CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Wijzigingen in tarieventabel 2026

Gemeenteraad 11 december 2025, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen Legesverordening gemeente Someren 20261.334 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Wijzigingen in de tarieventabel 2026 Hoofdstuk 1: Algemene dienstverlening 1.

Artikel 1.32/1.35

De leges die geheven worden voor aanvragen in het kader van de Verordening Ondergrondse Infrastructuur Someren 2018 waren opgenomen in artikel 1.35. Dit artikel is verplaatst naar 1.32 om aan te sluiten bij de modelverordening. 2.

Artikel 1:33:

Eén van de maatregelen in het ZBB traject is het vragen van een eigen bijdrage voor een invalidenparkeerplaats. Door uw raad is besloten om deze maatregel niet door te voeren. We hebben deze wel met een nul-tarief opgenomen in de tarieventabel, om daarmee aan te geven dat er door de gemeente kosten gemaakt worden voor het in behandeling nemen van aanvragen voor een invalidenparkeerplaats. 3.

Artikel 1.37:

In de tarieventabel zijn aanvragen opgenomen tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand. Deze worden echter geheven en ingevorderd door de ambtenaar van de burgerlijke stand. Dit onderdeel is niet meer opgenomen in de tarieventabel. We volgen hiermee de modelverordening van de VNG. Hoofdstuk 2: Omgevingswet 1.

Uitwerking maatregel 29 uit het ZBB traject

Met maatregel 29 uit het ZBB-traject is afgesproken de kostendekkendheid van de leges voor de Omgevingswet met 10% te verhogen, waarmee een structurele resultaatverbetering van € 100.000 wordt gerealiseerd. Wij hebben er niet voor gekozen om deze maatregel te implementeren via een generieke tariefstijging van 10%. Een dergelijke generieke verhoging achten wij niet in overeenstemming met de wens van de raad om een evenwichtige en transparante tariefstructuur te hanteren. Wij hebben daarom de volgende werkwijze toegepast: -

Een kritische beoordeling van de processen die ten grondslag liggen aan de diverse artikelen uit de tarieventabel. Hierbij is onderzocht welke werkzaamheden uitgevoerd dienen te worden en welke tijdsbesteding daarmee gemoeid is;

-

Een beoordeling van de opzet van de tariefstelling van de belangrijkste processen: bouwactiviteiten en wijziging omgevingsplan.

Deze aanpak heeft geleid tot de volgende voorstellen: Algemeen De kostendekkendheid van de tarieven in het hoofdstuk Omgevingswet bedraagt in 2025 overall: 63,9%. Voor 2026 wordt uitgegaan van een kostendekkendheid van 75%. De verdeling van de leges voor de Omgevingswet is als volgt op basis van de ontwerp-begroting 2026 en de kostendekkendheid 2025: Omschrijving

Omzet leges 2026

Kostendekkendheid

2025 1.

Bouwactiviteiten

€850.000

63%

2.

Milieuactiviteiten

€50.000

100%

3.

Omgevingsplannen

€100.000

67%

Ad 1: Bouwactiviteiten De bouwactiviteiten zijn onder te verdelen in:

a.

a.

Vooroverleg/conceptverzoek (artikel 2.4)

b.

Bouwtechnische toets (artikel 2.5)

c.

Ruimtelijke toets (artikel 2.6)

d.

Slopen/monumentaal erfgoed e.d. (artikel 2.7 t/m 2.10)

Vooroverleg

Het vooroverleg biedt aanvragers de mogelijkheid vooraf te toetsen of een aanvraag kans van slagen heeft om te worden vergund. Dit is met name van belang bij twijfel over de ruimtelijke toetsing (past de aanvraag binnen het vigerende omgevingsplan?). Om dit laagdrempelig te houden is gekozen voor een relatief laag tarief. Wij stellen geen verhoging van dit tarief voor. b.

Bouwtechnische toets

Voor de bouwtechnische toets hanteren we de bouwkosten als grondslag. De daarvoor geldende staffel is sinds 2010 niet herzien. Een actualisatie, waarbij ook rekening wordt gehouden met de gestegen bouwkosten, is daarom gewenst. Daarnaast hanteren we een degressief tariefstelsel: het percentage van de bouwsom neemt af naarmate de bouwsom stijgt. Hierdoor betalen kleine bouwprojecten een relatief groter aandeel van de kosten dan grote projecten. Dit is verdedigbaar omdat de kosten voor het behandelen van een vergunningaanvraag niet lineair toenemen met de bouwsom. Wij stellen wel voor om het verschil tussen het lage en hoge tariefpercentage te verkleinen. Dit betekent een lichte verlaging van het percentage voor kleinere bouwsommen en een beperkte verhoging van het percentage voor grotere bouwsommen. Hiermee wordt de verhouding tussen de legesopbrengst en de gemeentelijke kosten evenwichtiger, terwijl de degressieve opbouw behouden blijft. Het effectieve percentage ligt daarmee dichter bij elkaar: circa 3,5% voor kleine bouwsommen tegenover 2,3% voor grote bouwsommen (voorheen: 7,2% versus 2,2%). Een vergelijking (*) tussen dit voorstel en het huidige stelstel ziet er als volgt uit:

categorie

<50.000 50.000-250.000 250.000-1.000.000 >1.000.000

% aantal

3,50% 3,20% 3,00% 2,50%

24 25 5 2

gemiddelde bouwkosten 23.088 126.989 511.400 6.030.818

leges nieuw leges oud

808 4.214 15.842 138.555

907 4.038 13.041 129.060

verschil leges totaal

-99 175 2.801 9.496

19.394 105.341 79.210 277.111 481.056

Ten opzichte van de huidige staffel wordt met dit voorstel een legesstijging van 9% gerealiseerd.

2/4

(*) Aantallen en gemiddelde bouwkosten zijn gebaseerd op de vergunde aanvragen over de periode 2024 tot en met augustus 2025. c.

Ruimtelijke toets

De ruimtelijke toets bestaat uit een binnenplanse- en een buitenplanse procedure. De tarieven voor binnenplanse aanvragen zijn in overeenstemming met de daarbij behorende werkzaamheden. Voor buitenplanse aanvragen is er sprake van een omvangrijk en complex proces, waarbij in een drietal situaties ook een raadsadvies nodig is. Wij hebben de processtappen in deze procedure beoordeeld en aangepast naar een reële tijdsbesteding. Het tarief voor deze aanvragen baseren we op 75% van de geraamde kosten. Artikel 2.6.d uit de tarieventabel is hierop aangepast. Ook voor de procedure waarbij een advies van de gemeenteraad nodig is, is een aangepast tarief opgenomen in artikel 2.50, gebaseerd op 75% van de geraamde tijdsbesteding. Ad 2: Milieuactiviteiten De vergunningverlening voor milieuactiviteiten wordt uitgevoerd door de ODZOB. De legestarieven worden één-op-één overgenomen van de door ODZOB gehanteerde tarieven. Ad 3: Omgevingsplannen Het wijzigen van een omgevingsplan (artikel 2.45) is een omvangrijk en complex proces dat altijd een raadsbesluit vereist. De tariefstelling voor deze aanvragen is geactualiseerd en daarbij is onderscheid gemaakt in omgevingsplannen voor woningbouw, tuin, groen, en verkeer én in alle andere plannen. 2.

Overige wijzigingen

2.1 Conceptverzoeken (artikel 2.4) Tekstueel is artikel 2.4 aangepast om aan te sluiten bij de landelijke terminologie. Verder is toegevoegd “initiatief verkenning leefomgeving”, ook wel bekend als “verken uw idee”. 2.2 Aanvulling bijlage 1 (artikel 2.6 c) In bijlage 1 zijn de relatief kleine wijzigingen van het omgevingsplan opgenomen. Wij stellen voor om deze bijlage aan te vullen met het gebruik van een bouwwerk als meergeneratiewoning. 2.3 Uitgebreide voorbereidingsprocedure In artikel 2.48 zijn de extra leges opgenomen, als er door aan aanvrager gekozen wordt voor een uitgebreide voorbereidingsprocedure. Bij deze procedure wordt een besluit van de raad gevraagd. In de legesverordening 2025 was dit tarief niet juist opgenomen, vermeld was het volledige tarief in plaats van de aanvullende leges. 2.4 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig (artikel 2.54) Er zijn aanvragen waarbij achteraf blijkt dat er geen omgevingsvergunning nodig is. In dat geval wordt er een teruggave van de leges verleend. Wij stellen voor om deze teruggave te verhogen van 25% naar 75%. Daarmee wordt de drempel om een vergunning aan te vragen verlaagd. 2.5 Vermindering bij buiten behandeling laten (artikel 2.55)

3/4

Het komt voor dat aanvragen worden ingediend die niet compleet zijn en door de aanvrager moeten worden aangevuld. Als dit, ook na herhaalde verzoeken, niet of niet volledig gebeurt, wordt de aanvraag buiten behandeling gelaten. Er bestaat dan aanspraak op teruggave van leges. Wij stellen voor om deze teruggave te verlagen van 100% naar 75%, zodat er dekking is voor de gemaakte kosten.

Hoofdstuk 3: Europese dienstenrichtlijn 1.

Ontheffing artikel 4 van de Alcoholwet (artikel 3.2 b)

Dit artikel gaat over de ontheffing voor paracommerciële rechtspersonen om na het vastgestelde sluitingsuur nog alcohol te schenken. In dit artikel was geen tarief opgenomen. Wij stellen voor om hiervoor een bedrag van €25,00 aan leges te heffen. 2.

Brandveiligheid (artikel 3.20)

Artikel 3.20 verwijst naar de Brandbeveiligingsverordening. Deze verordening is inmiddels vervallen. Onder de Omgevingswet is voorts sprake van een “melding Brandveilig gebruik bouwwerken”. Hiervoor mogen geen leges in rekening worden gebracht. Artikel 3.20 is uit de tarieventabel 2026 verwijderd.

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16226702/2