 oktober 2024
Toezegging Schriftelijke beantwoording van vraag door fractie Gemeenschapslijst over glastuinbouw als hoofdactiviteit en de eieren op- en overslag als nevenactiviteit in het voorstel. Kan de kasactiviteit verhuurd worden los van de op- en overslag van eieren? Antwoord dd 8 oktober De gronden ter plaatse zijn bestemd als ‘Agrarisch – Glastuinbouw’. Deze gronden zijn bestemd voor de uitoefening van een agrarisch bedrijf in de vorm van een glastuinbouwbedrijf. In de planregels van het bestemmingsplan is bovendien opgenomen dat ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - op- en overslag van eieren’ een eieroverslag is toegestaan, mits die bedrijvigheid een ondergeschikt onderdeel vormt van het ter plaatse eveneens gevestigde glastuinbouwbedrijf. Op deze wijze is publiekrechtelijk vastgelegd wat wel en niet is toegestaan ter plaatse in relatie tot deze activiteit. Een ondergeschikte activiteit is in de planregels gedefinieerd als een activiteit van een zeer beperkte bedrijfsmatige en/of ruimtelijke omvang zodat de functie waaraan zij wordt toegevoegd, qua aard, omvang en verschijningsvorm overwegend of nagenoeg geheel als hoofdfunctie herkenbaar blijft. De ondergeschiktheid van de functie kenmerkt zich door een omvang van maximaal 30% van de hoofdfunctie.
Het omgevingsplan (waarvan dit bestemmingsplan na vaststelling een onderdeel wordt) legt enkel vast wat wel of niet is toegestaan aan activiteiten op een locatie, niet hoe het eigendom ter plaatse is vastgelegd of wie die activiteit wel of niet mag uitvoeren. Dit betekent dat het de eigenaar op zich vrij staat het tuinbouwgedeelte te verhuren. De nevenfunctie (de eieropslag) dient echter te alle tijden een ondergeschikt onderdeel daarvan te blijven. Dit is zo vastgelegd in de planregels behorende bij het bestemmingsplan. Vervolgvraag dd 10 oktober nav gegeven antwoord In het bestemmingsplan is opgenomen dat de nevenactiviteit – in dit geval de op- en overslag van eieren – ondergeschikt moet zijn aan de hoofdfunctie, namelijk het glastuinbouwbedrijf. De ondergeschikte activiteit mag daarbij maximaal 30% van de hoofdfunctie bedragen. Aangegeven wordt dat het bestemmingsplan geen eigendomsverhoudingen regelt, waardoor het theoretisch mogelijk zou zijn om de glastuinbouwactiviteiten en de eieroverslag los van elkaar te verhuren, zolang de nevenfunctie ondergeschikt blijft. Een nevenactiviteit/ondergeschikte activiteit wordt in bestemmingsplannen doorgaans gezien als nauw verbonden aan de hoofdfunctie van het perceel. De nevenactiviteit moet functioneel en economisch afhankelijk zijn van de hoofdfunctie en mag niet als een zelfstandige activiteit worden uitgevoerd.
Dit betekent dat het opsplitsen van de hoofdfunctie en nevenactiviteit – bijvoorbeeld door deze aan verschillende partijen te verhuren – juridisch problematisch kan zijn.
Zoals het voorgesteld wordt, is het de bedoeling om de ondergeschikte activiteit zelfstandig te kunnen laten functioneren. Echter, lijkt dit op dit moment niet opgenomen in het plan. Kan hier nog een verduidelijking op worden gegeven? Antwoord dd 10 oktober In de beantwoording van 8 oktober 2024 wordt het volgende uitgelegd: Het omgevingsplan (waarvan dit bestemmingsplan na vaststelling een onderdeel wordt) legt enkel vast wat wel of niet is toegestaan aan activiteiten op een locatie, niet hoe het eigendom ter plaatse is vastgelegd of wie die activiteit wel of niet mag uitvoeren. Dit betekent dat het de eigenaar op zich vrij staat het tuinbouwgedeelte te verhuren. De nevenfunctie (de eieropslag) dient echter te alle tijden een ondergeschikt onderdeel daarvan te blijven. Dit is zo vastgelegd in de planregels behorende bij het bestemmingsplan. Wij kunnen ons voorstellen dat dit bovengenoemde antwoord anders kan worden geïnterpreteerd dan bedoeld. De eieropslag is een nevenfunctie en moet ten alle tijden een onderdeel blijven van de hoofdactiviteit. Dit betekent dat er altijd binding moet zijn tussen de nevenactiviteit en hoofdactiviteit, en dat deze door hetzelfde bedrijf moeten worden uitgevoerd. De nevenactiviteit kan dus door een andere eigenaar worden uitgevoerd, binnen hetzelfde bedrijf (bijvoorbeeld holdingconstructie).
De conclusie dat de nevenactiviteit zelfstandig kan functioneren, is dus onjuist. Er moet altijd binding zijn met de hoofdactiviteit.
2/2