7. Kennis nemen van het besluitvormingsproces inzake het vaststellen van de Regionale Energiestrategie MRE 1.0
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp:
Gemeenteraad informeren over het besluitvormingsproces Regionale Energiestrategie MRE 1.0
Agendapunt:
7
Opsteller:
Dijcks, Clemens
Portefeuillehouder:
A.A.H. Swinkels
Documentnummer:
200246610
Zaaknummer:
0847200240399
Datum:
24 februari 2021
1. Samenvatting voor de burger Op 27 januari jl. hebben de portefeuillehouders Energietransitie van de MRE-gemeenten de bijgevoegde conceptversie van het Hoofddocument RES MRE 1.0 vrijgegeven. Dit als opmaat naar het vaststellen van de RES MRE 1.0 door de 24 hierin samenwerkende bestuursorganen. Voor 1 juli 2021 wordt de conceptversie van de RES MRE 1.0 ter consultatie aan u voorgelegd. Pas einde dit jaar, na de afronding van het planMER-proces vindt de besluitvorming plaats. Om u mee te nemen in dit besluitvormingsproces en u zo vroeg mogelijk op hoofdlijnen te informeren over de inhoud van de over enkele maanden vast te stellen regionale strategie voor de aanpak van de Energietransitie in de MRE-regio, leggen wij de conceptversie van het Hoofddocument RES MRE 1.0 ter informatie voor aan de Commissie Ruimte. Op 27 januari jl. hebben de portefeuillehouders Energietransitie van de MRE-gemeenten besloten om de kaart van de zoekgebieden voor grootschalige opwek met zon en wind, op basis van de (milieu) technische analyse, voor het uitbrengen van een zienswijze, voor te leggen aan de 21 gemeenteraden.
2. Inleiding In september 2020 hebben de samenwerkende organisaties in de Metropoolregio Eindhoven de Concept RES MRE ingediend bij het Nationaal Programma Regionale Energiestrategieën (NP RES) (het Rijk). Voor 1 juli 2021 moeten alle regio’s hun Regionale Energiestrategie hebben ingediend bij NPRES. In de periode van eind april tot uiterlijk begin juni 2021 wordt daarom de conceptversie van de RES MRE 1.0 ter consulatie aangeboden aan de 21 Gemeenteraden, Provinciale Staten en de Algemene Besturen van de twee Waterschappen. In Someren staat dit gepland Commissie Ruimte van 19 mei 2021 en de raadsvergadering van 27 mei 2021. De portefeuillehouders Energietransitie MRE hebben op 27 januari jl. besloten om de RES MRE 1.0 pas later dit jaar ter besluitvorming aan de 24 bestuursorganen voor te leggen, ná afronding van het planMER-proces. Om u zo goed mogelijk mee te nemen in dit besluitvormingsproces leggen wij nu de bijgevoegde conceptversie van het Hoofddocument RES MRE 1.0 ter informatie voor aan de Commissie Ruimte. Deze geeft in hoofdlijnen de inhoud van het strategiedocument weer (met bijlagen), zoals die over enkele maanden ter vaststelling aan de gemeenteraad wordt aangeboden. Van juni 2020 tot medio december 2020 is door de werkgroepen hard gewerkt om de bouwstenen voor een voldragen Regionale Energiestrategie MRE, versie 1.0 te komen.
Zoveel als mogelijk is invulling gegeven aan de opmerkingen die door bestuursorganen en maatschappelijk organisaties zijn geplaatst bij de Concept RES MRE.
3. Advies De gemeenteraad besluit: 1.
Kennis te hebben genomen van het besluitvormingsproces Regionale Energiestrategie Metropoolregio Eindhoven versie 1.0.
2.
Kennis te hebben genomen van de conceptversie van het hoofddocument van de RES MRE 1.0.
3.
Haar zienswijze op de zoekgebieden voor grootschalige opwek met wind en zon in de planMER in te dienen bij de MRE.
4. Beoogd effect In de Regionale Energiestrategie Metropoolregio Eindhoven 1.0 leggen de samenwerkende overheden van de MRE-regio vast hoe: -
de MRE-regio, door de focus te leggen op besparing, 49% minder CO 2 gaat uitstoten in 2030;
-
de MRE-regio, met de laagste maatschappelijke kosten voor netuitbreiding, voorziet in een jaarlijkse duurzame elektriciteitsopwekking van 2,0 TWh, met zon en wind, in 2030;
-
de MRE-regio voor die grootschalige opwek inzet op zon op bedrijfsdaken en zorgvuldig bepaalde zoekgebieden voor zon op land en wind;
-
in de MRE-regio invulling wordt gegeven aan lokale zeggenschap, minimaal 50 % lokaal eigendom (waarbij iedereen kan participeren) en het maximaal lokaal terugvloeien van de opbrengsten;
de Regionale Structuur Warmte gaat helpen met het zo optimaal mogelijk benutten van de schaarse bovenlokale/regionale duurzame warmtebronnen.
5. Argumenten 1.1 Focus op besparen Wat we niet gebruiken hoeven we niet duurzaam op te weken. We hebben in de MRE-regio geen grootschalige duurzame warmtebronnen. Het is een uitdaging om met de duurzame warmtebronnen, die we wel tot onze beschikking hebben, onze warmtevraag in 2050 duurzaam in te vullen. Fors inzetten op besparing is dus geen keuze, maar een must om op een verantwoorde wijze invulling te geven aan onze energievraag op de korte en langere termijn. De overheidsorganisaties gaan daarin vanuit hun voorbeeldfunctie voorop. 3.1 Relatie tussen ‘Grootschalige duurzame opwek’ en ‘Netinfrastructuur en programmering’ Met grootschalige zonnedaken op bedrijfsgebouwen, dicht bij de grote verbruikers, kunnen we maar een beperkt deel van onze elektriciteitsvraag invullen. Grootschalige duurzame opwekking met zon en wind vraagt om veel ruimte. Ruimte die vooral te vinden is in de buitengebieden, ver van de concentraties van gebruikers van elektriciteit. Bovendien is ons bestaande elektriciteitsnet totaal niet op uitgelegd op een dergelijke grootschalige opwekking van duurzame energie. Grootschalige zonnedaken, zonneparken en windparken kunnen niet meer worden aangesloten. Forse uitbreidingen van de netwerken van ENEXIS en TENNET zijn noodzakelijk om invulling te geven aan de grootschalige duurzame opwek in onze regio.
De zoekgebieden voor zon en wind zoals we die met behulp van planMER bepalen, geven houvast voor het tijdig doen van die grote investeringen. Die noodzakelijke netuitbreidingen kosten veel tijd (4-7 jaar) en brengen grote maatschappelijke kosten met zich mee, die uiteindelijk naar de inwoners worden teruggeslagen. Van de samenwerkende overheden binnen de RES MRE mogen inwoners verwachten dat we nadrukkelijk kijken naar de laagste maatschappelijke kosten. In dit kader is het noodzakelijk dat we een 50/50verhouding van wind en zon in onze regio en subregio’s zo dicht mogelijk benaderen, inzetten op zaken 2/5
zoals curtailment1, opslag van pieken van opwekking in batterijen en omzetting in waterstof en cable pooling. De keuze van wel of geen windparken en het spreiden van zonneparken moeten we in samenhang zien met een programmatische aanpak van de uitbreiding van de netinfrastructuur en de daarmee gepaard gaande maatschappelijke investeringen. 3.2 Portefeuillehouders Energiestrategie MRE stellen proces bij. Begin december heeft de MRE aan de colleges gevraagd om aan te geven welke zoekgebieden zij, op basis van draagvlak binnen hun gemeente, wil laten opnemen in een voorlopig voorkeursalternatief voor de planMER. Op 8 december 2020 heeft u het bijgevoegde ‘voorlopig voorkeurs alternatief planMER – Someren’ vastgesteld en verzonden naar de MRE. In de subregionale portefeuillehoudersoverleggen ter voorbereiding op het POHO Energietransitie van 27 januari jl. stelden veel portefeuillehouders vast dat door de vermenging van de (milieu)technische analyse met bestuurlijke keuzes op verschillende niveaus het voorlopig voorkeursalternatief planMER zoals het er lag niet meer zuiver te herleiden is. Dat is niet wenselijk. Die bestuurlijke keuzes op verschillende wijzen en grondslagen gemaakt en in veel gevallen niet door de gemeenteraad bekrachtigt. Ondanks de druk van de deadline van het voor 1 juli 2021 indienen van de RES MRE 1.0 is nu een stap terug gezet.
In de concept RES MRE 1.0 wordt alleen de kaart met de zoekgebieden op basis van de (milieu)technische analyse 2 opgenomen en geven we aan welke verdere stappen we in het planMER-proces nog zetten om tot de selectie van zoekgebieden te komen. Die stellen we later dit jaar vast in de definitieve RES MRE 1.0. 3.3 Verzoek om zienswijze van de gemeenteraad op de zoekgebieden voor grootschalige opwek met zon en wind Alle 21 gemeenteraden worden nu verzocht om hun zienswijze op de zoekgebieden voor grootschalige opwek met zon en wind, zoals weergegeven op de kaart van de (milieu)technische analyse, richting de MRE kenbaar te maken. Wij bevelen u aan om de bijgevoegde notitie ‘voorlopig voorkeurs alternatief planMER – Someren’ daarbij als leidraad te gebruiken. In de MRE-regio zien we slechts een beperkt aandeel wind, waarvan het zwaartepunt in De Kempen ligt. Het aandeel zon op land is groot. Dat slokt enerzijds veel ruimte op en drijft anderzijds de maatschappelijke kosten van de uitbreiding van de netinfrastructuur op. Als de MRE regio niet tot een efficiëntere keuze komt, dan zal het rijk ingrijpen op de investering in de uitbreiding van de netinfrastructuur.
Het college van B&W van Someren zet daarom nadrukkelijk in op systeemefficiëntie om de maatschappelijke kosten van de noodzakelijke uitbreiding van de netinfrastructuur en de impact hiervan op de civieltechnische en landschappelijke inrichting zo klein mogelijk te houden. De maatschappelijke kosten voor het aansluiten van zonneparken zijn heel hoog, aangezien deze slechts 950 bruto productie-uren per jaar hebben. Doordat windparken veel meer bruto productie-uren hebben, zijn de maatschappelijke kosten voor het aansluiten van windparken een factor 3 kleiner. Bij de combinatie van zonne- en windparken wordt die zelfs een factor 4 kleiner. Het college van B&W van Someren verwacht, , rekening houdende met alle factoren, op 8 december 2020, een keuze ten aanzien de zoekgebieden voor zon en wind binnen onze gemeentegrenzen te hebben gemaakt, die op draagvlak van de gemeenteraad en dat van onze inwoners kan rekenen. Wij zien dit graag in de zienswijze van de gemeenteraad op de zoekgebieden bevestigd. 1
Aftoppen van pieken in de teruglevering van duurzaam opgewekte elektriciteit om meer ruimte op het net te creëren. Zie: Curtailment: dit is hoe het werkt. - YouTube 2 Zie de kaart ‘Ruimtelijke weergave duurzame opwek totale regio’ op pagina 42 van de conceptversie van de conceptversie van het hoofddocument van de RES MRE 1.0. 3/5
6. Kanttekeningen 1.1 planMER is een parallel proces met een eigen tijdlijn Om tot een zorgvuldige selectie van de meest geschikte zoekgebieden voor grootschalige duurzame opwekking met zon en wind te komen, voeren we, in navolging van subregio De Kempen, voor de gehele MRE-regio een milieueffectenprocedure (planMER) uit. De MRE-regio is één van de vijf RES-regio’s die die proces, parallel aan het proces van het opstellen van de RES 1.0, als pilot doorlopen. Door middel van Raadsinformatiebrieven, virtuele informatiebijeenkomsten en vragenuurtjes hebben wij u zo goed mogelijk meegenomen in de eerste twee fases van dit proces. De milieueffectenprocedure is nog niet volledig doorlopen. De zoekgebieden voor wind en zon zijn op dit moment gebaseerd op de zoekgebieden van de Concept RES MRE, met dien verstande dat de milieueffecten en meekoppelkansen daarvan inmiddels zijn onderzocht. Dit is de status waarin de zoekgebieden in de RES MRE 1.0, zoals die in mei 2021 ter consultatie aan de gemeenteraad wordt aangeboden en eind juni 2021 bij NPRES wordt ingediend. Het proces om te komen tot een voorkeursalternatief gaat in de tussentijd door. Medio 2021 geven bestuurders het planMER inclusief voorkeursalternatief vrij voor inzage.
Pas nadat de zienswijzeprocedure is doorlopen en we het advies van de commissie voor de milieueffectrapportage hebben ontvangen kunnen we het milieueffectrapport en de onderbouwing van de zoekgebieden definitief opleveren. Dit proces loopt nog tot het einde van 2021 door. Hierdoor kunnen zoekgebieden, zoals opgenomen in de concept RES MRE 1.0, tot afronding van het planMER-proces en de vaststelling van de RES MRE 1.0 (eind 2021) nog afvallen of wijzigen in omvang. 1.2 Wat is de status van de RES MRE 1.0 die wordt ingediend bij NPRES? Bij het indienen van de concept RES MRE 1.0 bij NPRES, voor 1 juli 2021, melden we aan NPRES dat we als MRE (als één van de 5 pilotregio’s van de planMER) dat het zorgvuldig doorlopen van dit proces leidend is voor de datum waarop we RES MRE 1.0 gaan vaststellen. Het zorgvuldig doorlopen van het planMER-proces waarin we zoekgebieden zowel (milieu) technisch als op draagvlak met elkaar te wegen, kost tijd en duurt nog tot het einde van het jaar. Moties en amendementen, die worden opgehaald bij de consulatie van de concept RES MRE 1.0, voor 1 juli 2021, worden meegezonden naar NPRES. Deze worden verwerkt in de definitieve versie van de RES MRE 1.0, die later dit jaar ter vaststelling aan alle 24 bestuursorganen wordt aangeboden.
Op basis van het tot nu toe doorlopen proces is duidelijk dat we ons bod van 2,0 TWh duurzame opwekking van elektriciteit gestand kunnen doen. De zoekgebieden die uit de afgeronde planMER volgen, leggen we eind dit jaar 2 jaar vast in de definitieve RES MRE 1.0.
7. Financiën Niet van toepassing.
8. Communicatie Vanaf 1 februari 2021 is de conceptversie van de RES MRE 1.0 openbaar te raadplegen op de website van de RES MRE (www.energieregiomre.nl). Op 3 februari 2021 is een informatieavond voor inwoners en raadsleden van de Peelgemeenten gehouden, waarin zij zijn geïnformeerd over de inhoud van de conceptversie van de RES MRE 1.0 en daar vragen over konden stellen.
4/5
9. Uitvoering Op 10 maart 2021 wordt de concept RES MRE voorgelegd aan de Stuurgroep RES MRE om deze, voor de consultatiefase in de 24 bestuursorganen, vrij te laten geven door het portefeuillehoudersoverleg Energietransitie MRE. Dit portefeuillehoudersoverleg staat gepland op 17 maart 2021. Op 27 januari jl. hebben de portefeuillehouders Energietransitie MRE het besluitvormingsproces gewijzigd. De conceptversie RES MRE 1.0 wordt voor 1 juli 2021 alleen ter consultatie voorgelegd aan de 24 bestuursorganen. De RES MRE 1.0 wordt pas eind dit jaar afgerond, aansluitend op het afronden van het planMER-proces. Daarin worden de reactie van de gemeenteraden meegenomen. Vervolgens wordt de RES MRE 1.0 ter vaststelling aangeboden aan de 24 bestuursorganen. Na vaststelling van de RES MRE 1.0 en het afronden van de planMER leggen we zaken zoals ontwikkelgebieden voor grootschalige duurzame opwek met zon en wind worden vast in lokaal beleid, zoals de Omgevingsvisie en –plannen. Ook op de uitvoering, zoals energiebesparing in gemeentelijk vastgoed 3, maar vooral het stimuleren van grootschalige aanpak van energiebesparende maatregelen door inwoners en bedrijven wordt stevig ingezet. De Regionale Energiestrategieën worden elke 2 jaar geactualiseerd en verder geconcretiseerd in een RES MRE 2.0 en verder. Burgemeester en wethouders van Someren, de secretaris,
de burgemeester,
T.M.G. van Leeuwen
D. Blok
Bijlage(n)
O
Concept raadsbesluit
X
Concept Zienswijze van Gemeenteraad Someren op zoekgebieden voor
X
NO
grootschalige opwek met zon en wind Conceptversie Hoofddocument RES MRE 1.0, documentnr. Djuma
X
200240402 Notitie voorlopig voorkeurs alternatief planMER – Someren, documentnr.
X
Djuma 200246292 Tijdlijn RES MRE 1.0, versie 19 februari 2021, documentnr. Djuma
X
200253950
3
Ten aanzien van energiebesparing in gemeentelijk vastgoed zijn de afgelopen decennia al grote stappen gezet. 5/5