RAADSVOORSTEL rapport RKC Fietsstimuleringsbeleid.pdf
Tekst van het document
Portefeuillehouder: --
Zaaknummer:
Onderwerp: Rapport Rekenkamercommissie: ‘Soest op de fiets’
Voorgesteld raadsbesluit De conclusies van het onderzoek vast stellen: • Met betrekking tot de doelstelling ten aanzien van het aandeel verplaatsingen per fiets kan niet vastgesteld worden of het beleid doeltreffend is. De voorgenomen wijze van monitoren kan niet gebruikt worden om de voortgang op de doelstelling te monitoren. Daardoor is de gemeente Soest in de periode 2014-2020 niet in staat geweest om te beoordelen of de gemeente op koers lag ten aanzien van dit doel. Het alternatieve monitoringskader dat in dit onderzoek gebruikt is geeft een indicatie dat Soest niet op weg is om de doelstelling te halen. •
De getroffen maatregelen in de periode 2014-2020 zijn te kleinschalig om daadwerkelijk een verschil te maken. Het beschikbare budget is in de periode 2014-2020 ontoereikend geweest om een schaalsprong te maken die nodig is om het aandeel fiets te verhogen, zeker binnen de randvoorwaarde om het autogebruik niet te ontmoedigen.
•
Tegelijk geldt dat in de komende jaren een aantal belangrijke regionale fietsroutes gerealiseerd zullen worden, op basis van inspanningen en investeringen uit de periode 2014-2020. Mogelijk leiden deze tot een hoger gebruik van de fiets. Eventuele effecten van deze uitbreidingen in fietsroutes kunnen pas in de komende jaren vastgesteld worden. Deze investeringen in infrastructuur zijn naar verwachting effectiever wanneer deze vergezeld gaan van vraagbeïnvloedingsmaatregelen.
•
De doelstelling ten aanzien van het hanteren van fietsparkeernormen is deels gerealiseerd. Er zijn fietsparkeernormen vastgesteld, die worden gehanteerd bij nieuwe ontwikkelingen. Bij bestaande voorzieningen worden deze fietsparkeernormen echter maar in beperkte mate gehanteerd.
-
Het college van B en W te verzoeken een mobiliteitsvisie voor behandeling in de gemeenteraad voor te bereiden. Nadrukkelijk aandachtspunt is het formuleren van SMART doelen, zodat er ook zinvol kan worden gemonitord.
Samenvatting De Rekenkamercommissie heef een onderzoek gedaan naar het fietsstimuleringsbeleid van de gemeente Soest. De Rekenkamercommissie trekt uit het onderzoek conclusies en aanbevelingen. De gemeenteraad dient in ieder geval de conclusies van het onderzoek vast te stellen. Met dit voorstel voldoet de raad aan die eis en besluit de raad hoe om te gaan met de aanbevelingen. Aanleiding De Rekenkamercommissie Soest heeft onderzoek gedaan naar het fietsstimuleringsbeleid van de gemeente Soest. In hoeverre zijn de maatregelen, genomen in de periode 2014 tot 2020, gericht op het stimuleren van het gebruik van fietsen, doeltreffend en doelmatig? De bevindingen van het onderzoek staan in de rapportage ‘Soest op de fiets’. In de aanbiedingsbrief van de Rekenkamercommissie is de beantwoording van de centrale onderzoeksvraag opgenomen, evenals de aanbevelingen. De aanbevelingen zijn aan de gemeenteraad zijn: • Zet in op samenhangend fietsstimuleringsbeleid met strategische doelen en maatregelen voor meerdere jaren, waarbij de maatregelen een duidelijke relatie hebben met de strategische doelen. •
Bezie de diverse vervoersmodaliteiten (auto, fiets, bus, etc.) in relatie tot elkaar in mobiliteitsbeleid zodat realistische doelen geformuleerd kunnen worden.
•
Werk (nieuwe) doelen SMART uit en geef bij elke maatregel goed onderbouwd aan in welke mate deze bijdraagt aan de doelen.
•
Zorg dat beschikbare middelen, zowel qua capaciteit als qua financiën, beter aansluiten bij de gestelde strategische doelen.
•
Zet in op monitoring van de maatregelen, gerelateerd aan de strategische doelen. Gebruik daarbij indicatoren die hanteerbaar zijn.
•
Verzoek het college om over de maatregelen te rapporteren in de reguliere P&C cyclus, naast het verantwoorden van de uitgevoerde projecten in het kader van de “inzet op het stimuleren fietsgebruik”.
•
Fietsbeleid wordt steeds meer een regionale opgave. Laat het beleid en het uitvoeringsprogramma zoveel mogelijk aansluiten bij regionale ambities, bijvoorbeeld bij de ambities die de provincie hanteert ten aanzien van het regionale fietsbeleid.
De volledige conclusies en aanbevelingen zijn te vinden op pagina 40 t/m 43 van het rapport. Bestuurlijke reactie van het college van B en W In de bestuurlijke reactie van het college van B en W is te lezen dat het college van B en W zich over het geheel kan vinden in de conclusies en aanbevelingen die de Rekenkamercommissie doet. Wel wil het college enkele conclusies nuanceren. Het gaat hierbij om deelvraag 3 van de rekenkamercommissie ‘het beleid is vertaald in een coherent geheel aan maatregelen’. Het college geeft aan in de toekomst kansen te zien om aan te sluiten bij een provinciale stimulerings- en gedragscampagne. Ook wordt gewerkt aan een fietsplan om het fietsen bij de eigen medewerkers te stimuleren. Ten aanzien van deelvraag 4 ‘De gemeente Soest ligt op koers om de gestelde doelen te bereiken, doel 1 verhogen aandeel fiets’ geeft het college aan dat de doelstelling uit het GVVP zich richtte op de periode 2008-2020. Ten opzichte van 2008 is het college van mening dat dichter bij het landelijk gemiddelde is uitgekomen. Ten aanzien van deelvraag 4 ‘De gemeente Soest ligt op koers om de gestelde doelen te bereiken, doel 2 hanteren fietsparkeernormen’ geeft het college aan het niet eens te zijn met de conclusie van de Rekenkamercommissie dat bij bestaande voorzieningen de norm voor fietsparkeerplaatsen beperkt gehanteerd wordt. Het is niet het
uitgangspunt om tekorten voor fietsparkeren direct op te lossen. Er wordt voor gekozen om dat op te lossen door werk met werk te maken, waarbij deze structurele en grootschaligere aanpak alleen mogelijk is bij voldoende budget en capaciteit. Het college ziet de conclusies en aanbevelingen als waardevolle input voor toekomstig fietsbeleid. Cruciaal is daarbij volgens het college de keuze tussen enerzijds fiets stimuleren en anderzijds het wel/niet ontmoedigen van autogebruik. Opiniërende Bespreking De raad dient, conform artikel 3.4 lid 9 van de Verordening op de Rekenkamercommissie, de onderzoeksresultaten te bespreken op basis van het rapport en de nota met conclusies en aanbevelingen. De raad dient de eindconclusies vast te stellen. Het rapport is door de gemeenteraad besproken in de Opiniërende Raadsbijeenkomst op 30 juni 2021. De fracties die tijdens de bespreking het woord voerden, hebben aangegeven de conclusies te onderschrijven en de aanbevelingen te kunnen ondersteunen. Bij de bespreking bleek er duidelijk behoefte om het beleid rond het (stimuleren van) gebruik van de fiets in samenhang met andere modaliteiten (zoals auto) met elkaar te bediscussiëren. Deze vergadercyclus is ook de Ontwerp Omgevingsvisie aan bod. Bij dit document is een bijlage 2 opgenomen met (concept) opdrachten voor omgevingsprogramma’s als uitwerking van de Omgevingsvisie. Op blz.
3 – en toegelicht op blz. 8 – wordt een mobiliteitsvisie benoemd. Zo’n document is voor de gemeenteraad nodig om de discussie aan te gaan. In tegenstelling tot de strekking van bijlage 2 (alleen Collegevaststelling) wordt voorgesteld deze visie actief te agenderen voor de gemeenteraad. Nadrukkelijk aandachtspunt bij het opstellen van een mobiliteitsvisie is het formuleren van SMART doelen. Wettelijke grondslag en/of kader: Verordening op de Rekenkamercommissies, artikel 3.4 lid 9 Referendum nvt Ondertekening Soest, 5 juli 2021 De gemeenteraad van Soest, de griffier,
de voorzitter,
Rien van Vliet
Rob Metz