CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

6b Regels BP Veegplan XII

Gemeenteraad 24 februari 2022, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Veegplan XII37.379 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

5.3

Afwijken van de bouwregels

5.3.2

Terreinafscheidingen/ erfafscheidingen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 5.2.4 onder d voor terreinafscheidingen met een bouwhoogte tot maximaal 2,5 m¹. Hierbij gelden tenminste de volgende randvoorwaarden: a. de terreinafscheiding is noodzakelijk ten dienste van de in artikel 5.1 genoemde bestemming; b. aangetoond is dat er geen sprake is van onevenredige aantasting van de omliggende waarden en functies, hetgeen onder andere betekent dat de terreinafscheiding passend is in het landschap; c. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

5.4

Specifieke gebruiksregels

5.4.1

Strijdig gebruik Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met de bestemming wordt in ieder geval verstaan het in gebruik nemen of het laten gebruiken van gronden en bouwwerken voor een doel of op een wijze, die in strijd is met de in dit plan daaraan gegeven bestemming en/of: a. het gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens voor erotische dienstverlening; b. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van (buiten)opslag, stort of lozing, anders dan voor de agrarische bedrijfsvoering; c. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van handel of detailhandel; d. het gebruik van gronden en/of opstallen voor dag- of verblijfsrecreatie; e. het gebruik van gronden en bouwwerken voor andere bedrijfsdoeleinden dan volgens de bestemmingsomschrijving zijn toegestaan; f. het gebruik voor gronden en/of opstallen voor de vestiging, uitbreiding of omschakeling naar een veehouderij; g. het gebruik van gronden en/of opstallen voor een zelfstandige transportstalling, met uitzondering van waar dit op grond van de regels is toegestaan; h. het huisvesten van tijdelijke werknemers;

46

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

i. het gebruik van gebouwen voor bewoning anders dan de bedrijfswoning voor wonen; j. het gebruik van gronden voor lawaaisporten; k. het plaatsen van zeecontainers; tenzij de regels van dit bestemmingsplan expliciet bepalen dat bovenstaande gebruik wel is toegestaan of een vergunning is verleend in afwijking op bovenstaande. 5.4.2

Aan huis verbonden beroep De uitoefening van aan huis verbonden beroepen is toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toepassing zijn: a. de omvang van de beroepsactiviteiten mag niet meer bedragen dan 30% van de gezamenlijke oppervlakte van de bebouwing bij een bedrijfswoning tot een maximum van 150 m²; b. de beroepsactiviteit wordt uitgeoefend door een van de bewoners; c. de beroepsactiviteit mag zowel in de bedrijfswoning als in een bijgebouw worden uitgeoefend; d. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken; e. parkeren vindt plaats binnen het bestemmingsvlak; f. er wordt voorzien in voldoende parkeerplaatsen en deze worden in stand gehouden; g. detailhandel is niet toegestaan; h. reclameaanduidingen dienen beperkt te blijven tot een bescheiden naamsaanduiding.

5.4.3

Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing a. Het gebruiken en (doen) laten gebruiken van het perceel Ploegstraat 55 conform de in artikel 5.1 opgenomen bestemmingsomschrijving is alleen toegestaan als ter plaatse van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 4’ (uit artikel 5 en 12) de landschappelijke inpassing, overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 4 bij het onderhavige bestemmingsplan of een kwalitatief daarmee vergelijkbaar plan dat door het college van burgemeester en wethouders is geaccordeerd, binnen 12 maanden na de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan is uitgevoerd en vervolgens in stand wordt gehouden.

5.5

Afwijken van de gebruiksregels

5.5.1

Huisvesting in het buitengebied bij het agrarisch bedrijf Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor de structurele of tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten in een bedrijfswoning, in bestaande of direct vergunbare bedrijfsgebouwen of ten behoeve van alleen tijdelijke huisvesting in woonunits, (sta-)caravans of vergelijkbare onderkomens. Hierbij gelden de volgende randvoorwaarden: 1. deze huisvesting dient noodzakelijk te zijn uit een oogpunt van een doelmatige agrarische bedrijfsvoering vanuit het oogpunt van de structurele of tijdelijke grote arbeidsbehoefte in het betreffende agrarisch bedrijf, waarover advies gevraagd kan worden aan de AAB; 2. de huisvesting mag uitsluitend werknemers betreffen, die alleen binnen het bedrijf waar ze gehuisvest zijn, werkzaamheden verrichten; 3. de huisvestingslocatie voldoet aan de regels uit het bouwbesluit; 4. de huisvestingslocatie (met meer dan 4 arbeidsmigranten) is voorzien van een SNF-registratie (bedrijf) of wordt gebruikt door een organisatie met een SNF-registratie (organisatie) en dit dient aangetoond te worden; 5. per locatie mogen er in totaal maximaal 40 personen gehuisvest worden;

47

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

6. bij huisvesting in een bedrijfswoning mogen maximaal 20 personen per locatie worden gehuisvest; 7. bij huisvesting in een bedrijfsgebouw mogen maximaal 40 personen per locatie worden gehuisvest; 8. bij huisvesting in een bedrijfsgebouw, wordt het gedeelte van het bedrijfsgebouw waar arbeidsmigranten worden gehuisvest aangemerkt als logiesgebouw; 9. huisvesting in woonunits, (sta-)caravans of vergelijkbare onderkomens is alleen toegestaan als het gaat om een aantoonbaar tijdelijke oplossing gedurende maximaal 6 maanden per kalenderjaar, waarbij de gemeente goedkeuring dient te geven over de kwaliteit en uiterlijk van de woonunit; 10. bij tijdelijke huisvesting in woonunits, (sta-) caravans of vergelijkbare onderkomens dienen deze na afloop van de termijn (zoals bepaald onder lid 9) te worden verwijderd; 11. per woonunit mogen maximaal vier personen worden gehuisvest; 12. de bouwhoogte van een woonunit mag niet meer bedragen dan 3,5 m¹; 13. de genoemde verblijven moeten worden geplaatst binnen het agrarische bestemmingsvlak; 14. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform het beeldkwaliteitsplan buitengebied 2011; 15. het perceel dient bij structurele huisvesting landschappelijk ingepast te worden conform de uitgangspunten van het beeldkwaliteitsplan buitengebied 2011; 16.

parkeren dient volledig op eigen terrein plaats te vinden, waarbij de parkeervoorzieningen middels inrichtingsschets aangetoond worden en per huisvestingsplaats moet minimaal 0,7 parkeerplaats gerealiseerd te worden; 17. in afwijking op de leden 5, 6, 7 en 10 kan ten behoeve van piekmomenten in de vollegrondstuinbouw en glastuinbouw voor een periode van maximaal 6 maanden gemotiveerd worden afgeweken van maximaal aantal te huisvesten personen in woonunits of bestaande bebouwing. De noodzaak dient jaarlijks aangetoond te worden en daarnaast zal voor wat betreft de huisvesting in woonunits voldaan moeten worden aan het bepaalde onder lid 9; 18. zelfstandige bewoning van bedrijfsgebouwen en andere niet voor bewoning bestemde gebouwen is niet toegestaan; 19. er dient een nachtregister bijgehouden te worden; 20. de beheerafspraken dienen vastgelegd te worden; 21. als de bedrijfswoning vijf of meer wooneenheden bevat, moet men voldoen aan de aanvullende eisen uit het bouwbesluit van kamergewijze verhuur, zoals geldend ten tijde van de aanvraag om omgevingsvergunning. (wooneenheden: 5 of meer slaapkamers). Aan de omgevingsvergunning worden de voorschriften verbonden dat: a. de vergunning voor het huisvesting van meer dan 40 personen wordt ingetrokken indien de daaraan ten grondslag liggende tijdelijk grote arbeidsbehoefte niet meer aanwezig is; b.

binnen twee maanden nadat het gebruik als tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten is beëindigd, dient dit door het bedrijf schriftelijk gemeld te worden bij het college van burgemeester en wethouders; c. de voorzieningen dienen te worden verwijderd binnen twee maanden na beëindiging van het gebruik van deze voorzieningen voor tijdelijke huisvesting van werknemers. 5.5.2

Huisvesting arbeidsmigranten in een plattelandswoning Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor de structurele of tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten in een plattelandswoning. Hierbij gelden de volgende randvoorwaarden:

48

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

1. het is toegestaan om een plattelandswoning te gebruiken voor bewoning door maximaal 4 arbeidsmigranten; 2. parkeren dient volledig op eigen terrein plaats te vinden, waarbij de parkeervoorzieningen middels inrichtingsschets aangetoond worden waarbij per huisvestingsplaats 0,7 parkeerplaats gerealiseerd dient te worden; 3. de woning voldoet aan de regels uit het bouwbesluit; 4. in een straat mogen maximaal 20% van de totaal aantal woningen gebruikt worden voor bewoning door arbeidsmigranten, waarbij de woningen niet direct naast elkaar, tegenover elkaar of boven elkaar gesitueerd mogen zijn, waarbij de perceelgrenzen bepalend zijn; 5. er dient een nachtregister bijgehouden te worden; 6. in afwijking op lid 1 is het mogelijk om tot een maximum van 20 personen bewoning te laten plaatsvinden, mits aangetoond wordt dat er voldoende parkeergelegenheid is op eigen terrein en dat bewoning niet tot overlast leidt in de omgeving; 7. de woning (met meer dan 4 arbeidsmigranten) is voorzien van een SNF-registratie (bedrijf) of wordt gebruikt door een organisatie met een SNF-registratie (organisatie) en dit dient aangetoond te worden; 8. als de woning vijf of meer wooneenheden bevat, moet men voldoen aan de aanvullende eisen uit het bouwbesluit van kamergewijze verhuur, zoals geldend ten tijde van de aanvraag om omgevingsvergunning. (wooneenheden: 5 of meer slaapkamers); 9.

vanaf 11 personen dient minimaal 250 meter aangehouden te worden ten opzichte van een andere locatie waar meer dan 10 arbeidsmigranten gehuisvest worden; 10. vanaf 11 personen dient het perceel landschappelijk ingepast te worden; 11. vanaf 11 personen dient het beheer in een overeenkomst vastgelegd te worden.

5.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.6.1

Vergunningplicht a. Het is verboden op of in de gronden met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 4’ zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden erfbeplanting te verwijderen, waarvan de aanleg in het kader van een vergunningverlening of bstemmingsplanherziening verplicht is gesteld; b. het is verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden nieuw verhard oppervlak met een omvang van meer dan 500 m² te realiseren.

5.6.2

Uitzonderingen Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.6.1 is niet vereist voor: a. werken of werkzaamheden die vallen onder het normale onderhoud en beheer van de gronden overeenkomstig de bestemming dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; b. werken of werkzaamheden die reeds in uitvoering zijn dan wel op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, nog mogen worden uitgevoerd op basis van een eerder verleende vergunning.

5.6.3

Toelaatbaarheid verwijderen erfbeplanting De in artikel 5.6.1 onder a genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien:

49

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

a. de werken en/of werkzaamheden verband houden met de doeleinden, die aan de geldende bestemming zijn toegekend; b. het uitvoeren van deze werken of werkzaamheden noch direct noch indirect onevenredige afbreuk doet aan de waarden en kwaliteiten van de desbetreffende gronden en de mogelijkheden voor herstel van deze waarden en kwaliteiten niet (onevenredig) worden verkleind, zoals omschreven in: 1. de (dubbel)bestemming met eventuele aanduiding(en); 2. de specifieke erfbeplantingsplannen; 3. in het Beeldkwaliteitsplan Buitengebied 2011. 5.6.4

Toelaatbaarheid aanleggen verhardingen groter dan 500 m² De in artikel 5.6.1 onder b genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien: a. de verharding (op bedrijfsniveau) hydrologisch neutraal wordt uitgevoerd voor wat betreft: 1. het oppervlaktewater; 2. het grondwater; 3. de impact op de waterkwaliteit; b. het bevoegd gezag wint advies in van het betrokken waterschap ter toetsing of voorgestelde voorziening(en) overeenkomstig de actuele wet- en regelgeving ten aanzien van de in sub a opgenomen uitgangspunten; c. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

50

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

Artikel 6 6.1

gemeente Someren

Agrarisch met waarden - Landschapswaarden Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. al dan niet bedrijfsmatig agrarisch grondgebruik inclusief tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen; b. behoud, herstel en /of ontwikkeling van de aanwezige landschapswaarden in het algemeen en verder specifiek voor de cultuurhistorische waarden ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van waarde - cultuurhistorisch waardevol’; c. in het bijzonder: 1. extensief recreatief medegebruik; 2. groenvoorzieningen; 3. infiltratie; 4. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; d. ter plaatse van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 8’ zijn de gronden bestemd voor het aanbrengen en instandhouden van gebiedseigen (erf)beplanting ter landschappelijke inpassing van gebouwen en verhardingen.

6.2

Bouwregels

6.2.1

Algemeen a. Op of in de in voor 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' aangewezen gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd ten dienste van in artikel 6.1 genoemde bestemming; b. de maximum bouwhoogte bedraagt 2,50 m¹ zijn; c. overkappingen, permanente teeltondersteunende voorzieningen, mest- en voerplaten, (sleuf-)silo’s, mestopslagsilo’s en vergelijkbare voorzieningen zijn niet toegestaan.

6.3

Afwijken van de bouwregels

6.3.1

Afwijken ten behoeve van paardenbakken Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 6.2.1 onder a voor het oprichten van een buitenrijbaan voor paarden. Hierbij gelden tenminste de volgende randvoorwaarden: a. er is maximaal één buitenrijbaan toegestaan, behorende bij de direct aansluitende bestemming 'Wonen' of daarmee gelijk te stellen bestemming; b. per aangrenzend bestemmingsvlak is maximaal één buitenrijbaan toegestaan; c. de afstand tot een (bedrijfs-)woning van een derde bedraagt minimaal 50 m¹; d. de buitenrijbaan is uitsluitend voor hobbymatig gebruik toegestaan; e. de oppervlakte bedraagt maximaal 1.200 m²; f. de bouwhoogte van de terreinafscheiding bedraagt maximaal 1,5 m¹; g. de bouwhoogte van lichtmasten bedraagt maximaal 6 m¹; h. maximaal 4 lichtmasten zijn toegestaan; i. binnen een afstand van 100 m¹ van gronden met de bestemming 'Natuur' zijn geen lichtmasten toegestaan; j. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

51

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

6.3.2

Afwijken ten behoeve van schuilgelegenheid voor dieren Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 6.2.1 onder a voor het realiseren van een schuilgelegenheid voor dieren die hobbymatig worden gehouden. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. de schuilgelegenheid wordt niet opgericht ten behoeve van een agrarisch bedrijf; b. een schuilgelegenheid is slechts toegestaan binnen de gebiedsaanduiding ‘overige zone bebouwingsconcentratie’; c. een schuilgelegenheid is niet toegestaan binnen de dubbelbestemming 'Waarde Ecologie'; d. aangetoond is dat het redelijkerwijs niet mogelijk is om een soortgelijke voorziening ter plaatse van de bestemming 'Wonen' of andere gelijk te stellen bestemming op te richten of bestaande bebouwing als schuilgelegenheid te gebruiken; e. per agrarisch perceel mag maximaal één schuilgelegenheid worden opgericht, met dien verstande dat het perceel een minimale oppervlakte heeft van 2.500 m²; f. de schuilgelegenheid wordt opgericht op een afstand van ten minste 2 m¹ en ten hoogste 10 m¹ van de bestemmingsgrens; g. de schuilhut moet minimaal aan één zijde open zijn; h. de maximaal toegestane goothoogte is maximaal 2,5 m¹; i. de maximaal toegestane bouwhoogte is maximaal 3 m¹; j. de dakhelling is minimaal 20 graden en maximaal 45 graden; k. de oppervlakte is maximaal 25 m²; l.

binnen- en buitenopslag van goederen en aanverwante zaken is niet toegestaan; m. aangetoond is dat er geen sprake is van onevenredige aantasting van de omliggende functies, hetgeen onder andere betekent dat de schuilgelegenheid passend is in het landschap. Om te bepalen of de schuilgelegenheid passend is in het landschap, wordt getoetst aan het Beeldkwaliteitsplan Buitengebied 2011; n. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

6.4

Specifieke gebruiksregels

6.4.1

Strijdig gebruik Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met de bestemming wordt in ieder geval verstaan het in gebruik nemen en/of het laten gebruiken van gronden en bouwwerken voor een doel of op een wijze, die in strijd is met de in dit plan daaraan gegeven bestemming en/of: a. het aanleggen van mest- of waterbassins van folie; b. het aanleggen van oppervlakteverhardingen; c. het plaatsen van zeecontainers; d. het gebruik van gronden en/of opstallen voor erotische dienstverlening; e. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van (buiten)opslag, stort of lozing; f. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van handel, detailhandel of bedrijf; g. het gebruik van gronden en/of opstallen voor dag- of verblijfsrecreatie; h. het gebruik van gronden en/of opstallen voor bewoning; i. het gebruik van gronden en/of opstallen voor kuilvoeropslag, (sleuf)silo’s of mestopslagsilo’s; j. het gebruik van gronden voor permanente teeltondersteunende voorzieningen; k. het gebruik van gronden en/of opstallen voor lawaaisporten; tenzij de regels van dit bestemmingsplan expliciet bepalen dat bovenstaande gebruik wel is toegestaan of een vergunning is verleend in afwijking op bovenstaande.

52

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

6.4.2

gemeente Someren

Landschappelijke inpassing Ter plaatse van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 7’ dient de landschappelijke inpassing, overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 7 bij het onderhavige bestemmingsplan of een kwalitatief daarmee vergelijkbaar plan dat door het college van burgemeester en wethouders is geaccordeerd, binnen 12 maanden na de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan te zijn uitgevoerd en vervolgens in stand te worden gehouden.

6.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.5.1

Vergunningplicht Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van de bodem; b. het diepploegen, diepwoelen of het uitvoeren van andere ingrepen in de bodem, allen dieper dan 0,50 m¹, waaronder ook begrepen de aanleg van leidingen; c. het graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, sloten en greppels; d. het verwijderen van landschapselementen; e. het verwijderen van onverharde wegen of paden; f. het beplanten van gronden met opgaand houtgewas ten behoeve van tuinbouw of agrarische houtteelt, voor zo ver aangeduid met cultuurhistorisch/ archeologisch waardevol); g. Het aanleggen en of verharden van wegen of paden dan wel het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen voor zo ver groter dan 200 m² als het overige verhardingen betreft.

6.5.2

Uitzonderingen Een omgevingsvergunning als hiervoor aangegeven is niet vereist voor: a. werken of werkzaamheden die vallen onder het normale onderhoud en beheer van de gronden overeenkomstig de bestemming dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; b. werken of werkzaamheden die reeds in uitvoering zijn dan wel op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan nog mogen worden uitgevoerd op basis van een eerder verleende vergunning.

6.5.3

Toelaatbaarheid De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de waarden die in de bestemmingsomschrijving zijn genoemd.

6.6

Wijzigingsbevoegdheid

6.6.1 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Landschapswaarden’ naar ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’ ten behoeve van voorzieningen voor de opslag van ruwvoer voor een veehouderij Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ wijzigen in de bestemming ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’ met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch - opslag ruwvoer’ voor het oprichten van

53

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

voerplaten, sleufsilo’s of andere voorzieningen voor de opslag van ruwvoer tot een oppervlakte van ten hoogste 0,5 hectare - niet zijnde gebouwen - voor een veehouderij. Deze bevoegdheid geldt slechts wanneer er sprake is van een grondgebonden veehouderij. Hierbij gelden daarnaast de volgende voorwaarden: a. de bedoelde voorziening moet direct aansluiten aan een bestemmingsvlak dat een veehouderij mogelijk maakt; b. het bedrijf is vanwege de bedrijfsvoering in overwegende mate aangewezen op de opslag van ruwvoer; c. de bedoelde voorziening is noodzakelijk voor de agrarische bedrijfsvoering; d. de ruimte is binnen het bestemmingsvlak ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’ aantoonbaar niet aanwezig; e. het totale oppervlak van de bestemming ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’ na realisatie bedraagt niet meer dan 2,0 hectare; f. de voorzieningen mogen alleen gebruikt worden voor de opslag van ruwvoer; g. de hoogte van de bouwwerken geen gebouwen zijnde is maximaal 2 m¹; h. de afstand tot de bestemmingsgrens is ten minste 5 m¹; i. de afstand tot de as van de weg is ten minste 15 m¹; j. 10% van de oppervlakte van het bestemmingsvlak 'Agrarisch - Agrarisch bedrijf' met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch - opslag ruwvoer’ wordt aangewend voor een goede landschappelijke inpassing conform de bepalingen uit artikel 23.2.

6.6.2 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Landschapswaarden’ naar ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ met functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch - teeltondersteunende voorzieningen’ Burgemeester en wethouders kunnen aan de bestemming ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch teeltondersteunende voorzieningen’ toekennen voor het realiseren van permanente teeltondersteunende voorzieningen anders dan kassen. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. het differentiatievlak met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch teeltondersteunende voorzieningen’ sluit direct aan op een bestemmingsvlak ‘Agrarisch Agrarisch bedrijf’ of ‘Agrarisch - Glastuinbouw’ ten behoeve waarvoor de teeltondersteunende voorzieningen worden gerealiseerd; b. de oppervlakte van het differentiatievlak met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch - teeltondersteunende voorzieningen’ is maximaal 4 hectare; c. in afwijking van het bepaalde in sub b, is in de groenblauwe mantel de oppervlakte van het differentiatievlak met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch teeltondersteunende voorzieningen’ maximaal 3 hectare; d. de teeltondersteunende voorzieningen zijn ook op langere termijn noodzakelijk uit een oogpunt van de agrarische bedrijfsvoering. Ter zake wordt het advies van de AAB ingewonnen; e.

wanneer permanente voorzieningen resulteren in een aaneengesloten afwaterend oppervlak, dienen deze te worden voorzien van een bergings- c.q. infiltratievoorziening, zoals opgenomen in de waterparagraaf; f. de bestaande natuurlijke, landschappelijke, hydrologische, cultuurhistorische en/of abiotische waarden worden niet onevenredig aangetast; g. permanente teeltondersteunende voorzieningen zijn niet toegestaan ter plaatse van het Natuur Netwerk Brabant; h. de ruimtelijke kwaliteit en landschappelijke inpassing wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

54

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

6.6.3 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Landschapswaarden’ naar ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ met functieaanduiding ‘specifieke vorm van recreatie - minicamping’ Burgemeester en wethouders kunnen aan de bestemming ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ de functieaanduiding ‘specifieke vorm van recreatie - minicamping’ toevoegen ten behoeve van de realisatie of uitbreiding van een minicamping. Hierbij gelden ten minste de volgende randvoorwaarden: a. het betreft uitsluitend recreatief medegebruik voor kleinschalig kamperen op gronden die direct aansluiten aan een bestemmingsvlak, indien er geen ruimte is binnen het bestemmingsvlak, waar een minicamping al is toegestaan dan wel in combinatie met onderhavige wijziging via een omgevingsvergunning wordt toegestaan; b. per minicamping zijn maximaal 25 kampeermiddelen toegestaan. Stacaravans en trekkershutten, zijn niet toegestaan en slechts toelaatbaar binnen de aangrenzende bestemming 'Agrarisch - Agrarisch bedrijf', 'Bedrijf' of 'Wonen'; c. parkeer- en ondersteunende voorzieningen, zoals op sanitair gebied, zijn niet toegestaan en slechts toelaatbaar binnen de aangrenzende bestemming 'Agrarisch - Agrarisch bedrijf', 'Bedrijf' of 'Wonen'; d. de afstand tot de as van de weg dient ten minste 20 m¹ te zijn; e. de afstand tot woningen van derden dient ten minste 50 m¹ te zijn; f.

de afstand tot de bestemmingsgrens dient ten minste 5 m¹ te zijn; g. er mag geen sprake zijn van een onevenredige aantasting van andere belangen waaronder die van omwonenden en (agrarische) bedrijven; h. de ruimtelijke kwaliteit en landschappelijke inpassing wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2. 6.6.4 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Landschapswaarden’ naar ‘Natuur’ en/of ‘Water’ (ontwikkeling van landschapselementen, natuur en/of wateren) Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ wijzigen in de bestemming ‘Natuur’ of ‘Water’ ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe natuur- en/of landschapselementen. Hierbij geldt de randvoorwaarde dat er geen afbreuk wordt gedaan aan andere belangen in de omgeving, zoals agrarische belangen. 6.6.5 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Landschapswaarden’ naar ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ met functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing’ Burgemeester en wethouders kunnen aan de bestemming ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing’ toevoegen ten behoeve van de realisatie van landschappelijke inpassing. Hierbij geldt de voorwaarde dat de inpassing direct aansluit bij het bestemmingsvlak waar een ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt.

55

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

Artikel 7 7.1

gemeente Someren

Agrarisch met waarden - Natuurwaarden Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch met waarden - Natuurwaarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. al dan niet bedrijfsmatig agrarisch grondgebruik inclusief tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen; b. behoud, herstel en /of ontwikkeling van de aanwezige natuurwaarden in het algemeen en verder specifiek voor de hydrologische waarden ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van waarde - hydrologisch waardevol’; c. in het bijzonder: 1. extensief recreatief medegebruik; 2. groenvoorzieningen; 3. infiltratie; 4. water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

7.2

Bouwregels

7.2.1

Algemeen a. Op of in de voor 'Agrarisch met waarden - Natuurwaarden' aangewezen gronden mag niet worden gebouwd; b. in afwijking van het bepaalde in sub a, mogen er wel terreinafscheidingen worden gerealiseerd op de voor ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ aangewezen gronden; c. de bouwhoogte van terreinafscheidingen mag maximaal 1 m¹ bedragen.

7.3

Specifieke gebruiksregels

7.3.1

Strijdig gebruik Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met de bestemming wordt in ieder geval verstaan het in gebruik nemen en/of het laten gebruiken van gronden en bouwwerken voor een doel of op een wijze, die in strijd is met de in dit plan daaraan gegeven bestemming en/of: a. het aanleggen van mest- of waterbassins van folie; b. het aanleggen van oppervlakteverhardingen; c. het plaatsen van zeecontainers; d. het gebruik van gronden en/of opstallen voor erotische dienstverlening; e. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van (buiten)opslag, stort of lozing; f. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van handel, detailhandel of bedrijf; g. het gebruik van gronden en/of opstallen voor dag- of verblijfsrecreatie; h. het gebruik van gronden en/of opstallen voor bewoning; i. het gebruik van gronden en/of opstallen voor kuilvoeropslag, (sleuf)silo’s of mestopslagsilo’s; j. het gebruik van gronden voor permanente teeltondersteunende voorzieningen; k. het gebruik van gronden en/of opstallen voor lawaaisporten; tenzij de regels van dit bestemmingsplan expliciet bepalen dat bovenstaande gebruik wel is toegestaan of een vergunning is verleend in afwijking op bovenstaande.

56

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

7.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.4.1

Vergunningplicht Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van de bodem; b. het diepploegen, diepwoelen of het uitvoeren van andere ingrepen in de bodem, allen dieper dan 0,50 m¹, waaronder ook begrepen de aanleg van leidingen; c. het graven, dempen dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, sloten en greppels; d. het verwijderen van landschapselementen; e. het verwijderen van onverharde wegen of paden; f. het beplanten van gronden met opgaand houtgewas ten behoeve van tuinbouw of agrarische houtteelt, voor zo ver aangeduid met cultuurhistorisch/ archeologisch waardevol); g. het aanleggen en of verharden van wegen of paden dan wel het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen voor zo ver groter dan 200 m² als het overige verhardingen betreft.

7.4.2

Uitzonderingen Een omgevingsvergunning als hiervoor aangegeven is niet vereist voor: a. werken of werkzaamheden die vallen onder het normale onderhoud en beheer van de gronden overeenkomstig de bestemming dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; b. werken of werkzaamheden die reeds in uitvoering zijn dan wel op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan nog mogen worden uitgevoerd op basis van een eerder verleende vergunning.

7.4.3

Toelaatbaarheid De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de waarden die in de bestemmingsomschrijving zijn genoemd.

7.5

Wijzigingsbevoegdheid

7.5.1 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ naar ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’ (vormverandering zonder uitbreiding van een bestemmingsvlak) De bestemming ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ kan gewijzigd worden in de bestemming ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’, ten behoeve van een vormverandering zonder uitbreiding van een bestemmingsvlak ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’. In combinatie hiermee wordt de bestemming ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’ in dezelfde omvang gewijzigd in de bestemming ‘Agrarisch met waarden- Landschapswaarden’. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. er is een concreet bouwplan met een onderbouwing waarin de noodzaak en aanvaardbaarheid van de vormverandering ook voor de langere termijn is aangegeven. Ter zake wordt het advies van de AAB ingewonnen.

57

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

7.5.2 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ naar ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’ ( vormverandering en vergroting van een bestemmingsvlak) De bestemming ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ kan gewijzigd worden in de bestemming ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’, ten behoeve van een vormverandering in combinatie met vergroting van een bestemmingsvlak ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. er is een concreet bouwplan met een onderbouwing waarin de noodzaak en aanvaardbaarheid van de vergroting en vormverandering ook voor de langere termijn is aangegeven. Ter zake wordt het advies van de AAB ingewonnen; b. als het gaat om de uitbreiding van een intensieve veehouderij in het verwevingsgebied, kan deze bevoegdheid alleen worden gebruikt, als is aangetoond dat er sprake is van een duurzame locatie; c. er moet zorg worden gedragen voor een goede landschappelijke inpassing, - 10% van het bestemmingsvlak - conform de uitgangspunten van het beeldkwaliteitplan; d. de grootte van het bestemmingsvlak overtreft de toegestane maximaal toegestane oppervlakte, zoals hierna aangegeven, niet; 1. intensieve veehouderij: maximaal 1,5 ha 2. niet grondgebonden bedrijf, niet zijnde intensieve veehouderij: 1,5 ha; 3. agrarisch bedrijf, glastuinbouw, solitair gelegen: maximaal 3 ha; 4. grondgebonden bedrijf: maximaal 1,5 ha.

Indien een bestemmingsvlak op het tijdstip van ter visie leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan al groter is, is een uitbreiding met 25% toegestaan. 7.5.3 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ naar ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’ (differentiatievlak teeltondersteunende voorzieningen) De bestemming ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ kan gewijzigd worden in de bestemming ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’ met de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarischteeltondersteunende voorzieningen’ (sa-tov) voor het realiseren van permanente teeltondersteunende voorzieningen anders dan kassen. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. het differentiatievlak sluit direct aan op een bestemmingsvlak "Agrarisch- Agrarisch bedrijf"; b. de oppervlakte van het differentiatievlak is maximaal 4 hectare; c. de teeltondersteunende voorzieningen zijn ook op langere termijn noodzakelijk uit een oogpunt van de agrarische bedrijfsvoering. Ter zake wordt het advies van de AAB ingewonnen; d. er moet zorg worden gedragen voor een goede landschappelijke inpassing, 10% van de oppervlakte van het bestemmingsvlak, een en ander conform de uitgangspunten van het beeldkwaliteitplan.

7.5.4 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ naar bestemming 'Wonen Buitengebied' (vormverandering en vergroting van bestemmingsvlak) De bestemming ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden' kan gewijzigd worden in de bestemming ‘Wonen - Buitengebied’ in verband met een uitbreiding en/of de vormverandering van een bestemmingsvlak ‘Wonen - Buitengebied’. In combinatie hiermee kan de bestemming ‘Wonen - Buitengebied’ worden gewijzigd in de bestemming 'Agrarisch'. Hierbij geldt als randvoorwaarde dat de wijziging nodig is om een ontwikkeling die plaatsvindt binnen de bouwregels van deze bestemming m.b.t. maatvoering en afstanden, te kunnen realiseren.

58

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

7.5.5 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ naar ‘Natuur’ en/of ‘Water’ (ontwikkeling van landschapselementen, natuur en/of wateren) De bestemming ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ kan gewijzigd worden in de bestemming ‘Groen’, ‘Natuur’ of ‘Water’ of een combinatie van deze ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe natuur- en/of landschapselementen. 7.5.6 Wijziging van ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ naar ‘Agrarisch met waarden Landschapswaarden’ met functieaanduiding ‘specifieke vorm van recreatie - minicamping’ De bestemming ‘Agrarisch met waarden - Natuurwaarden’ kan gewijzigd worden in de bestemming ‘Agrarisch- Agrarisch bedrijf’, ‘Bedrijf’, ‘Horeca ‘ of ‘Wonen - Buitengebied’ ten behoeve van de uitbreiding van een bestemmingsvlak met een van deze bestemmingen om de uitbreiding van een minicamping mogelijk te maken. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. het betreft uitsluitend recreatief medegebruik voor kleinschalig kamperen op gronden die direct aansluiten aan een bestemmingsvlak waar kleinschalig kamperen al is toegestaan dan wel in combinatie met de onderhavige wijziging via een omgevingsvergunning wordt toegestaan; b. er zijn maximaal 25 kampeermiddelen toegestaan, waaronder maximaal vijf stacaravans. c. de afstand tot woningen van derden dient tenminste 50 m¹ te zijn; d. de afstand tot de weg dient 20 m¹ te zijn; e.

de afstand tot de perceelsgrens dient 5 m¹ te zijn.

59

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

Artikel 8 8.1

gemeente Someren

Bedrijf Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven in milieucategorie 1 en 2, zoals genoemd in de Brochure bedrijven en milieuzonering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten; b. in afwijking van sub a is ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf 1' een loon- en handelsbedrijf in landbouwmachines, werktuigen en tractoren en statische opslag toegestaan; c. in afwijking van sub a is ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf 2' een handel in bouwmaterialen, houthandel en bouwbedrijf toegestaan; d. per bestemmingsvlak is één bedrijf toegestaan; e. een bedrijfswoning; f. waterhuishoudkundige voorzieningen ten behoeve van water, waterberging en infiltratie; g. verhardingen, parkeerplaatsen en parkeervoorzieningen; h. groenvoorzieningen; i. tuinen en erven; j. productiegebonden detailhandel (verkoop eigen producten) is als ondergeschikte functie toegestaan met dien verstande dat de bruto vloeroppervlakte niet meer mag bedragen dan 50 m²; k. extensief recreatief medegebruik; l.

ter plaatse van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 2' en ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 5’ zijn de gronden tevens bestemd voor het aanbrengen en instandhouden van gebiedseigen (erf)beplanting ter landschappelijke inpassing van gebouwen en verhardingen; m. ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' is opslag van materialen, uitsluitend ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering, toegestaan.

8.2

Bouwregels

8.2.1

Algemeen a. Op of in de voor ‘Bedrijf’ aangewezen gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de in artikel 8.1 genoemde bestemming; b. ter plaatse van de functieaanduidingen 'opslag' en 'specifieke vorm van bedrijf buitenopslag 2' is het oprichten van gebouwen niet toegestaan; c. ter plaatse van de functieaanduidingen ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 2’ en ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 5’ is het oprichten van gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde en het aanleggen van verhardingen niet toegestaan. Perceelsgedeelten met deze functieaanduidingen worden niet aangemerkt als erf, zoals bedoeld in artikel 1, bijlage 2 van het Besluit omgevingsrecht; d. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2; e. de oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen mag maximaal 90% van het bestemmingsvlak bedragen zodat er 10% overblijft voor de groene erfinrichting/landschappelijke inpassing.

8.2.2

Bedrijfsgebouwen Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen gelden de volgende regels:

60

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

a. de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsbebouwing ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 1' bedraagt maximaal 900 m2, met dien verstande, dat het maximale oppervlakte ten behoeve van het loon- en handelsbedrijf in landbouwmachines, werktuigen en tractoren 600 m2 bedraagt en het maximale oppervlakte ten behoeve van statische opslag 300 m2 bedraagt; b. de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsbebouwing ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' bedraagt maximaal 3.371 m²; c. de maximaal toegestane goothoogte is 4,5 m¹; d. de maximaal toegestane goothoogte ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' is 5 m¹; e. de maximaal toegestane bouwhoogte is 8 m¹; f. de maximaal toegestane bouwhoogte ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' is 9 m¹; g. de dakhelling dient tussen de 20 graden en 60 graden te zijn; h. de afstand tot de bestemmingsgrens is ten minste 5 m1, behalve als de bestaande bebouwing dichter op de bestemmingsgrens staat; dan is deze afstand bepalend. i. de afstand tot de bestemmingsgrens ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' is ten minste 2 m¹; j. de afstand tot de as van de weg is ten minste 20 m¹. 8.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de bedrijfsdoeleinden Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen: a. reclameaanduidingen dienen beperkt te blijven tot een bescheiden naamsaanduiding; b. de bouwhoogte van andere bouwwerken, met uitzondering van erfafscheidingen, is maximaal 2,5 m¹ met een afstand tot de bestemmingsgrens van ten minste 5 m¹; c. in afwijking op het bepaalde onder sub b geldt ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' een afstand tot de bestemmingsgrens van ten minste 3 m¹; d. de bouwhoogte van erfafscheidingen vóór de voorgevelrooilijn mag maximaal 1 m¹ zijn en voor het overige maximaal 2 m¹; e. de bouwhoogte van constructies voor het leiden van bomen mag niet meer bedragen dan 5 m¹, met dien verstande dat constructies voor het leiden van bomen op niet minder dan 0,5 m¹ uit de perceelsgrens mogen worden gebouwd, waarbij de bomen vanaf het eigen perceel gesnoeid moeten kunnen worden en er geen sprake mag zijn van overhangende takken over de perceelsgrens.

8.2.4

Bedrijfswoningen Voor het bouwen van bedrijfswoningen gelden de volgende bepalingen: a. per bestemmingsvlak is één bedrijfswoning toegestaan; b. bij herbouw mag de bedrijfswoning uitsluitend gesitueerd worden ter plaatse van de bestaande fundering en als er sprake is van uitbreiding daar direct op aansluitend; c. bij bouw en herbouw dient te worden aangetoond dat de bedrijfswoning noodzakelijk is vanuit bedrijfseconomisch oogpunt, waarbij de noodzaak van (her)bouw niet het gevolg mag zijn van een eerder aanwezige maar inmiddels afgestoten bedrijfswoning; d. de inhoud van een bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 750 m³, de inhoud van kelders wordt niet meegeteld; e. indien de inhoud van de bestaande bedrijfswoning op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan op basis van een eerder verleende vergunning al meer bedraagt of mag bedragen, dan geldt de bestaande inhoud als maximaal toegestaan. Bij herbouw geldt dat de woning tot maximaal de vergunde inhoud mag worden teruggebouwd; f. de maximaal toegestane goothoogte is 6 m¹; g. de maximaal toegestane bouwhoogte is 10 m¹;

61

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

h. de dakhelling dient tussen de 20 graden en 60 graden te zijn; i. de afstand tot de bestemmingsgrens is ten minste 5 m¹; j. de afstand tot de as van de weg is ten minste 15 m¹. 8.2.5

Bijgebouwen ten behoeve van de bedrijfswoning Voor het bouwen van bijgebouwen ten behoeve van de bedrijfswoning gelden de volgende bepalingen: a. per bedrijfswoning is een bijgebouw toegestaan met een oppervlakte van maximaal 100 m²; b. de maximaal toegestane goothoogte is 3 m¹; c. de maximaal toegestane bouwhoogte is 5,5 m¹; d. de dakhelling dient tussen de 20 graden en 60 graden te zijn; e. bijgebouwen dienen op een afstand van ten minste 1 m¹ achter de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning te worden gebouwd; f. de afstand tot de bestemmingsgrens is ten minste 5 m¹; g. de afstand tot de as van de weg is ten minste 15 m¹; h. de maximale afstand tussen een vrijstaand bijgebouw en de woning bedraagt 20 m¹; i. het bepaalde in sub h geldt niet indien de bestaande afstand van een vergund of krachtens overgangsrecht toegelaten bijgebouw tot de woning al meer bedraagt. In dat geval geldt deze afstand voor dit gebouw als maximaal toegestaan; j. bij volledige sloop en herbouw van een bijgebouw geldt 20 m¹ als maximale afstand tussen het bijgebouw en de woning, ongeacht de (afwijkende) situering van de te slopen bebouwing als bedoeld in sub i.

8.2.6

Bouwwerken geen gebouwen zijnde behorende bij bedrijfswoning Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen: a. per bedrijfswoning mag één overkapping worden gebouwd met de volgende maatvoering: 1. oppervlakte niet meer dan 20 m²; 2. bouwhoogte niet meer dan 3 m¹; 3. de overkapping dient op een afstand van ten minste 1 m¹ achter de voorgevelrooilijn van de bedrijfswoning te worden gebouwd; 4. afstand tot de bestemmingsgrens is ten minste 5 m¹; 5. de afstand tot de as van de weg is ten minste 15 m¹; 6. de maximale afstand tussen de overkapping en de woning bedraagt 20 m¹, behalve als de bestaande overkapping dichter op de bestemmingsgrens staat; dan is deze afstand bepalend; b. de bouwhoogte van erfafscheidingen vóór de voorgevelrooilijn mag maximaal 1 m¹ zijn en voor het overige maximaal 2 m¹; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, met uitzondering van erfafscheidingen, is maximaal 2,5 m¹ met een afstand tot de bestemmingsgrens van ten minste 5 m¹; d. de bouwhoogte van constructies voor het leiden van bomen mag niet meer bedragen dan 5 m¹, met dien verstande dat constructies voor het leiden van bomen op niet minder dan 0,5 m¹ uit de perceelsgrens mogen worden gebouwd, waarbij de bomen vanaf het eigen perceel gesnoeid moeten kunnen worden en er geen sprake mag zijn van overhangende takken over de perceelsgrens.

8.3

Afwijken van de bouwregels

8.3.1

Afwijkende goot- en bouwhoogte van bedrijfsgebouwen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 8.2.2 onder c en/of 8.2.2 onder e voor een afwijkende goot- en/of bouwhoogte van

62

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

bedrijfsgebouwen, met dien verstande dat de goothoogte ten hoogste 6 m¹ mag bedragen en de bouwhoogte ten hoogste 10 m¹ mag bedragen. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. de noodzaak vanuit de bedrijfsvoering is aangetoond; b. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bedrijfsgebouwen in zijn omgeving mogen niet onevenredig worden aangetast; c. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2. 8.3.2

Herbouw bedrijfswoning Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 8.2.4 onder b voor de herbouw van een bedrijfswoning op een andere plaats binnen het bestemmingsvlak. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. de nieuwe locatie ligt niet minder dan 5 m¹ van de bestemmingsgrens en niet minder dan 15 m¹ uit de as van de weg waaraan wordt gebouwd; b. de bedrijfswoning wordt gebouwd ter vervanging van de bestaande bedrijfswoning; c. aangetoond dient te worden dat de bedrijfswoning noodzakelijk is vanuit bedrijfseconomisch oogpunt, waarbij de noodzaak van (her)bouw niet het gevolg mag zijn van een eerder aanwezige maar inmiddels afgestoten bedrijfswoning; d. de ontwikkelingsmogelijkheden van (niet-)agrarische bedrijven in de nabijheid van de woning mogen niet worden belemmerd; e. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de woning in zijn omgeving mogen niet onevenredig worden aangetast; f. met de nieuwe situering is sprake van een milieukundige en ruimtelijke kwaliteitsverbetering; g. de sloop van de oorspronkelijke bedrijfswoning is duurzaam verzekerd en dit is ook geborgd; h. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

8.3.3

Afstand tot bestemmingsgrens Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 8.2.2 onder h, 8.2.4 onder i , 8.2.5 onder f en 8.2.6 onder c voor de bouw van bouwwerken op een kortere afstand dan 5 m¹ tot de bestemmingsgrens. Hierbij gelden de volgende specifieke randvoorwaarden: a. de ontwikkelingsmogelijkheden van (niet-)agrarische bedrijven in de nabijheid mogen niet worden belemmerd; b. er dient te worden aangetoond dat de afwijking voldoet aan de eisen die gelden in het kader van het woon- en leefklimaat; c. er dient te worden aangetoond dat de afwijking noodzakelijk is; d. indien sprake is van afwijking van het bepaalde in artikel 8.2.2 onder h en/of 8.2.4 onder i dient te worden aangetoond dat de afwijking noodzakelijk is vanuit bedrijfseconomisch oogpunt; e. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bouwwerken in zijn omgeving mogen niet onevenredig worden aangetast; f. de ruimtelijke kwaliteit en landschappelijke inpassing wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

63

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

8.4

Specifieke gebruiksregels

8.4.1

Strijdig gebruik Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met de bestemming wordt in ieder geval verstaan het in gebruik nemen of het laten gebruiken van gronden en bouwwerken voor een doel of op een wijze, die in strijd is met de in dit plan daaraan gegeven bestemming en/of: a. het gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens voor erotische dienstverlening; b. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van handel of detailhandel; c. het gebruik van gronden en/of opstallen voor dag- of verblijfsrecreatie; d. het gebruik van opstallen voor bewoning, behoudens het wonen in bedrijfswoningen; e. het gebruik van gronden en bouwwerken voor andere bedrijfsdoeleinden dan volgens de bestemmingsomschrijving zijn toegestaan; f. het plaatsen van zeecontainers.

8.4.2

Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing a. Het gebruiken en (doen) laten gebruiken van het perceel Nieuwendijk 84 conform de in artikel 8.1 opgenomen bestemmingsomschrijving is alleen toegestaan als ter plaatse van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 2’ (uit artikel 3 en 8) de landschappelijke inpassing, overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 2 bij het onderhavige bestemmingsplan of een kwalitatief daarmee vergelijkbaar plan dat door het college van burgemeester en wethouders is geaccordeerd, binnen 12 maanden na de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan is uitgevoerd en vervolgens in stand wordt gehouden; b. het gebruiken en (doen) laten gebruiken van het perceel Heistraat 26 conform de in artikel 8.1 opgenomen bestemmingsomschrijving is alleen toegestaan als ter plaatse van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 5’ de landschappelijke inpassing, overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 5 bij het onderhavige bestemmingsplan of een kwalitatief daarmee vergelijkbaar plan dat door het college van burgemeester en wethouders is geaccordeerd, binnen 12 maanden na de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan is uitgevoerd en vervolgens in stand wordt gehouden.

8.4.3

Voorwaardelijke verplichting uitbreiding a. Het gebruik en (doen) laten gebruiken van de gronden ter plaatse van de functieaanduiding 'opslag' is alleen toegestaan indien de storting van het bedrag van € 42.537,30,- ten behoeve van maatregelen voor kwaliteitsverbetering van het landschap aan de gemeente Someren is verricht.

8.4.4

Voorwaardelijke verplichting aankoop sloopmeters Ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' is het realiseren van nieuwe bedrijfsgebouwen, welke een bebouwd oppervlak van 2.650 m² overschrijden, alleen toegestaan indien: a. dit gepaard gaat met sloop van bebouwingsoppervlak elders in de gemeente Someren en dat dit juridisch is geborgd; b. de sloop als benoemd onder a mag reeds in een eerder stadium hebben plaatsgevonden; c. De te slopen bebouwing dient legaal opgericht te zijn of krachtens overgangsrecht te zijn toegelaten; d. per m³ uitbreiding dient telkens minimaal het aantal m2 zoals opgenomen in onderstaande tabel te worden gesloopt.

64

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

Type landschap

Aantal m2 te slopen bebouwing op 1 m3 extra bebouwing mogelijk te maken

NNB

1

Kampenlandschap

2

Beekdallandschap

2

Oude heideontginning

3

Jonge heideontginning

3 1/2

Bebouwingsconcentraties

2

8.4.5

Voorwaardelijke verplichting waterberging Ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - 2' is het realiseren van nieuw verhard oppervlak uitsluitend toegestaan indien: a. wordt voorzien is in een infiltratievoorziening, welke hemelwater vertraagd afvoert en werkend aanwezig is; b. de infiltratievoorziening als bedoeld in sub a heeft een bergingsopgave van ten minste 0,06 m³ per vierkante meter verhard oppervlak.

8.5

Afwijken van de gebruiksregels

8.5.1

Statische opslag als nevenactiviteit Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 8.4.1 onder b voor statische opslag als nevenactiviteit bij een bedrijf. Hierbij gelden de volgende randvoorwaarden: a. het bedrijf functioneert als zodanig en blijft dit ook in voldoende mate doen wanneer ter plaatse sprake is van statische opslag; b. de maximale oppervlakte die wordt gebruikt ten behoeve van de statische opslag is 1.000 m²; c. er dient gebruik gemaakt te worden van bestaande bebouwing; d. buitenopslag is uitgesloten; e. opslag in kassen is uitgesloten; f. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

8.5.2

Kleinschalige nevenfuncties Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 8.4.1 onder c, 8.4.1 onder d en/of 8.4.1 onder f voor kleinschalige nevenfuncties bij een bedrijf in de milieucategorieën 1 of 2, of aantoonbaar daarmee gelijk te stellen qua aard en invloed, zoals genoemd in de Brochure bedrijven en milieuzonering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Hierbij gelden de volgende randvoorwaarden: a. het bedrijf functioneert als zodanig en blijft dit ook in voldoende mate doen wanneer ter plaatse sprake is van een kleinschalige nevenfunctie; b. de activiteiten worden uitgevoerd door de bewoners van de betreffende locatie; c. de maximale oppervlakte die wordt gebruikt ten behoeve van de kleinschalige nevenfunctie is 350 m²; d. er dient gebruik te worden gemaakt van de bestaande bebouwing;

65

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

e. detailhandel is uitgesloten; f. buitenopslag is uitgesloten g. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2. 8.5.3

Buitenopslag Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 8.4.1 onder b voor buitenopslag bij een bedrijf. Hierbij gelden de volgende randvoorwaarden: a. de buitenopslag plaatsvindt binnen het bestemmingsvlak van het betreffende bedrijf; b. de opslag is noodzakelijk voor het ter plaatse aanwezige bedrijf; c. de ruimtelijke kwaliteit en de landschappelijke inpassing wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

8.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.6.1

Vergunningplicht Het is verboden op of in de gronden met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen landschappelijke inpassing 2’ en ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing 5’, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden landschappelijke inpassing te verwijderen, waarvan de aanleg in het kader van een vergunningverlening of bestemmingsplanherziening verplicht is gesteld.

8.6.2

Uitzonderingen Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 8.6.1 is niet vereist voor: a. werken of werkzaamheden die vallen onder het normale onderhoud en beheer van de gronden overeenkomstig de bestemming dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; b. werken of werkzaamheden die reeds in uitvoering zijn dan wel op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, nog mogen worden uitgevoerd op basis van een eerder verleende vergunning.

8.6.3

Toelaatbaarheid De in artikel 8.6.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien: a. de werken en/of werkzaamheden verband houden met de doeleinden, die aan de geldende bestemming zijn toegekend; b. het uitvoeren van deze werken of werkzaamheden noch direct noch indirect onevenredige afbreuk doet aan de waarden en kwaliteiten van de desbetreffende gronden en de mogelijkheden voor herstel van deze waarden en kwaliteiten niet (onevenredig) worden verkleind, zoals omschreven in: c. de (dubbel)bestemming met eventuele aanduiding(en); d. de specifieke erfbeplantingsplannen; e. in het Beeldkwaliteitsplan Buitengebied 2011.

8.7

Wijzigingsbevoegdheden

8.7.1

Wijzigingsbevoegdheid naar ‘Wonen - Buitengebied’ Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming ‘Bedrijf’ met de daarbij behorende en rechtsreeks verbonden gebruiks- en bouwaanduidingen wijzigen in de bestemming 'Wonen -

66

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

gemeente Someren

Buitengebied', voor zover het gaat om de bedrijfswoning met de bijbehorende grond. Hierbij gelden de volgende voorwaarden: a. het bedrijf is beëindigd en hervatting van de bedrijfsactiviteiten is niet toegestaan; b. bewoning van bedrijfsgebouwen is niet toegestaan; c. het bestemmingsvlak wordt gereduceerd tot de voormalige bedrijfswoning met bijgebouwen, erf, tuin en verharding en heeft een omvang van maximaal 2.500 m²; d. de overige gronden van het voormalige bestemmingsvlak 'Bedrijf’ krijgen dezelfde bestemming als de omliggende gronden; e. er vindt geen splitsing in meerdere woonfuncties plaats; f. voor het overige wordt ook voldaan aan de bepalingen van Artikel 12 (Wonen Buitengebied); g. de sloop van overtollige bebouwing is duurzaam verzekerd tenzij de bebouwing cultuurhistorische, architectonische en/of landschappelijke waarden bezit; h. er is geen sprake van planologische en/of milieuhygiënische belemmeringen, of gelet op de aard en omvang van het wijzigingsplan is door middel van noodzakelijk (milieu)onderzoek aangetoond dat het plan uitvoerbaar is; i. de ruimtelijke kwaliteit en de landschappelijke inpassing wordt gewaarborgd conform de bepalingen uit artikel 23.2.

67

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

Artikel 9 9.1

gemeente Someren

Groen Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. landschappelijke inpassing; c. waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen.

9.2

waterpartijen,

alsmede

Bouwregels Op of in de in 9.1 bedoelde gronden mogen geen gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd.

68

Veegplan XII, gemeente Someren 2021

Artikel 10 10.1

gemeente Someren

Natuur Bestemmingsomschrijving De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. behoud, herstel en/of ontwikkeling van natuurgebieden en leefgebied van daar voorkomende soorten; b. water en waterhuishoudkundige voorzieningen ten behoeve van de natuurwaarden in het algemeen en verder specifiek voor de hydrologische waarden ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van waarde - hydrologisch waardevol’; c. extensief recreatief medegebruik; d. bestaande wegen en paden ten behoeve van extensief recreatief medegebruik en/of onderhoud.

10.2

Bouwregels Op de in de voor ‘Natuur’ aangewezen gronden mag niet worden gebouwd.

10.3

Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 10.2 voor het toestaan van wildrasters, terreinafscheidingen en andere daarmee vergelijkbare kleine bouwwerken geen gebouwen zijnde. Hierbij gelden de volgende voorwaarden: a. de maximaal toegestane bouwhoogte van hekwerken en/of terreinafscheidingen is 2 m¹; b. de maximaal toegestane bouwhoogte van bouwwerken, niet zijnde hekwerken en/of terreinafscheidingen, is 3 m¹; c. het maximaal toegestane oppervlak van bouwwerken, niet zijnde hekwerken en/of terreinafscheidingen, is 10 m².

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11198078/1