Bijlage spreektekst inspreker mw. M.E. van der Veer
Tekst van het document
Notitie t.b.v. commissievergadering 27 augustus 2025
Van: Datum: Onderwerp:
mr. D. Akdemir namens M.E. van der Veer 27 augustus 2025 Van der Veer / omgevingsplan gemeente Someren
Mevrouw Van der Veer is sinds 1999 eigenaar van het zomerhuisje op haar perceel. Dit huisje is in 1963 gebouwd en door haar geërfd. Het wordt slechts beperkt gebruikt voor overnachtingen. Er is geen sprake van bewoning en er zijn geen plannen voor commerciële exploitatie. De impact op de omgeving is daardoor minimaal. De eigenaar van perceel Meervensedijk 8 heeft zijn perceel in 1998 gekocht. Pas in 2012 is voor het eerst een verzoek om
handhaving
gedaan
tegen
het
gebruik
van
het
zomerhuisje.
Over
de
handhavingsverzoeken heeft de Raad van State op 25 november 2015 geoordeeld dat handhavend optreden tegen het gebruik van het zomerhuisje onevenredig is. Dit omdat dat het gebruik altijd zeer beperkt is geweest, dat er geen plannen zijn voor uitbreiding of verhuur, dat het huisje al decennialang aanwezig is, en dat bij mevrouw Van der Veer vertrouwen is gewekt dat haar gebruik onder het overgangsrecht zou vallen. De provincie heeft in een vooroverlegreactie bevestigd dat er een gevolg moet worden gegeven aan deze uitspraak. Uw raad gaat helaas in de nota van zienswijzen hieraan voorbij. Volgens de provincie is een oplossing binnen de regels mogelijk. Binnen de bestaande bestemming ‘Wonen’ kan een functieaanduiding ‘recreatief verblijf’ worden opgenomen. Ondanks dit voorstel kiest uw raad ervoor om partijen naar een privaatrechtelijke overeenkomst te verwijzen om afspraken te maken die in strijd zijn met het omgevingsplan. Dit terwijl uw raad de mogelijkheden ter beschikking heeft om deze situatie positief te bestemmen. Ook valt niet te begrijpen waarom met de buren afspraken over het gebruik van het zomerhuisje moeten worden gemaakt. Het zomerhuisje staat op een apart kadastraal perceel en het beoogde gebruik heeft slechts een beperkt impact op zijn directe leefomgeving. Recreatief gebruik is minder ingrijpend dan een woning of een bedrijf.
Daarbij geldt dat uw raad dit bestaand gebruik niet zomaar uit het omgevingsplan kan weglaten (overgangsrecht). Dit mag alleen als het gebruik op termijn zal eindigen. De Raad van State vindt dat handhavend optreden in dit geval onevenredig is. Daarom is het niet aannemelijk dat dit gebruik zal eindigen. Uw raad moet dus in dit omgevingsplan een definitieve beslissing nemen over het gebruik: wel of niet toestaan. Uw raad wordt daarom verzocht om bij de vaststelling van het omgevingsplan het perceel van mevrouw
Van
der
Veer,
zoals
de
provincie
heeft
voorgesteld,
een
zelfstandige
woonbestemming toe te kennen met de functieaanduiding ‘recreatief verblijf’. Daarbij wordt uw raad gevraagd aan te sluiten bij vergelijkbare omgevingsplannen en geen beperkende regels op te nemen die elders niet gelden. 1