CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

9b.3 Jaarrekening 2020 GRR Blink gewaarmerkt incl controleverklaring

Commissie Ruimte 9 juni 2021, gemeente SomerenBij agendapunt: Informatie over jaarverslag 2020 van Gemeenschappelijke regeling Blink17.950 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Crowe Foederer B.V. Beukenlaan 60 5651 CD Eindhoven Tel. +31 (0)40 264 96 10 www.crowe-foederer.nl

PERSOONLIJK/VERTROUWELIJK Gemeenschappelijke regeling Blink T.a.v. de heer M. Vaal Gerstdijk 1 5704 RG HELMOND

Eindhoven, 15 april 2021 Dos.nr. 106952/ ref.nr. Behandeld door: drs. P. Peters RA

Geachte heer Vaal, Inzake: controleverklaring jaarrekening 2020 Hierbij ontvangt u een gewaarmerkt exemplaar van de jaarrekening voorzien van onze controleverklaring d.d. 15 april voor de Gemeenschappelijke regeling Blink. Wij bevestigen u akkoord te gaan met het opnemen van deze controleverklaring in de jaarrekening 2020, die overeenkomt met het bijgevoegde gewaarmerkte exemplaar. Een exemplaar van het jaarverslag dient te worden ondertekend en te worden vastgesteld door de leden van het Algemeen Bestuur. Wij bevestigen u ermee akkoord te gaan dat een afschrift van onze controleverklaring openbaar wordt gemaakt, mits de opgemaakte jaarrekening ongewijzigd wordt vastgesteld door de leden van het Algemeen Bestuur. Openbaarmaking van de controleverklaring is slechts toegestaan tezamen met deze jaarrekening. Indien u het jaarverslag en de controleverklaring opneemt op Internet, dient u te waarborgen dat het jaarverslag inclusief jaarrekening goed is afgescheiden van andere informatie op de internetsite. Afscheiding kan bijvoorbeeld plaatsvinden door de jaarstukken in niet-bewerkbare vorm als een afzonderlijk bestand op te nemen of door een waarschuwing op te nemen indien de lezer de jaarstukken verlaat (“u verlaat de beveiligde, door de accountant gecontroleerde jaarrekening”).

Vertrouwende u hiermede van dienst te zijn geweest en tot het verstrekken van verdere inlichtingen gaarne bereid.

Hoogachtend, Crowe Foederer B.V.

ValidSigned door T.M.M. van Lierop RA MSc op 15-04-2021

T.M.M. van Lierop RA MSc

Crowe Foederer B.V. Beukenlaan 60 | 5651 CD Eindhoven | K.v.K. nr. 17034844 | IBAN: NL56 INGB 0662864808 | BIC: INGBNL2A | B.T.W. nr. NL0015.94.540.B.11 Op onze dienstverlening zijn algemene voorwaarden van toepassing, waarin een beperking van onze aansprakelijkheid voorkomt. Deze algemene voorwaarden zijn bij de Kamer van Koophandel gedeponeerd onder nummer 17034844. Vestigingen: Eindhoven, Amsterdam, Bladel, Lelystad, Oostzaan, Roermond

Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink

Jaarverslag 2020 April 2021

Inhoudsopgave

1. Directieverslag

3

2. Paragrafen 2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2.2 Financiering en investeringen 2.3 Bedrijfsvoering 2.4 Verbonden partijen 2.5 SMP ontwikkelingen 2020

6 6 7 8 8 8

3. Jaarrekening 3.1 Balans 3.2 Staat van baten en lasten 3.3 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 3.4 Toeilchting op de balans 3.5 Toelichting op de staat van baten en lasten 3.6 WNT verantwoording 3.7 Resultaatbestemming

9 9 10 11 13 15 19 20

4. Staat van baten en lasten naar programma en gemeenten 4.1 Helmond 4.2 Gemert-Bakel 4.3 Nuenen 4.4 Laarbeek 4.5 Someren 4.6 Asten 4.7 Deurne 4.8 Heeze-Leende

21 22 23 24 25 26 27 28 29

Bijlagen

30

Bijlage I

Kostenverdeelstaat Blink 2020

Bijlage II

Vergoedingen Suez 2020

Bijlage III

Bonus / Malus Suez 2020

Bijlage IV

Jaarrekening Personeel Blink BB

1. Directie-verslag 2020 Inleiding Ook voor Blink geldt dat het jaar 2020 heeft geleid tot niet eerder vertoonde situaties en omstandigheden met een aanzienlijke invloed en impact op haar bedrijfsvoering en al haar stakeholders. Immers, ook bij Blink heeft Covid-19 haar sporen getrokken, waarbij het bedrijf en vooral haar medewerkers, zich gelukkig prijzen dat persoonlijke gevolgen van het virus beperkt zijn gebleven. Dat laatste neemt niet weg dat enkele medewerkers binnen hun familie- en/of kennissenkring wel degelijk met ernstige effecten daarvan geconfronteerd zijn geworden. Het voorgaande had tot effect dat veel van de aandacht in 2020 uitging naar continuïteit in de dienstverlening en het creëren van zo veilig mogelijke omstandigheden waarbinnen die kon worden uitgevoerd. Ook het maximaal beperken van de schade en kosten die het werken binnen alle beperkingen als gevolg van het Covid-19 virus met zich brachten, is belangrijk punt van aandacht geweest. Ondanks dat Covid-19 in 2020 beeldbepalend is geweest, zijn er in dat jaar meerdere te markeren momenten, besluiten en ontwikkelingen geweest die het vermelden daarvan in dit directieverslag rechtvaardigen. Niet in de laatste plaats omdat zij va grote invloed zijn of gaan zijn op de toekomst van de GR.

Het hiernavolgende beoogt dan ook een beknopt overzicht te geven van de meest markante zaken uit 2020 die de verdere ontwikkeling die Blink richting en invulling hebben gegeven en gaan geven.

Operationeel De gevolgen van COVID 19 werden begin maart 2020 zichtbaar en dwongen Blink, in nauwe samenwerking met SUEZ en de deelnemende gemeenten, tot het nemen van, soms verregaande, maatregelen. Doelstelling daarbij was om de gezondheid en veiligheid van zowel medewerkers als andere direct en indirect betrokkenen, zoveel als mogelijk, met de toen zeer beperkt aanwezige kennis over het virus, te kunnen garanderen. Van doorslaggevende betekenis daarin was dat de afvalinzameling en -verwerking vrijwel direct aan het begin van de Covid-19 crisis als vitale bedrijfstak werden betiteld. Dit had tot gevolg dat de zorg zich niet hoefde te richten op het kunnen en mogen doorgaan met de dienstverlening, maar in hoofdzaak op het uitvoeren ervan, zodanig dat dit de gezondheid en veiligheid van medewerkers etc. niet in gevaar kwam. Daarbij was specifieke aandacht nodig voor onze collega’s die tot de risicogroepen behoorden. Veiligheidshalve moesten zij aan het arbeidsproces worden onttrokken. Het treffen van de noodzakelijke organisatorische en fysieke voorzieningen heeft aanzienlijke invloed gehad op alle uitvoeringsaspecten van onze dienstverlening. Ook in de kantooromgeving is sprake geweest van verregaande maatregelen. Dat alles leidde ertoe dat onze manier van (samen)werken een totaal andere invulling en karakter kreeg.

Het is zeer bewonderenswaardig en bemoedigend geweest vast te stellen dat alle medewerkers zich buitengewoon flexibel en creatief toonden in het op een andere wijze invullen van hun taken en verantwoordelijkheden. Tevens een woord van grote waardering aan met name de ICT-afdeling van SUEZ die het thuis werken voor velen op kort termijn en zonder grote problemen mogelijk heeft gemaakt. Ook de samenwerking met de SUEZ-collega’s van de vestiging Helmond is in het jaar 2020, vooral ten aanzien van Covid-19, intensief en waardevol geweest. Deze heeft er zonder meer aan bij gedragen dat de personele gevolgen van Covid19 voor Blink en SUEZ in Helmond beperkt zijn gebleven. Anders is dat voor de financiële gevolgen van deze crisis. Met name door de noodgedwongen extra inzet van mensen en middelen, de toename van alle stromen huishoudelijk afval, de aanschaf van materialen in verband met het grootschalig en langdurig thuiswerken, is er sprake geweest van een substantiële hoeveelheid extra kosten die in 2020 als gevolg van Covid-19 zijn gemaakt. Daarnaast hebben wij, als gevolg van het managen van de gevolgen van de Covid-19 crisis geen tot weinig aandacht kunnen geven aan het, binnen de operatie, realiseren van het nog niet ingevulde deel van de taakstelling van €534.000 zoals die door het AB was verbonden aan de goedkeuring van de gewijzigde begroting 2020.

Deze zou vooral gerealiseerd moeten worden door route-optimalisatie in de Inzameling en andere kostenbesparende maatregelen voor zover mogelijk. Dit onderwerp is nu voor 2021 als actiepunt genoteerd.

Tactisch In 2020 is door de deelnemende gemeenten in sterk toenemende mate gebruik gemaakt van de rol van Blink als expertisecentrum. Dit, in combinatie met de overige workload van de MT-leden, leidde tot de noodzaak te komen tot een organisatorische voorziening die het mogelijk maakte al deze onderwerpen, taken en te beantwoorden vragen tijdig en adequaat te behandelen. Omdat het hier een invulling van een aspect uit het Strategisch Meerjarenplan betreft én de vraag naar expertise structureel van aard blijkt te zijn, is er binnen Blink het onderdeel Projecten en Advies ingericht. Dit onderdeel is in 2020 met name om bijstand gevraagd op de onderwerpen: -Milieustraten -Ondergrondse containers -Communicatie -Onkruidbeheersing -Beleidsontwikkeling -Duiding ontwikkelingen binnen de branche/afvalstromen Ook onze digitale dienstverlening met de producten Afvalkalender en Burgerportaal hebben zich in 2020 verder door ontwikkeld. Tevens zijn de voorbereidingen getroffen om in 2021 te komen tot een nieuwe website van Blink met de functie van landingspagina voor onze digitale dienstverlening. Hierdoor is er sprake van een verdere professionaliseringsslag op dit gebied. De rol van Hoofd Projecten en Advies wordt ingevuld door het voormalig Hoofd Uitvoering. Voor deze laatste positie is gekozen voor een interim invulling.

Redenen hiervoor zijn dat een aantal toekomstige ontwikkelingen kunnen leiden tot een verandering in de opzet en inrichting van de uitvoeringsorganisatie. Dit onderwerp is voor 2021 geagendeerd en is afhankelijk van een aantal ontwikkelingen. Dat het thema Communicatie zich in 2020 sterk heeft ontwikkeld, mag, als gevolg van Covid-19, meer dan duidelijk zijn. Immers, door ons is via onze sociale mediakanalen, zeer frequent de openbaarheid opgezocht om burgers en andere stakeholders niet alleen te informeren over de gevolgen van de crisis, maar ook over allerhande inhoudelijke ontwikkelingen en gebeurtenissen. Ook zijn we in 2020 begonnen met het periodiek uitgeven van onze veel gelezen digitale Nieuwsbrief met daarin een grote variëteit aan onderwerpen. Deze toegenomen communicatie-inspanningen hebben geleid tot het verkrijgen van meer aandacht van de Nederlandse vakpers. Blink is daarin tegenwoordig regelmatig vanwege nieuwsfeiten te vinden.

3

De Blink-organisatie zag zich in 2020 voor nóg een aanzienlijke opgave gesteld. Deze lag in het geven van verdere invulling aan de aanbestedingsrechtelijke vraagstukken die eerder zijn gesignaleerd. Concreet betekent dit dat Blink in dat jaar de aanbesteding heeft opgepakt van: -De ondersteuning bij de Dienst Calamiteitenbestrijding -De inzameling van het Oud Papier en Karton -De verwerking van het AEEA (klein bruin- en witgoed). Het voert in het kader van dit directieverslag te ver al deze casussen nader te belichten. Wel is te stellen dat alle drie deze trajecten niet via een regulier aanbestedingstraject op de markt konden worden gezet, zodanig dat daar een meerjarige overeenkomst met één partij uit voort kwam. Vanwege een intensieve samenwerking met meerdere aanbestedingsrechtelijke specialisten en permanente afstemming hierover met de accountant, heeft Blink deze dossiers vooralsnog op een voor eenieder bevredigende manier afgesloten. Daarmee is niet gezegd dat deze onderwerpen geen verdere aandacht of uitwerking behoeven. Echter, de inspanningen leidden tot een formeel-juridisch correcte basis waarop verdere invulling van de benodigde dienstverlening kan plaatsvinden. Tot slot is in het kader van Aanbestedingen nog melding te maken van het Europees Aanbestedings-traject GFT.

Hierin trad Blink, in het verlengde van hetgeen in het SMP staat vermeld op het gebied van Intergemeentelijke samenwerking, op als penvoerder, niet alleen voor haar eigen gemeenten, maar tevens als zodanig voor Cure, Afvalstoffendienst Den Bosch en zevental individuele gemeenten voor de verwerking van het bij die instanties vrijkomende GFT. Als gevolg van deze, door alle partijen gewaardeerde samenwerking en met ondersteuning van aanbestdingsspecialisten, is er een gunning gedaan voor de periode van in ieder geval twee jaar aan Attero. De uitkomsten van deze aanbesteding zijn overigens voor alle gemeentelijke deelnemers aanleiding geweest om in gezamenlijkheid de mogelijkheden te verkennen om na deze contractperiode wellicht over te kunnen stappen naar alternatieve verwerkingsmogelijkheden die leiden tot een hogere graad van duurzaamheid. Het eventueel in eigen beheer creëren van verwerkingsopties wordt daarbij op voorhand niet uitgesloten. Behalve aan de inhoudelijke kant van Blink (uitvoeringsorganisatie en onderdeel Projecten en Advies) heeft ook het Bedrijfsbureau in 2020 een aanzienlijke ontwikkeling doorgemaakt en grote hoeveelheden werk verzet. Zo is er op meerdere elementen van de Planning & Control cyclus gekomen tot procesmatige en inhoudelijke verbeteringen.

Hierbij is te denken aan verbeterde informatiestromen vanuit de Uitvoering, kwalitatief verbeterde kostprijsberekeningen, diepgang en volledigheid van de begroting, inrichting, tijdigheid en inhoud van de kwartaalrapportages, alsmede de wijze waarop deze tot stand komen. Deze verbeteringen zijn gerealiseerd in de helaas voortdurende omstandigheid dat Blink niet kan beschikken over een bedrijf breed informatiesysteem dat alle takken van de dienstverlening omvat. Ontwikkeling en implementatie daarvan is een absolute voorwaarde voor het zo efficiënt mogelijk kunnen blijven beheren en beheersen van de, als gevolg van de verdergaande groei, toenemende hoeveelheid data en (overige) bedrijfsinformatie. Als gevolg van incidenten, de accountantscontrole over 2019 en ontwikkelingen op gebied van wet- en regelgeving, heeft Blink in 2020 diverse disciplines aan haar bedrijfsprocessen toegevoegd. Concreet betreft het hier de vakgebieden: -Health Safety and Environment (HSE) -AVG/Privacy -Inkoop en contractmanagement Door het bestuur zijn middelen beschikbaar gesteld om in 2020 deze specialismen binnen Blink te ontwikkelen en te implementeren. In de begroting over 2021 e.v. worden de hiervoor structureel benodigde middelen opgenomen. Omdat Blink de hiervoor benodigde expertisen niet zelf in huis heeft, is zij aangewezen op inhuur hiervan.

In samenwerking met deze externe adviseurs zijn er de volgende resultaten in 2020 geboekt: -HSE: goedgekeurde Risico-inventarisatie en -evaluatie alsmede een Plan van aanpak dat dient te verdere internalisatie van HSE in de bedrijfsvoering van Blink. Neveneffect hiervan is een verhoogd, maar nog verder te ontwikkelen, veiligheidsbewustzijn bij directie, management en werknemers van Blink -AVG/Privacy: er is, na uitvoerig overleg, met de gemeenten en andere partijen gekomen tot de benodigde overeenkomsten die noodzakelijk zijn om, aan personen gerelateerde data, te genereren, te transporteren en, voor zover daarvan sprake is, te be-of verwerken. -Inkoopbeleid en contractmanagement: Door het bestuur is het document Inkoopbeleid en Contractmanagement goed gekeurd. Bij het inrichten hiervan is aansluiting gezocht bij het Inkoopbeleid zoals de Peelgemeenten dat gezamenlijk hebben opgesteld. Tevens zijn er middelen beschikbaar gesteld om deze stafdienst structureel te gaan invullen. Gaandeweg zal blijken wat de hiervoor structureel benodigde omvang is/moet zijn. Op personeelsgebied heeft Blink in 2020 de keuze gemaakt een aantal openstaande vacatures (al dan niet nieuwe posities betreffende) in dat jaar niet in te vullen. Dit om de extra kosten als gevolg van Covid-19 enigszins te kunnen compenseren. Het betreft hier de functies van Senior Planner en deeltijd functie van Inkoper.

4

Strategisch In 2020 zijn er vier onderwerpen die op het strategisch niveau in het oog lopen: -Onderzoeks- en evaluatietraject -Ontwikkeling en vaststelling geactualiseerd Financieel Fundament -Voorbereidingen toetredingsverzoek gemeente Son en Breugel -Verkoop SUEZ NL aan Pre Zero. Onderzoeks- en evaluatietraject Als gevolg van de statuten van Blink dient de werking van de GR éénmaal binnen de drie jaar te worden geëvalueerd op een aantal aspecten. Op 3 juni 2020 nam het Algemeen Bestuur van Blink een besluit om te komen tot een integraal en fundamenteel evaluatie- en onderzoeksproces. Redenen voor deze uitgebreide opdracht waren: -In de nazomer van 2019 gaf het toenmalige AB/DB-lid van SUEZ te kennen te willen komen tot het herformuleren van de rol van SUEZ in de GR. -De behoefte van deelnemers aan de GR de actualiteit en toepasselijkheid van de financiële incentives voor SUEZ in deze samenwerking te evalueren en indien nodig te actualiseren. -De vraag te beantwoorden hoe de maximale synergie uit de publiek-private samenwerking gehaald kan worden. -Zowel binnen SUEZ als binnen de deelnemende gemeenten is, als gevolg van het voorgaande, behoefte ontstaan aan meer duidelijkheid en richting over de rol en betekenis van het bedrijf en de organisatie Blink in de komende jaren.

Met andere woorden: “Wat willen de eigenaren dat Blink in de toekomst voor organisatie is?” Het uit te voeren onderzoeks- en evaluatietraject moet leiden tot het verkrijgen van inzichten, meningen en beelden over de verdere ontwikkeling van Blink en haar organisatie, alsmede van de samenwerking met de private partner SUEZ. Daarom dat de doelstelling van deze onderzoeks- en evaluatieopdracht uit moet monden in een toekomstbestendig gedragen en gedeeld beeld op de inrichting, omvang en inhoud van de samenwerking binnen de gemeenschappelijke regeling reiniging Blink, de daarbij horende bedrijfsorganisatie en pakket aan financiële afspraken en incentives. Bij besluit van 18 november 2020 heeft het Algemeen Bestuur van Blink aan Berenschot Organisatie-adviesbureau opdracht gegeven tot het uitvoeren van een onderzoeks- en evaluatietraject met als doel te komen tot het voornoemde resultaat. Kort daarop zijn er een Begeleidingsgroep en een Stuurgroep benoemd waarin alle deelnemers aan de GR zijn vertegenwoordigd. Na eerste verkenningen is Berenschot begonnen met haar inventarisatie door deskresearch en met name door het afnemen van interviews bij vele belanghebbenden.

De resultaten, in combinatie met het raadplegen van Raadsleden alsmede een strategische sessie met alle GR-deelnemers, leiden in 2021 tot het door Berenschot schetsen van een aantal mogelijke toekomstscenario’s waarlangs de ontwikkeling en inrichting van Blink kan plaatsvinden.

Son en Breugel Op 24 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Son en Breugel besloten tot het uitvoeren van een onderzoek naar de mogelijke toetreding tot de gemeenschappelijke regeling reiniging Blink per 1 januari 2022. Als gevolg hiervan is er in 2020 veelvuldig en uitgebreid contact geweest tussen medewerker van die gemeente, hun adviseur en MT-leden van Blink. Deze contacten waren bedoeld om over en weer maximale helderheid te krijgen in de verwachtingen ten aanzien van door de gemeente gevraagde en door Blink te leveren dienstverlening. Na het wederzijds vaststellen van de uitgangspunten, zijn door Blink meerdere uitvoeringsscenario’s bij de gemeenten aan gedragen voorzien van de bijbehorende kostencalculaties. Tevens is er een bidbook opgesteld waarmee een uitgebreide opsomming en beschrijving is aangereikt inzake alle producten en diensten die door Blink kunnen worden geleverd, alsmede informatie over de structuur, de organisatie, de overlegstructuur, de statuten etc. etc. Al deze informatie heeft er uiteindelijk toe geleid dat, na een fundamentele afweging binnen de gemeente Son en Breugel, deze gemeente op 22 maart 2021 Blink het verzoek heeft gedaan tot de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink toe te mogen treden per 1 januari 2022. Met inwilliging van dit verzoek treedt dan de negende gemeente toe aan het samenwerkingsverband Blink.

PreZero In Q3 van 2020 is bekendgemaakt dat SUEZ Nederland als gevolg van verkoop van eigenaar zal wisselen. Op een nader te bepalen moment in 2021 zal het bedrijf onderdeel worden van het Duitse Pre Zero, onderdeel van de Schwarz Gruppe, afkomstig uit Duitsland. Dit laatste bedrijf ziet veel synergie in een fusie met SUEZ NL vanwege hun gedeelde opvattingen over het sluiten van stofstromen en het daarmee worden van een hoofdrol speler in de circulaire economie. Of deze wisseling van eigenaar gevolgen heeft voor de samenwerking binnen de GRR Blink is niet bekend, maar wordt niet verwacht. Tot slot Het jaar 2020 gaat de geschiedenisboeken in als het jaar waarin de wereld in zijn geheel veranderde. Gemakshalve is daar in dit directieverslag alleen in beperkte mate aandacht aan besteed. Dat vooral om ruim de aandacht te kunnen geven aan de feiten en omstandigheden die in het afgelopen jaar voor Blink van belangrijke betekenis zijn geweest dan wel in de toekomst zeker zullen gaan zijn. Hopelijk blijkt daaruit dat de eerder in gang gezette ontwikkeling van het bedrijf een verdere dimensie en verdieping heeft gekregen en er sprake is van een gerichte en systematische doorontwikkeling van de onderneming, haar werknemers en alle belanghebbenden. Er dienen nog vele slagen te worden gemaakt.

Echter, de door eigenaren, opdrachtgevers, medewerkers en andere betrokkenen getoonde veerkracht, flexibiliteit en creativiteit in het afgelopen bizarre jaar geven mij de volle overtuiging dat Blink haar verdere ontwikkeling met succes zal volbrengen. Mijn woord van bijzondere dank aan een ieder die daar in het markante en bijzondere jaar 2020 op welke wijze dan ook zijn of haar bijdrage heeft geleverd.

Mark Vaal Directeur GRR Blink

5

2. Paragrafen 2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen is het vermogen om financiële tegenvallers op te vangen. Voor het weerstandsvermogen zijn de aanwezige weerstandscapaciteit en de risico’s van belang. De GR Blink beschikt niet over een eigen vermogen om niet begrote en onvoorziene kosten te dekken. De opzet van Blink als een Gemeenschappelijke Regeling, is dat risico’s opgevangen worden door de deelnemende gemeenten in de jaarlijkse reguliere exploitatie en niet door de GR Blink zelf. Gedurende het boekjaar 2020 signaleert Blink onder- en overschrijdigen 2020 ten opzichte van de begrotingswijziging 2020. Deze signalering vindt formeel plaats door middel van kwartaalrapportages. Over de dekking van de begrotingsoverschreiding besluit het Algemeen Bestuur bij vaststelling van de jaarrekening. Risico's De GR Blink heeft geen eigen weerstandsvermogen. De systematiek van allocatie tegen kostprijs staat dit niet toe. Over de dekkig van de overschrijding van €964.000 over 2020 besluit het Algemeen Bestuur bij het vaststellen van de jaarrekening 2020. Mogelijke grote materiele schade en risico's kunnen door het ontbreken van een weerstandsvermogen niet zelf worden opgevangen. De risico’s zijn voor rekening van de gemeenten. De werkzaamheden die door GR Blink worden uitgevoerd kenmerken zich door een intensieve deelname aan het verkeer.

De mensen en voertuigen van GR Blink lopen dagelijks risico betrokken te worden bij een ongeval. Het risico dat een van de medewerkers betrokken raakt bij een verkeersongeval is financieel afgedekt middels diverse verzekeringen. Onderstaand volgt een summier overzicht van de huidige verzekeringen van GR Blink:

Aansprakelijkheid GR Blink heeft een algemene aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven met een verzekerd bedragen: -Voor zaak- en/of personenschade (inclusief werkgeversaansprakelijkheid) - EUR 2.500.000,00 -Voor zaak- en/of personenschade verband houdende met de (op)levering van zaken - EUR 2.500.000,00 -Voor zaak- en/of personenschade verband houdende met plotselinge milieuschade - EUR 2.500.000,00 -(eventuele) Beroepsaansprakelijkheid - EUR 2.500.000,00 Ongevallenverzekering -Voor alle werknemers (inclusief directie, stagaires, personen met een leer-/werkovereenkomst) is een ongevallenverzekering afgesloten Implementatie risicomanagement GR Blink Om in de toekomst structureel invulling te geven aan het risico-management van GR Blink is in het tweede kwartaal 2020 een risico-analyse afgerond. De financiële positie van GR Blink en haar participerende gemeenten bestaat uit de exploitatie en het eigen vermogen. Het niet geoormerkte vermogen (= weerstandsvermogen; binnen GR Blink is nihil) is van belang om te bepalen of de gemeenten financieel gezond zijn; dit is mede afhankelijk van het risicoprofiel van GR Blink.

Voor GR Blink en/of haar participerende gemeenten zijn er meerdere doelstellingen met betrekking tot het risicomanagement binnen GR Blink: • Inzicht krijgen in de risico’s; • Risico’s optimaal beheersen; • Het stellen van prioriteiten; • Onderbouwen van beslissingen; • Verbeteren van dienstverlening; • Herkennen en benutten van kansen; • Stimuleren professionaliteit van de medewerkers; • Beschermen vermogenspositie gemeenten; • Voldoen aan wet- en regelgeving (zoals de verplichting tot een inventarisatie van risico’s vanuit de BBV). De beheersing van de risico’s worden ingebracht in een risicomanagementcyclus (PDCA-cyclus) die in 2020 geïmplementeerd wordt binnen de bedrijfsvoering van GR Blink. 6

Specifieke risico's 2020 Een van de risico's waar de mondiale wereldbevolking mee te mee heeft gehad in 2020 is het Covid-19 virus. De financiele gevolgen in 2020 zijn periodiek door GR Blink inzichtelijk gemaakt voor de Gemeenten. De impact van de Covid-19 crisis is een opsomming van verhoging van ingezamelde afvalstromen en inzameluren, extra aankoop van productiemiddelen en continue aandacht voor de voortgang van het bedrijfsvoeringsproces. In totaal wordt de kostenpost geraamd op €632.000 over de periode maart t/m december 2020. Dus een gemiddelde kostenverhoging van €60.000 - €65.000 / maand. GR Blink heeft haar dienstverlening tot op heden continue voort te kunnen zetten met uitzondering van een tijdelijke sluiting van milieustraten in Deurne en Laarbeek in het voorjaar van 2020. GR Blink heeft in deze periode continue in contact gestaan met haar gemeenten over de voortzetting van de dienstverlening en de impact voor de burgers, gemeenten en de organisatie Blink. 2.2 Financiering en investeringen De GR Blink heeft geen schulden met een rente typische looptijd langlopend van langer dan 1 jaar. De GR Blink heeft uitsluitend een rekening courant bij de ING Bank. In 2019 is er door GR Blink een rekening-courant geopend bij de BNG. Deze rekening-courant wordt gebruikt voor betalingen via het nieuwe burgerportaal.

Daarnaast zijn er rekening courant verhoudingen met Personeel Blink B.V. en Suez Nederland. Blink investereert zelf niet in kapitaalgoederen zoals terreinen en gebouwen, vrachtwagens en containers. GR Blink heeft contact met haar private partner Suez. De private partner heeft besloten geen investeringen te doen kunnen doen voor het jaar 2020. Deze situatie duurt voort in het jaar 2021. Dit is een risico voor de gemeenschappelijke regeling omdat GR Blink te maken krijgen met veroudering van het machine-park. Renterisiconorm De renterisiconorm is opgesteld met als doel de rentegevoeligheid van de portefeuille van leningen met een looptijd van een jaar of langer te beperken. Dit komt er op neer dat het renterisico (gebaseerd op renteherzieningen, aflossing en herfinanciering) in een bepaald jaar niet meer mag bedragen dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. Het wettelijke percentage voor Gemeenschappelijke Regelingen was in 2020 bepaald op 20%. Binnen GR BLINK zijn geen langlopende schulden aanwezig. Hierdoor loopt de GR geen risico ten aanzien van deze norm en is het overzicht verder niet opgenomen. Schatkistbankieren De Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) verplicht alle decentrale overheden, in verband met het rentedragend aanhouden van liquide middelen in ‘s Rijks schatkist, om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de schatkist.

Zie voor dit overzicht de toelichting op de balans. Gedurende het jaar is door GR Blink niet aan deze norm voldaan. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentrale overheid (ofwel openbaar lichaam) in een bepaald kwartaal niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. Het wettelijke percentage voor de GR BLINK was in 2020 bepaald op 8,2%. Dit betekent dat het kasgeldlimiet per kwartaal maximaal € 1,5 mln mag bedragen (8,2% van de begroting) Overzicht kasgeldlimitiet Omvang begroting 2020 1) 2) 3) 4)

Toegestane kasgeldlimiet Omvang vlottende korte schuld Vlottende middelen Totaal netto vlottende schuld (2-3) Ruimte (1-4)

17.806 8,20%

1.460 4.380 4.324 56 1.404

Als de gemiddelde liquiditeitspositie van drie achtereenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet overschrijdt, dan dient de betrokken decentrale overheid de drie kwartaalrapportages toe te zenden aan de toezichthouder, met daarbij een plan om weer te voldoen aan de kasgeldlimiet. Deze situatie heeft zich niet voorgedaan.

7

2.3 Bedrijfsvoering De GR Blink heeft als doel het door middel van een openbaar lichaam behartigen van de belangen van de aan de regeling deelnemende gemeenten op het terrein van het beheer van huishoudelijke afvalstoffen afkomstig uit de deelnemende gemeenten en de daarmee samenhangende taken (openbare reiniging), een en ander met inachtneming van de Wet Milieubeheer en van het door de overheid gevoerde afvalstoffenbeleid. GR Blink ontzorgt de deelnemende gemeenten op het vlak van afvalbeheer en reiniging openbare ruimten. De gemeenten blijven zelf verantwoordelijk voor het afvalbeleid, de afvalstoffenheffing en het opleggen en innen van de afvalstoffenheffing of reinigingsheffing. GR Blink kent geen bedrijfsvoering met winstoogmerk. De organisatie handelt op een zo efficient mogelijke wijze en voert kernopdrachten uit in opdracht van de gemeenten. Dit doet men in naam en voor rekening van de bij de GR Blink aangesloten gemeenten. De kernactiviteiten: · Inzameling · Bor-activiteiten (inlcusief onkruidbeheersing) · Overige dienstverlening (Gladheid- en calamiteitenbestrijding en containermanagement) 2.4 Verbonden partijen De volgende partij is voor de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink een verbonden partij Personeel Blink B.V. gevestigd te Helmond De aard van activiteiten van de verbonden partij is het zijn van werkgever voor de personeelsleden van GR Blink.

Bestuurlijke betrokkenheid: het beleid wordt bepaald door de enige aandeelhouder, nl. Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink. Realisatie beleidsvoornemens: De gehele beleidsvoornemens liggen bij de Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink en de deelnemende gemeenten. Risico's: een terugloop van activiteiten van de GR Blink met als noodzaak het afbouwen van lopende arbeidscontracten. Financiering: Deelnemende gemeenten betalen een financiele bijdrage gebasseerd op de werkelijke kosten van de uitvoering van de diverse taken. 2.5 Strategisch Meerjaren Plan ontwikkelingen 2020 Realisatie van het Strategisch Meerjarenplan GR Blink vindt plaats door het uitvoeren van projecten. Daarbij zijn projecten gericht op resultaten/verbeteringen in de domeinen Afvalbeheer en BOR geclusterd onder de noemer projecten met Maatschappelijke Meerwaarde. Projecten gericht op de verdere ontwikkeling van Blink zijn samengebracht onder de titel projecten Organisatorische doorontwikkeling Blink.

In dat laatste kader is in 2019 het project Actualiseren Financieel Fundament gestart, dat in een aantal blokken uit een valt: -Allocatie directe en indirecte kosten, inclusief weerstandsvermogen/risicobeheersing -Governance en rol en betekenis SUEZ -Opdrachtgevers-opdrachtnemersrelatie Na een omvangrijk voorbereidingstraject waaraan door velen een waardevolle bijdrage is geleverd, besloot het Algemeen Bestuur van GR Blink op 28 oktober 2020 tot het vaststellen van het geactualiseerde Financieel Fundament. Daarbij besloot zij tevens de implementatie daarvan plaats te laten vinden via het opstellen van de concept-begroting over het jaar 2022. Deze wordt, vanwege het besluit de planning- & controlcyclus van de gemeenten te synchroniseren met die van GR Blink, in Q1 2021 opgesteld en voor 1e besluitvorming aan het Algemeen Bestuur voorgedragen. Met het vaststellen van het nieuwe Financiele Fundament worden met name de indirecte kosten op een eerlijkere en transparantere manier aan de gemeenten doorberekend. Daarbij is er wel sprake van een verschuiving van indirecte kosten van afvalbeheer naar beheer openbare ruimte. Tevens heeft de nieuwe methodiek een nadelig effect voor de gemeenten Gemert-Bakel en Helmond.

Deze twee gemeenten worden hiervoor echter de komende drie jaar, weliswaar afbouwend, door de overige gemeenten, waarvoor de nieuwe methodiek leidt tot een kostenreductie, gecompenseerd. Een verdere uitwerking van de inhoud van het geactualiseerde Financieel Fundament, vindt plaats door het opstellen van bij de te sluiten DVO-s horende product- en prestatiebladen. Invulling daarvan gebeurt in 2021 door een (onder andere) hiervoor aan te trekken projectmedewerker. Verdere formalisering van de uitkomsten van dit traject moeten in dat jaar nog plaatsvinden door wijziging van de statuten en de Financiële Verordening van GR Blink. Helaas leidde het verloop van 2020 er toe dat Blink in dat jaar geen capaciteit beschikbaar had voor het ontwikkelen en uitvoeren van strategische projecten in het cluster Maatschappelijke Meerwaarde. Het project Strategische heroverweging 8 Milieustraten is om die reden naar Q1 2021 verplaatst.

3. Jaarrekening 3.1. Balans per 31 december 2020 (x€1.000)

31-dec-20

31-dec-19

Immateriele vaste activa (1) Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief

115

64

Financiele vaste activa (2) Kapitaalverstrekking aan deelnemingen

18

18

76

64

993 0 2.802 0 0 3.795

1.997 64 2.302 57 7 4.427

Liquide middelen (5)

426

213

Totaal vlottende activa

4.297

4.705

Totaal Activa

4.431

4.787

31-dec-20

31-dec-19

0 0 0

0 0 0

51

147

Vlottende schulden en overlopende passiva (8) Crediteuren Schulden aan openbare lichamen Nog te ontvangen facturen Overige schulden

1.655 476 985 1.263

2.972 23 694 951

Totaal vlottende passiva

4.380

4.640

Totaal Passiva

4.431

4.787

ACTIVA Vaste activa

Vlottende activa Voorraad (3) Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar (4) Vorderingen Openbare Lichamen Debiteuren Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Te vorderen BTW Nog te factureren

PASSIVA Reserves (6) Algemene reserves Resultaatbestemming Voorzieningen (7) Overige voorzieningen

9

3.2. Staat van baten en lasten over 2020 (x €1.000)

Realisatie (2020)

Bedrijfsbaten (8)

Bijgestelde begroting (2020)

Verschil (2020)

Primaire begroting (2020)

Realisatie (2019)

Verschil (2020 tov 2019)

-18.774

-17.810

-964

-16.969

-17.423

-1.351

Bedrijfslasten Personeelskosten (9) Materieelkosten (10) Overige directe kosten (11) Werk derden (12) Directe kosten

5.139 2.591 847 1.345 9.923

4.865 2.714 714 1.390 9.683

274 -123 133 -45 240

4.249 2.343 665 1.472 8.729

4.487 2.278 710 1.478 8.953

652 313 137 -133 970

Verwerking & Transport (13)

5.346

5.411

-65

6.069

6.113

-767

Indirecte kosten (14)

2.050

2.035

15

1.438

1.414

636

676

605

71

548

522

154

0

-200

200

0

522

-522

17.995

17.534

461

16.784

17.002

993

141

276

-135

185

72

69

18.137

17.810

327

16.969

17.074

1.063

637

0

637

0

349

288

0

0

0

18.774

17.810

964

16.969

17.423

1.351

0

0

0

0

0

0

Fee (incl bonus/malus) (14) Taakstelling Som der bedrijfslasten Projectkosten (15) Som der bedrijfslasten incl projecten Kosten buiten begroting (16) Afstemmingsverschil Totale kosten incl buiten begroting Resultaat bedrijfsvoering

10

3.3 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door de gemeenteraard op d.d. 13 februari 2006 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organistatie zijn vastgesteld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het betreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Balans ACTIVA Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- q.c. vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn.

Eventuele van derden verkregen specifieke inevsteringsbijdragen worden in mindering gebracht op het geactiveerde bedrag (artikel 62 lid 2 BBV). Hierbij wordt de vekregen bijdrage als bate veranwoord. Kosten van onderzoek en ontwikkeling van een actief De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven. De afschrijving van de geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling vangt aan bij ingebruikneming van het gerelateerde actief. Financiële vaste activa Van een deelneming is krachtens artikel 1 lid d BBV sprake als de Gemeenschappelijke regeling participeert in het aandelenkapitaal van een NV of BV. Participaties in het aandelenkapitaal van NV's of BV's (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen.Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Tot dusver is een dergelijke afwaardering niet noodzakelijk gebleken. Voorraden De voorraden gereed product en handelsproducten wordt gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de kostprijs. Dat laatste doet zich vooral voor indien voorraden incourant worden.

11

Vorderingen De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van geschatte inningskansen. Liquide middelen De liquide middelen woden tegen nominale waarde opgenomen. PASSIVA Voorzieningen De voorziening langdurig zieke medewerkers wordt gewaardeerd tegen het nominale bedrag van de betrokken verplichtingen c.q. het voorzienbare verlies. De voorziening jubileumuitkeringen wordt gewaardeerd tegen contante waarde. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Grondslagen voor resultaatbepaling Onder baten worden verstaan de baten die rechtstreeks aan het jaar zijn toe te rekenen en die in het jaar als gerealiseerd kunnen worden beschouwd. Verwachte baten zijn voorzichtigheidshalve niet als baten verantwoord. De lasten worden bepaald met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde grondslagen voor waardering en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben. Personeelskosten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.

schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van en jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De refentieperiode is dezelfde als die van meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) moet wel een verplichting opgenomen te worden. Toerekening van lasten Toerekening van de lasten geschiedt, middels een kostenverdeelstaat, aan activiteiten per gemeente. Dit op basis van een Activity based costing principe. Alle lasten worden, indien aanwijsbaar, toegerekend aan de gemeente en de activiteit waar ze betrekking op hebben. Directe kosten De directe kosten zijn verdeeld naar activiteit op basis van het aantal gerealiseerde directe mens- of machine-uren. In de begroting is uitgegaan van de te verwachten in te zetten mensuren. Kosten van inkoop worden, zover mogelijk direct gealloceerd naar de gemeentelijke programma's. Verwerking en transportkosten De verwerkings- en transportkosten worden verdeeld naar activiteit op basis van toerekening routekoppeling. Door stortkosten te koppelen aan routes, wordt het juiste programma verantwoord.

Indirecte kosten Lasten die niet aanwijsbaar toegerekend kunnen worden (bijvoorbeeld kosten van indirect kantoorpersoneel zoals loonkosten, huisvesting, advieskosten, communicatiekosten, bestuurskosten e.d.) worden toegerekend op basis van functionele %-verdeling. Vennootschapsbelasting In 2020 heeft GR Blink contact opgenomen met de Blink gemeenten inzake aangifteplicht VPB. Blink heeft met haar deelnemers afgestemd dat de aangfite door de gemeenten zelf ingediend wordt. De informatie voor het indienen van de aangifte wordt door Blink aangeleverd.

12

3.4 Toelichting op de balans per 31 december 2020 (x €1.000) Activa

31-dec-20

31-dec-19

115

64

Immateriele vaste activa (1) Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief

Burgerportaal 64 65 -14 115

Boekwaarde 01-01-2020 Investeringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31-12-2020 De geactiveerde kosten van ontwikkeling zien toe op de ontwikkelingskosten van het Burgerportaal. De kosten worden in vijf jaar afgeschreven met een restwaarde van nihil. De met deze kosten verbonden vaste materiele activa zijn onlosmakelijk verbonden aan de ontwikkeling en geactiveerd als immateriele vaste activa. Financiele vaste activa (2)

31-dec-20

31-dec-19

18

18

Voorraad (3) Voorraad handelsartikelen De voorraad handelsartikelen bestaat uit afvalzakken, containers en kroonringen, welke aangehouden worden om de aangesloten gemeenten te voorzien in hun behoeften.

31-dec-20 76

31-dec-19 64

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar (4) Vorderingen op openbare lichamen uit voorschotnota's Afrekeningen gemeenten Debiteuren BTW te vorderen Nog te factureren bedragen

31-dec-20 0 993 0 0 0 993

31-dec-19 1.081 916 64 57 7 2.125

2.802

2.302

Kapitaalverstrekking aan deelnemingen Personeel Blink B.V. is een 100% dochteronderneming van de Gemeenschappelijke Regeling Blink.

Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)

250

Drempelbedrag Kwartaal 1

(2) (3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1) (1) Berekening drempelbedrag

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

1.458

884

933

1.068

1.208

634

683

818

Verslagjaar (4a) (4b) (4c)

16.507

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

16.507 -

(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met Drempelbedrag een minimum van €250.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

250

Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

131.194

80.460

85.800

90

91

92

92

1.458

884

933

1.068

Liquide middelen (5) Bank De liquide middelen hebben betrekking op een rekening-courant bij de ING Bank en BNG. Er zijn geen kredietfaciliteiten.

98.300

31-dec-20 426

31-dec-19 213

13

Reserves

31-dec-20

31-dec-19

0 0 0

0 0 0

31-dec-20 51

31-dec-19 147

Algemene reserve Resultaatbestemming (onverdeeld resultaat boekjaar)

In het boekjaar is een tekort ontstaan van € 768.000 (zie staat van baten en lasten) wat moet worden gedekt door de deelnemenende gemeenten. Zie voor een specificatie van de bedragen per gemeente hoofdstuk 3.7. Voorzieningen (7) Overige voorzieningen

Jubileumvoorziening Stand per 01-01-2020 Dotatie Onttrekking / aanwending Stand per 31-12-2020 Vlottende passiva (8) Crediteuren Schuld Openbare Lichamen Nog te ontvangen inkoopfacturen Te betalen vennootschapsbelasting Personeel Blink B.V. BTW te betalen Rekening-courant Personeel Blink B.V. Afrekening Suez Rekening-courant Suez Nederland Overige schulden

56 0 (5) 51

1.655 476 985 1 26 368 375 287 205 4.379

2.972 23 694 1 349 222 267 113 4.640

* Rekening-courant Personeel Blink B.V.: Er is geen rente in rekening gebracht. Aflossingsverplichtingen en zekerheden zijn niet overeengekomen. * Rekening-courant Suez: Deze post heeft met name betrekking de door Suez betaalde personeelskosten van Personeel Blink B.V., daar Suez de salarisadministratie verzorgt.

* Rekening-courant Suez: Deze post heeft met name betrekking op het uitbetaalde netto-loon van Personeel Blink B.V., alsmede de loonheffingen en pensioenen.

14

3.5 Toelichting op de staat van baten en lasten

Realisatie 2020

Bijgestelde Begroting 2020

Verschil

Bedrijfsbaten (8)

-18.774

-17.810

-964

Asten Deurne Gemert-Bakel Heeze-Leende Helmond Laarbeek Nuenen Someren Taakstelling - verdeeld over de bijdragen per gemeenten Totale Baten

-793 -1.532 -2.582 -770 -7.672 -1.794 -2.093 -1.537

-701 -1.310 -2.248 -693 -7.558 -1.688 -1.865 -1.743

-18.774

-17.806

-92 -222 -334 -77 -115 -106 -228 206 0 -968

De baten van GR Blink bestaan uit de voorschotnota's verstuurd naar de gemeenten. Deze voorschotnota's worden gebruikt om de kosten van Blink te dekken. Indien er meer kosten worden gemaakt dan begroot, worden deze verrekend met de gemeenten middels een eindafrekening. In de bijgestelde begroting 2020 (€17.806.000) is een taakstelling van €200.000 opgenomen, welke niet in de baten en in de voorschotten 2020 is meegenomen. De totale baten bedargen daardoor €18.006.000. De totale afrekening is dus €967.000 -/- €200.000 = €767.000. Het verschil tussen realisatie 2020 en de begroting 2020 wordt onderstaand bij de betreffende kosten, alsook verder in de jaarrekening toegelicht per programma. Bijgestelde Begroting 2020 Realisatie 2020 Verschil Personeelskosten (9) 5.139 4.865 274 Blink kent een overschrijding van €274.000 op de loonkosten van het uitvoerende personeel. De overschrijding is een gevolg van een verhoging van ca 6.500 gerealiseerde uren tov de begrotingswijziging 2020. De ingezamelde afvalstromen van restafval, gft en pmd zijn aanzienlijk gestegen tegenover 2019. Door de huidige Covid-19 crisis is het afval per inwoner verhoogd tov 2019. Dit zorgt voor langere inzameldagen en dus voor een verhoging van materieel- en personeelsuren. In totaal zijn er ruim 2.000 uur extra materieeluren gedraaid wat resulteert in ca 5.200 extra personeelsuren. Een verhoging van €1550.000.

Het hoge ziekteverzuim 2020 (13,6%) zorgt voor een lagere productiviteit van Blink-personeel en resulteert in verhoging van uitzenduren. Een verhoging van van €45.000. In de begrotingswijziging 2020 is rekening gehouden met bezettingscijfers 2019. Het jaar 2019 is echter geen realistisch jaar omdat we met name in de zomerperiode een onderbezetting realiseerde op onze machines. In 2020 creeerde Blink een optimale en realistische bezetting met als gevolg dat de personeelsuren per inzamelwagen is verhoogd. Dit resulteert in een verhoging van €200.000. In 2020 is er binnen Blink afscheid genomen van een 2-tal medewerkers met langdurig verzuim. Deze kosten waren echter al in 2019 voorzien voor €90.000. Een positief resultaat in boekjaar 2020 van €90.000. Impact Covid-19 €155.000 Materieelkosten (10)

Realisatie 2020 2.591

Bijgestelde Begroting 2020 2.714

Verschil -123

De gekozen tariefsbepaling (machines in lease) resulteert in positief resultaat op de kraakpers- en hakenwagens. Ook door een milde winterperiode in 2020 zijn er minder uitrukken geweest voor de winterdienst waardoor de exploitatiekosten van de deze voertuigen beperkt is gebleven. GR Blink heeft door de Covid-19 crisis extra transportmiddelen ingehuurd (3 wagens) om het uitvoerend personeel veilig naar hun werkplek te vervoeren. Dit resulteert in een kostenpost van €30.000. Impact Covid-19 €30.000 Bijgestelde Realisatie 2020 Verschil Begroting 2020 Overige directe kosten (11) 847 714 133 Een toename van het pmd-afval genereert een verhoging in afname van pmd-zakken door de gemeenten. In totaal hebben er 3 extra leveringen plaatsgevonden. Een totale verhoging van €80.000 in het totale Blink gebied. Door het nieuwe afvalbeleid Helmond per 1/1/2021 zijn er ca 1.800 mini-containers uitgezet in de Gemeente Helmond. Dit resulteert in verhoogde inkoop (€50.000) van mini-containers. Bijgestelde Realisatie 2020 Verschil Begroting 2020 Werk derden (12) 1.345 1.390 -45 Binnen de onkruidbestrijding Helmond is de inhuur van derden verhoogd naar ca €105.000.

Dit door: verhoogde aanbesteding Panhuijzen, beheer van areaal over de eerste 11 weken op basis van regie, verdubbeling van inzet toezichthouder, extra werkzaamheden aanbesteding onkruidbeheersing en inzet door derden partij (LC) door Covid-19 situatie. In de calamiteitenbestrijding zijn in 2020 minder kosten gerealiseerd doordat GR Blink een deel van de kosten die veroorzaakt zijn door eigen Blink materieel niet opgenomen heeft onder de post 'werk derden', maar buiten budget 2020 (-/-€50.000) 15

Impact Covid-19 €15.000

Verwerking & Transport (13)

Realisatie 2020 5.346

Bijgestelde Begroting 2020 5.411

Verschil -65

Het resultaat op verwerking & transport is nagenoeg nihil. In de onderlinge kostencomponenten zitten significantie mutaties tussen de begrotingswijziging en de realisatie 2020. In de verwerkingskosten van de milieustraten van Blink zien we een toename (tov 2019) van aangeleverde afvalstromen op de milieustraten van Deurne (+25%), Gemert-Bakel (+14%) en Nuenen (+6%). De milieustraat Laarbeek is stabiel. Daarnaast is er een afname op de milieustraat Asten/Someren (-47%), doordat per 1/1/2020 de poorttarieven van deze milieustraat signifcant zijn verhoogd. De verhogingen op deze betreffende milieustraten zijn niet gekoppeld aan de Covid-19 crisis omdat de totale toename van alle Blink milieustraten zeer beperkt is. Op de milieustrat van Helmond (enkel Grof huishoudelijk restafval en wit-& bruingoed) is een enorme afname het resultaat van een strenger toegangsbeleid wat in het najaar van 2019 is geimplementeerd. Het totale resultaat op verwerking is ca €380.000 onder begrotingswijziging 2020.

In het Blink gebied is door de Covid-19 crisis 8% meer restafval en 10% meer pmd-afval ingezameld dan in 2019. Dit resulteert een overschrijding van ca €235.000. €65.000 meer transportkosten richting de verwerker van het restafval en €170.000 voor de transport&overslag en vermarkting van het pmd-afval. Daarnaast zijn de transportkosten van matrassen niet opgenomen in de begrotingswijziging 2020. Wat zorgt voor een verhoging van €60.000 op de transportkosten van de milieustraten Impact Covid-19 €250.000 Indirecte kosten (14) Te verdelen kosten Fee Suez (incl bonus/malus) Taakstelling Totaal

Realisatie 2020 2.050 676 0 2.726

Bijgestelde Begroting 2020 2.035 605 -200 2.440

Verschil 15 71 200 286

De realisatie van de indirecte kosten is nagenoeg gelijk aan de begrotingswijziging 2020. De Covid-19 situatie is de dienstverband van de interim coordinator Uitvoering verlengd met 4-5 maanden. Daardoor heeft de operationele uitvoering het gehele jaar 2020 door kunnen kunnen gaan. De verlenging van dit dienstverband is niet opgenomen in de begrotingswijziging 2020. Door de focus op de operationele uitvoering gedurende de Covid-19 crisis is de functie van strategische planner nog niet ingevuld in 2020. Deze functie heeft daarnaast nog ene cruciale rol binnen het traject 'route-optimalisatie' wat onderdeel is van het kostenreductieplan 2020. In verband met het het evaluatietraject en de rol van Suez binnen de GR, wat in Q2 2021 wordt, is de post 'digitalsiering' beperkt gebruikt, omdat de toekomst van Blink in grote mate afhangt van dit onderzoek. Daarin zijn dus bewust nog geen verder stappen in gezet. Blink heeft in verband met het nog lopend schade-dossier een claim opgenomen van 50K. Impact Covid-19 €40.000 Bijgestelde Begroting 2020

Realisatie 2020 Projectkosten (15)

141

Verschil 276

-135

De verwachting was dat het project 'H2O-voertuigen eind 2020 afgerond zou worden. De levering van deze voertuigen is al eerder uitgesteld. Hiervoor was een bedrag opgenomen van €150.000. In 2020 is €28.000 gerealiseerd.

Realisatie 2020

Bijgestelde Begroting 2020

Verschil Kosten buiten begroting (16) 637 0 637 In deze gerealiseerde kostenposten zijn kosten gerealsieerd die niet in de begrotingswijziging 2020 zijn opgenomen. Dit zijn oa kosten met betrekking tot: afrekening vermarktingsvergoeding pmd 2018, apohtekersroute Helmond, kosten calamiteiten eigen voertuigen Blink, extra opdrachten binnen de reinigingstaken en GFT-aanbesteding. Deze kosten worden verderop in de jaarrekening per gemeente gerapporteerd.

16

Bijgestelde Begroting 2020

Realisatie 2020 Afrondingsverschil

0

Verschil -4

4

Kostenreductie-plan (2019-2020) In het Algemeen Bestuur van juni 2019 heeft Blink de opdracht gekregen om 534K aan kostenreductie te realiseren. Het MT van Blink heeft hiervoor een kostenreductie-plan opgesteld in het najaar van 2019. In 2020 heeft de Covid-19 crisis oa geleid dat het MT van Blink met name de focus heeft gelegd bij de voortang van de dagelijkse operationele bedrijfsvoering van Blink. Daarin zijn oa ook keuze gemaakt om functies (nog) niet in te vullen in 2020 die voor sleutelrol zullen moeten innemen in het totale kostenreductieplan wat in 2019 is opgesteld. Het MT Blink zal in 2021 de focus moeten hebben om het kostenreductieplan te implementeren en de doelstellingen die daarin genoemd worden te bewerkstelligen. Daarbij zijn actiepunten opgesteld op strategisch, tactisch en operationeel niveau. Dit heeft tot dusver geleid tot de volgende mogelijkheden om kostenreducties te realiseren: * Verhogen productiviteit inzamelpersoneel / -wagens * Langer doorrijden met afgeschreven machines * In eigen beheer uitvoeren van Onkruid- en calamiteitenbestrijding * Verminderen hoeveelheid GHRA op de milieustraten door onder andere meer communicatiecampagners en strenger poortbeleid * Optie: fundamenteel onderzoek andere inzamelwerkwijze (zijbelading / grootschalige aanpassing OGC's)

Gebeurtenissen na balansdatum Covid-19 In 2020 zijn de effecten van de Covid-19 crisis merkbaar in de financiele bedrijfsvoering. Blink verwacht dat de Covid-19 crisis geen of beperkte impact heeft op de dagelijkse bedrijfsvoering. Om deze crisis geen bedreiding te laten zijn voor de bedrijfsvoering is continue aandacht voor de organsiatie van belang. De verwachting is dat de gevolgen, zolang de Covid-19 crisis Nederland beheerst nog merkbaar zullen blijven. Zeker nog tot en met het 1e halfjaar van 2021. Dit heeft dus ook nog gevolgen voor het financiele boekjaar 2021 van Blink. Toetreding Son & Breugel Eind maart heeft Son & Breugel officieel verzoek ingediend tot toetreding van Grr Blink. De verwachte toetreding is 1 januari 2022.

17

3.5.1. Toelichting Covid-19 Impact Covid-19 2020

Realisatie excl. Covid19 2020

-18.774

-632

-18.142

-17.810

-332

Personeelskosten Materieelkosten Overige directe kosten Werk derden Directe kosten

5.139 2.591 847 1.345 9.923

155 30 92

4.984 2.561 756 1.345 9.646

4.865 2.714 714 1.390 9.683

119 -153 42 -45 277

Verwerking & Transport Indirecte kosten Fee Som der bedrijfslasten Projectkosten Afstemmingsverschil / taakstelling Som der bedrijfslasten incl. projecten

5.346 2.050 676 17.995 141 0 18.137

246 68

591

5.100 1.982 676 17.405 141 0 17.546

5.411 2.035 605 17.734 276 -200 17.810

-311 -53 71 -329 -135 200 -264

Kosten buiten begroting Som der bedrijfslasten incl. projecten en kosten buiten begroting

637 18.774

41 632

596 18.142

0 17.810

596 332

Realisatie 2020 Bedrijfsbaten

277

591

Bijgestelde Begroting 2020

Verschil

Algemeen De Covid-19 crisis waar we ons als gehele wereldbevolking in bevinden treft ook de dagdagelijkse bedrijfsvoering van Blink. Door het treffen van de nodige maatregelen heeft Blink de dienstverlening in 2020 voort kunnen zetten. Naast de door de Nederlandse regering opgelegde maatregelen betrof dit zowel maatregelen voor de Uitvoering (pbm's / extra transportmiddelen / beperking van groepsvorming) als voor de locatie in Helmond. Daar zijn in 2020 voorbereidingen getroffen om op kantoor te werken met 1,5 meter afstand en zijn de benodigde hygienische maatregelen getroffen. Ook is er, daar waar het kan, aan medewerkers aan gegeven vanuit huis te gaan werken. Bezoek aan het kantoor is alleen toegestaan indien dat noodzakelijk is. De MT-leden zijn in wisselende samenstelling op kantoor aanwezig geweest. Personeelskosten Binnen de Blink-gemeenten is, met name als gevolg van het massaal thuiswerken, vanaf maart 2020 structureel meer afval ingezameld via de huis-aan-huisinzameling. Dit resulteert in verhoging van inzameluren van de inzamelwagens van Blink. Een verhoging van inzameluren van de wagens resulteert ook in een verhoging van personeelsuren. In totaal zijn er in vergelijking met 2019 ca 2.070 uur meer materieeluren gerealiseerd in de inzameldienst voor rest- / gft- / pmd-afval.

Dit resulteert in een verhoging van personeelsuren van gemiddeld 2,5 fte per wagen tot 5.175 uur. Een bedrag van ca €155.000. De verhoging van uren is gerealiseerd in alledrie de afvalstroom (rest/gft/pmd) Materieelkosten Normaliter rijdt uitvoerend personeel in een inzamelvoertuig met elkaar naar de werklocaties. Om invulling te gevan aan de RIVM-maatregelen en het voor de afvalbranche opgestelde Covid-19-protocol na te kunnen leven, heeft Blink in 2020 gebruik gemaakt van 2 tot 3 extra wagens om het transport van / naar de werklocaties op een veilige manier te organiseren. De totale kosten zijn ca. €30.000. Overige directe kosten In verband met een verhoogde aanlevering van pmd-afval door de Covid-19 crisis, heeft Blink in 2020 meer pmd-zakken moeten bestellen. Meer pmd-afval betekent ook meer pmd-zakken. Blink houdt rekening met 1 extra levering per 3 maanden. In totaal, in een crisisperiode van 10 maanden (maart t/m december), een bedrag van ca €81.000. Daarnaast heeft Blink extra kosten gemaakt voor communicatie op de milieustraten en PBM's voor het personeel (€10.000) Verwerking & Transport Binnen de Blink-gemeenten zien we een toename van aangeleverde afvalstromen op de milieustraten van Deurne, Gemert-Bakel en Nuenen. Daarentegen is er een afname op de milieustraten van Helmond en Asten/Someren.

Omdat het totale afvalaanbod op de milieustraten in 2020 niet hoger is dan in 2019 koppelt Blink de meer-tonnages op enkele milieustraen niet aan de Covid-19 crisis. De aanlevering van afval binnen de huis-aan-huis-inzameling is structureel voor alle afvalstromen verhoogd: rest-afval 7,6% / gft-afval 9,6% / pmd-afval 10,7%). De transport-, overslag en vermarkting van rest-/pmd-afval loopt via de exploitatie van Blink. In totaal resulteert dit voor het rest-afval een verhoging van ca €49.000 en voor het pmd-afval voor €197.000. Indirecte kosten Door de Covid-19 crisis is het dienstverband van de interim Coordinator Uitvoering verlengd met 4 maanden voor een totaalbedrag van €40.000. Daarnaast zijn er extra kosten gemaakt voor communicatie, extra overleggen en thuiswerk-faciliteiten. Een totaalbedrag van €28.000. Kosten Buiten Begroting In de beginfase van de Covid-19 crisis was er sprake van een grote toeloop op de milieustraten waardoor de COVID-voorschriften niet meer konder worden nageleefd. Omdat deze gemeentelijke brengvoorzieningen een cruciale positie in de afvalverwerking innemen, moeste zij echter openblijven. Om dat veilig voor bezoekers en medewerkers mogelijk te maken zijn er extra maatregelen genomen zoals het, in opdracht van de gemeenten, inhuren van beveiliging en verkeersregelaars. Deze inzet is per medio juni 2020 gestopt.

De extra kosten voor beveiling zijn ca €41.000. Projecten en impact op langere termijn In verband met de continue aandacht voor het binnen alle COVID-beperkingen, kunnen voortzetten van de operationele bedrijfsvoering van Blink hebben enkele trajecten zoals 'kostenreductieprogramma', 'optimalisatie route-inzameling' en 'aanbestedingstrajecten' vertraging opgelopen. Dit trajecten hadden naar verwachting ook impact gehad op de financiele cijfers van Blink. Hierdoor zijn doelstellingen binnen het kostenreductieprogramma niet op beperkt behaald.

18

3.6 WNT verantwoording De WNT is per 1 januari 2013 in werking getreden. Beloningen van bestuurders en overige topfunctionarissen in de (semi)publieke sector dienen wettelijk genormeerd, respectievelijk gemaximeerd te worden. Dit heeft geresulteerd in de wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT). De gemeenschappelijke regeling is verplicht om jaarlijks in het financieel jaarverslag de bezoldiging van iedere topfunctionaris op persoonsnaam op te nemen, ongeacht een eventuele overschrijding van het bezoldigingsmaximum. Het bezoldigingsmaximum bestaat uit 100% van het brutosalaris van een minister, verhoogd met: - sociale verzekeringspremies - (belaste) onkostenvergoeding - beloningen betaalbaar op termijn (voornamelijk het werkgeversdeel van de pensioenreservering) Voor 2020 geldt het basisbedrag ad € 201.000 als bezoldigingsmaximum. Ten aanzien van de gemeenschappelijke regeling zijn topfunctionarissen in de zin van de WNT: - Leden van het Algemeen Bestuur - Leden van het Dagelijks Bestuur - Secretaris-directeur Bedragen in € 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10190029/1