Nota van zienswijzen
Tekst van het document
Postbus 290 5710 AG Someren Telefoon (0493) - 494888 fax (0493) – 494850
Nota van zienswijzen bestemmingsplan Heiveldsestraat 3 NL.IMRO.0847.BP02023011-OW01
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
2.
Gemeentelijke beantwoording 2.1 zienswijze provincie Noord-Brabant 2.2 zienswijze omwonende
3. Conclusie 4. Overzicht van aanpassingen
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3
publicatie ontwerpbestemmingsplan zienswijze provincie Noord-Brabant zienswijze omwonende
2
1.
Inleiding
zienswijze. Hoofdstuk 4 geeft een opsomming van de wijzigingen als gevolg van de zienswijze en ambtshalve aanpassingen.
Het college van burgemeester en wethouders heeft ingestemd met het ontwerp bestemmingsplan Heiveldsestraat 3 Someren en besloten dit plan vrij te geven voor zienswijzen. Op donderdag 7 december 2023 heeft het college door publicaties in het Contact en het gemeenteblad (via www.officielebekendmakingen.nl) de terinzagelegging voor 6 weken, vanaf 8 december 2023, aangekondigd. Het ontwerpbestemmingsplan heeft vanaf 8 december 2023 tot en met 18 januari 2024 ter inzage gelegen. Een ieder kon mondeling of schriftelijk zienswijzen naar voren brengen. Er zijn schriftelijke zienswijze ontvangen van: •
Provincie Noord-Brabant, gedateerd 15 december 2023, ontvangen op 18 december 2023
•
Een omwonende , gedateerd 18 januari 2024, ontvangen op 18 januari 2024
Er is binnen de gestelde termijn één mondelinge zienswijzen naar voren gebracht, maar deze is op 19 januari 2024 ingetrokken. In deze nota van zienswijzen wordt in hoofdstuk 2 de ingekomen zienswijze van een gemeentelijke beantwoording voorzien. Wij vatten daarbij de zienswijze samen en voorzien deze als zodanig van commentaar. De zienswijze wordt in zijn geheel beoordeeld. Hoofdstuk 3 geeft de conclusie die voortkomt uit de beantwoording van de
3
2.
Gemeentelijke beantwoording
De ingediende zienswijze wordt hierna samengevat weergegeven. Dit betekent niet dat die onderdelen van de zienswijzen die niet expliciet worden genoemd, niet bij de beoordeling worden betrokken. De zienswijze is in zijn geheel beoordeeld. 2.1 Zienswijze provincie Noord-Brabant Zienswijze 2.1.1
1.
Ingevolge artikel 3.79 van de IOV kan een bestemmingsplan
Gemeentelijke reactie 1.
De Ruimte-Voor-Ruimte titel moet aangekocht zijn en
van toepassing op stedelijk of landelijk gebied voorzien in
gecontroleerd worden door de provincie Noord-Brabant
een of meerdere ruimte-voor-ruimtekavels, mits is voldaan
vooraleer het plan vastgesteld wordt. Het bewijsstuk is
aan de daarvoor gestelde voorwaarden. Wij hebben
toegevoegd als bijlage bij het plan en daarmee wordt
geconstateerd dat aan een belangrijke voorwaarde nog niet
voldaan aan de Ruimte-Voor-Ruimte regeling.
wordt voldaan. Ingevolge artikel 3.79 lid 1 onder a van de IOV dient sprake te zijn van een aanzienlijke winst van omgevingskwaliteit en dit betekent dat voor het oprichten van een ruimte-voor-ruimte woning een bouwtitel met worden aangekocht. Op dit moment zijn er echter nog geen ruimte-voor-ruimte titels aangekocht. Wij merken op dat dergelijke titels moet zijn verkregen voordat het plan wordt vastgesteld.
2.2 Zienswijze omwonende Zienswijze 2.2.1
1.
De bestemming van het naastgelegen perceel van indiener
Gemeentelijke reactie 1.
Volgens het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ uit 2011 had de
verandert van Recreatie, naar Wonen. Het doel van het plan
locatie Heiveldsestraat 3 een recreatieve bestemming. Volgens
is om het voorheen illegaal gebruik (permanente bewoning
artikel 17.1 lid 3 van dit bestemmingsplan is op deze locatie
van de recreatiewoning) te legaliseren. Indiener kan zich niet
een verblijfsrecreatieve voorziening in de vorm van een
met deze legalisering verenigen. Al geruime tijd heeft de
vakantiehuisje toegestaan.
bewoner van de recreatiewoning de betreffende woning illegaal gebruikt als burgerwoning. Dit was ook al jarenlang
Volgens de begrippen moeten er onder verblijfsrecreatie
bekend bij het college van burgemeester en wethouders. Dit
worden verstaan: ‘een activiteit die overwegend gericht is op
heeft tot grote overlast voor indiener geleid. Met de
het bedrijfsmatig verstrekken van recreatie met een
legalisering van het — voorheen — illegale gebruik zal de
overnachting ter plaatse.’
overlast permanent blijven, met alle gevolgen van dien. Indiener had geen problemen met het gebruik van de woning
Onder een recreatiebedrijf wordt verstaan: ‘een bedrijf dat
als recreatiewoning op het perceel. De woning zou immers
overwegend gericht is op het bedrijfsmatig verstrekken van
niet permanent bewoond worden. Door de bestemming te
verblijfsrecreatie in de vorm van een kamphuis of
wijzingen naar Wonen, wordt er dus een burgerwoning
groepsaccommodatie, vakantiehuisjes, een kampeerterrein
toegestaan, waar permanenten woning mogelijk wordt
en/of kleinschalig kamperen, daaronder begrepen
gemaakt. Daardoor zijn er elke dag mensen aanwezig in de
ondersteunende horeca en ondersteunende detailhandel.’
woning, met alle overlast van dien. Niet enkel wordt er meer in de vakantieperiode gebruik gemaakt van de woning op het
Gelet op deze begripsbepalingen was het gebruiken van het
perceel.
vakantiehuisje volgens het vorige bestemmingsplan het gehele jaar toegestaan. Ook in de specifieke gebruiksregels stonden geen regels opgenomen over het gebruik van het vakantiehuisje. Bestemmingsplanmatig was het dus mogelijk om het vakantiehuisje het gehele jaar te verhuren. Uit een eerder opgestelde last onder dwangsom is opgelegd aan de
5/22
initiatiefnemer dat er geen sprake is van strijdig gebruik op het moment dat de woning niet werd gebruikt door de initiatiefnemer in de maanden januari, februari en maart. De rest van het jaar mag de initiatiefnemer de woning dus al in gebruik hebben. Uiteindelijk is dit besluit ingetrokken omdat er nu concreet zicht is op legalisatie.
Het feit dat het vakantiehuisje alleen in de vakantie werd verhuurd volgens indiener, is niet van belang. Volgens het vorige bestemmingsplan was het met een recreatieve bestemming ook toegestaan dat er iedere dag mensen in de woning aanwezig waren. De woning is nimmer gebruikt als recreatiewoning. De initiatiefnemer heeft er altijd permanent gewoond. Dat dit het geval is, blijkt ook uit de toen opgelegde last onder dwangsom.
2.
De verkeersbewegingen nemen daardoor toe, maar ook komt er meer geluidsoverlast. De bestemmingsplanwijziging
2.
Uit de worst-case berekening blijkt dat deze ontwikkeling
leidt dus tot onaanvaardbare aantasting van het woongenot
dagelijks negen extra verkeersbewegingen genereert. Gelet op
van Indiener.
paragraaf 5.6 van de toelichting, is de bijdrage van extra verkeersbewegingen gebaseerd op het worst-case scenario niet van betekenende mate. Er wordt voldaan aan de wettelijke fijnstofnormen, waardoor er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Bovendien heeft de Afdeling in haar uitspraak van 21 april 2021 met nummer ECLI:NL:RVS:2021:831 bepaald dat een geringe toename van verkeer niet leidt tot een onaanvaardbare aantasting van het woongenot van indiener.
6/22
Het is niet precies duidelijk waar indiener op doelt als het gaat over geluidsoverlast. Wij verwachten dat indiener doelt op stemgeluiden. Voor stemgeluiden bestaan geen wettelijke kaders. Daarnaast is de afstand tussen de woningen dusdanig dat het niet aannemelijk is dat er snel sprake is van overlast. De woningen zijn namelijk op ongeveer 30 meter van elkaar gelegen. Overigens is de kans groter dat er overlast zou kunnen ontstaan bij recreatief gebruik van een woning t.o.v. het gebruik van een woning voor permanente bewoning met vaste bewoners. De recreatiewoning stond het immers toe dat grote groepen gebruik zouden kunnen maken van de recreatiewoning. Met alle geluidsoverlast en verkeersoverlast van dien. Bij een reguliere woning is slechts bewoning toegestaan door één huishouden. 2.2.2
Goede ruimtelijke ordening 3.
lngevolge artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro)
3.
In de zienswijze geeft indiener aan dat: “Er is geen sprake van
moeten bestemmingen in het bestemmingplan op basis van
een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat voor cliënt.” Wij
een goede ruimtelijke ordening worden aangewezen. De
gaan ervan uit dat indiener bedoelt dat er volgens hem geen
ruimtelijke ordening heeft als doel zo gunstig mogelijk
sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarom
voorwaarden te creëren voor het gebruik en de
zullen wij dit standpunt voorzien van een reactie.
ontwikkeling van een gebied. Hierbij moet de vraag worden gesteld in hoeverre bestemmingen naast elkaar kunnen
Er is wel sprake van een deugdelijke motivering, dit is
bestaan. Een goede belangenafweging van de verschillende
namelijk beschreven in de ruimtelijke onderbouwing van
met de bestemming gemoeide belangen is noodzakelijk. Het
het plan. Deze ruimtelijke onderbouwing is ook
momenteel in voorbereiding zijnde plan, ontbeert een
gepubliceerd. Het plan is getoetst aan de benodigde
7/22
deugdelijke motivering en daarmee ook een goede
(milieu)technische aspecten. Uit de onderzoeken blijkt dat
ruimtelijke ordening. Dit is in strijd met artikelen 3:46 en
het omzetten van de recreatiewoning naar woning op deze
3:47 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Op grond
locatie aanvaardbaar is. Het plan voldoet aan artikel 3:46
van het in artikel 3:2 van de Awb opgenomen
en 3:47 van de Awb. Het plan is zorgvuldig voorbereid en
zorgvuldigheidsbeginsel dient het bestuursorgaan bij de
alle belangen zijn hierin meegenomen. Er is voldoende
voorbereiding van een besluit alle nodige kennis omtrent de
rekening gehouden met de belangen van indiener.
relevante feiten en de af te wegen belangen, te vergaren. De voor de belanghebbende nadelige gevolgen mogen op grond
Daarbij is het ook voorstelbaar dat twee
van artikel 3:4 lid 2 van de Awb niet onevenredig zijn in
woonbestemmingen naast elkaar kunnen liggen op een
verhouding tot de met het besluit te dienen doel. U hebt in
dusdanige afstand van elkaar. Ook is in de planregels
het ontwerpbestemmingplan onvoldoende blijk gegeven van
geborgd dat bij herbouw de woning nog steeds minstens
een deugdelijke belangenafweging.
acht meter uit de bestemmingsgrens moet liggen. Hiermee sluiten wij aan bij het bestaande ruimte-voor-ruimte
U heeft de belangen van indiener onvoldoende onderkend en
beleid van de gemeente Someren.
meegewogen in de besluitvorming. Door het omzetten van de recreatiewoning naar burgerwoning wordt het woongenot van indiener immers indringend aangetast. Er is geen sprake van een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat voor indiener. Dit is onvoldoende meegenomen in de besluitvorming. 2.2.3
Ruimte-voor-ruimte 4.
ln de toelichting bij het bestemmingsplan is opgenomen dat
4.
De Ruimte-Voor-Ruimte titel moet aangekocht zijn en
de ontwikkeling (het in gebruik nemen van de
gecontroleerd worden door de provincie Noord-Brabant
recreatiewoning als burgerwoning) mogelijk kan worden
vooraleer het plan vastgesteld wordt. Het bewijsstuk is
gemaakt door een Ruimte-voor-Ruimte titel te verwerven.
toegevoegd als bijlage bij het plan en daarmee wordt voldaan
Uit de toelichting blijkt dat de ontwikkeling dus ziet op het
aan de Ruimte-Voor-Ruimte regeling.
realiseren van een ruimte-voor-ruimtewoning middels het verwerven van een ruimte-voor-ruimtetitel. Op grond van
In artikel 3.79, eerste lid, van de IOV, is bepaald, dat een
artikel 3.79, eerste lid, van de lov kan worden voorzien in
bestemmingsplan kan voorzien in een of meer ruimte-voor-
8/22
één of meerdere ruimte-voor-ruimtekavels indien:
ruimtekavels als deze ontwikkeling door of vanwege
a. Door of vanwege de Ontwikkelingsmaatschappij ruimte
Ontwikkelingsmaatschappij Ruimte-voor-Ruimte (hierna: ORR)
voor ruimte plaatsvindt, gelet op de in het verleden behaalde
plaatsvindt, gelet op de in het verleden behaalde aanzienlijke
aanzienlijke winst van omgevingskwaliteit;
winst van omgevingskwaliteit. In deze bepaling is de
b. Op een aanvaardbare locatie plaatsvindt als bedoeld in
aanzienlijke winst van omgevingskwaliteit dus niet meer
artikel 3. 78, derde lid; en
gekoppeld aan toepassing van de Rbv (zie AbRvS 30 augustus
c. Past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied,
2023, ECLI:NL:RVS:2023:3304). Zoals de Afdeling eerder
bedoeld in artikel 3.77.
heeft overwogen in de uitspraak van 1 februari 2023 (ECLI:NL:RVS:2023:398 overwegingen 6-6.3) bevat artikel
Gelet op deze bepaling moet er dus een aanzienlijke
3.79 van de IOV open normen met beslisruimte voor de raad.
winst zijn bepaald van de omgevingskwaliteit. Uit de
Het is dan ook aan de raad om te motiveren dat het
toelichting blijkt dat dit blijkt uit het certificaat dat is
bestemmingsplan aan deze open normen voldoet. In paragraaf
toegevoegd als bijlage. Het certificaat dat hiervoor zou
3.2.2. van de toelichting is uitvoerig toegelicht dat het
zijn verstrekt wordt wel benoemd in de toelichting bij het
realiseren van de ruimte-voor-ruimtewoning op zichzelf leidt
plan, maar is niet terug te zien in de stukken. Anders
tot een kwaliteitsverbetering van het landschap en dat de
dan gesteld wordt is deze niet bijgevoegd in bijlage 3.
omgevingskwaliteit ook wordt versterkt door de
Het certificaat ontbreekt. Kennelijk wordt aangenomen
landschappelijke inpassing van de woning in het plangebied.
dat het verkregen certificaat een bouwtitel garandeert
Ingevolge bovenstaande rechtspraak is een verifieerbare
dat elders een veehouderij is beëindigd en/of stallen zijn
koppeling tussen de sloop van stallen en de uitgifte van
gesloopt en dat daarmee — afgezet tegen het verlies
certificaten niet vereist.
van omgevingskwaliteit in het plangebied — toch een aanzienlijke winst van omgevingskwaliteit is bereikt. Of dat werkelijk zo is, staat echter niet vast en is ook niet verifieerbaar. Niet bekend is namelijk aan welke beëindiging van een veehouderij en/of aan welke sloop van stallen op welke locatie het verkregen certificaat is gerelateerd. Het staat zelfs niet vast dat het certificaat inderdaad de garantie biedt dat elders een veehouderij is beëindiging en/of stallen zijn gesloopt. Sinds 2017 wordt door de provincie Noord-Brabant namelijk geen eigen
9/22
boekhouding meer bijgehouden welke stallen met welke oppervlakte wanneer zijn gesloopt. Daardoor bestaat geen verifieerbare koppeling meer tussen de sloop van stallen en de uitgifte van certificaten. Indiener is derhalve van mening dat met alleen de verwijzing naar het verkregen certificaat bouwtitel onvoldoende is aangetoond dat aan de voorwaarden voor een ruimte-voor-ruimte-ontwikkeling wordt voldaan. 2.2.4
Bebouwingsconcentratie 5.
Daarnaast is indiener van mening dat de ontwikkeling op
5.
Eind 2021 zijn nieuwe zoekgebieden voor Ruimte voor Ruimte
deze locatie niet passend is, gelet op het feit dat er geen
woningen vastgesteld. De Heiveldsestraat maakt hier geen
sprake is van een bebouwingsconcentratie. Dit standpunt is
onderdeel van uit. Door deze situatie te legaliseren met een
tevens bevestigd door het college in de opgelegde last onder
Ruimte voor Ruimte woning wijken wij af van ons eigen beleid.
dwangsom van 5 augustus 2O21. Daaruit volgt immers: Op
Echter, de raad heeft tijdens de commissievergadering van 8
grond van de interim omgevingsverordening kan met
december 2021 wel aangegeven maatwerk toe te willen
toepassing van de Ruimte-voor-ruimte-regeling
passen als een situatie daar om vraagt.
medewerking verleend worden aan een dergelijk ruimtelijk initiatief als de (recreatie) woning gelegen is in een
Onderbouwd wordt in hoofdstuk 2.2.2 van de ruimtelijke
bebouwingsconcentratie. Bebouwíngsconcentraties zijn
onderbouwing dat het geheel kan worden aangemerkt als
namelijk aangewezen als primaire zoekgebieden voor Ruimte
een vlakvormige verzameling van bebouwing en
voor Ruimte woningen. De onderhavige recreatiewoning is
lijnvormige reeks van bebouwing in landelijk gebied. Ofwel
niet gelegen in een — als zodanig aangewezen —
dat het een bebouwingslint betreft en het vakantiehuisje
bebouwingsconcentratie.
daarmee gelegen is in een bebouwingsconcentratie.
Indiener stelt zich dan ook op het standpunt dat op de
Locatie Heiveldsestraat 3 is gelegen naast vijf reguliere
betreffende locatie geen sprake is van een
woonbestemmingen. Doordat de locatie is gelegen aan de
bebouwingsconcentratie, waardoor het ruimtelijk initiatief
zuidzijde van het bebouwingslint, gelegen tussen het lint
niet mogelijk is. Volledigheidshalve merkt indiener op dat de
woningen dat reeds sinds het begin van de 20e eeuw
10/22
Heiveldsestraat op de kaart in de structuurvisie — anders
bestaat, en de Slievenstraat, is er sprake van een scherp
dan in de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan
afgebakend bebouwingslint aan de zuidzijde ervan.
wordt gesteld — niet is aangewezen als bebouwingslint.
Aangezien de vakantiewoning al de uitstraling heeft van een reguliere woning is het voorstelbaar dat de bestaande vakantiewoning wordt omgezet naar een reguliere woning en draagt zodoende bij aan de afsluiting van het bebouwingslint.
2.2.5
Ontwikkelingsrichting 6.
Op grond van artikel 3.77 van de lOV moet de ontwikkeling passen binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. In de
6.
We gaan ervan uit dat nu gedoeld wordt op Artikel 5.12 Lid 1 uit de TAM-Omgevingsverordening Noord-Brabant.
toelichting bij het bestemmingsplan is aangegeven dat de ontwikkelingsrichting van het gebied is uitgewerkt bij de
Het plangebied is gelegen binnen het kampenlandschap
paragraaf over de structuurvisie Someren. In deze paragraaf
(structuurvisie Someren 2018 en Beeldkwaliteitsplan 2022).
van de toelichting wordt enkel een oordeel gegeven over de
Dit oude agrarische landschap wordt gekenmerkt door een
landschappelijke inpassing. Dit staat echter los van de
onregelmatige structuur. De verkaveling is kleinschalig en op
ontwikkelingsrichting van het gebied. De
sommige plekken grillig van vorm. In de loop der tijd heeft het
ontwikkelingsrichting moet immers op grond van artikel
landschap een relatief meer open karakter gekregen. Van
3.77, eerste lid, van de IOV, zien op:
oorsprong komen hier veel meer landschapselementen voor
a. welke activiteiten en functies vanuit een gebiedsgerichte
zoals houtsingels en bosjes. Het gebied kent een grote
benadering passen in de omgeving;
afwisseling van groen en bebouwing. De boerderijen die van
b.
oudsher vrijliggend of in kleine clusters gebouwd zijn, liggen
Welke effecten de ontwikkeling van die activiteiten en
functies heeft op andere aspecten, waaronder een veilige en
inmiddels in relatief dichte linten, knopen en clusters. Het
gezonde leefomgeving, de te beschermen waarden, bedoeld
gebied kenmerkt zich door veel bebouwing en de aanwezige
in afdeling 3.2 Basis op orde, mobiliteit, agrarische
lintbebouwing. Het plangebied is gelegen aan het uiteinde van
ontwikkeling, stedelijke ontwikkeling, leefbaarheid en
een bebouwingslint dan wel bebouwingscluster aan de
leegstand elders;
Heiveldsestraat. Dit bebouwingslint bestaat reeds sinds het
c. op welke wijze de omgevingskwaliteit in het gebied
begin van de 20e eeuw en maakt onderdeel uit van het
11/22
versterkt kan worden, mede gericht op de toepassing van
buurtschap Heitveld. Het toevoegen van de beoogde nieuwe
artikel 3.9 Kwaliteitsverbetering landschap; en
woning zal bijdragen aan de versterking van deze
d.
bebouwingsconcentratie; in deze een bebouwingslint of
Op welke wijze de sloop van overtollige bebouwing wordt
gerealiseerd. Uit deze paragraaf van de toelichting blijkt dit
bebouwingscluster. De beoogde ontwikkeling is daarmee dan
onvoldoende.
ook passend binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. Bovenstaande stond nog niet goed vermeld in de ruimtelijke onderbouwing. Bovenstaande wordt dan ook in de nieuwe versie van de onderbouwing beschreven in hoofdstuk 3.2.2.
7.
Daarnaast staat in de structuurvisie dat bestaande woningen gerespecteerd worden. Daar voldoet de locatie niet aan. Uit
7.
De structuurvisie is louter een integrale visie op een gebied.
de structuurvisie blijkt immers: De bestaande
Daarnaast gaat de aangeleverde tekst van indiener over
woonbestemmingen in het buitengebied worden
bestaande woonbestemmingen. Heiveldsestraat 3 is geen
gerespecteerd. Daarnaast heeft Someren een pioniersrol
bestaande woonbestemming, maar een bestaande recreatie
ingenomen bij de voorgenomen komst van de
bestemming. Er wordt niet in strijd gehandeld met de visie.
plattelandswoning. De Wet Plattelandswoning, in werking per 1 januari 2013, heeft als doel om planologisch een woning mogelijk te maken die dezelfde (beperkte) milieubescherming krijgt als een huidige bedrijfswoningen, maar waar net als bij een reguliere woning door een ieder ¡n gewoond mag worden. De bestaande woonvorm op de huidige locatie betreft de recreatiewoning. Op grond van de structuurvisie van de gemeente Someren moet deze woonvorm dus gerespecteerd blijven. Door deze recreatiewoning om te zetten naar burgerwoning middels de ruimte-voor-ruimte-titel, handelt uw college in strijd met het beleid van uw gemeente.
12/22
8.
Ook biedt de structuurvisie ruimte voor recreatie. Naast de grote initiatieven biedt het toeristisch beleid volop ruimte
3.
8.
De aangekaarte kleine initiatieven zijn bij een
voor kleine initiatieven in de vorm van bijvoorbeeld bed-and-
woonbestemming nog steeds mogelijk via een
breakfast, kamperen bij de boer, de verkoop van ter plekke
omgevingsvergunning. Ook voor Heiveldestraat 3 zal dit
vervaardigde producten, routegebonden horeca en
blijven gelden. In de planregels is namelijk in artikel 4.5
fietsverhuur. Gelet op voorgaande past een burgerwoning
geborgd dat op basis van een omgevingsvergunning onder
niet binnen de ontwikkelingsruimte van de gemeente
andere een fiets en rijtuigen verhuur, bed-and-breakfast en
Someren. Het beleid biedt juist ruimte voor recreatie, en is
routegebonden horeca als nevenfunctie bij de
ingericht zodat de bestaande woonbestemmingen intact
woonbestemming uitgevoerd morgen worden. Er wordt dus
moeten blijven. Door een recreatiebestemming in het
niet in strijd gehandeld met ons beleid, omdat er ook bij een
buitengebied om te zetten naar een woonbestemming wordt
woonbestemming volop mogelijkheden zijn om een klein
er in strijd gehandeld met het beleid van de gemeente. Er is
recreatief initiatief op te starten. Er wordt wel voldaan aan
niet voldaan aan artikel 3.77, van de IOV.
artikel 3.77 van de IOV.
Conclusie
De naar voren gebrachte zienswijzen leiden niet tot een heroverweging van de medewerking aan het bestemmingsplan Heiveldsestraat 3, Someren. De voorgebrachte zienswijze van de omwonende leidt wel tot een aanpassing van de onderbouwing.
13/22
4.
Overzicht van aanpassingen
De ingekomen reactie vormt een reden om het bestemmingsplan op verschillende onderdelen aan te passen.
4.1 Aanpassingen naar aanleiding van de zienswijze Naar aanleiding van reactie:
Worden het bestemmingsplan als volgt aangepast:
2.1.1 en 2.2.3
Ruimte-voor-Ruimte titel is toegevoegd aan het plan.
2.2.5
In de onderbouwing van Heiveldsestraat 3, Someren wordt in hoofdstuk 3.2.2 nader onderbouwd dat de ontwikkeling past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied als bedoeld in artikel 3.77 Ontwikkelingsrichting van de Iov (nu: Artikel 5.12 Lid 1 uit de TAM-Omgevingsverordening Noord-Brabant). De aangeleverde onderbouwing wordt toegevoegd als bijlage bij de plantoelichting.
14/22
Bijlage 1: publicatie
15/22
Bijlage 3: zienswijze provincie Noord-Brabant
16/22
17/22
Bijlage 3: zienswijze omwonende
18/22
19/22
20/22
21/22
22/22