CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

6k Regels BP Veegplan XI bijlage 2 landschappelijke inpassing Hugterweg 10

Commissie Ruimte 7 april 2021, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Veegplan XI gemeente Someren 20203.368 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1

6

Landschapsplan

omgevingsvergunning Hugterweg 10 te Someren

LANDSCHAPSPLAN HUGTERWEG 10

Toelichting landschapsplan Hugterweg 10 te Someren, gemeente Someren 22 juni 2020

0

INHOUD 1

2

3

4

INLEIDING ..................................................................................................................... 2 1.1

Aanleiding ............................................................................................................... 2

1.2

Ruimtelijke kwaliteitsmaatregelen............................................................................ 3

1.2.1

Aankoop van sloopmeters conform de sloopbonusregeling .............................. 7

1.2.2

Landschappelijke inrichting .............................................................................. 4

1.2.3

Nieuwe kwaliteitsverbetering in combinatie met bestaande verplichtingen ....... 7

RUIMTELIJKE CONTEXT .............................................................................................. 9 2.1

Context planlocatie .................................................................................................. 9

2.2

Landschapsbeleid ................................................................................................... 9

LANDSCHAPPELIJKE KWALITEITSVERBETERING ...................................................10 3.1

Landschapsversterking ..........................................................................................11

3.2

Overzicht toe te passen beplanting ........................................................................12

Conclusie ......................................................................................................................13

1

1

INLEIDING

1.1 Aanleiding Het doel van het ruimtelijk plan voor Hugterweg 10 is een passend juridisch-planologisch kader te scheppen op basis van de bestemming ‘Wonen-plus’. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Someren, sectie G nummers 3303 en 5333. In de huidige situatie geldt op de locatie Hugterweg 10 een woonbestemming. De woonbestemming staat een burgerwoning toe met 269 m2 aan bijgebouwen. In de feitelijke situatie is sprake van een woning met een voormalig agrarisch bedrijfsgebouw c.q. schuur ter grootte van 350 m2. De woonbestemming geldt sinds 2018: toen is door de vorige eigenaar van de locatie de bestemming omgezet van agrarisch bedrijf naar wonen. Vanwege de wijziging van agrarische bedrijfslocatie naar woonlocatie, is eerder een kwaliteitsplan gemaakt. Daartoe is in het kader van ruimtelijke kwaliteit een landschapsplan opgesteld en zijn er afspraken gemaakt over sloop van overtollige bebouwing. De kwaliteitsverbetering vindt plaats door: 

Sloop overtollige bebouwing: na sloop mag maximaal 269 m2 aan bijgebouwen op de locatie mag resteren, hiervoor dient 141 m2 te worden gesloopt. 141 m2 x sloopkosten à € 25,- per m2 = € 3.525,Landschappelijke inpassing: het vastgestelde bestemmingsplan ten behoeve van de eerdere wijziging van agrarisch bedrijf naar wonen bevatte een landschapsplan waarbij een waarde is toegekend aan de uit te voeren maatregelen. Deze waarde bedraagt € 29.557,-

Voormalig landschapsplan ten behoeve van de bestemmingswijziging agrarisch bedrijf naar wonen De sloopverplichting is deels gerealiseerd door een bijgebouw ter grootte van 60 m 2 te slopen. Er dient nog 81 m2 gesloopt te worden om aan de sloopverplichting te voldoen. Hiervoor zou een deel van de schuur worden aangewend. Verder geldt dat de landschappelijke inpassing grotendeels is gerealiseerd. Er dient enkel nog struweel en twee bomen aan de achterzijde van de te behouden schuur te worden aangeplant.

2

Ondertussen is het perceel gekocht door de huidige eigenaar. De huidige eigenaar heeft een hoveniersbedrijf wat de aanleiding is om nu aan de woonbestemming de aanduiding ‘Wonen-plus’ toe te kennen en de schuur in zijn huidige omvang, zijnde 350 m2, te behouden. De ontwikkeling van de bestaande woonlocatie tot woon-werklocatie met bedrijf-aan-huis wordt voorzien van een landschappelijke inpassing en moet voldoen aan de provinciale en gemeentelijke beleidskaders voor ruimtelijke kwaliteit. Daarnaast geldt dat aan de bestaande verplichtingen ten aanzien van het eerdere kwaliteitsplan dient te worden voldaan. In het onderstaande wordt hierop ingegaan. 1.2 Ruimtelijke kwaliteitsmaatregelen Algemeen Zowel op gemeentelijk als provinciaal niveau wordt ruimte geboden aan ontwikkeling met oog voor zorgvuldig ruimtegebruik en kwaliteit. Op basis van provinciaal beleid (Omgevingsvisie, Interim omgevingsverordening en de Handreiking Kwaliteitsverbetering Landschap zoals besproken in het Regionaal Ruimtelijk Overleg) is maatwerk mogelijk door het leveren van ruimtelijke kwaliteit. Ook in onderhavige ontwikkeling wordt gestreefd naar landschappelijke en ruimtelijke kwaliteit. In de verordening zijn de principes van zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit en kwaliteitsverbetering van het landschap verwoord.

Uitgangspunt voor de kwaliteitsverbetering is de ‘Handreiking Kwaliteitsverbetering van het landschap, de rood-met-groen koppeling’ van de provincie NoordBrabant. De kwaliteitsverbetering dient te passen binnen de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkelingen in het gebied en is onderwerp van regionale afstemming in het RRO. Op regionaal niveau is de ‘Handreiking Kwaliteitsverbetering van het landschap, de rood-met-groen koppeling’ vastgesteld. Hierin is een voorstel uitgewerkt voor het bepalen van de mate van benodigde kwaliteitsverbetering bij ruimtelijke ontwikkelingen. Op gemeentelijk niveau is dit principe uitgewerkt in de landschapsinvesteringsregeling. Het gemeentelijk beleid ten aanzien van ruimtelijke ontwikkelingen is dat toevoegen van bebouwing of functies mogelijk is mits dit gepaard gaat met een ruimtelijke kwaliteitsverbetering. Toekennen aanduiding ‘Wonen-plus’ Het huidige plan voorziet in het toekennen van de aanduiding ‘Wonen-plus’ bij een woonbestemming ten behoeve van het uitvoeren van een kleinschalig hoveniersbedrijf aan huis. De toekenning van de aanduiding ‘Wonen-plus’ maakt het mogelijk om tot 350 m 2 bijgebouwen tevens bedrijfsmatig, maar ondergeschikt aan de woonbestemming te gebruiken. De aanwezige schuur ter grootte van 350 m 2 zal voor opslag en stalling van materialen en werktuigen van het hoveniersbedrijf worden gebruikt.

De impact van deze ruimtelijke ontwikkeling is beperkt: in feite verandert er weinig. Het woongedeelte plus het voormalige agrarische bedrijfsgebouw zijn ook al landschappelijk ingepast. Door het voorziene gewijzigde gebruik dienen de ruimtelijke kwaliteitsmaatregelen wel opnieuw te worden beoordeeld. Het gemeentelijke beleid zoals opgenomen in verschillende bestemmingsplannen stelt ten aanzien van het wijzigen van ‘Wonen’ naar ‘Wonen-plus’ dat sprake dient te zijn van:  

Een goede landschappelijke inrichting Een kwaliteitsverbetering bestaande uit het slopen van overtollige bebouwing in het buitengebied conform de gemeentelijke sloopbonusregeling

Voor de nieuwe situatie wordt invulling gegeven op bovenstaande twee punten door: 

Een aanvulling op het oorspronkelijk landschapsplan voor de inpassing van de locatie. De oorspronkelijke landschappelijke inrichting is op onderdelen aangepast om beter aan te sluiten bij het nieuwe gebruik van het bijgebouw; Aankoop van sloopmeters conform de sloopbonusregeling.

3

1.2.1 Landschappelijke inrichting De vereiste kwaliteitsverbetering van het landschap wordt bepaald op basis van de Landschapsinvesteringsregeling Gemeente Someren (LIR). Op basis van de LIR wordt de toekenning van de aanduiding ‘Wonen-plus’ aan een woonlocatie aangemerkt als een ontwikkeling in de categorie 2. Van deze ontwikkelingen wordt verlangd dat deze op eigen terrein goed landschappelijk worden ingepast. Er worden hier geen kwantitatieve normen aan gekoppeld waaraan voldaan moet worden. Wel is het van belang dat duidelijk is welke extra winst aan ruimtelijke kwaliteit door de landschappelijke inpassing wordt behaald. Daarnaast geldt dat nog aan de bestaande verplichtingen ten behoeve van het vorige plan dient te worden voldaan. Bestaande verplichting Bij vaststelling van het eerdere plan ten behoeve van de bestemmingswijziging van agrarisch bedrijf naar wonen, is een landschapsplan opgesteld waarvan de uit te voeren maatregelen (excl. sloop) een waarde van € 29.557,- representeren. De voorgestelde maatregelen in het landschapsplan zijn volledig uitgevoerd, met uitzondering van de sloop van de schuur en de aanplant van struweel en twee bomen aan de achterzijde van de te behouden schuur. Onderstaande afbeelding geeft het oorspronkelijke landschapsplan inclusief de nog bestaande verplichtingen weer.

AAN TE PLANTEN STRUWEEL + 2 BOMEN

TE SLOPEN OPPERVLAK À 81 M2

Schematische weergave bestaande verplichtingen De bestaande sloopverplichting wordt in navolgende paragraaf (paragraaf 1.2.2) behandeld. Ten aanzien van het nog aan te planten struweel en de twee bomen is op basis van de stikanormen berekend welke financiële waarde deze nog uit te voeren maatregelen representeren. Onderstaand schema geeft de berekening weer:

4

Berekening financiële waarde landschappelijke inpassing o.b.v. Stikanormen

Op basis van bovenstaande berekening wordt geconcludeerd dat de nog uit te voeren maatregelen een financiële waarde van € 1.453,80 representeren. Gezien het feit dat alle overige maatregelen van het landschappelijk inpassingsplan reeds zijn uitgevoerd, wordt geconcludeerd dat met de uitvoering van genoemde maatregelen wordt voldaan aan het landschappelijk inpassingsplan dat een financiële waarde van € 29.557 representeert. Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling, zijnde het toevoegen van de aanduiding ‘wonen-plus’ aan de huidige woonbestemming, zijn aanvullende maatregelen ten opzichte van het oorspronkelijke plan voorzien, namelijk: 

Het vervangen van de coniferenhaag aan de Biezervenweg en Hugterweg door een loofhaag: De coniferenhaag aan de zijde van de Biezervenweg en de Hugterweg welke deels dood is zal vervangen worden door een loofhaag. Dit is duidelijk een landschappelijke verbetering ten opzichte van de oude situatie. De coniferenhaag voor de schuur verkeert momenteel ook in een zeer slechte staat en is wat betreft de landschappelijke inpassing zeker niet optimaal. Daarnaast bedekt de in het oorspronkelijk plan voorziene haag de schuur niet in de nieuwe situatie. Daarom zal deze vervangen worden door een loofhaag en tevens worden verlengd; Een deel van het struweel dat oorspronkelijk voorzien was aan de achterzijde van de te behouden schuur wordt verder naar achteren geplaatst en tevens vergroot. Conform de bestaande verplichting worden ook twee bomen aangeplant.

5

Onderstaande afbeelding geeft het oorspronkelijke landschapsplan inclusief de extra maatregelen (in oranje) weer. In de hoofdstuk 3 worden deze aanvullende maatregelen nader toegelicht.

VERPLAATSING EN VERGROTING STRUWEEL

AANPLANT STRUWEEL + 2 BOMEN

VERVANGING CONIFERENHAAG DOOR LOOFHAAG

Schematische weergave aanvullende maatregelen landschappelijk inpassingsplan Ook ten aanzien van de aanvullende maatregelen is op basis van de Stikanormen berekend welke financiële waarde deze representeren. Onderstaand schema geeft de berekening weer:

Berekening financiële waarde landschappelijke inpassing o.b.v. Stikanormen Op basis van bovenstaande berekening wordt geconcludeerd dat de aanvullende maatregelen, zijnde de aanplant van struweel, twee bomen en de loofhaag, een financiële waarde representeren van € 4.313,--. Hiermee wordt aan de bestaande verplichting die een financiële waarde van € 1.453,80 representeert voldaan en wordt een aanvullende landschapsversterkende bijdrage (gewaardeerd op € 2.859,20) geleverd .

6

1.2.2 Aankoop van sloopmeters conform de sloopbonusregeling Het plan voorziet in het gebruik van de schuur van 350 m2 t.b.v. de hoveniersactiviteiten. Dit is conform het gemeentelijk beleid. In het gemeentelijk beleid is namelijk opgenomen dat indien er ten tijde op een locatie een grotere oppervlakte bijgebouwen staat dan 350 m 2, die is vergund of krachtens overgangsrecht is toegestaan, deze grotere oppervlakte dan teruggebracht dient te worden naar het toegestane maximum van 350 m 2. De sloopbonusregeling hoeft in dit geval niet te worden toegepast. Echter, vanwege de eerdere wijziging van agrarische bedrijfslocatie naar woonbestemming is in het vigerend bestemmingsplan een sloopverplichting opgenomen op basis waarvan geldt dat na de sloop 269 m2 aan bijgebouwen op de locatie mag resteren. Om hieraan te voldoen, zou o.a. een deel van de schuur, te weten 81 m2, moeten worden gesloopt. In de huidige situatie bestaat juist de wens om de gehele schuur in zijn huidige omvang, te weten 350 m 2, te behouden. Conform de sloopbonusregeling van de gemeente Someren kan het maximaal toegelaten oppervlakte aan bijgebouwen worden vergroot tot 350 m 2, op voorwaarde dat deze ‘extra’ meters worden verdiend door sloop van overtollige bebouwing elders. De verhouding van de te slopen stallen en terug te bouwen gebouwen is afhankelijk van de locatie waar gesloopt wordt.

In onderstaande tabel is per type landschap te zien hoeveel m 2 er in dat landschap moet worden gesloopt om 1 m 2 extra bebouwing bij een agrarisch verwant bedrijf mogelijk te maken.

Verhouding sloopmeters conform sloopbonusregeling Door toepassing te geven aan de sloopbonusregeling, is het behoud van het huidige bebouwingsoppervlakte van de schuur (350 m 2) mogelijk. Hiervoor worden, conform bovengenoemde verhoudingen ten aanzien van sloopmeters en type landschap, elders sloopmeters aangekocht waarmee de 81 m2 aan 'extra' bebouwing kan worden verdiend. De sloopverplichting wordt vóór vaststelling van het veegplan uitgevoerd. Indien het voor vaststelling van het veegplan nog niet mogelijk is geweest de benodigde sloopmeters aan te kopen, wordt in een anterieure overeenkomst met de gemeente vastgelegd dat een financiële bijdrage zal worden geleverd aan het gemeentelijk sloopfonds.

1.2.3 Nieuwe kwaliteitsverbetering in combinatie met bestaande verplichtingen Samenvattend kan worden gesteld dat de ontwikkeling van de bestaande woonlocatie tot woonwerklocatie met bedrijf-aan-huis gepaard dient te gaan met een kwaliteitsverbetering. Deze kwaliteitsverbetering vindt plaats door:  

de uitvoering van aanvullende maatregelen ten opzichte van het oorspronkelijk landschapsplan ten behoeve van de landschappelijke inpassing van de locatie, en; de aankoop van sloopmeters conform de sloopbonusregeling waardoor het maximaal toegelaten oppervlakte aan bijgebouwen kan worden vergroot tot 350 m 2.

Naast de vereiste kwaliteitsverbetering vanwege deze huidige ontwikkeling, dienen ook nog kwaliteit verbeterende maatregelen te worden genomen vanwege de eerdere wijziging van agrarische

7

bedrijfslocatie naar wonen. De bestaande verplichtingen c.q. die hiervoor nog uitgevoerd moeten worden, zijn:  

de sloop van 81 m2 aan overtollige bebouwing, en; de aanplant van een bomenrij aan de achterzijde van het woonperceel.

Onderstaande afbeelding geeft een totaal overzicht van de kwaliteit verbeterende maatregelen die in het kader van onderhavige ontwikkeling worden genomen. Hierbij is een onderscheid gemaakt tussen de ‘nieuwe’ kwaliteit verbeterende maatregelen die worden genomen in het kader van de ontwikkeling van de bestaande woonlocatie tot woon-werklocatie met bedrijf-aan-huis (in oranje) en de bestaande verplichtingen c.q. maatregelen die nog genomen moeten worden ten behoeve van de eerdere wijziging van agrarische bedrijfslocatie naar wonen (in blauw).

VERPLAATSING EN VERGROTING STRUWEEL

TE SLOPEN OPPERVLAK À 81 M2

AAN TE PLANTEN STRUWEEL + 2 BOMEN

VERVANGING CONIFERENHAAG DOOR LOOFHAAG

BESTAANDE VERPLICHTINGEN AANVULLENDE MAATREGELEN Schematische weergave bestaande verplichtingen en extra maatregelen ten aanzien van oorspronkelijk landschappelijk inpassingsplan Aan de bestaande sloopverplichting van 81 m 2 zal worden voldaan door een financiële bijdrage te doen aan het BiO fonds van de gemeente Someren. De financiële bijdrage is tenminste gelijk aan de eerder berekende sloopkosten (81 m 2 x sloopkosten à € 25 per m2 =) € 2.025. Door uitvoering te geven aan zowel de bestaande verplichtingen als aan de aanvullende landschappelijke maatregelen, wordt gesteld dat met onderhavige ontwikkeling sprake is van een kwaliteitswinst die voldoet aan de provinciale en gemeentelijke eisen.

8

2

RUIMTELIJKE CONTEXT

2.1 Context planlocatie De planlocatie ligt aan de Hugterweg, in het buitengebied van de gemeente Someren. Het omliggend gebied wordt gekenmerkt door het grootschalige agrarisch karakter met (boeren-)erven aan de weg en tussenliggende weidse zichten over de akkers en weidepercelen. De horizon wordt beëindigd door de bosranden van de omliggende grootschalige bosgebieden. De woon- en boerenerven zijn vaak beplant met erfbeplanting zoals solitaire bomen, bomenrijen en (geschoren) hagen. De planlocatie ligt op de kruising van de Hugterweg en de Biezervenweg. Het bestaat uit een vrijstaande woning met bijgebouw en een (voormalige) agrarische schuur ten westen van de woning. Aan de straatzijde van het perceel ligt een tuin omzoomd met geschoren coniferen hagen en enkele solitaire bomen. Ook voor de gevel van de schuur (de langs gevel) staat reeds een hoge geschoren coniferenhaag, waardoor de schuur op het moment slechts voor een klein deel zichtbaar is vanaf de weg. Helaas zijn de huidige hagen in slechte staat en deels dood. Op het achter terrein staat een jonge bomenrij, bestaande uit verschillende soorten. Onderstaande luchtfoto illustreert de planlocatie.

Luchtfoto planlocatie 2.2 Landschapsbeleid Het plangebied valt onder het Beeldkwaliteitsplan buitengebied 2011 van de gemeente Someren. In dit plan worden concrete handvatten geboden waarmee de gemeente de diversiteit van het landschap kan behouden, versterken en stimuleren. Tevens wordt het landschap uiteengezet en worden de bijzondere gebieden onder de aandacht gebracht. De voornaamste doelen betreffen het versterken van de opvallende kenmerken, het vergroten van de verschillen en te zorgen van een levendig beeld. Het plangebied behoort tot het landschap van de jonge heideontginningen. Dit landschap wordt gekenmerkt door regelmatige en rechtlijnige patronen binnen relatief grootschalige gebieden met verre zichten. In het gebied zijn veel grootschalige agrarische bedrijven aanwezig. Landschapsversterking kan plaatsvinden door de achterzijden van de erven te beplanten met groensingels, hagen of bomenrijen. Zodoende krijgt het achterliggende open landschap fraaiere randen, dan wanneer de loodsen ‘kaal’ in het landschap staan. Tevens kunnen zijkanten van loodsen worden begeleid met lij beplantingen en verdient een tuininrichting met lage hagen aan de voorzijde de voorkeur.

9

3

LANDSCHAPPELIJKE KWALITEITSVERBETERING

Er wordt gestreefd naar een behoud van de leesbaarheid van het landschap en waar nodig een versterking ervan. In het beleid van de gemeente komt naar voren dat ontwikkelingen bij bestaande woon- en bedrijfsvormen landschappelijk zorgvuldig ingepast dienen te worden. Onderstaande tekening laat zien hoe de landschappelijke kwaliteitsverbetering van het plangebied er uit komt te zien. Daaronder worden de diverse onderdelen van het plan toegelicht. Onderhavig landschapsplan beoogt het perceel in te bedden in zijn omgeving en de randen van passende landschappelijke beplanting te voorzien. Het planconcept dat aan het plan ten grondslag ligt, gaat enerzijds uit van een versterking van de aanplant aan de achterzijde van het erf, teneinde het waardevolle open karakter van het achtergelegen agrarisch gebied te voorzien van een passende overgang. Het oude plan is in het nieuwe opgenomen, maar er zijn ook enkele aanvullingen. Er wordt ervan uitgegaan dat deze voldoende zijn voor de bestemmingswijziging naar ‘Wonen-plus’.

Tekening landschappelijke kwaliteitsverbetering (bron: Van der Sanden Groen) Aanpassingen:  De rood om stippelde ruimte (struweel) wordt naar de achterkant van het terrein verplaatst.  De coniferenhaag aan de zijde van de Biezervenweg en de Hugterweg welke deels dood is zal vervangen worden door een loofhaag. Dit is duidelijk een landschappelijke verbetering ten opzichte van de oude situatie. De coniferenhaag voor de schuur verkeert momenteel in een zeer slechte staat en is wat betreft de landschappelijke inpassing zeker niet optimaal. Ook bedekt de haag in het oude plan de schuur niet in de nieuwe gewenste situatie Daarom zal deze vervangen worden door een loofhaag en tevens worden verlengd.  De kopgevels van de schuur zullen opgewaardeerd worden door deze af te werken met Zweeds rabat in een donkere kleur.

10

Zweeds rabat 3.1 Landschapsversterking Aan de straatzijde en langs de inrit van het erf staan geschoren hagen. Op de perceelsgrenzen staan coniferen hagen. Aan de straatzijde zijn deze hagen circa 1.0 – 1.5 meter hoog. Het ligt in de bedoeling dat de kwijnende / dode coniferenhagen aan de straatkant vervangen worden door hagen van een inheemse soort.

Aanzicht dode coniferenhagen vanaf de straatzijde en voor de schuur De hoge kwijnende coniferenhaag voor de schuur zal vervangen en verlengd worden door een haag van een inheemse soort die het zicht op de gevel ontneemt. De bestaande coniferenhagen aan de wegzijde zijn veelal dood. Aan de oostzijde staat rechts van de woning een groensingel met struweel en enkele bomen. Komend vanuit het oosten, schermt het groen het zicht op de zijgevel van de woning af. Aan de achterzijde van het erf staan enkele bomen. Om het groen verder te versterken worden aan de achterzijde bomen aangeplant zodat een volwaardige bomenrij ontstaat. De bomen filteren het zicht op de bebouwing, gezien vanaf de Biezervenweg en het achtergelegen landschap. Tevens zorgen de boomkronen voor een passend groen decor voor de aanwezige bebouwing, gezien vanaf de straatzijde. De aanplant van een bomenrij aan de Biezervenweg maakt de kwaliteitsverbetering compleet. De bomenrij loopt tot aan de perceel grens aan de noordzijde. Het benadrukt daarmee de rechte lijnen van het jonge ontginningslandschap. Aan de straatzijde wordt de bestaande tuininrichting met de geschoren coniferenhagen hagen vervangen door hagen van een inheemse soort. Aan de noordzijde worden langs de perceel grens twee solitaire bomen geplant. Onder deze bomen wordt een groensingel met struweelbeplanting aangebracht.

11

3.2 Overzicht toe te passen beplanting Hierna zijn de toe te passen beplantingsvormen en soorten uitgewerkt. Onderstaande afbeelding illustreert het plan met daarin vijf plantvakken aangegeven. Plantvak A betreft de twee solitaire bomen met een onder begroeiing. De twee solitaire bomen zijn reeds gerealiseerd. Plantvak B illustreert de bomen langs de Biezervenweg, deze zijn tevens reeds gerealiseerd. Plantvak C betreft de bomenrij aan de achterzijde van de schuur. Tenslotte betreffen plantvak D en E de te renoveren hagen aan de straatzijde en voor de schuur. Onder de tekening is een schema opgenomen met de soorten.

Tekening landschappelijke kwaliteitsverbetering met plantvakken (bron: Van der Sanden Groen) Vak

Soort

Plantmaat

Plantafstand

Status

A A

Aanta l 2 70

Populus tremula Bosplantsoen*

14-16 80-100

Gerealiseerd Te realiseren

B C D E

7 2 325 115

Tilea Tilea Ligustrum Fagus sylvatica

12-14 10-12 60-100 60-80

Solitair 1 per m² / twee rijen ca. 12m 4.5/m2 4.5/m2

Gerealiseerd Te realiseren Te realiseren Te realiseren

*Bosplantsoen: 33% Cornus mas 33% Amelanchier 33% Ligustrum vulgare

12

4

CONCLUSIE

Geconcludeerd wordt dat invulling wordt gegeven aan de bestaande verplichting uit vorig plan waarmee sprake is van een landschappelijke inrichting welke een waarde representeert van € 29.557,-. Daarnaast zijn in het kader van het toevoegen van de functieaanduiding ‘wonen-plus’ aan de huidige woonbestemming aanvullende maatregelen genomen ter verbetering van de landschappelijke inrichting. Ook wordt door de aankoop van sloopmeters voldaan aan de bestaande sloopverplichting. Er wordt derhalve invulling gegeven aan de vereiste bijdrage aan de ruimtelijke en stedenbouwkundige kwaliteit als gevolg van het plan.

Landschappelijk inpassingsplan (bron: Van der Sanden Groen)

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9935738/1