CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van zienswijzen

Gemeenteraad 16 mei 2024, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Hollestraat ong. naast 33 Someren3.282 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen bestemmingsplan Hollestraat ong. (naast 33) Someren NL.IMRO.0847.BP02022031-OW01 Postbus 290 5710 AG Someren Telefoon (0493) - 494888 fax (0493) – 494850 gemeente@someren.nl www.someren.nl

1

Inleiding Er zijn zienswijzen ontvangen van:

Op donderdag 14 december 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders door publicaties in huis-aan-huis weekblad ’t Contact en het gemeenteblad de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan ’Hollestraat ong. (naast 33) Someren’ inclusief alle onderliggende en bijbehorende documenten voor 6 weken, vanaf vrijdag 15 december 2023 aangekondigd. Het ontwerpbestemmingsplan was te raadplegen via www.ruimtelijkeplannen.nl. Tevens hebben Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant en het betrokken waterschapsbestuur via

1.

Omwonende, d.d. 18-1-2024;

2.

Omwonende, d.d. 24-1-2024;

3.

Omwonende, d.d. 25-1-2024.

In deze nota van zienswijzen worden in hoofdstuk 2 de ingekomen zienswijzen van een gemeentelijke beantwoording voorzien. Wij vatten

elektronische weg een exemplaar van de kennisgeving toegezonden

daarbij de betreffende reactie samen en zullen als zodanig de reactie van

gekregen.

commentaar voorzien. Dit betekent niet dat die onderdelen van de reactie welke niet expliciet worden genoemd, niet bij onze beoordeling worden

Een ieder kon een schriftelijke of mondelinge zienswijze omtrent het

betrokken. De reactie wordt in zijn geheel beoordeeld.

ontwerpbestemmingsplan naar voren brengen. Hoofdstuk 3 geeft de conclusie voortkomend uit de beantwoording van de zienswijzen. Daarnaast zijn in hoofdstuk 3 de ambtshalve wijzigingen weergegeven. In bijlage 1, 2 en 3 zijn de ingekomen zienswijzen weergegeven.

2

2

Gemeentelijke beantwoording van de zienswijzen

De ingediende zienswijzen worden hierna samengevat weergegeven. Dit betekent niet dat die onderdelen van de reacties die niet expliciet worden genoemd, niet bij de beoordeling worden betrokken. De reacties zijn in zijn geheel beoordeeld. Indiener

Samenvatting reactie

Reactie gemeente

2.1 Omwonende

2.1.1. Er zijn de afgelopen jaren verschillende bomen verdwenen bij

Op luchtfoto’s van de afgelopen 5 jaar is niet zichtbaar dat

(mondeling,

het bosje op de kruising nabij de kruising Hollestraat, Dellerweg en

er bomen verdwenen zijn. Op de luchtfoto uit 2005 is te

gespreksverslag

Loovebaan. Omdat de bomen zijn verdwenen is een frontbreedte van

zien dat het bosje wel sterk is gereduceerd, dat reikte toen

op 18 januari

30 meter ontstaan en behoort een Ruimte voor Ruimte woning nu

tot voorbij de kruising met het doodlopend gedeelte van de

2024)

tot de mogelijkheden

Hollestraat. Er zijn in ieder geval enkele bomen verdwenen

Op een luchtfoto uit 2005 valt te zien dat het bosje nog veel groter

in het kader van de reeds bestaande Ruimte voor Ruimte

was.

woningen die tot stand gekomen zijn in het kader van het

Er staat geen tegenprestatie tegenover het verdwijnen van het bosje

vigerende bestemmingsplan “Ruiter 17 en Hollestraat ong.)

in de vorm van het terugplanten van groen of een bijdrage in het

Bij de bomen die verdwenen zijn (dus langer dan 5 jaar

groenfonds.

geleden) is het de vraag of hier een vergunning voor nodig is en deze gekapt mogen worden. Indien er kapvergunningen nodig waren zijn deze verleend volgens de initiatiefnemer. Dit staat echter los van het onderhavige bestemmingsplan en daarom wordt niet verder op dit punt ingegaan. Dit zegt namelijk niets over de ruimtelijke aanvaardbaarheid van een nieuwe woning op deze plek. Bij de beoordeling van het initiatief was de kavelbreedte reeds voldoende.

2.1.2. Er is geen tegenprestatie geleverd door initiatiefnemer om de

Ruimte- voor- Ruimte ontwikkelingen zijn slechts mogelijk

grond weer aan de gemeente te geven voor het doortrekken van het

in bebouwingsconcentraties. Het kon hierbij aanvankelijk

pad. De gemeente heeft het pad gewoon terug moeten kopen, dit is

gaan om de bebouwingsconcentraties uit de

niet sociaal. Waarom wordt het bosje niet terug verkocht aan de

bestemmingsplannen Buitengebied 2011 en 2013 of de

gemeente.

uitbreidingslocaties uit de structuurvisie 2028. Bij deze

concentraties is niet gekeken in hoeverre er sprake moet zijn van een situering of oriëntatie op een bepaalde weg. Eind 2021 is er nieuw gemeentelijk beleid opgesteld in de vorm van herziening toepassingsregels Ruimte voor Ruimte. De genoemde bebouwingsconcentraties zijn nader bekeken en gemodificeerd en teruggebracht tot zoekgebieden Ruimte voor Ruimte. Op dat moment speelden er echter al enkele concrete initiatieven voor Ruimte voor Ruimte op locaties die niet (geheel) passen binnen de zoekgebieden, waaronder onderhavige locatie. Het gaat dus om een oud initiatief van vóór 2022. In het kader van de vaststelling van dit gemeentelijk beleid is bij de raad al aangegeven dat voor deze locaties nog een uitzondering wordt gemaakt en nog gebruik gemaakt kan worden van Ruimte voor Ruimte op basis van de ‘oude’ bebouwingsconcentraties. 2.1.3. De locatie is niet geschikt voor woningbouw. Andere locaties

Op de naastgelegen percelen zijn ruim 10 jaar geleden al

in de straat zijn veel geschikter voor de bouw van een Ruimte voor

een viertal Ruimte-voor-Ruimte woningen gerealiseerd.

Ruimte woning.

Aan deze zijde van de weg is dus al woonbebouwing aanwezig en daarom is op deze locatie al eerder voorstelbaar geacht om Ruimte voor Ruimte toe te staan. Invulling van deze locatie met woningbouw vormt daarmee een stedenbouwkundige afronding. Om de Ruimte voor Ruimte woning mogelijk te maken is in het verleden één Ruimte-voor-Ruimte bouwtitel gecreëerd door het saneren van alle bedrijfsbebouwing ten behoeve van de veehouderij, het intrekken van de milieuvergunning en het inleveren van de fosfaatrechten op de locatie Ravelweg 4 te Someren. De locatie is reeds gesaneerd en

4/12

de bestemming omgezet. De te realiseren Ruimte-voorRuimte woningen worden aan de hand van een landschappelijk inpassingsplan als geheel landschappelijk ingepast. Met het saneren van de intensieve veehouderij en de landschappelijke inpassing van de ontwikkeling wordt er een aanzienlijke landschappelijke kwaliteitswinst geboekt voor het buitengebied. Verder voldoet het plan ook aan de voorgeschreven kwaliteitsverbetering van het landschap. Aanvullende tegenprestaties zijn niet aan de orde, de grondslag hiervoor ontbreekt. Om het pad door te kunnen trekken is de grond aangekocht door de gemeente. Bij deze aankoop is geen sprake van een tegenprestatie, er is een marktfconform bedrag betaalt voor deze gronden. Er is niet gesproken over het verkopen van het bosje aan de gemeente. Het is onbekend of initiatiefnemer danwel gemeente hiertoe bereid zijn. In het kader van de onderhavige ontwikkeling is dit niet aan de orde. Ruimte- voor- Ruimte ontwikkelingen zijn slechts mogelijk in bebouwingsconcentraties. Het kon hierbij aanvankelijk gaan om de bebouwingsconcentraties uit de bestemmingsplannen Buitengebied 2011 en 2013 of de uitbreidingslocaties uit de structuurvisie 2028. Bij deze concentraties is niet gekeken in hoeverre er sprake moet zijn van een situering of oriëntatie op een bepaalde weg.

Eind 2021 is er nieuw gemeentelijk beleid opgesteld in de vorm van herziening toepassingsregels Ruimte voor Ruimte. De genoemde bebouwingsconcentraties zijn nader bekeken en gemodificeerd en teruggebracht tot zoekgebieden Ruimte voor Ruimte. Op dat moment

5/12

speelden er echter al enkele concrete initiatieven voor Ruimte voor Ruimte op locaties die niet (geheel) passen binnen de zoekgebieden, waaronder onderhavige locatie. Het gaat dus om een oud initiatief van vóór 2022. In het kader van de vaststelling van dit gemeentelijk beleid is bij de raad al aangegeven dat voor deze locaties nog een uitzondering wordt gemaakt en nog gebruik gemaakt kan worden van Ruimte voor Ruimte op basis van de ‘oude’ bebouwingsconcentraties. Andere locaties zijn hier niet aan de orde. Er is nu een verzoek voor deze locatie ingediend en hier wordt nu medewerking aan verleend vanwege bovengenoemde redenen. 2.1.4. Het uitzicht in noordoostelijke richting gaat verloren door de

Dan wordt blijkbaar gedoeld op het uitzicht richting de

realisatie van een Ruimte voor Ruimte woning.

Loovebaan (rondweg Someren-Dorp). Dit doorzicht gaat inderdaad grotendeels verloren door de nieuw beoogde woning. Zoals aangegeven is op basis van het toepassing zijnde oude beleid de locatie wel geschikt bevonden voor woningbouw. De constatering van reclamant is terecht dat deze dan omringd wordt door woningbouw van oudsher en recente datum.

2.1.5. Ten tijde van het vigerende bestemmingsplan is aangegeven

Op de naastgelegen percelen zijn ruim 10 jaar geleden al

dat er geen woning gebouwd zou worden op deze locatie zowel

een viertal Ruimte-voor-Ruimte woningen gerealiseerd.

mondeling door de gemeente, door initiatiefnemer en dit blijkt ook

Aan deze zijde van de weg is dus al woonbebouwing

uit het vigerende bestemmingsplan.

aanwezig en daarom is op deze locatie al eerder voorstelbaar geacht om Ruimte voor Ruimte toe te staan. Invulling van deze locatie met woningbouw vormt daarmee een stedenbouwkundige afronding.

2.1.6. Er is sprake van woningnood. Als het bestemmingsplan toch

Tien jaar na dato blijkt dat een bestemmingsplan

aangepast kan worden, waarom kunnen bij reclamant dan niet 5

gedeeltelijk herzien wordt. Het gaat hier om een locatie

patiowoningen worden gerealiseerd.

aan de rand van een kern met een hoge dynamiek en dan

6/12

is de kans is hoog dat er op een gegeven moment ruimte ontstaat voor nieuwe ontwikkelingen. Zoals reeds aangegeven past de locatie binnen het oude beleid en wordt als aanvaardbaar beschouwd. Indien reclamant een concreet verzoek indient voor woningbouw op de door hem beoogde locatie zal dit beoordeeld worden. Een eerste inschatting is dat het aantal en woningtype waarschijnlijk niet passend is op locatie met name vanwege stedenbouwkundige argumenten. Het gaat immers nog steeds om een locatie die planologisch als buitengebied wordt beschouwd. 2.1.7. Indiener van zienswijze verwacht wateroverlast door de

De nieuw beoogde woning voldoet aan het beleid van de

nieuwe ontwikkeling. Hij woont op het laagste punt en ervaart nu al

gemeente en het waterschap met betrekking tot

overlast. Hij verwacht dat het water dadelijk over de weg komt en

waterretentie. Er moet worden voorzien in voldoende

het laagste punt op zoekt en hij hier nu nog meer wateroverlast door

waterretentie op eigen terrein. Deze ontwikkeling zal niet

gaat ervaren.

leiden tot meer wateroverlast voor reclamant. De overlast die indiener van zienswijze nu ervaart zou opgelost kunnen worden door gebruik te maken via de duiker aan de achterzijde en het overtollige regenwater aan die zijde af te voeren. Een duiker onder de weg door zou het probleem mogelijk verergeren omdat deze nu dienst doet als een soort waterkering van de overige watergangen.

2.2 Omwonende

2.2.1. Door een Ruimte voor Ruimte woning te realiseren gaat dit

Ruimte- voor- Ruimte ontwikkelingen zijn slechts mogelijk

(per email op 24

ten koste van groen terwijl de gemeente zich naar buiten wil

in bebouwingsconcentraties. Het kon hierbij aanvankelijk

januari 2024)

presenteren met groen en recreatie.

gaan om de bebouwingsconcentraties uit de bestemmingsplannen Buitengebied 2011 en 2013 of de uitbreidingslocaties uit de structuurvisie 2028. Bij deze concentraties is niet gekeken in hoeverre er sprake moet zijn van een situering of oriëntatie op een bepaalde weg.

7/12

Eind 2021 is er nieuw gemeentelijk beleid opgesteld in de vorm van herziening toepassingsregels Ruimte voor Ruimte. De genoemde bebouwingsconcentraties zijn nader bekeken en gemodificeerd en teruggebracht tot zoekgebieden Ruimte voor Ruimte. Op dat moment speelden er echter al enkele concrete initiatieven voor Ruimte voor Ruimte op locaties die niet (geheel) passen binnen de zoekgebieden, waaronder onderhavige locatie. Het gaat dus om een oud initiatief van vóór 2022. In het kader van de vaststelling van dit gemeentelijk beleid is bij de raad al aangegeven dat voor deze locaties nog een uitzondering wordt gemaakt en nog gebruik gemaakt kan worden van Ruimte voor Ruimte op basis van de ‘oude’ bebouwingsconcentraties. Op de naastgelegen percelen zijn ruim 10 jaar geleden al een viertal Ruimte-voor-Ruimte woningen gerealiseerd. Aan deze zijde van de weg is dus al woonbebouwing aanwezig en daarom is op deze locatie al eerder voorstelbaar geacht om Ruimte voor Ruimte toe te staan. Invulling van deze locatie met woningbouw vormt daarmee een stedenbouwkundige afronding. 2.2.2. Het bestemmingsplan is toegeschreven naar de

Initiatiefnemer heeft een adviseur in de arm genomen die

initiatiefnemer. Er wordt gesproken over enkele bomen in plaats van

het bestemmingsplan heeft opgesteld. Het kan zo zijn dat

11 bomen. In het verleden stonden er 25 tot 30 bomen die beetje bij

bepaalde accenten en nuanceringen anders zijn

beetje zijn verdwenen. Er is nooit een kapvergunning hiervoor

aangebracht. De gemeente kijkt met name of er geen

afgegeven en de benodigde kavelbreedte is gecreëerd.

onjuistheden in het plan staan en maakt voor zichzelf een afweging of de ontwikkeling als ruimtelijk aanvaardbaar valt te beschouwen en sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Bij de beoordeling van het initiatief was de kavelbreedte reeds voldoende.

8/12

2.2.3. In het vigerende bestemmingsplan wordt het groen behouden

Door het onderhavige plan wordt het bestemmingsplan

en beschermd.

herzien op deze locatie en wordt de groenbestemming omgezet in een woonbestemming. Er is dus geen sprake meer van een groenbestemming die behouden blijft en wordt beschermd

2.2.4. De ontwikkeling leidt tot verstedelijking en verstening en doet

Om de Ruimte voor Ruimte woning mogelijk te maken is in

afbreuk aan de doorkijk vanaf de rondweg naar de Hollestraat. De

het verleden één Ruimte-voor-Ruimte bouwtitel gecreëerd

winst ontstaat alleen voor de initiatiefnemer

door het saneren van alle bedrijfsbebouwing ten behoeve van de veehouderij, het intrekken van de milieuvergunning en het inleveren van de fosfaatrechten op de locatie Ravelweg 4 te Someren. De locatie is reeds gesaneerd en de bestemming omgezet. De te realiseren Ruimte-voorRuimte woningen worden aan de hand van een landschappelijk inpassingsplan als geheel landschappelijk ingepast. Met het saneren van de intensieve veehouderij en de landschappelijke inpassing van de ontwikkeling wordt er een aanzienlijke landschappelijke kwaliteitswinst geboekt voor het buitengebied. Het doorzicht gaat inderdaad grotendeels verloren door de nieuw beoogde woning. Zoals aangegeven is op basis van het toepassing zijnde oude beleid de locatie geschikt bevonden voor woningbouw.

2.2.5. Er is altijd gezegd dat op de desbetreffende locatie nooit

Tien jaar na dato blijkt dat een bestemmingsplan

gebouwd zou worden. Het landelijke groene karakter gaat verloren.

gedeeltelijk herzien wordt. Het gaat hier om een locatie aan de rand van een kern met een hoge dynamiek en dan is de kans is hoog dat er op een gegeven moment ruimte ontstaat voor nieuwe ontwikkelingen. Zoals reeds aangegeven past de locatie binnen het oude beleid en wordt als aanvaardbaar beschouwd. Verder wordt de nieuwe woning van een goede passende landschappelijke

9/12

inpassing voorzien die past binnen ons Beeldkwaliteitsplan Buitengebied. 2.2.6. Indiener van zienswijze wenst dat de gemeente het bosje

Om het pad door te kunnen trekken is de grond

terugkoopt. Dit bleek ook een struikelblok voor het aanleggen van

aangekocht door de gemeente. Bij deze aankoop is geen

het pad.

sprake van een tegenprestatie, er is een marktfconform bedrag betaalt voor deze gronden. Er is niet gesproken over het verkopen van het bosje aan de gemeente. Het is onbekend of initiatiefnemer danwel gemeente hiertoe bereid zijn. In het kader van de onderhavige ontwikkeling is dit niet aan de orde.

2.3 Omwonende

2.3.1. In artikel 3.1 onder h en artikel 3.4.3. staat een verwijzing

In de vigerende bestemmingsplannen die wij als standaard

(per brief op 25

‘specifieke vorm van groen-landschappelijke inpassing’. Deze

hanteren gebruiken wij veelvuldig de functieaanduiding

januari 2024)

functieaanduiding kan alleen onder een groenbestemming worden

‘specifieke vorm van groen-landschappelijke inpassing’

ondergebracht die in het onderhavige bestemmingsplan ontbreekt.

binnen de woonbestemming om hiermee de

In artikel 3.2.1 onder c wordt verwezen naar artikel 7.2, dit is een

landschappelijke vast te leggen en te borgen. Er is geen

onjuiste verwijzing en moet artikel 8.2 zijn.

noodzaak vanuit de SVBP om hier met een

In artikel 3.2.2. onder f wordt ten onrechte gesproken over het

groenbestemming danwel een functieaanduiding ‘specifieke

aanhouden van een afstand van 8 meter tot de bestemmingsgrens.

vorm van wonen-landschappelijke inpassing’ te werken

Hier wordt echter perceelsgrens bedoeld. Om onduidelijkheid te

omdat we van mening zijn dat dit een verbijzondering van

voorkomen omdat het naastgelegen perceel over dezelfde

een groenbestemming betreft die op een woonbestemming

bestemming beschikt en het mogelijk een zelfde bestemmingsvlak

ligt.

vormt dient dit aangepast te worden.

Er is inderdaad abusievelijk een verkeerde verwijzing opgenomen, deze wordt in de regels aangepast in de vorm van een gewijzigde vaststelling. Artikel 7.2 wordt vervangen door artikel 8.2. Om eventuele misverstanden te voorkomen geven wij de voorkeur om veilig te stellen dat de twee hoofdgebouwen (de bestaande en nieuwe Ruimte voor Ruimte woning) minimaal op 2 maal 8= 16 meter van elkaar af worden gerealiseerd. Dit is namelijk hetgeen beoogd is met de

10/12

afstand van 8 meter tot de zijdelingse perceelsgrens. Ook als hier nog eventuele grondtransacties plaatsvinden is geborgd hetgeen beoogd, namelijk minimaal 8 meter tussen hoofdgebouw en de kadastrale grens met het buurperceel. 2.3.2. Door de gemeente is herhaaldelijk aangegeven dat geen

Tien jaar na dato wordt een bestemmingsplan gedeeltelijk

bebouwing is toegestaan op de groenbestemming waar nu een

herzien wordt. Het gaat hier om een locatie aan de rand

woning wordt gerealiseerd. Reclamanten zijn hier onaangenaam door

van een kern met een hoge dynamiek en dan is de kans is

verrast.

hoog dat er op een gegeven moment ruimte ontstaat voor nieuwe ontwikkelingen. De locatie past binnen het oude beleid voor Ruimte voor Ruimte woningen wordt als aanvaardbaar beschouwd. Voor meer onderbouwing verwijs ik naar de beantwoording onder 2.1.3.

2.3.3. Reclamanten verzoeken om in het bestemmingsplan een

Het bestemmingsplan maakt deze voorzieningen nu niet

verbod op te nemen voor het aanbrengen van balkons,

zonder meer mogelijk. Voor het oprichten van genoemde

dakterrassen, dakkapellen en/of raampartijen die uitzicht geven op

voorzieningen moet een nadere ruimtelijke procedure

het perceel van reclamant.

(omgevingsplanactiviteit) worden doorlopen. Indien hier door de nieuwe eigenaar van de woning een verzoek voor wordt ingediend kunt u de hiervoor openstaande rechtsmiddelen benutten. Ook kan afgeweken worden van eventuele verbodsbepalingen met een buitenplanse omgevingsplanactiviteit of wijziging omgevingsplan. Daarmee heeft het opnemen nu geen meerwaarde aangezien dit onvoldoende garantie biedt dat deze voorzieningen niet worden aangebracht.

2.3.4. De functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen-

In de vigerende bestemmingsplannen die wij als standaard

landschappelijke inpassing’ komt niet terug in artikel 3.1. en heeft

hanteren gebruiken wij veelvuldig de functieaanduiding

geen juridische waarde. Verzocht wordt om een groenbestemming

‘specifieke vorm van groen-landschappelijke inpassing’

op te nemen met de functie ‘specifieke vorm van groen-

binnen de woonbestemming om hiermee de

landschappelijke inpassing’. Daarnaast kan eventueel een haag van

landschappelijke vast te leggen en te borgen. Er is geen

11/12

winterhard opgaand groen opgenomen worden om een groene buffer

noodzaak vanuit de SVBP om hier met een

te creëren voor de privacy.

groenbestemming te werken omdat we van mening zijn dat dit een verbijzondering van een groenbestemming betreft die op een woonbestemming ligt. Volgens het landschappelijk inpassingsplan is een groene beukénhaag (Fagys Sylvatica) voorzien op bedoelde locatie. Deze is bladhoudend. Andere groenblijvende erfafscheidingen zijn vaak uitheems en passen niet binnen ons Beeldkwaliteitsplan Buitengebied.

2.3.5. Reclamanten vinden dat er onvoldoende rekening is gehouden

Op enkele punten wordt het bestemmingsplan gewijzigd

met hun belangen. Ze verzoeken om enkele aanpassingen door te

vastgesteld. De belangen van reclamant worden daarmee

voeren in het ontwerpbestemmingsplan zodat hun belangen beter

ook beter beschermd. Andere verzoeken worden niet

beschermd worden.

gehonoreerd vanwege genoemde argumenten.

Conclusie Gelet op de beantwoording in hoofdstuk 2 concluderen wij het volgende: 1.

De zienswijzen van reclamant 1 en 2 leiden niet tot aanpassingen in het bestemmingsplan, de zienswijze van reclamant 3 wel: a.

In de regels wordt in artikel 3.2.1 onder c de verwijzing naar artikel 7.2. vervangen door artikel 8.2;

b.

In de regels wordt in artikel 3.2.2 onder f de term ‘bestemmingsgrens is ten minste 8 meter ’vervangen door ‘de hoofdgebouwen op het naastgelegen perceel is ten minste 16 meter.

Ambtshalve wijzigingen Er zijn geen ambtshalve aanpassingen.

12/12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13999537/1