6a Toelichting incl bijlagen BP Hoevenstraat 4
Tekst van het document
54
6.3 Bebouwing algemeen Er wordt in het bestemmingsplan onderscheid gemaakt tussen hoofdgebouwen, aanbouwen en bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Hoofdgebouwen dienen binnen het bouwvlak gerealiseerd te worden. Voor de situering en maatvoering van bouwwerken wordt tevens verwezen naar de verbeelding.
6.4 Toelichting bestemmingen Voor een goed begrip van de regeling dienen in elk geval de regels tezamen met de verbeelding te worden geraadpleegd. …
55
7. Financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid Alle kosten die samenhangen met de uitvoering van het initiatief komen geheel ten laste van de initiatiefnemer. Ten behoeve van de maatschappelijke uitvoerbaarheid heeft initiatiefnemer via een omgevingsdialoog omwonenden geïnformeerd over het herontwikkelingsplan.
7.1 Verslag omgevingsdialoog Exploitatie Behoudens kosten voor ambtelijke voorbereiding en begeleiding zijn er voor de uitvoerbaarheid van de voorgestane ontwikkeling geen andere kosten voor de gemeente in de exploitatiesfeer. De ontwikkeling bevindt zich op eigen terrein van de initiatiefnemer en komt buiten de directe invloedssfeer van de gemeente tot stand. Alle kosten verbonden aan de realisatie van het plan komen voor rekening van de initiatiefnemer. Planschade Om de economische uitvoerbaarheid te waarborgen, dient inzicht te worden verkregen of in onderhavige situatie sprake is van planschade. Eventuele tegemoetkomingen in de planschade die uit het bestemmingsplan voortvloeien, zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Het voorliggende bestemmingsplan bevat de kaders waarbinnen de gewenste (plan-)ontwikkeling in het plangebied kan plaatsvinden. De initiatiefnemer kan binnen de stedenbouwkundige en planologische randvoorwaarden zijn (bouw)plan en een bijbehorende exploitatieopzetten uitwerken, waarbij het exploitatierisico geheel bij de initiatiefnemer ligt. De realisatie- en beheerskosten van de uit te werken inrichtings- en bouwplannen zijn voor rekening van de initiatiefnemer.
7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.1 van het Bro overleg plaats te vinden met waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Voor wat kleinere plannen kan, in overleg, afgezien worden van dit overleg. Vanwege de relatief geringe omvang van het project en de Corona-crisis is er in overleg met de gemeente Someren voor gekozen om deze omwonenden schriftelijk op de hoogte te brengen. Bij brief van 29 april 2020 is een beschrijving en korte motivering van het bouwplan gegeven en zijn een situatietekening, geveltekening, impressies en een reactieformulier als bijlagen meegestuurd. De omwonenden zijn in de gelegenheid gesteld om hun opmerkingen/reacties binnen twee weken schriftelijk aan initiatiefnemer kenbaar te maken, waarbij is aangegeven dat hun opmerkingen/reacties in een verslag worden opgenomen en dat initiatiefnemer hen laat weten wat daarmee zal worden gedaan. Van deze gelegenheid hebben 3 omwonenden gebruik gemaakt. Hun opmerkingen/reacties zijn ook als bijlage bij dit verslag gevoegd, alsmede het antwoord van initiatiefnemer hierop.
De volgende opmerkingen/reacties en antwoorden van initiatiefnemer zijn voren gebracht: - De bewoners van Ter Craene 15 wensen graag in overleg te gaan over de erfafscheiding. Zij willen niet in de situatie komen om met de toekomstige buren te onderhandelen
56
over de erfafscheiding en wanneer de erfafscheiding tijdens de bouw wordt verwijderd zal gelet op het hoogteverschil ter plaatse door afkalving een gedeelte van hun tuin richting Hoevenstraat 4 verschuiven, hetgeen niet wenselijk is. Antwoord: de huidige erfafscheiding tussen Ter Craene 15 en het perceel Hoevenstraat 4 blijft gehandhaafd. Een en ander wordt kadastraal vastgelegd. - De bewoners van Ter Craene 15 geven aan dat zoals het plan nu is voorgesteld in de gevelaanzichten, dit betekent dat de woningen aan de Hoevenstraat nu op de verdieping direct zicht hebben in hun tuin. Vanuit de situatie van de Floreffestraat hebben zij al door 3 percelen direct zicht in hun tuin. De mogelijkheid is er om de ramen naar de rechterzijgevel te verplaatsen. Op kavel 1 (aan Ter Craene) is een raam in de linker zijgevel op de verdieping zeer belastend voor hun privacy, omdat men rechtstreeks via dit raam in hun woonkamer en slaapkamer kan kijken. Dit raam zou naar de achtergevel van deze woning verplaatst kunnen worden. Antwoord: de ramen op de verdiepingen die uitzicht hebben op de achtertuin Ter Craene 15 zullen naar de zijgevels van de betreffende woningen verplaatst worden, zodat er geen direct zicht meer is op de achtertuin. - De bewoners van Floreffestraat 67 zijn verrast dat de seniorenwoningen deels uit twee bouwlagen bestaan met een hoogte van 7 meter.
Minimaal 3 maar misschien zelfs alle 5 woningen zullen zicht hebben op hun vrij-liggende achtertuin, waardoor hun privacy i.t.t. tot de huidige situatie sterk verminderd zal worden. In het kader van hun woongenot vragen zij verder met klem om de bestaande eikenboom op het perceel Hoevenstraat 4 te behouden. Antwoord: de nokhoogte van de nieuwe woningen wordt inderdaad circa 7,1 meter. In het geldende bestemmingsplan is er een bebouwingshoogte toegestaan met een goothoogte van 6 meter en een nokhoogte van 11 meter. Door het behouden van de eikenboom staande noordelijk in het nieuwe bouwplan, blijft de privacy van het perceel behouden. Zie onderstaande foto van de eikenboom.
De twee beschermwaardige eikenbomen op het perceel Hoevenstraat 4 blijven gehandhaafd. Voor de plantoelichting is er een Flora en Fauna onderzoek uitgevoerd.
57
- De bewoners van Floreffestraat 63 hebben mede met het oog op privacy enkele vragen over het behoud van het groen op het perceel Hoevenstraat 4: blijven de coniferenhaag en de eik gehandhaafd in de plannen en is er rekening gehouden met eventuele overlast van hun beuk in verband met de locatie van het nieuwe woonhuis?
Zij zouden het zeer jammer vinden als de coniferenhaag en of de eik uit het straatbeeld zouden verdwijnen. Deze geven hen de privacy die ze erg op prijs stellen. Ook geven zij aan dat de beuk aan de linkerzijde van hun achtertuin hen erg geliefd is, maar dat zij wanneer de plannen doorgaan - geen hinder willen veroorzaken aan de nieuwe huizenbezitter. De kosten die er in de toekomst kunnen ontstaan doordat er geëist kan worden door de nieuwe achter buren om de beuk terug te snoeien zijn in de huidige situatie niet aan de orde maar als de plannen definitief worden gemaakt redelijk aanwezig. Antwoord: de 2 beschermwaardige eikenbomen op het perceel Hoevenstraat 4 en ook de coniferenhaag aan de zijde van Floreffestraat 63 blijven gehandhaafd. Met betrekking tot eventuele overlast van de beuk zijn de toekomstige eigenaren van het perceel grenzend
58
aan het perceel Floreffestraat 63 op de hoogte van de bestaande situatie en bomen. Van mogelijke “overlast” zijn zij dus op de hoogte. - De bewoner van Hoevenstraat 3a heeft een schriftelijke reactie naar de gemeente gestuurd met een aantal vragen en opmerkingen. Gevraagd wordt wie wordt bedoeld met “onze” in de brief van initiatiefnemer en wat is de onderbouwing voor de stelling dat dat er veel vraag is naar dit type woning in Someren. Het niet verkopen van de huidige woning is een sociaal economisch probleem. Hoe verhoudt zich de positieve houding van de gemeente (college van burgemeester en wethouders) tot de (opvatting van de) leden van de raad? Gepleit wordt voor het behoud van de 2 beschermwaardige bomen op het perceel Hoevenstraat 4 en gevraagd wordt welke garantie er is dat beide bomen gespaard worden als ter plaatse graaf- en bouwwerkzaamheden plaatsvinden. Voorgesteld wordt om de economische waarde van de bomen te laten taxeren door een onafhankelijke deskundige en die vastgestelde waarde als garantie in een depot te storten van de rekening van de groenvoorziening gemeente Someren en wanneer na 3 jaren de bomen nog leven dit bedrag terug te storten aan degene aan wie de omgevingsvergunning is verleend zonder wettelijke rente.
Hoe verhoudt de aanvraag omgevingsvergunning zich tot de Omgevingswet die op 1 januari 2021 van kracht wordt en welke waarde heeft de door de bevolking van Someren gekozen en gemandateerde raadsleden nog hebben wanneer zij een omgevingsvisie vaststellen, die de betreffende ambtenaren naar eigen inzicht kunnen interpreteren? De gemeente Someren zal het project ook moeten toetsen aan de wet Bibob. Tenslotte wordt de vraag gesteld of de bij de brief gevoegde situatietekening impressies overeenkomt met de werkelijke situatie of dat er nog verrassingen in petto zijn met een andere variant. Antwoord gemeente: Initiatiefnemer Van Bree heeft in 2019 een principeverzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders voor het herontwikkelen van de locatie Hoevenstraat 4. De ontwikkeling voorziet in het realiseren van vijf levensloopbestendige woningen. Deze aanvraag is ambtelijk beoordeeld en op 18 februari 2020 heeft het college een positief principestandpunt ingenomen. Dit principebesluit ging gepaard met enkele voorwaarden waaronder het voeren van een omgevingsdialoog en het behoud van de beeldbepalende bomen. Voor dit laatste zullen maatregelen worden genomen die door de gemeente zullen worden geborgd. Op basis van het principebesluit is initiatiefnemer momenteel bezig met het uitwerken van een bestemmingsplan.
Indien is voldaan aan de voorwaarden en het college instemt met het bestemmingsplan zal dit gedurende 6 weken ter inzage liggen. In die periode is er voor omwonenden de mogelijkheid een zienswijze in te dienen. Het bestemmingsplan dient uiteindelijk te worden vastgesteld door de gemeenteraad. De door u aangehaalde passage uit de brief van initiatiefnemer van Bree over de omgevingsvergunning betreft waarschijnlijk een fout. De ruimtelijke onderbouwing maakt deel uit van de bestemmingsplanherziening. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning kan pas worden aangevraagd op moment dat een bestemmingsplan onherroepelijk is. Bovenstaande omgevingsvergunning refereert overigens naar de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en niet naar de naderende Omgevingswet. De omgevingsdialoog heeft aanleiding gegeven om het bouwplan enigszins aan te passen met betrekking tot de ramen op de verdiepingen die uitzicht hebben op de achtertuin van Ter Craene 15. De gevels worden aangepast conform deze toezegging van initiatiefnemer. Verder is aan de betreffende omwonenden bevestigd dat de twee beschermingswaardige eikenbomen en de coniferenhaag ter plaatse van de perceelgrens tussen de projectlocatie en Floreffestraat 63 behouden blijven en dat de erfafscheiding op de perceelsgrens tussen de projectlocatie en Ter Craene 15 in stand blijft en kadastraal wordt vastgelegd.
59
8. Slotconclusie In deze plantoelichting is nadrukkelijk gemotiveerd dat het onderliggende plan zich verhoudt, zowel in negatieve als positieve zin, tot de aanwezige functies en waarden binnen de planlocatie en de directe omgeving ervan. Naast het ruimtelijk-planologische beleid, de stedenbouwkundige toets zijn alle ruimtelijke en milieu-hygiënische deelaspecten onderzocht.
60