CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting bestemmingsplan Heistraat 13 Someren

Gemeenteraad 16 mei 2024, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Heistraat 13 Someren18.360 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Er is dus geen wettelijk toetsingskader met normen die beschermen tegen het risico op longontsteking vanwege de geitenhouderij en daarom is formeel geen normoverschrijding in het geding. Dit concludeert ook de Raad van State in de uitspraak ABRvS 200906655/1/R3 (2 maart 2011): ondanks dat uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat er gezondheidsschade kan optreden, hoeft een gemeente daar niet aan te toetsen als dat niet in de regelgeving is verwerkt. ▪ Hieruit kan nog een parallel worden getrokken met het landelijk beleid. Deze kent de regel ‘niet-in-betekenende-mate (nibm)’, welke een kleine toename van de concentratie fijnstof in de buitenlucht toelaatbaar acht. Er is wel sprake van een kleine verslechtering van het woonen leefklimaat, maar deze wordt acceptabel geacht in de wetenschap dat de beperkte verhoging van concentraties fijnstof in de buitenlucht door nationaal generieke maatregelen op termijn worden gecompenseerd. Gebruikmakend van voorgaande overwegingen kan een gemeente de afweging maken om toch medewerking te verlenen aan de ontwikkeling van enkele woningen of een kleine woonwijk in de

Pagina 44 van 50

nabijheid van een geitenhouderij. Deze woningen mogen dan niet dichter bij de geitenhouderij gebouwd worden dan de al bestaande woningen (alleen inbreiding toestaan). De huidige gezondheidsrisico’s voor bestaande woningen worden immers vooralsnog aanvaard. Door niet dichterbij te bouwen wordt voorkomen dat eventuele toekomstige maatregelen om de gezondheidseffecten van geitenhouderijen te verminderen minder effectief worden of dat een grotere inspanning moet worden gedaan om te voldoen aan toekomstige eisen voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De kortste afstand tussen het bouwvlak van de geitenhouderij aan Nieuwendijk 114 te Someren en het plangebied bedraagt 1,36 kilometer. Hiertussen liggen echter reeds bestaande woningen, aan de Brimweg en woningen binnen de bebouwde kom van Someren-Eind. Op basis hiervan kan de gemeente overwegen om medewerking te verlenen aan het initiatief.

Pagina 45 van 50

4. Juridische planbeschrijving In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op de juridische regeling van dit bestemmingsplan. 4.1. Juridische achtergrond De Wet ruimtelijke ordening (Wro) verplicht gemeenten bestemmingsplannen op te stellen. In de Wro en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is nader uitgewerkt uit welke onderdelen een bestemmingsplan (ook: bestemmingsplan) in ieder geval moet bestaan. Het gaat om een verbeelding met planregels en een toelichting daarop. Daarnaast biedt zowel de Wro als het Bro opties voor een nadere juridische inrichting van een bestemmingsplan. Hierbij moet worden gedacht aan de toepassing van afwijkingsmogelijkheden en wijzigingsbevoegdheden en het toepassen van nadere eisen. Uitgangspunt is dat het bestemmingsplan moet voorzien in een passende regeling voor de komende tien jaar. Dat is in principe de geldigheidsduur van een bestemmingsplan. Het juridisch bindende onderdeel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en regels. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en gebouwen en bepalingen betreffende de toegelaten bebouwing. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor de toepassing van de regels evenals de functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende onderdeel van het bestemmingsplan.

Bij bestemmingsplannen gaat het om de belangen van burgers en bedrijven. Zij dienen zich snel en op eenvoudige wijze een juist beeld te kunnen vormen van de planologische mogelijkheden en beperkingen op één of meerdere locatie(s). Daarnaast is de vergelijkbaarheid van ruimtelijke plannen van belang voor degenen die deze plannen in grotere samenhang wensen te bezien. Hierbij kan gedacht worden aan degenen die betrokken zijn bij de planvoorbereiding, de planbeoordeling en het monitoren van beleid. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zo ook voor de regels. Voor bestemmingsplannen, zoals dit plan, is het verplicht de regels van de SVBP te volgen. 4.2. Toelichting verbeelding Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden aangewezen en begrensd.

Op de verbeelding zijn de volgende bestemmingen en aanduidingen opgenomen: ▪ Enkelbestemming: Agrarisch; ▪ Enkelbestemming: Wonen; ▪ Gebiedsaanduiding: overige zone – beperkingen veehouderij; ▪ Gebiedsaanduiding: overige zone – stalderingsgebied; ▪ Functieaanduiding: specifieke vorm van wonen – Wonen plus; ▪ Functieaanduiding: specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing; ▪ Functieaanduiding: specifieke vorm van wonen - voorwaarde sloop gebouwen; ▪ Maatvoering maximum oppervlakte bijgebouw 350 m2; Voor de benaming van de bestemmingen en aanduidingen is aangesloten bij het moederplan bestemmingsplan ‘Buitengebied Deelgebied 2’. Voor het overige wordt aangesloten bij het SVBP. 4.3. Toelichting regels De regels behorende bij dit bestemmingsplan bestaan uit inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels en overgangs- en slotregels. De regels bij dit bestemmingsplan worden gewijzigd ten opzichte van het geldende bestemmingsplan. Echter waar het mogelijk is wordt aangesloten bij de regels van het bestemmingsplan ‘Buitengebied Deelgebied 2’. De regels hebben betrekking op de in de verbeelding opgenomen bestemmingen en aanduidingen.

Pagina 46 van 50

Ter borging van de aanleg en instandhouding van het landschappelijk inpassingsplan en aanleg waterberging is een voorwaardelijke gebruiksverplichting opgenomen in de algemene gebruiksregels. Hiervan kan alleen worden afgeweken mits er voldaan blijft worden aan het regionale afsprakenkader voor kwaliteitsverbetering van het landschap. Om de sloop van de overtollige agrarische bedrijfsbebouwing te verzekeren is een voorwaardelijke sloopverplichting in de algemene gebruiksregels opgenomen.

Pagina 47 van 50

5. Uitvoerbaarheid In dit hoofdstuk wordt de financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan uiteengezet. 5.1. Financiële uitvoerbaarheid De voorgestane ontwikkeling aan de Heistraat 13 te Someren betreft een particulier initiatief. De met de ontwikkeling gepaard gaande kosten worden dan ook gedragen door de desbetreffende particuliere initiatiefnemer. Hiermee is de financiële haalbaarheid voor de gemeente gegarandeerd. Dit plan heeft geen financiële consequenties voor de gemeente. Dit kan worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst, waarbij de eventuele planschade voor rekening komt voor de initiatiefnemer. De economische uitvoerbaarheid is hiermee voldoende aangetoond. 5.2. Maatschappelijke uitvoerbaarheid De maatschappelijke uitvoerbaarheid heeft als doel aan te tonen dat het plan maatschappelijk draagvlak heeft. In dat kader is de gelegenheid tot inspraak geboden. Ook heeft vooroverleg plaatsgevonden met de daartoe aangewezen instanties en heeft er een omgevingsdialoog plaats gevonden.

5.2.1. Vooroverleg en omgevingsdialoog

In het kader van artikel 3.1.1 Bro is overleg gevoerd over het voorontwerp bestemmingsplan met de gebruikelijke overlegpartners, Waterschap Aa en Maas en provincie Noord-Brabant. Naar aanleiding van dit overleg hebben de overlegpartners provincie Noord Brabant en waterschap Aa en Maas een reactie gegeven. De vooroverlegreacties zijn onderbouwd en toegevoegd in de bijlage van deze toelichting. Er is tevens een omgevingsdialoog uitgevoerd met de directe omwonende van het plangebied. Uit dit dialoog blijkt dat de omwonende positieve opmerkingen geven. Eventuele onduidelijkheden van de plannen zijn toegelicht. Het verslag van het omgevingsdialoog is toegevoegd in de bijlage van deze toelichting.

5.2.2. Zienswijzen en beroep

De vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan vindt plaats volgens artikel 3.9a van de Wet ruimtelijke ordening. Het ontwerp wordt in dit kader ter visie gelegd gedurende een periode van zes weken. Gedurende deze periode zijn geen zienswijzen binnen gekomen. Er is wel een ambtshalve wijziging doorgevoerd aan de landschappelijke inpassing. Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kan eenieder die óf tijdig een zienswijze kenbaar heeft gemaakt bij het ontwerp óf belanghebbenden is, beroep instellen tegen het vaststellingsbesluit bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tevens kan er beroep worden ingesteld tegen de eventueel gewijzigde onderdelen. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking. Gezien eenieder de mogelijkheid heeft om te reageren op het bestemmingsplan door het kenbaar maken van zienswijzen, wordt na afloop van de hierboven beschreven procedure het plan als maatschappelijk uitvoerbaar beschouwd.

Pagina 48 van 50

6. Bijlagen Bijlage 1: Landschappelijke inpassing Bijlage 2: Landschappelijk investeringsregeling berekening Bijlage 3: Invoergegevens AERIUS Bijlage 4: Gebruiksfase AERIUS Bijlage 5: Aanleg- en bouwfase AERIUS Bijlage 6: Bodemonderzoek Bijlage 7: Verslag omgevingsdialoog Bijlage 8: Quickscan Flora en Fauna Bijlage 9: Beantwoording vooroverlegreacties

Pagina 49 van 50

Pagina 50 van 50

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13999531/1