CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Instemmen met delegatiebesluit wijzigen en actualiseren Omgevingsplan

Commissie Ruimte 8 december 2021, gemeente SomerenBij agendapunt: Instemmen met delegatiebesluit wijzigen en actualiseren Omgevingsplan.1.966 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Onderwerp:

Delegatiebesluit wijzigen en actualiseren Omgevingsplan

Agendapunt:

5

Opsteller:

van Dijk, Eric

Portefeuillehouder:

D. Blok

Documentnummer:

200319023

Zaaknummer: Datum:

0847200318879 24 november 2021

1. Samenvatting voor de burger Op grond van de Omgevingswet kan de gemeenteraad een delegatiebesluit nemen om de bevoegdheid tot het wijzigen van delen van het omgevingsplan en het nemen van een voorbereidingsbesluit te delegeren aan het college. Deze mogelijkheid biedt ruimte voor toedeling van bevoegdheden op maat, het behouden van huidige gedelegeerde bevoegdheden en het administratief en technisch wijzigen van het omgevingsplan door het college. De bevoegdheid om het omgevingsplan te wijzigen, mag niet voor het gehele omgevingsplan gelden. Daarom moet de gemeenteraad aangeven tot hoe ver de delegatiebevoegdheid reikt.

2. Inleiding Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 juli 2022 verandert er veel. Alle regelgeving op het gebied van ruimtelijke ordening, bouwen en milieu wordt gebundeld in deze nieuwe wet. Integratie van beleid en uitvoering wordt in toenemende mate belangrijk. En instrumenten en werkwijzen veranderen. De rolverdeling tussen de gemeenteraad en het college van B&W blijft na de inwerkingtreding van de Omgevingswet in essentie onveranderd. De gemeenteraad stelt ook onder de Omgevingswet de kaders en het strategisch beleid van de gemeente vast en toetst en controleert of het college van B&W het beleid volgens afspraak en naar tevredenheid heeft uitgevoerd. Het bestaande raadsinstrumentarium (het indienen van amendementen, moties, schriftelijke/mondelinge vragen, interpellatie, recht van onderzoek en initiatief en de actieve informatieplicht van het college van B&W) blijft onveranderd, waardoor de raad zoals gebruikelijk gedurende het beleids- en besluitvormingsproces de vinger aan de pols houdt en stuurt in de gewenste ontwikkeling. Wel krijgt het college van B&W meer bevoegdheden bij de uitvoering van het beleid (bijvoorbeeld het in individuele gevallen afwijken van het omgevingsplan) en is de raad nadrukkelijker belast met de hoofdlijnen en het toezicht op het beleidsproces.

In de periode nu tot aan de inwerkingtreding van de Ow moet een aantal besluiten genomen worden om de overgang naar de Ow zo soepel mogelijk te laten verlopen. Dit raadsvoorstel ziet op het delegatiebesluit omgevingsplan. Het delegatiebesluit houdt in dat de gemeenteraad de bevoegdheid om onderdelen van het omgevingsplan te wijzigen, kan delegeren aan het college van B&W.

De gemeenteraad stelt hiervoor een lijst met gevallen vast waarvoor zij het college bevoegd achten om het omgevingsplan te wijzigen. Voor het delegeren van de bevoegdheid tot het wijzigen van het omgevingsplan zal een apart besluit worden voorbereid. Hierbij zal in samenhang gekeken worden naar het adviesrecht en de gevallen van verplichte participatie. Raad vraagt Raad Op donderdag 30 september 2021 heeft een thema bijeenkomst plaats gevonden met een afvaardiging van de gemeenteraad. Hierin is naar voren gekomen dat de huidige systematiek voldoet en er geen excessen hebben plaatsgevonden. Het verdient daarbij aanbeveling zoveel mogelijk uitvoerende taken bij het college neer te leggen. Wel wil de raad graag actief op de hoogte worden gehouden door het college of de regeling werkt en wanneer deze wordt toegepast.

3. Advies 1.

Gelet op artikel 2.8 Omgevingswet het college bij inwerkingtreding van de Omgevingswet de bevoegdheid te geven om: a.

Verleende omgevingsvergunningen die in afwijking van het omgevingsplan zijn verleend te vertalen en te verwerken in het omgevingsplan;

b.

vastgestelde beleidsregels te vertalen en te verwerken in het omgevingsplan;

c.

naar aanleiding van omissies, verschrijvingen en/of verkeerde verwijzingen het omgevingsplan te repareren en te wijzigen;

d.

naar aanleiding van hogere wet- en regelgeving, zoals bijvoorbeeld instructieregels van provincie en Rijk het omgevingsplan op deze onderdelen aan te passen en daarmee in overeenstemming te brengen;

e.

Nieuwe ontwikkelingen in lijn met de bestaande categorie-indeling bij de verklaring van geen bedenkingen op te nemen in het omgevingsplan.

f.

Projecten die onderdeel uitmaken van de categorieën waarvoor adviesrecht geldt op te nemen in het omgevingsplan;

g. 2.

Bestaande uitwerking- en wijzigingsbevoegdheden te verwerken in het omgevingsplan.

Gelet op artikel 4.14 Omgevingswet het college bij inwerkingtreding van de Omgevingswet de bevoegdheid geven om een voorbereidingsbesluit te nemen met het oog op de voorbereiding van in het omgevingsplan te stellen regels.

3.

Dit besluit te publiceren en in werking te laten treden op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt.

4.

Na één jaar vanaf inwerkingtreding van dit besluit wordt door het college van burgemeester van wethouders een retrospectie over de ervaringen aan de raad voorgelegd, waarbij tevens halfjaarlijks een terugkoppeling over het gebruik van het delegatiebesluit wordt gegeven.

4. Beoogd effect Onderdelen van het omgevingsplan delegeren aan het college werkt efficiënt en flexibel, geeft ruimte voor toedeling van bevoegdheden op maat en biedt de mogelijkheid om huidige gedelegeerde bevoegdheden voort te zetten. Hiermee wordt invulling gegeven aan het doel van de Omgevingswet om voor snellere besluitvorming van de fysieke leefomgeving te zorgen.

2/5

5. Argumenten 1.1

Het verwerken van verleende (onherroepelijke) buitenplanse omgevingsplan activiteiten is een

administratieve handeling De Omgevingswet bepaalt dat de gemeenteraad vergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (bopa’s) binnen vijf jaar moet verwerken in het omgevingsplan. De raad stuurt op hoofdlijnen en het overnemen van verleende omgevingsvergunningen is een administratieve handeling. Daarom leent dit zich goed voor delegatie. 1.2

Vertaling van vastgesteld beleid is aan te merken als uitvoering.

Voor het opstellen van een omgevingsplan stelt de gemeenteraad kaders. Dit gebeurt via de omgevingsvisie. In omgevingsprogramma’s worden onderdelen uit de omgevingsvisie uitgewerkt. De bevoegdheid tot het opstellen van omgevingsprogramma’s ligt bij het college. Concrete ambities uit de omgevingsvisie en uit de omgevingsprogramma’s waarvan doorvertaling in het omgevingsplan nodig is, kunnen gedelegeerd worden aan het college. Ook andere door de raad of het college vastgestelde beleidsregels die doorvertaling in het omgevingsplan behoeven, kunnen door het college worden verwerkt in het omgevingsplan. Het gaat immers om het vertalen van beleid waar al sprake is geweest van een inhoudelijke afweging en kaderstelling door de gemeenteraad. Een dergelijke aanpassing van delen van het omgevingsplan is aan te merken als uitvoering en daarmee ligt delegatie aan het college voor de hand. 1.3

Beleidsvrije wijzigingen van administratieve aard zijn ook aan te merken als uitvoering.

Het toevoegen en of wijzigen van begripsbepalingen, het corrigeren van verschrijvingen, verkeerde verwijzingen en inventarisatiefoutjes voor zover deze geen wezenlijke wijzigingen voor de fysieke leefomgeving tot gevolg hebben kunnen bijvoorbeeld ook voortkomen uit naamswijzigingen van begrippen en documenten van andere overheden. Het hoeven niet altijd omissies te zijn. Dergelijke aanpassingen zijn beleidsvrij en heeft een administratief karakter en leent zich derhalve voor delegatie. 1.4

Instructieregels zijn veelal een verplichting en bieden geen beleidsvrijheid

Een instructieregel is een algemene regel waarmee een bestuursorgaan aan een ander bestuursorgaan aangeeft hoe dat orgaan een taak of bevoegdheid moet uitoefenen. Vanuit het Rijk en de Provincie zijn nu ook al instructieregels onder de huidige wetgeving opgenomen. Bijvoorbeeld het opnemen van de beschermingszones van de primaire waterkeringen in het bestemmingsplan. Indien binnen deze regels geen afwegingsruimte aanwezig is, kan de bevoegdheid tot het wijzigen van het omgevingsplan naar aanleiding van een instructieregel gedelegeerd worden aan het college. 1.5

De huidige categorieën van gevallen vormen een goede basis voor het delegeren van reeds

bestaande bevoegdheden. Onder de huidige wetgeving worden initiatieven die afwijken van het bestemmingsplan mogelijk gemaakt door middel van een omgevingsvergunning met afwijking van het bestemmingsplan of een bestemmingsplanherziening. De bevoegdheid tot het verlenen van een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan (uitgebreide omgevingsvergunningen) ligt in beginsel bij de gemeenteraad. Echter heeft u in uw vergadering van 2 maart 2011 categorieën van gevallen vastgesteld waarvoor géén Verklaring van geen bedenkingen nodig is. Hierop is een aanvulling gekomen 7 mei 2020. Voor initiatieven die passen binnen

3/5

de Structuurvisie 2013 en voor zonneweides kleiner dan 10 ha is geen verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad nodig. Deze categorie-indeling biedt een goede basis voor delegatie bij nieuwe ontwikkelingen indien hiervoor het omgevingsplan gewijzigd dient te worden. 1.6

Op deze wijze zijn er niet twee verschillende bevoegde gezagen voor dezelfde ontwikkelingen.

Projecten en ontwikkelingen die vallen binnen de categorieën waarvoor het niet nodig is om bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) een advies te vragen aan de raad, kunnen in het geval van een wijziging van het omgevingsplan ook door het college worden vastgesteld. Het gaat hierbij om de koppeling tussen adviesrecht en delegatiebesluit om een verschil in bevoegd gezag te voorkomen. 1.7

Wijzigingsbepalingen en uitwerkingsbevoegdheden zijn reeds gedelegeerd aan het college

In de huidige bestemmingsplannen zijn wijzigingsbevoegdheden en uitwerkingsplichten opgenomen waarin wordt bepaald dat voor deze specifieke gevallen of locaties het college bevoegd gezag is voor het wijzigen of uitwerken van het bestemmingsplan. Onder de Omgevingswet bestaan deze instrumenten tot het wijzigen of uitwerken van het omgevingsplan niet meer. De aangewezen locaties zijn echter wel onderdeel van het tijdelijke omgevingsplan (het oude bestemmingsplan). De kaders (wijzigingsvoorwaarden en uitwerkingsregels) zijn reeds vastgesteld door de raad, voor deze gevallen kan het college bevoegd blijven voor het wijzigen van het omgevingsplan. 2.1

Bij het nemen van een voorbereidingsbesluit is vaak snelle actie nodig.

Een voorbereidingsbesluit is een verklaring dat een wijziging van het omgevingsplan wordt voorbereid, waarmee een aanhoudingsplicht geldt voor bouw- en aanlegactiviteiten. Hierdoor wordt voor het gebied waarvoor het besluit wordt genomen de bestaande situatie als het ware tijdelijk bevroren totdat het omgevingsplan is gewijzigd. Met het nemen van een voorbereidingsbesluit wordt voorkomen dat een initiatiefnemer kort voor aanpassing van het omgevingsplan bewust een vergunningaanvraag indient die in strijd is met de voorgenomen aanpassing. De noodzaak tot het nemen van een voorbereidingsbesluit komt nauwelijks voor, maar wanneer dit nodig is, is het belangrijk dat er snel gehandeld kan worden. Gelet op de vergaderfrequentie van de raad in relatie tot die van het college en de daarbij horende aanlevertermijnen, kan het college hierin sneller acteren. Om die reden is in de Omgevingswet een delegatiemogelijkheid opgenomen voor de bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit (artikel 4.14 Ow). De achterliggende gedachte van de wetgever is hierbij geweest dat het college een omgevingsplan voorbereidt en daarmee dan ook goed in staat is om op een effectieve wijze een voorbereidingsbesluit te nemen. 3.1

De Omgevingswet treedt pas op 1 juli 2022 inwerking.

Omdat de delegatie pas rechtskracht verkrijgt bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet, kan onderhavig voorstel ook pas in werking treden op het moment dat de Omgevingswet rechtskracht heeft verkregen. Op dit moment is dat 1 juli 2022. 4.1

Pas wanneer er toepassing wordt gegeven aan het delegatiebesluit, kan beoordeeld worden of het

functioneert. Het college stelt de raad 1 maal per half jaar schriftelijk op de hoogte in hoeverre van de delegatiemogelijkheden gebruik is gemaakt. Aan de raad wordt een lijst voorgelegd met die onderdelen van het omgevingsplan waar het college een besluit heeft genomen tot vaststelling van het omgevingsplan. 4/5

Een maal per jaar vindt een terugblik plaats op basis van de opgedane ervaringen. Op deze manier kan goed gemonitord worden hoe toepassing wordt gegeven aan het delegatiebesluit. Het college of de raad kunnen aan de hand van deze rapportage de categorieën evalueren en waar nodig aanpassen.

6. Kanttekeningen 1.1

Voor gevoelige ontwikkelingen dient sensibiliteit te bestaan

Bepaalde ontwikkelingen binnen het fysieke domein kunnen een dermate gevoeligheid met zich meebrengen dat het college er voor kan kiezen deze alsnog aan de gemeenteraad voor te leggen. Deze gevoeligheid kan zich toeleggen op de impact door de omvang van de ontwikkeling, de maatschappelijke impact of politiek-bestuurlijke impact.

7. Financiën Niet van toepassing

8. Communicatie Na vaststelling van het delegatiebesluit wordt deze gepubliceerd in het Gemeenteblad en/of Staatscourant (officielebekendmakingen.nl). Het delegatiebesluit komt beschikbaar in de databank lokale wet- en regelgeving (overheid.nl) en op de gemeentelijke website.

9. Uitvoering Het delegatiebesluit treedt in werking op het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet

Burgemeester en wethouders van Someren, de secretaris,

de burgemeester,

J. Koppers-Van der Krabben

D. Blok

Bijlage(n)

O

Concept raadsbesluit

X

NO

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10843535/2