CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsnotitie betreffende resultaat verdiepend onderzoek warmtenet Someren-Centrum en Someren-Noord

Commissie Ruimte 17 januari 2024, gemeente SomerenBij agendapunt: Raadsnotitie betreffende resultaat verdiepend onderzoek warmtenet Someren-Centrum en Someren-Noord2.253 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsnotitie Onderwerp:

Informatieve notitie betreffende resultaat verdiepend onderzoek warmtenet Someren-Centrum en Someren-Noord

Portefeuillehouder:

W.M. van Doorn

Documentnummer:

200532148

Zaaknummer:

0847200529732

Datum:

24 oktober 2023

1. Samenvatting Op basis van de aanbevelingen uit het onderzoek van de potentiële startwijken aardgasvrij (Q4-2021) heeft Sweco Nederland B.V., in het eerste halfjaar 2023, een verdiepend onderzoek, voor een warmtenet in Someren-Centrum en -Noord, uitgevoerd. Ook is all-electric als variant onderzocht. Deze variant achten wij in deze wijken niet haalbaar, omdat veel woningeigenaren onvoldoende leencapaciteit zullen hebben om op deze wijze de overstap naar aardgasvrij te maken. Geothermie in combinatie met inzet in de glastuinbouw biedt zowel de goedkoopste oplossing voor deze twee wijken richting aardgasvrij als de grootste CO2-reductie. Gelet op de onderzoeken voor een veilig gebruik van Geothermie in de Roerdalslenk (waarin Someren ligt) richten we ons, voor het samen met de bewoners en de pand-eigenaren van een Wijkaanpak, op de second best duurzame warmtebron, zijnde Aquathermie (warmte uit het oppervlaktewater van de Zuid-Willemsvaart).

2. Inleiding Eén van de aanbevelingen van het aanvullend onderzoek van de potentiële startwijken was het verbreden van het onderzoek van een warmtenet naar de wijken Someren-Centrum en -Noord. Op 14 februari 2023 hebben wij besloten om aan Sweco Nederland B.V. opdracht te verstrekken voor het uitvoeren van een verdiepend onderzoek van een warmtenet in de wijken Someren-Centrum en -Noord. Voor het warmtenet zijn 3 bronnen onderzocht, te weten Geothermie, in combinatie met afzet naar de glastuinbouw, Aquathermie (Zuid-Willemsvaart) en restwarmte van een fabriek op bedrijventerrein Half Elfje. Daarnaast is ook voor deze wijken het scenario all-electric onderzocht.

3. Informatie Argumenten 1.1 Een warmtenet de goedkoopste duurzame warmtevoorziening voor de wijken Someren-Centrum en -Noord. Als we kijken naar de totale kosten vanuit de afnemer (figuur 7 onder artikel 5.3 van het onderzoeksrapport). Alle scenario’s zijn, zoals te verwachten is, duurder dan door kunnen gaan op individuele CV-ketels op aardgas. Dit is echter een theoretisch scenario. CV-ketels mogen vanaf 2026 niet meer worden verkocht. Er moet vanaf dan minimaal de overstap naar een hybride systeem worden gemaakt. Geothermie in combinatie met de glastuinbouw blijkt het goedkoopste en duurzaamste scenario. De scenario’s Aquathermie en all-electric zijn de duurste en liggen nagenoeg op het zelfde niveau (zonder subsidie). Voor de investering in een warmtenet kan gebruik gemaakt worden van de Warmtenetten

investeringssubsidie (WIS). Hierdoor vallen de uiteindelijke investering bij warmtenetten lager uit (zie de getallen tussen haakjes in tabel 13 van het rapport). Hierbij moeten een aantal kanttekeningen worden geplaatst die in het voordeel van Aquathermie zijn: -

All-electric vraagt de hoogste initiële investering, die ook nog geheel bij de woning- en pandeigenaren ligt. Zie ook kanttekening 1.1 onder paragraaf 5 van dit collegevoorstel.

-

Het aquathermie scenario kan in de verdere uitwerking nog geoptimaliseerd worden. Hierdoor vallen de kosten lager uit dan in de all-electric variant, en komt die dus dichter in de buurt van het Geothermie scenario.

1.2 Deense participatiemodel resulteert in lage kosten voor en meer zeggenschap van de afnemers van het warmtenet. Volgens het Deense participatiemodel participeren de afnemers coöperatief in het warmtenet, wat de acceptatie, participatie en betaalbaarheid ten goede komt. In dit concept wordt geen winst gemaakt op de verkoop van warmte en worden grenzen gesteld aan het rendement van de leverancier. Het Deense participatiemodel zorgt voor lagere kosten voor een aantal zaken. De financiering van het warmtenet wordt onderdeel van de hypotheek van de eindafnemer. Hierdoor is de rente over dit deel van de investering aftrekbaar. Verder is er geen commercieel projectrendement en kunnen er langere afschrijvingstermijnen gehanteerd worden. Het succes van het toepassen van het Deense participatiemodel valt of staat bij het enthousiasme van de bewoners om te participeren. Daarnaast heeft het rijk vanaf dit jaar publieke zeggenschap over het warmtenet verplicht gesteld. Dat kan prima gecombineerd worden in de vorm van publiek/coöperatieve zeggenschap over het warmtenet. In het kader van de noodzakelijke expertise om samen te werken met een commerciële partij voor de aanleg en exploitatie. Zie voor meer informatie hoofdstuk 6 van het onderzoeksrapport. Dit zijn belangrijke aspecten, die randvoorwaardelijk moeten worden meegenomen bij de verdere uitwerking van het warmtenet.

2.1 Voor de vervolgstappen in eerste aanleg focussen op Aquathermie als warmtebron. Geothermie, in combinatie met inzet in de glastuinbouw scoort het beste, zowel op het gebied van de CO2-reductie als de kosten. In het najaar 2022 heeft Energiebeheer Nederland (EBN), vanuit de Samenwerking Geothermie Brabant (voorheen Green Deal Geothermie Brabant), onderzoeken, voor het minimaliseren van de risico’s van Geothermie in de Roerdalslenk (waarin gemeente Someren ligt), opgestart. Deze onderzoeken vergen tijd. De eerste resultaten zijn pas vanaf begin 2026 te verwachten. Warmte uit het oppervlaktewater van de Zuid-Willemsvaart (Aquathermie) is de second best oplossing, zowel ten aanzien van de CO2-reductie als de kosten. In potentie kan meer dan voldoende warmte aan de Zuid-Willemsvaart worden onttrokken om beide wijken van voldoende warmte te voorzien. Bij Rijkswaterstaat is inmiddels de vraag uitgezet of wij de gewenste hoeveelheid warmte uit de ZuidWillemsvaart mogen onttrekken. De warmte wordt in ondergrondse open bronnen in de vorm van warmte en koude opgeslagen, zodat het jaar rond warmte kan worden geleverd. Dit betreft warmte op een lage temperatuur, die met industriële warmtepompen op de voor de betreffende wijken noodzakelijke aanvoertemperatuur van 70 graden Celsius wordt gebracht.

Daarom scoort deze duurzame warmtebron net iets slechter dan Geothermie, zowel ten aanzien van de CO2-reductie als de kosten. Het eerste globale ontwerp van het warmtenet van Sweco is dusdanig opgezet dat we in een later stadium, als meer duidelijk is over de mogelijke inzet van Geothermie als warmtebron, eenvoudig over kunnen stappen van Aquathermie naar Geothermie. Dit biedt ons flexibiliteit bij de verdere uitwerking van 2/5

het warmtenet en het perspectief om gedurende de verdere uitwerking nog de overstap te kunnen maken naar de meest duurzame en goedkoopste oplossing (Geothermie). Inzet van restwarmte van de fabriek op het bedrijventerrein blijkt op basis van dit verdiepend onderzoek niet wenselijk. Omdat de fabriek alleen op werkdagen in 2-ploegendienst draait en te weinig restwarmte levert om beide wijken van de benodigde warmte te voorzien is veel inzet van hulpbronnen (zoals groen gas of biomassa) nodig om in warmtevraag te voorzien. Deze warmtebron scoort daarom ook beduidend slechter op duurzaamheid. De ligging van deze warmtebron in combinatie met het beperkt aantal productie-uren maakt het economisch niet aantrekkelijk om deze warmtebron voor de wijken in te zetten in combinatie met Geothermie of Aquathermie. Mogelijk liggen er wel goede kansen om deze restwarmte in de directe omgeving in te zetten op het bedrijventerrein. 2.2. Koppelkansen met glastuinbouw. De benodigde aanvoertemperatuur van 70 graden Celsius voor het warmtenet in de wijken biedt voor de korte en lange termijn grote koppelkansen met de glastuinbouw. Op korte termijn kan al duurzame warmte van biomassaketels (op regionaal snoeihout) worden geleverd. Daarnaast leveren op de langere termijn WKK’s in de kassen op biogas of groen gas een uitstekende duurzame warmtevoorziening voor het invullen van de piekvraag en back-up.

Hierdoor hoeft niet afzonderlijk geïnvesteerd te worden in deze voorzieningen separaat voor het warmtenet. Daarmee dalen dus de investeringskosten in het warmtenet. De reeds aanwezige WKK’s in de kassen, die op termijn zo nodig worden omgebouwd voor biogas (aardgas kan 1 op 1 vervangen worden door groen gas) worden multifunctioneel ingezet voor warmte-, elektriciteit- en CO2-productie. Kanttekeningen 1.1

Een warmtenet in het belang van de woningeigenaren.

Het inzetten van een warmtenet biedt de afnemers in de wijken het perspectief dat zij veel minder hoeven te investeren in hun woning. Uit het eerdere onderzoek uit 2022 van een warmtenet in SomerenNoord is gebleken dat het optimum voor het warmtenet en de investeringen in de woning wordt bereikt bij een aanvoertemperatuur van 70 graden Celsius. Daardoor hoeft het warmteafgiftesysteem (radiatoren) in de woningen niet vervangen te worden. Ook volstaat en beperkte verbetering van de isolatie van de buitenschil, tot label B. Bij een overstap naar all-electric is het van groot belang dat de warmtevraag en de daaraan gerelateerde elektriciteitsvraag van de warmtepomp, zo klein mogelijk is. In de wintermaanden is groene stroom namelijk een schaars goed. Het gebruik van een warmtepomp vereist een lage temperatuurverwarming (vloerverwarming of lage temperatuur convectoren). Woning- en pandeigenaren moeten bij all-electric daarom fors investeren in hun woning of pand voor een goede isolatie van de buitenschil (label A of beter) én een warmtepomp én een lage temperatuur afgiftesysteem. Wij verwachten dat in de wijken Someren-Centrum en -Noord een grote groep woningeigenaren ruim onvoldoende leencapaciteit heeft om de overstap naar all-electric te kunnen maken. 1.2 WoCom is voornemens om een pilot in Someren uit te voeren met woningen naar all-electric.

WoCom heeft in zijn Meerjaren Prestatieafspraken opgenomen dat zij in alle gemeenten pilots uitvoeren voor woningrenovaties naar all-electric. Van netbeheerder Enexis hebben wij vernomen dat woCom voor zo’n pilot in Someren-Noord verzwaring van de huisaansluitingen heeft aangevraagd. Het verbaasd ons

3/5

ten zeerste dat WoCom zo’n pilot in Someren-Noord aan het opzetten is, terwijl zij geheel bekend zijn met onze onderzoeken van een warmtenet in die wijken. Wij dan ook een indringend in gesprek met woCom om af te zien van een dergelijke pilot in deze wijk. Zo’n pilot kan namelijk al snel de noodzakelijke participatiegraad, van zo’n 80%, voor een warmtenet ondermijnen. WoCom is namelijk wel in staat om fors te investeren een all-electric oplossing voor hun huurwoningen, zonder dat dit leidt tot fors hogere woonlasten voor hun huurders. Als die pilot succesvol wordt afgerond, waarom zouden zij de resterende woningen aansluiten op het warmtenet, zonder dat dit veel voordelen voor hun huurders oplevert? Zo’n pilot kan prima in een andere woonwijk in Someren, maar in Someren-Noord en Someren-Centrum zou dit al snel tot de doodsteek van het complete warmtenet kunnen leiden. 2.1 Gevoeligheidsanalyses voor het scenario Aquathermie. Zoals te lezen in paragraaf 5.4 van het onderzoeksrapport zijn 3 gevoeligheidsanalyses voor het scenario Aquathermie opgesteld. Uit die gevoeligheidsanalyse blijkt dat een participatiegraad van minimaal 80% nodig is om langjarig voldoende rendement te garanderen. Voor de afnemers zit er nauwelijks ruimte voor een lager warmtetarief. Wel lijkt er iets meer marge voor de kostprijs van de warmte.

Aangezien de gevoeligheden op elkaar ingrijpen is het van groot belang dat de kostprijs van de warmte zo laag mogelijk te houden. Daarom is publiek eigendom of minimaal mede-eigendom van de warmtebron een vereiste. Coöperatief mede-eigendom (Deens Participatiemodel) vergroot de invloed van de bewoners op de kostprijs van warmte.

4. Vervolg WoCom is betrokken bij dit onderzoek. Het rapport is ook al met hun gedeeld. WoCom is een belangrijke stakeholder om het warmtenet verder te brengen, omdat zij veel huurwoningen bezitten in deze twee wijken. Daarnaast is in Someren-Noord sprake van veel gespikkeld bezit, huurwoningen die woCom in de loop der jaren heeft verkocht aan de bewoners. WoCom is daarom cruciaal voor het behalen van de benodigde participatiegraad. De Zuid-Willemsvaart kan theoretisch ruim voldoende warmte leveren voor een warmtenet. Inmiddels is de vraag bij Rijkswaterstaat uitgezet wat de exacte voorwaarden zijn voor het onttrekken van benodigde warmte uit het oppervlaktewater van dit kanaal. Voor het einde van het jaar willen wij volledige duidelijk hebben over inzetbaarheid van deze duurzame warmtebron, zodat we gerichte stappen kunnen zetten richting de bewoners en bedrijven in Someren-Centrum en -Noord. De resultaten van dit verdiepend onderzoek van een warmtenet in de wijken Someren-Centrum en -Noord is inmiddels twee keer besproken met alle beleidsmedewerkers van het team Openbare Ruimte. Dit vanwege de grote impact van een warmtenet op de onder- en bovengrondse infrastructuur.

Afgesproken is dat we bij rehabilitaties van wegen in deze twee wijken vanaf nu rekening gaan houden met de benodigde ondergrondse ruimte voor een warmtenet en de afhankelijkheden met andere infrastructuur, zoals de afstand tot de waterleiding. Ook laten we door een externe partij voor de meest kritische dwarsprofielen (vooral hoofdaders) van de ondergrondse infrastructuur met een warmtenet engineeren. Dit om helderheid te krijgen over de fysieke inpasbaarheid van een warmtenet in deze twee wijken. Daarbij gaat het niet alleen om voldoende ruimte voor een warmtenet in combinatie met een gescheiden rioolstelsel en kabels en leidingen, maar ook ruimte voor de wortels van bomen en andere beplanting. Dit laatste vanwege de aanpak van hittestress in de woonwijken. 4/5

Voor het betrekken van de bewoners en pandeigenaren, het opstellen van het Wijkuitvoeringsplan en het verder brengen is extra capaciteit nodig binnen het teampje van de Energie- en Warmtetransitie. Gelet op de benodigde inzet op de Warmtetransitie tot 2050, gaan we dit invullen met een medewerker in vaste dienst. De inzet van deze extra capaciteit is gedekt met de CDOKE-middelen (zo’n € 370k per jaar), waarvoor we voor de jaren 2023 t/m 2025 een beschikking hebben ontvangen. Voor het jaar 2023 zijn die middelen uitgekeerd. Verder is er toezegging van het Rijk voor deze middelen t/m 2030.

Burgemeester en wethouders van Someren, de secretaris,

de burgemeester,

J. Koppers-Van der Krabben

D. Blok O

NO

Bijlagen: 1. Rapportage verdiepend onderzoek Warmtenet Someren-Centrum en -Noord

X

(Djuma-docnr. 200529733). 2. Presentatie verdiepend onderzoek Warmtenet Someren-Centrum en -Noord

X

(Djuma-docnr. 200529734). 3. Memo labelstap Warmtenet Someren-Centrum en -Noord

X

(Djuma-docnr. 200529735). 4. Impact Energielabels op scenario’s Warmtenet Someren-Centrum en -Noord

X

(Djuma-docnr. 200529736).

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13656769/2