5q Toelichting BP Veegplan XII Ruimtelijke onderbouwing Kanaaldijk zuid ong.
Tekst van het document
etmaalintensiteit richting Sluisstraat: 201 mvt. etmaalintensiteit vanaf Sluisstraat: 163 mvt.
jaar: 2026
etmaalintensiteit richting Sluisstraat: 245 mvt. etmaalintensiteit vanaf Sluisstraat: 220 mvt. dag
avond
nacht
richting
vanaf
richting
vanaf
richting
vanaf
Sluisstraat
sluisstraat
Sluisstraat
sluisstraat
Sluisstraat
sluisstraat
gemiddeld per uur (%)
6,47
6,44
3,48
4,29
1,06
0,69
lichte mvt. (%)
78,21
84,13
100,00
100,00
64,71
77,78
middelzware mvt. (%)
12,82
11,11
0,00
0,00
23,53
22,22
zware mvt. (%)
8,97
4,76
0,00
0,00
11,76
0,00
Tabel 2.2: gegevens wegverkeer Langendijk, Gezandebaan en Stevensvaartje Langendijk, Gezandebaan en Stevensvaartje maximum snelheid: 80 km/uur wegdek: oppervlaktebewerking jaar: 2026
etmaalintensiteit: 105 mvt. dag
avond
gemiddeld per uur (%)
6,41
3,67
nacht 1,05
lichte mvt. (%)
80,59
79,27
77,95
middelzware mvt. (%)
12,53
10,97
9,41
zware mvt. (%)
6,88
9,76
12,64
Tabel 2.3: gegevens wegverkeer Kanaaldijk-Zuid (parallelweg) Kanaaldijk-Zuid (parallelweg) maximum snelheid: 80 km/uur wegdek: oppervlaktebewerking / AC11 surf DL-B jaar: 2026
etmaalintensiteit: 160 mvt. dag
avond
gemiddeld per uur (%)
6,54
3,52
nacht 0,94
lichte mvt. (%)
85,93
94,33
87,38
middelzware mvt. (%)
7,96
3,61
6,80
zware mvt. (%)
6,11
2,06
5,83
Tabel 2.4: gegevens wegverkeer Kanaaldijk-Zuid (N266 ten noorden van Sluisstraat) Kanaaldijk-Zuid (N266 ten noorden van Sluisstraat) maximum snelheid: 80 km/uur wegdek: SMA-NL 8G+ jaar: 2016
etmaalintensiteit richting noord: 4016 mvt.
jaar: 2026
etmaalintensiteit richting noord: 4874 mvt.
etmaalintensiteit richting zuid: 3983 mvt.
etmaalintensiteit richting zuid: 4834 mvt. dag
avond
nacht
richting noord
richting zuid
richting noord
richting zuid
richting noord
gemiddeld per uur (%)
6,70
6,67
2,48
2,50
1,20
richting zuid 1,25
lichte mvt. (%)
80,66
84,71
90,95
93,48
83,98
74,37
middelzware mvt. (%)
11,11
7,97
5,53
4,01
7,75
13,32
zware mvt. (%)
8,23
7,31
3,52
2,51
8,27
12,31
pagina 3 van 14
documentkenmerk: 1905/103/NB-01, versie 1
Tabel 2.5: gegevens wegverkeer Kanaaldijk-Zuid (N266 ten zuiden van Sluisstraat) Kanaaldijk-Zuid (N266 ten zuiden van Sluisstraat) maximum snelheid: 80 km/uur wegdek: SMA-NL 8G+ jaar: 2013
etmaalintensiteit richting noord: 4032 mvt. etmaalintensiteit richting zuid: 4040 mvt.
jaar: 2026
etmaalintensiteit richting noord: 4893 mvt. etmaalintensiteit richting zuid: 4903 mvt. dag
avond
nacht
richting noord
richting zuid
richting noord
richting zuid
richting noord
gemiddeld per uur (%)
6,73
6,65
2,54
2,48
1,14
richting zuid 1,28
lichte mvt. (%)
79,23
80,78
89,76
90,77
84,24
68,84
middelzware mvt. (%)
12,63
11,78
7,07
6,98
7,61
18,60
zware mvt. (%)
8,14
7,44
3,17
2,24
8,15
12,56
Tabel 2.6: gegevens wegverkeer Sluisstraat Sluisstraat maximum snelheid (binnen de bebouwde kom): 50 km/uur maximum snelheid (buiten de bebouwde kom): 80 km/uur wegdek: asfalt (SMA-NL11) jaar: 2016
etmaalintensiteit: 1377 mvt.
jaar: 2026
etmaalintensiteit: 1671 mvt. dag
avond
gemiddeld per uur (%)
6,54
3,52
nacht 0,94
lichte mvt. (%)
85,93
94,33
87,38
middelzware mvt. (%)
7,96
3,61
6,80
zware mvt. (%)
6,11
2,06
5,83
Modellering In overleg met de initiatiefnemers is de afstand van de voorgevel van de woning tot de wegas van de Kanaaldijk-Zuid (parallelweg) bepaald op circa 18,5 meter. Dit is 1 meter verder van de wegas dan de afstand conform de situatietekening in bijlage 1. Ook de afstand van de voorzijde van het bijgebouw tot de wegas van voornoemde weg is 1 meter vergroot en bedraagt circa 24,5 meter. Als maatgevende toetshoogte voor de begane grond van de nieuwe woning is 1,5 meter boven maaiveld aangehouden. Voor de eerste verdieping is 4,5 meter gehanteerd. Voor alle punten is gerekend met invallend geluid. In de berekeningen is als rekenparameter bodemfactor 1,00 (akoestisch zacht) aangehouden met uitzondering van de ingevoerde bodemgebieden. De ingevoerde bodemgebieden zijn als akoestisch hard (bodemfactor 0,00) gemodelleerd. Rondom de nieuwe woning is voorts nog een bodemgebied gemodelleerd met een bodemfactor van 0,50 (akoestisch half hard/zacht). Dit vanwege de aan te leggen tuin met bestrating. Voor het rekenmodel is een hoogte van 26,6 meter +NAP aangehouden. De N266 is gelegen op 28,6 meter +NAP. Er hoeft ter hoogte van het plangebied geen hellingcorrectie of optrekcorrectie te worden toegepast. Er is tevens geen akoestisch relevante rotonde in de omgeving van het bouwplan aanwezig.
Ter plaatse van de geregelde kruising van de Sluisstraat en de N266 is een kruispuntcorrectie toegepast, met een kruispuntkental (q) van 1/2.
pagina 4 van 14
documentkenmerk: 1905/103/NB-01, versie 1
Wet- en regelgeving Berekeningsmethode De geluidbelastingen zijn bepaald met behulp van “Standaard Rekenmethode 2” zoals deze is beschreven in het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. De invoergegevens van het akoestisch model wegverkeerslawaai zijn weergegeven in bijlage 3. Een grafische weergave van deze invoergegevens is weergegeven in bijlage 4.
Randvoorwaarden Wet geluidhinder Inleiding Met de geluidbelasting in dB van een weg wordt bedoeld de L den-waarde van het geluidniveau in dB. Lden is de geluidbelasting in dB op een plaats en vanwege een bron over alle perioden van 07.00 - 19.00 uur, van 19.00 - 23.00 uur en van 23.00 - 07.00 uur van een jaar als omschreven in bijlage I, onderdeel 1, van richtlijn nr. 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PbEG L 189).
Geluidzones Volgens de Wet geluidhinder hebben wegen een zone die zich aan weerszijden van de weg uitstrekt vanaf de as van de weg (art. 74 Wgh). Binnen deze zones worden eisen gesteld aan de geluidbelasting. Buiten de zones worden geen eisen gesteld. Een weg is niet zoneplichtig indien er sprake is van:
ligging binnen een woonerf;
een maximum snelheid van 30 km/uur.
In tabel 3.1 is de breedte van de geluidzones weergegeven. Tabel 3.1: breedte van de geluidzones langs wegen soort gebied stedelijk
buitenstedelijk
aantal rijstroken
breedte geluidzone (m)
1 of 2
200
3 of meer
350
1 of 2
250
3 of 4
400
5 of meer
600
Artikel 110g Onze Minister stelt regels op grond waarvan telkens voor een bepaalde periode, al naar gelang de geluidproductie van motorvoertuigen in de betrokken periode hoger ligt dan voor de toekomst redelijkerwijs is te verwachten, bij de berekening en meting van de geluidbelasting van de gevel van woningen of van andere geluidgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidgevoelige terreinen op het resultaat een door hem bepaalde aftrek van niet meer dan 5 dB wordt toegepast.
pagina 5 van 14
documentkenmerk: 1905/103/NB-01, versie 1
Conform artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 bedraagt voornoemde aftrek:
a. 3 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 56 dB is;
b. 4 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 57 dB is;
c. 2 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en de geluidbelasting afwijkt van de onder a en b genoemde waarden;
d. 5 dB voor de overige wegen; e. 0 dB bij toepassing van de artikelen 3.2 en 3.3 van het Bouwbesluit 2012 en bij toepassing van de artikelen 111b, tweede en derde lid, 112 en 113 van de Wet geluidhinder.
Stedelijk en buitenstedelijk gebied Binnen de Wet geluidhinder is de toetsing van de geluidbelasting afhankelijk gesteld van de ligging van het bouwplan. Er wordt volgens artikel 1 van de Wet geluidhinder onderscheiden:
Stedelijk gebied:
het gebied binnen de bebouwde kom, doch, voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII van de Wet geluidhinder, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990.
Buitenstedelijk gebied:
het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor toepassing van de hoofdstukken VI en VII, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990.
Artikel 3.5 Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (RMG 2012) Binnen het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 is middels artikel 3.5 de mogelijkheid geboden om voor wegen met een snelheidsregime van 70 km/uur of meer rekening te houden met de toekomstige effecten van Europees bronbeleid. Artikel 3.5 schrijft hierover het volgende:
bij de berekening van het equivalent geluidniveau vanwege een weg wordt, voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt, 2 dB in mindering gebracht op de wegdekcorrectie bepaald overeenkomstig bijlage III bij deze regeling of als het wegdek bestaat uit dicht asfaltbeton, in afwijking van het gestelde in paragraaf 1.5 en 2.4.2 van bijlage III een wegdekcorrectie van 2 dB in rekening gebracht;
in afwijking van het eerste lid wordt 1 dB in mindering gebracht voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt en het wegdek bestaat uit een elementenverharding of een van de volgende wegdektypen: a.
Zeer Open Asfalt Beton;
b.
tweelaags Zeer Open Asfalt Beton, met uitzondering van tweelaags Zeer Open Asfalt Beton fijn;
c.
uitgeborsteld beton;
d.
geoptimaliseerd uitgeborsteld beton;
e.
oppervlakbewerking.
pagina 6 van 14
documentkenmerk: 1905/103/NB-01, versie 1
Normen geluidbelasting Artikel 82 tot en met 85 van de Wet geluidhinder geven nadere uitleg met betrekking tot de geluidbelasting in zogenaamde “Nieuwe situaties” (er dient een ruimtelijke procedure te worden gevolgd). De zogenaamde voorkeursgrenswaarde bedraagt 48 dB. Is de geluidbelasting lager dan 48 dB dan legt de Wet geluidhinder geen restricties op aan het onderhavige plan. Wordt deze voorkeursgrenswaarde overschreden dan kan door de gemeente een hogere waarde worden vastgesteld. Indien de geluidbelasting lager is dan de maximale ontheffingswaarde, kan de gemeente ontheffing verlenen indien maatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting tot de voorkeursgrenswaarde van 48 dB onvoldoende doeltreffend zijn dan wel op overwegende bezwaren stuiten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. In navolgende tabellen 3.2 en 3.3 worden de normen uit de Wet geluidhinder weergegeven. Tabel 3.2: normen geluidbelasting in stedelijk gebied normen voor nog niet-geprojecteerde woningen in een stedelijk gebied voorkeursgrenswaarde
48 dB
maximale ontheffingswaarde
63 dB
maximale ontheffingswaarde; vervangende nieuwbouw
68 dB
Tabel 3.3: normen geluidbelasting in buitenstedelijk gebied normen voor nog niet-geprojecteerde woningen in een buitenstedelijk gebied voorkeursgrenswaarde
48 dB
maximale ontheffingswaarde
53 dB
maximale ontheffingswaarde; agrarische bedrijfswoning
58 dB
maximale ontheffingswaarde; vervangende nieuwbouw, buiten de bebouwde kom
58 dB
maximale ontheffingswaarde; vervangende nieuwbouw gelegen binnen de bebouwde kom, binnen de zone langs
63 dB
een autoweg of autosnelweg
De locatie in onderhavig onderzoek is gelegen in buitenstedelijk gebied en betreft de nieuwbouw van een woning. Derhalve bedraagt de maximale ontheffingswaarde 53 dB.
Geluidbeleid gemeente Someren Ten behoeve van het akoestisch onderzoek is tevens rekening gehouden met het document “Geluidbeleid Wet geluidhinder Hogere waarden” d.d. 30 november 2012 van de gemeente Someren. Conform dit beleidsstuk kan er pas een hogere waarde worden verleend als voldaan wordt aan de hoofdcriteria uit de Wet geluidhinder en aan de in het beleidsstuk genoemde subcriteria. Deze subcriteria zijn als volgt:
Ruimte voor Ruimte;
doelmatige afscherming;
verspreide situering;
grond en/of bedrijfsgebondenheid;
opvullen open plaats;
vervanging bestaande bebouwing;
noodzakelijke verkeers- en vervoerfunctie;
verkeersverzamelfunctie;
noodzakelijk in verband met functie industrieterrein.
pagina 7 van 14
documentkenmerk: 1905/103/NB-01, versie 1
Daarnaast dient te worden voldaan aan de volgende voorwaarden:
Geluidluwe gevel De woning heeft ten minste één gevel met een lager (luw) geluidniveau. Het geluidniveau op deze gevel is niet hoger dan de voorkeursgrenswaarde voor elk van de te onderscheiden geluidbronnen.
Woningindeling De woning bevat voldoende verblijfsruimte(n) aan de zijde van de geluidluwe gevel. Dit geldt voor ten minste 50% van het aantal verblijfsruimten of 50% van het oppervlakte van het verblijfsgebied.
Geluidluwe buitenruimte Indien de woning beschikt over een buitenruimte groter dan 20 m², dan is deze bij voorkeur gelegen aan de geluidluwe zijde. Het geluidniveau mag in ieder geval niet meer dan 5 dB hoger zijn dan bij de geluidluwe gevel. Deze eis geldt voor maximaal één buitenruimte per woning.
Wanneer de plannen voldoen aan deze subcriteria komen ze in aanmerking voor een hogere waarde. De vastgelegde subcriteria maken de motivatie voor de ontheffing van hogere waarden eenvoudiger.
pagina 8 van 14