Vaststellen van wijzigingen Algemene plaatselijke verordening gemeente Someren 2018
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Opsteller:
Wijzigingen 2023 van APV gemeente Someren 2018 van Vugt, Sophie
Portefeuillehouder:
D. Blok
Documentnummer:
200446386
Zaaknummer: Datum:
0847200446101 28 december 2022
1. Samenvatting voor de burger Een van de meest omvangrijke verordeningen die door de gemeenteraad wordt vastgesteld is de Algemene plaatselijke verordening (Apv). In de Apv wordt plaatselijke wetgeving opgenomen, gedeeltelijk voortvloeiend uit landelijke wetgeving, maar voor het grootste gedeelte zijn dit keuzes vanuit de gemeente zelf. Het is van belang dat de Apv actueel blijft, en daarom moet deze regelmatig aangepast worden. Het voorstel omvat onder meer:
Enkele inhoudelijke en tekstuele wijzigingen die verband houden met nieuwe wet- en regelgeving van hogerhand of ontwikkelingen in jurisprudentie;
Enkele wetstechnische aanpassingen. Deze zijn voor een groot deel overgenomen uit de model verordening van de Vereniging Nederlandse Gemeenten;
Het invoegen van nieuwe bepalingen en wijzigingen van enkele bepalingen om ongewenste maatschappelijke ontwikkelingen en situaties tegen te gaan.
2. Inleiding Op 4 september 2018 is de Algemene plaatselijke verordening gemeente Someren 2018 (Apv) in werking getreden. Aan de totstandkoming van deze Apv is destijds een uitgebreid traject voorafgegaan. Tijdens dat traject zijn alle artikelen uitgebreid tegen het licht gehouden en is er nauwkeurig gekeken naar dereguleringsmogelijkheden, administratieve lastenverlichting en aspecten als uitvoerbaarheid, naleefbaarheid en handhaafbaarheid. Daarbij is destijds gebruik gemaakt van de laatste versie van de model-Apv van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). De model-Apv van de VNG is een dynamisch document. Periodiek wordt het model aangepast onder invloed van veranderingen in wetgeving en jurisprudentie. Ook maatschappelijke ontwikkelingen zijn van invloed. De voorstellen van de VNG worden door de gemeente Someren beoordeeld en soms wel en soms niet gevolgd. Bij de herziening van de Apv, wordt rekening gehouden met de actuele plaatselijke behoeften en omstandigheden. Ook eigen (lokaal) beleid, kan aanleiding zijn om af te wijken van het model.
In het voorliggende voorstel is rekening gehouden met onder andere: 1.
het aanpassen van artikelen in verband met nieuwe of gewijzigde regelgeving van hogerhand (Europese, rijks- en provinciale regelgeving);
2.
recente ontwikkelingen in de jurisprudentie (rechtspraak) of literatuur;
3.
problemen die zich voordoen in de dagelijkse uitvoeringspraktijk en suggesties om de naleefbaarheid, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van regels te verbeteren;
4.
opschonen: het laten vervallen, vereenvoudigen van overbodige elementen of artikelen.
Met de invoering van de nieuwe Omgevingswet zullen alle onderwerpen die betrekking hebben op het fysieke domein overgeheveld worden naar een Omgevingsplan. Dit zal er toe leiden dat er, zo spoedig mogelijk na invoering van de Omgevingswet, wederom een herziening plaats vindt.
3. Advies 1.
De Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Someren 2018 te wijzigen overeenkomstig bijgaand raadsbesluit.
4. Beoogd effect Een actuele en juridisch houdbare Apv, die aan de wettelijke eisen voldoet, duidelijk en helder is en die aansluit bij de uitvoeringspraktijk.
5. Argumenten 1.1 Tekstuele wijzigingen In de gehele Apv zijn tekstuele aanpassingen doorgevoerd, zodat deze weer gelijk zijn aan de model-Apv van de VNG. Vaak bevorderen deze wijzigingen ook de leesbaarheid. Tekstuele wijzigingen zijn meegenomen in het overzicht van de gewijzigde artikelen. Het is van belang om deze tekstuele wijzigingen door te blijven voeren. Binnen de samenwerking met de Peelgemeenten proberen we waar nodig en waar mogelijk met elkaar afstemming te vinden over onderwerpen, zo ook voor de Apv. Ook al hebben alle gemeenten een eigen invulling met betrekking tot lokale beleidskeuzes, onder andere door deregulering, andere belangen of andere kijk op zaken, toch wordt waar mogelijk gekeken om zoveel mogelijk af te stemmen met elkaar. Dit heeft erin geresulteerd dat er middels een ambtelijke werkgroep getracht wordt zoveel mogelijk de Apv's te stroomlijnen, waarbij de model-Apv als basis dient. 1.2 Inhoudelijke wijzigingen Apv Hieronder wordt per onderwerp ingegaan op de belangrijkste inhoudelijke wijzigingen en actuele onderwerpen en ontwikkelingen die een toelichting behoeven. Tevens treft u als bijlage bij dit voorstel een overzicht met de wijzigingen per artikel. 1.2.1 Definities openbare inrichtingen (artikel 2:27 Apv) In dit artikel is onder lid 1 a ‘waterpijpcafé’ toegevoegd aan de definities van een openbare inrichting, conform de modelverordening.
1.2.2 Proeverijen in slijtlokaliteiten (artikel 2:34d Apv) Artikel 25e van de Alcoholwet maakt het mogelijk om bij verordening vrijstelling te verlenen van het verbod voor slijters om een proeverij te organiseren in hun slijterij (artikel 13, tweede lid, Alcoholwet).
2/5
Artikel 2:34d Apv voorziet in deze vrijstelling en maakt het mogelijk voor alle slijters in de gemeente om een betaalde proeverij te organiseren in een slijtlokaliteit. De voorwaarden waaraan een proeverij moet voldoen staan in artikel 6.1 van het Alcoholbesluit. Zo mag in een slijtlokaliteit maximaal één proeverij per dag gegeven worden en maximaal drie proeverijen per week, moeten de kosten en deelnemers voor van een proeverij voor aanvang van de proeverij zijn vastgesteld en is de deur van de slijtlokaliteit gedurende een proeverij gesloten voor publiek anders dan de deelnemers van de proeverij. 1.2.3 Verboden lachgasgebruik (artikel 2:48a) Vanaf 1 januari 2023 bestaat er een lachgasverbod en wordt lachgas op lijst II van de Opiumwet geplaatst, wat betekent dat het onder andere verboden wordt om lachgas binnen of buiten het grondgebied van Nederland te brengen, te verkopen of te hebben. Het doel van dit lachgasverbod is om het recreatief gebruik terug te dringen en het aanbod te beperken. Het professioneel gebruik van lachgas voor medische en technische doeleinden blijft wel toegestaan, net als het gebruik van lachgas als toevoeging aan voedingsmiddelen. Eerder werd al de mogelijkheid geboden om op grond van artikel 2:74a Apv het gebruik van lachgas te handhaven.
Bij motie van gemeente Rotterdam is er echter aangedragen dat dit geen duurzame oplossing biedt en dat het opnemen van een apart artikel betreffende het verbod op lachgasgebruik in de Apv bijdraagt aan een duurzame en effectieve aanpak van het gebruik van lachgas in de publieke ruimte. Het verbod in artikel 2:48a richt zich op concrete situaties van oneigenlijk lachgasgebruik, voorbereidingen of het bij zich hebben van hulpmiddelen voor dat gebruik, die gepaard gaan met verstoring van de openbare orde, nadelige beïnvloeding van het woon- of leefklimaat of anderszins hinder tot gevolg hebben. Bij de handhaving moet de gemeente kunnen aantonen dat genoemde situaties de oorzaak zijn van de overlast en dergelijke. Het tweede lid van dit artikel maakt het mogelijk voor het college om openbare plaatsen aan te wijzen waar het oneigenlijk lachgasgebruik, voorbereidingen of het bij zich hebben van hulpmiddelen voor dat gebruik op voorhand verboden is, los van de vraag of dat in de concrete situatie tot ordeverstoring en dergelijke leidt. 1.2.4 Vervallen van colorverbod (artikel 2:50a Apv) De Hoge Raad heeft het colorverbod, te weten artikel 2:50a Apv, het verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties, op 24 december 2021 onverbindend verklaard.
De Hoge Raad oordeelde dat dit artikel in strijd is met het grondrecht op vrijheid van meningsuiting (artikel 7, lid 3, van de Grondwet). Daarop kan alleen bij wet in formele zin uitzondering worden gemaakt, niet in een wet in materiele zin, zoals de Apv. 1.2.5 Bedelarij (artikel 2:65 Apv) Op grond van artikel 2:65 Apv is het verboden te bedelen op openbare plaatsen in een door het college aangewezen gebied. Uitspraak van het Europese Hof van de Rechten van de Mens oordeelt dat de menselijke waardigheid wordt aangetast als iemand niet beschikt over voldoende bestaansmiddelen en dat dit beschermd wordt door artikel 8 EVRM (het recht op de eerbiediging van het privéleven). Dit recht kan op grond van het tweede lid beperkt worden, mits deze beperking een legitiem doel dient, een wettelijke basis heeft en noodzakelijk is voor de democratische samenleving. Dit vereist een afweging van de belangen van het individu en die van de maatschappij. Met deze reden is het motief ‘voorkomen of beëindiging van overlast’ toegevoegd aan artikel 2:65 Apv.
3/5
1.2.6 artikelen met betrekking tot geluid (art. 4:1, 4:2, 4:3 en 4:6b Apv) Op advies van een geluidsexpert van de Omgevingsdienst zijn enkele artikelen in de Apv aangepast in het kader van leesbaarheid en handhaafbaarheid. In artikel 4:1 Definities is de extra definitie van het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr, LT) toegevoegd en is de definitie van equivalente geluidsniveau (LAeq) aangepast. In de aanpassing van het equivalente geluidsniveau (LAeq) is de T toegevoegd in het begrip, zodat de tijd kan worden ingevuld afhankelijk van het doel en de nader te bepalen plaats. Waar en hoe het geluid gemeten kan worden, is gegeven het doel van de meting, in artikel 4:1 Definities verwijderd en toegevoegd aan artikel 4:6b Gehoorschade bij evenementen en festiviteiten als bedoeld in art. 4.2 en 4.3. In het kader van geluidhinder en handhaafbaarheid is in artikel 4:2 Collectieve festiviteiten en 4:3 Incidentele festiviteiten een extra lid opgenomen wat het voor handhaving mogelijk maakt om ook buiten een woning/gebouw op de gevel het equivalente geluidsniveau te kunnen meten en handhaven in geval van een melding van geluidsoverlast. Op advies van de geluidsexpert is gekozen voor een geluidsnorm van 75 dB(A) en 85 dB(C) in het geval van collectieve festiviteiten en een geluidsnorm van 73 dB(A) en 85dB(C) in geval van incidentele festiviteiten.
Een hogere geluidsnorm voor collectieve festiviteiten is gekozen met het idee dat er al meer muziek/geluid in de buurt te horen is. Artikel 4:6b is zo aangepast dat het duidelijk is dat dit artikel zich richt op het voorkomen van gehoorschade bij bezoekers, deelnemers en medewerkers van evenementen en festiviteiten zoals bedoeld in artikel 4.2 en 4.3 Apv. In lid 1 is onder de genoemde geluidsnormen voor verschillende muziekactiviteiten gericht tot een bepaalde leeftijd een zinssnede toegevoegd welke verduidelijkt waar en hoelang deze geluidsnorm gemeten dient te worden. Waar, hoe en met welke apparatuur het equivalente geluidsniveau gemeten dient te worden, wordt ter verduidelijking nog uitgelegd in lid 2 van dit artikel. In lid 3 is in het kader van gehoorbescherming een verplichting aan organisatoren opgenomen om bij muziekactiviteiten vanaf 96 dB(A) bezoekers, deelnemers en medewerkers oordoppen aan te bieden en hen te wijzen op de gevaren en eventuele gevolgen van gehoorschade. 1.2.7 toevoegen zinssnede ‘op de weg binnen de bebouwde kom’ (artikel 5:3, 5:6, 5:8, 5:10 en 5:12 Apv) Vanuit verkeersdeskundige en verschillende handhavers kwam het verzoek om de zinssnede ‘op de weg binnen de bebouwde kom’ toe te voegen aan artikel 5:3, 5:6, 5:8, 5:10 en 5:12 Apv zodat er gehandhaafd kan worden. Artikelen hebben betrekking op het parkeren van verschillende voertuigen.
In de huidige Apv is in deze artikelen enkel de zinssnede ‘door het college aangewezen plaatsen’, waarbij alleen te handhaven is in deze gebieden. Er is echter geen aanwijzingsbesluit genomen over deze gebieden, waardoor er niet gehandhaafd kan worden. Door de combinatie ‘op de weg binnen de bebouwde kom’ en ‘door het college aangewezen plaatsen’ op te nemen, kan er gehandhaafd worden en laat het ruimte over voor het college om hier in de toekomst nog plaatsen aan te wijzen. 1.2.8 Vervallen artikel parken of laten stilstaan van voertuigen anders dan op de rijbaan (artikel 5:10 Apv) Zowel het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) als het ministerie van Verkeer en Waterstaat vinden dat de bepaling in strijd is met hogere regelgeving, namelijk artikel 10 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1190). Feitelijke handhaving en strafbaarstelling is hiermee onmogelijk, waardoor de bepaling kan vervallen.
6. Kanttekeningen 1.1 Leesbaarheid Zoals aan het begin van dit voorstel is aangegeven, is het belangrijk dat de Apv begrijpelijk en goed 4/5
leesbaar is. Alle Peelgemeenten maken gebruik van het model van de VNG. De VNG heeft de afgelopen jaren diverse modelbepalingen onder handen genomen en daarmee is de leesbaarheid van de Apv op diverse onderdelen verbeterd. Ook recent heeft de VNG weer een slag gemaakt die tot uitdrukking is gekomen in het nu voorliggende voorstel. We zijn ervan overtuigd dat het op sommige punten nog beter kan. De leesbaarheid is daarom ook een permanent aandachtspunt.
7. Financiën Niet van toepassing.
8. Communicatie De Apv wordt op de gebruikelijke wijze gepubliceerd en kenbaar gemaakt via www.overheid.nl en op de website van de gemeente Someren. Tevens wordt binnen de organisatie iedereen geïnformeerd over de gewijzigde Apv.
9. Uitvoering Zie 8. Communicatie
Burgemeester en wethouders van Someren, de secretaris,
de burgemeester,
J. Koppers-Van der Krabben
D. Blok
Bijlage(n)
O
Besluit gemeenteraad, documentnr. Djuma 200447824
X
Collegevoorstel, documentnr. Djuma 200446130
X
Overzicht wijzigingen APV , documentnr. Djuma 200446120
X
Concept versie APV , documentnr. Djuma 200448229
X
NO
5/5