CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

NL.IMRO.0847.5 BP020220041-OW01 Bijlagen bij toelichting Bijlage 4 Vooronderzoek bodem Broekstraat ong

Gemeenteraad 28 september 2023, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Uitbreiding Lage Akkerweg13.074 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

RAPPORTAGE milieuhygiënisch vooronderzoek bodem Broekstraat (ong.) Someren

Rapport milieuhygiënisch vooronderzoek bodem Broekstraat (ong.), Someren Opdrachtgever

NUVA Keukens Lage Akkerweg 2a 5711 DC Someren

Rapportnummer

19885.004

Versienummer

D1

Status

Definitief

Datum

4 mei 2023

Opsteller1

De heer W.J.J. de Louw, MSc

Kwaliteitscontrole

De heer C.M. Coolen

1

AVG In onze rapportages wordt niet gewerkt met handtekeningen en/of parafen. Conform protocol en eisen uit het kwaliteitssysteem wordt het rapport aantoonbaar vrijgegeven. In het kader van de AVG dient, voorafgaand aan publicatie of bij uitlevering aan derden, bijlagen met kadastrale uittreksels en namen van opdrachtgevers verwijderd dan wel zwart gelakt te worden.

KWALITEITSZORG Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadvies- en -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen.

CERTIFICERING Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhand-boek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Daarnaast staat veilig werken bij Econsultancy voorop en zijn we gecertificeerd voor VCA*. BETROUWBAARHEID Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. GELDIGHEID ONDERZOEK Het bodemonderzoek betreft een momentopname. Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt. Onze rapportage is opgesteld conform de ‘Handreiking omgaan met AVG in bodemonderzoeken’ opgesteld door de VKB (29 juni 2022). Hiermee voldoet de rapportage aan de eisen die de wet, NEN en BRL protocollen ons stellen en wordt tevens voldaan aan de AVG. Hierbij wordt opgemerkt dat wetgeving, waaronder KWALIBO regelgeving uit het de regeling bodemkwaliteit, prevaleert boven de AVG.

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING .................................................................................................................................................. 1

2

AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK .......................................................................... 1

3

GERAADPLEEGDE BRONNEN ..................................................................................................................... 2

4

HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE ......................................................................... 2

5

TOEKOMSTIGE SITUATIE ............................................................................................................................ 3

6

CALAMITEITEN ........................................................................................................................................... 3

7

UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE ................................................. 3

8

AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN ............................................................................................. 4

9

INFORMATIE LOKALE/REGIONALE ACHTERGRONDGEHALTEN ................................................................. 6

10

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE .................................................................................................... 7

11

TERREININSPECTIE ..................................................................................................................................... 7

12

SAMENVATTING EN CONCLUSIES .............................................................................................................. 8

BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3.

- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Voorgaande (bodem)onderzoeken

1

INLEIDING

NUVA Keukens heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem op de locatie Broekstraat (ong.) te Someren. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen graafwerkzaamheden op de onderzoekslocatie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem heeft tot doel te bepalen of er aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een bodemonderzoek conform de NEN 5740 en/of NEN 5707, door middel van een archiefonderzoek, een interview met de eigenaar/gebruiker en een terreininspectie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek".

2

AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK

Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 3,7 ha) is gelegen aan de Broekstraat (ong.) te Someren (zie bijlage 1). De onderzoekslocatie is kadastraal bekend gemeente Someren, sectie H, nummers 116, 584, 1969, 2203, 4222, en 4223. Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 24,5 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 179.265, Y = 377.645.

19885.004 versie D1

1/8

3

GERAADPLEEGDE BRONNEN

In tabel 3.1 zijn de in het kader van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem geraadpleegde bronnen weergegeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen. Tabel 3.1

Geraadpleegde bronnen

Onderdeel

Bron

Historisch, huidig en toekomstig gebruik

Opdrachtgever NUVA keukens, d.d. 24 maart 2023

Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, Gemeente Someren, d.d. 11 april 2023 calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's - Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen

www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl webservices.gbo-provincies.nl/lufo/services/wms maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion

Terreininspectie

Uitgevoerd door medewerker Econsultancy, d.d. 4 april 2023

4

HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE

Uit historisch kaartmateriaal uit de periode 1900 - 1953 blijkt, dat de onderzoekslocatie in die periode in gebruik was als weiland, opgedeeld in meerdere percelen met bomenrijen als afscheiding. Tussen 1953 en heden had de onderzoekslocatie een agrarische bestemming met een afwisselend gebruik als akker en weiland. Momenteel is bijna de gehele locatie in gebruik als akker of weide. Het meest westelijke deel van de locatie bestaat uit een met klinkers verharde weg (Broekstraat). Verder zijn er een aantal sloten op de locatie aanwezig. Voor zover bij de opdrachtgever en de gemeente Someren bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten.

19885.004 versie D1

2/8

Uit de geraadpleegde bronnen blijkt geen aanwezigheid van ophogingen, dempingen of stortingen. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie.

5

TOEKOMSTIGE SITUATIE

De initiatiefnemer is voornemens een waterberging op de locatie te realiseren.

6

CALAMITEITEN

Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Ook uit informatie van de gemeente Someren blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan.

7

UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE

Op het noordelijke deel van de onderzoekslocatie (kadastraal bekend als H 2264) is in januari 2009 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd door HMB BV (kenmerk: 09200601A, d.d. 27 januari 2009, zie bijlage 3). In de zintuiglijk schone bovengrond werd een lichte verontreiniging met cadmium geconstateerd. De ondergrond bleek zowel zintuiglijk als analytisch niet verontreinigd. Het grondwater bleek licht verontreinigd met barium. Op het centrale deel van de onderzoekslocatie (kadastraal bekend als H 584, 1969 en 2203) is door Econsultancy een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (rapportnummer: 14073587, d.d. 3 oktober 2014, zie bijlage 3). De zintuiglijk schone bovengrond bleek destijds analytisch licht verontreinigd met cadmium, koper en zink. De zintuiglijk schone ondergrond bleek analytisch niet verontreinigd. Het grondwater was licht verontreinigd met barium, koper en nikkel. Het grondwater uit een peilbuis bleek sterk verontreinigd met cadmium en zink. Na herbemonstering bleek het grondwater matig verontreinigd met zink en licht verontreinigd met cadmium. Gezien de fluctuaties in de metaalverontreiniging werd deze gerelateerd aan regionaal verhoogde achtergrondconcentraties van metalen in het grondwater. Op aangrenzende percelen werden in het verleden vergelijkbare verontreinigingen geconstateerd.

19885.004 versie D1

3/8

8

AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN

In hoofdstuk 3 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Het bodemgebruik van de omliggende terreindelen is als volgt: • aan de noordzijde bevindt zich een verharde weg (Lage Akkerweg); • aan de oostzijde bevindt zich een verharde weg (Kanaaldijk Noord met ventweg); • aan de zuidzijde bevindt zich een waterberging; • aan de westzijde bevindt zich een industrieterrein met een drietal bedrijfspanden en een woonboerderij. Op het perceel, een voormalige stortplaats, dat in zuidelijke richting aan de onderzoekslocatie grenst is tussen 1998 en 2004 een nader verkennend onderzoek stortplaatsen (navos) uitgevoerd. Eindrapportage door de provincie Noord-Brabant (Eindrapportage NAVOS, locatiecode: NB084700012, d.d. 19 juli 2007). De deklaag van de stort was plaatselijk licht verontreinigd met zink. In het ondiepe grondwater zijn destijds zowel bovenals benedenstrooms sterke verontreinigingen met cadmium, nikkel en zink en lichte verontreinigingen met chroom en koper geconstateerd. Aangezien dezelfde verontreinigingen boven en benedenstrooms in dezelfde mate voorkomen, werd geen relatie tussen de aangetoonde verontreinigingen en de stort geconcludeerd. Wel werd een voortzetting van de grondwatermonitoring geadviseerd (zie figuur 8.1 voor overzichtstekening).

Figuur 8.1 Overall kwaliteit grondwater (m.b.t. cadmium, nikkel, zink)

Op het zuidwestelijke perceel is door HMB in juli 2005 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (Projectnummer: 05-0471-26, d.d. 5 juli 2005). De zintuiglijk schone bovengrond bleek licht verontreinigd met koper, de zintuiglijk schone ondergrond bleek plaatselijk licht verontreinigd met PAK. Het grondwater bleek licht verontreinigd met arseen, cadmium en zink. In juli 2006 heeft Grontmij een indicatief milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd (documentnummer: 205312.EHV.220.R001_milieu, d.d. 21 juli 2006) op twee kruisingen. De meest zuidelijke kruising grenst aan de noordzijde van de huidige onderzoekslocatie. In de bodem van deze locatie werden puinresten aangetroffen.

19885.004 versie D1

4/8

Analytisch bleek de bodem niet verontreinigd. In de waterbodem van de sloot op de locatie werden lichte verontreinigingen met zink, minerale olie en PAK geconstateerd. Het grondwater bleek licht verontreinigd met chroom en chlorides. In januari 2008 heeft Geofox-Lexmond BV een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd waarvan een van de deellocaties (A II, kadastraal bekend H-4739 en 5055) aan de zuidwest zijde grenst aan de huidige onderzoeklocatie (projectnummer: 20063048/MPAE, d.d. 30 januari 2008). Binnen deze deellocatie ligt een tiental boringen (nummers 13 t/m 15 en 34 t/m 40 en twee peilbuizen (6 en 8) op het naast de huidige onderzoekslocatie gelegen perceel. De bodem bleek zowel zintuiglijk als analytisch niet verontreinigd. In het grondwater van peilbuis 6 werd een lichte verontreiniging met cadmium geconstateerd, in het grondwater van peilbuis 8 (nabij voormalige stort) werd een lichte verontreiniging met chroom en nikkel, een matige verontreiniging met cadmium en een sterke verontreiniging met zink geconstateerd. Deze laatste verontreinigingen komen overeen met de resultaten van het hierboven genoemde NAVOS onderzoek. Daarnaast werden deze verontreinigingen gerelateerd aan regionaal verhoogde achtergrondwaarden. Een herbemonstering en analyse op zink werd geadviseerd om afhankelijk van de resultaten te besluiten over een nader onderzoek.

In november 2008 is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd door HMB BV op de locatie kruispunt N266 en Lage Akkerweg, waarvan de deellocatie C aan de noordzijde ligt van de huidige onderzoekslocatie (HMB BV, kenmerk: 08234901A, d.d. 2 november 2009). De bovengrond van deellocatie C bleek licht verontreinigd met cadmium. Het grondwater is niet onderzocht. In juli 2013 heeft Aeres Milieu BV een milieuhygiënisch vooronderzoek met proefboringen uitgevoerd (projectnummer: AM13104, d.d. 11 juli 2013) op de percelen H-4039 en 5055. Een proefboring bevindt zich binnen 25 meter van de huidige onderzoekslocatie. De bodem ter plaatse bleek zintuiglijk schoon. Destijds is geconcludeerd dat de locatie onverdacht voor bodemverontreiniging kon worden beschouwd. Anteagroup heeft in mei 2017 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (projectnummer: 413969.25, d.d. 5 mei 2017), waarvan een van de deellocaties aan de zuidzijde grenst aan de huidige onderzoekslocatie. Ter hoogte van de voormalige stort bleek de bodem van twee boringen sterk verontreinigd met lood. Het tracé van de geplande graafwerkzaamheden is toen verplaatst naar de overzijde (noordzijde) van de straat Wagenmaker. Een aanvullend bodemonderzoek ter plaatse constateerde slechts een lichte verontreiniging met lood.

In de overige boringen werd in de bovengrond lichte verontreinigingen met cadmium, koper, zink, PAK en minerale olie geconstateerd. In de ondergrond werd een lichte verontreiniging met zink geconstateerd. Een verdachte laag met puingranulaat is onderzocht op asbest, wat zowel zintuiglijk als analytisch niet werd aangetoond. Het grondwater op deze deellocatie bleek licht verontreinigd met barium, wat gerelateerd werd aan regionaal verhoogde gehalten aan zware metalen in het grondwater. Op het noordwestelijke perceel, Broekstraat 12, is door Archimil BV een verkennend bodemonderzoek en een nader asbest in bodemonderzoek uitgevoerd (rapportnummer: 1426R002-5, d.d. 29 april 2019). De bovengrond bleek licht verontreinigd met cadmium en lood. De ondergrond bleek niet verontreinigd. Het grondwater bleek licht verontreinigd met barium, cadmium, zink en xylenen. Bij het nader onderzoek asbest werd zintuiglijk in sleuven SL 11 en SL 13 asbestplaatmateriaal aangetroffen. In het mengmonster van deze sleuven is een gehalte van 98 mg/kg d.s. geconstateerd. Het hoogst berekende asbestgehalte binnen deze ruimtelijke

19885.004 versie D1

5/8

eenheid (RE3) is vastgesteld op 99,2 mg/kg d.s. in sleuf SL11. Aangezien deze waarde zeer dicht tegen de interventie waarde van 100 mg/kg d.s. aanligt werd dit gedeelte van het terrein als kritisch aangeduid. Het terrein is daarop gesaneerd. Het evaluatierapport van deze sanering (Archimil BV, rapportnummer: 1426R003, d.d. 24 juli 2019) constateert dat in de controlemonsters geen asbest werd aangetroffen. De saneringsdoelstelling was daarmee behaald. In december 2019 heeft BKK Bodemadvies een verkennend bodemonderzoek inclusief asbest in bodem uitgevoerd op terreinen westelijk van de onderzoekslocatie (rapportnummer: 19776.BKK, d.d. 5 december 2019). De zuidelijke deellocatie (kadastraal bekend H 5055 en 5056) grenst aan de huidige onderzoekslocatie, de noordelijke deellocatie bevindt zich buiten de 25 meter zone van de huidige onderzoekslocatie. Op de zuidelijke deellocatie is nabij de huidige locatie een lichte verontreiniging met kobalt, koper, lood, zink en een matige verontreiniging met nikkel geconstateerd. Na uitsplitsing van het betreffende mengmonster zijn in de separate grondmonsters geen verhoogde gehaltes aan nikkel meer geconstateerd. Het grondwater op deellocatie is licht verontreinigd met barium en cadmium. Deze verontreinigingen kunnen gerelateerd worden aan regionaal verhoogde concentraties aan zware metalen in het grondwater.

In december 2019 heeft BKK Bodemadvies een partijkeuring Teelaarde (bovengrond 0,00–0,90 m-mv) en ondergrond (0,9–1,6 m -mv) uitgevoerd op een terrein op de hoek van de Wagenmaker en de Broekstraat, kadastraal bekend als H 5055 (rapportnummers: 19780-1.BKK en 19780-2.BKK, d.d. 12 december 2019). Beide keuringen constateerden dat de betreffende grond volgens de Regeling bodemkwaliteit voldeed aan de klasse “Achtergrondwaarden”. De grond was toepasbaar in de bodemfunctieklasse “Landbouw/natuur”, “Wonen” en ”Industrie”. De huidige eigenaar van de onderzoekslocatie is niets bekend omtrent potentieel bodembedreigende activiteiten op aangrenzende percelen. Er vinden weliswaar industriële activiteiten in de directe omgeving van de onderzoekslocatie plaats (metaalbewerking), maar die zijn van dien aard dat er geen grensoverschrijdende verontreinigingen van te verwachten zijn.

9

INFORMATIE LOKALE/REGIONALE ACHTERGRONDGEHALTEN

De onderzoekslocatie ligt volgens het document “Nota bodembeheer Someren” (Omgevingsdienst Zuidoost Brabant, kenmerk: 193250/D.866938, d.d. 12 juli 2022) in de Bodemfunctieklasse “Landbouw/natuur”. Volgens de ontgravingskaart en toepassingskaart ligt zij met betrekking tot de bovengrond in de Bodemkwaliteitsklasse “Landbouw/natuur”. In dit gebied kunnen verhoogde gehalten aan cadmium, koper, lood en zink voorkomen. Met betrekking tot de ondergrond ligt de onderzoekslocatie volgens de ontgravings- en toepassingskaart in de Bodemkwaliteitsklasse “Landbouw/natuur”, in dit gebied kan een verhoogd gehalte aan zink voorkomen. Regionaal kunnen verhoogde concentraties van zware metalen in het grondwater voorkomen.

19885.004 versie D1

6/8

10 BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE De originele bodem bestaat volgens de bodemkaart van Nederland uit een lage enkeerdgrond, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit lemig fijn zand. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Boxtel. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 24,0 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 0,5 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in noordwestelijke richting. Er liggen geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.

11 TERREININSPECTIE Op 4 april 2023 is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in hoofdstuk 4. Op de onderzoekslocatie zijn geen mogelijke bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging aangetroffen. Ten opzichte van het voorgaande bodemonderzoek op de locatie is de locatie in tussentijd nagenoeg niet gewijzigd. Tijdens het voorgaande onderzoek was de weg, westelijk op de locatie, verhard met klinkers, hedendaags is deze verhard met asfalt. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen.

19885.004 versie D1

7/8

12 SAMENVATTING EN CONCLUSIES NUVA Keukens heeft Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem op de locatie Broekstraat (ong.) te Someren. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen graafwerkzaamheden op de onderzoekslocatie. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de onderzoekslocatie te verwachten. Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem en de terreininspectie kan gesteld worden dat er milieuhygiënisch géén belemmeringen bestaan voor de voorgenomen graafwerkzaamheden op de onderzoekslocatie. De onderzoeksresultaten geven géén aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag. Wanneer (op termijn) grond van de onderzoekslocatie wordt afgevoerd, is het raadzaam om de parameter PFAS te onderzoeken. De resultaten worden in dat geval getoetst aan de toepassingswaarden voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem zoals opgenomen in het “Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (versie december 2021)”.

Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie” of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.

Econsultancy 4 mei 2023

19885.004 versie D1

8/8

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 1.

Foto 2.

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 3.

Foto 4.

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 5.

Bijlage 3

Voorgaande (bodem)onderzoeken

VERKENNEND BODEMONDERZOEK BROEKSTRAAT (ONG.) TE SOMEREN GEMEENTE SOMEREN

Verkennend bodemonderzoek Broekstraat (ong.) te Someren in de gemeente Someren

Opdrachtgever

Gemeente Someren Postbus 290 5710 AG Someren

Project Rapportnummer Versienummer

SOM.GEM.NEN 14073587 D2

Status

Eindrapportage

Datum

3 oktober 2014

Vestiging

Boxmeer

Opsteller

Ing. R. van den Berg

Paraaf

Kwaliteitscontrole

Dhr. E. Zwerver

Paraaf

Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteitssysteem, zoals beschreven in het kwaliteitshandboek. Ons kwaliteitssysteem is gecertificeerd volgens de kwaliteitsborgingsnormen van de NEN-EN-ISO 9001:2008. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname.

Econsultancy accepteert derhalve op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING .................................................................................................................................. 1

2

VOORONDERZOEK................................................................................................................... 1 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9 2.10 2.11

Geraadpleegde bronnen ................................................................................................... 1 Afbakening onderzoekslocatie vooronderzoek ................................................................. 2 Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie ............................................................... 2 Calamiteiten ...................................................................................................................... 2 Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie ........................................ 2 Belendende percelen/terreindelen.................................................................................... 3 Terreininspectie ................................................................................................................ 3 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 3 Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten ......................................................... 3 Bodemopbouw .................................................................................................................. 4 Geohydrologie .................................................................................................................. 4

3

CONCLUSIES VOORONDERZOEK (ONDERZOEKSOPZET) ................................................. 4

4

VELDWERK ................................................................................................................................ 4 4.1 4.2

4.3

5

LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................................ 6 5.1 5.2 5.3

6

Algemeen.......................................................................................................................... 4 Grondonderzoek ............................................................................................................... 5 4.2.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 5 4.2.2 Zintuiglijke waarnemingen .................................................................................. 5 Grondwateronderzoek ...................................................................................................... 5 4.3.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 5 4.3.2 Bemonstering ..................................................................................................... 5

Uitvoering analyses .......................................................................................................... 6 Toetsingskader ................................................................................................................. 7 Resultaten grond- en grondwatermonsters ...................................................................... 8

SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES .......................................................................... 9

BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3. 4a. 4b. 5. 6.

- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Boorprofielen - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten - Toetsingskader Circulaire bodemsanering - Geraadpleegde bronnen 14073587 SOM.GEM.NEN

1

INLEIDING

Econsultancy heeft van de gemeente Someren opdracht gekregen voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek aan de Broekstraat (ong.) te Someren in de gemeente Someren. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen aankoop van de onderzoekslocatie door de gemeente. Het verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie een grond- en/of grondwaterverontreiniging aanwezig is, teneinde te bepalen of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de aankoop van de onderzoekslocatie. Het vooronderzoek is verricht conform de NEN 5725:2009 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740:2009 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". Het veldwerk en de bemonstering zijn verricht onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek", protocollen 2001 en 2002. De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader van VROM (Circulaire bodemsanering 2013) en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1), VROM, 2007.

Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001 en 2002 van de BRL SIKB 2000. In dat kader verklaart Econsultancy geen eigenaar van de onderzoekslocatie te zijn of te worden.

2 2.1

VOORONDERZOEK Geraadpleegde bronnen

De informatie over de onderzoekslocatie is gebaseerd op de bij de gemeente Someren aanwezige informatie (contactpersoon de heer P. Steenbergen) en informatie verkregen uit de op 8 juli 2014 uitgevoerde terreininspectie. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over:     

het historische, huidige en toekomstige gebruik; eventuele calamiteiten; eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken; de bodemopbouw en geohydrologie; verhardingen, kabels en leidingen.

Bijlage 6 geeft een overzicht van de geraadpleegde bronnen.

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 1 van 9

2.2

Afbakening onderzoekslocatie vooronderzoek

Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en de direct hieraan grenzende percelen en/of terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 1,7 ha) ligt aan de Broekstraat (ong.), circa 1,5 kilometer ten oosten van de kern van Someren in de gemeente Someren (zie bijlage 1). De onderzoekslocatie is kadastraal bekend gemeente Someren, sectie H, nummers 584, 1969 en 2203. Volgens het Actueel Hoogtebestand van Nederland (ahn), bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 24,5 m +NAP. De coördinaten van de onderzoekslocatie zijn: X = 179.260, Y = 377.560. 2.3

Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie

Volgens historisch kaartmateriaal uit de periode 1953 was de locatie, alsmede de omgeving ervan, destijds in agrarisch gebruik (weide) en werd extensief bewoond. Tot heden is dit gebruik van de onderzoekslocatie niet wezenlijk veranderd. De onderzoekslocatie is momenteel in gebruik als akkerland en is bebouwd met maïs. Voor zover bekend heeft de onderzoekslocatie altijd een agrarische bestemming gehad. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie. Voor zover bij de gemeente Someren bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. Ook zijn er geen gegevens bekend omtrent overige potentieel bodembedreigende activiteiten op de onderzoekslocatie. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Verder blijkt uit de geraadpleegde bronnen geen aanwezigheid van ophogingen, dempingen of stortingen. De onderzoekslocatie is geheel onbebouwd en onverhard. Voor zover bekend is de onderzoekslocatie nimmer bebouwd geweest. 2.4

Calamiteiten

Voor zover bij de gemeente Someren bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan en zijn er geen ondergrondse brandstoftanks of zinkassenwegen/-erven aanwezig (geweest). 2.5

Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie

Bij de gemeente Someren zijn geen gegevens bekend van bodemonderzoeken die eerder op de locatie zijn uitgevoerd.

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 2 van 9

2.6

Belendende percelen/terreindelen

In bijlage 6 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en belendende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. De omgeving van de onderzoekslocatie bestaat uit akkerland met aan de oostzijde de Kanaaldijk-noord en de Zuidwillemsvaart. Op het perceel H464 (ten noordoosten van perceel H1969) is in 2001 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (Kanters, rapportnummer 1328r023, 5 juni 2001). Bij dit bodemonderzoek zijn in de boven- en ondergrond geen verontreinigingen aangetoond met de onderzochte stoffen. Het grondwater was licht verontreinigd met cadmium, chroom en zink. Op het perceel H1936 (ten westen van de percelen H584 en 2203 en ten zuidwesten van perceel H1969) is in 2005 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (HMB groep, rapportnummer 05-0471-26, 5 juli 2005). Bij dit bodemonderzoek is in de bovengrond een lichte verontreiniging aangetoond met koper. In de ondergrond is een lichte verontreiniging aangetoond met PAK. Het grondwater was licht verontreinigd met arseen, cadmium en zink. Op de percelen H464 en H1936 is in 2008 nog een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (Geofox, rapportnummer 20063048_b1RAP.doc, 30 januari 2008). Bij dit bodemonderzoek zijn in de boven- en ondergrond geen verontreinigingen aangetoond met onderzochte stoffen.

Het grondwater was plaatslijk sterk verontreinigd met zink, matig verontreinigd met cadmium en licht verontreinigd met arseen, chroom, koper en nikkel. Voor zover bekend vinden of vonden in de directe omgeving van de locatie geen potentieel bodem-verontreinigende (bedrijfs)activiteiten plaats en zijn er geen ondergrondse brandstoftanks of zink-assenwegen/-erven aanwezig (geweest), die invloed hebben gehad op de bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie. 2.7

Terreininspectie

Voorafgaand aan het bodemonderzoek is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in paragraaf 2.3. Op de onderzoekslocatie zijn geen mogelijke bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging aangetroffen. De door de gemeente aanwezig geachte vloerplaat op een gedeelte van het perceel H3816 (niet bewerkte perceel), is niet aangetroffen. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. 2.8

Toekomstige situatie

De initiatiefnemer is voornemens de locatie aan te kopen. 2.9

Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten

De locatie ligt binnen de zone "Buitengebied" van de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Someren. Op grond van de bodemkwaliteitskaart kan voor onverdachte terreinen de "overall" kwaliteit van de boven- en ondergrond in de zone "Buitengebied" worden aangemerkt als "AW-2000". Als gevolg van de zinkassenproblematiek worden in de gemeente Someren (en in de regio) in het grondwater veelvuldig licht tot sterk verhoogde gehalten aan zware metalen aangetroffen.

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 3 van 9

2.10 Bodemopbouw Conform de bodemkaart van Nederland bestaat de bovengrond uit een hoge zwarte enkeerdgrond (zEZ23) die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd lemig fijn zand. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Boxtel. 2.11 Geohydrologie Het eerste watervoerend pakket heeft een dikte van ± 75 m en wordt gevormd door de fijn tot grof zandige en grindrijke Formaties van respectievelijk; Boxtel (dikte ± 17m), Beegden (dikte ± 8m) en Sterksel (dikte ± 50m). In de formatie van Boxtel kunnen op grotere diepte kleine leemlagen voor komen. Het eerste watervoerend pakket wordt aan de onderzijde begrensd door afzettingen van de Formatie van Stramproy. Het bovenste deel van deze eenheid bestaat uit klei. TNO-NITG voert het databeheer van in de omgeving aanwezige grondwaterpeilputten waarin de grondwaterstandstand in het eerste watervoerende pakket wordt gemonitoord. Rondom de onderzoekslocatie zijn op verschillende afstanden meerdere grondwaterpeilputten gelegen. Op basis van de archiefmetingen is de Gemiddelde Grondwaterstand (GG) vastgesteld op ± 24 m +NAP waardoor het grondwater zich op ± 0,5 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt in noordoostelijke richting. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied. 3

CONCLUSIES VOORONDERZOEK (ONDERZOEKSOPZET)

Uit het vooronderzoek blijkt dat er geen sprake is van bodembelasting, anders dan een regionale of landelijke diffuse achtergrondbelasting in de grond en het grondwater. Op de locatie worden geen verontreinigende stoffen verwacht in gehalten boven de landelijk of regionaal geldende achtergrondwaarde voor grond en/of de streefwaarde voor grondwater. Dit geldt zowel voor natuurlijke achtergrondgehalten als voor "antropogene" achtergrondgehalten, waarvan de oorzaak niet eenduidig is aan te wijzen. Verspreid over de hele locatie is altijd sprake geweest van een gelijksoortig en extensief gebruik (eenduidig geringe antropogene beïnvloeding) en weinig tot geen bebouwing. Het oppervlak is groter dan 1,0 ha. Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "grootschalig onverdacht" (ONV-GR). Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is.

4

VELDWERK

4.1

Algemeen

Tijdens het opstellen van het boorplan is rekening gehouden met de doelstellingen en de richtlijnen, die geformuleerd zijn in de inleiding. Daarnaast is rekening gehouden met de gegevens voortvloeiend uit het vooronderzoek en de ligging van kabels en leidingen. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten en de peilbuis. In bijlage 3 zijn de boorprofielen opgenomen.

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 4 van 9

4.2 4.2.1

Grondonderzoek Uitvoering veldwerk

Het veldwerk is op 17 juli 2014 uitgevoerd onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer M.J.M. Schalk. Deze medewerker van Econsultancy in Boxmeer is geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 van de SIKB BRL 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek". In het totaal zijn er met behulp van een edelmanboor 25 boringen geplaatst; 18 boringen tot 0,5 m -mv, 4 boringen tot 2,0 m -mv en 3 boringen tot maximaal 2,5 m -mv. Deze diepe boringen zijn afgewerkt als peilbuis, teneinde de milieuhygiënische kwaliteit van het grondwater te kunnen bepalen. Van het opgeboorde materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt en zijn er grondmonsters genomen over trajecten van ten hoogste 0,5 m, waarbij bodemlagen met verontreinigingskenmerken of een afwijkende textuur separaat bemonsterd zijn. 4.2.2

Zintuiglijke waarnemingen

De bovengrond bestaat voornamelijk uit zwak humeus, matig siltig, zeer fijn zand. De ondergrond bestaat uit matig siltig, zeer fijn tot matig fijn zand. De ondergrond is plaatselijk sterk siltig zwak tot sterk gleyhoudend. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie, alsmede in de bodem, geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Hierbij wordt opgemerkt dat gelet op de doelstelling van het onderzoek de veldwerkzaamheden niet conform de NEN 5707 ("Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond") zijn uitgevoerd. De uitkomst van het onderzoek is met betrekking tot de parameter asbest derhalve indicatief. 4.3

Grondwateronderzoek

4.3.1

Uitvoering veldwerk

Ten opzichte van de stromingsrichting van het grondwater zijn 3 peilbuizen geplaatst. In afwijking van de NEN 5740 is, in verband met de aanwezigheid van maïs, in overleg met de opdrachtgever 1 peilbuis (pb 2) geplaatst aan de rand van de onderzoekslocatie. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 17 juli 2014 is ingeschat. Het onderste gedeelte van de peilbuizen (het peilfilter) is geperforeerd en de ruimte tussen de wand van het boorgat en het peilfilter is opgevuld met filtergrind. Boven het filtergrind is een laag zwelklei aangebracht, zodat er géén verontreinigingen van bovenaf in de peilbuis kunnen migreren. De peilbuizen zijn direct na plaatsing afgepompt en na een wachttijd van minimaal een week is het grondwater bemonsterd. In het kader van een herbemonstering van peilbuis 03 is op 10 september peilbuis 03 herplaatst (03A) onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer J.H.L. Vermorken. Deze medewerker van Econsultancy in Boxmeer is geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 van de SIKB BRL 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek". 4.3.2

Bemonstering

De grondwaterbemonstering is op 24 juli 2014 uitgevoerd door de heer M.J.M. Schalk. Deze medewerker van Econsultancy in Boxmeer is geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek". Naar aanleiding van de resultaten heeft op 18 september 2014 een herbemonstering van peilbuis 03 plaatsgevonden. Deze bemonstering is eveneens uitgevoerd door de heer M.J.M. Schalk.

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 5 van 9

De bemonstering is uitgevoerd conform de eisen uit het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 en de NEN 5744:2011. Tabel I geeft een overzicht van de grondwaterstand en de in het veld bepaalde waarde van de troebelheid. Tabel I.

Overzicht gegevens peilbuis en veldmetingen grondwater

Peilbuisnummer

Situering peilbuis

Filterstelling (m -mv)

Grondwaterstand 24 juli 2014 (m -mv)

Troebelheid (NTU)

01

noordoost hoek onderzoekslocatie

1,25-2,25

0,57

21

02

oostzijde begrenzing onderzoekslocatie

1,15-2,15

0,52

19

03

zuidwest hoek onderzoekslocatie

1,50-2,50

0,95

31

Peilbuisnummer

Situering peilbuis

Filterstelling (m -mv)

Grondwaterstand 18 september 2014 (m -mv)

Troebelheid (NTU)

03A

noordoost hoek onderzoekslocatie

1,50-2,50

1,08

15

5 5.1

LABORATORIUMONDERZOEK Uitvoering analyses

Alle grond- en grondwatermonsters zijn aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie en AS3000-geaccrediteerd is voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. In het laboratorium zijn in totaal 4 grondmengmonsters samengesteld (2 grondmengmonsters van de bovengrond en 2 grondmengmonsters van de ondergrond). De 4 grondmengmonsters en de grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de volgende pakketten: - standaardpakket grond: droge stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en minerale olie; - standaardpakket grondwater: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (BTEX), styreen, naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie. Tevens is van 1 grondmengmonster van de bovengrond en 1 grondmengmonster van de ondergrond het organische stof- en lutumgehalte bepaald. In afwijking op de NEN 5740 is afgezien van het bepalen van het organische stof- en lutumgehalte van ieder grondmengmonster. Dit aangezien uit het veldwerk bleek, dat er geen noemenswaardige verschillen in de samenstelling van de bodem bestaan. Naar aanleiding van de resultaten heeft een herbemonstering plaatsgevonden van peilbuis 03. Het watermonster is geanalyseerd op cadmium en zink.

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 6 van 9

Tabel II geeft een overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten. Tabel II.

Overzicht van de samenstelling van de grondmengmonsters en de analysepakketten

Grondmengmonster

5.2

Traject (cm -mv)

Analysepakket

Bijzonderheden

MM1

04A (0-50) 12 (0-50) 08 (0-50) 05 (0-50) 09 (0-50) 11 (0-50) 06 (0-50) 13 (0-50) 10 (0-50)

standaardpakket + lutum en organische stof

ondergrond noordelijk terreindeel (zintuiglijk schoon)

MM2

14 (0-50) 15 (0-50) 16 (0-50) 17 (0-50) 19 (0-50) 20 (0-50) 21 (0-50) 22 (0-50) 23 (0-50)

standaardpakket

ondergrond zuidelijk terreindeel (zintuiglijk schoon)

MM3

01 (50-70) 01 (100-150) 02 (70-100) 02 (150-200) 04 (60-110) 04 (110-150) 07 (70-110) 07 (150-200)

standaardpakket + lutum en organische stof

ondergrond noordelijk terreindeel (zintuiglijk schoon)

MM4

03 (60-100) 03 (100-150) 18 (70-110) 18 (150-200) 24 (50-70) 24 (70-100) 24 (150-200)

standaardpakket

ondergrond zuidelijk terreindeel (zintuiglijk schoon)

Toetsingskader

De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader van VROM (Circulaire bodemsanering 2013) en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1), VROM, 2007. Het toetsingskader voor de beoordeling van de gehalten en/of concentraties van verontreinigingen is gegeven in de toetsingstabel en bevat voor grond en grondwater elk drie te onderscheiden waarden met de verschillende niveaus: - achtergrondwaarde: deze waarde ("AW") geeft de gehalten aan zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen; - streefwaarde: deze waarde ("S") geeft het milieukwaliteitsniveau aan voor grondwater, waarbij als nadelig te waarderen effecten verwaarloosbaar worden geacht; - tussenwaarde: deze waarde ("T") is de helft van de som van de achtergrondwaarde (of in het geval van grondwater de streefwaarde) en de interventiewaarde. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek moet worden uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat; - interventiewaarde: deze waarde ("I") geeft het niveau voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, plant of dier.

Bij gehalten en/of concentraties boven de interventiewaarde is er sprake van een sterke verontreiniging. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid van de sanering te bepalen. Wanneer het boven de tussenwaarde of interventiewaarde gelegen gehalte een natuurlijke oorsprong heeft, is uitvoering van vervolgonderzoek meestal niet noodzakelijk.

In bijlage 5 is de toetsingstabel opgenomen uit de eerder genoemde circulaires. Deze bijlage bevat de achtergrondwaarden en de interventiewaarden. De gemeten gehalten zijn omgerekend naar de standaardbodem met behulp van de door het laboratorium bepaalde waarden voor het organische stof- en lutumgehalte. De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4a. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt:

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 7 van 9

De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4a. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt: Grond: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:

gehalte < achtergrondwaarde en/of detectielimiet; gehalte > achtergrondwaarde en < tussenwaarde; gehalte > tussenwaarde < interventiewaarde; gehalte > interventiewaarde.

Grondwater: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:

concentratie < streefwaarde en/of detectielimiet; concentratie > streefwaarde en < tussenwaarde; concentratie > tussenwaarde < interventiewaarde; concentratie > interventiewaarde.

5.3

Resultaten grond- en grondwatermonsters

Tabel III geeft een overzicht van de parameters in de grond die de geldende toetsingskaders overschrijden. Tabel III.

Overschrijdingen toetsingskaders grond

Grondmengmonster

Traject (cm -mv)

Gehalte > AW

Gehalte > T

Gehalte > I

(licht verontreinigd)

(matig verontreinigd)

(sterk verontreinigd)

MM1

04A (0-50) 12 (0-50) 08 (0-50) 05 (0-50) 09 (0-50) 11 (0-50) 06 (0-50) 13 (0-50) 10 (0-50)

cadmium koper zink

-

-

MM2

14 (0-50) 15 (0-50) 16 (0-50) 17 (0-50) 19 (0-50) 20 (0-50) 21 (0-50) 22 (0-50) 23 (0-50)

cadmium

-

-

MM3

01 (50-70) 01 (100-150) 02 (70-100) 02 (150-200) 04 (60-110) 04 (110-150) 07 (70-110) 07 (150-200)

-

-

-

MM4

03 (60-100) 03 (100-150) 18 (70-110) 18 (150-200) 24 (50-70) 24 (70-100) 24 (150-200)

-

-

-

Tabel IV geeft een overzicht van de parameters in het grondwater die het geldende toetsingskader overschrijden. Tabel IV.

Overschrijdingen toetsingskader grondwater

Grondwatermonster

Situering peilbuis

Concentratie > S

Concentratie > T

Concentratie > I

(licht verontreinigd)

(matig verontreinigd)

(sterk verontreinigd)

01-1-1

noordoost hoek onderzoekslocatie

barium

-

-

02-1-1

oostzijde begrenzing onderzoekslocatie

-

-

-

03-1-1

zuidwest hoek onderzoekslocatie

barium koper nikkel

-

cadmium (20 ug/l) zink (8.700 ug/l)

03A-1-1

zuidwest hoek onderzoekslocatie

cadmium (1,3 ug/l)

zink (790 ug/l)

-

Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. Bijlage 4b bevat de getoetste analyseresultaten.

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 8 van 9

6

SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES

Econsultancy heeft in opdracht van de gemeente Someren een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd aan de Broekstraat (ong.) te Someren in de gemeente Someren. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen aankoop van de onderzoekslocatie door de gemeente. Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "grootschalig onverdacht" (ONV-GR). Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is. De bovengrond bestaat voornamelijk uit zwak humeus, matig siltig, zeer fijn zand. De ondergrond bestaat uit matig siltig, zeer fijn tot matig fijn zand. De ondergrond is plaatselijk sterk siltig zwak tot sterk gleyhoudend. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie, alsmede in de bodem, geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Hierbij wordt opgemerkt dat gelet op de doelstelling van het onderzoek de veldwerkzaamheden niet conform de NEN 5707 ("Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond") zijn uitgevoerd. De uitkomst van het onderzoek is met betrekking tot de parameter asbest derhalve indicatief. De bovengrond is licht verontreinigd met cadmium en plaatselijk met koper en zink.

In de ondergrond zijn geen verontreinigingen geconstateerd. Het grondwater is plaatselijk licht verontreinigd met barium, koper en nikkel. Het grondwater in de zuidwest hoek van de onderzoekslocatie (peilbuis 03) bleek in eerste instantie bovendien (zeer) sterk verontreinigd met cadmium en zink. Naar aanleiidng van de zeer hoge concentraties is de herplaatste peilbuis 03 (PB 03A) herbemonsterd. In tweede instantie b;leek het grondwater matig verontreinigd met zink en licht verontreinigd met cadmium. Gezien de fluctuaties zijn deze metaalverontreinigingen hoogstwaarschijnlijk te relateren aan regionaal verhoogde achtergrondconcentraties van metalen in het grondwater. Op de aangrenzende percelen (H464 en H1936) zijn in het verleden in het grondwater eveneens een sterke verontreiniging met zink en een matige verontreiniging met cadmium aangetroffen. Gelet op het regionale karakter van de matige en sterke metaalverontreinigingen in het grondwater kan de onderzoekslocatie als "onverdacht" ten opzichte van haar omgeving worden beschouwd. Er bestaan volgens Econsultancy met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem dan ook géén belemmeringen voor de aankoop van de onderzoekslocatie. Indien er werkzaamheden plaatsvinden, waarbij grond vrijkomt, kan de grond niet zonder meer worden afgevoerd of elders worden toegepast.

De regels van het Besluit bodemkwaliteit zijn hierop mogelijk van toepassing.

Econsultancy Boxmeer, 3 oktober 2014

14073587 SOM.GEM.NEN

Pagina 9 van 9

Bijlage 1

Topografische ligging van de locatie

Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht

14073587 SOM.GEM.NEN

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 1.

Foto 2. 14073587 SOM.GEM.NEN

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 3.

Foto 4. 14073587 SOM.GEM.NEN

Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie

Foto 5.

Foto 6. 14073587 SOM.GEM.NEN

Bijlage 3

Boorprofielen

Pagina 1 van 4

Boorprofielen

01

Boring:

0

0 1

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor, bopb 140 cm+mv

50

50 2

02

Boring:

70

3

Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, sporen hout, lichtgrijs, Edelmanboor

100

0

0 1

40

50

2 70

akker Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor, bopb 170 cm+mv Zand, zeer fijn, sterk siltig, sterk humeus, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, grijsbeige, Edelmanboor

3 100

4

4 150

150

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtgrijs, Edelmanboor

5 200

150

150

Zand, zeer fijn, sterk siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor

5 200 215

225

03

Boring: 0 1

40

50

2

04

Boring: 0

60

3

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor, bopb 120 cm+mv Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, licht beigebruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak gleyhoudend, lichtbeige, Edelmanboor

100

0

0 1

30

50

2 60

3 100

4

110

150

Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbeige, Edelmanboor

5 200

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak gleyhoudend, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, sterk gleyhoudend, geeloranje, Edelmanboor Zand, zeer fijn, matig siltig, matig gleyhoudend, geelbeige, Edelmanboor

4

150

akker Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

150 5 200

200

250

250

04A

Boring: 0 1 50

05

Boring: 0

50

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

0

0 1 50

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

Projectcode: 14073587

Opdrachtgever: Gemeente Someren

Boormeester:

Projectnaam: SOM.GEM.NEN

Locatie: Broekstraat (ong.) te Someren

Getekend volgens NEN 5104

M.J.M. Schalk

Pagina 2 van 4

Boorprofielen

06

Boring:

0

0 1

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

07

Boring:

0

0 1

akker Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

40

50

2 70

3 100

110

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak gleyhoudend, geelbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor

4 150 5 200

200

08

Boring: 0 1

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

1

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

0 1 50

11 0

0 1

50

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

13 0

0 1 50

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

Boring: 0

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

12

Boring:

1

Boring: 0

0

0

0

50

10

Boring:

09

Boring: 0

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

Projectcode: 14073587

Opdrachtgever: Gemeente Someren

Boormeester:

Projectnaam: SOM.GEM.NEN

Locatie: Broekstraat (ong.) te Someren

Getekend volgens NEN 5104

M.J.M. Schalk

Pagina 3 van 4

Boorprofielen

14

Boring:

0

0 1

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

1

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

0

17 0

0 1

1

akker Zand, zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

19 0

0 1

40

50

2 70

3 100

110

Zand, zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, grijsbruin, Edelmanboor

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

Boring: 0

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

18

Boring:

1

Boring: 0

0

0

0

50

16

Boring:

15

Boring:

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

Zand, matig fijn, matig siltig, matig houthoudend, licht grijsbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor

4 150 5 200

200

20

Boring: 0 1 50

21

Boring: 0

50

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

0

0 1 50

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

Projectcode: 14073587

Opdrachtgever: Gemeente Someren

Boormeester:

Projectnaam: SOM.GEM.NEN

Locatie: Broekstraat (ong.) te Someren

Getekend volgens NEN 5104

M.J.M. Schalk

Pagina 4 van 4

Boorprofielen

22

Boring:

0

0 1

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

23

Boring:

0

0 1 50

akker Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

50

24

Boring:

0

0 1

akker Zand, zeer fijn, sterk siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

50 2

70

3 100

100

Zand, zeer fijn, sterk siltig, sterk humeus, sporen planten, donkerbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, matig siltig, resten hout, lichtgrijs, Edelmanboor

4 150 5 200

200

Projectcode: 14073587

Opdrachtgever: Gemeente Someren

Boormeester:

Projectnaam: SOM.GEM.NEN

Locatie: Broekstraat (ong.) te Someren

Getekend volgens NEN 5104

M.J.M. Schalk

Bijlage 4

Analyserapporten

Econsultancy T.a.v. R. van den Berg Rapenstraat 2 5831 GJ BOXMEER

Analysecertificaat Datum: 06-08-2014

Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen

2014087469/1 14073587 SOM.GEM.NEN 30-07-2014

Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De grondmonsters worden tot 6 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 week voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.

Bewaren tot: Datum:

Naam:

Handtekening:

Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.

Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.

Ins. A. Veldhuizen Technical Manager

Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 E-mail info-env@eurofins.nl KvK No. 09088623 Site www.eurofins.nl IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A

Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2004 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).

Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monsternemer Monstermatrix

14073587 SOM.GEM.NEN

Certificaatnummer/Versie Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina

2014087469/1 30-07-2014 06-08-2014/06:45 A,B,C 1/2

Grond; Grond (AS3000) Eenheid

Analyse

1

2

Uitgevoerd

Uitgevoerd

81.5

82.1

Voorbehandeling

Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses

S

Droge stof

% (m/m)

S

Organische stof

% (m/m) ds

4.1

Q

Gloeirest

% (m/m) ds

96.0

S

Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)

% (m/m) ds

<2.0

Metalen

S

Barium (Ba)

mg/kg ds

25

21

S

Cadmium (Cd)

mg/kg ds

0.51

0.40

S

Kobalt (Co)

mg/kg ds

<3.0

3.8

S

Koper (Cu)

mg/kg ds

24

17

S

Kwik (Hg)

mg/kg ds

<0.050

<0.050

S

Molybdeen (Mo)

mg/kg ds

<1.5

<1.5

S

Nikkel (Ni)

mg/kg ds

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13083083/2