Bijlage 8 Quickscan
Tekst van het document
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
AANVRAGER F. en P. Verhees B.V. Smulderslaan 30 en 40 5712 PN Someren
LOCATIE BEDRIJF Smulderslaan 30 en 40 5712 PN Someren
Initiatieflocatie:
Smulderslaan 30 en 40 5712 PN Someren Kvk nummer: 72048794 Vestigingsnummer: 000011242752
Initiatiefnemer:
P. en F. Verhees Smulderslaan 30 en 40 5712 PN Someren Tel: 0610-805016 / 0627-088327 e-mail: pverhees@kpnmail.nl / frans.verhees@hetnet.nl
Adviseur/contact:
FarmConsult Sluisstraat 24 7491 GA Delden farmconsult@forfarmers.eu KvK nummer: 08207868 Vestigingsnummer: 000016141881 Projectleider J.Thijs tel. 0653-209707 jan.thijs@forfarmers.eu Opsteller F. Heslenfeld tel. 0653-330180 frans.heslenfeld@forfarmers.eu
Datum:
4 maart 2021
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
1
Inhoudsopgave
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
INHOUDSOPGAVE ................................................................................................ 1 INLEIDING ........................................................................................................... 2 PLANGEBIED EN VOORNEMEN .............................................................................. 3 RESULTATEN: A. BUREAU-ONDERZOEK................................................................ 8 RESULTATEN: B. LOCATIEONDERZOEK ................................................................ 9 VOGELS ............................................................................................................. 10 VLEERMUIZEN ................................................................................................... 19 OVERIGE ZOOGDIEREN ...................................................................................... 22 AMFIBIEËN, VISSEN EN REPTIELEN .................................................................... 24 ONGEWERVELDEN ............................................................................................. 25 OVERIGE BESCHERMDE SOORTEN ...................................................................... 26 VAATPLANTEN ................................................................................................... 28 BEOORDELING WET NATUURBESCHERMING .......................................................
29 WETTELIJK KADER ............................................................................................. 30 CONCLUSIES...................................................................................................... 32 GERAADPLEEGDE BRONNEN ............................................................................... 33 BIJLAGE 1 ALGEMENE VERBODSBEPALINGEN WNB.............................................. 34 BIJLAGE 2 STROOMSCHEMA WNB, BESCHERMING SOORTEN ............................... 36 BIJLAGE 3 CATEGORIEËN VOGELS ...................................................................... 37 BIJLAGE 4 BUREAUSTUDIE ................................................................................. 38
1
Inleiding FarmConsult heeft van varkenshouderij F. en P. Verhees B.V., Smulderslaan 30 en 40 te 5712 PN Someren opdracht gekregen voor het uitvoeren van een quickscan in het kader van de Wet natuurbescherming ten aanzien van bescherming soorten. Deze quickscan is uitgevoerd in het kader van een sloopmelding en terugbouwen van een aantal andere bouwwerken. Deze quickscan heeft als doel om te toetsen of vooraf uit te sluiten is dat door het project natuurwaarden ten aanzien van soorten aangetast kunnen worden. Indien aan de orde worden natuurwaarden ten aanzien van gebiedsbescherming separaat van onderhavige quickscan getoetst. Op basis van deze quickscan kan uitsluitsel worden gegeven of de gemeente bij het behandelen van een aanvraag / melding Omgevingsvergunning een ontheffing dient aan te vragen bij de provincie.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
De activiteit waarvoor deze quickscan is opgesteld betreft het slopen van varkensstallen en terugbouwen van een aantal andere bouwwerken.
2
Plangebied en voornemen Huidig gebruik Het plangebied is gelegen aan de Smulderslaan 30 en 40 te Someren in de gemeente Someren. De omgeving van het plangebied kenmerkt zich door een open agrarisch landschap met voornamelijk veehouderij en enkel bomenrijen langs wegen. De locatie is gelegen op een afstand van: -
Ca. 0,7 km ten W van de bebouwde kom van Someren-Heide Ca. 3,1 km ten ZW van de bebouwde kom van Someren Ca. 3,4 km ten O van de bebouwde kom van het dorp Sterksel Ca. 1400 mtr ten O van een bosperceel, vallend onder Natuur netwerk Brabant en aangewezen als z.g. WAV - gebied Ca. 200 m ten ZO van de Peelrijt, een waterloop ontstaan bij de ontginning van de Somerense heide. een A watergang (KD 25) Ca. 110 mtr ten O van een A watergang (KD 31, afstand aangegeven v.a. nr. 40) Ca. 220 mtr ten W van een A watergang (KD 28, afstand aangegeven v.a. nr. 30) Ca. 3,8 km ten Z van Natura-2000 gebied Strabrechtse Heide & Beuven Ca. 3,7 km N van Natura-2000 gebied Weerter- en Budelerbergen & Ringselven
Figuur 1. Luchtfoto met ligging in regio. De bedrijfslocatie is bebouwd met drie (bedrijfs-) woningen en een 12-tal gebouwen voor de huisvesting van varkens met daarbij behorende ventilatiesystemen (luchtwassers) op de locatie Smulderslaan 40 en daarnaast 2 bijgebouwen voor machines/werktuigen en kantoorruimte en hygiënesluis.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Het bestaande en goedgekeurde grondgebruik van de locatie betreft agrarisch gebruik.
3
Het bedrijf is een varkenshouderij.
Ligging ten opzichte van beschermde gebieden Natura 2000
Het plangebied is niet gelegen binnen de grenzen, in heel directe nabijheid van een gebied dat is aangewezen als Natura 2000 gebied. Het meest nabijgelegen Natura-2000 gebied is het gebied Weerteren Budelerbergen & Ringselven op een afstand van ca. 370 meter.
Figuur 2. Ligging ten opzichte van dichtstbij gelegen Natura 2000 gebied
De initiatiefnemer is voornemens te slopen: Locatie Smulderslaan 30: Gebouwen 4,5,6,7,8,9 en 11 (zie locatiefoto 1). Ongeveer op de plek van gebouwen 5 en 6 wordt een rij-bak gepland en op ongeveer de plek van gebouwen 7, 8 en 9 een stapmolen (zie locatiefoto 2). In de bespreking zijn de planlocaties aangeduid als 30-4, 30-5 e.d. Locatie Smulderslaan 40: Gebouwen 4, 6, 7 en 8 (zie locatiefoto 3). Ongeveer op de plek van gebouw 4 en ten oosten daarvan worden resp. een loods en een rundveestal terug-gepland en op ongeveer de plek van gebouwen 6, 7 en een gedeelte van gebouw 8 een zonnepanelen-veld. Daarnaast nog een beperkte opslag vaste mest ten noorden van de bestaande en blijvende loods (zie locatiefoto 4). In de bespreking zijn de planlocaties aangeduid als 40-4, 40-5 e.d. In alle te slopen gebouwen zijn momenteel varkens aanwezig of recentelijk niet meer. Deze leegstaande gebouwen zijn net geheel gereinigd of nog net niet.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Voorgenomen werkzaamheden
4
locatiefoto 2 Luchtfoto geplande situatie Smulderslaan 30 met aanduiding geplande gebouwen in groen.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
locatiefoto 1 Luchtfoto huidige situatie Smulderslaan 30 met aanduiding betreffende gebouwen met gele nummers.
5
locatiefoto 4 Luchtfoto geplande situatie Smulderslaan 40 met aanduiding geplande gebouwen in groen.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Locatiefoto 3 Luchtfoto huidige situatie Smulderslaan 40 met aanduiding betreffende gebouwen met gele nummers.
6
Wijze van onderzoek Het onderzoek is uitgevoerd door het uitvoeren van een en een bureauonderzoek en een locatiebezoek. Het bureauonderzoek (zie bijlage 4) richt zich op gegevens die van belang zijn voor het voorkomen van beschermde flora- en fauna op de locatie. Voor het bureauonderzoek is gebruik gemaakt van verspreidingsatlassen, websites op internet en de Nationale Databank Flora en Fauna(NDFF). Daarin zijn alle waarnemingen in het onderzoeksgebied van de afgelopen 5 jaar opgenomen en beoordeeld. Tijdens het locatieonderzoek is het plangebied, alsmede de directe omgeving ter plekke beoordeeld (veldbezoek). Er is zoveel mogelijk informatie verzameld om aan-of afwezigheid van beschermde soorten te kunnen vaststellen. Hiervoor is gekeken of er visuele waarnemingen konden worden gedaan of dat geluiden van soorten konden worden waargenomen. Tijdens het bezoek is gekeken naar aanwezigheid, nesten, pootafdrukken, krabsporen, uitwerpselen en dergelijke. Op het bedrijf wordt een hond en een kat gehouden, naar verluid komen ook zwerfkatten voor. Deze hebben toegang tot de directe omgeving van het woonhuis en de stallen. Op basis van het het bureau onderzoek en het locatieonderzoek samen kan een goede inschatting worden gemaakt welke beschermde flora en fauna in het plangebied of in de directe omgeving van het plangebied aanwezig zijn.
De quickscan is echter geen volwaardig (soorten) onderzoek of ecologische inventarisatie maar slechts een toets van de ecologische potenties van de onderzoekslocatie. Er heeft 1 veldbezoek op de planlocatie en de naaste omgeving plaatsgevonden. : 18 februari 2021 : ochtend : bewolkt : 9-10°C
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Datum Tijdstip Weersbeeld Temperatuur
7
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Resultaten: a. Bureau-onderzoek Zie bijlage 4
8
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Resultaten: b. Locatieonderzoek
Fauna
9
Vogels Tijdens het locatiebezoek zijn de volgende vogels en sporen van vogels in het plangebied of de direct omgeving daarvan aangetroffen. aantal Meerdere gehoord gezien
en
Kauw
meerdere
Merel
1 nest 1 rustend 1 overvliegend 2 rustend 1 nest meerdere
Houtduif ekster zilvermeeuwen kolganzen
Vlucht overvliegend
plaats In de struikenbegroeiing in de tuin W, en O naast de oprit huisnr 40. Op ca. 40 m Z van planlocatie geb. 40-4
Onderstaande foto’s 1,2
Fouragerend in weide op ca. 300 m NO huisnr. 40 in leiboom voor huisnr 30 in boom langs weg huisnr 40 Boven woonhuis en tuin O huisnr 40 In boom langs weg huisnr 40 In boom O in tuin huisnr 30 Fouragerend in weide op ca. 400 m NO huisnr. 40 Ten N huisnr 40 op ca 200 mtr afstand
3
Foto 1 begroeiing tuin O en west huisnr 40 met met gehoorde mussen
4, 5 6 7, 8 9 10
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Soort Huismus
10
Foto 3 Kauwen, fouragerend in weide
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 2 Begroeiing O van oprit met aanwezige huismussen in struiken
11
Foto 5 merel rustend in boom langs weg
Foto 6 houtduif overvliegend
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 4 merelnest in leiboom voor huisnr. 30
12
Foto 8 Eksternest in boom bij huisnr. 30
Foto 9 Zilvermeeuwen in weide
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 7 Eksters in boom langs weg huisnr 40
13
Foto 10 kolganzen overvliegend
Bespreking:
Foto 11 ‘plaat-golfafdichting’ gebouw 40-4
Foto 12 ‘plaat-golfafdichting’ gebouw 30-9
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Huismussen: Tijdens het bezoek zijn huismussen gehoord in de tuin ten westen en noord van het woonhuis nr. 40. Daarna ook gezien in de struiken net ten oosten van de oprit aldaar. (foto 2.). Er zijn geen waarnemingen van aanwezigheid of sporen bij huisnr. 30. Naar verluid zouden er weleens huismussen nestelen onder de dakpannen van de woonhuizen. Sporen zijn in en direct rond de planlocatie niet aangetroffen. Er zijn geen nestmogelijkheden aangetroffen in of direct naast de te slopen gebouwen. Daar is ook geen potentiëel geschikte begroeiing aanwezig. De te slopen gebouwen zijn voorzien van ‘vogelschroot’ of andere ‘golfplaatafdichting’, zie foto’s 11 t/m 15. De kopgevels van de gebouwen zijn of strak met damwand dicht, of met een specie-strook’ aangesmeerd, zie foto’s 16 t/m . Bij gebouw 30-6 is die strook beschadigd, en opgevuld met pur-schuim. Zie foto
14
Foto 13 ‘golfafdichting’ PUR gebouw 30-7
Foto 15 ‘golfafdichting’ PUR gebouw 40-11
De kopgevels van de gebouwen zijn of strak met damwand dicht, ook de hoekafwerkingen, zie Foto 16 en 17 of met een specie-strook’ aangesmeerd, zie foto’s 16 t/m 20. Bij gebouw 30-6 is die strook beschadigd, en opgevuld met pur-schuim. Zie foto 21.
Foto 16 Damwand beplating met strakke afwerking geb. 40-8
Foto 17 Dichte hoekafwerking geb. 40-8
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 14 ‘plaat-golfafdichting’ gebouw 40-5
15
Foto 18 kopgevelafdichting met specierand geb 30-8
Foto 19 kopg. Afdichting geb. 40-4
Foto 21 kopg. PUR-afdichting opvulling geb. 30-6 In de directe omgeving van de planlocaties (de te slopen gebouwen ) zijn ook geen uitwerpselen, veren of andere sporen van huismussen aangetroffen. Alle gebouwen worden geventileerd middels z.g. plafondventilatie of (gebouw 30-8) via een luchtwasser (geb. 40-8). De luchtinlaat boven de plafonds geschiedt per gebouw via een centrale gang of via luchtinlaat-openingen in de kopgevels. Deze zijn afgedicht met fijn gaas zoals bij gebouw 30-11. Zie foto 22. Daar zijn geen nest of verblijfsmogelijkheden voor o.a. huismussen.
Foto 22 van gaas voorziene luchtinlaat geb. 30-11
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 20 kopgevelafdichting met specierand geb. 30-6
16
De luchtinlaat bij de kopgevel van gebouw 40-6 is niet afgedekt met gaas en dus is de zolder boven het ventilatieplafond geheel open. Geconstateerd is dat daar geen tekenen van sporen en of aanwezigheid van huismussen (of overige vogels, of overige soorten) aanwezig zij, behoudens spinnen. Gezien de nagenoeg continue luchtstroom aldaar is dat ook geen geschikt leefklimaat. Dit geldt evenzo voor de beide zolder-luchtkanalen van gebouw 40-8 die zijn uitgerust met een luchtwasser; de zolders zijn tevens luchtkanalen met een forse luchtstroom. Bovendien is daar door de chemische zuurtoevoeging een afschrikkende werking voor soorten. De dak-isolatie van gebouw 40-6 bestaat uit pur tegen de golfplaten aan zonder enige spleten of kieren. Zie foto’s 23 en 24.
Foto 23 Open zolder geb. 40-6
Foto 24 pur tegen dak geb. 40-6
Foto 22. Vb van muizenkistje, Z geb. 40-6
Foto 23. Vb van muizenkistje, Z geb. 30-6
Zoals beschreven bij huismussen zijn er op de open bereikbare zolder van gebouw 40-6 geen sporen van vogels aangetroffen en vanwege de sterke luchtstroom ook geen potentiëel leefgebied voor deze soort.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Uilen: Er zijn op, of in de directe omgeving van de planlocatie geen uilen of sporen van deze soort aangetroffen. Op het bedrijf wordt in het kader van algemene bedrijfshygiëne aan ongediertebestrijding gedaan. Rondom alle stallen zijn zg. muizenkisten geplaatst. Zie foto 22 en 23. Daardoor is de potentie van het voorkomen van prooidieren voor uilen binnen of in de directe omgeving van de planlocatie zeer slecht.
17
Overige vogelsoorten: Ook na uitvoeren van het voornemen blijft het bedrijf en de directe omgeving geschikt als leefgebied voor bijvoorbeeld de Houtduif, Kauw, Merel en Huismussen in de aangegeven begroeiing. Na uitvoeren van de sloopwerkzaamheden wordt er nog nieuwe begroeiing aangeplant in de vorm van een soort windsingel: -
Bij huisnummer 40 rondom het te realiseren zonnepanelenveld Bij huisnummer 30 om de te realiseren rijbak en stapmolen
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
De voorgenomen activiteiten leiden niet voor aantasting van verblijfplaatsen, het fourageergebied of vliegroutes. Door de aanplant van de windsingels is er sprake van uitbreiding van begroeiing welke het stimuleren van voorkomen van o.a. vogels zal ondersteunen.
18
Vleermuizen Tijdens het locatiebezoek is gekeken naar sporen van vleermuizen en potentiele verblijfsplaatsen en vliegroutes.
Foto 24 open voeg zonder invliegsporen en met Foto 25 kier geb. 40-4 nabij 6 zonder invliegdaarin purschuim gevoeld; geb. 40-4 sporen, ook erg laag
Foto 26 dichte afdichting beplating Z gevel Geb. 40-4
Foto 27 strakke montage goot tegen zijgevel Geb. 40-6
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
De te slopen bebouwing bestaat uit de aangegeven in gebruik zijnde varkensstallen. Als verblijfplaats zijn deze stallen intern niet geschikt als verblijfplaats van deze soort vanwege de onrust en omgeving met ventilatie (tocht). De mogelijk wel geschikte ruimtes in de vorm van kieren en spleten aan de buitenzijde vertonen geen aanwezigheid van deze soort. Er zijn geen uitwerpselen, invliegsporen of dergelijke aangetroffen. Aangezien deze kieren of zijn afgedicht met pur-schuim en te tochtig zijn is dit ook niet te verwachten. De krimpvoegen zijn slechts zeer oppervlakkig en daarmee te tochtig om als mogelijke invlieg / verblijfplaats voor deze soort te dienen. De zijgevels van de gebouwen bevatten alle vogelschroot, golfplaat-afdichting of goten die strak tegen de gebouwen aan gemonteerd zijn. In enkele gebouwen zijn stootvoegen aanwezig. Deze zijn zeer laag en vertonen logischerwijze geen invliegsporen van wege deze situering. Zie foto’s 24 t/m 34.
19
Foto 29 strakke montage pijpdoorvoer Z gevel Geb. 40-7
Foto 30 krimpvoeg geb. 40-6 zeer oppervlakkig Foto 31 scheur zijgevel oppervlakkig en laag geb 30-9
Foto 32 groter gat in zijgevel geb. 30-8 zeer Tochtig. Binnenwand strak tegen buitenwand.
Foto 33 laag aanwezige open stootvoegen geb.30-6 Met spinrag erin
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 28 dicht gepurde oude leiding doorVoeren geb.40-6
20
Foto 34 Luchtinlaatstenen geb. 30-7, zeer tochtig Het te slopen gebouw 40-8 is uitgerust met een luchtwas-systeem. Daarvoor zijn de betreffende zolders ingericht als luchtkanaal waardoor de uitkomende lucht uit de stallen naar de betreffende luchtwasser wordt gezogen. Vanwege deze nagenoeg constante luchtstroom kunnen deze zolders niet als verblijfplaats voor vleermuizen fungeren. Bovendien heeft de lucht in de directe omgeving van de luchtwasser een hoog zuurgehalte welke in potentie al zeer afstotend voor soorten werkt.
Bespreking: Er zijn geen waarnemingen van vleermuizen of sporen van deze soort aangetroffen. Aanwezige kieren zijn bedekt met spinrag en relatief laag aanwezig. De lucht inlaatopeningen zijn erg tochtig en een aantal met erg fijn gaas afgedekt en kierdicht bevestigd. Het plangebied is in potentie zeer matig geschikt voor vleermuizen. Er zijn enkele potentiële invliegopeningen in de gebouwen. Omdat deze relatief laag aanwezig zijn en met spinnenweb gevuld zijn bieden deze geen geschikte verblijfplaatsen voor deze soort. De aanwezige zolders zijn vanwege de continue (forse) luchtstroom onschikt als verblijfplaats. Daarnaast is er geen opgaande beplanting naast de te slopen gebouwen. Hierdoor zijn er nagenoeg geen windluwe omstandigheden aanwezig met naar verwachting geschikt voedselaanbod (insecten) waardoor het geheel niet kan functioneren als onderdeel in een foerageergebied van enkele soorten vleermuizen. De voorgenomen activiteiten leiden niet voor aantasting van verblijfplaatsen, het fourageergebied of vliegroutes. Effecten voor vleermuizen zijn uitgesloten.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Er zijn nergens uitwerpselen of invliegsporen aangetroffen.
21
Overige zoogdieren Tijdens het locatiebezoek zijn de volgende overige zoogdieren of tekenen van aanwezigheid in het plangebied of de direct omgeving daarvan aangetroffen. Soort Huisspitsmuis Mol Haas
Teken van aanwezigheid uitwerpselen Molshopen ritten overblijfselen
en
plaats
Onderstaande foto
In net schoongemaakt gebouw 40-7 , net naast bestrijdingsmiddel In ‘gras’ begroeide strook W geb. 40-7
35
Op weide ca. 20 mtr. O naast geb. 408
38
36, 37
Foto 36 Molshopen naast geb. 40-7
Foto 37 Mols-hopen en –ritten naast geb. 40-7
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 35 Uitwerpselen huisspitsmuis in net schoongemaakt gebouw 40-7
22
Bespreking: De planlocatie, en de directe zone hier omheen, biedt enkele algemene zoogdiersoorten wel een potentieel geschikt leefgebied. Hierbij moet met als eerste gedacht worden aan soorten als: Ware muizen, woelmuizen, spitsmuizen, bruine rat, mol en egel. Gezien de bestrijding van knaagdieren in het kader van algemene bedrijfshygiëne voor de varkenshouderij zijn deze soorten slechts in zeer beperkte mate leefgebied in of direct naast de planlocaties. Ook de aanwezige hond en katten hebben een remmende werking. De naast de planlocaties locaties gelegen graslanden bieden leefgebied voor hazen; hiervan zijn overblijfselen aangetroffen zie foto 38. Voor kleine marterachtigen zijn er potentiele prooidieren aanwezig. Tijdens het locatiebezoek zijn er slechts enkele uitwerpselen aangetroffen op diverse plaatsen in de planlocatie en geen verdere holen of sporen. Daarnaast is de huisspitsmuis opgenomen op de lijst met provinciale ontheffing (zie bijlage 4 bij het bureauonderzoek ). Er zijn verder geen tekenen van aanwezigheid gevonden. Na uitvoeren van het voornemen blijft de omgeving geschikt voor genoemde soorten. De omliggende gronden ook zeker geschikt voor bijv. haas.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Foto 38 Overblijfselen haas
23
Amfibieën, vissen en reptielen Tijdens het veldbezoek zijn in het plangebied geen soorten amfibieën, vissen of reptielen of tekenen daarvan aangetroffen. Er zijn in de directe omgeving van het plangebied geen waterpartijen of drasland.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Bespreking: De voorgenomen ingreep vindt op het land plaats. De planlocatie is zeer matig geschikt voor reptielen. Effecten op deze soortgroep kunnen op voorhand worden uitgesloten.
24
Ongewervelden Tijdens het locatiebezoek is gekeken naar potentiele verblijfsplaatsen en vliegroutes. Het plangebied is in potentie zeer matig geschikt voor dagvlinders en libellen. Er zijn geen bloeiende bloemen en geen waterpartijen in het plangebied. Er zijn geen waarnemingen tijdens het locatiebezoek.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Bespreking: Tijdens het locatiebezoek zijn geen beschermde soorten uit deze groep aangetroffen. Gezien het seizoen is dat ook logisch. Het gebied is zeer matig geschikt voor deze soorten. Het voorkomen van beschermde soorten zoals bijvoorbeeld libellen kunnen worden uitgesloten.
25
Overige beschermde soorten (Sprinkhanen, krekels, geleedpotigen, nachtvlinders, mossen, korstmossen, algen, wieren etc.) Tijdens het locatiebezoek is gekeken naar aanwezigheid van deze soorten in het plangebied. Er zijn geen beschermde soorten uit deze groep aangetroffen
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Bespreking: Tijdens het locatiebezoek zijn geen beschermde soorten uit deze groep aangetroffen. Het gebied is zeer matig geschikt voor deze soorten. Het voorkomen van beschermde soorten uit deze groep kan worden uitgesloten. Na uitvoeren van het voornemen blijft de omgeving in gelijke mate geschikt voor genoemde soorten.
26
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Flora
27
Vaatplanten Tijdens het locatiebezoek is gekeken naar aanwezigheid van beschermde flora. Deze zijn niet aangetroffen. Bespreking: Het plangebied bestaat grotendeels uit bebouwing en erfverharding. Er zijn geen beschermde flora aangetroffen. Effecten van de voorgenomen ingreep kunnen op voorhand worden uitgesloten.
Overige soorten Bespreking: Het plangebied bestaat grotendeels uit bebouwing en erfverharding. Er zijn geen beschermde soorten uit deze groep aangetroffen. Effecten van de voorgenomen ingreep kunnen op voorhand worden uitgesloten.
Beoordeling activiteit bouwen
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Zoals onder ‘Plangebied en voornemen’ is aangegeven worden er na de sloop een aantal nieuwe bouwwerken gerealiseerd. Enkel de aangegeven nieuwe rundveestal achter huisnr. 40 ten oosten van gebouw 40-4 komt op een nu niet bebouwde plaats; het hertenweitje . Aangezien dit gebruik en geen verdere begroeiing kunnen effecten voor soorten als gevolg van deze bouw op voorhand worden uitgesloten.
28
Beoordeling Wet natuurbescherming Vogels Gezien de plaatsen en afstand tot de planlocatie zijn geen effecten op jaarrond beschermde vogelsoorten te verwachten. Na uitvoering van het voornemen blijft het aanwezige leefgebied voor huismussen en nestelen in de struiken in de tuinen aan de zuidzijde van de locatie aanwezig en wordt uitgebreid door de aanplant van de singels om het zonnepanelen veld bij huisnr. 40 en de rijbak en stapmolen bij huisnr. 30 .
Vleermuizen Gezien de potentie en geen aangetroffen sporen van deze soort zijn er geen effecten voor deze soort te verwachten. De bedrijfsvoering in en om de planlocaties is er altijd op gericht om kieren zoveel mogelijk te dichten en ongedierte te weren in het streven naar een zo hoog mogelijke gezondheid van de aanwezige varkens. Dientengevolge is er als basis al geen potentiëel leefgebied voor deze soort.
Overige soorten Voor de overige soorten flora en fauna in het plangebied geldt dat die niet/ zeer beperkt aanwezig waren en niet beschermd; daarmee is er geen ontheffing aan de orde. Tijdens de uitvoering van het project dient rekening gehouden te worden met deze soorten zodat er zo min mogelijk verstoring is.
De planlocatie is op een afstand van ca. Ca. 3,7 km N van Natura-2000 gebied Weerter- en Budelerbergen & Ringselven gelegen. De geplande activiteiten kunnen gezien de aard en deze afstand in potentie geen mogelijke effecten hebben op factoren van belang voor de instandhouding van het gebied.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Ligging ten opzichte van een Natura 2000 gebied
29
Wettelijk kader WET NATUURBESCHERMING Vanuit de Wet natuurbescherming zijn er twee onderdelen aan de orde: Gebiedsbescherming: Dit wordt separaat getoetst in de procedure rechtstreeks bij de provincie aangevraagd. Soortenbescherming: Doelstelling van de Wet natuurbescherming in het kader van soortbescherming is het beschermen en ontwikkelen van natuur, mede vanwege de intrinsieke waarden, en het behouden en herstellen van biologische diversiteit. Het uitgangspunt van de wet is ‘nee, tenzij’. Dit betekent dat activiteiten met een schadelijk effect op beschermde soorten in principe verboden zijn. Van het verbod op schadelijke handelingen (‘nee’) kan onder voorwaarden (‘tenzij’) worden afgeweken, met een ontheffing of vrijstelling. Het verlenen hiervan valt onder de bevoegdheid van de provincie. Daarnaast erkent de wet dat ook dieren die geen direct nut opleveren voor de mens van onvervangbare waarde zijn: de erkenning van de intrinsieke waarde van het in het wild levende dier. Deze erkenning is terug te vinden in de zorgplicht.
Beschermingsregimes De Wet natuurbescherming kent verschillende beschermingsregimes. Er is een apart beschermingsregime voor soorten die vallen onder de Vogelrichtlijn, een apart beschermingsregime voor soorten die vallen onder de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bonn en het Verdrag van Bern. Daarnaast is er een apart beschermingsregime voor soorten die vanuit een nationaal belang beschermd worden. Elk beschermingsregime kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten aan ontheffingen of vrijstellingen. De verschillende beschermingsregimes zijn in de Wet natuurbescherming vertaald naar de volgende categorieën: 1. Alle van nature in Nederland in het wild levende vogels zijn beschermd onder het beschermingsregime van de Europese Vogelrichtlijn (paragraaf 3.1); 2. Soorten, niet vogels zijnde, van de Europese Habitatrichtlijn bijlage IV onderdeel a, het Verdrag van Bern bijlage II en het Verdrag van Bonn bijlage I, voor zover hun natuurlijke verspreidingsgebied zich in Nederland bevindt (paragraaf 3.2); 3. ‘Andere soorten’, waaronder soorten die vanuit nationaal belang bescherming behoeven (paragraaf 3.3).
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Zorgplicht Voor alle flora en fauna die in het wild voorkomen geldt een algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat iedereen voldoende zorg in acht moet nemen met betrekking tot in het wild levende flora en fauna en het leefgebied van deze flora en fauna. Voor de uitvoer van handelingen (bijvoorbeeld ruimtelijke ontwikkelingen) betekent dit dat voorafgaand aan de uitvoer er inzicht moet zijn in de aanwezige flora en fauna en wat het effect van de handelingen is op de aanwezige flora en fauna. Negatieve effecten op de aanwezige flora en fauna moeten in alle gevallen tot het minimale worden beperkt, ook als er een vrijstelling is voor bepaalde soorten, of als een ontheffing is verleend.
30
Tabel met een overzicht van de verbodsbepalingen per beschermingsregime.
Art. 3.1 lid 2 Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen Art. 3.1 lid 3 Het is verboden eieren te rapen en deze onder zich te hebben Art. 3.1. lid 4 en lid 5 Het is verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijk invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.
Categorie 2 (§3.2) Art. 3.5 lid 1 Het is verboden soorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen Art. 3.5 lid 4 Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen
Categorie 3 (§3.3) Art. 3.10 lid 1a Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen Art. 3.10 lid 1b Het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen
Art. 3.5 lid 3 Het is verboden eieren van dieren in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. Art. 3.5 lid 2 Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren
Art. 3.5 lid 5 Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen
Art. 3.10 lid 1c Het is vrboden plantensoorten in hun natuurlijke verspridingsgebied te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen
3.1.3 Ontheffingen en vrijstellingen Het is mogelijk om in bepaalde gevallen verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming middels een ontheffing of vrijstelling te ontwijken. Om in aanmerking te komen voor een ontheffing of vrijstelling moet aan drie eisen/criteria worden voldaan: • Er is geen andere bevredigende oplossing voorhanden om overtreding van een verbodsartikel te voorkomen; • De handelingen worden uitgevoerd in het kader van een wettelijk belang. Voorbeelden van dergelijke belangen zijn ruimtelijke ontwikkeling, bestendig beheer en volksgezondheid; • De handelingen als geheel mogen geen afbreuk doen aan de gunstige staat van instandhouding van een soort.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Categorie 1(§3.1) Art. 3.1. lid 1 Het is verboden in het wild levende vogls opzettelijk te doden of te vangen
31
Conclusies De beoogde werkzaamheden kunnen zonder effecten op broedvogels of overige beschermde soorten uitgevoerd worden. Er is geen ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Er is ook voor de overige natuurwaarden geen ontheffing noodzakelijk. In onderstaande tabel zijn de mogelijke effecten samengevat. Wij adviseren wel om deze conclusie (het rapport) door het bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning (Gemeente Someren) te laten bevestigen. Het rapport kan ter beoordeling worden voorgelegd aan de provincie Noord-Brabant, maar dit is geen wettelijke verplichting. In dit geval is de noodzaak daartoe minder groot omdat er effecten zijn uitgesloten en geen bijzondere mitigerende maatregelen in het rapport zijn voorgeschreven. Ingreep verstorend
Wnbontheffing noodzakelijk Nee
Bijzonderheden/opmerkingen
Mogelijk
Nader onderzoek noodzakelijk Nee
Vogels
Broedvogels
Jaarrond beschermd
Nee
Nee
Nee
-
Verblijfplaatsen Vliegroutes
Nee
Nee
Nee
-
Nee
Nee
Nee
-
Overige zoogdieren
Nee
Nee
Nee
-
Amfibieën
Nee
Nee
Nee
-
Reptielen
Nee
Nee
Nee
-
Vissen
Nee
Nee
Nee
-
Libellen en vlinders
Nee
Nee
Nee
-
Vaatplanten
Nee
Nee
Nee
-
Vleermuizen
De activiteiten van sloop worden buiten het broedseizoen uitgevoerd.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Soortgroep
32
Geraadpleegde bronnen
www.ndff.nl www.sovonatlas.nl www.natuurloket.nl www.waarneming.nl www.zoogdierenatlas.nl www.soortenbank.nl
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
-
33
Bijlage 1 Algemene verbodsbepalingen Wnb § 3.1. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn Artikel 3.1 1. Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen. 2. Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. 3. Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben. 4. Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen. 5. Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. § 3.2. Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn Artikel 3.5 1. Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. 2. Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren.
4. Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen. 5. Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel b, bij de Habitatrichtlijn of bijlage I bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. § 3.3. Beschermingsregime andere soorten Artikel 3.10 1. Onverminderd artikel 3.5, eerste, vierde en vijfde lid, is het verboden: a) in het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel A, bij deze wet, opzettelijk te doden of te vangen; b) de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen, of
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
3. Het is verboden eieren van dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen.
34
c) vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B, bij deze wet, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. 2. Artikel 3.8, met uitzondering van het derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op de verboden, bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat, in aanvulling op de redenen, genoemd in het vijfde lid, onderdeel b, de noodzaak voor de ontheffing of vrijstelling ook verband kan houden met handelingen: a) in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daaropvolgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied; b) ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen; c) ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden; d) ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren; e) in het kader van bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw; f) in het kader van bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen,
spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer;
3. De verboden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, en b, zijn niet van toepassing op de bosmuis, de huisspitsmuis en de veldmuis voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende erven of roerende zaken bevinden.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
g) in het kader van bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied, of h. in het algemeen belang.
35
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Bijlage 2 Stroomschema Wnb, bescherming soorten
36
Bijlage 3 Categorieën vogels
Categorieën: 1. Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats. 2. Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 3. Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 4. Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen.
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
5. Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen.
37
QUICKSCAN WET NATUURBESCHERMING SOORTENBESCHERMING
Bijlage 4 Bureaustudie
38
Bureaustudie voor de locatie Smulderslaan 30 en 40 in Someren
Rapport: 2021-465 Datum: 12 februari 2021 Versie: 1.0
Bureaustudie voor de locatie Smulderslaan 30 en 40 in Someren
Colofon © 2021
Tekst, samenstelling:
Fopma NatuurAdvies
Opdrachtgever:
Wijze van citeren:
Fopma NatuurAdvies, A, 2021. Bureaustudie voor de locatie Smulderslaan 30 en 40 in Someren; Fopma NatuurAdvies, Rapport 2021-465, Wapse.
Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van scanning, internet, druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Fopma NatuurAdvies. Ook mag het zonder een dergelijke toestemming niet worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Fopma NatuurAdvies is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Fopma NatuurAdvies. De opdrachtgever vrijwaart Fopma NatuurAdvies voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing.
De informatie in dit rapport is deels afkomstig uit de NDFF en mag niet zonder toestemming van BIJ12 worden verstrekt aan derden of op enige andere wijze openbaar gemaakt worden.
2
Inhoudsopgave 1
INLEIDING
4
2
INVENTARISATIE NATUURWAARDEN NDFF EN ANDERE BRONNEN
7
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7
VOGELS (WNB § 3.1) VLEERMUIZEN (WNB § 3.2) OVERIGE GRONDGEBONDEN ZOOGDIEREN AMFIBIEËN, VISSEN EN REPTIELEN VLINDERS, LIBELLEN, JUFFERS EN INSECTEN VAATPLANTEN OVERIGE BESCHERMDE SOORTEN
7 8 8 9 9 9 9
BIJLAGE 1
JAARROND BESCHERMDE VOGELS
10
BIJLAGE 2
SAMENVATTING NDFF (1-1-2016 TOT 11-2-2021)
12
BIJLAGE 3
INTERIM OMGEVINGSVERORDENING NOORD-BRABANT
13
3
1
Inleiding
De inrichting op de locatie Smulderslaan 30 en 40 in Someren doet mee in de saneringsregeling. Een aantal opstallen worden gesloopt. In het bouwblok komen een aantal nieuwe opstallen terug. Omdat het hier sloop betreft is een QuickScan gewenst. In deze bureaustudie wordt de beschikbare data uit het NDFF erapporteerd.
Figuur 1.
4
Kaart met ligging onderzoeksgebied zwarte kader en plangebied rode pijl (Bron: NDFF).
Voorgenomen werkzaamheden Locatie Smulderslaan 30: Te slopen gebouwen 4,5,6,7,8,9 en 11 (zie figuur 2). Ongeveer op de plek van gebouwen 5 en 6 wordt een rijbak gepland en op ongeveer de plek van gebouwen 7, 8 en 9 een stapmolen (zie figuur 3).
Figuur 2
Luchtfoto huidige situatie Smulderslaan 30 met aanduiding betreffende gebouwen met gele nummers.
Figuur 3.
Luchtfoto geplande situatie Smulderslaan 30 met aanduiding geplande gebouwen in groen.
5
Locatie Smulderslaan 40: Te slopen gebouwen 4, 6, 7 en 8 (zie figuur 4). Ongeveer op de plek van gebouw 4 en ten oosten daarvan worden resp. een loods en een rundveestal terug-gepland en op ongeveer de plek van gebouwen 6, 7 en een gedeelte van gebouw 8 een zonnepanelen-veld. Daarnaast nog een beperkte opslag vaste mest ten noorden van de bestaande en blijvende loods (zie figuur 5).
Figuur 4.
Luchtfoto huidige situatie Smulderslaan 40 met aanduiding betreffende gebouwen met gele nummers.
Figuur 5.
Luchtfoto geplande situatie Smulderslaan 40 met aanduiding geplande gebouwen in groen.
6
2
Inventarisatie natuurwaarden NDFF en andere bronnen
2.1
Vogels (Wnb § 3.1)
Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) In het onderzoeksgebied zijn 299 waarnemingen van vogels geregistreerd, verdeeld over 73 soorten beschermde vogelsoorten. Hierbij zijn 5 soorten uit de met jaarrond beschermde nesten. Tabel 1.
Waargenomen soorten in onderzoeksgebied in de periode 1-1-2016 tot 11-2-2021 in het NDFF. Vet en cursief zijn de jaarrond beschermde nesten (zie bijlage 3) (Bron: NDFF) Vogelsoorten Blauwe Reiger Heggenmus Ringmus Boerenzwaluw Holenduif Roek Bonte Vliegenvanger Houtduif Roodborst Boomklever Huismus Roodborsttapuit Boomkruiper Huiszwaluw Spotvogel Boompieper IJseend Spreeuw Bosrietzanger Kauw Tapuit Braamsluiper Kievit Tjiftjaf Buizerd Kleine Bonte Specht Toendrarietgans Ekster Kleine Zwaan Torenvalk Fazant Kneu Tuinfluiter Fluiter Knobbelzwaan Turkse Tortel Gaai Kolgans Veldleeuwerik Geelgors Koolmees Vink Gekraagde Roodstaart Koperwiek Wilde Eend Gele Kwikstaart Kruisbek Wilde Zwaan Goudhaan Kuifeend Winterkoning Goudvink Kuifmees Witte Kwikstaart Grasmus Kwartel Wulp Grauwe Gans Matkop Zwarte Kraai Groene Specht Merel Zwarte Roodstaart Groenling Oeverzwaluw Zwarte Specht Grote Bonte Specht Patrijs Zwartkop Grote Gele Kwikstaart Pimpelmees Havik Putter 73 soorten
Tabel 2.
Waarnemingen jaarrond beschermde vogelsoorten t.o.v. het plangebied. (Wrn = aantal waarnemingen, Jaren = alleen met broedindicatie) Soort Wrn Jaren Locatie t.o.v. plangebied Buizerd 6 2017, 2018, Vijf waarnemingen met broedindicatie op > 1,5 2019 kilometer ten WNW van het plangebied in bosgebied ‘Somerensche Heide’. Grote gele kwikstaart 2 nvt Geen waarnemingen met broedindicatie. Havik 2 2016, 2017 Twee waarnemingen met broedindicatie op > 1,5 kilometer ten WNW van het plangebied in bosgebied ‘Somerensche Heide’. Huismus 6 2018, 2019 Vijf waarnemingen met broedindicatie. De dichtst bij zijnde waarneming is op > 400 meter ten NO van het plangebied op de Brabantselaan. Aandachtsoort bij veldonderzoek. Roek 2 nvt Geen waarnemingen met broedindicatie. De data in het NDFF is niet volledig. Er zijn in de NDFF geen waarnemingen van (beschermde) vogels op de bedrijven en in de direct aangrenzende percelen.
7
2.2
Vleermuizen (Wnb § 3.2)
Zoogdiervereniging; cursusmap Vleermuizen en planologie Beoordeling van te verwachten soorten in dit deel van het land op basis van de landelijke verspreiding van vleermuizen (Bron: Zoogdiervereniging) • Gewone dwergvleermuis • Ruige dwergvleermuis • Rosse vleermuis • Bosvleermuis (rand verspreidingsgebied) • Laatvlieger • Gewone grootoorvleermuis • Grijze grootoorvleermuis • Watervleermuis • Meervleermuis (rand verspreidingsgebied) • Franjestaart • Ingekorven vleermuis (rand verspreidingsgebied) • Brandt‘s vleermuis (rand verspreidingsgebied) • Baardvleermuis
Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) Volgens het NDFF zijn er in de periode 1-1-2016 tot 11-2-2021 geen waarnemingen van geregistreerd in het onderzoeksgebied.
2.3
vleermuizen
Overige grondgebonden zoogdieren
Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) In de tabel staat een overzicht van de in het onderzoeksgebied waargenomen soorten. Tabel 3.
Data NDFF in de periode 1-1-2016 tot 11-2-2021.
Soort Eekhoorn Haas Mol
Status Wnb § 3.3 Wnb § 3.31 Onbeschermd
Ree
Wnb § 3.31
Tabel 4. Soort Eekhoorn
Waarnemingen beschermde soorten t.o.v. het plangebied. (Wrn = aantal waarnemingen, Max_ind = maximaal aantal waargenomen individuen tijdens een waarneming) Wrn Max_ind Jaren Locatie t.o.v. plangebied 1 1 2016 Eén waarneming van een Eekhoorn op > 1,5 kilometer ten WNW van het plangebied in bosgebied ‘Somerensche Heide’.
1 Vrijgestelde soort op grond van de POV Overijssel.
8
2.4
Amfibieën, vissen en reptielen
Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) In de tabel staat een overzicht van de in het onderzoeksgebied waargenomen soorten. Tabel 5.
Data NDFF in de periode 1-1-2016 tot 11-2-2021.
Soort Levendbarende hagedis
Status Wnb § 3.3
Tabel 6.
Waarnemingen beschermde soorten t.o.v. het plangebied. (Wrn = aantal waarnemingen, Max_ind = maximaal aantal waargenomen individuen tijdens een waarneming) Soort Wrn Max_ind Jaren Locatie t.o.v. plangebied Levendbarende hagedis 4 1 2017 Elf waarnemingen op de rand van heidegebied ‘Vroolijke Jager’ ten N van de Pandijk op > 1,5 kilometer ten ZW van het plangebied.
2.5
Vlinders, libellen, juffers en insecten
Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) In de tabel staat een overzicht van de in het onderzoeksgebied waargenomen soorten. Tabel 7.
Data NDFF in de periode 1-1-2016 tot 11-2-2021.
Soort Bont zandoogje Boomblauwtje Citroenvlinder Dagpauwoog Distelvlinder Groot dikkopje Hooibeestje Icarusblauwtje Klein geaderd witje Klein koolwitje Kleine parelmoervlinder Koninginnenpage Landkaartje
2.6
Status Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd Onbeschermd
Vaatplanten
Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) Er zijn 816 waarnemingen van 308 onbeschermde soorten geregistreerd.
2.7
Overige beschermde soorten
(Sprinkhanen, krekels, geleedpotigen, nachtvlinders, mossen, korstmossen, algen, wieren etc.) Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) In het onderzoeksgebied zijn geen andere beschermde soorten op grond van de Wnb geregistreerd.
9
BIJLAGE 1
Jaarrond beschermde vogels
Categorieën: 1. Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rusten verblijfplaats. 2.
Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar.
3.
Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar.
4.
Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen.
5.
Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen.
10
Nesten van vogelsoorten van categorie 1 t/m 4 zijn jaarrond beschermd, de nesten van soorten in categorie 5 zijn beschermd als er onvoldoende alternatieven zijn. Nederlandse naam
Categorie Nederlandse naam
Categorie
Blauwe reiger
5
Ruigpootuil
5
Boerenzwaluw
5
Spreeuw
5
Bonte vliegenvanger
5
Tapuit
5
Boomklever
5
Torenvalk
5
Boomkruiper
5
Zeearend
5
Bosuil
5
Zwarte kraai
5
Brilduiker
5
Zwarte mees
5
Draaihals
5
Zwarte roodstaart
5
Eidereend
5
Zwarte specht
5
Ekster
5
Huismus
2
Gekraagde roodstaart
5
Kerkuil
3
Glanskop
5
Oehoe
3
Grauwe vliegenvanger
5
Ooievaar
3
Groene specht
5
Ransuil
4
Grote bonte specht
5
Roek
2
Hop
5
Slechtvalk
3
Sperwer
4
Huiszwaluw
5
Steenuil
1
IJsvogel
5
Wespendief
4
Kleine bonte specht
5
Zwarte wouw
4
Kleine vliegenvanger
5
Boomvalk
4
Koolmees
5
Buizerd
4
Kortsnavelboomkruiper
5
Gierzwaluw
2
Oeverzwaluw
5
Grote gele kwikstaart
3
Pimpelmees Raaf
5 5
Havik
4
11
BIJLAGE 2
Samenvatting NDFF (1-1-2016 tot 11-2-2021)
Wnb - Vogelrichtlijn Bonte Vliegenvanger Boomklever Boompieper Bosrietzanger Buizerd Fazant Geelgors Gekraagde Roodstaart Gele Kwikstaart Grasmus Groene Specht Groenling Havik Heggenmus Holenduif Houtduif Huismus Kievit Kneu Koolmees Kuifeend
Merel Oeverzwaluw Pimpelmees Putter Ringmus Roodborsttapuit Spotvogel Spreeuw Tjiftjaf Torenvalk Tuinfluiter Turkse Tortel Veldleeuwerik Vink Wilde Eend Winterkoning Witte Kwikstaart Wulp Zwarte Kraai Zwartkop
Wnb - andere soorten Eekhoorn Levendbarende hagedis Haas Ree (Alleen vogels met broedindicatie in deze tabel, overige vogels zie tabel 1)
12
BIJLAGE 3
Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant
Hoofdstuk 2 Rechtstreeks werkende regels voor activiteiten Afdeling 2.6 Natuur Paragraaf 2.6.1 Soortenbescherming Artikel 2.52 Vrijstelling soorten
In verband met handelingen als bedoeld in artikel 3.10, tweede lid, onder a, e, f en g, Wet natuurbescherming, is het in afwijking van artikel 3.10, eerste lid, Wet natuurbescherming, toegestaan om: 1. de soorten uit de opgenomen tabel te vangen; 2. de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van de soorten uit de opgenomen tabel opzettelijk te beschadigen of te vernielen. Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Amfibieën Bruine kikker Rana temporaria Gewone pad Bufo bufo Kleine watersalamander Lissotriton vulgaris (oud: Triturus vulgaris) Meerkikker Rana ridibunda Middelste groene kikker (of bastaardkikker) Rana esculenta
Zoogdieren Aardmuis Bosmuis Dwergmuis Dwergspitsmuis Egel Gewone bosspitsmuis Haas Huisspitsmuis Konijn Ondergrondse woelmuis Ree Rosse woelmuis Tweekleurige bosspitsmuis Veldmuis Vos Wild zwijn Woelrat
13
Microtus agrestis Apodemus sylvaticus Micromys minutus Sorex minutus Erinaceus europeus Sorex araneus Lepus europeus Crocidura russula Oryctolagus cuniculus Pitymys subterraneus Capreolus capreolus Clethrionomys glareolus Sorex coronatus Microtus arvalis Vulpes vulpes Sus scrofa Arvicola terrestris