9a Bijlage 1 Regioplan Doorontwikkeling Beschermd wonen in de Peelregio Inclusie Centraal
Tekst van het document
Doorontwikkeling Beschermd wonen in de Peelregio: Inclusie Centraal Helmond-Peel
Helmond, 26 mei 2020
Inhoudsopgave
1. Visie op doorontwikkeling Beschermd wonen 1.1 Aanleiding 1.2 Sociale inclusie als missie 1.3 Uitgangspunten
Pagina 3 Pagina 3 Pagina 3 Pagina 3
2. Beschermd wonen ‘nieuwe stijl’ 2.1 Verblijfssetting met 24- uurs toezicht 2.2 Beschermd thuis 2.3 Gemeenschappelijke functies 2.4 Scheiden Wonen en Zorg 2.5 Dagbesteding 2.6 Ouderinitiatieven
Pagina 5 Pagina 5 Pagina 6 Pagina 7 Pagina 8 Pagina 9 Pagina 9
3. Decentralisatie-opgave 3.1 Huidige situatie 3.1.1 Beschermd wonen 3.1.2 Beschermd thuis 3.2 Opgave voor de regio 3.3 Ingroei-pad en financiële risico’s 3.3.1 Uitstroom en uitname Wlz per 2021 3.3.2 Verdeelmodel 3.3.3 Ingroei-pad 3.3.4 Risico’s
Pagina 11 Pagina 11 Pagina 11 Pagina 12 Pagina 12 Pagina 13 Pagina 13 Pagina 14 Pagina 14 Pagina 15
4. Uitvoeringsvarianten Beschermd wonen vanaf 2022 4.1 Huidige uitvoeringswijze Beschermd wonen 4.2 Centrumfunctie Helmond houden 4.3 Gedeeltelijke door-decentralisatie naar de lokale gemeenten 4.4 Gehele door-decentralisatie naar de lokale gemeenten 4.5 Samenwerking
Pagina 16 Pagina 16 Pagina 17 Pagina 19 Pagina 20 Pagina 21
5. Advies voor vervolg
Pagina 23
6. Proces en planning vervolgstappen
Pagina 25
Bijlagen 1. Relaties 2. Analyse Beschermd wonen 2
1. Visie op doorontwikkeling Beschermd wonen 1.1 Aanleiding Voor Beschermd wonen is in 2015 een transformatie-opgave gedefinieerd. Deze transformatie-opgave wordt ontleend aan de doelen van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, waarin het herstel en behoud van de zelfredzaamheid, participatie en eigen regie centraal staat. Ook worden de conclusies van de Commissie Toekomst 1 (onder voorzitterschap van Erik Dannenberg) omarmd en vertaald bij de uitwerking van Beschermd wonen ‘nieuwe stijl’. 1.2 Sociale inclusie als missie In het toekomstbeeld van Beschermd wonen staat de sociale inclusie van mensen met een verstoord zelf-organiserend vermogen centraal. In de vorm van uiteenlopende woonvarianten met flexibele ondersteuning naar behoefte: gericht op stabilisatie, het leren hanteren van de problematiek, het naar vermogen zichzelf ontwikkelen, participatie en zingeving. Het gaat om het bieden van ondersteunende diensten die het mogelijk maken dat ook zeer- kwetsbare mensen zich thuis kunnen voelen in de samenleving. Beschermd wonen gaat niet om de stenen, maar om dienstverlening. Het perspectief is inclusie. Dit maakt een nauwe aansluiting bij de lokale ondersteuningsketen noodzakelijk en stimuleert om in te zetten op participatie.
1.3 Uitgangspunten We hebben de volgende uitgangspunten geformuleerd voor het vormgeven van een toekomstgericht stelsel van begeleid en Beschermd wonen, met de volgende kenmerken: 1. flexibiliteit (op- en afschalen naar behoefte): maatwerk, passend bij de vraag 2. regelarm (zo eenvoudig en compact mogelijk, zowel qua indicatiestelling als qua verantwoording), passend binnen het kader van een rechtmatige verstrekking 3. resultaatgericht (aansluitend bij de Wmo-doelstellingen: versterking van eigen kracht, vergroting van participatie, vergroten van betrokkenheid van het sociale netwerk) 4. aansluitend bij het lokale (voorliggende) veld, met het oog op het vergroten van de maatschappelijke participatie en tegengaan van hospitalisering 5. gebruikmakend van innovatieve toepassingen (zoals bijvoorbeeld zorgtechnologie). Het rapport van de Commissie Dannenberg “Van Beschermd wonen naar een Beschermd thuis” sluit volledig aan op de in de Peel geformuleerde uitgangspunten. We omarmen de visie dat Beschermd wonen gericht is op het zoveel mogelijk realiseren van sociale inclusie 1
Commissie Toekomst, Van Beschermd wonen naar een Beschermd thuis, 11 november 2015.
3
waarbij cliënten zo zelfstandig mogelijk deel uitmaken van de maatschappij, in plaats van voortdurend –op basis van hun zorgvraag- in een specifieke voorziening ondergebracht te worden. Als belangrijke condities voor sociale inclusie noemt de Commissie: Versterken van zelfmanagement, ervaringsdeskundigheid en informele zorg Garanderen van langdurige begeleiding met flexibele intensiteit Ondersteuningscontinuüm voor herstel en participatie Een breed arsenaal van woonvarianten Beschikbare en betaalbare wooneenheden Laagdrempelige toegang tot zorgfuncties Duurzaam samenwerken tussen gemeenten en zorgverzekeraars Borgen van kwaliteit en vraaggerichtheid van ondersteuning In de missie van beschermd wonen staat de sociale inclusie van mensen met een verstoord zelforganiserend vermogen centraal. De ondersteuning wordt op maat geboden: gericht op stabilisatie, het leren hanteren van de problematiek, het naar vermogen zichzelf ontwikkelen, participatie en zingeving.
4
2. Beschermd wonen ‘nieuwe stijl’ Beschermd wonen is een begrip dat inmiddels een veelheid van woon- en zorgsituaties omvat. Dit is in de AWBZ-praktijk, vóór de overgang naar de Wmo in 2015, zo gegroeid. Toen we deze situaties naast de wettelijke definitie2 van Beschermd wonen hielden en beoordeelden, is de conclusie getrokken dat er een afschaling en doorontwikkeling moest plaatsvinden van Beschermd wonen. Dit staat hieronder beschreven. 2.1 Verblijfssetting met 24- uurs toezicht Er zijn en blijven in onze samenleving mensen, die de regie op hun eigen leven amper hebben gekend of grotendeels kwijt zijn, en ook met eventuele steun van anderen niet zelf kunnen zorgen voor een stabiele woonplek en een goed leven. “Bij deze zeer divers samengestelde groep mensen hangt de verstoorde zelfregulatie samen met (soms combinaties van) ernstige psychische aandoeningen, beperkingen in cognitief functioneren, lichamelijke of zintuiglijke handicaps, mobiliteitsproblemen en middelengebruik. Meestal zijn er ook complexe psychosociale problemen, zoals armoede en schulden, dreigende huisuitzetting, weinig tot geen deelname aan het arbeidsproces, huiselijk geweld en dakloosheid, die de balans tussen draaglast en draagkracht verder ontregelen. Naast de stress hiervan hebben mensen vaak niet de mogelijkheden of de middelen om aan het maatschappelijk verkeer deel te nemen.
Het gebrek aan zelfregulatie wordt op dat moment onvoldoende gecompenseerd door combinaties van informele steun, maatschappelijke ondersteuning en ambulante begeleiding en behandeling. Dit kan bij mensen leiden tot vormen van sociale uitsluiting, sociaal isolement, ernstige zelfverwaarlozing en/of van ernstige overlast.”3 Alhoewel ook voor deze doelgroep de focus gericht moet blijven op het vergroten van de zelfredzaamheid en participatie, betreft dit toch een doelgroep met een meer langdurige behoefte aan een verblijfssetting, waarbij we wel uitgaan van een perspectief met verbetering. Wanneer dit niet het geval is, kan er sprake zijn van een indicatie Wet langdurige zorg. Voor deze doelgroep bieden we Beschermd wonen. Beschermd wonen: wonen en verblijf in een accommodatie van een instelling met daarbij behorend 24 uurs toezicht en begeleiding in de directe nabijheid, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal 2
‘Wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving’. 3 Commissie Toekomst, Van Beschermd wonen naar een Beschermd thuis, 11 november 2015.
5
functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de persoon of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving (art. 1.1.1. Wmo 2015). 2.2 Beschermd thuis Er is duidelijk behoefte gebleken aan het uitbreiden van de bestaande categorieën “Begeleiding”, voor mensen die in principe zelfstandig kunnen wonen (en ook zelf huur betalen), maar op grond van hun (GGZ-)problematiek -nog- intensieve begeleiding nodig hebben, die deels gepland en deels ook onplanbaar aangeboden moet worden en waarbij een vorm van 24-uurs bereikbaarheid en/of toezicht beschikbaar moet zijn (eventueel in de vorm van zorg op afstand met behulp van domotica). Een oplossing hiervoor is om een nieuwe categorie van ondersteuning te bieden. Aan de inzet van deze categorie wordt expliciet de voorwaarde gekoppeld dat er toegewerkt wordt naar het resultaat van stabilisatie c.q. het voorkomen van opname in een verblijfssetting. Als dat mogelijk is, wordt gewerkt naar zelfstandig (begeleid) wonen. Op grond van het vooraf goed beschrijven van –toetsbare- doelen en resultaten zal monitoring plaatsvinden door de Wmo-consulent.
Hierbij zal met de cliënt, zijn/haar sociaal netwerk en de betreffende begeleider een gesprek gevoerd worden over hoe het gaat en wat er verder nodig is aan begeleiding en ondersteuning. Dit is altijd maatwerk en kan meer of minder zijn, afhankelijk van de situatie. Hierbij worden de behoeften breed in beeld gebracht: zowel qua begeleiding, als voor wat betreft het wonen, sociale contacten, werk/dagbesteding, e.d. Voor deze doelgroep binnen Beschermd wonen bieden we vanaf 2017 Begeleiding plus (Beschermd thuis). Begeleiding plus (Beschermd thuis): op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten en activiteiten in het kader van intensieve ambulante individuele (woon-)begeleiding. Bedoeld voor personen met langdurige psychiatrische, psychische of psychosociale problemen, of een combinatie daarvan met een verstandelijke beperking of gedragsstoornissen mits de hoofdgrondslag psychiatrie is, die niet volledig in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving c.q. niet geheel zelfstandig kunnen wonen. De inzet gaat qua intensiteit de reguliere categorieën voor begeleiding te boven. De begeleiding wordt ingezet ter voorkoming van beschermd wonen of afschaling van beschermd wonen naar zelfstandig (begeleid) wonen. Hiertoe behoort ook de 24 uurs bereikbaarheid van de begeleiding en onplanbare begeleiding.
Begeleiding plus
6
kan individuele begeleiding en begeleiding in groepsverband (evt. met vervoer) omvatten. 2.3 Gemeenschappelijke functies Er zijn initiatieven mét en zónder gemeenschappelijke ruimten, waar al dan niet door de individuele bewoners gebruik van wordt gemaakt. De waarde hiervan ligt vooral in de sfeer van sociale contacten, ontmoeting, recreatieve en educatieve activiteiten. De gemeenschappelijke ruimte biedt daarvoor een veilige omgeving aan de bewoners. Uit het onderzoek dat JB Lorenz in de Peelregio heeft verricht, blijkt geen relatie tussen de mate of behoefte aan begeleiding en het al dan niet geclusterd wonen met een gemeenschappelijke ruimte. Ons uitgangspunt is om niet de locatie te financieren, maar de functie. Het gaat immers om de (mogelijke) behoefte aan functies die bij uitstek binnen de (lokale) Wmo-gedachte passen. Deze behoefte bestaat niet alleen bij de bewoners van een wooninitiatief, maar kan ook breder in de wijk bestaan bij vergelijkbare doelgroepen. Ook wanneer bewoners besluiten om de stap naar meer zelfstandig wonen te maken, kunnen zij nog steeds aan dit type functies behoefte hebben. Voorbeelden van deze functies zijn: - Een gemeenschappelijke ruimte of inloopfunctie, waar gezamenlijke activiteiten (recreatief of educatief) georganiseerd kunnen worden. - Een eetpunt, waar gezamenlijk kan worden gekookt en gegeten.
Door deze functies maatschappelijk in te bedden, kan er een vervlechting plaatsvinden met bestaande algemene voorzieningen, zoals wijkcentra. Ook worden aanbieders gestimuleerd tot het opzoeken van samenwerking, zowel onderling als met het brede welzijnsveld. Hierdoor kunnen betere voorwaarden tot sociale inclusie en participatie op wijk- en buurtniveau worden geschapen. Dit doet recht aan de gewenste vermaatschappelijking en vraaggerichtheid van de ondersteuning. In plaats van eilandjes van totale zorg voor een beperkte doelgroep, wordt de drempel verlaagd naar inclusie. Dit is van belang, omdat deze doelgroep in sociaal opzicht nog te veel wordt buitengesloten. Ook voelt men zichzelf soms maatschappelijk geïsoleerd en eenzaam. Het is de moeite waard om dit patroon te doorbreken. Hier ligt met name ook de verbinding met de doelen en ambities van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Daar ligt de opdracht voor gemeenten en zorgaanbieders het sterkst. Met als doel sociale inclusie.
7
Dat betekent dat er geen specifieke gemeenschappelijke ruimten bekostigd worden, anders dan binnen de eerder genoemde intramurale setting. Het ligt in de rede om deze functie meer vraaggericht en in een bredere maatschappelijke context in te bedden en te verbinden met de lokale nulde lijn. Op die manier snijdt het mes aan twee kanten: het bevorderen van sociale zelfredzaamheid en het stimuleren van sociale inclusie. 2.4 Scheiden Wonen en Zorg Een thema dat de aandacht vraagt is de gewenste scheiding tussen wonen en zorg. In principe moet niet de woonsituatie leidend zijn in de keuze van de zorgaanbieder. Dit zou alleen een rol kunnen spelen bij een verblijfssetting (intramuraal). De verblijfscomponent in de categorie ‘Begeleiding-Plus/Beschermd Thuis’ wordt daarom niet gefinancierd. Het gaat immers om zelfstandig wonen en huur betalen. Het gaat daarnaast ook om de relatie tussen de woonsituatie en de zorgaanbieder. Het ontbreken van passende en betaalbare huisvesting blijkt nogal eens een belangrijk struikelblok te zijn in het realiseren van de beoogde zelfstandigheid. De cliënt kiest dan voor een zorgaanbieder met de gewenste huisvesting. Steeds vaker is het woonprobleem leidend in plaats van de keuze voor de noodzakelijke ondersteuning en het beoogde doel ervan. Dat geeft vertroebeling in het gesprek over de gewenste resultaten, zowel met de cliënt als met de zorgaanbieder.
Door de koppeling van een huurovereenkomst aan een specifieke aanbieder kunnen cliënten in een langdurige afhankelijkheid van deze aanbieder komen te verkeren. Het heeft een enorme impact als iemand zijn of haar eigen vertrouwde woning moet verlaten, op het moment dat hij meer zelfstandigheid wil of van zorgaanbieder wil veranderen. Dat schept ook een afhankelijkheid die van invloed kan zijn op het perspectief dat iemand voor zichzelf ziet. M.u.v. de intramurale setting zou de cliënt in elke woning ambulante ondersteuning naar behoefte moeten kunnen ontvangen. Zorgaanbieders moeten in dit kader met corporaties gaan samenwerken, in plaats van zelfstandig vastgoed te verwerven: ’schoenmaker, blijf bij je leest’. Het is belangrijk dat gemeenten hierover met de woningcorporaties het gesprek voeren. Zodat zij gezamenlijk kunnen sturen op de ontwikkelingen. Niet alleen in het belang van de individuele cliënt, maar ook in het belang van een evenwichtige spreiding over de wijken. Er moet oog zijn voor de draagkracht van de samenleving, en dat is een afweging die het beste in samenspraak kan worden gemaakt. Daarmee is het huisvestingsprobleem niet opgelost. We constateren dat het van groot belang is om in de Peelregio zo veel mogelijk woningen beschikbaar te hebben, die recht doen aan de individuele behoeften van deze groepen cliënten. In het kader van het
8
woonbeleid zal door de gemeenten moeten worden bezien hoe voor alle doelgroepen betaalbare huisvesting kan worden gerealiseerd. De huisvestingsbehoeften van jongvolwassenen met een noodzaak tot zelfstandig, dan wel geclusterd wonen, verdient de aandacht. Zij lopen aan tegen hoge woonlasten en beperkte beschikbare passende woonruimte. Dit onderdeel komt expliciet terug in de uitwerking van de lokale gemeentelijke woonvisie.
2.5 Dagbesteding De sleutel tot sociale interactie en de inclusieve samenleving, ligt in een zinvolle dagbesteding c.q. (vrijwilligers-)werk. Dit is ook voor het toekomstperspectief van deze doelgroep heel erg belangrijk. Dit versterkt hun zelfredzaamheid en hun sociale netwerk. Het betreft hier veelal een doelgroep met behoefte aan een duidelijke structuur en begeleiding. Daar moet rekening mee worden gehouden bij het zoeken van een passende daginvulling. De begeleiding blijkt onvoldoende in staat om op een goede manier het gesprek met de bewoners aan te gaan over hun mogelijkheden en wensen en tegelijkertijd de juiste en passende arbeid/dagbesteding daarbij te vinden. Toeleiding naar werk en sociale activering vraagt om specifieke kennis en deskundigheid. Veel cliënten hebben te kampen met de problemen van ‘een lege dag’. We zien twee aspecten van doorontwikkeling: a) De gerichtheid van de aangeboden begeleiding: b) De toeleiding naar geschikt werk, jobcoaching, arbeidsmatige dagbesteding, of activering. In zekere zin houden deze aspecten ook verband met elkaar. De begeleiding die vanuit de aanbieder wordt geboden is vooral van oudsher gericht op het bevorderen en behouden van een stabiele woonsituatie. Dit vraagt een transformatie van de aanbieder, de begeleiding moet hier actiever en gerichter in worden.
Een goede samenwerking tussen de Wmo-begeleiding en de mogelijkheden die de Participatiewet biedt, zou wellicht kunnen bijdragen aan een beter toekomstperspectief en een zinvolle (arbeidsmatige) dagbesteding c.q. sociale activering van deze doelgroep. 2.6 Ouderinitiatieven In het veld van beschermd thuis/begeleiding, nemen de ouderinitiatieven een bijzondere positie in. Ouderinitiatieven –die onder de Wmo vallen- zijn een initiatief van ouders van (jong)volwassenen met vaak een autisme spectrum stoornis, met meestal een normale begaafdheid. Hierbij gaat het om een aantal appartementen (10-14) in elkaars directe 9
nabijheid of in een wooncomplex, met een gemeenschappelijk gebruikt appartement. De appartementen worden gehuurd van de woningcorporatie. Het gaat om zelfstandig wonen met begeleiding op maat. Ouderinitiatieven hebben volledig de regie in handen als het gaat om de realisatie van het wooninitiatief en de zorginzet. Zij zijn nauw betrokken bij de gang van zaken in het initiatief. In gezamenlijk overleg wordt –samen met de bewoners- bepaald wie er komen wonen. Er kunnen verschillende zorgaanbieders zijn. In onze regio hebben we zes wooninitiatieven voor de doelgroep jongvolwassenen. (2x in Helmond, Deurne, Someren, Asten en Gemert-Bakel) Een ouderinitiatief wijkt af van een wooninitiatief. Een wooninitiatief is een initiatief dat is geïnitieerd vanuit één specifieke aanbieder, die dan ook de zorg in de appartementen verleent. Soms is het vastgoed eigendom van de aanbieder zelf of wordt het gehuurd door de aanbieder. De aanbieder houdt een wachtlijst bij en bepaalt feitelijk wie er komen wonen. De ouderinitiatieven zijn waardevol omdat zij als sociaal netwerk samen met de bewoners eigen verantwoordelijkheid nemen voor een zo zelfstandig mogelijk bestaan. De ouderinitiatieven zijn een goed voorbeeld van burgerkracht en zelf-organiserend vermogen. Inmiddels bestaan de meeste ouderinitiatieven al geruime tijd.
De ouderinitiatieven in de regio willen we graag behouden, ook binnen ons nieuwe stelsel. De financiering van de zorg en ondersteuning valt in de categorie Begeleiding-Plus of in de reguliere categorie begeleiding. Dit wordt individueel beoordeeld.
10
3. Decentralisatie-opgave Binnen de uitvoering van beschermd wonen hebben we te maken met veel partijen. Een overzicht hiervan is opgenomen in de bijlagen. 3.1 Huidige situatie4 Op dit moment vervult Helmond de centrumfunctie voor de uitvoering van Beschermd wonen. De gemeenten die gekoppeld zijn aan deze centrumfunctie zijn: Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren. Helmond heeft namens en samen met deze gemeenten de inkoop van Beschermd wonen en Beschermd thuis/Begeleiding + georganiseerd. De toegang tot deze vorm van ondersteuning verloopt centraal via de trajectregisseurs van Helmond. Zij zijn ondergebracht bij het stedelijk GO-team binnen het Sociaal Domein. De afstemming met de aanbieders verloopt via de Fysieke Overleg Tafel (FOT) Beschermd Wonen. Daarnaast subsidieert Helmond een aantal organisaties voor het leveren van expertise, ontmoetingsruimten en outreachende activiteiten voor de doelgroep Beschermd Wonen. 3.1.1 Beschermd Wonen In 2018 hadden in onze regio 394 cliënten een indicatie voor Beschermd Wonen. Hiervan stonden er 237 ingeschreven in Helmond, en de overige 157 in één van de 5 Peelgemeenten. Hieronder is de verdeling over de 6 gemeenten weergegeven.
CLIËNTAANTALLEN BESCHERMD WONEN 2018 Laarbeek 0,5%
Someren 6,3%
Gemert-Bakel 17,5%
Deurne 9,4% Asten 0,5%
4
Helmond 60,2% Overig 5,6%
De analyse van de huidige situatie in Helmond-Peel is opgenomen als bijlage bij dit document.
11
De hulp en ondersteuning aan deze cliënten wordt in onze regio geleverd door 17 aanbieders. De cliënten ontvangen deze ondersteuning in een intramurale setting, met 24 uurs toezicht. 3.1.2 Beschermd Thuis In 2018 hadden ook 202 cliënten een indicatie voor Beschermd Thuis/Begeleiding +. Hiervan stonden er 92 ingeschreven in Helmond, en de overige 110 in één van de 5 Peelgemeenten. Hieronder is de verdeling over de 6 gemeenten weergegeven.
CLIËNTAANTALLEN BESCHERMD THUIS 2018 Someren 8,8%
Laarbeek 13,2% Helmond 45,6%
Gemert-Bakel 8,8%
Deurne 16,2%
Asten 5,4%
Overig 2,0%
Beschermd Thuis/Begeleiding + wordt geboden door 35 aanbieders die we hiervoor gecontracteerd hebben. Ondersteuning is intensief en ambulant. 3.2 Opgave voor de regio Gemeenten staan voor de opgave om Beschermd wonen en maatschappelijke opvang toekomstbestendig te organiseren en inhoudelijk door te ontwikkelen. De verantwoordelijkheid voor Beschermd wonen wordt verlegd van de centrumgemeenten naar alle gemeenten. Landelijk is afgesproken dat een (financieel) ingroeipad van 10 jaar wordt gehanteerd dat ingaat per 2022. Nu is Helmond centrumgemeente voor de Peelregio. Om deze verantwoordelijkheid door te decentraliseren, maken we afspraken tussen de 6 gemeenten. Vragen die hierbij beantwoord worden zijn: Welke inhoudelijke uitgangpunten onderschrijven we gezamenlijk? Hoe gaan we om met de doordecentralisatie van de middelen en daarbij horende verantwoordelijkheden? Hoe vertalen we dat naar taken en bevoegdheden? Wie doet wat? Welke financiële afspraken maken we? Zijn we solidair? 12
Hoe gaan we om met de periode tot 2022?
3.3 Ingroei-pad en financiële risico’s Er zijn meerdere aspecten die van invloed zijn op de financiële middelen die gemeenten gaan ontvangen voor de uitvoering van de taken Beschermd Wonen/Beschermd Thuis. Landelijk is een expertiseteam geformeerd onder leiding van VWS-VNG om dit traject te begeleiden. De belangrijkste aspecten voor de verdeling van de financiële middelen zijn: - Uitname in verband met uitstroom Wet langdurige zorg (Wlz) - Wijziging van het verdeelmodel - Ingroeipad van 10 jaar 3.3.1 Uitstroom en uitname Wlz per 2021 Met ingang van 2021 wordt de Wlz opengesteld voor cliënten met psychische problematiek (GGZ grondslag). Naar verwachting zal een deel van de cliënten Beschermd wonen uitstromen naar de Wlz. Met ingang van 2021 zal hiervoor een uitname uit het gemeentefonds gedaan worden. De omvang van het bedrag dat uitgenomen wordt, is voorlopig bepaald op € 495 mln. De verdeling hiervan over centrumgemeenten is onderdeel van het herijkingsonderzoek naar de verdeelmodellen in het gemeentefonds onderdeel sociaal domein. Door het Expertiseteam5 is geadviseerd om de definitieve uitname per gemeente te bepalen via een nacalculatie op basis van de daadwerkelijk gerealiseerde aantallen.
Er zullen daarom op verschillende momenten (geactualiseerde) budgetten gepubliceerd worden: - Meicirculaire 2020: initiële uitname, geëffectueerd per 1 januari 2021; - Meicirculaire 2021: eerste nacalculatie, met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2021 doorgevoerd; - Meicirculaire 2022: tweede nacalculatie, met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 doorgevoerd. In het onderzoek wordt uitgewerkt wat de initiële uitname is (alvorens de realisatie bekend is) en hoe de nacalculatie vormgegeven wordt. Zowel voor het macrobedrag als voor de verdeling daarvan over gemeenten is een nacalculatie nodig om aan te sluiten bij de werkelijke situatie. 3.3.2 Verdeelmodel Op dit moment ligt de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van Beschermd wonen voor onze regio bij centrumgemeente Helmond. Helmond krijgt voor de Peelregio middelen voor 5
Landelijk is een expertiseteam geformeerd onder leiding van VWS-VNG. 13
de uitvoering van deze taak via een historisch verdeelmodel. Dat betekent dat deze zijn gebaseerd op historische (gebruiks-) gegevens. Onderdeel van het advies van het Expertiseteam is om deze twee aspecten (centrumgemeente en historisch verdeelmodel) in de toekomst aan te passen. In de nieuwe situatie wordt (geleidelijk aan) toegewerkt naar een objectief verdeelmodel waarbij de middelen over alle gemeenten verdeeld worden. Objectief betekent dat budgetten dan zijn gebaseerd op objectieve, niet-beïnvloedbare factoren binnen een gemeente, zoals bevolkingssamenstelling en -kenmerken. 3.3.3 Ingroeipad Uiteraard moeten de beschikbare middelen goed aansluiten bij de overgang van verantwoordelijkheden, zodat gemeenten kunnen voorzien in de kosten voor de uitvoering waarvoor zij verantwoordelijk zijn. Het Expertiseteam adviseert om voor de herverdeling van de middelen (van centrumgemeenten naar alle gemeenten, en van historisch naar objectief verdeelmodel) een ingroeipad van 10 jaar te hanteren. Dit ingroeipad start op 2022. Het ingroeipad moet er enerzijds voor zorgen dat centrumgemeenten voldoende middelen hebben voor de bestaande cliënten (o.b.v. historisch verdeelmodel), en anderzijds dat alle gemeenten voldoende middelen hebben voor de nieuwe cliënten (o.b.v. objectief verdeelmodel).
Uiteraard zal deze beweging niet overal in hetzelfde tempo gaan, terwijl er wel een landelijk financieel ingroeipad gehanteerd zal worden. In onderstaande afbeelding hebben we de betekenis daarvan schematisch samengevat, inclusief de uitname voor de Wlz:
Het Expertiseteam heeft geadviseerd de verdeling voor bestaande cliënten (grijs in bovenstaande figuur) ongewijzigd te laten. Voor cliënten die nu gebruik maken van 14
Beschermd wonen (ongeacht of zij in de centrumgemeente of in een regiogemeente wonen) blijven centrumgemeenten middelen ontvangen volgens het bestaande historische verdeelmodel. In de loop der jaren wordt een steeds groter deel van het budget verdeeld aan de hand van het nieuwe objectieve verdeelmodel voor alle gemeenten (donkerblauw in bovenstaande figuur), dat zich richt op cliënten die nieuw instromen in Beschermd wonen. Let op: in bovenstaande afbeelding worden de trapjes lineair weergegeven. Dit zal in de praktijk echter niet het geval zijn. Volgens het advies van het Expertiseteam VNG blijven de centrumgemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van Beschermd wonen voor bestaande cliënten, en worden de regiogemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van Beschermd wonen voor de nieuwe cliënten. Bestaande cliënten, en ook de bijbehorende middelen, blijven bij de centrumgemeenten. De definitie van een “nieuwe cliënt” is hierbij essentieel. Een nieuwe cliënt is een inwoner die (a) het afgelopen jaar (365 dagen teruggerekend vanaf de datum dat de cliënt zich meldt) geen aanvraag heeft gedaan voor, en geen gebruik heeft gemaakt van (b) een BW-voorziening in de regio waar hij/zij zich meldt.
3.3.4 Risico’s: - De aantallen cliënten die uitstromen naar de Wlz is nog niet bekend; - De daadwerkelijke uitname (budget) als gevolg van uitstroom naar Wlz is nog niet bekend (centrumgemeente Helmond) én onduidelijk is hoe dit zich verhoudt tot de uitstroom in onze regio; - Het financiële ingroeipad is nog niet bekend; - De uitwerking van het objectief verdeelmodel is nog niet bekend; - Gemeenten hebben geen invloed op de mate van instroom van nieuwe klanten Beschermd wonen. Er zijn natuurlijk een aantal factoren die van invloed zijn (waaronder beschikbaar aanbod Beschermd wonen); - De komende 10 jaren bestaat een hoog risico van onbalans tussen de financiële middelen en de daadwerkelijke zorgkosten. Dit risico geldt voor alle gemeenten. Er is een hoge mate van solidariteit nodig om de gezamenlijke opgave voor deze complexe doelgroep uit te voeren en bestaand aanbod Beschermd Wonen waar nodig te handhaven of te transformeren naar Beschermd Thuis. Het Expertiseteam heeft daarom ook het belang van aanvullende afspraken op regionaal niveau benadrukt.
15
4. Uitvoeringsvarianten Beschermd wonen vanaf 2022 Er zijn meerdere vormen van samenwerken en uitvoering Beschermd wonen mogelijk per 2022. Hieronder beschrijven we 3 varianten: Centrumfunctie Helmond behouden Gedeeltelijke door-decentralisatie naar de lokale Peelgemeenten Volledige door-decentralisatie naar de lokale Peelgemeenten Eerst schetsen we de huidige uitvoeringswijze. 4.1 Huidige uitvoeringswijze Beschermd wonen Bij Beschermd wonen wordt gewerkt vanuit de uitgangspunten eigen kracht, vergroten van de zelfredzaamheid en werken vanuit het sociale netwerk zoals geformuleerd in de Wmo. In de Wmo 2015 is elke individuele gemeente verantwoordelijk gesteld voor het organiseren van de toegang en noodzakelijke voorzieningen voor Beschermd wonen. Op grond van een bestuurlijke afspraak tussen het Ministerie van VWS en de VNG zijn de middelen echter op basis van historische gegevens toegedeeld aan de centrumgemeenten. Op dit moment is gemeente Helmond als centrumgemeente verantwoordelijk voor het aanbod voor Beschermd wonen in Helmond en de Peelgemeenten. Helmond is als centrumgemeente gemandateerd door de Peelgemeenten om de indicaties voor Beschermd wonen te stellen en de administratieve afhandeling uit te voeren. In overeenstemming met de betrokken gemeenten is de routing voor de toegang tot Beschermd wonen en Beschermd thuis vastgesteld.
Toegang en overdracht Beschermd wonen en Beschermd thuis In 2017 zijn hierover werkafspraken gemaakt tussen Helmond en de Peelgemeenten. Wanneer een burger zich meldt, vindt er eerst een vraagverheldering plaats door de lokale medewerker. Hij of zij toetst aan de hand van het toetsingskader BW/BG plus6 of er een behoefte of noodzaak is tot een indicatie Beschermd wonen. Als dat het geval is, vindt er een warme overdracht plaats naar de medewerkers in Helmond. Inwoners van Helmond, melden zich bij de frontoffice van Helmond. De gemeente Helmond stelt de indicatie en geeft een beschikking af. Ook bemiddelt Helmond de cliënt naar een zorgaanbieder die passende ondersteuning kan bieden. Voor de uitvoering van Beschermd wonen heeft Helmond 3 trajectregisseurs in dienst. Gemiddeld genomen behandelen zij 6 tot 9 herbeoordelingen/aanvragen per week. Daarnaast monitoren zij lopende trajecten, en voeren zij op casusniveau regie op de ondersteuning.
6
Werkafspraken voor 2017 met betrekking tot toegang en overdracht Beschermd wonen / Begeleiding plus Peelgemeenten Helmond
16
Wanneer de zorgaanbieder en de cliënt van mening zijn dat er afgeschaald kan worden naar reguliere Wmo-begeleiding, neemt Helmond de melding in behandeling. Zij brengt vervolgens advies uit aan de Peelgemeente. Als de Peelgemeente deze beoordeling ondersteunt, en de cliënt hiermee instemt, vindt overdracht plaats naar de betreffende Peelgemeente. Lokaal wordt de Wmo-indicatie gesteld en afgehandeld. Inkoop Beschermd wonen en Beschermd thuis Helmond contracteert namens en met de andere 5 gemeenten aanbieders die Beschermd wonen en/of Beschermd thuis leveren. De huidige contracten Beschermd wonen met de aanbieders lopen tot 2024. Ruim 75% van de aanbieders Beschermd wonen, hebben ook een contract voor het leveren van Beschermd thuis. Ruim 58% van de aanbieders Beschermd wonen kan ook zorg leveren bij een Wmo indicatie Begeleiding. Bij aanbieders met een contract Beschermd thuis kan ruim 77% dat. Hiermee is opschalen en afschalen in indicaties bij dezelfde aanbieder vaak makkelijk te realiseren. Helmond is verantwoordelijk voor de toetsing van de kwaliteit die de zorgaanbieders leveren en draagt zorg voor de controle op het naleven van de afspraken zoals overeengekomen in de contracten. Relevante ontwikkelingen worden door de betrokken beleidsmedewerkers van Helmond en de Peelgemeenten met elkaar gedeeld.
Aanbod Beschermd wonen en Beschermd thuis De locaties voor Beschermd wonen zijn vooral te vinden in Helmond. Ook Gemert-Bakel heeft een deel van de doelgroep gehuisvest. Hulp vanuit Beschermd thuis wordt meer verspreid over de regio aangeboden (zie analyse). Afstemming met de zorgaanbieders verloopt via de Fysieke Overleg Tafel (FOT). 4.2 Centrumfunctie Helmond houden Inleiding Eén van de uitvoeringsvarianten is dat gemeente Helmond haar taken als centrumgemeente blijft behouden. Kwaliteit Beschermd wonen is specialistische 24/7 zorg die voor langere tijd ingezet moet worden. Er is een bepaalde schaalgrootte nodig om voldoende gevarieerd aanbod te creëren en te behouden. In de kleinere gemeenten ontbreekt de schaal om zelf te voorzien in een breed aanbod van Beschermd wonen. Daarnaast vergt het specifieke deskundigheid van de toegang om Beschermd wonen te kunnen indiceren. Deze deskundigheid is afgelopen jaren 17
opgebouwd in Helmond. Met het behouden van de centrumfunctie door Helmond blijft de opgebouwde expertise en het brede aanbod behouden. Zorgaanbieders hebben contact met één gemeente voor het aanbod in de hele regio. Wel moet bij het behouden van de centrumfunctie aandacht zijn voor een betere spreiding van de verblijfsvoorzieningen en doelgroep over de 6 gemeenten. Ook inzet van het lokale netwerk bij een centrale toegang is een aandachtspunt. Cliënten De toegang tot Beschermd wonen vindt plaats vanuit Helmond. De toegangsmedewerkers gaan voor de intake naar cliënten toe, of spreken af op een voor cliënt passende plek. De meeste cliënten met een Beschermd wonen-indicatie verblijven in Helmond. De concentratie van deze zware doelgroep Beschermd wonen heeft ook gevolgen voor het gebruik van voorzieningen (bijzondere bijstand, schulddienstverlening, enz.) en de leefbaarheid en overlast in de verschillende wijken in Helmond. Cliënten met een indicatie Beschermd thuis verblijven verspreid over de 6 gemeenten. Financiën Bij deze uitvoeringsvariant beperken we de financiële risico’s. We bundelen de budgetten, en betalen gezamenlijk voor de uitvoering en zorginzet. Er hoeft niet onderling verrekend te worden. Voor aanbieders is dit scenario het meest positief, omdat zij niet geconfronteerd worden met een versnippering over 6 gemeenten.
Ook lopende initiatieven kunnen gecontinueerd worden. Op dit moment zijn er drie initiatieven die ingezet zijn vanuit de visie op doorontwikkeling van Beschermd wonen. De 6 gemeenten trekken hierin samen op. - Er loopt een pilot voor een logeerbed in Deurne. - Inzet van GGZ-expertise voor consultatie en advies is mogelijk vanuit een subsidie. - Er zijn inloopruimtes voor laagdrempelige ontmoeting in Helmond, Deurne en Gemert. Deze initiatieven worden bekostigd vanuit Beschermd wonen middelen. Doordat de gemeente Helmond centrumgemeente is kunnen deze, en eventuele nieuwe initiatieven voortgezet worden. Door dit regionaal te organiseren voorkom je dat expertise versnippert raakt en er extra kosten gemaakt worden om afzonderlijk lokale initiatieven op te zetten. Omdat vanaf 2022 elke gemeente een rijksbijdrage gaat ontvangen, moeten we wel afspraken maken tussen de 6 gemeenten. Hierin stemmen we af en leggen we vast hoe we omgaan met een financieel tekort of overschot in de financiën. Ook moet er overeenstemming zijn over de juridische aspecten van deze samenwerking.
18
4.3 Gedeeltelijke door-decentralisatie naar de lokale gemeenten Inleiding De tweede uitvoeringsvariant betreft het alleen door-decentraliseren van Beschermd thuis (Begeleiding+) naar de vijf afzonderlijke Peelgemeenten. Beschermd wonen blijft in deze variant bij Helmond. Beschermd thuis is het perspectief waar de Commissie Dannenberg naar toe wil werken. Kwaliteit Beschermd wonen blijft bij Helmond. De expertise blijft hierdoor centraal. De uitvoering wordt niet versnipperd voor deze kleine en complexe doelgroep. Beschermd thuis schuurt tegen Wmo begeleiding aan. De lokale Wmo consulenten zijn bekend met Wmo begeleiding, en krijgen regelmatig te maken met complexe problematiek. Ook werken zij al nauw samen met Helmond bij afschaling naar Wmo-begeleiding. (Bij)scholing is nodig, maar in mindere mate dan voor de doelgroep Beschermd Wonen. Hierdoor is minder investering nodig in de deskundigheidsbevordering. Ook is er minder risico van onvoldoende schaalgrootte. Beschermd thuis bestaat uit ambulante begeleiding die weliswaar intensief en mogelijk onplanbaar is, maar die niet 24/7 aanwezig hoeft te zijn op de locatie. Dit maakt het efficiënt creëren van voldoende aanbod op kleinere schaal mogelijk. Cliënten De gedachte achter de doorcentralisatie van Beschermd wonen is dat mensen zoveel mogelijk in hun eigen omgeving begeleid en ondersteund worden.
Hierbij moet aandacht zijn om eventueel aanwezige netwerk in stand te houden. Lokaal kan hierbij beter de draaglast van dit netwerk gemonitord worden. Dit is van belang omdat dit netwerk helpend is in het proces van inclusie en afschaling van professionele zorginzet. Wanneer de verantwoordelijkheid voor Beschermd thuis lokaal wordt belegd, dan zullen gemeenten nog meer de verantwoordelijkheid voelen om voldoende aanbod (inclusief huisvesting) voor deze doelgroep te organiseren. Beschermd thuis is een vorm van ambulante begeleiding. Als reguliere begeleiding en beschermd thuis in één hand komt, bevordert dit de op- en afschaling tussen deze producten. Dit zal het maatwerk voor de cliënt te goede komen. Financiën Aangezien de financiële middelen de komende 10 jaren gebaseerd worden op een landelijk ingroeipad is het hoogst onzeker of de verdeling van de middelen aan zal sluiten bij lokale praktijk. Bestaande klanten die van Beschermd Wonen doorstromen naar Beschermd Thuis blijven in principe onder de financiële verantwoordelijkheid van Helmond vallen. Als lokale gemeenten deze doelgroep met ingang van 1-1-2022 via de eigen gemeentelijke toegang willen laten 19
beoordelen, dan zullen hierover concrete afspraken gemaakt moeten worden op regionaal niveau (waaronder ook financiële afspraken). Instroom van nieuwe cliënten in Beschermd Thuis zal mede afhankelijk zijn van het creëren van nieuw aanbod in alle gemeenten én het creëren van uitstroommogelijkheden (voldoende zelfstandige huisvesting). Dit vraagt om afspraken met woningbouwverenigingen over het beschikbaar stellen van voldoende zelfstandige en passende huisvesting voor deze doelgroep. Dit is een lastige opgave gelet op de krapte op de woningmarkt. Tot slot is het de vraag of binnen deze variant de lopende initiatieven voor het logeerbed, inzet expertise en de ontmoetingsruimten gecontinueerd kunnen worden. 4.4 Gehele door-decentralisatie naar de lokale gemeenten Inleiding De derde uitvoeringsvariant beslaat het volledig door-decentraliseren van Beschermd wonen, dus inclusief Beschermd thuis, naar de vijf afzonderlijke Peelgemeenten. De gevolgen zullen we hieronder beschrijven. Kwaliteit Beschermd wonen is specialistische 24/7 zorg die voor langere tijd ingezet moet worden. Er is een bepaalde schaalgrootte nodig om voldoende gevarieerd aanbod te creëren en te behouden. In de kleinere gemeenten ontbreekt de schaal om zelf te voorzien in een breed aanbod van Beschermd wonen. Daarnaast vergt het specifieke deskundigheid van de toegang om Beschermd wonen te kunnen indiceren.
Deze deskundigheid is afgelopen jaren opgebouwd in Helmond. Als Beschermd wonen door-gedecentraliseerd wordt naar de Peelgemeenten moet er dus geïnvesteerd worden in de deskundigheidsbevordering van de lokale toegang. Voor de kleinere gemeente die slechts enkele Beschermd wonen cliënten hebben en waar nieuwe instroom beperkt zal zijn, is deze investering niet doelmatig en bestaat het risico dat de kwaliteit niet gewaarborgd wordt. Cliënten De gedachte achter de doorcentralisatie van Beschermd wonen is dat mensen zoveel mogelijk in hun eigen omgeving begeleid en ondersteund worden. Hierdoor wordt geacht dat het eventueel aanwezige netwerk in stand gehouden wordt en de terugkeer naar de plaats van herkomst makkelijker is. De vraag en de cliënt staan centraal in plaats van (de locatie van) het aanbod. Vanuit deze gedachte lijkt de doorcentralisatie naar de lokale gemeenten voor de hand liggend. Echter, zoals hierboven beschreven, moeten we er op bedacht zijn dat niet iedere gemeente de mogelijkheid heeft om specialistisch aanbod te creëren én in stand te houden. Met als gevolg dat met name mensen met een specialistische zorgbehoefte, zoals mensen met een forensische achtergrond of een combinatie van een verstandelijke beperking, psychische stoornis en verslaving, toch elders een passende plek moeten vinden.
20
Financiën Zodra de middelen niet alleen naar centrumgemeente Helmond gaan, maar ook naar de lokale gemeenten, betekent dit dat de het aanbod Beschermd wonen zoals nu aanwezig in Helmond niet in stand gehouden kan worden. Versnippering van het Beschermd wonen aanbod leidt tot hogere kosten, aangezien op alle locaties 24/7 zorg in de nabijheid georganiseerd moet worden. Naast de gevolgen (personeel, vastgoed) die dit heeft voor de huidige aanbieders, kan dit op termijn ook leiden tot verschraling van het totale aanbod. De mogelijkheid bestaat dat aanbieders hun aanbod moeten inkrimpen, waardoor schaars en specialistisch aanbod wegvalt. 4.5 Samenwerking Het rijk en gemeenten hebben besloten dat gemeenten in regionaal verband verplicht moeten samenwerken. Samenwerking is nodig om transformatie te realiseren. Een stevige regionale samenwerking is ook noodzakelijk gezien de complexiteit van de doelgroep en door het benodigde schaalniveau voor bepaalde (verblijfs-) voorzieningen. De decentralisatie vraagt van gemeenten ook onderlinge solidariteit. Ongeacht hoe de decentralisatie exact vorm gegeven wordt, zullen er namelijk gemeenten zijn die voordeel hebben en gemeenten die nadeel ondervinden. Gemeente Helmond vervult nu de rol van centrumgemeente voor de vijf Peelgemeenten. Samenwerken op het gebied van Beschermd wonen is voor gemeente Helmond en de Peelgemeenten niet nieuw.
Samen is in 2016 het document ‘doorontwikkeling beschermd wonen in de Peelregio: Inclusie Centraal’ opgeleverd. Dit document, wat bestuurlijk afgestemd is, is nu nog steeds actueel. Het is toen geschreven vanuit de uitgangspunten van de decentralisatie Beschermd wonen. Deze uitgangspunten zijn nu nog steeds van kracht. Daarnaast bevat het reeds een visie op de transformatie-opgave met betrekking tot Beschermd wonen. Hieruit voortvloeiend heeft er in 2017 zelfs al een transformatie plaatsgevonden in de vorm van het nieuwe product begeleiding plus (Beschermd thuis). De ingeslagen weg op het gebied van samenwerken willen we vervolgen. Regionale samenwerking betekent tenminste samenwerken op het gebied van:
Het vormen van een visie. Transformatie bewerkstelligen. Het maken van financiële afspraken. Het organiseren van de inkoop. Het monitoren van cijfers en ontwikkelingen.
Gemeente Helmond en de Peelgemeenten willen samen blijven werken en hebben daarbij respect voor lokale verschillen en gemeentegrootte. De belangen kunnen immers uiteenlopen. Samenwerken vraagt ook solidariteit. We vormen één regio en hebben met
21
elkaar de opdracht en verantwoordelijkheid om de zorg en de ondersteuning rondom Beschermd wonen voor onze inwoners zo optimaal mogelijk te organiseren.
22
5. Advies voor vervolg Op basis van datgene wat hiervoor beschreven is, de grote financiële onzekerheid, de beperkte doelgroep en de oproep tot samenwerking in de regio, wordt het volgende advies gegeven: Handhaaf de huidige situatie. Dit betekent concreet dat de uitvoering van Beschermd wonen en Beschermd thuis bij Helmond belegd blijft. Voeg 2 toegangsmedewerkers vanuit Peelgemeenten toe, die het toegangsteam Beschermd wonen/Beschermd thuis gaan versterken in de verbinding met de lokale structuur van de vijf peelgemeenten. De komende tijd volgt er pas meer duidelijkheid over essentiële punten als de overgang van het aantal cliënten Beschermd wonen naar de Wlz en de financiële gevolgen in het kader van de uitname Wlz, het objectief verdeelmodel en het 10 jarig ingroeipad. Samenwerking Werk samen aan de doorontwikkeling van Beschermd wonen en Beschermd thuis. Met als doel het versterken van de beoogde beweging naar Beschermd thuis en afschaling naar reguliere Wmo begeleiding in de lokale gemeenten. De samenwerking vindt plaats in de toegang, de inhoudelijke doorontwikkeling en de inkoop. Hiervoor stellen we een uitvoeringsplan op. Daarin spreken we af welke stappen er komende periode met elkaar gezet moeten worden.
De volgende onderdelen komen daarin terug: Trek in de toegang meer samen op Koppel aan de toegang van Helmond een tweetal toegangsmedewerkers van de Peelgemeenten, zodat enerzijds lokale expertise opgebouwd wordt, en anderzijds de verbinding met de lokale situatie en infrastructuur beter tot stand komt. Opschalen en afschalen van zorg en ondersteuning zal hierdoor verbeteren, omdat er een direct raakvlak bestaat met de lokale uitvoeringstaken van Wmo begeleiding. De inzet van de toegangsmedewerkers Peelgemeenten kan gerealiseerd worden binnen het huidige uitvoeringsbudget Beschermd wonen. Deze inzet wordt verder uitgewerkt in het uitvoeringsplan. Ontwikkel samen door op inhoud Maak samen afspraken over het vormgeven van een inhoudelijke doorontwikkeling van verblijf naar ambulant, van Beschermd wonen naar Beschermd thuis. De beschreven inhoudelijke visie in dit document is daarvoor een aanzet. Bij deze doorontwikkeling willen we (naasten van) ervaringsdeskundigen met Beschermd wonen betrekken. De zoektocht naar geïnteresseerde en geschikte personen is reeds in gang gezet.
23
Blijf samen inkopen Blijf gezamenlijk optrekken bij de contractering van aanbieders Beschermd wonen en Beschermd thuis. Helmond blijft contractpartij, maar stemt voortgang en wijzigingen altijd af met de Peelgemeenten. Zorg hierbij voor een passende spreiding van het aanbod over de 6 gemeenten. Richt monitoring van zorginzet beter in Om inhoudelijk door te ontwikkelen is het belangrijk beter inzicht te krijgen in de (herkomst van de) doelgroep, de zorginzet en de daarbij horende kosten. Ook met het oog op de decentralisatie van budgetten en verantwoordelijkheden is dit nodig. Evalueer de samenwerking periodiek en stel bij waar nodig De verwachting is dat er de komende jaren meer inzicht komt in de gevolgen van de decentralisatie Beschermd wonen, en de daarvoor beschikbare budgetten. Op frequente basis evalueren we de visie, de afspraken en de uitvoeringspraktijk, en stellen indien nodig bij. Borg afspraken in een Dienstverleningsovereenkomst Zodat duidelijk is wat we afspreken over de organisatorische, juridische en financiële zaken. Hiermee scheppen we duidelijkheid in ieders taken en verantwoordelijkheden, en formaliseren we de huidige samenwerking tussen de 6 gemeenten. Helmond neemt daarbij de rol van regiegemeente op zich.
Voortzetting van huidige uitvoeringspraktijk moet juridisch geborgd worden, omdat de juridische status wijzigt door het vervallen van de huidige Centrumfunctie van de gemeente Helmond per (waarschijnlijk) 1-1-2021.
24
6. Proces en Planning vervolgstappen Deze notitie (Regioplan) wordt ter besluitvorming voorgelegd aan de colleges van de 6 betrokken gemeenten. Dit gebeurt voor de zomer van 2020. Daarna wordt het, via een raadsinformatiebrief, ter informatie voorgelegd aan de gemeenteraden. Op basis van het besluit van de colleges starten we aansluitend met de doorontwikkeling van de samenwerking en stellen een uitvoeringsplan op. Daarnaast regelen we de organisatorische, financiële en juridische aspecten van de samenwerking, die we vastleggen in een dienstverleningsovereenkomst. Zowel het uitvoeringsplan als de dienstverleningsovereenkomst, waarin we de samenwerking regelen, leggen we uiterlijk in Q1 2021 ter vaststelling voor. Daarmee kunnen de besluiten meegenomen worden in de gemeentelijke begrotingen voor 2022. Op frequente basis evalueren we de visie, de afspraken en de uitvoeringspraktijk. We verwachten dat medio 2023 duidelijk is welke keuze het rijk maakt ten aanzien van de decentralisatie Maatschappelijke Opvang. Dit kan dan eventueel meegenomen worden in het vervolg.
25
Bijlagen
26
Bijlage 1. Relaties Binnen de uitvoering van Beschermd wonen hebben we te maken met veel andere partijen. Hieronder volgt een korte beschrijving van de meest voorkomende. CIZ en Zorgkantoren voor de uitvoering van de Wlz Met ingang van 2021 wordt de Wlz opengesteld voor cliënten met psychische problematiek (GGZ grondslag). Een deel van de huidige doelgroep Beschermd wonen zal doorstromen naar de Wlz. Dit betekent dat de groep cliënten dat met een WMO beschikking Beschermd woont, per 1 januari 2021 kleiner wordt. Aanbieders Er zijn 17 aanbieders Beschermd wonen en 35 aanbieders begeleiding plus. Zij bieden de zorg en ondersteuning voor cliënten met een indicatie. Een groot aantal gecontracteerde zorgaanbieders kunnen zowel begeleiding plus als begeleiding aanbieden, passend bij de begeleidingsvraag van de cliënt. Voor de continuïteit van zorg is dat een zeer wenselijke situatie. Het is belangrijk dat er goede afstemming is tussen de cliënt, zorgaanbieder en gemeente om de op- en afschaling van begeleiding goed te laten verlopen. Gemeenten en aanbieders nemen deel aan de Fysieke Overleg Tafel om informatie te delen, ontwikkelingen te bespreken of input op te halen voor de doorontwikkeling van Beschermd wonen. Woningbouwverenigingen In de ontwikkelopgave van Beschermd wonen naar een Beschermd thuis streven we naar meer ambulante ondersteuning dichtbij het netwerk van de cliënt.
Deze beweging vraagt om passende en beschikbare woonruimte. Gemeenten maken afspraken met woningcorporaties over het percentage sociale huurwoningen die beschikbaar worden gesteld aan bijzondere doelgroepen. Cliënten Beschermd wonen vallen onder deze categorie. Doordat de woningcorporaties vooral passende woonruimte in Helmond heeft, worden cliënten vaak in deze gemeente gehuisvest. Participatieraden en cliëntvertegenwoordiging Bij het opstellen van dit document, en bij de doorontwikkeling van beleid, betrekken we de participatieraden. Ook vragen we cliëntvertegenwoordigers naar hun ervaringen, en sluiten ze aan bij onze fysieke overleg tafels.
27
Bijlage 2.
Analyse
28