Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie
Tekst van het document
Op Rijksniveau zijn er twee procedures op basis waarvan Defensie initiatieven zelf ruimtelijk in kan passen als daarvoor wordt gekozen, namelijk het projectbesluit en de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) van nationaal belang. Bij deze procedures is het Rijk bevoegd gezag, wat betekent dat het Rijk zelf besluiten neemt Pagina 72 van 78
Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie| 03-04-2025
en niet afhankelijk is van lokale overheden. Een BOPA van nationaal belang volgt in beginsel de reguliere procedure en een projectbesluit gaat eerst als ontwerp ter inzage, alvorens een besluit tot vaststelling kan worden genomen. Tijdens deze ter inzageperiode kan eenieder zienswijzen indienen op een behoefte. Bij een BOPA van nationaal belang is het Ministerie van VRO bevoegd gezag. Defensie kan een provincie verzoeken om dezelfde ruimtelijke instrumenten op provinciaal niveau in te zetten voor realisatie van de nationale opgave. In dat geval is de provincie bevoegd gezag voor het nemen van een projectbesluit of een BOPA-besluit. Ook wanneer wordt aangesloten bij gemeentelijke en provinciale planvorming gelden de reguliere procedures voor participatie en ter inzagetermijnen. Bij deze procedures zijn respectievelijk de provincie en de gemeenten bevoegd gezag. Bij verschillende behoeftes in dit programma geldt dat de militaire activiteiten een grote ruimtelijke impact hebben op de omgeving daaromheen, en er tegelijkertijd nog maatwerk mogelijk is bij de inpassing van de behoefte in het gebied. In deze gevallen, maar ook wanneer het gaat om activiteiten in gevoelige gebieden of locaties waar veel meekoppelkansen en synergievoordelen mogelijk zijn, kan een gebiedsproces tot de uitvoeringsstrategie behoren.
Met behulp van ontwerpend onderzoek met medeoverheden en maatschappelijke partijen wordt dan voor een gebied in beeld gebracht hoe de toename van militaire activiteiten gebiedsgericht kan worden gecombineerd met andere opgaven. Ook kan op het passende niveau de planologisch-juridische borging plaatsvinden. Afhankelijk van de inhoud van de behoefte en de situatie kan worden gekozen voor (aanpassing van) een luchthavenbesluit, een projectbesluit, aanpassing van een (gemeentelijk) omgevingsplan of een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, en kunnen benodigde vergunningen worden aangevraagd. 8.1.2
Rijksvastgoedbedrijf en de markt Defensie is bij de realisatie van de vastgoedbehoeftes afhankelijk van de capaciteit van het RVB en van de markt. Het RVB is verantwoordelijk voor het beheer en de instandhouding van vastgoedobjecten van onder andere het ministerie van Defensie. Het RVB is tevens verantwoordelijk voor het uitschrijven van de aanbestedingen van vastgoedprojecten van Defensie. Vastgoed ondersteunt Defensie bij de uitvoering van de grondwettelijke taken. Defensie wil op korte termijn de operationele paraatheid verhogen, de werk- en woonomstandigheden op de kazernes verbeteren (om een goede en aantrekkelijke werkgever te blijven), het vastgoed verduurzamen en de betaalbaarheid verbeteren. De staat van het vastgoed en de geopolitieke ontwikkelingen zorgen ervoor dat de vastgoedbehoefte de komende jaren groter is dan het RVB op dit moment kan realiseren. Hulp van marktpartijen is bij de realisatie van deze opgave dan ook hard nodig. De vastgoedportefeuille van Defensie bestaat uit zo’n 475 objecten en 11.000 gebouwen. De huidige investeringsopgave is meerjarig, vergt miljarden en behelst: 1. Grootschalige nieuwbouw/renovatie; 2. Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD); 3. Verduurzaming (Het gaat hierbij om ongeveer 3500 gebouwen, waarvan ongeveer 500 kantoren); 4. Beheer en onderhoud (standaard taak RVB).
Een versnelling in de realisatie is noodzakelijk, daarvoor is een verandering van aanpak, samenwerking en gedrag nodig. Er wordt ingezet op het stimuleren van standaardisatie, industrialisatie en samenwerken tussen Defensie, RVB en de markt. Pagina 73 van 78
Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie | 03-04-2025
Een intensieve samenwerking waarbij kennis en ervaring wordt gedeeld, is hierbij noodzakelijk. De markt geeft hierbij aan wat nodig is vanuit Defensie en het RVB om slim, sneller en samen het benodigde vastgoed te realiseren. 8.1.3
Integrale programmering De uitvoering van de behoeftes in dit programma zijn urgent, maar zijn niet de enige urgente ruimtelijke en vastgoedopgave waar Defensie voor staat de komende jaren. Bij de programmering van de realisatie van dit programma is rekening gehouden met de fasering van het programma Transformatie Vastgoed Defensie (TVD) en met andere lopende ruimtelijke projecten. Alleen door integrale programmering is het mogelijk om de verschillende urgente programma’s tot een optimale fasering te brengen. Onderdeel van deze integrale programmering is dat terreinen die vrijvallen in de transformatie van het defensievastgoed, door verplaatsing of bundeling van activiteiten, een schakel kunnen zijn in het oplossen van een ruimtevraag voor behoeftes in het voorliggende programma, en andersom. Niet alleen op dit moment, maar ook in de nabije toekomst, omdat door een opschalende krijgsmacht extra en nieuwe ruimtebehoeftes kunnen ontstaan. In het huidige tijdgewricht is afstoting van gronden en terreinen die nu niet gebruikt worden, niet langer passend. Uitgangspunt is dat vrijkomende ruimte voor militaire activiteit als strategische ruimte voor toekomstig gebruik nodig kan blijven. Tijdelijk gebruik voor andere functies kan daarbij mogelijk zijn.
8.2
Met oog voor andere ruimtelijke belangen Bij de inrichting en uitvoering van dit programma benut Defensie kansen die zich voordoen om bij te dragen aan andere belangen en opgaven. Het kan gaan om kansen voor natuurversterking, kansen om bij te dragen aan een betere waterhuishouding en bodemkwaliteit of kansen voor behoud van erfgoed.
8.3
Met aandacht voor leefbaarheid en de omgeving Defensie is zich ervan bewust dat haar activiteiten impact kunnen hebben op de (lokale) omgeving, waarin mensen wonen, werken en leven. Om een betrouwbare partner, beschermer en "goede buur" te zijn, hecht Defensie aan behoud, waar nodig herstel en zo mogelijk verbetering van de leefbaarheid rond Defensielocaties. Om een betrouwbare partner in het gebied te zijn hanteert Defensie spelregels in de aanpak van de realisatie van dit programma, en in de communicatie daarover met lokale betrokkenen, medeoverheden, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties. 1. Balans tussen Defensietaken en leefbaarheid Voor Defensie staat het voorbereiden op, en oefenen voor de uitvoering van haar grondwettelijke taken centraal. Het realiseren en uitvoeren van de (nieuwe) defensieactiviteiten voor de gereedstelling van de krijgsmacht moet gewaarborgd zijn. Tegelijkertijd is er aandacht voor de balans tussen de impact op de leefbaarheid in de omgeving en de defensieactiviteiten. Vanuit het creëren van de optimale randvoorwaarden voor de gereedstelling van Defensie proberen we te zoeken naar kansen bij, en optimalisatie van, ontwikkelingen in en met onze omgeving. 2. Structureel aandacht voor leefbaarheid Leefbaarheid krijgt structureel aandacht binnen de planvorming en realisatie van de defensieactiviteiten.
Bij het kijken naar de impact op leefbaarheid staat het zoeken Pagina 74 van 78
Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie| 03-04-2025
naar houdbare oplossingen in een duurzame verhouding met belanghebbenden centraal. Daarom betrekt Defensie haar omgeving proactief bij de verdere uitwerking van de te realiseren activiteiten, waarbij Defensie inzet op het met de omgeving creëren van een gemeenschappelijk beeld van de opgave, een gedeeld beeld van het proces en een gezamenlijke zoektocht naar waarde voor belanghebbenden. Over bijdragen aan leefbaarheid vindt overleg plaats met de lokale gemeenschap. Waar mogelijk wordt samengewerkt met andere overheden en partijen om initiatieven in de regio te bundelen. 3. Duurzame relatie met de samenleving Een duurzame relatie met de omgeving is essentieel. Defensie deelt gedurende de verdere planvorming relevante en beschikbare informatie op een voor alle betrokkenen begrijpelijke wijze, zodat zij in staat zijn om vragen te stellen en op te komen voor hun eigen belangen. Een snelle en transparante opvolging hiervan is vanzelfsprekend. Afspraken worden vastgelegd, en kennis wordt geborgd via goede overdrachten tussen het moment van beleidskeuzes, projectrealisatie en het gebruik van Defensielocaties. 4. Aanspreekbaar op keuzes Defensie is aanspreekbaar op de keuzes die ze bij de verdere vormgeving van de defensieactiviteiten maakt. Intern wordt het bewustzijn vergroot door medewerkers te betrekken bij het thema leefbaarheid en door omgevingsgericht werken te stimuleren. 5.
Heldere, transparante en tijdige communicatie Defensie zorgt ervoor dat communicatie richting belanghebbenden helder, transparant en tijdig is om verwachtingen te managen en eventuele misverstanden te voorkomen. Defensie streeft een open houding na. De dialoog met de omgeving is hierbij tweerichtingsverkeer: luisteren is net zo belangrijk als informeren. 8.4
Binnen kaders van uitvoerbaarheid Het voornemen voor de uitbreiding van het ruimtebeslag dat Defensie in Nederland legt kent geen gegarandeerde uitkomst. In de praktijk zal het tempo van de realisatie afhangen van factoren die maar ten dele beïnvloed kunnen worden door Defensie, zoals beschikbare stikstofruimte, netcongestie en financiële kaders.
8.4.1
Stikstofruimte Voor het realiseren van de ambities in het NPRD is stikstofruimte nodig. Stikstofruimte die in Nederland schaars is. Omdat defensielocaties vaak gelegen zijn in of nabij stikstofgevoelige natuur, is het erg onzeker of activiteiten en projecten die zorgen voor extra stikstofdepositie een natuurvergunning (‘omgevingsvergunning Natura 2000-activiteit’) kunnen krijgen. De stikstofsituatie in Nederland zorgt ervoor dat niet alle onderdelen van het NPRD (direct) uitvoerbaar zijn. Op het onderdeel stikstof zal per deelproject locatiespecifiek moeten worden onderzocht wat de oplossingsmogelijkheden zijn. Te denken valt aan: -
Intern salderen: waar er op een bestaande locatie voldoende stikstofruimte in de bestaande vergunningen aanwezig is, kunnen de stikstofeffecten van de nieuwe activiteit beoordeeld ten opzichte van de reeds toegestane activiteit op
Pagina 75 van 78
Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie | 03-04-2025
-
-
die locatie. Nb, door de recente uitspraken van de Raad van State van 18 december (Amercentrale/Rendac) is intern salderen vergunningplichtig. Daarnaast moet de stikstofruimte die wordt gebruikt om de nieuwe activiteit uit te voeren additioneel zijn. Dit betekent dat de stikstofruimte niet nodig is voor natuurbehoud- en herstel. Door de vergunningplicht en het additionaliteitsvereiste, zal het op dit moment in de meeste gevallen niet mogelijk zijn natuurvergunning te krijgen op basis van intern salderen. Extern salderen: het mitigeren van stikstofeffecten met stikstofruimte van een bedrijf dat geheel of gedeeltelijk stopt. Ook voor extern salderen geldt dat additionaliteit moet worden aangetoond. Hierdoor is ook extern salderen een moeilijk toepasbare oplossingsrichting. ADC-toets: indien de stikstofeffecten van een project of activiteit niet kan worden gemitigeerd, zullen compenserende maatregelen moeten worden getroffen om de samenhang van het Natura 2000-gebied in stand te houden. Daarnaast moet worden aangetoond dat er sprake is van dwingende redenen van groot openbaar belang en dat er geen sprake is van alternatieven.
Ook kunnen een gebiedsgerichte benadering en programmatisch vergunnen nader verkend worden als oplossing. Daarbij kan het hele NPRD als scope worden genomen. Of een gebied, zoals bijvoorbeeld de Veluwe. In een dergelijke aanpak kan een combinatie worden gezocht tussen intern salderen, extern salderen, compensatie en het in kaart brengen van de bijdrage die Defensie kan leveren aan de natuuropgave, door bijvoorbeeld verbeterd natuurbeheer en aanleg van nieuwe natuur(verbindingen). Naast het bovenstaande probeert Defensie via de Wet op de defensiegereedheid en de Ministeriële Commissie Economie en Natuurherstel mogelijkheden te vinden om de ambities van het NPRD te realiseren. Het door het kabinet gepresenteerde ‘Startpakket Nederland van het slot’ bevat hiertoe maatregelen. 8.4.2
Netcongestie De uitvoering van het NPRD kan vertraging oplopen door de netcongestieproblematiek, in verband met het niet tijdig beschikbaar komen van (schaarse) netcapaciteit. Om mogelijke problemen te voorkomen zal Defensie in een vroegtijdig stadium van de planvorming afstemming zoeken met de relevante netbeheerder.
8.4.3
Financiële kaders De kosten voor de ruimtebehoeftes die voortvloeien uit het NPRD (zoals grond- en objectverwerving, vergunning- en wetgevingstrajecten) zijn reeds ingepast in de begroting van Defensie. Daarnaast worden de financiële consequenties van de volledige onderliggende vastgoedbehoeftes op basis van de definitieve locatiekeuzes in kaart gebracht en uiterlijk bij de eerste suppletoire begroting van 2026 ingepast in de begroting van Defensie. De Kamer zal jaarlijks via de Stand van Defensie worden geïnformeerd over de voortgang van de NPRD-projecten en bij eerste suppletoire begroting van 2026 over de budgettaire inpassing.
8.5
Realisatiestrategie per behoefte Voor alle behoeftes waar een voorkeurslocatie in dit ontwerp voor is aangewezen wordt in de bijlage de realisatiestrategie en tijdlijn weergegeven. In de realisatiestrategie wordt inzichtelijk gemaakt of er een planologische procedure ingezet zal worden, en of er sprake is van een vastgoedontwikkeling, of van
Pagina 76 van 78
Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie| 03-04-2025
uitbreiding van milieu- en vergunningsruimte. Ook is in de bijlage opgenomen of al op korte termijn worden gestart met de uitvoering. De realisatiestrategie is alleen op hoofdlijn beschreven, omdat het proces van realisatie afhankelijk is van (externe) factoren, en van definitieve besluitvorming over het NPRD. Ook kan veranderende actualiteit aanleiding geven tot andere prioritering en andere keuzes in de fasering. De realisatiestrategie per behoefte is als bijlage toegevoegd.
Pagina 77 van 78
Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie | 03-04-2025
9
Afkortingenlijst
APKWS:
Advanced Precision Kill Weapon System
MOB:
Main Operating Base
ASK:
Artillerie Schietkamp
MVK:
Militair Vliegkamp
bbp:
bruto binnenlands product
NFM:
NATO Force Model
BHK:
Bernhardkazerne
NNN:
Natuur Netwerken Nederland
BKL:
Besluit Kwaliteit Leefomgeving
NOVI:
Nationale Omgevingsvisie
BOPA:
buitenplanse omgevingsplanactiviteit
NPRD:
Nationaal Programma Ruimte voor Defensie
CS:
combat support
NRD:
Notitie Reikwijdte en Detailniveau
CSS:
combat service support
NTM:
Notice to Move
CTR:
Controlled Trafic Region
NvA:
Nota van Antwoord
HNS:
Host Nation Support
NvR:
Nota van Reactie
IBT (-centrum):
Integrale Beroepsvaardigheden Training (-centrum)
OCW (ministerie van):
(ministerie van) Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
IenW (ministerie van):
(ministerie van) Infrastructuur en Waterstaat
OHS:
Outer Horizonthal Surface
ISK:
Infanterie Schietkamp
OT:
Oefenterrein
KIM :
Koninklijk Instituut voor de Marine
POVI:
Provinciale Omgevingsvisie
KMAR
Koninklijke Marechaussee
RES:
Regionale Energiestrategie
KMSL:
Koninklijke Militaire School Luchtmacht
RVB:
Rijksvastgoedbedrijf
KRW:
Kaderrichtlijn Water
SIC:
Snel Inzetbare Capaciteit (munitie)
LCS:
Logistiek Centrum Soesterberg
TCL:
Technology Center Land
MER (Commissie, plan-):
Milieueffectrapportage
TVD:
Transformatie Vastgoed Defensie
MGLC:
Militair Geneeskundig Logistiek Centrum
VN:
Verenigde Naties
MLA:
Militair Luchtvaartautoriteit
VRO (ministerie van):
(ministerie van) Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
MLT:
Militair Luchtvaartterrein
Pagina 78 van 78