Tarieventabel Legesverordening Someren 2025
Tekst van het document
a.
voor een advies van de gemeenteraad:
b.
voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als
€ 338,40
bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit Someren 2023, dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet, per overleg: c.
voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als
€ 338,40
bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit Someren 2023 in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel b, per overleg: d.
voor een advies van de Adviescommissie Agrarische
€ 1.051,10
Bouwaanvragen e.
voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met d: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
2.
Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 2.51 Instemming 1.
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.
2.
Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.52 Vermindering na conceptverzoek 1.
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b. en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 is voorafgegaan door een aanvraag om een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid
genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt: voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.4 onder 1:
100,000%
voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.4 onder 2:
50,000%
van het conceptverzoek. 2.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan:
a.
voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het conceptverzoek betrekking had;
b.
in overeenstemming met de uitkomsten van het conceptverzoek ; en
c.
binnen 12 maanden na het laatste conceptverzoek of, als het conceptverzoek volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving.
3.
Als de aanvraag om een wijziging van het omgevingsplan, zoals bedoeld in artikel 2.45 is voorafgegaan door een aanvraag om een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de wijziging van het omgevingsplan betrekking heeft, bestaat onder de in het vierde lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de wijziging van het omgevingsplan verschuldigde leges. De vermindering bedraagt: voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.4 onder 2: van het conceptverzoek.
4.
Voor de toepassing van het derde lid wordt de aanvraag om wijziging van het omgevingsplan gedaan:
a.
voor dezelfde wijziging als waarop het conceptverzoek betrekking had;
b.
in overeenstemming met de uitkomsten van het conceptverzoek ; en
c.
binnen 12 maanden na het laatste conceptverzoek of, als het conceptverzoek volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving.
Artikel 2.53 Gereserveerd
50,000%
Paragraaf 2.14 Teruggaaf Artikel 2.54 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond
25,000%
van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet
100,000%
bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a.
als de aanvraag door de gemeente in behandeling is
60,000%
genomen: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b.
als de aanvraag wordt ingetrokken op verzoek van de gemeente: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling
100,000%
3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a.
als de aanvraag door de gemeente in behandeling is
60,000%
genomen: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b.
als de aanvraag wordt ingetrokken op verzoek van de
100,000%
gemeente: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een
25,000%
verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 12 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten a.
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges.
b.
Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.
Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf
25,000%
2.12.
Hoofdstuk 3 Europese dienstenrichtlijn Artikel
Omschrijving
Verkooptarief
Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a.
een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare
€ 439,70
inrichting als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening: b.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
€ 2.702,45
verkrijgen van een ontheffing(sluitingsuur) als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening voor één vaste dag per week gedurende één kalenderjaar: c.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
€ 65,10
verkrijgen van een ontheffing(sluitingsuur) als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening geldig voor één etmaal: d.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om
€ 14,20
ontheffing geluidhinder buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer of van het Besluit als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening: Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a.
een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet
b.
een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid van de
€ 987,60
Alcoholwet: c.
een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet:
€ 267,80
d.
een aanvraag om wijziging va het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede
€ 267,80
lid, van de alcoholwet: e.
een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van
€ 63,90
de Alcoholwet Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: a.
voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het
€ 138,80
Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet: Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Artikel 3.6 Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
€ 104,40
vergunning:. a.
voor het organiseren van een evenement als bedoeld in de Algemene plaatselijke verordening
€ 104,40
b.
voor het organiseren van een snuffelmarkt als bedoeld in de Algemene
€ 14,20
plaatselijke verordening c.
Doorberekening van de leges 1. Indien de aanvraag wordt ingediend door een lokale stichting/vereniging op het gebied van sport en cultuur: 25% doorberekening van de onder 3.6.1 bedoelde leges. 2. Indien de aanvraag wordt ingediend door een lokale ondernemersvereniging: 50% doorberekening van de onder 3.6.1 bedoelde leges. 3. Indien de aanvraag wordt ingediend door een evenementenorganisatie anders dan bedoeld in 3.6. onder c. 100% doorberekening van de onder 3.6 bedoelde leges.
Artikel 3.7 Gereserveerd
Paragraaf 3.5 Standplaatsen Artikel 3.8 Marktstandplaatsvergunningen en andere vergunningen op markt 1.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
a.
een standplaatsvergunning als bedoeld in artikel 6 van de Marktverordening
€ 14,40
Someren 2005 b.
een vergunning voor een incidentele standplaats, als bedoeld in de Algemene
€ 14,40
plaatselijke verordening c.
een vergunning voor een vaste standplaats, als bedoeld in de Algemene
€ 49,90
plaatselijke verordening Paragraaf 3.6 Gereserveerd
Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.19 Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
€ 90,15
andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking Paragraaf 3.8 Brandveiligheid Artikel 3.20 Brandveiligheid Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van: a.
een gebruiksvergunning met betrekking tot het brandveilig gebruik, als bedoeld in artikel 2.lid 1 van de Brandbeveilingingsverordening 2012)
b.
Het onder 3.20.1 genoemde bedrag wordt verhoogd met de onderstaande bedragen indien en voor zover deze op de inrichting, waarop de vergunning
€ 456,85
betrekking heeft, van toepassing zijn. 1. voor een inrichting met een oppervlakte tot en met 500 m² per m² 2. voor een inrichting met een oppervlakte vanaf 501 m² tot en met 2.000 m² 2.1. verhoogd per m² boven de 500 m² met: 3. voor een inrichting met een oppervlakte vanaf 2.001 m² tot en met 5.000 m² 3.1 verhoogd per m² boven de 2.000 m² met: 4. voor een inrichting met een oppervlakte vanaf 5.001 m² tot en met 50.000
€ 2,20 € 1.596,90 € 1,25 € 3.439,40 € 0,35 € 4.422,15
m², 4.1 verhoogd per m² boven de 5.000 m² met: 5. voor een inrichting met een oppervlakte van meer dan 50.001 m²,
€ 0,10 € 7.861,55
5.1 verhoogd per m² boven de 50.000 m² met: c.
Indien de vergunningverlening betrekking heeft op een inrichting met een tijdelijk karakter, zoals een tent e.d., bedragen de leges 10% van de onder 3.20 en 3.20 berekende bedragen.
d.
Indien de vergunningverlening betrekking heeft op een bouwwerk met een beperkte instandhoudingtermijn van maximaal 5 jaar, is 50% van de onder 3.20 a en 3.20 b berekende bedragen verschuldigd.
e.
Indien een aanvraag om een gebruiksvergunning betrekking heeft op een uitbreiding van de inrichting, wordt de verhoging als bedoeld onder 3.20 b, uitsluitend berekend over de oppervlakte van de uitbreiding.
f.
Indien een gebruiksvergunning betrekking heeft op een gewijzigd gebruik van de gehele inrichting, is 50% van het overeenkomstig 3.20 a vermelde bedrag, verhoogd met het onder 3.20 b berekende bedrag, verschuldigd.
g.
Indien een gebruiksvergunning betrekking heeft op een gewijzigd gebruik van een gedeelte van de inrichting, worden de leges berekend als bedoeld in het vorige lid, met dien verstande dat de verhoging uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van het gewijzigd gedeelte.
h.
Voor een kennisgeving van het besluit tot opheffing van het staken van het gebruik van een gebouw ingevolge artikel 17 van de Woningwet en/of strijdig gebruik van een inrichting ingevolge de Brandbeveiligingsverordening 2012 van gemeente Someren, is 25% van het overeenkomstig 3.20 a vermelde bedrag, verhoogd met het onder 3.20 b berekende bedrag, verschuldigd, met dien verstande, dat de verhoging uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van het gesloten gedeelte.
i.
Het tarief voor het overdragen van een gebruiksvergunning naar een andere gebruiker bedraagt
€ 112,00