Bijlage 7 Bodemonderzoek
Tekst van het document
Bodem en Bouwstoffen
Verkennend Bodemonderzoek Smulderslaan 30 te Someren rapport C215660.007/PHE
datum: opdrachtgever:
22 juni 2021 den ForFarmers FarmConsult, Postbus 83 4 Hoofdstraat 5400 UDEN 6598 AB AD HEIJEN
Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en / of openbaar gemaakt zonder schriftelijke toestemming van Archimil BV. Op al onze werkzaamheden zijn de algemene leveringsvoorwaarden van toepassing, zoals gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel te Eindhoven, onder nummer 17159750.
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
I
VERANTWOORDING
P. Heesakkers Adviseur
Ing. B. van den Bosch Teamleider
Archimil B.V. Koningsplein 18, 5721 GJ Asten, Tel.nr. 0493-671818 – Faxnr. 0493-671800, Email: info@archimil.nl Rabobank Iban NL70RABO01636.28.580, Kvk nr. 17159750
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
II
SAMENVATTING Voor een verklaring van de gebruikte terminologie met betrekking tot eventuele verontreinigingen verwijzen wij naar de ‘Circulaire Bodemsanering 2013’ en het ‘Besluit bodemkwaliteit’. Op een terrein aan de Smulderslaan 30 te Someren is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd zoals voorgeschreven in de Nederlandse norm NEN 5740. De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in het volgende overzicht: Gemeente
Someren
Adres
Smulderslaan 30 te Someren
Kadastraal
Sectie: G
Coördinaten
X: 175.560
Oppervlakte onderzoekslocatie
Nr: 5436 (ged.) en 5437 Y: 373.700 2
circa 10.000 m
Het onderzoek is uitgevoerd op basis van de resultaten van het vooronderzoek van de onderzoekslocatie en de directe omgeving. Op basis van de in het vooronderzoek verzamelde gegevens is de locatie als nietverdacht beschouwd. Veld- en laboratoriumwerkzaamheden zijn derhalve uitgevoerd conform de strategie onverdacht uit de NEN 5740. Op verzoek van de eigenaar is geen onderzoek ter plaatse van de oprit uitgevoerd. Uit het onderzoek volgt dat rondom de ‘oude’ stallen, waarvan in 2016 de asbesthoudende golfplaten zijn verwijderd, fragmenten asbestverdacht materiaal zijn aangetroffen. In de bovengrond is plaatselijk een zwakke tot matige bijmenging met baksteen aangetroffen. De baksteenhoudende grond uit de bovenlaag (0-1 m-mv) is licht verontreinigd met zink. De zintuiglijk schone grond uit de bovenlaag (0-0,95 m-mv) is licht verontreinigd met cadmium, koper en zink. Het grondwater is plaatselijk sterk verontreinigd met nikkel en licht verontreinigd met cadmium, kobalt en/of barium. De hypothese niet-verdachte locatie kan voor het grondwater worden aangenomen en dient voor de bovengrond te worden verworpen op basis van de onderzoeksresultaten.
Naar aanleiding van bovenstaande conclusies merken wij op dat het aantreffen van asbestverdacht materiaal op het maaiveld en de aangetroffen bijmengingen met baksteen in de bodem, in lijn met de NEN 5707, aanleiding vormen tot een verkennend onderzoek naar asbest. Ons inziens behoeven er voor het overige, op basis van de onderzoeksresultaten, geen restricties gesteld te worden aan de gewenste functiewijziging van de onderzochte locatie. Gelet op de aangetroffen concentratie aan nikkel in het grondwater dient formeel een nader onderzoek naar herkomst en verspreiding te worden ingesteld. Aangezien sprake is van een diffuus verhoogd gehalte wordt een aanvullend onderzoek of het treffen van sanerende maatregelen weinig zinvol geacht. Indien, bijvoorbeeld bij bouwactiviteiten, grond vrijkomt die op een andere locatie zal worden hergebruikt dan dient bepaald te worden wat de kwaliteit is in het kader van het besluit bodemkwaliteit. Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
III
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING 1. INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK ................................................................................ 1 2. VOORONDERZOEK ......................................................................................................................... 3 2.1. GEOGRAFISCHE GEGEVENS.......................................................................................................... 3 2.2. HUIDIG EN VOORMALIG BODEMGEBRUIK ........................................................................................ 3 2.3. BOUW- EN MILIEUVERGUNNINGEN ................................................................................................ 4 2.4. BODEMONDERZOEKEN ............................................................................................................... 5 2.5. TOEKOMSTIG GEBRUIK .............................................................................................................. 7 2.6. BODEMOPBOUW EN (GEO-)HYDROLOGIE ......................................................................................... 7 2.6.1. Algehele bodemkwaliteit .............................................................................................. 8 2.6.2. PFAS ........................................................................................................................... 8 2.7.
CONCLUSIE VOORONDERZOEK ..................................................................................................... 9 3. OPZET EN UITVOERING VAN HET ONDERZOEK ........................................................................10 3.1. OPZET BODEMONDERZOEK ....................................................................................................... 10 3.2. ANALYSEPAKKETTEN .............................................................................................................. 10 3.3. UITVOERING BODEMONDERZOEK ................................................................................................ 10 4. WIJZE VAN BEOORDELEN EN INTERPRETATIE ........................................................................12 5. RESULTATEN...............................................................................................................................13 5.1. VELDWERK GROND .................................................................................................................. 13 5.2. AANPASSING ONDERZOEKSOPZET .............................................................................................. 13 5.3. VELDWERK GRONDWATER ........................................................................................................ 13 5.4.
ANALYSERESULTATEN ............................................................................................................. 14 5.4.1. Grondmengmonsters .................................................................................................. 14 5.4.2. Grondwatermonsters ................................................................................................. 15 6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...........................................................................................16 TABELLEN ...........................................................................................................................................17 Bijlage 1 ............................................................................................................ overzichtstekening Bijlage 2 .................................................................................................................. vooronderzoek Bijlage 3 ............................................................................................................locatie en boringen Bijlage 4 ........................................................................................................................ boorstaten Bijlage 5 .............................................................................................................
analyseresultaten Bijlage 6 ........................................................................................................................ referenties
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
1.
1
INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK
In verband met de gewenste bestemmingswijziging aan de Smulderslaan 30 te Someren is door ForFarmers FarmConsult schriftelijk opdracht verleend om een verkennend bodemonderzoek op bovengenoemde locatie uit te voeren. Het doel van het onderzoek bestaat uit het verkrijgen van inzicht in de kwaliteit van de grond en het freatische grondwater op het te onderzoeken terrein. Voor de milieuhygiënische verklaring kan dit onderzoek dienen als bewijs voor de kwaliteit van de ontvangende bodem (Regeling bodemkwaliteit artikel 4.3.4) in het kader van het Besluit Bodemkwaliteit. Het onderzoek is uitgevoerd op basis van NEN 5740 [2] conform de BRL2000 met bijhorende protocollen van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsboring Bodemonderzoek [3]. De grondmengmonsters en het grondwatermonster zijn geanalyseerd op de parameters welke opgenomen zijn in het NEN-pakket of op eventueel verdachte componenten. De analyseresultaten zijn getoetst aan de achtergrond-, streef- en interventiewaarden, zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering 2013 [8]. Het rapport is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 2 geeft een beschrijving van de verzamelde gegevens van de onderzoekslocatie en/ of de daaromheen liggende percelen, welke tijdens het vooronderzoek naar voren zijn gekomen. De opzet en uitvoering van het onderzoek worden besproken in hoofdstuk 3.
In hoofdstuk 4 wordt het toetsingskader van de resultaten gepresenteerd waarna in hoofdstuk 5 de gevonden resultaten besproken zullen worden. Tot slot worden in hoofdstuk 6 de conclusies besproken en worden enkele aanbevelingen gedaan. De in de tekst aangehaalde literatuurbronnen zijn opgenomen in bijlage 6. Contactpersoon voor de opdrachtgever was de heer R. Donker.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
2
Luchtfoto onderzoekslocatie en omgeving
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
2.
3
VOORONDERZOEK
Het vooronderzoek met betrekking tot het bodemonderzoek is uitgevoerd op het standaardniveau, conform NEN 5725. Het vooronderzoek heeft zich gericht op de onderzoekslocatie en de direct aanliggende percelen vanaf de grens van het onderzoeksgebied tot aan 25 meter buiten het onderzoeksgebied. Het doel van het vooronderzoek is het verzamelen van relevante informatie over de locatie van het bodemonderzoek, door het opvragen van informatie bij de opdrachtgever, de eigenaar en de gemeente, houden van interviews, uitvoeren van terreininspectie en archiefonderzoek. De te verzamelen informatie heeft betrekking op het voormalige gebruik, het huidige gebruik, het toekomstige gebruik, de bodemopbouw, de geohydrologische situatie en financieel-juridische aspecten. Hiervoor worden de volgende informatiebronnen geraadpleegd: milieuvergunningdossiers, archief bodemonderzoeken, etc. In bijlage 2 is een overzicht weergegeven van deze (geraadpleegde) informatiebronnen en de verkregen informatie. Op basis van de verzamelde informatie wordt het veld- en chemisch onderzoek goed voorbereid en wordt de onderzoekshypothese voor het verkennend of nader bodemonderzoek opgesteld. Ook worden de resultaten van het vooronderzoek gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek. 2.1.
Geografische gegevens De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in het volgende overzicht: Gemeente
Someren
Adres
Smulderslaan 30 te Someren
Kadastraal
Sectie: G
Nr: 5436 (ged.) en 5437
Coördinaten
X: 175.560
Y: 373.700
Oppervlakte onderzoekslocatie
circa 10.000 m2
Op de onderzoekslocatie is er voor zover bekend geen sprake van een calamiteit of overtreding van voorschriften in het kader van de Wet Milieubeheer en/of Wet Bodembescherming en/of andere milieuregelgeving. 2.2. Huidig en voormalig bodemgebruik Het onderzoeksterrein betreft een varkenshouderij. Op het terrein zijn een zevental stallen aanwezig. De westelijke en een deel van de centrale stallen zijn in het verleden gedekt geweest met asbesthoudende golfplaten, welke in 2016 zijn vervangen. Voor zover bekend was het dak destijds voorzien van regengoten. De erfverharding bestaat uit tegels, beton en stelconplaten. Het onderzoeksterrein is voor zover bekend niet opgehoogd met bodemvreemde materialen zoals puin, sintels of gebroken asfalt. Op de onderzoekslocatie hebben voor zover bekend geen olietanks in of op de bodem gelegen. Er zijn geen gegevens bekend omtrent eventuele activiteiten of calamiteiten op de onderzoekslocatie welke geleid kunnen hebben tot een bodemverontreiniging.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
4
Uit de historische kaarten (bron: http://www.topotijdreis.nl) blijkt dat de locatie tot de jaren ’50 van de vorige eeuw in gebruik is geweest als heidelandschap. In de jaren ’40/50 is de Smulderslaan aangelegd en is de eerste aanliggende bebouwing gebouwd.
omstreeks 1935
1993
`
1967
2010
2.3. Bouw- en milieuvergunningen Ter plaatse van de onderzoekslocatie en in de directe nabijheid zijn in het verleden diverse vergunningen verleend, meldingen ingediend en/of controles uitgevoerd. Op 12 maart 2021 is door de gemeente Someren hierover informatie verstrekt Voor zover hier potentieel bodembedreigende activiteiten of opmerkingen zijn staan deze in onderstaand overzicht vermeld: 9-1-1950 27-2-1952 7-1-1964 3-3-1964 26-3-1964 7-9-1969 15-4-1970 28-5-1971 26-3-1973
Archimil BV
Bouwvergunning voor het oprichten van varkenshokken Bouwvergunning voor het oprichten van een kippenhok Bouwvergunning voor het oprichten van een konijnenhouderij Bouwvergunning voor een douche- en wc-gebouw Bouwvergunning voor het oprichten van een mestkuikenstal Bouwvergunning voor het uitbreiden van een varkensstal Bouwvergunning voor het oprichten van een varkensstal Bouwvergunning voor het oprichten van een varkensstal Bouwvergunning voor het oprichten van een varkensstal
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
24-4-1978 18-3-1988 12-4-1994 8-11-1994 28-4-2000 21-7-2000 26-3-2001 17-10-2001
5
Bouwvergunning voor het oprichten van een mestvarkensstal Bouwvergunning voor het oprichten van een varkensstal Bouwvergunning voor het uitbreiden van twee varkenstallen Bouwvergunning voor het uitbreiden van een varkensstal Bouwvergunning voor het verbouwen van een machineberging Bouwvergunning voor het oprichten van een fokvarkensstal Bouwvergunning voor het oprichten van een varkensstal (oostelijk) Milieuvergunning (Smulderslaan 30+40) voor een varkenshouderij Binnen de inrichting zijn geen brandstoftanks aanwezig
2.4. Bodemonderzoeken In 1994 is, voor de uitbreiding van een tweetal zeugenstallen, op de locatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (rapport 94-03077, G&O Consult, d.d. 1 april 1994). Uit de rapportage volgt dat in de bodem geen bijmengingen zijn aangetroffen welke zouden kunnen duiden op de aanwezigheid van een bodemverontreiniging. De bovengrond was zeer licht verontreinigd met chryseen. De ondergrond was destijds niet verontreinigd. Het grondwater was licht verontreinigd met naftaleen en zink. In 2016, is na de hagelstorm, een asbestinventarisatie uitgevoerd (rapport E167426, Aelmans, d.d. 30 juni 2016). Uit de rapportage volgt dat de stallen 4 t/m 9 voorzien zijn van asbesthoudende golfplaten. Bij stal 4 is een asbesthoudende zuigbuis richting de gierkelder aangetroffen. Rondom de bebouwing zijn op het maaiveld diverse fragmenten asbest aangetroffen. Hoofdzakelijk was sprake van 10-15% chrysotielasbest. Op 7 juli 2016 is, in verbant met onvoorzien asbest onder het dakbeschot van stal 9, een aanvullende rapportage uitgebracht (rapport E167426.002). Op 7 juli 2016 is een asbestvrijgave uitgevoerd door TIS-asbest voor stal 7 t/m 9 (rapport TIS 160370.1). Op 8 juli 2016 is een asbestvrijgave uitgevoerd door TIS-asbest voor stal 4 en 5 (rapport TIS 160377.1). Uit de rapportages volgt dat het asbest volledig is verwijderd.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
6
2.4.1. Bodemonderzoeken omgeving Smulderslaan Ten behoeve van de vervanging van de waterleiding is een historisch onderzoek uitgevoerd (rapport PH170209, Archimil, d.d. 28 maart 2017). Geconcludeerd is dat van de straten in de directe omgeving (oa. Limburglaan, Kraaijendijk en Zonneweg) bekend is dat deze in het verleden verhard zijn geweest met zinkassen en dat de berm hierdoor (plaatselijk) sterk verontreinigd is geraakt met zware metalen. Gezien de ligging van de Smuldersweg is het aannemelijk dat ook de Smuldersweg verhard is geweest met zinkassen en dat de berm hierdoor verontreinigd is geraakt. Op basis hiervan is geadviseerd om het graaftracé middels een verkennend bodemonderzoek (heterogeen verdacht lijnvormig) te laten onderzoeken. Aansluitend is op de locatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De resultaten hiervan zijn verwerkt in rapport BB170327, d.d. 18 mei 2017. Uit het rapport volgt dat in de bodem plaatselijk sporen tot sterke bijmengingen met puin zijn aangetroffen. Ter plaatse van de berm van de Smulderslaan zijn heterogene verontreinigingen met zware metalen aangetroffen. De weg zal in het verleden verhard zijn geweest met zinkassen. Het traject westelijk van de Brabantlaan dient als sterk verontreinigd te worden beschouwd, evenals de zuidelijke berm van het traject oostelijk van de Brabantlaan.
Ter hoogte van de onderzoekslocatie zijn de boringen 125, 126 en 128 geplaatst. De bovengrond van deze boringen was sterk verontreinigd met koper, lood en zink. In de noordelijke berm van het traject tussen de Brabantlaan en de Kerkendijk zijn overwegend lichte verontreinigingen aangetroffen. Bij één van de boringen is een sterke verontreiniging aangetroffen. Ten behoeve van de werkzaamheden is door het bevoegd gezag verzocht om ter plaatse van de zintuiglijk verdachte locaties (matige tot sterke bijmengingen met puin) een verkennend onderzoek naar asbest uit te voeren. De resultaten hiervan zijn verwerkt in rapport GK-170796, Archimil, d.d. 15 november 2017. Uit de rapportage volgt dat ter hoogte van huisnummers 1 en 44A in de grove fractie (>20 mm) in beperkte mate asbesthoudend materiaal is aangetroffen. Van de fijne fractie (<20 mm) zijn een tweetal mengmonsters onderzocht, waarin geen asbest is aangetoond. Aangezien geen gehalte is aangetroffen boven de toetsingswaarde (van 50 mg/kgds) is, in lijn met de NEN 5707, geconcludeerd dat geen sprake was van een bodemverontreiniging met asbest.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
7
Smulderslaan 33 (overzijde van de weg) In 2005 is op de locatie een Zivest-onderzoek uitgevoerd (rapport AB084700141, Arcadis, d.d. 22 september 2005). Uit de rapportage volgt dat onder de met klinkers verharde oprit plaatselijk een zwakke bijmenging met zinkassen is aangetroffen. Voor het overige is plaatselijk een bijmenging met baksteen aangetroffen. Over een oppervlakte van 283 m2 is de bodemlaag tot maximaal 1,2 m-mv sterk verontreinigd met zware metalen. De totale omvang is geschat op circa 200 m3 (283 x gem. 0,7 m). In 2009 is de verontreiniging gesaneerd. De sanering is geëvalueerd door BKK in rapport 9043-02.BKK, d.d. 8 april 2009). Over een terrein van 318 m2 is de sterk verontreinigde grond ontgraven. Totaal is circa 60 m3 zinkassen en 152 m3 sterk verontreinigde grond afgevoerd. Uit de controlemonsters volgt dat in de wanden N1 (perceelsgrens Smulderslaan), W1 (fundering garage) en O1 (fundering stal van Smulderslaan 31) een restverontreiniging met zink is achtergebleven. Voor het overige voldoen de controlemonsters aan de saneringsdoelstelling. 2.5. Toekomstig gebruik Ter plaatse van het onderzoeksterrein zal in de nabije toekomst een herontwikkeling plaatsvinden, waarbij de huidige activiteiten worden beëindigd en op de locatie een kleinschalige paardenhouderij zal worden gerealiseerd. 2.6.
Bodemopbouw en (geo-)hydrologie Het te onderzoeken terrein heeft een hoogteligging gelijk aan circa 26,5 m + N.A.P. De opbouw van de ondergrond is schematisch weergegeven in figuur A. Figuur A: opbouw ondergrond. Formatie van Boxtel Formatie van Sterksel Formatie van Stramproy
Archimil BV
Zwak siltig fijn tot matig grof zand Grof zand en grind Uiteenlopende korrelgroottes, met plaatselijke leem, grind en kleilagen
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
8
De freatische grondwaterspiegel bevindt zich op circa 2,0 m-mv. De stromingsrichting van het freatische grondwater is vermoedelijk noordoostelijk gericht. De stromings-richting van het grondwater in het eerste watervoerende pakket is globaal noordwestelijk gericht. Voorgenoemde geohydrologische gegevens zijn ontleend aan de grondwaterkaart van Nederland [6]. 2.6.1. Algehele bodemkwaliteit De gemeente Someren maakt gebruik van een goedgekeurde bodemkwaliteitskaart en bodembeheerplan (januari 2012) waarin diffuus verhoogde achtergrondgehalten aan verontreiniging zijn vastgelegd. De onderzoekslocatie bevind zich in de zone buitengebied. De bovengrond van onverdachte locaties in deze zone is gemiddeld genomen licht verontreinigd met cadmium en PCB’s. Het grondwater is gemiddeld genomen licht verontreinigd met cadmium, nikkel en zink. Bekend is dat plaatselijk de interventiewaarde voor nikkel en zink kan worden overschreden. De gemeente Someren maakt gebruik van een goedgekeurde bodemfunctieklassenkaart. Hierin heeft de locatie de functie Wonen (bouwblokken in het buitengebied) toegekend gekregen. Van de regio zuidoost Brabant, noord- en midden Limburg is bekend dat er zich verhoogde achtergrondwaarden aan zware metalen in het grondwater manifesteren.
Deze zijn enerzijds toe te schrijven aan uitloging uit deze verhardingen van zinkassen en depositie van zware metalen door het productieproces van deze zinkassen in de fabriek in Budel-Dorplein (diffuse verontreinigingen). Wanneer dit het geval is op een locatie zal de stof zink overheersen bij de verontreinigingen. Een andere bron van verontreiniging met zware metalen in het grondwater zijn de chemische processen die optreden wanneer anaeroob grondwater opkwelt. Doordat in de bodem ijzerhoudende lagen aanwezig zijn kunnen zware metalen in oplossing gaan en in het grondwater terechtkomen. Over het algemeen zijn arseen en nikkel overheersende componenten wanneer deze situatie zich voordoet. 2.6.2. PFAS In het rapport “Aanwezigheid PFAS in Nederland Deelrapport B Verdachte locaties” 2 is een overzicht opgenomen van potentiële risico-locaties voor het voorkomen van PFAS-verbindingen. Voor de locatie van herkomst is geen sprake van een bronlocatie. Opgemerkt wordt dat op basis van recente gegevens de bovengrond van een groot deel van Nederland mogelijk in lichte mate verontreinigd is met PFASverbindingen1 en dat uitspoeling naar de ondergrond kan plaatsvinden.
Door het ministerie is een tijdelijk handelingskader PFAS opgesteld (versie 2 juli 2020) voor hergebruik van PFAS houdende grond en baggerspecie, waarbij een achtergrondwaarde van 1,9 µg/kgds (PFOA) danwel 1,4 µg/kgds (overige PFAS) is vastgesteld 3. De gezamenlijke omgevingsdiensten in Brabant maken gebruik van een Bodemkwaliteitskaart voor PFAS (d.d. 28 oktober 2020) 4. Aangezien de berekende P80 waarden lager zijn dan de landelijke maximale toepassingswaarden voor Landbouw/ Natuur, hebben de samenwerkende omgevingsdiensten ervoor gekozen om aan te sluiten bij de normen uit het geactualiseerde Tijdelijk Handelingskader van 2 juli 2020.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
9
1
https://www.bodemplus.nl/onderwerpen/wet-regelgeving/bbk/grond-bagger/handelingskader-pfas/tijdelijk/ https://www.expertisecentrumpfas.nl/images/Handelingskader/DDT219-1-18-008.228-rapd-Voorkomen_PFAS_in_Nederland__deelrapport_B_Verdachte_locaties_-_definitief.pdf 3 https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2020/07/03/bijlage-geactualiseerd-tijdelijkhandelingskader/bijlage-geactualiseerd-tijdelijk-handelingskader.pdf 4 http://bodemloket.odbn.nl/images/20201028_0462683.100_bodemkwaliteitskaart_pfas_noord-brabant_def_rev0.0gecomprimeerd.pdf 2
2.7. Conclusie vooronderzoek Het vooronderzoek heeft zich gericht zich op de onderzoekslocatie en de direct aanliggende percelen vanaf de grens van het onderzoeksgebied tot aan 25 meter buiten het onderzoeksgebied. Op basis van bovenstaande gegevens kan de locatie vooralsnog als onverdacht worden beschouwd, waarbij in het grondwater diffuus verhoogde gehalten aan zware metalen kunnen worden aangetroffen. Op basis van de historische informatie is er vooralsnog geen aanleiding om een overschrijding van de normen uit het Tijdelijke handelingskader voor PFAS te verwachten. Onderzoek dient plaats te vinden conform de strategie onverdacht niet-lijnvormig (ONV-NL) uit NEN 5740. In bijlage 3 is een tekening van de geografische afbakening van de onderzoekslocatie voor het bodemonderzoek opgenomen.
Foto van de onderzoekslocatie – d.d. 12 mei 2021
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
3.
10
OPZET EN UITVOERING VAN HET ONDERZOEK
3.1. Opzet bodemonderzoek Conform de strategie onverdacht niet-lijnvormig (ONV-NL) uit de NEN 5740 worden verspreid over de onderzoekslocatie onderstaand aantal boringen en peilbuizen geplaatst. Aantal boringen Boring tot 0,5 m 14
En boring tot grondwater 1) 4
Aantal te analyseren (meng)monsters. En boring met peilbuis 2
Grond Bovengrond 2
Grondwater Ondergrond
2
2
1) Indien de grondwaterspiegel zich ondieper dan 1,0 m beneden het maaiveld bevindt, geldt een boordiepte van 1,0 m. Indien de grondwaterspiegel zich dieper dan 2,0 m beneden het maaiveld bevindt, geldt een boordiepte van 2,0 m.
Van elke 50 cm bodemlaag of van iedere bodemlaag afzonderlijk worden tot de freatische grondwaterspiegel representatieve monsters genomen. De boringen worden gelijkmatig over de te onderzoeken locatie verdeeld volgens een systematisch patroon. In bijlage 3 is een situatieschets opgenomen waarin de plaatsen van de boringen en de peilbuizen zijn aangegeven. 3.2. Analysepakketten De toegepaste NEN-pakketten bestaan uit: Grond: standaardpakket grond: Droge stof, Metalen (Ba,Cd,Co,Cu,Hg,Mo,Ni,Pb,Zn), Minerale Olie (GC) (C10 - C40), PAK (10 VROM), PCB (7) Grondwater: standaardpakket grondwater: Metalen (Ba,Cd,Co,Cu,Hg,Mo,Ni,Pb,Zn), Minerale olie (GC), Aromaten (BTEXN), Styreen, VOCl (11), Vinylchloride, 1,1 Dichlooretheen, 1,1-Dichloorpropaan, 1,2-Dichloorpropaan, 1,3-Dichloorpropaan, Bromoform
Ter bepaling van de achtergrond- en interventiewaarden worden grond(meng)monsters onderzocht op het gehalte aan lutum en organisch stof. 3.3. Uitvoering bodemonderzoek De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd volgens de NEN-normen en de protocollen van de Stichting Infra Kwaliteitsborging Bodemonderzoek [4]. De activiteiten bestaan uit: 1. het uitvoeren van een globale locatie-inspectie; 2. het verrichten van de boringen en 3. het plaatsen van de peilbuizen; 4. het bemonsteren van de grond en het grondwater; 5. visueel en organoleptisch onderzoek van de monsters.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
11
De grondboringen worden voor zover mogelijk met handkracht uitgevoerd waarbij gebruik wordt gemaakt van een ongelakte Edelmanboor met een diameters van 6 tot 12 cm. Er wordt voor zover mogelijk geen werkwater gebruikt. Na elke boring wordt het boormateriaal met leidingwater schoongemaakt. Voor het plaatsen van de peilbuizen wordt geboord tot circa 1,5 meter beneden de freatische grondwaterspiegel. Het materiaal van de buis is slagvast P.V.C.. Het geperforeerde gedeelte wordt omgeven door een gewassen, paraffinevrije filterkous en gegloeid en gezeefd filtergrind. Het nietgeperforeerde gedeelte wordt met de oorspronkelijke grond omstort. Het boorgat wordt afgedicht met een laag zwelklei van ca. 50 cm. De chemische analyses van de grond- en grondwatermonsters worden uitgevoerd door een AS3000 geaccrediteerd laboratorium. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de voorbehandelings-, opwerkings-, en analysemethoden zoals beschreven in de NEN-normen en de protocollen van de Stichting Infra Kwaliteitsborging Bodemonderzoek [4].
Foto van de oprit van het terrein – d.d. 12 mei 2021
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
4.
12
WIJZE VAN BEOORDELEN EN INTERPRETATIE
Bij de beoordeling en interpretatie van de resultaten is gebruik gemaakt van de circulaire bodemsanering 2013. Deze circulaire definieert streefwaarden, achtergrondwaarden, interventiewaarden en tussenwaarden voor de beoordeling van de concentratieniveaus van diverse verontreinigingen in grond en grondwater. In onderstaand overzicht worden deze toegelicht: - de Achtergrondwaarde (grond) of Streefwaarde (grondwater) geeft het niveau aan waarbij, volgens de huidige inzichten, sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. In geval er curatief gehandeld moet worden, geeft deze waarde het niveau aan dat bereikt moet worden om de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, dier of plant heeft, volledig te herstellen; - de interventiewaarde (I) geeft het niveau aan waarbij de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant, ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. Bij gehalten boven deze waarde is normaliter sprake van een ernstige verontreiniging en zal moeten worden bekeken of sanering urgent is; - de tussenwaarde (T = [S + I] / 2) bevindt zich op de helft tussen de streef- en interventiewaarde. Boven deze waarde is in ieder geval, en onder deze waarde afhankelijk van bepaalde factoren zoals bodemtype, een nader onderzoek gewenst. Deze waarden zijn afhankelijk van de grondsoort.
Op basis van het lutum en het organische stofgehalte van de onderzochte grond, wordt een correctie uitgevoerd op de waarden zoals die voor een standaardbodem (lutum= 25% en humus= 10%) zijn vastgesteld. Om de mate van verontreiniging weer te geven wordt in dit rapport de onderstaande terminologie gebruikt: - niet verontreinigd concentratie lager dan of gelijk aan de achtergrondwaarde; - licht verontreinigd concentratie hoger dan de achtergrondwaarde, maar lager dan of gelijk aan de tussenwaarde; - matig verontreinigd concentratie hoger dan de tussenwaarde, maar lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; - sterk verontreinigd concentratie hoger dan de interventiewaarde. Specifiek voor verontreinigingen met zware metalen ten gevolge van zinkassen in projectgebied de Kempen zijn in de Regeling Uniforme Saneringen terugsaneerwaarden vastgesteld voor wonen met moestuin (ABdKM) en wonen met siertuin (ABdK-S). Deze normen zijn verruimd ten opzichte van de algemene terugsaneerwaarden zoals deze eerder in de bodemgebruikswaarden waren vastgelegd en die sinds 1 oktober 2008 zijn vervangen door de achtergrondwaarden (AW), maximale waarden voor wonen (MWW) en maximale waarden voor industrie (MWI) uit het besluit bodemkwaliteit. Voor asbest is alleen een interventiewaarde vastgesteld, er is geen achtergrondwaarde vastgesteld.
De interventiewaarde voor vaste bodem ligt op 100 mg/kgds (concentratie serpentijn plus 10 x concentratie amfibool). De interventiewaarde is gelijk aan de hergebruikswaarde voor asbest in puin.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
5.
13
RESULTATEN
5.1. Veldwerk grond De grondmonsters zijn op 11 en 12 mei 2021, onafhankelijk van de opdrachtgever, genomen door J. Timmermans en V. Burgers (erkend monsternemer SIKB 2001), daarbij geassisteerd door de heren R. Verhees en B. van den Berg. Op verzoek van de eigenaar/gebruiker is geen onderzoek uitgevoerd ter plaatse van de met tegels verharde oprit. Voor een beschrijving van de opgeboorde grond ter plaatse wordt verwezen naar de boorstaten (bijlage 4). Bij geen van de monsters is een verdachte en/ of afwijkende geur waargenomen. De zintuiglijke waarnemingen zijn weergegeven in onderstaande tabel. Boring 102 105
107 113 115
Traject (m -mv) 0,00 - 0,70 0,90 - 1,20 0,08 - 0,25 0,25 - 0,70 0,70 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,05 - 0,25
Waargenomen bijzonderheden sporen baksteen matig verbrandingsresten matig baksteenhoudend, sporen puin sporen baksteen sporen baksteen zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend matig baksteenhoudend, zwak zinkassenhoudend
Rondom de stallen waar in 2016 door hagel de dakbedekking beschadigd is geraakt en de dekbedekking is vervangen zijn op het maaiveld diverse fragmenten asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het aantreffen van asbestverdacht materiaal op het maaiveld en de aangetroffen bijmengingen met baksteen in de bodem vormen, in lijn met de NEN 5707, aanleiding tot een verkennend onderzoek naar asbest.
Foto’s van asbestverdacht plaatmateriaal op het maaiveld 5.2. Aanpassing onderzoeksopzet Op basis van de zintuiglijke waarnemingen is er geen noodzaak tot aanpassing van de geplande onderzoeksopzet gebleken. 5.3. Veldwerk grondwater De peilbuizen zijn op 11 en 12 mei 2021 geplaatst en voorgepompt. Het grondwater is op 20 mei 2021 nogmaals voorgepompt en vervolgens bemonsterd door P. Heesakkers (erkend monsternemer SIKB 2002). De in het veld bepaalde gegevens met betrekking tot het grondwater staan vermeld in het volgende overzicht: Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
14
Peilbuis nr.
Filterstelling (m-mv)
Datum
Gw-stand (m-mv)
pH
Ec (µS/cm)
Troebelheid (FTU)
Opmerkingen
101.1
2,50 – 3,50
20-05-2021
1,94
5.07
305
212
geen
102.1
2,55 – 3,55
20-05-2021
1,85
5.33
489
26.27
geen
Wanneer een watermonster troebel is (> 10 FTU), dus losgespoelde gronddeeltjes bevat, is er een kans dat er gronddeeltjes worden geanalyseerd in plaats van het grondwater. (An)organische stoffen (die zich hebben gehecht aan de gronddeeltjes) kunnen daardoor de analyseresultaten beïnvloeden.
5.4. Analyseresultaten De resultaten van de analyses van de grondmengmonsters en het grondwatermonster zijn weergegeven in de tabellen. Tevens zijn de analyserapporten opgenomen in bijlage 5. 5.4.1. Grondmengmonsters Van de grondmonsters zijn op basis van zintuiglijke waarnemingen vijf mengmonsters samengesteld welke zijn onderzocht op de componenten uit het standaardpakket voor grond. Mengmonster
Monsters (cm-mv)
bg1 matig verbrandingsrest bg2 matig baksteen bg3 zwak zinkassen bg4
bg5 zwak baksteen
102 (90-120)
Analyseresultaat (meetwaarde mg/kgds) <AW
Indicatieve bodemkwaliteit Achtergrondwaarden
105 (8-25)
Zink (77) >AW
115 (5-25)
<AW
Achtergrondwaarden (gehalte <2x AW) Achtergrondwaarden
103 (0-50) & (50-70) 104 (0-50) & (50-95) 116 (0-40) 117 (0-45) 118 (0-50) 119 (0-50) 121 (0-40) 102 (0-50) & (50-70) 105 (25-70) & (70-100) 107 (0-50) 113 (0-50)
Cadmium, zink (150) >MWW koper (22) >AW
Klasse Industrie
Zink (81) >AW
Achtergrondwaarden (gehalte <2x AW)
De bovengrond is overwegend licht verontreinigd met zink en plaatselijk eveneens licht verontreinigd met cadmium en koper. Mogelijk is/zijn in het verleden (delen van) het terrein verhard geweest met zinkassen. Aangezien deze in de nabijheid veelvuldig zijn toegepast is mogelijk sprake van een diffuse belasting door verspreiding vanuit de weg (waar in het verleden zinkassen zijn toegepast). Gelet op de beperkte overschrijding van de achtergrondwaarden achten wij een nader onderzoek of het treffen van sanerende maatregelen niet noodzakelijk.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
15
5.4.2. Grondwatermonsters Het grondwater is onderzocht op de componenten uit het standaardpakket voor grondwater. In onderstaande tabel zijn de getoetste resultaten weergegeven. Peilbuis 101.1.1
Filtertraject (m-mv) 2,50 – 3,50
Analysepakket Standaardpakket
102.1.1
2,55 – 3,55
Standaardpakket
Analyseresultaat Nikkel (85) >I Barium, cadmium, kobalt >S Barium >S
De lichte tot sterke verhogingen met zware metalen kunnen worden beschouwd als diffuus verhoogde gehalten. Gelet op het diffuse karakter achten wij een nader onderzoek of het treffen van sanerende maatregelen niet noodzakelijk.
Foto van de onderzoekslocatie – d.d. 12 mei 2021
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
6.
16
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
Het onderzoek heeft betrekking op het terrein gelegen aan de Smulderslaan 30 te Someren. Op verzoek van de eigenaar is geen onderzoek ter plaatse van de oprit uitgevoerd. Het doel van een verkennend bodemonderzoek is door een relatief geringe inspanning een inzicht te verkrijgen van de bodemgesteldheid. Uit het onderzoek kunnen de volgende conclusies worden getrokken: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Rondom de ‘oude’ stallen, waarvan in 2016 de asbesthoudende golfplaten zijn verwijderd, zijn fragmenten asbestverdacht materiaal aangetroffen. In de bovengrond is plaatselijk een zwakke tot matige bijmenging met baksteen aangetroffen. De baksteenhoudende grond uit de bovenlaag (0-1 m-mv) is licht verontreinigd met zink. De zintuiglijk schone grond uit de bovenlaag (0-0,95 m-mv) is licht verontreinigd met cadmium, koper en zink. Het grondwater is plaatselijk sterk verontreinigd met nikkel en licht verontreinigd met cadmium, kobalt en/of barium. De hypothese niet-verdachte locatie kan voor het grondwater worden aangenomen en dient voor de bovengrond te worden verworpen op basis van de onderzoeksresultaten.
Naar aanleiding van bovenstaande conclusies merken wij het volgende op: 1. 2. 3.
4.
5.
Archimil BV
Het aantreffen van asbestverdacht materiaal op het maaiveld en de aangetroffen bijmengingen met baksteen in de bodem vormen, in lijn met de NEN 5707, aanleiding tot een verkennend onderzoek naar asbest. Ons inziens behoeven er voor het overige, op basis van de onderzoeksresultaten, geen restricties gesteld te worden aan de gewenste functiewijziging van de onderzochte locatie; De lichte verontreinigingen met cadmium, koper en zink in de bovengrond vormen geen aanleiding tot het instellen van een nader onderzoek conform de Circulaire Bodemsanering [8]. De aanwezigheid van bovengenoemde componenten vormt, gezien de concentraties, vanuit milieuhygiënisch oogpunt, geen bezwaar; Gelet op de aangetroffen concentratie aan nikkel in het grondwater ter plaatse van peilbuis 101 dient volgens de Circulaire Interventiewaarden Bodemsanering een nader onderzoek naar herkomst en verspreiding te worden ingesteld. Aangezien sprake is van een diffuus verhoogd gehalte wordt een aanvullend onderzoek of het treffen van sanerende maatregelen weinig zinvol geacht; Indien, bijvoorbeeld bij bouwactiviteiten, grond vrijkomt die op een andere locatie zal worden hergebruikt dan dient bepaald te worden wat de kwaliteit is in het kader van het besluit bodemkwaliteit.
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer: C215660.007/PHE
17
TABELLEN
Archimil BV voert zijn bodemonderzoeken zorgvuldig en volgens de geldende normen uit. Elk bodemonderzoek is echter gebaseerd op een beperkt aantal grondboringen: ten opzichte van het totale bodemvolume is slechts een klein deel (chemisch) onderzocht. Het is dus mogelijk dat plaatselijk afwijkingen in de bodem voorkomen, of dat zich verontreinigende stoffen in de bodem bevinden die niet met dit onderzoek naar voren zijn gekomen. Een bodemonderzoek is een momentopname en heeft een beperkte geldigheid: na monstername kan immers een nieuwe verontreiniging geïntroduceerd zijn, terwijl een mobiele verontreiniging zich misschien verplaatst. Archimil BV acht zich dan ook niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard dan ook.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
BoToVa T1 Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de landbodem Projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
C215660 VBO Smulderslaan 30, Someren
Analyse
Eenheid
12-05-2021 2021080218 12-05-2021 19-05-2021
Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof % (m/m) Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) mg/kg ds Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds PCB 138 mg/kg ds PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7) mg/kg ds
1
GSSD
Oordeel
Analytico-nr
Monster
1
12051221
102 (90-120)
Eindoordeel:
Gestandaardiseerd gehalte Achtergrondwaarde
<= AW
kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde
RG Eis
Vereiste rapportagegrens
IW
Interventiewaarde
Industrie
IW
0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140
1,2 35 54 0,83 88
<=AW
20 0,2 3 5 0,05 1,5 4 10 20
210 200
4,3 190 190 4,8 190 100 530 720
920 13 190 190 36 190 100 530 720
82,2 2,2 97 4,4
82,2 2,2
<20 <0,20 <3,0 <5,0 <0,050 <1,5 <4,0 <10 <20
41,73 0,2304 5,848 6,646 0,0483 1,05 6,806 10,51 29,47
<3,0 <5,0 <5,0 <11 <5,0 <6,0 <35
9,545 15,91 15,91 35 15,91 19,09 111,4
<=AW
35
190
190
500
5000
<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049
0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0222
<=AW
0,0049
0,02
0,04
0,5
1
<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,35
0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,35
<=AW
0,5
1,5
6,8
40
40
4,4
Gebruikte afkortingen AW
Wonen
Uitgevoerd
Altijd toepasbaar
GSSD
AW
2,2 4,4
Legenda Nr.
RG Eis
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/
<=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW
BoToVa T1 Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de landbodem Projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
C215660 VBO Smulderslaan 30, Someren
Analyse
Eenheid
12-05-2021 2021080218 12-05-2021 19-05-2021
Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof % (m/m) Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) mg/kg ds Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds PCB 138 mg/kg ds PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7) mg/kg ds
2
GSSD
Oordeel
Analytico-nr
Monster
2
12051222
105 (8-25)
Eindoordeel:
Gestandaardiseerd gehalte Achtergrondwaarde
<= AW
kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde
RG Eis
Vereiste rapportagegrens
IW
Interventiewaarde
Industrie
IW
0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140
1,2 35 54 0,83 88 210 200
4,3 190 190 4,8 190 100 530 720
920 13 190 190 36 190 100 530 720
88,1 1,2 99 3,5
88,1 1,2
<20 <0,20 <3,0 13 <0,050 <1,5 4,5 10 77
45,68 0,2356 6,342 25,57 0,049 1,05 11,67 15,32 169,8
Wonen
20 0,2 3 5 0,05 1,5 4 10 20
<3,0 <5,0 <5,0 <11 <5,0 <6,0 <35
10,5 17,5 17,5 38,5 17,5 21 122,5
<=AW
35
190
190
500
5000
<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049
0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0245
<=AW
0,0049
0,02
0,04
0,5
1
<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,35
0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,35
<=AW
0,5
1,5
6,8
40
40
3,5
Gebruikte afkortingen AW
Wonen
Uitgevoerd
Altijd toepasbaar
GSSD
AW
1,2 3,5
Legenda Nr.
RG Eis
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/
<=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW
BoToVa T1 Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de landbodem Projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
C215660 VBO Smulderslaan 30, Someren
Analyse
Eenheid
12-05-2021 2021080218 12-05-2021 19-05-2021
Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof % (m/m) Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) mg/kg ds Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds PCB 138 mg/kg ds PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7) mg/kg ds
3
GSSD
Oordeel
Analytico-nr
Monster
3
12051223
115 (5-25)
Eindoordeel:
Gestandaardiseerd gehalte Achtergrondwaarde
<= AW
kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde
RG Eis
Vereiste rapportagegrens
IW
Interventiewaarde
Industrie
IW
0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140
1,2 35 54 0,83 88
<=AW
20 0,2 3 5 0,05 1,5 4 10 20
210 200
4,3 190 190 4,8 190 100 530 720
920 13 190 190 36 190 100 530 720
88,2 0,8 99 3,5
88,2 0,8
<20 <0,20 <3,0 11 <0,050 <1,5 <4,0 <10 58
45,68 0,2356 6,342 21,64 0,049 1,05 7,259 10,72 127,9
<3,0 <5,0 <5,0 <11 <5,0 <6,0 <35
10,5 17,5 17,5 38,5 17,5 21 122,5
<=AW
35
190
190
500
5000
<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049
0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0035 0,0245
<=AW
0,0049
0,02
0,04
0,5
1
<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,35
0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,35
<=AW
0,5
1,5
6,8
40
40
3,5
Gebruikte afkortingen AW
Wonen
Uitgevoerd
Altijd toepasbaar
GSSD
AW
0,8 3,5
Legenda Nr.
RG Eis
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/
<=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW
BoToVa T1 Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de landbodem Projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
C215660 VBO Smulderslaan 30, Someren
Analyse
Eenheid
12-05-2021 2021080218 12-05-2021 19-05-2021
Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof % (m/m) Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) mg/kg ds Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds PCB 138 mg/kg ds PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7) mg/kg ds
4
GSSD
Oordeel
RG Eis
AW
Wonen
Industrie
IW
0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140
1,2 35 54 0,83 88
Industrie
20 0,2 3 5 0,05 1,5 4 10 20
210 200
4,3 190 190 4,8 190 100 530 720
920 13 190 190 36 190 100 530 720
3,8 3,1 Uitgevoerd 86,1 3,8 96 3,1
86,1 3,8
<20 0,79 <3,0 22 0,052 <1,5 12 30 150
47,69 1,237 6,59 41,38 0,0723 1,05 32,06 44,82 323,1
<3,0 <5,0 <5,0 <11 6 <6,0 <35
5,526 9,211 9,211 20,26 15,79 11,05 64,47
<=AW
35
190
190
500
5000
<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049
0,0018 0,0018 0,0018 0,0018 0,0018 0,0018 0,0018 0,0128
<=AW
0,0049
0,02
0,04
0,5
1
<0,050 <0,050 <0,050 0,072 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,39
0,035 0,035 0,035 0,072 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,387
<=AW
0,5
1,5
6,8
40
40
3,1
Industrie <=AW Wonen <=AW <=AW <=AW <=AW
Legenda Nr.
Analytico-nr
Monster
4
12051224
103 (0-50) 103 (50-70) 104 (0-50) 104 (50-95) 116(0-40) 117 (0-45) 118 (0-50) 119 (0-50) 121 (0-40)
Eindoordeel:
Klasse industrie
Gebruikte afkortingen GSSD
Gestandaardiseerd gehalte
AW
Achtergrondwaarde
<= AW
kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde
RG Eis
Vereiste rapportagegrens
IW
Interventiewaarde
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/
BoToVa T1 Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de landbodem Projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
C215660 VBO Smulderslaan 30, Someren
Analyse
Eenheid
12-05-2021 2021080218 12-05-2021 19-05-2021
Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof % (m/m) Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) mg/kg ds Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds PCB 138 mg/kg ds PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7) mg/kg ds
5
GSSD
Vereiste rapportagegrens Interventiewaarde
920 13 190 190 36 190 100 530 720
Wonen
<3,0 <5,0 <5,0 <11 9 <6,0 <35
9,545 15,91 15,91 35 40,91 19,09 111,4
<=AW
35
190
190
500
5000
<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049
0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0031 0,0222
<=AW
0,0049
0,02
0,04
0,5
1
<0,050 <0,050 <0,050 0,06 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,37
0,035 0,035 0,035 0,06 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,035 0,375
<=AW
0,5
1,5
6,8
40
40
Gebruikte afkortingen
IW
210 200
4,3 190 190 4,8 190 100 530 720
3
Altijd toepasbaar
kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde
1,2 35 54 0,83 88
20 0,2 3 5 0,05 1,5 4 10 20
102 (0-50) 102 (50-70) 105 (25-70) 105 (70-100) 107 (0-50) 113 (0-50)
RG Eis
0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140
48,22 0,5713 6,655 19,87 0,0494 1,05 7,538 27,72 182
Monster
Achtergrondwaarde
IW
<20 0,34 <3,0 10 <0,050 <1,5 <4,0 18 81
12051225
<= AW
Industrie
85,9 2,2
Analytico-nr
Gestandaardiseerd gehalte
Wonen
85,9 2,2 98 3
5
AW
AW
Uitgevoerd
Nr.
GSSD
RG Eis
2,2 3
Legenda
Eindoordeel:
Oordeel
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/
<=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW <=AW
BoToVa T13 Toetsing Wbb grondwater (ondiep) Projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
C215660 VBO Smulderslaan 30, Someren
Analyse
Eenheid
20-05-2021 Pieter Heesakkers 2021083587 20-05-2021 27-05-2021
Metalen Barium (Ba) µg/L Cadmium (Cd) µg/L Kobalt (Co) µg/L Koper (Cu) µg/L Kwik (Hg) µg/L Molybdeen (Mo) µg/L Nikkel (Ni) µg/L Lood (Pb) µg/L Zink (Zn) µg/L Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen Benzeen µg/L Tolueen µg/L Ethylbenzeen µg/L o-Xyleen µg/L m,p-Xyleen µg/L Xylenen (som) factor 0,7 µg/L BTEX (som) µg/L Naftaleen µg/L Styreen µg/L Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen Dichloormethaan µg/L Trichloormethaan µg/L Tetrachloormethaan µg/L Trichlooretheen µg/L Tetrachlooretheen µg/L 1,1-Dichloorethaan µg/L 1,2-Dichloorethaan µg/L 1,1,1-Trichloorethaan µg/L 1,1,2-Trichloorethaan µg/L cis 1,2-Dichlooretheen µg/L trans 1,2-Dichlooretheen µg/L CKW (som) µg/L Tribroommethaan µg/L Vinylchloride µg/L 1,1-Dichlooretheen µg/L 1,2-Dichloorethenen (Som) factor 0,7 µg/L 1,1-Dichloorpropaan µg/L 1,2-Dichloorpropaan µg/L 1,3-Dichloorpropaan µg/L Dichloorpropanen som factor 0.7 µg/L Minerale olie Minerale olie (C10-C12) µg/L Minerale olie (C12-C16) µg/L Minerale olie (C16-C21) µg/L Minerale olie (C21-C30) µg/L Minerale olie (C30-C35) µg/L Minerale olie (C35-C40) µg/L Minerale olie totaal (C10-C40) µg/L Extra parameters som 16 aromatische oplosmiddelen µg/L
1
GSSD
Analytico-nr
Monster
1
12061950
101 (250-350)
Eindoordeel:
kleiner dan of gelijk aan Streefwaarde groter dan Streefwaarde
**
groter dan Tussenwaarde
***
groter dan Interventiewaarde
GSSD
Gestandaardiseerd gehalte
RG
Vereiste Rapportagegrens
S
Streefwaarde
T
Tussenwaarde
I
Interventiewaarde
I
20 0,2 2 2 0,05 2 3 2 10
50 0,4 20 15 0,05 5 15 15 65
338 3,2 60 45 0,175 153 45 45 433
625 6 100 75 0,3 300 75 75 800
<0,20 <0,20 <0,20 <0,10 <0,20 0,21 <0,90 <0,020 <0,20
0,14 0,14 0,14 0,07 0,14 0,21
-
0,2 0,2 0,2
0,2 7 4
15,1 504 77
30 1000 150
-
0,2
0,2
35,1
70
0,014 0,14
-
0,02 0,2
0,01 6
35 153
70 300
<0,20 <0,20 <0,10 <0,20 <0,10 <0,20 <0,20 <0,10 <0,10 <0,10 <0,10 <1,6 <0,20 <0,10 <0,10 0,14 <0,20 <0,20 <0,20 0,42
0,14 0,14 0,07 0,14 0,07 0,14 0,14 0,07 0,07 0,07 0,07
-
0,2 0,2 0,1 0,2 0,1 0,2 0,2 0,1 0,1
0,01 6 0,01 24 0,01 7 7 0,01 0,01
500 203 5 262 20 454 204 150 65
1000 400 10 500 40 900 400 300 130
-
0,2 0,1 0,2
0,01 0,01 0,01
2,5 5 10
630 5 10 20
-
0,6
0,8
40,4
80
<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50
7 7 7 10,5 7 7 35
-
50
50
325
600
0,14 0,07 0,07 0,14 0,14 0,14 0,14 0,42
0,77 Geen oordeel mogelijk
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/ N.B.: de vermelde tussenwaarde is door PAIS berekend en is niet afkomstig uit BoToVa
T
* * * *** -
Gebruikte afkortingen *
S
62 0,51 35 6,8 0,035 1,4 85 1,4 43
Overschrijding Interventiewaarde
-
RG
62 0,51 35 6,8 <0,050 <2,0 85 <2,0 43
Legenda Nr.
Oordeel
BoToVa T13 Toetsing Wbb grondwater (ondiep) Projectnummer Projectnaam Ordernummer Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
C215660 VBO Smulderslaan 30, Someren
Analyse
Eenheid
20-05-2021 Pieter Heesakkers 2021083587 20-05-2021 27-05-2021
Metalen Barium (Ba) µg/L Cadmium (Cd) µg/L Kobalt (Co) µg/L Koper (Cu) µg/L Kwik (Hg) µg/L Molybdeen (Mo) µg/L Nikkel (Ni) µg/L Lood (Pb) µg/L Zink (Zn) µg/L Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen Benzeen µg/L Tolueen µg/L Ethylbenzeen µg/L o-Xyleen µg/L m,p-Xyleen µg/L Xylenen (som) factor 0,7 µg/L BTEX (som) µg/L Naftaleen µg/L Styreen µg/L Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen Dichloormethaan µg/L Trichloormethaan µg/L Tetrachloormethaan µg/L Trichlooretheen µg/L Tetrachlooretheen µg/L 1,1-Dichloorethaan µg/L 1,2-Dichloorethaan µg/L 1,1,1-Trichloorethaan µg/L 1,1,2-Trichloorethaan µg/L cis 1,2-Dichlooretheen µg/L trans 1,2-Dichlooretheen µg/L CKW (som) µg/L Tribroommethaan µg/L Vinylchloride µg/L 1,1-Dichlooretheen µg/L 1,2-Dichloorethenen (Som) factor 0,7 µg/L 1,1-Dichloorpropaan µg/L 1,2-Dichloorpropaan µg/L 1,3-Dichloorpropaan µg/L Dichloorpropanen som factor 0.7 µg/L Minerale olie Minerale olie (C10-C12) µg/L Minerale olie (C12-C16) µg/L Minerale olie (C16-C21) µg/L Minerale olie (C21-C30) µg/L Minerale olie (C30-C35) µg/L Minerale olie (C35-C40) µg/L Minerale olie totaal (C10-C40) µg/L Extra parameters som 16 aromatische oplosmiddelen µg/L
2
GSSD
Analytico-nr
Monster
2
12061951
102 (255-355)
Eindoordeel:
kleiner dan of gelijk aan Streefwaarde groter dan Streefwaarde
**
groter dan Tussenwaarde
***
groter dan Interventiewaarde
GSSD
Gestandaardiseerd gehalte
RG
Vereiste Rapportagegrens
S
Streefwaarde
T
Tussenwaarde
I
Interventiewaarde
I
20 0,2 2 2 0,05 2 3 2 10
50 0,4 20 15 0,05 5 15 15 65
338 3,2 60 45 0,175 153 45 45 433
625 6 100 75 0,3 300 75 75 800
<0,20 <0,20 <0,20 <0,10 <0,20 0,21 <0,90 <0,020 <0,20
0,14 0,14 0,14 0,07 0,14 0,21
-
0,2 0,2 0,2
0,2 7 4
15,1 504 77
30 1000 150
-
0,2
0,2
35,1
70
0,014 0,14
-
0,02 0,2
0,01 6
35 153
70 300
<0,20 <0,20 <0,10 <0,20 <0,10 <0,20 <0,20 <0,10 <0,10 <0,10 <0,10 <1,6 <0,20 <0,10 <0,10 0,14 <0,20 <0,20 <0,20 0,42
0,14 0,14 0,07 0,14 0,07 0,14 0,14 0,07 0,07 0,07 0,07
-
0,2 0,2 0,1 0,2 0,1 0,2 0,2 0,1 0,1
0,01 6 0,01 24 0,01 7 7 0,01 0,01
500 203 5 262 20 454 204 150 65
1000 400 10 500 40 900 400 300 130
-
0,2 0,1 0,2
0,01 0,01 0,01
2,5 5 10
630 5 10 20
-
0,6
0,8
40,4
80
<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50
7 7 7 10,5 7 7 35
-
50
50
325
600
0,14 0,07 0,07 0,14 0,14 0,14 0,14 0,42
0,77 Geen oordeel mogelijk
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/ N.B.: de vermelde tussenwaarde is door PAIS berekend en is niet afkomstig uit BoToVa
T
* -
Gebruikte afkortingen *
S
160 0,23 1,4 15 0,035 4,1 2,1 1,4 11
Overschrijding Streefwaarde
-
RG
160 0,23 <2,0 15 <0,050 4,1 <3,0 <2,0 11
Legenda Nr.
Oordeel
22 juni 2021 rapportnummer:C215660.007/PHE
BIJLAGEN
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer:C215660.007/PHE
emmersewegArchimil BV
Archimil BV
OPDRACHTGEVER: C215660.007/PHE ForFarmers FarmConsult
bijlage 1 overzichtstekening
WERK: Verkennend bodemonderzoek aan de Smulderslaan 30 te Someren
Bron: GoogleMaps
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer:C215660.007/PHE
bijlage 2 vooronderzoek Overzicht informatiebronnen ten behoeve van het vooronderzoek (standaard) Instantie
Informatiebron
Informatie
Opdrachtgever/Exploitant/Gebruiker
Geformuleerde opdracht (met kaartjes) Kadastrale kaarten en nummers Hinderwetvergunningen en milieuvergunningen Eigen bodemrapporten Foto’s terrein/gebouwen Technische tekeningen/kaarten Specifieke bedrijfsarchieven Informatie voormalig/huidig/toekomstig gebruik. Terreinbezoek/inspectie Foto’s terrein/gebouwen GLOBIS/GIS-databestand Wbb-bodemrapportenarchief Archief grondwatervergunningen Bodemrapportenarchief (niet-Wbb) Gemeentelijke bodemkwaliteitskaarten Hinderwetvergunningen en milieuvergunningen Aanvullende eisen standaard stoffenpakket Informatie van milieu-ambtenaren Archief ondergrondse tanks Archief bestemmingsplannen Bouwarchief Geo/Civieltechnisch archief Fotoarchief Oude luchtfoto’s en andere foto’s Topografische kaarten Zaken/verpondingsregisters Oude adres- en telefoonboeken Historische publicaties Kadastrale kaarten en nummers. KLIC-melding Stereoscopische luchtfoto’s Andere luchtfoto’s Technische archieven Geodatabestand (DINO) Geohydrologische archieven
X X -
Opdrachtnemer (ingenieursbureau) Bevoegd gezag Wbb (gemeente/provincie) Provincie Milieudienst/gemeente
Gemeentelijke diensten
Gemeentearchief
Kadaster Topografische dienst Water-/Zuiveringsschap TNO
Archimil BV
X X X X X X X X X X X X X X X X X X
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
22 juni 2021 rapportnummer:C215660.007/PHE