CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Kermisbeleid Gemeente Someren 2027-2032

Gemeenteraad 26 februari 2026, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen kermisbeleid 2027 - 20323.655 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kermisbeleid 2027-2032 Gemeente Someren

12 januari 2026 Versie 3.0 Referentie: 2513

1

1. Inleiding 1.1 Aanleiding en context De kermissen in Someren horen bij het dorpsleven. Al generaties lang brengen ze mensen samen en kleuren ze de kalender van de dorpen. Toch is het voortbestaan niet vanzelfsprekend. De bezoekersaantallen lopen terug, exploitanten haken af en de kosten stijgen. De omstandigheden rond de Somerense kermissen zijn veranderd. Waar de kermis vroeger vanzelfsprekend was, vraagt ze nu om strategische keuzes en samenwerking. De huidige samenwerking met Swinkels Amusement & Events loopt eind 2026 af. Dat biedt de kans om opnieuw na te denken over wat we willen behouden en wat er beter kan. De gemeente grijpt dit moment aan om samen met de dorpsoverleggen te bouwen aan de toekomst van de kermis in Someren.

1.2 Doel en reikwijdte van het beleid Dit beleid beschrijft hoe we de kermissen in Someren de komende jaren willen organiseren. Het doel is een stabiel model waarin traditie, kwaliteit en betaalbaarheid hand in hand gaan. Belangrijk daarbij zijn vier uitgangspunten: • • • •

De kermis blijft een herkenbaar cultureel en sociaal anker in alle kernen; De rolverdeling tussen gemeente, dorpsoverleggen en organisator is helder; Er is financiële duidelijkheid over kosten, bijdragen en verantwoordelijkheden; De samenwerking krijgt een vaste structuur via een gemeentebreed overleg.

Dit beleid geldt voor alle kermissen in de gemeente. De uitvoering kan per dorp verschillen, maar de basis is overal hetzelfde.

1.3 Proces en participatie Dit beleid is tot stand gekomen op basis van een uitgebreid participatietraject. In de gesprekken met de dorpsoverleggen zijn varianten verkend van de wijze waarop de kermissen, met name in de dropskernen, vorm kunnen krijgen. De organisatievorm zoals beschreven in dit document kon rekenen op het meeste draagvlak van alle betrokken partijen.

2

Wat is er gedaan in het traject Het traject bestond uit een combinatie van onderzoek, gesprekken en participatie: •

Analyse van landelijke trends en ontwikkelingen in de kermissector • Bezoeken aan de kermissen in Someren-Eind, Someren-Heide en Someren-Dorp • Online enquêtes onder inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden • Gesprekken met: o de huidige organisator o gemeentelijke medewerkers o de dorpsoverleggen • Een gezamenlijke bijeenkomst met alle dorpsoverleggen • Benchmarkonderzoek bij de gemeenten Asten en Land van Cuijk Deze brede aanpak zorgde voor input vanuit zowel professionals als inwoners en lokale vertegenwoordigers. Belangrijkste inzichten uit de participatie • De kermis blijft een belangrijk sociaal en cultureel ankerpunt in alle kernen. • De kermis in Someren-Dorp functioneert goed; de kermissen in de kernen staan onder druk. • Dorpsoverleggen willen meer invloed, transparantie en een duidelijke rolverdeling. • De huidige organisatievorm is onvoldoende toekomstbestendig. • Gemeenten elders laten zien dat actief sturen op kwaliteit, betaalbaarheid en lokale betrokkenheid noodzakelijk is. • Er is behoefte aan een gemeentebreed overlegplatform voor afstemming en evaluatie. De drie onderzochte scenario’s Tijdens het participatietraject zijn drie mogelijke organisatiemodellen besproken: 1. Een externe organisator voert alle kermissen uit, met duidelijke kaders vanuit de gemeente.

• Voordelen: kwaliteit, continuïteit, één aanspreekpunt • Lokale inbreng via dorpsoverleg blijft mogelijk 2. Lokale kermiscomités organiseren zelf De dorpen nemen zelf de regie of organisatie op zich. • Voordelen: maximale lokale betrokkenheid • Risico’s: grote belasting voor vrijwilligers, onzekerheid over kwaliteit en continuïteit 3. Hybride model: grote kermis centraal, dorpen bepalen eigen invulling De kermis in Someren-Dorp blijft professioneel georganiseerd; de kernen kiezen zelf voor kermis of alternatief dorpsfeest. • Voordelen: flexibiliteit per kern • Risico’s: versnippering en verlies van herkenbare kermistraditie 3

Gekozen richting op basis van participatie De input uit het traject leidde tot een duidelijke voorkeur voor een gemeentebreed model met één professionele organisator, gecombineerd met structurele lokale inbreng via kermiscomités en een centraal kermisoverleg De opbrengst van dit traject is samengevat in de Analyse Kermissen gemeente Someren (2025). Dit beleid vertaalt de bevindingen naar keuzes voor de komende jaren: wie doet wat, hoe gaan we samenwerken en wat dat mag kosten?

1.4 Beleidsmatige inbedding Het kemisbeleid sluit aan bij bestaande beleidslijnen van de gemeente Someren. • • •

Cultuurvisie 2025–2030 De kermis is onderdeel van levend erfgoed en draagt bij aan lokale identiteit. Toeristische beleidsnota 2030 Evenementen versterken de aantrekkelijkheid en leefbaarheid van de dorpen. Coalitieprogramma 2022–2026 Dorpsgericht werken, verbinding en leefbaarheid staan centraal.

Dit kermisbeleid vertaalt deze beleidslijnen naar concrete keuze: professioneel georganiseerd, lokaal gedragen en financieel realistisch.

4

2. Terugblik en uitgangspunten 2.1 Samenvatting Analyse Kermissen gemeente Someren 2025 De analyse toont aan dat de kermis nog altijd leeft en belangrijk is in Someren, maar dat de organisatie ervan aanpassing behoeft. De maatschappelijke waarde van de kermis is groot, de uitvoering blijkt kwetsbaar. De samenwerking met de huidige organisator werkt voor Someren-Dorp goed, maar niet voor de kleinere kernen. In Someren Eind, Someren-Heide en Lierop is de exploitatie niet rendabel en is de samenwerking met de organisator onvoldoende. Het product (de kermis) is pover met steeds minder attracties en afgenomen lokale betrokkenheid. Uit gesprekken en enquêtes kwamen vijf belangrijke aspecten naar voren: • • • • •

De kermis blijft een belangrijk ontmoetingsmoment voor jong en oud; Het aanbod wordt smaller door hogere kosten en minder exploitanten; Dorpsoverleggen willen meer invloed en eisen transparantie; De kermissen in de kleine kernen zijn financieel kwetsbaar; Overleg, evaluatie en taakverdeling zijn onvoldoende vastgelegd.

2.2 Belangrijkste punten Benchmark Asten & Land van Cuijck De benchmark laat zien dat Someren vergelijkbare ontwikkelingen kent als Asten en Land van Cuijk: teruglopende aantrekkingskracht in de kleine kernen, stijgende kosten en een wisselend aanbod. Gemeenten die actief sturen op betaalbaarheid, lokale betrokkenheid en duidelijke kaders weten hun kermissen beter te behouden. Dorpen waar inwoners en lokale partners daadwerkelijk invloed hebben, zoals Ommel en Sint Hubert, blijken veerkrachtiger en aantrekkelijker. De vergelijking laat duidelijke plussen zien: sterke sociale betekenis van de kermis, goede locaties, en een organisator die continuïteit biedt. Tegelijkertijd zijn er minnen die aandacht vragen: beperkte invloed van dorpsoverlegge, gebrek aan ritprijzenbeleid, verschillen in schaal die niet worden benut en een financiële spanning tussen de grote en kleine kermissen. De benchmark bevestigt dat Someren baat heeft bij één professionele organisator, een duidelijkere rolverdeling met de dorpen en een scherpere sturing op betaalbaarheid en kwaliteit. Hiermee wordt het fundament gelegd voor een toekomstbestendig model voor alle kernen. In zowel Asten als Land van Cuijk zien we dat kleine kermissen alleen toekomst houden wanneer de gemeente actief stuurt op betaalbaarheid en kwaliteit en tegelijkertijd ruimte geeft aan lokale inbreng.

Asten doet dat via ritprijzen en een strak concessiemodel. 5

Land van Cuijk kiest voor een gemeentelijk basisbudget en formele betrokkenheid van dorpsoverleggen.

2.3 Trends en ontwikkelingen Na de coronajaren ziet de kermissector zich geconfronteerd met verschillende uitdagingen. Zo neemt het aantal omwonenden en ondernemers dat zich uit over het lawaaiige en overlast veroorzakende karakter van de kermis toe. Het ‘nimby’-effect (‘not in my back yard’) treedt steeds vaker op. Ook is er op veel plekken minder openbare ruimte beschikbaar voor evenementen zoals de kermis. Door herontwikkeling en vergroening van binnensteden komt de kermis op steeds meer plekken in de knel. Verkeersveiligheid en herinrichting maken het organiseren van de kermis complexer. Kostenstijgingen Zowel organisatoren als exploitanten hebben te maken met stijgende lasten: energie, transport, personeel en veiligheid. Ook gemeenten merken dat de kosten voor toezicht en voorzieningen oplopen. Daardoor wordt het steeds lastiger de kermis financieel rond te krijgen. Voor bezoekers geldt hetzelfde: een dagje kermis is duurder geworden. Hogere prijzen voor attracties en eten zorgen ervoor dat men selectiever wordt, met dalende bezoekersaantallen tot gevolg. Veranderende vrijetijdscultuur Mensen kiezen anders dan voorheen. Ze zoeken kortdurende, onderscheidende ervaringen, vaak met muziek, eten of sfeer. Jongeren trekken sneller naar festivals, gezinnen letten op prijs en inhoud. De kermis moet zich dus blijven vernieuwen om aantrekkelijk te blijven.

Toegenomen landelijke en gemeentelijke regelgeving De toenemende landelijke en gemeentelijke regelgeving op onder andere het gebied van veiligheid en duurzaamheid zijn voor veel kermisorganisatoren en kermisexploitanten een punt van zorg. Het heeft onder andere geleid tot een explosieve stijging van de kosten, die door inflatie, gestegen energieprijzen en fors toegenomen personeelskosten toch al veel hoger zijn geworden. Maatschappelijke betekenis Tegelijk groeit de behoefte aan laagdrempelige momenten van ontmoeting. De kermis blijft daarin belangrijk: een plek waar inwoners elkaar treffen.

6

3. Ambitie en richting 3.1 De maatschappelijke waarde van de kermis De kermis is meer dan alleen vermaak. In alle kernen van Someren heeft ze een sociale, culturele en verbindende waarde, waarbij iedere kern daar een eigen draai aan geeft. Het is één van de weinige momenten waarop inwoners van alle leeftijden elkaar op ongedwongen wijze ontmoeten in de openbare ruimte. De kermis draagt bij aan de levendigheid van de dorpen, aan saamhorigheid en aan het lokale karakter. Bovendien is de kermis in de dorpen een belangrijke kapstok voor het kunnen behouden van bepaalde tradities en gewoonten. Zo wordt in Lierop al jarenlang traditiegetrouw gelijktijdig met de kermis de Fokpaardendag georganiseerd. De ambitie is om die waarde te behouden en te versterken, ook als de klassieke exploitatie moeilijker wordt. Na bespreking met de dorpsoverleggen is daarom gekozen voor één gemeentebreed model: één professionele organisator voor alle kermissen, met vaste lokale inbreng per dorp.

3.2 Ambities voor de periode 2027–2032 De komende jaren richt de gemeente zich op een stabiele en toekomstbestendige organisatie van de kermissen. Vier ambities staan centraal: Behoud en vernieuwing De kermis blijft in alle kernen bestaan. Tegelijk is er, in nauw overleg met de kernen/dorpsoverleggen ruimte om te vernieuwen in opzet, programmering en beleving. Duidelijke structuur Er komt één gemeentebreed model met vaste afspraken over rollen, verantwoordelijkheden en overlegmomenten. Draagvlak en eigenaarschap Dorpsoverleggen krijgen een formele adviserende rol in voorbereiding, uitvoering en evaluatie. Financiële houdbaarheid De exploitatie blijft primair bij de organisator, waarbij de gemeente voor een stabiele basis zorgt. De strategische koers voor Someren sluit aan bij de benchmark: een helder, bestuurbaar model met één professionele organisator én structurele lokale inbreng. Waar Asten laat zien dat ritprijzenbeleid bijdraagt aan betaalbaarheid, bewijst Land van Cuijk dat 7

dorpsoverleggen een kermis toekomst kunnen geven wanneer zij een formele rol krijgen. Someren kiest daarom voor een hybride benadering: centraal georganiseerd waar dat nodig is, lokaal gedragen waar dat kan. De inzet is een stabiel, herkenbaar en betaalbaar kermisconcept in alle vier kernen.

4. Het organisatiemodel 4.1 Eén professionele organisator Vanaf 2027 werkt Someren met één professionele organisator voor alle kermissen. Deze partij is verantwoordelijk voor planning, inrichting, veiligheid, exploitatie en afstemming met de gemeente en dorpsoverleggen. Deze keuze sluit direct aan op de ervaringen uit Asten en Land van Cuijk. In Asten blijkt een professionele partij noodzakelijk om continuïteit en kwaliteit te waarborgen, zeker in de grotere kern. In Land van Cuijk zorgt een vaste organisator voor helderheid in uitvoering en veiligheid. Door voor Someren te werken met één professionele partij ontstaat een stabiele basis waarop de dorpen kunnen voortbouwen. De gemeente houdt de regie als opdrachtgever en stelt de kaders vast. De dorpsoverleggen krijgen een vaste adviserende rol in voorbereiding, uitvoering en evaluatie. Zo combineren we professionaliteit met lokale betrokkenheid. Het model rust op drie pijlers: • • •

Professionele organisatie en borging van kwaliteit; Lokale inbreng en herkenbaarheid; Transparante samenwerking en duidelijke afspraken.

4.1.1. Ritprijzenbeleid De benchmark laat zien dat betaalbaarheid een belangrijke succesfactor is. Someren neemt deze lijn over door vanaf 2027 te werken met ritprijs-bandbreedtes (jaarlijks te indexeren), met onderscheid naar type attractie. Hiermee stuurt de gemeente op betaalbaarheid zonder de marktwerking te beperken. Klein-/kinderzaken (draaimolen, mini-cars, kleine spelzaken, etc.)

€1,50 – €2,50

Familie- en spelzaken (funhouse, rups, schietsalon, spelletjes, etc.)

€2,50 - €3,50

Grootvermaak (Break Dance, Booster, Impact, Polyp, Reuzenrad, etc.)

€4,00 - €6,50

Eet- en sfeerzaken: (vis- of snackkramen, snoepkramen, etc.)

Marktconforme prijzen

8

*De bandbreedtes zijn gebaseerd op ritprijzen die gangbaar zijn in vergelijkbare gemeenten en op actuele marktontwikkelingen, zodat exploitanten rendabel kunnen blijven draaien. Tegelijkertijd sluiten ze aan bij het participatiesignaal dat de kermis betaalbaarder moet worden voor inwoners.

De professionele organisator is verantwoordelijk voor exploitatie binnen grenzen. Ritprijzenbeleid zorgt voor voorspelbaarheid, toegankelijkheid en behoud van bezoek, cruciaal voor de kleinere kernen. 4.1.2. Basisaanbod per kermis Per kermis wordt gestreefd naar een evenwichtige mix uit de vier categorieën. Waar mogelijk wordt ook een vorm van grootvermaak opgenomen. Indien grootvermaak door ruimtelijke beperkingen, economische haalbaarheid of veiligheidsvoorwaarden niet passend of uitvoerbaar is, wordt binnen de overige categorieën gezorgd voor een volwaardige en aantrekkelijke invulling voor die doelgroep. Klein-/ kinderzaken: Draaimolen, Eendjesvissen, Babyflug, Mini zweefmolen, Kopjesmolen, Kindercoaster, Mini-grijpkranen, Trampolines, etc. Familie-/ spelzaken: Funhouse, Rups, Autoscooter, Mini-achtbaan, Schietsalon, Bal/werpspellen, Pusher, Lucky Crane, Lijntrekspel, Klein spookhuis, Kamelenrace, etc. Grootvermaak: Break Dance, Booster, Impact, Polyp / Octopus, Reuzenrad, Calypso, Twister, Mini-achtbaan, Spookhuis (groot), Himalaya, Speed surf, Move It, Top Spin, Mega zweefmolen, etc. Eet- en sfeerzaken: zoals vis- of snackkramen, snoep- en suikerspinnenkramen, popcorn, churros-/ of oliebollenkramen, etc. De exacte invulling per kern wordt jaarlijks afgestemd in het gemeentebrede kermisoverleg.

4.2 Rol van de gemeente De gemeente blijft eindverantwoordelijk voor veiligheid en vergunningen. Binnen dat kader vervult ze drie hoofdrollen: 1. Regie voeren – bepalen van beleid, kaders en planning. 2. Faciliteren – zorgen voor een basisbudget en praktische ondersteuning. 3. Toezicht houden – bewaken van veiligheid en naleving. De afspraken tussen gemeente en organisator worden vastgelegd in een meerjarige overeenkomst, waarin ook de basisbijdrage en overlegstructuur worden geregeld.

9

De gemeente neemt hierbij een vergelijkbare regierol als in Land van Cuijk: kaders stellen, veiligheid bewaken en zorgen voor structurele afstemming met dorpsoverleggen. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor het handhaven van het ritprijzenbeleid en de monitoring van de financiële uitvoerbaarheid.

4.3 Rol van de dorpsoverleggen / kermiscomité per kern In iedere kern wordt gewerkt met onder de vlag van het dorpsoverleg. Het dorpsoverleg neemt zelf deel of belegt dit bij een lokale groep van inwoners, verenigingen en ondernemers die de kermis dragen en de schakel vormen tussen dorp, gemeente en organisator. Deze groep vormt het kermiscomité. Het comité kan breder zijn dan het dorpsoverleg. •

Deelname aan het gemeentebrede (centrale) kermisoverleg (minimaal drie keer per jaar) met als onderwerpen de volgende punten: o Advies over programmering, lokale inpassing en communicatie; o Signaleren van knelpunten of kansen; o Deelname aan de jaarlijkse evaluatie.

De comités hebben geen financiële of juridische verantwoordelijkheid, maar wel structurele invloed op de invulling. Daarnaast kunnen zij zorgen voor randprogrammering dat tegelijkertijd met de kermis plaatsvindt. De inzet van comités volgt de lijn uit de benchmark. Zoals in Land van Cuijk bewezen werkt, zorgt formele betrokkenheid in voorbereiding, uitvoering en evaluatie voor meer draagvlak én een herkenbare kermis per dorp. Zij bepalen mede de uitstraling en lokale inpassing van de kermis, inclusief eventuele randprogrammering. Ook is het aan de dorpsoverleggen om de lokale horeca voor de kermis te mobiliseren.

4.4 Communicatie Heldere communicatie voorkomt misverstanden en versterkt het draagvlak. • • •

Organisator: verzorgt de centrale informatievoorziening (algemene informatie, bewonersbrieven, programma enz.) Gemeente: verzorgt belangrijke informatie voor inwoners (data, verkeersmaatregelen, programma). Comités: delen lokale informatie met inwoners en verenigingen.

4.5 Overleg en samenwerking Het gemeentebrede Kermisoverleg Someren wordt het vaste platform voor afstemming, kennisdeling en evaluatie. Het gemeentebrede kermisoverleg wordt het enige formele 10

overlegmoment: alle dorpen sluiten hierbij aan en alle kermissen worden daar gezamenlijk besproken, zodat volledige openheid en één lijn in besluitvorming geborgd zijn. Samenstelling: • • • •

Gemeente (beleidsadviseur evenementen/ vergunningverlening) Professionele organisator Kermis comités per dorp Vertegenwoordiger van horeca-ondernemers in Someren Dorp

Het model volgt een vast ritme: 1. Evaluatie/voorbereiding (Oktober) Evaluatie van het seizoen, planningsgesprek over data, locaties en opzet. Gemeente en organisator stemmen data en randvoorwaarden af. Dorpsoverleggen brengen lokale wensen in. De bevindingen worden meegenomen in de planning voor het volgende jaar. Het doel: leren en verbeteren. De evaluatie gaat in op: • • • •

Bezoek en beleving; Veiligheid en logistiek; Financiële uitvoerbaarheid; Communicatie en samenwerking.

De resultaten worden vastgelegd in een kort jaarverslag Kermissen Someren, opgesteld door gemeente in nauwe samenwerking met organisator en dorpsoverleggen. Dit verslag vormt de basis voor de planning van het volgende jaar. Signalen, klachten en ideeën worden besproken in het gemeentebrede kermisoverleg. De samenwerking steunt op drie kernwaarden: vertrouwen, transparantie en continuïteit. 2. Verpachting -/ start uitvoering (December–Januari) Overleg ten aanzien van inschrijvingen/verpachting/communicatie. De organisator voert uit binnen de afgesproken kaders. Gemeente verzorgt vergunningen en toezicht. Dorpsoverleggen ondersteunen lokaal bij sfeer, communicatie en randprogrammering. 3. (Rand)Programmering, Communicatie en marketing (April-Mei) In april–mei vindt een gericht overleg plaats over (rand)programmering, communicatie en marketing, waarin gemeente, organisator en dorpsoverleggen gezamenlijk de totale communicatie- en promotieaanpak voor alle kermissen afstemmen. 11

4.6 Veiligheid, vergunning en kwaliteit De gemeente is eindverantwoordelijk voor veiligheid en naleving van wet- en regelgeving. De uitvoering loopt via de bestaande vergunningprocedures. Belangrijkste waarborgen: • • •

Vergunningverlening en toezicht via de reguliere VTH-procedure; Afstemming met politie, brandweer en GHOR bij de jaarlijkse planning; Duidelijke afspraken over geluid, terreinindeling en verkeer;

De organisator zorgt voor naleving van veiligheidsregels, en stemt de op- en afbouw af met de gemeentelijke diensten. Bij risico’s of incidenten kan de gemeente aanvullende eisen stellen of toezicht intensiveren.

4.7 Risico’s en bijsturing Kermissen blijven gevoelig voor factoren als weer, prijsontwikkelingen en nieuwe/aangepaste regelgeving. Daarom zijn vaste bijsturingsmomenten ingebouwd: • •

Jaarlijkse evaluatie (oktober) voor korte termijn aanpassingen; Tussentijdse evaluatie in 2029 om het model te herijken (indien nodig);

Bij acute problemen, zoals veiligheidsrisico’s of wegvallend draagvlak, kan de gemeente samen met het dorpsoverleg besluiten om tijdelijk af te schalen of de opzet aan te passen.

5. Financieel kader 5.1 Uitgangspunten Het financiële kader is bedoeld om continuïteit en duidelijkheid te waarborgen, zonder dat het onnodig complex wordt. De huidige werkwijze, waarin de organisator de kermissen exploiteert en de gemeente alleen enkele facilitaire kosten draagt, en er verder geen andere financiële stromen zijn, loopt tegen zijn grenzen aan. Kosten stijgen, opbrengsten dalen en er komen steeds meer regels. Daarbij worden de verschillen tussen de kernen groter. Dat vraagt om een heldere en eerlijke verdeling van middelen. Het doel is niet om de gemeentelijke bijdrage fors te verhogen, maar om de afspraken voorspelbaar en transparant te maken.

12

5.2 Verdeling van kosten Gemeentelijke basisbijdrage De gemeente stelt jaarlijks een basisbudget beschikbaar voor niet-exploiteerbare kosten, zoals veiligheid, schoonmaak, verkeersmaatregelen en minimale promotie. Deze bijdrage ligt circa €10.000 per jaar voor alle kermissen samen, afhankelijk van prijsontwikkelingen. Exploitatie door organisator De professionele organisator blijft verantwoordelijk voor de commerciële exploitatie (standgelden, plaatsrechten, promotie, personeel). Eventuele winst of verlies ligt bij de organisator, tenzij sprake is van structurele veranderingen in kosten of regelgeving. Lokale ondersteuning Daarnaast kunnen kermis comités zelf aanvullende middelen organiseren. Dit kan via lokale fondsen, ondernemersbijdragen of een ‘Vrienden van de Kermis’-model, zoals in Ommel bewezen succesvol is. Zo ontstaat eigen financiële draagkracht, via supportersclubs, vriendenprogramma’s of lokale sponsoring, ter ondersteuning van sfeer, randprogrammering en continuïteit.

5.3 Afspraken en overeenkomst De financiële afspraken worden vastgelegd in een meerjarige overeenkomst tussen gemeente en organisator. Daarin staan: • • • • •

De hoogte en bestemming van de basisbijdrage; Afspraken over verantwoording en evaluatie; Mogelijkheid tot jaarlijkse bijstelling bij inflatie of gewijzigde omstandigheden; Verdeling van verantwoordelijkheden en risico’s. Afspraken in relatie tot het aanbod (attracties, kramen, enz.)

De overeenkomst legt naast de financiële kaders ook de ritprijzen vast, naar het voorbeeld van de gemeente Asten. Door deze elementen te verankeren ontstaat voorspelbaarheid voor inwoners, exploitanten en de organisator. Elk jaar wordt in het kermisoverleg kort teruggekeken op de financiële kant van het seizoen. De gemeente en organisator delen dan: • •

Overzicht van gemeentelijke bijdragen en kosten; Bezoekersaantallen en signalen uit de exploitatie; 13

•

Aandachtspunten of verbeterpunten.

5.4 Samenvatting Het financiële model is bewust eenvoudig gehouden: • • • •

Eén professionele organisator, Een gemeentelijke basisbijdrage, Kleine lokale middelen voor sfeer en extra beleving. Ritprijzenbeleid als instrument voor betaalbaarheid

De nadruk ligt op duidelijkheid en vertrouwen. Zo blijft de kermis uitvoerbaar, betaalbaar en bestuurlijk overzichtelijk.

6. Vervolg en besluitvorming 6.1 Doel en richting De Analyse Kermis gemeente Someren, de benchmark en dit beleid vormen samen de basis voor bestuurlijke besluitvorming over de toekomst van de kermissen in Someren. De koers is helder: één gemeentebreed model met een professionele organisator, gedragen door dorpsoverleggen en geborgd door de gemeente. Het vervolg richt zich op drie stappen: 1. Bestuurlijke vaststelling van het beleid. 2. Inregelen van de nieuwe werkwijze in 2026. 3. Uitvoering volgens het nieuwe model vanaf 2027. Deze aanpak biedt rust, duidelijkheid en tijd om de samenwerking zorgvuldig in te voeren. De invoering van het nieuwe model volgt de aanpak van Asten en Land van Cuijk: eerst stabiliseren, daarna professionaliseren. 2026 wordt gebruikt om ritprijzen, basisbijdrage en overlegstructuur in te regelen. Vanaf 2027 is het nieuwe model volledig operationeel.

6.2 Uitvoering 2025-2027 Om de nieuwe werkwijze zorgvuldig in te voeren, wordt gewerkt met een gefaseerde aanpak. De planning hieronder geeft een eerste richting. De planning wordt jaarlijks bijgesteld in het kermisoverleg. Uitvoeringsacties:

14

• • • • •

• • •

Opstellen rolomschrijving dorpsoverleggen (advies, signaal, randprogrammering). Juridische borging in overeenkomst. Afspraken over plaatsing, routing, openingstijden per kern. Opzet gemeentebreed Kermisoverleg (agenda, frequentie, trekkers). Opstellen Programma van Eisen:  Minimale attracties per kermis  Overlegstructuur  Communicatie-uitvoering Aanbesteding uitzetten, selectieprocedure. Gezamenlijke kick-off met dorpsoverleggen. Communicatie richting exploitanten en inwoners.

Periode Voorjaar 2026 Voorjaar 2026

Voorjaar 2026 Zomer 2026

Najaar 2026

Actie/resultaat Kermisbeleid 2027–2032 door college en raad. Opstart nieuw overlegmodel met vertegenwoordigers dorpsoverleggen. Uitzetten aanbesteding Kermissen volgens oude model, met test van nieuwe overlegstructuur. Evaluatie overgangsjaar.

Najaar 2026

Start uitvoering nieuwe werkwijze

2027

Organisatie kermissen volgens nieuwe aanpak

Najaar 2027

Eerste evaluatie volgens nieuwe aanpak

Betrokken partijen Gemeente Gemeente, dorpsoverleggen Gemeente Gemeente, dorpsoverleggen, huidige organisator Gemeente, dorpsoverleggen, huidige organisator Gemeente, dorpsoverleggen, organisator Gemeente, dorpsoverleggen, organisator Gemeente, dorpsoverleggen, organisator

Langere termijn (2028–2032) • • • •

Jaarlijkse cyclus van planning, uitvoering en evaluatie. Structurele deelname van dorpsoverleggen aan overleg. Tussentijdse herijking van samenwerking en budget in 2029. Eindevaluatie en actualisatie van het beleid in 2032. 15

6.3 Herziening en opvolging Het kermisbeleid heeft een looptijd van vijf jaar (2027–2032). In 2029 wordt een tussentijdse evaluatie uitgevoerd om te bepalen of aanpassing nodig is, bijvoorbeeld door veranderingen in kosten, regelgeving of maatschappelijke trends. Na afloop van de looptijd wordt het beleid geëvalueerd en geactualiseerd. De gemeente borgt hiermee een cyclische aanpak: evalueren, leren en verbeteren.

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16544057/1