CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Onderzoek alternatieve mogelijkheden

Gemeenteraad 11 september 2025, gemeente SomerenBij agendapunt: Instemmen met advies aan de Provincie omtrent windpark Diepenhoek.2.321 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 5. Onderzoek alternatieve mogelijkheden. Het onderzoek naar alternatieve mogelijkheden bestaat uit het in beeld brengen van drie verschillende scenario’s. Deze scenario’s laten zien wat de afwegingen zijn van de gemeente in dit project en welke voor- en nadelen hier aan verbonden zijn. De voor- en nadelen zijn uitgewerkt aan de hand van argumenten voor en kanttekeningen bij ieder scenario.

Scenario 1 De gemeente vraagt de provincie of ze bevoegd gezag mag overnemen voor het gehele project. Gezien de druk om vooruitgang te bewerkstelligen, moet het wel aan de slag om hier stappen in te gaan zetten. Zoals vermeld heeft de gemeente hier zich de afgelopen jaren enorm voor ingezet, maar is dit onvoldoende van de grond gekomen. De gemeente moet dan dus zelf aan de slag om vooruitgang in het project te krijgen. De enige manier waarop de gemeente dit zelf kan doen, is door de procedure richting vergunningverlening in gang te zetten. Dat wil zeggen, van start gaan met de ter inzage legging van de Notitie Reikwijdte en Detail (NRD). Deze procedure kan parallel lopen aan gesprekken van de OmgevingsAdviesRaad. 1.1

Argumenten

1.1.1

De gemeente krijgt regie op zowel vergunningverlening als participatie;

Door zelf de touwtjes in handen te krijgen, kan de gemeente sturen op de twee sporen die gaan lopen. Zowel op het proces rondom de vergunningverlening en de besluiten die daaromtrent genomen moeten worden als op het proces rondom de participatie, waarin afspraken gemaakt kunnen worden met de betrokken partijen en alle belangen in overleg afgewogen kunnen worden. 1.1.2

Het toewerken naar het vaststellen van de NRD staat los van het wel of niet ontbreken van

de landelijke normen; Er is in gezamenlijkheid (college en raad unaniem) uitgesproken dat gewacht zal worden met vergunningverlening totdat de landelijke milieunormen ten aanzien van windmolenparken zijn vernieuwd, ook wel het Nevele-arrest. Het toewerken naar het vaststellen van de NRD doet hier geen afbreuk aan. De NRD is een voorloper van de project-MER, waarin de onderzoekkaders worden vastgesteld. Hierin kan een bandbreedte worden opgenomen die overeen komt met de bandbreedte van de potentiële landelijke normen. Ook een onderzoek naar de invloed van potentiële afstandsnormen kan hierin worden opgenomen. 1.2

Kanttekeningen

1.2.1

De gemeente vraagt regie op zowel vergunningverlening als participatie;

Door zelf de touwtjes in handen te houden, moet de gemeente sturen op de twee sporen die gaan lopen. Dit betekent constant moeten schakelen tussen de twee petten die daarbij horen. Als regievoerder op het proces richting (en uiteindelijk van) vergunningverlening zal de gemeente strak moeten sturen op de planning en termijnen die bij dit proces horen. Daarnaast hebben we de bestuurlijke verantwoordelijkheid de participatie met zorg vorm te geven en het beste uit het project naar boven te halen voor de inwoners.

Deze dynamiek zou je idealiter gescheiden hebben van elkaar omdat deze twee sporen geregeld haaks op elkaar willen staan, zoals we hebben ervaren. Vanuit elke rol behartig je andere belangen. Als vergunningverlener heb je als hoofddoel het op een correcte wijze doorlopen van de vergunningsaanvraag, wat uiteindelijk moet leiden tot een onherroepelijke vergunning. Als opsteller en uitvoerder van het participatieplan wil je je juist kunnen focussen op het zo goed mogelijk betrekken van en luisteren naar de input van de betrokken partijen. Het is tegenstrijdig deze rollen bij dezelfde instantie te beleggen. 1.2.2

Het bevoegd gezag ligt nog niet bij de gemeente;

In het kader van de Gas- en Elektriciteitswet van 1998 en de Energiewet van 2026ligt het bevoegd gezag in eerste aanvang bij de provincie. Dit wordt bepaald aan de hand van de potentiële opwekcapaciteit van het windpark (circa 25 MW). De provincie kan het bevoegd gezag wel overdragen aan een gemeente. Dit is echter nog niet gebeurd en gezien de stagnatie in het proces verwachten we ook niet dat dit zal gebeuren. De gemeente is in goed overleg met de provincie over het project. Voordat het bevoegd gezag overgedragen kan worden, dient de gemeente met een gedegen en uitvoerbare planning te komen. Daarbij komt dat het van belang is dat de gemeente deze planning ook afdoende uit kan voeren. In de afgelopen jaren is gebleken dat de gemeente dit tot op heden onvoldoende waar heeft kunnen maken. De provincie is en blijft daarom terughoudend in het formeel overdragen van het bevoegd gezag. Ook onder de Energiewet, die op 1 januari 2026 in werking treedt, ligt het bevoegd gezag voor windparken boven de 15 MW bij de provincie. De komst van de Energiewet verandert dus niks aan bovenstaande redenatie. 1.2.3

Onvoldoende capaciteit

Er is binnen het ambtelijk apparaat van de gemeente niet voldoende capaciteit en expertise om een geheel vergunningsverleningsproces voor windpark Diepenhoek te doorlopen. De tijd en kosten om dit te organiseren zijn nog niet precies bekend. Dit is onder andere afhankelijk van het provinciale besluit omtrent het verzoek van Prowind en ZummerePower en de overeenkomsten welke al dan niet gesloten kunnen worden. Ingeschat wordt dat ook dit in ieder geval weer voor enkele maanden vertraging gaat zorgen.

Scenario 2 De gemeente geeft bij de provincie aan zelf niet in staat te zijn om het initiatief voor windpark Diepenhoek tot een vergunningverlening te kunnen brengen. Hiermee wordt gebruik gemaakt van de governance afspraken vanuit de RES 1.0. Er wordt in eerste instantie gezocht naar het overnemen van het bod dat de gemeente Someren heeft gedaan in een andere gemeente binnen de MRE zoals vastgesteld in de RES 1.0. De voortgangsrapportage van de Regionale Energiestrategie (RES) MRE van 30 juni 2025 toont aan dat de initiële doelstelling van 2 TWh duurzame elektriciteit vóór 2030 niet haalbaar is zonder aanpassingen. De prognose is nu tussen 1 TWh en 1,9 TWh, voornamelijk door beperkingen zoals radarhinder en nieuwe regelgeving. De betrokkenen blijven zoeken naar alternatieven om de RES-doelen te behalen. Omdat we in RES

2/6

verband de oorspronkelijke doelstelling al niet halen zonder aanpassingen is het niet aannemelijk dat een andere gemeente ons bod overneemt. Anders gezegd: sommige gemeenten realiseren hun eigen bod al niet dus die zullen ons bod niet overnemen, andere gemeente hebben al moeite om hun eigen bod overeind te houden dus die zullen ons bod ook niet overnemen. Ook zijn er gemeenten die geen bod hebben gedaan, die zullen dat nu niet ineens wel doen. Daarmee wordt het bod doorgelegd naar de provincie en is aan hen de taak om het ingezette bod vanuit de RES 1.0 afspraken te realiseren. 2.1

Argumenten

2.1.1

De provincie kan haar bevoegd gezag tot uitvoering brengen;

Binnen de provincie is er ambtelijke kennis en expertise aanwezig om dergelijke complexe trajecten tot een goed resultaat te brengen. Zij hebben ervaring opgedaan bij andere projecten binnen Noord-Brabant waardoor zij ook in Someren een project van deze grootte zouden kunnen draaien. 2.1.2

Dit komt de voortgang van het project ten goede;

Met de provincie aan zet, zal er meer gestuurd worden op een strakkere planning om niet te veel vertraging op te lopen ten opzichte van het initiële doel. In de RES 1.0 staat afgesproken dat er een vergunning verleend dient te zijn uiterlijk 1 januari 2025. Ook dit is een verklaring voor de druk die we als gemeente voelen om voortgang in het project te krijgen. 2.1.3

De capaciteit die het de gemeente kost, kan elders worden ingezet;

Wanneer de provincie de projectleidersrol volledig over zal nemen, komt er voor het ambtelijk apparaat van de gemeente een hoop tijd vrij om zich te focussen op de participatie in de verdere verkenning van dit project. 2.2

Kanttekeningen

2.2.1. We hebben als gemeente geen grip meer op de participatie; Het belangrijkste punt binnen het initiatief is het goed doorlopen van de participatie met de omwonenden. Als gemeente is de insteek altijd geweest om het maximale uit het project te halen met de meeste gunstige voorwaarden voor alle betrokken partijen. Wanneer de uitvoering van het project volledig naar de provincie gaat, hebben we hier als gemeente geen invloed meer op. Dit is iets wat we willen voorkomen omdat we als gemeente het dichtst op onze omgeving en burgers staan en daar ook de waarde van willen representeren richting bevoegd gezag. 2.2.2

We hebben als gemeente geen grip meer op de inhoud;

Ook inhoudelijke belangen van de gemeente kunnen alleen gedeeld worden via de officiële kanalen. Dat is dus bij ter inzage legging van stukken zoals een NRD, project-MER en uiteindelijk de vergunning. Via een zienswijze kan de gemeente daar, net als alle andere partijen, nog input op geven. 2.3.3

De gemeente houdt zich niet aan het eigen ingediende bod voor energie opwek;

De gemeente heeft zich binnen de RES 1.0 gecommitteerd aan het realiseren van een bepaalde opwek middels het opnemen van een zoekgebied. Door het los laten van dit commitment aan het RES bod en het afschuiven op de provincie maakt de gemeente regionaal een slechte beurt en zal de provincie het projectbesluit uitvoeren.

3/6

Scenario 3 Een laatste scenario dat onderzocht is, is om afscheid te nemen van Prowind als initiatiefnemer. Gezien de moeizame start van de initiële participatieopzet is er weinig vertrouwen in de initiatiefnemer vanuit de omgeving. Er heerst het gevoel dat afscheid nemen van Prowind kan helpen in het glad strijken van het gesprek over de lusten en lasten voor de omwonenden. Er is gekeken naar hoe reëel deze optie is en wat de argumenten voor en kanttekeningen bij dit scenario zijn. Hierbij is ook juridische advies ingewonnen bij de huisadvocaat van de gemeente zoals terug te vinden in bijlage 1 van dit stuk. 3.1 Argumenten 3.1.1 Hiermee kent het proces rondom de Diepenhoek een nieuw startpunt; Met een nieuwe ontwikkelaar, kan het gesprek ook met een schone lei aangegaan worden. dat schept een fijnere basis voor het gesprek dat op de inhoud gevoerd kan worden. Echter, het uitgangspunt van de gesprekken zal altijd zijn: als het windpark er komt, onder welke voorwaarden? Daarmee wordt nog steeds uitgegaan van de komst van het windpark, iets wat ook een nieuwe ontwikkelaar voor ogen zal hebben. Zoals de gemeenteraad daar in 2021 de ruimte voor heeft gegeven met het vaststellen van de RES 1.0. De vraag is en blijft of een ontwikkelaar, met dezelfde belangen als de huidige, dan wel het vertrouwen van de omgeving krijgt.

3.1.2 Er ontstaat zo ruimte voor het opzetten van een publiek coöperatief proces; De verwachting is dat er hiermee een groter deel van de opbrengsten van het uiteindelijke windpark terug kan vloeien naar de omgeving en de inwoners van de gemeente Someren. Echter ook hier is dan niet het uitgangspunt van gesprek of de windturbines er komen, maar zal het gesprek moeten gaan over de voorwaarden met de komst van het windpark als een gegeven. Daarmee wordt nog steeds uitgegaan van de komst van het windpark. Zoals de gemeenteraad daar in 2021 de ruimte voor heeft gegeven met het vaststellen van de RES 1.0. 3.2 Kanttekeningen 3.2.1 Deze keuze kan de gemeente niet maken, want het bevoegd gezag ligt bij de provincie; Zoals juristenbureau Pels Rijcken heeft aangegeven in haar advies, “…nu Prowind een verzoek om een projectbesluit heeft ingediend bij de provincie, het de provincie is die op dit verzoek zal moeten beslissen.” De gemeente kan op dit moment dus niet voorkomen dat Prowind in aanmerking komt voor toestemming voor het Windpark Diepenhoek. Dit komt omdat de provincie volgens de Elektriciteitswet 1998 en de aanstaande Energiewet bevoegd gezag is voor dit initiatief. Zij zijn dus eerst aan zet.

Het is daarbij gezien de belangen die de locatie Diepenhoek heeft binnen de afspraken van de RES 1.0, en daarmee ook binnen de provincie, de verwachting dat de provincie positief zal besluiten op het verzoek van Prowind. Pels Rijcken merkt nog op “… dat nu beëindiging van de relatie met Prowind niet tot de mogelijkheden behoort”. De gemeente heeft dus geen keuze.

4/6

3.2.2 Wanneer de gemeente wel een keuze zou hebben, dan is het niet uitgesloten dat Prowind recht heeft op dispositieschade; In het advies dat Pels Rijcken heeft gegeven wordt ook uitgebreid ingegaan op het thema dispositieschade. -

De gemeente heeft op 11 juni 2021 principebereidheid uitgesproken. Hiermee kan worden

gesteld dat initiatiefnemer er op mag vertrouwen dat medewerking, in dit geval door de gemeente, wordt verleend. Dit wordt ook gestaafd door meerdere uitspraken van de Raad van State. -

Pels Rijcken stelt dat: “Als het bestuursorgaan op basis van deze belangenafweging tot de

conclusie komt dat het gerechtvaardigde vertrouwen niet kan worden gehonoreerd, en degene die op basis van dat gewekte vertrouwen schade heeft geleden, moet het bestuursorgaan de dispositieschade volledig vergoeden. Dat is de schade die is geleden doordat in dat vertrouwen is gehandeld, zoals de gemaakte kosten en getroffen maatregelen.” -

Daarmee is het op dit moment dus zeer de vraag dat de gemeente nog een gemotiveerd

ander standpunt kan innemen. Let wel, dit alles wordt bekeken vanuit de hypothetische situatie dat de gemeente nog de keuze heeft op dit gebied. Zoals gezegd is de provincie hier aan zet. 3.2.3 Wanneer de gemeente wel een keuze zou hebben, dan is het niet uitgesloten dat Prowind recht heeft op vertragingsschade; Pels Rijcken gaat kort in op de mogelijkheid dat, “…wanneer de gemeente tot besluitvorming over had kunnen gaan, medewerking had geweigerd en Prowind daar met succes in rechte tegenop was gekomen, er sprake zou zijn van een onrechtmatig besluit.” Bij een onrechtmatig besluit, dient de gemeente alle schade die in causaal verband staat met dat besluit te vergoeden. Hierbij valt te denken aan vertragingsschade. Let wel, dit alles wordt bekeken vanuit de hypothetische situatie dat de gemeente nog de keuze heeft op dit gebied. Zoals gezegd is de provincie hier aan zet.

5/6

Bijlage(n)

O

Bijlage 1. Juridisch advies PelsRijcken documentnr. Djuma: 200761647

X

NO

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15856672/1