4d. Bijlage 3 toelichting BP Somerdaal fase 2 archeologisch onderzoek
Tekst van het document
ArcheoPro Archeologisch rapport Nr 20057 2e fase Heikantstraat 2, Someren Gemeente Someren Inventariserend Veldonderzoek (IVO-O); Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek
Richard Exaltus
Mei 2021
ArcheoPro
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 2
ArcheoPro Archeologisch rapport Nr 20057 2e fase Heikantstraat 2, Someren Gemeente Someren Inventariserend Veldonderzoek (IVO-O); Bureauonderzoek en verkennend booronderzoek
Colofon Opdrachtgever Projectcode Bestandsnaam Versie Status Archis melding (zaaknummer) Bevoegd gezag Opslagplaats documentatie ISSN Auteur Projectleider Projectmedewerkers Onderaannemers Autorisatie
Hans van Seggelen 20-095 ArcheoPro Rapport 2e fase Heikantstraat 2, Someren 2021 05 21 21-05-2021 Definitief 4876803100 Gemeente Someren Provincie Noord-Brabant 1569-7363 Richard Exaltus, Joep Orbons Richard Exaltus Richard Exaltus, Joep Orbons Niet van toepassing Drs R.P. Exaltus; senior-archeoloog
Uitgegeven door ArcheoPro © Copyright 2020 ArcheoPro, Eijsden ArcheoPro Sint Jozefstraat 45 NL 6245 LL Eijsden Nederland
Versie: 21-05-2021
Tel : 0(0 31) 43 3672586 www.archeopro.nl
Kamer van Koophandel Limburg: 14117581 e-mail: info@archeopro.nl
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 3
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave .................................................................................................................................................................... 3 Samenvatting ....................................................................................................................................................................... 4 1. Inleiding ............................................................................................................................................................................ 6 1.1 Algemeen........................................................................................................................................................................ 6 1.2 Locatiegegevens (LS02)....................................................................................................................................... 6 1.3 Aard van de ingreep (LS01) ................................................................................................................................ 6 1.4 Onderzoek (LS01) ............................................................................................................................................. 7 1.5 Doel- en vraagstelling ...............................................................................................................................................
7 2 Bureauonderzoek ........................................................................................................................................................ 12 2.1 Methode en bronnen .............................................................................................................................................. 12 2.2 Geo(morfo)logie, aardkunde en bodem (LS04) ...................................................................................... 14 2.3 Archeologie (LS01/LS04) .............................................................................................................................. 19 2.4 Historie (LS03) .................................................................................................................................................... 24 2.5 Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel (LS05)................................................................. 32 2.6 Onderzoeksstrategie (LS05) ........................................................................................................................... 33 3 Veldonderzoek..............................................................................................................................................................
34 3.1 Verrichte werkzaamheden (VS03) ................................................................................................................ 34 3.2 Resultaten booronderzoek (VS03)............................................................................................................... 34 4 Conclusies en aanbevelingen
(VS07) .............................................................................................................. 38
Bijlage 1: Verklarende woordenlijst ........................................................................................................................ 40 Bijlage 2: Archeologische tijdschaal ........................................................................................................................ 40 Bijlage 3: Literatuurlijst ................................................................................................................................................ 41 Bronnen .............................................................................................................................................................................. 41 Digitale bronnen .............................................................................................................................................................. 42 Literatuur ........................................................................................................................................................................... 42 Bijlage 4: Overzicht vondstlocaties .......................................................................................................................... 43 Bijlage 5: Overzicht archeologische onderzoeksmeldingen ..........................................................................
43 Bijlage 6: Boorbeschrijving ......................................................................................................................................... 45 Betekenis van de afkortingen: ................................................................................................................................... 49
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 4
Samenvatting Op 20 juli 2020 is door ArcheoPro een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO-O) uitgevoerd op een terrein aan de Heikantstraat 2 te Someren. Volgens het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel geldt voor het plangebied in verband met de ligging buiten een echte gradiëntzone, hooguit een middelhoge verwachting en voor resten uit het paleolithicum tot en met het mesolithicum. Resten uit het neolithicum tot en met de vroege-middeleeuwen zullen eerder hebben gelegen op aaneengesloten hogere zandgronden dan op de geïsoleerde dekzandrug waarop het plangebied ligt. Wel ligt het plangebied van oudsher al aan de Maarheezerweg die al in de prehistorie een verbindingsroute zal hebben gevormd. Voor resten uit het neolithicum tot en met de vroegemiddeleeuwen geldt derhalve een middelhoge- tot hoge verwachting. Door de ligging buiten de historische bebouwing van Vaarsel, heeft het plangebied een lage verwachting voor resten van bewoning uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd. Om het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel te toetsen zijn binnen het plangebied 25 boringen gezet met behulp van een zandguts. Uit de resultaten van het booronderzoek blijkt dat het grootste deel van het plangebied in het verleden deel bedekt is geweest met veen.
Met name op het oostelijke, binnen de uitloper van een dalvormige laagte gelegen deel van het plangebied is dit veen deels nog bewaard gebleven. Op de meeste overige delen van het plangebied is een dikke ontginningsbodem ontstaan door de vermenging van zand met veen. De aanwezigheid van het hierdoor ontstane moerige zandpakket maskeert de oorspronkelijke hoogteverschillen. Hiertoe heeft ook het afvlakken van het oorspronkelijk op het centrale deel van het plangebied gelegen dekzandkop bijgedragen. Deze dekzandkop vormde de noordelijke voortzetting van de dekzandkop die ten zuiden van het plangebied nog altijd aanwezig is. Aan de hand van de onderzoeksresultaten kunnen de vragen uit paragraaf 1.5 als volgt beantwoord worden: -Kunnen binnen het plangebied (nog) archeologische resten verwacht worden? Doordat alleen dit deel van het plangebied in het verleden droog genoeg was voor bewoning kunnen resten van bewoning hooguit verwacht worden op het centrale deel van het plangebied dat oorspronkelijk de voortzetting vormde van de ten zuiden van het plangebied gelegen dekzandkop. -Zo ja, in welke zones en op welke diepten is dit het geval? De in het verleden voor bewoning geschikte zone ligt rond de boorpunten 7, 18 en 19. Hier kunnen behoudenswaardige resten van grondsporen aanwezig zijn vanaf ongeveer dertig centimeter beneden het maaiveld.
De ligging van deze boorpunten in relatie tot de voorgenomen inrichtingswerkzaamheden is weergegeven in figuur 24. -Wat zijn de verwachte prospectieve kenmerken van dergelijke archeologische resten? Door het aftoppen van de dekzandkop waarop eventueel archeologische resten aanwezig zijn, kunnen eventueel losse artefacten al vanaf het maaiveld aanwezig zijn. Opgevulde sporen zullen zichtbaar zijn onder de geroerde toplagen op ongeveer dertig centimeter beneden het maaiveld. Grondsporen kunnen door de aftopping van de dekzandkop volledig verloren zijn gegaan. -Welke vorm van veldonderzoek is geschikt om de verwachte resten op te sporen? De uitvoering van een oppervlaktekartering nadat de graszoden van het oppervlak zijn verwijderd kan artefacten opleveren die mogelijk wijzen op de aanwezigheid van archeologische sporen in de ondergrond.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 5
Op het westelijke en het oostelijke deel van het plangebied lijken geen voor bewoning geschikte omstandigheden te hebben geheerst en geven de resultaten van het onderzoek derhalve geen aanleiding tot het adviseren van nader onderzoek. Op het centrale deel zal het afvlakken van de hier gelegen dekzandkop tot ernstige aantasting van eventueel aanwezige archeologische sporen hebben geleid. Niettemin kan vooralsnog niet worden uitgesloten dat hier (rond de boorpunten 7, 18 en 19), nog diepere delen van archeologische sporen bewaard gebleven zijn. De uitvoering van de voorgenomen inrichtingswerkzaamheden leidt slechts tot roering van gronden voor realisering van de infrastructuur. Per kavel wordt in het totaal 30 meter sleuf gegraven met een diepte van 1,6 meter en een breedte van 0,6 meter. Hierdoor wordt van elke, 375 vierkante meter grote kavel, 18 vierkante meter vergraven. Dit komt overeen met iets minder dan vijf procent van de bodem. De voorgenomen bodemingrepen lijken derhalve onvoldoende om een proefsleuvenonderzoek te rechtvaardigen. Zonder nader onderzoek dient de archeologische dubbelbestemming voor het deel van het plangebied rond de boorpunten 7, 18 en 19, echter gehandhaafd te blijven. Het is aan het bevoegd gezag, in dit geval de gemeente Someren, om te beoordelen of zij hiermee akkoord gaat.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 6
1. Inleiding 1.1 Algemeen Opdrachtgever Contactpersoon opdrachtgever Datum uitvoeringveldwerk Archis onderzoeksmelding Bevoegd gezag: Bewaarplaats vondsten: Bewaarplaats documentatie
1.2 Locatiegegevens
Hans van Seggelen Hans van Seggelen 20 juli 2020 4876803100 Gemeente Someren Provincie Noord-Brabant Provincie Noord-Brabant
(LS02)
Provincie Gemeente Plaats Toponiem Globale ligging Hoekcoördinaten plangebied
Oppervlakte plangebied Eigendom Grondgebruik Hoogteligging Bepaling locaties
Noord-Brabant Someren Someren 2e fase Heikantstraat 2, Someren Anderhalve kilometer ten westen van Someren 174898 / 377233 174898 / 377427 175191 / 377427 175191 / 377233 1.76 Hectare Particulier De teelt van graszoden Ca. 25 meter + NAP GPS Garmin, meetlinten
1.3 Aard van de ingreep (LS01) Aard ingreep
Versie: 21-05-2021
De plaatsing van chalets. De chalets worden op de grond gebouwd. Roering van de gronden vindt slechts plaats voor realisering van de infrastructuur. Per kavel wordt in het totaal 30 meter sleuf gegraven met een diepte van 1,6 meter en een breedte van 0,6 meter. Hierdoor wordt van elke, 375 vierkante meter grote kavel, 18 vierkante meter vergraven. Dit komt overeen met iets minder dan vijf procent van de bodem.
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
1.4 Onderzoek
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 7
(LS01)
Op 20 juli 2020 is door ArcheoPro een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO-O) uitgevoerd op een terrein aan de Heikantstraat 2 te Someren. De aanleiding tot het onderzoek vormt de voorgenomen plaatsing van chalets binnen het plangebied. Hierdoor zal een uitbreiding plaatsvinden van het chaletpark dat recent ten noorden van het plangebied is aangelegd. Het overgrote deel van het plangebied ligt in een zone met een hoge archeologische verwachting (categorie 4). Hier is archeologisch onderzoek vereist voorafgaande aan bodemingrepen die meer dan 250 vierkante meter beslaan en die dieper reiken dan veertig centimeter. De westrand van het plangebied ligt in een zone met een lage archeologische verwachting (categorie 6). Hier is geen archeologisch onderzoek vereist. Het archeologisch onderzoek betrof een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO-O) met bureaustudie.
1.5 Doel- en vraagstelling Bureauonderzoek heeft tot doel om op basis van beschikbare informatie te komen tot een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel. Dit verwachtingsmodel kan vervolgens aan de hand van veldonderzoek worden getoetst. Aan de hand van de resultaten hiervan kunnen de volgende vragen beantwoord kunnen worden: -Kunnen binnen het plangebied (nog) archeologische resten verwacht worden? -Zo ja, in welke zones en op welke diepten is dit het geval? -Wat zijn de verwachte prospectieve kenmerken van dergelijke archeologische resten? -Welke vorm van veldonderzoek is geschikt om de verwachte resten op te sporen? Inventariserend Veldonderzoek heeft vervolgens tot doel om het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel te toetsen door middel van veldwaarnemingen. Aan de hand van de resultaten hiervan kan worden vastgesteld of binnen het plangebied daadwerkelijk archeologische waarden aanwezig (kunnen) zijn en of deze vervolgonderzoek en/of planaanpassing vereisen. ArcheoPro voert haar onderzoeken uit conform de hiervoor vastgelegde normen en richtlijnen (KNA 4.0 en SIKB BRL 4000) en is in het bezit van de daarvoor vereiste BRL 4000 certificaten 4002 en 4003. Het onderzoek is uitgevoerd door drs. R.P. Exaltus (senior KNA-archeoloog), drs. ing. P.J. Orbons (senior KNA-archeoloog/senior vakspecialist) en H. Rik (veldtechnicus).
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 8
Figuur 1: De ligging van het plangebied (rood omlijnd) met daaromheen de cirkel die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft 1
1 Bron: Kadaster Topografische Dienst, Emmen 2008.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 9
Figuur 2: De binnen het plangebied voorgenomen plaatsing van chalets
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 10
Figuur 3: Het plangebied op de bestemmingsplankaart 2 2 Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 11
Figuur 4: Het plangebied op de kadasterkaart 3
3 Bron: www.kadaster.nl
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 12
2 Bureauonderzoek
2.1 Methode en bronnen
Onderzoeksgebied bureauonderzoek: Cirkel met een straal van één kilometer rond het centrum van het plangebied Tijdens het bureauonderzoek wordt door de bestudering van beschikbare bronnen, kennis vergaard omtrent de bodem en geologie van het onderzoeksgebied en de hierin bekende en te verwachten archeologische waarden. Aan de hand van de resultaten van het bureauonderzoek kan de beste aanpak voor het veldonderzoek worden bepaald. Hierbij zijn de volgende bronnen geraadpleegd (voor bronvermelding; zie ook literatuurlijst, dit geldt ook voor de kaarten die in de tekst opgenomen zijn): • • • • • • • • • • • • •
Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) Archeologische MonumentenKaart (AMK) ARCHeologisch Informatie Systeem (ARCHIS) Atlas van topografische kaarten Nederland 1955-1965, 1:50.000 Bodemkaart 1:50.000 Gemeente Someren, Archeologische beleidskaart Historische topografische atlas van Noord-Brabant 1836-1843, 1:25.000 Geomorfologische kaart 1:50.000 Geologische kaart 1:50.000 Grote historische atlas van Nederland 1:50.000 1838-1857 (Deel Zuid) Grote historische topografische atlas van Nederland, provincie Noord-Brabant 1:25.000 1894-1926 Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) Provincie Noord-Brabant, Cultuurhistorische waardekaart
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 13
Figuur 5: Luchtfoto uit 2019 met daarop rood omlijnd het plangebied 4
4 Bron: http://www.pdok.nl
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
2.2 Geo(morfo)logie, aardkunde en bodem
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 14
(LS04)
Het plangebied ligt in de Roerdalslenk, ten westen van de overgang met het hoger gelegen Peelblok. Door de hogere ligging vormt het Peelblok een waterscheiding. Ten westen van het Peelblok stroomt het water via de slenk richting ’s Hertogenbosch en ten oosten monden de rivieren in de Maas uit. In het Pleistoceen (2,6 miljoen - 11.755 jaar geleden) is de laaggelegen slenk opgevuld met rivierafzettingen van de Rijn en de Maas (Formatie van Beegden) en aan het einde van het Pleistoceen met dekzand (Laagpakket van Wierden van de Formatie van Boxtel). Op het Peelblok zorgde erosie ervoor dat het dekzandpakket verdween. Hierdoor kunnen de Pleistocene rivierafzettingen op het Peelblok al vanaf de oppervlakte worden aangetroffen, terwijl het dekzandpakket in de Roerdalslenk tientallen meters dik kan zijn. Ten gevolge van de vrijwel continue zeespiegelstijging gedurende het Holoceen (vanaf 11,755 jaar geleden), is ook het grondwater gestegen en zijn de laagste delen van het dekzandlandschap dermate sterk vernat dat hierin veen is ontstaan. Het plangebied zelf ligt in een gebied waar de rivierafzettingen, behorende tot de Formatie van Beegden, zijn bedekt met een laag dekzand. Volgens de Landschappenkaart van de gemeente Someren (behorend bij de archeologische kaart) ligt het plangebied op een dekzandplateau/welving met ten zuiden van het centrale deel van het plangebied een dekzandkop.
Volgens de geomorfologische kaart van Nederland (figuur 6) ligt het Hertogen Bosch westelijke deel van plangebied op een vrij vlakke dekzandrug met een ontginningsdek (figuur 6, code 4B53yc). Ten westen hiervan ligt een vrij vlakke laagte zonder randwal (figuur 6, code 3N51). Het oostelijke deel van het plangebied ligt in een dalvormige laagte zonder veen (figuur 6, code 22R23). Op de uitsnede uit het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN; figuur 7) zijn zowel de dalvormige laagte ten oosten (en deels binnen) het plangebied als de dekzandrug waarop het plangebied ligt, goed herkenbaar. Hierop is tevens te zien dat de overgang met de laagte ten westen van het plangebied, zeer abrupt is. Dit is het gevolg van turfwinning. Ten zuiden van het plangebied is een duidelijk geprononceerde dekzandhoogte te zien die binnen het plangebied nauwelijks door lijkt te lopen. Op de drogere delen van het dekzandlandschap zijn veelal veldpodzolgronden ontstaan. Deze worden gekenmerkt door een uitspoelingslaag (E-horizont) en een inspoelingslaag (Bhorizont). De B-horizont gaat veelal via een overgangslaag (de BC-horizont) over in het niet door bodemvorming beïnvloede zand (de C-horizont). Dergelijke bodems zijn volgens de bodemkaart direct ten westen van het plangebied aanwezig in de vorm van veldpodzolgronden (legenda-eenheid Hn21 op figuur 8).
De bodemkaart van Nederland (figuur 8) geeft binnen het plangebied de aanwezigheid aan van hoge zwarte enkeerdgronden die zijn gevormd in leemarm en zwak lemig fijn zand (legenda-eenheid zEZ21 op figuur 8). Dergelijke gronden worden gekenmerkt door de aanwezigheid van een akkerdek van meer dan een halve meter dikte. De grondwatertrap VII betekent dat het goed ontwaterde bodems betreft.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 15
Figuur 6: Uitsnede uit de geomorfologische kaart met daarin rood omlijnd het plangebied met daaromheen de cirkel die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft 5 5 Bron: Universiteit Wageningen, 2017
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 16
Figuur 7: Uitsnede uit het Actueel Hoogtebestand Nederland met daarin rood omlijnd het plangebied met daaromheen de cirkel die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft 6
6 Bron: Rijkswaterstaat, Servicedesk Data, AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland), Delft
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 17
Figuur 8: Uitsnede uit de bodemkaart met daarin rood omlijnd het plangebied met daaromheen de cirkel die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft. Voor uitleg van de codes, zie hoofdstuk 2.2 7
7 Bron: Universiteit Wageningen, 2017
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 18
Figuur 9: Uitsnede uit de grondwatertrappenkaart met daarin rood omlijnd het plangebied met daaromheen de cirkel die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft 8
8 Bron: Universiteit Wageningen, 2017
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
2.3 Archeologie
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 19
(LS01/LS04)
Voor dekzandgebieden in hun algemeenheid geldt dat hierbinnen bewoningssporen kunnen worden aangetroffen die dateren vanaf het laat-paleolithicum. Vuursteenvindplaatsen van jager-verzamelaars uit het laat-paleolithicum en het mesolithicum liggen veelal op relatief hooggelegen delen van het dekzandlandschap in de nabijheid van water. Later, in het neolithicum wanneer een sedentair bestaan in de plaats komt van een nomadisch levenswijze, verkiest men vooral de hoogste delen van het dekzandlandschap. Deze nederzettingskeuze blijft tot in de vroege middeleeuwen bestaan. In de late middeleeuwen en de nieuwe tijd zijn de nederzettingen met name gesticht langs doorgangswegen, op kruispunten van wegen en aan de overgangen van rivieren. In het Archeologisch informatiesysteem (Archis), zijn binnen het onderzoeksgebied van een kilometer in de omtrek van het plangebied, slechts drie vindplaatsen bekend. Twee hiervan liggen op respectievelijk zevenhonderd en negenhonderd meter ten zuidwesten van het plangebied. Het betreft de zaaknummers 3667455100 en 3667462100. Ter plaatse van zaaknummer 3667455100 is op 25 juni 2011 tijdens karteringswerkzaamheden op een voormalig bosperceel bij het Zomerven een Laat-Paleolithisch artefact aangetroffen. Het artefact is een schrabber/steker combinatiewerktuig van de Federmesser/Tjonger groep uit het laatPaleolithicum.
Het artefact is beschadigd (de stekerpunt is afgebroken). Op de vindplaats bevond zich in het verleden een cluster van drie vennen, waarvan er nog maar één resteert. Ter plaatse van zaaknummer 3667462100 zijn Op 29 juni 2011 tijdens karteringswerkzaamheden op hetzelfde bosperceel als waarop zaaknummer 3667455100 ligt, twee Laat-Paleolithische of Mesolithische artefacten en één Neolithisch artefact aangetroffen. Het Neolithische artefact is een driehoekige vuurstenen spits met oppervlakteretouche van Zuid-Limburgse vuursteen, die waarschijnlijk aan de Michelsberg-cultuur kan worden gerelateerd. De Laat-Paleolithische/Mesolithische artefacten zijn beide afslagen met bewerkingssporen. Zaaknummer 2461333100 ligt achthonderd meter ten noorden van het plangebied en betreft de resultaten van hier door Archeodienst Gelderland verricht booronderzoek. Hierbij zijn geen enkeerdgrond en evenmin resten van de daaronder te verwachten podzolbodem aangetroffen. In 2009 is door de Grontmij een archeologisch onderzoek uitgevoerd in verband met het opstellen van een nieuw bestemmingsplan voor het plangebied Recreatieve Poort in de gemeente Someren dat direct ten westen van het onderhavige plangebied ligt. Dit onderzoek bestond uit een bureauonderzoek en een verkennend booronderzoek. Uit de resultaten hiervan blijkt dat plaatselijk nog intacte podzolbodems aanwezig zijn.
Dit is met name het geval ten westen van de Bosrandweg. Er zijn geen archeologische vondsten gedaan. Aanbevolen is om zoveel en voor zover mogelijk, door middel van planaanpassing en/of beschermende maatregelen, eventuele archeologische waarden in-situ te behouden. Waar dit niet mogelijk is, is aanbevolen de mogelijke aanwezigheid van archeologische vindplaatsen, nader vast te stellen, door middel van aanvullend onderzoek. In 2018 is door ArcheoPro een booronderzoek uitgevoerd op het terrein direct ten noorden van het plangebied. Uit de resultaten hiervan blijkt dat de westelijke helft van het plangebied in het verleden deel heeft uitgemaakt van een veengebied. Hier is een dikke ontginningsbodem aanwezig waarin de top van de oorspronkelijke zandbodem is vermengd met restanten van het veen. Ten oosten hiervan heeft een zandkop gelegen die waarschijnlijk hoger is geweest dan tegenwoordig het geval is. Dit blijkt onder andere uit de aanwezigheid van een met een dik zandpakket afgedekte veenlaag op het noordoostelijke deel van het plangebied. Resten van podzolvorming zijn slechts aangetroffen op één boorpunt op het centrale deel van het plangebied. De bodemopbouw hier omheen vertoont
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 20
kenmerken van slechte ontwatering. Al met al lijkt het plangebied in het verre verleden een tamelijk nat gebied te hebben gevormd dat nauwelijks geschikt is geweest voor bewoning.
Figuur 10: Kaart met Archis vondstlocaties met daarop een cirkel met een straal van één kilometer rond het plangebied die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft 9
9 Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, ARCHIS III (Archeologisch Informatie Systeem),
Versie: 21-05-2021
http://archis.cultureelerfgoed.nl
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 21
Figuur 11: Kaart met Archisonderzoeksmeldingen met daarop een cirkel met een straal van één kilometer rond het plangebied die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft 10
10 Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, ARCHIS III (Archeologisch Informatie Systeem), http://archis.cultureelerfgoed.nl
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 22
Figuur 12: Uitsnede uit de gemeentelijke beleidskaart 11 11 Bron: Gemeente Someren
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
Duinen en strandwallen Jonge aanwas Fries-Gronings kleigebied Jonge zeeinbraken Keileemgebied Noordelijk zandgebied Noordelijk kustveengebied Noord-Hollands kleigebied Hollands-Utrechts veengebied Diepe droogmakerijen Münsterland Stuwwallen IJsseldal
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 23
Rijn-Maasdelta Hoge Rijnterrassen Lage Rijnterrassen Maasdal Lage Maasterrassen Peelhorst Roerdalslenk Kempisch zandgebied Zeeuws-Zuidhollands kleigebied Vlaams zandgebied Noordelijk Lössgebied Zuidelijk Lössgebied Voorland Ardennen
Figuur 13: Locatie van het plangebied op de archeologische landschappenkaart van Nederland 12
12 Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Archeologische Landschappenkaart van Nederland.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 24
2.4 Historie (LS03) Hoewel de kaart van Hendrik Verheesch uit omstreeks 1780 (zie figuur 14), weinig nauwkeurig is, is hierop wel te zien dat het plangebied destijds al ontgonnen gebied vormde direct ten westen van uitgestrekte woeste gronden met op korte afstand ten westen van het plangebied, twee vennen. Volgens de kaart van de historische landschappen en historische relicten (zie figuur 15 en 16) ligt het plangebied van oudsher op akkerland. Het plangebied ligt oorspronkelijk ruim twee kilometer ten westen van Someren en ten westen van het hier gelegen buurtschap Vaarsel. De kadasterkaart uit de periode 1811 -1832 (zie figuur 18), laat zien dat destijds een landweg (de Heistraat) het plangebied diagonaal doorsneed. Dit is ook het geval op de uitsneden uit de topografische kaarten uit 1845, 1901 en 1953 (zie figuur 20). Deze Heistraat maakte deel uit van de Maarheezerdijk. De Maarheezerdijk was van oorsprong een pad en later een karrenspoor over de heide, die zijn oorsprong vindt in de prehistorie. Dit blijkt uit de ligging van grafheuvels langs deze route, bij Kraayenstark en over de grens in Sterksel. In 1837 werd de Maarheezerdijk recht getrokken over de hei. De ligging van de oude routes waarvan ook de Maarheezerdijk deel uitmaakte, is weergegeven in figuur 19).
Op de historische topografische kaarten wordt het deel van het plangebied ten zuiden van de Heistraat aangegeven als lagergelegen en deels of geheel in gebruik als grasland. Op de topografische kaart uit 1953 is ook een noordelijke aftakking van de Heistraat afgebeeld die het centrale deel van het plangebied van noord naar zuid doorsnijdt. Op geen van de kaarten is langs deze wegen bebouwing aangegeven binnen het plangebied. Schaalvergroting in de tweede helft van de twintigste eeuw heeft tot het verloren gaan van de oorspronkelijke ligging van de Heistraat geleid en tot het verloren gaan van de oorspronkelijke perceelsgrenzen. Tegenwoordig vormt het gehele plangebied één perceel dat in gebruik is voor de teelt van graszoden.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 25
Figuur 14: Uitsnede uit de kaart van Verheesch uit omstreeks 1780 13
13 Bron: Verheesch
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 26
Figuur 15: Uitsnede uit de kaart met historische relicten (Naar de Bont, 1993) 14
14 Bron: Bont, Ch de., Cultuurhistorisch onderzoek Oost-Brabant, 1993
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 27
Figuur 16: Uitsnede uit de kaart met historische landschapselementen (Naar de Bont, 1993) 15
15 Bron: Bont, Ch de., Cultuurhistorisch onderzoek Oost-Brabant, 1993
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 28
Figuur 17: Uitsnede uit de kaart cultuurhistorische monumenten 16
16 Bron: Monumentenregister Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Amersfoort 2018
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 29
Figuur 18: Uitsnede uit de kadastrale kaart uit 1832 17
17 Bron: Kadaster Topografische Dienst, Emmen 2008
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 30
Figuur 19: De ligging van de oude routes waarvan ook de Maarheezerdijk deel uitmaakte
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 31
Figuur 20: Uitsneden uit de topografische kaarten uit achtereenvolgens: 1845, 1901, 1953 en 2015 18
18 Bron: Kadaster Topografische Dienst
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
2.5 Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 32
(LS05)
Specifieke ligging (locatie) Het plangebied ligt van oudsher op akkerland ten oosten van het Turfven nabij het buurtschap Vaarsel en werd doorsneden door twee veldwegen waaronder de Maarheezerdijk die uit de prehistorie dateert. Het westelijke- en centrale deel ligt in het verlengde van een dekzandrug terwijl het oostelijke deel in een uitloper van een dalvormige laagte ligt. Verwachte perioden (datering) Het plangebied ligt in een overgangszone van hoog naar laag maar niet echt in de nabijheid van voormalig open water. Het voormalige turfven is waarschijnlijk geen natuurlijk ven maar een laagte die is ontstaan ten gevolge van veen(turf)winning. Dit wordt bevestigd door de abrupte overgang in hoogte die langs de westrand van het plangebied zichtbaar is op het AHN. Voor resten uit het paleolithicum tot en met het mesolithicum geldt derhalve hooguit een middelhoge verwachting. Resten uit het neolithicum tot en met de vroegemiddeleeuwen zullen eerder hebben gelegen op aaneengesloten hogere zandgronden dan op de geïsoleerde dekzandrug waarop het plangebied ligt. Wel ligt het plangebied van oudsher al aan de Maarheezerweg die al in de prehistorie een verbindingsroute zal hebben gevormd. Voor resten uit het neolithicum tot en met de vroege-middeleeuwen geldt derhalve een middelhoge- tot hoge verwachting.
De ligging op een akker buiten de historische bebouwing van Vaarsel, geeft het plangebied een lage verwachting voor resten van bewoning uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd. Uit deze periode worden met name resten van veldwegen verwacht. Complextypen Nederzettingsresten uit het paleolithicum en mesolithicum kunnen zowel bestaan uit basisnederzettingen met een oppervlakte tussen 200 en 1.000 m² als uit kleine tijdelijke kampementjes met zeer geringe afmetingen die nauwelijks meer zijn dan de neerslag van een enkele (jacht)activiteit of een kortstondig kamp van enkele tientallen vierkante meters. Nederzettingsresten uit de perioden vanaf het neolithicum tot en met de middeleeuwen kunnen voorkomen als concentraties van vondstmateriaal (aardewerk, bouwsteen, natuursteen) of als vullingen van afvalkuilen, paalkuilen, waterputten, e.d. Deze resten zullen indien aanwezig direct onder de bouwvoor voorkomen. Indien nederzettingsresten worden aangetroffen, kan ook de aanwezigheid van bijbehorende sporen van begravingen, zowel in de vorm van crematiegraven als van inhumatiegraven, niet worden uitgesloten. Uiterlijke kenmerken en diepteligging Vuursteenvindplaatsen uit het laat-paleolithicum of mesolithicum zullen binnen het plangebied uit vondststrooiïngen bestaan met eventuele ondiepe sporen in de ondergrond (m.n. haardplaatsen) die afgedekt worden door de bouwvoor.
Eventueel kunnen door verploeging ook vondsten aanwezig zijn in de bouwvoor of aan het oppervlak. Nederzettingsresten (huisplaatsen) uit periode van het neolithicum tot en met de middeleeuwen kunnen onder de bouwvoor voorkomen als concentraties van vondstmateriaal (aardewerk, vuursteen, natuursteen, verbrande leem, houtskool) of als vullingen van afvalkuilen, paalkuilen en waterputten e.d. Gaafheid Ontginningsactiviteiten en het gebruik als akker, zullen op zijn minst tot oppervlakkige bodemverstoring geleid hebben. Het ruimen van veldwegen en perceelsgrenzen in de
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 33
tweede helft van de twintigste eeuw, kan tot meer ingrijpende bodemverstoring hebben geleid.
2.6 Onderzoeksstrategie (LS05) Tijdens het veldwerk moet allereerst worden vastgesteld hoe de bodem is opgebouwd, in hoeverre deze intact is en of hierin archeologische indicatoren aanwezig (kunnen) zijn. Om de bodemopbouw zo exact mogelijk te kunnen bestuderen kan het beste gebruik gemaakt worden van een guts. Indien blijkt dat de huidige grondbewerking tot in de natuurlijke bodem reikt en een goede vondstzichtbaarheid heerst, is een oppervlaktekartering het meest geschikt voor het opsporen van archeologische indicatoren. Binnen het plangebied zijn 25 boorpunten gezet in twee west-oost lopende boorraaien van dertien en twaalf boringen met telkens 25 meter afstand tussen de boringen. Hierdoor is binnen het 1,76 hectare grote plangebied een boordichtheid bereikt van ongeveer vijftien boringen per hectare. Een dergelijke boordichtheid voldoet ruimschoots om de bodemopbouw binnen het gebied in kaart te brengen en om te bepalen of en zo ja waar, archeologische kansrijke zones aanwezig zijn die eventueel bedreigd worden door de voorgenomen bodemingrepen. Op basis van booronderzoek is nooit te garanderen dat alle typen archeologische resten kunnen worden opgespoord. De kans op het aantreffen van grondsporen is bijvoorbeeld aanmerkelijk groter indien een proefsleuvenonderzoek wordt uitgevoerd.
Een dergelijke aanpak zou echter in dit stadium van het onderzoek een te zwaar middel vormen. Van alle boorpunten is de NAP-hoogte bepaald door middel van het AHN.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 34
3 Veldonderzoek
3.1 Verrichte werkzaamheden (VS03) Positie boringen: Gebruikt boormateriaal: Totaal aantal boringen: Boordichtheid: Geboorde diepte: Inmeten boorlocaties: Boorbeschrijving:
Regelmatige verdeling over het plangebied (figuur 23). Zandguts met een diameter van twee centimeter. 25 Vijftien boringen per hectare 0,7 – 1,2 m –Mv GPS, meetlint en waterpas Archeologische Standaard Boorbeschrijving (ASB 5.2)
Inspectie bodemontsluitingen en/of oppervlaktekartering: Ten tijde van het veldonderzoek werd het plangebied gebruikt voor de productie van graszoden. Door de dichte begroeiing met gazongras was geen oppervlaktekartering mogelijk. Evenmin waren bodemontsluitingen aanwezig die geïnspecteerd konden worden op de aanwezigheid van archeologische indicatoren.
3.2 Resultaten booronderzoek (VS03) De boringen zijn gezet in twee west -oost gerichte boringen van respectievelijk dertien en twaalf boringen. De ligging van de boorpunten is weergegeven op de boorpuntenkaart. De resultaten van het booronderzoek zijn opgesomd in Bijlage 1. In alle boringen bestaat de bovenste dertig tot veertig centimeter uit een bouwvoor van humusrijk zand. In de boringen 7 en 19 is hieronder een ongeveer tien centimeter dikke menglaag aangetroffen van geel zand met brokken humeus zand. Hieronder is vanaf 35 tot 40 centimeter beneden het maaiveld het licht geoxideerde gele zand van de C-horizont aanwezig. Op boorpunt 18 is eenzelfde C-horizont aangetroffen maar is hierboven nog het sterk geoxideerde zand van een BC-horizont aanwezig. Door de aanwezigheid van resten van bodemvorming onder droge- en zure omstandigheden (podzolvorming) contrasteert de bodem op deze drie boorpunten sterk met die op de overige delen van het plangebied. Op alle overige boorpunten is oorspronkelijk veen gevormd. Dit blijkt in de boringen 21 tot en met 24 uit de aanwezigheid van een dunne laag sterk veraard veen (zie figuur 21).
Figuur 21: De dunne laag sterk veraard veen (rechts van het midden) zoals deze op de boorpunten 21 tot en met 24 is aangetroffen. Daaronder (links van de veenlaag) is De tijdens de initiële veenvorming doorwortelde A-horizont te zien.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 35
Op de boorpunten 1 tot en met 5, 9 tot en met 17, 20 en 25 blijkt de voormalige aanwezigheid van veen uit de aanwezigheid van een pakket vergraven zand met daarin brokken moerig zand. Het betreft hier waarschijnlijk een ontginningsdek. In boring 6 is geen veen of moerig ontginningsdek aangetroffen maar is onder een 45 centimeter dikke bouwvoor een doorwortelde A-horizont aangetroffen zoals deze gewoonlijk ontstaat onder een veenpakket (zie figuur 21). Een dergelijke horizont is op de boorpunten 3, 4, 5, 15, 16, 17 en 20, onder het pakket moerig zand aangetroffen. De C-horizont bestaat op de boorpunten 1, 2, 3, 4, 9, 10 en 14 tot en met 17, uit grijs ongeoxideerd zand. Op de boorpunten 5, 6, 8, 11, 12, 13 en 20 tot en met 25 is een door oranje oxidatievlekken gekenmerkte gley-horizont aangetroffen. Het ontstaan van deze gley-horizont is waarschijnlijk het gevolg van laterale grondwaterstroming van het hoger gelegen centrale deel van het plangebied naar de ten westen en ten oosten hiervan gelegen delen. Door de aanwezigheid van een ontginningsdek weerspiegeld de huidige morfologie niet het oorspronkelijke hoogteverloop binnen het plangebied. In figuur 22 is de (vermoedelijke) loop van de oorspronkelijke top van het dekzand aangegeven. Oorspronkelijk lijkt een zandkop te hebben gelegen rond de boorpunten 7, 8, 18 en 19.
Waarschijnlijk is deze kop afgeschoven tijdens de ontginning en vermengd met veen. Deze afgeschoven zandkop heeft de noordelijke voortzetting gevormd van de zandkop die op het AHN ten zuiden van het plangebied te zien is en vormde het enige droge en daarmee bewoonbare deel van het plangebied in het (verre)verleden.
Figuur 22: Boorprofielen
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 36
Figuur 23: Boorpunten met verstoringsdiepten
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 37
Figuur 24: Gespecificeerde verwachtingskaart met blauw gearceerd de zone waarin voor bewoning geschikte omstandigheden hebben geheerst en de dekzandbodem nog deels intact is.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
4 Conclusies en aanbevelingen
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 38
(VS07)
Volgens het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel geldt voor het plangebied in verband met de ligging buiten een echte gradiëntzone, hooguit een middelhoge verwachting en voor resten uit het paleolithicum tot en met het mesolithicum. Resten uit het neolithicum tot en met de vroege-middeleeuwen zullen eerder hebben gelegen op aaneengesloten hogere zandgronden dan op de geïsoleerde dekzandrug waarop het plangebied ligt. Wel ligt het plangebied van oudsher al aan de Maarheezerweg die al in de prehistorie een verbindingsroute zal hebben gevormd. Voor resten uit het neolithicum tot en met de vroegemiddeleeuwen geldt derhalve een middelhoge- tot hoge verwachting. Door de ligging buiten de historische bebouwing van Vaarsel, heeft het plangebied een lage verwachting voor resten van bewoning uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd. Om het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel te toetsen zijn binnen het plangebied 25 boringen gezet met behulp van een zandguts. Uit de resultaten van het booronderzoek blijkt dat het grootste deel van het plangebied in het verleden deel bedekt is geweest met veen. Met name op het oostelijke, binnen de uitloper van een dalvormige laagte gelegen deel van het plangebied is dit veen deels nog bewaard gebleven. Op de meeste overige delen van het plangebied is een dikke ontginningsbodem ontstaan door de vermenging van zand met veen.
De aanwezigheid van het hierdoor ontstane moerige zandpakket maskeert de oorspronkelijke hoogteverschillen. Hiertoe heeft ook het afvlakken van het oorspronkelijk op het centrale deel van het plangebied gelegen dekzandkop bijgedragen. Deze dekzandkop vormde de noordelijke voortzetting van de dekzandkop die ten zuiden van het plangebied nog altijd aanwezig is. Aan de hand van de onderzoeksresultaten kunnen de vragen uit paragraaf 1.5 als volgt beantwoord worden: -Kunnen binnen het plangebied (nog) archeologische resten verwacht worden? Doordat alleen dit deel van het plangebied in het verleden droog genoeg was voor bewoning kunnen resten van bewoning hooguit verwacht worden op het centrale deel van het plangebied dat oorspronkelijk de voortzetting vormde van de ten zuiden van het plangebied gelegen dekzandkop. -Zo ja, in welke zones en op welke diepten is dit het geval? De in het verleden voor bewoning geschikte zone ligt rond de boorpunten 7, 18 en 19. Hier kunnen behoudenswaardige resten van grondsporen aanwezig zijn vanaf ongeveer dertig centimeter beneden het maaiveld. De ligging van deze boorpunten in relatie tot de voorgenomen inrichtingswerkzaamheden is weergegeven in figuur 24.
-Wat zijn de verwachte prospectieve kenmerken van dergelijke archeologische resten? Door het aftoppen van de dekzandkop waarop eventueel archeologische resten aanwezig zijn, kunnen eventueel losse artefacten al vanaf het maaiveld aanwezig zijn. Opgevulde sporen zullen zichtbaar zijn onder de geroerde toplagen op ongeveer dertig centimeter beneden het maaiveld. Grondsporen kunnen door de aftopping van de dekzandkop volledig verloren zijn gegaan. -Welke vorm van veldonderzoek is geschikt om de verwachte resten op te sporen? De uitvoering van een oppervlaktekartering nadat de graszoden van het oppervlak zijn verwijderd kan artefacten opleveren die mogelijk wijzen op de aanwezigheid van archeologische sporen in de ondergrond. Op het westelijke en het oostelijke deel van het plangebied lijken geen voor bewoning geschikte omstandigheden te hebben geheerst en geven de resultaten van het onderzoek derhalve geen aanleiding tot het adviseren van nader onderzoek. Op het centrale deel zal het afvlakken van de hier gelegen dekzandkop tot ernstige aantasting van eventueel aanwezige
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 39
archeologische sporen hebben geleid. Niettemin kan vooralsnog niet worden uitgesloten dat hier (rond de boorpunten 7, 18 en 19), nog diepere delen van archeologische sporen bewaard gebleven zijn. De uitvoering van de voorgenomen inrichtingswerkzaamheden leidt slechts tot roering van gronden voor realisering van de infrastructuur. Per kavel wordt in het totaal 30 meter sleuf gegraven met een diepte van 1,6 meter en een breedte van 0,6 meter. Hierdoor wordt van elke, 375 vierkante meter grote kavel, 18 vierkante meter vergraven. Dit komt overeen met iets minder dan vijf procent van de bodem. De voorgenomen bodemingrepen lijken derhalve onvoldoende om een proefsleuvenonderzoek te rechtvaardigen. Zonder nader onderzoek dient de archeologische dubbelbestemming voor het deel van het plangebied rond de boorpunten 7, 18 en 19, echter gehandhaafd te blijven. Het is aan het bevoegd gezag, in dit geval de gemeente Someren, om te beoordelen of zij hiermee akkoord gaat. In alle gevallen geldt dat indien bij toekomstig graafwerk archeologische vondsten worden gedaan of archeologische grondsporen worden aangetroffen, deze direct gemeld dienen te worden bij de minister conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 & 5.11.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 40
Bijlage 1: Verklarende woordenlijst
Verklarende woordenlijst AHN Actueel Hoogtebestand Nederland AMK Archeologische Monumentenkaart ASB Archeologische Standaard Boorbeschrijving Archis Archeologisch Informatie Systeem BP Before Present (present=1950) GIS Geografische Informatie Systemen GPS Global Positioning System IKAW Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden IVO Inventariserend VeldOnderzoek KLIC Kabels en Leidingen Informatie Centrum KNA Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie -mv Onder maaiveld NAP Normaal Amsterdams Peil PVA Plan van Aanpak PVE Programma van Eisen RCE Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed SBB Standaard Boor Beschrijvingsmethode SIKB Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer
Bijlage 2: Archeologische tijdschaal
Periode Midden- en Laat Paleolithicum (oude steentijd) Mesolithicum (midden steentijd) Neolithicum (nieuwe steentijd) Bronstijd IJzertijd Romeinse tijd Vroege middeleeuwen Volle middeleeuwen Late middeleeuwen Nieuwe tijd
Versie: 21-05-2021
Datering 250.000
- 9000
9000 4500 2000 800 12 v chr. 500 1000 1250 1500
-
4500 2000 800 12 v. chr. 500 n. chr. 1000 1250 1500 heden
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 41
Bijlage 3: Literatuurlijst
Bronnen Encyclopedie van Noord-Brabant (red. A. van Oirschot, A.C. Jansen en L.S.A. Kroesen; Baarn 1985) Grote historische Provincie Atlas van Nederland; deel 4 Zuid-Nederland 1838-1857 1:50.000. Topografische dienst Wolters Noordhoff Groningen 1990 Grote historische topografische Provincie Atlas Noord-Brabant; 1905 1:25.000. Nieuwland Tilburg 2006 Grote topografische atlas van Nederland 1:50.000 Deel 4 Zuid-Nederland. Topografische dienst. Wolters Noordhoff Groningen 1997 Kadaster Topografische Dienst, Top25Raster, Top10Vector, GBKN kaarten, Emmen 2008 Luchtfoto, http://maps.google.nl Provincie Noord-Brabant, brabant.nl/CHW)
Cultuurhistorische
waardekaart
(http://www.noord-
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, IKAW 2 (Indicatieve kaart Archeologische Waarden), Amersfoort. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, AMK (Archeologische monumentenkaart), Amersfoort. Rijkswaterstaat, Servicedesk Data, AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland), Delft. Stichting voor Bodemkartering, Bodemkaart van Nederland 1:50.000. Wageningen, 1968. Stichting voor Bodemkartering: Geomorfologische kaart van Nederland 1:50.000, Staring Centrum, Wageningen, 1989 Stichting voor Bodemkartering, Geologische kaart van Nederland 1:50.000. Wageningen, 1968. Tranchot en v. Muffling, Kartenaufnahme der Rheinlande 1803-1820 Twaalf provinciën 2007. Atlas van topografische kaarten. Nederland 1955-1965. Uitgeverij twaalf provinciën. Landsmeer.
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 42
Digitale bronnen Ruimtelijke plannen http://www.ruimtelijkeplannen.nl Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed - Archis III http://archis.cultureelerfgoed.nl Luchtfoto, http://www.pdok.nl
Literatuur Bont, Ch de., Cultuurhistorisch onderzoek Oost-Brabant, 1993. Cate, J. A. M. ten. A. F. van Holst, H. Kleijer en J. Stolp, 1995. Handleiding bodemgeografisch onderzoek; richtlijnen en voorschriften. Deel A: Bodem. Wageningen, DLO-Staring Centrum. Technisch Document 19A. Cohen, K.M. & E. Stouthamer, 2012. Beknopte toelichting bij het digitaal basisbestand paleogeografie van de Rijn-Maas Delta, Utrecht, 2012. Es. Van W.A., Sarfatij, H. & P.J. Woltering (red.) 1988. Archeologie in Nederland; De rijkdom van het bodemarchief. Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek. Amersfoort. Kuiper, M. 2006/2007. Atlas van topografische kaarten Nederland, 1955-1965. Uitgeverij 12 Provinciën, Landsmeer. Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek (SIKB, 2006)
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 43
Bijlage 4: Overzicht vondstlocaties Zaak nr:
Coordinaat
2286496100 175974/376997 2461333100 175116/378100 3267454100 174620/376680 3267462100 174600/376550
Periode
Vondsten
Complexen
Middeleeuwen, Nieuwe Tijd
Gebruiksmateriaal, keramiek, metaal
Infrastructuur
Paleoliticum
Geen Vuursteen
Geen Bewoning
Paleoliticum, Mesoliticum, Vuursteen Neoliticum
Bewoning, onbek
Bijlage 5: Overzicht archeologische onderzoeksmeldingen Zaak nr:
Coordinaat
Onderzoek
Periode
Vondsten
Complexen
2160418100 176104/376911.9 Oppervlak: 4.41065 ha.
Bureauonderzoek
Onbekend
Geen
Geen
2197388100 175148.3/376551 Oppervlak: 502.953 ha.
Bureauonderzoek
Onbekend
Geen
Geen
2250409100 174523.1/376290.5 Oppervlak: 81.2366 ha.
Booronderzoek
Onbekend
Geen
Geen
2260023100 174741.6/377249.2 Oppervlak: 40.9859 ha.
Booronderzoek
Onbekend
Geen
Geen
2272296100 175603.7/377418.7
Begeleiding
Onbekend
Geen
Geen
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 44
Oppervlak: 3.88253 ha. 2278777100 175501/376863.4 Booronderzoek Oppervlak: 4.0131 ha.
Onbekend
Geen
Geen
2286496100 175878.4/377161.3 Oppervlak: 5.51114 ha.
Begeleiding
Middeleeuwen, nieuwe tijd
Gebruiksmateriaal, keramiek, metaal
Infrastructuur
2338895100 174522.2/376288.4 Oppervlak: 81.8189 ha.
Begeleiding
Onbekend
Geen
Geen
2341745100 175710.9/378179.8 Oppervlak: 1.61834 ha.
Bureauonderzoek
Onbekend
Geen
Geen
2341753100 175710.6/378180 Oppervlak: 1.61213 ha.
Booronderzoek
Onbekend
Geen
Geen
2375677100 175511.8/376822.2 Oppervlak: 0.271854 ha. 2440735100 175733.4/377893.3 Oppervlak: 4.518 ha.
Begeleiding
Onbekend
Geen
Geen
Booronderzoek
Onbekend
Geen
Geen
2461333100 175118.1/378111.5 Oppervlak: 2.51127 ha.
Booronderzoek
Onbekend
Geen
Geen
4620218100 174992.5/377353.6 Oppervlak: 0.989469 ha.
Booronderzoek
Onbekend
Geen
Geen
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 45
Bijlage 6: Boorbeschrijving
Algemene boorgegevens Soort boring Projectnummer Projectnaam Deelgebied Organisatie Archis meldingsnummer Coördinaatsysteem Coördinaatsysteemdatum Locatiebepaling Referentievlak Bepaling maaiveldhoogte Boormethode Boordiameter Opdrachtgever
BAR 20-095 2e fase Heikantstraat 2, Someren NVT ArcheoPro 4876803100 RD2000 ETRS89 GPS en meetlint NAP AHN – Waterpas Guts en edelman 3 cm en 15 cm Hans van Seggelen
Posities van boringen (boorlocaties) Boornummer XCO 1 174911.4 2 174934.0 3 174956.5 4 174978.8 5 175002.6 6 175025.5 7 175047.4 Versie: 21-05-2021
YCO 377278.9 377290.7 377302.2 377312.9 377325.0 377336.5 377346.3
Meters t.o.v. NAP 25.00 25.35 25.25 25.00 24.91 25.04 25.06 www.ArcheoPro.nl
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25
175070.3 175092.6 175114.2 175136.4 175157.3 175179.9 174930.0 174953.6 174977.1 174998.7 175020.0 175043.8 175066.7 175087.7 175110.9 175133.1 175155.4 175177.9
377357.1 377368.5 377379.0 377389.8 377401.6 377412.7 377259.6 377270.4 377281.9 377292.3 377302.8 377314.3 377323.4 377334.2 377345.7 377356.8 377367.6 377379.0
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 46
24.76 24.65 24.48 24.52 24.59 24.52 25.18 25.04 24.91 24.76 24.81 24.76 24.64 24.55 24.48 24.41 24.48 24.48
Boorbeschrijving volgens ASB 5.2 Boor Nr. 1
2
3
LDO 30 51 80 28 92 120 42 61 73 110
Versie: 21-05-2021
Lithologie GD BK Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z
BS
BZ
BG
BH 3 2
1 3 2 1 3 2 1 1
Kleur HK BR GE GR BR GE GR BR GE GR GR
TK GR ZW
IK
VLK GR GR
Overige kenmerken CO PLH VS
AIS SST
BHN
2
BI BOV VRG
BHC GR ZW
GR GR
GR ZW BR
GR GR
DEZ BOV VRG
2 BHC
LI
2 DW
www.ArcheoPro.nl
GI
DEZ BOV VRG
BHA BHC
DEZ
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
4
5
6
7
8 9
10
11
12
13
14
15
32 37 41 70 37 70 78 100 44 53 80 27 34 70 28 70 43 58 90 40 57 70 42 56 80 32 58 85 29 63 90 42 73 105 28 52 62
Versie: 21-05-2021
Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z
3 2 1 1 3 2 1 1 3 1 1 3 1 1 3 1 3 2 1 3 2 1 3 2 1 3 2 1 3 2 1 3 2 1 3 2 1
BR GE GR GR BR GE GR GR BR GR GR BR GE GE BR GR BR GE GR BR GE GR BR GE GR BR GE GR BR GE GR BR GE GR BR GE GR
GR ZW BR GR ZW BR GR BR
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 47
GR GR LI GR GR LI
2 DW
2 DW
OR GR LI
GR
DW
GR ZW
GR OR GR GR
GR ZW
GR GR
GR ZW
GR GR OR GR GR OR GR GR OR GR GR
BHA BHC
DEZ BOV VRG
BHA Gley
DEZ BOV
OR GR BR
GR BR
BOV VRG
BHA Gley BHAC BHC
DEZ BOV ROG BOV
Gley
DEZ BOV VRG
2 BHC
DEZ BOV VRG
2 BHC
GR ZW GR ZW GR ZW
DEZ BOV VRG
2 Gley
DEZ BOV VRG
2 Gley
DEZ BOV VRG
2 Gley
DEZ BOV VRG
2 BHC
GR ZW BR
GR GR LI
DEZ DEZ
2 DW
www.ArcheoPro.nl
DEZ BOV VRG
BHA
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
16
17
18
19
20
21
22
23
24
90 32 58 72 100 31 60 72 100 34 67 90 32 44 70 31 70 77 100 33 44 50 58 85 33 52 64 72 100 32 51 64 74 100 30 58 61
Versie: 21-05-2021
Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z V Z Z Z Z V Z Z Z Z V Z Z Z Z V
1 3 2 1 1 3 2 1 1 3 1 1 3 1 1 3 2 1 1 3 2 1 1 3 2 1 1 3 2 1 1 3 2
GR BR GE GR GR BR GE GR GR BR GE GE BR GE GE BR GE GR GR BR GE BR GR GR BR GE BR GR GR BR GE BR GR GR BR GE BR
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 48
BHC GR ZW BR GR ZW BR
GR GR LI GR GR LI
GR OR
GR
GR BR
GR BR
GR ZW BR
GR GR
GR ZW ZW BR GR ZW ZW BR GR ZW ZW BR GR ZW ZW
2 DW
2 DW
DEZ BOV VRG
BHA BHC
DEZ BOV VRG
BHA BHC
DEZ BOV
BHBC BHC
LI OR GR GR LI OR GR GR LI OR GR GR LI OR GR GR
BHAC BHC 2 DW
2 3 DW
2 3 DW
2 3 DW
2 3
www.ArcheoPro.nl
DEZ DEZ BOV ROG
DEZ DEZ
BOV VRG BHA Gley
DEZ BOV VRG HOL
BHA Gley
DEZ BOV VRG HOL
BHA Gley
DEZ BOV VRG HOL
BHA Gley
DEZ BOV VRG HOL
Archeologisch onderzoek 2e fase Heikantstraat 2, Someren, Gemeente Someren.
25
68 100 37 60 90
Z Z Z Z Z
1 1 3 2 1
GR GR BR GE GR
BR GR ZW
ArcheoPro Rapport, 20057, Pagina 49
LI
DW OR GR GR OR
BHA Gley
DEZ BOV VRG
2 Gley
DEZ
Betekenis van de afkortingen:
LDO – Onderzijde boortraject Lithologie: GD – Onverharde sedimenten: G = grind, K = klei, L = leem, V = veen en Z = zand Bijmengsels: BK = bijmengsel klei, BS = bijmengsel silt, BZ =bijmengsel zand, BG= bijmengsel grind, BH = bijmengsel humus. Betekenis toegevoegde cijfers: 1 = zwak, 2 = matig, 3 = sterk en 4 = uiterst. Kleur: HK = hoofdkleur, BL = blauw, BR = bruin, GE = geel, GN = groen, GR = grijs, OL = olijf, OR =oranje, PA = paars, RO = rood, RZ = roze, WI = wit, ZW = zwart. TK = Tweede kleur (kleurafkortingen als boven). IK = Intensiteit kleur: LI = licht en DO = donker VLK = Vlekken (V): 2e en 3e letter is kleurafkorting als boven, 1 = weinig, 2 = matig , 3= veel Overige kenmerken: CO = Consistentie (C ): ZSL-zeer slap, SLA-slap, MSL-matig slap, MST-matig stevig, STV-stevig PLH = plantenresten (PL0 = geen, PL1 = spoor, PL2 = weinig, PL3 = veel), DW = doorworteld VS = veensoorten SST = Sedimentaire structuren BHN = Bodemhorizont; BHC = C-horizont, BHBC = BC-horizont, BHAC = AC-horizont BI = Bodemkundige interpretaties; BOV = bouwvoor , ROG = rommelig, OPG = opgebracht GI = Geologische interpretaties; DEZ = dekzand, HOL = Hollandveen AIS = Archeologische indicatoren
Versie: 21-05-2021
www.ArcheoPro.nl