CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

Onderwijsachterstandenbeleid Soest 2024-2026

Beeldvormende vergadering (op locatie) 1 februari 2024, gemeente SoestBij agendapunt: In gesprek met het Onderwijsveld14.054 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Waar mogelijk spreiden zij kinderen met een zorgbehoefte of onderwijsachterstanden over verschillende groepen van hetzelfde leerjaar, zodat er zoveel mogelijk menging plaatsvindt met kinderen zonder deze problematiek. Verder heeft het Rijk een ‘Werkagenda route naar inclusief onderwijs 2035’ opgesteld. We gaan in 2024 bestuurlijk bepalen of en welke inbedding voor Soest nodig is. Onze doelstellingen vanaf 2024 zijn: we brengen in kaart wat de mate van segregatie (op inkomen, opleiding en herkomst) is in de wijken van Soest en we zorgen ervoor dat de segregatiemate vanuit dat moment minimaal stabiel blijft. Indien duidelijk wordt dat er een actieplan gemaakt moet worden omdat segregatie toeneemt, halen we inspiratie op bij de aanpak uit Amersfoort. Onze doelstelling is dat vanaf 2024 er voor ouders duidelijkere toelatings- en inschrijfprocedures zijn. Het POSS creëert voor ouders gelijkheid in informatie en zorgt ervoor dat scholen voor iedereen even toegankelijk worden. Het POSS ontwikkelt daarom een website die ouders inzicht geeft in de toelatings- en inschrijvingsprocedures voor alle basisscholen in Soest. Tevens is hier informatie te vinden over het VO en de 2 kinderopvangpartijen met ve-aanbod. In Soest is de verdeling van de onderwijsachterstandenleerlingen niet evenredig. De oorzaak van de scheve verdeling is ten eerste de samenstelling van de wijken in Soest.

Daarnaast maken ouders de keuze om al dan niet thuisnabij onderwijs te volgen. Beleidsmatig zien wij vooralsnog geen mogelijkheden om te gaan sturen naar een andere verdeling, omdat dit ook de keuzevrijheid van ouders beïnvloedt. Onze doelstelling vanaf 2024 is dat de verdeling van achterstandsleerlingen ten minste stabiliseert en dat de vijf basisscholen met de hoogste schoolgewichtenscores (zie de bijlage) hun schoolgewichtenscore niet zien stijgen in de periode 2024-2026. 7.6 Samengevat beleidskeuzes en doelen 2024-2026 Voor OAB 6-12 jaar in Soest zijn de volgende beleidskeuzes gemaakt: • Vanaf circa 1 maart 2024 starten we in Soest met verlengde schooldagen. • Vanaf 1 januari 2024 stoppen we met de activiteit Zomerschool. • We continueren de schakelklas en Taalklas Nieuwkomers. • We continueren de twee taalstimuleringsprojecten via Idea. • We brengen in kaart wat de mate van segregatie is in de wijken van Soest.

25

•

Het POSS ontwikkelt een website die ouders inzicht geeft in de toelatings- en inschrijvingsprocedures voor alle basisscholen in Soest.

Doelen • • • •

8

Een aantal scholen in Soest hebben verlengde schooldagen, hierbij wordt per wijk gekeken wat wenselijk is. We hebben begin 2024 zicht op de mate van segregatie in de wijken van Soest en we zorgen ervoor dat de segregatiemate vanaf dat moment minimaal stabiel blijft. Er zijn voor ouders duidelijkere en eerlijke toelatings- en inschrijfprocedures. De verdeling van achterstandsleerlingen stabiliseert en de vijf basisscholen met de hoogste schoolgewichtenscores in 2023 zien hun schoolgewichtenscore niet stijgen in de periode 20242026.

OAB vanaf 12 jaar

8.1 Lokale setting In de gemeente Soest is er 1 vo-school: Het Griftland College. Deze school heeft bijna 1.500 leerlingen, voornamelijk uit Soest en Baarn. Kinderen kunnen er terecht voor mavo, havo en vwo. In het kader van een goede doorgaande lijn rondom onderwijsachterstanden is afstemming met het basisonderwijs rond de overgang naar het vo van groot belang. Dit wordt al volop gedaan in Soest en dat wordt hier weergegeven, waarbij we ook enkele nieuwe afspraken vastleggen. De inhoudelijke en financiële verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de basisscholen en Het Griftland College. Daarnaast wordt binnen Het Griftland enkele activiteiten gedaan om onderwijsachterstanden te bestrijden. Deze worden hier beschreven, zodat we het hele palet aan OAB in deze nota vastleggen. 8.2 Opbrengsten vo Onderstaande figuur geeft inzicht in de schoolniveaus op het derde jaar ten opzichte van de gegeven eindadviezen in groep 8 van kinderen uit Soest.

26

Figuur 4: Derdejaarsniveau ten opzichte van schooladvies eind groep 8 (bron: Dashboard gelijke kansen, CBS, 2020-2021)17

We zien dat veruit het grootste percentage leerlingen op hetzelfde niveau is gebleven als het gegeven advies aan het einde van groep acht (54% voor wijken met een bovengemiddeld percentiel welvaart, en 51% voor wijken met een ondergemiddeld percentiel welvaart). Daarnaast zien we dat het percentage leerlingen dat in het derde jaar van de middelbare school op een lager onderwijsniveau zit dan het gegeven advies aan het einde van groep 8 hoger ligt voor leerlingen uit wijken met een ondergemiddeld percentiel welvaart18 (15%), dan leerlingen uit wijken met een bovengemiddeld percentiel welvaart (9%). 8.3 Doorgaande lijn po-vo rond OAB In Soest zijn er enkele activiteiten om de overgang po-vo te versoepelen. Zo is er een Plusklas voor kinderen met veel talent die al vanaf groep 7 naar het vo-gaan om extra uitdagingen te krijgen en alvast te wennen aan hoe het eraan toe gaat in het vo. Deze activiteit valt buiten het domein OAB. We gaan op bestuurlijk niveau in 2024 verkennen welke verbeteringen we kunnen aanbrengen aan de doorgaande lijn onderwijsachterstanden bij de overgang po-vo. In regionaal verband wordt geprobeerd via onderzoek en bijeenkomsten de doorgaande lijn po-vo te verbeteren via het plan ‘Kansrijk Funderend onderwijs’. De gemeente Soest gaat in 2024 samen met de schoolbesturen po en vo onderzoeken of dit project een meerwaarde heeft om als Soest bij aan te sluiten.

In de regio Amersfoort loopt een onderzoek naar onderadvisering in het po. In dit onderzoek is Soest al meegenomen. De uitkomsten hiervan nemen we mee in de overweging om al dan niet bij het plan ‘Kansrijk Funderend Onderwijs’ aan te sluiten. Indien hier een financiële bijdrage voor nodig is het uitgangspunt om dit mogelijk te maken binnen de bestaande budgetten van het onderwijs. 17 Het CBS geeft op deze figuur de volgende toelichting:

“De positie van leerlingen in het derde jaar van het vo ten opzichte van het advies dat zij aan het einde van de basisschool kregen wordt weergegeven in vijf groepen. Hieronder wordt voor het voorbeeld van een leerling met het advies vmbo-gt/havo weergegeven wat deze vijf groepen inhouden: hoger niveau dan advies: in vo3 zit deze leerling op het vwo bovengrens advies: in vo3 zit deze leerling op de havo zelfde niveau als advies: niet mogelijk bij een dubbel advies ondergrens advies: in vo3 zit deze leerling op vmbo-gt lager niveau dan advies: in vo3 zit deze leerling op vmbo-k of -b” 18 Het CBS beschrijft het begrip 'welvaart' als volgt: "Financiële welvaart omvat zowel het gestandaardiseerde besteedbare inkomen als het vermogen van huishoudens. Het verwijst naar het inkomen dat mensen kunnen gebruiken om goederen en diensten aan te schaffen waarmee ze hun leven vorm en kleur kunnen geven. De gemiddelde percentielscore voor heel Nederland is jaarlijks per definitie 50,5." (Bron: CBS).

27

8.4 OAB voortgezet onderwijs Binnen het voortgezet onderwijs in Soest vinden diverse activiteiten plaats om onderwijsachterstanden te bestrijden. Het Griftland-college is hier inhoudelijk en financieel verantwoordelijk voor en zal zich de komende jaren hiervoor blijven inzetten. 8.5 Beleidskeuzes en doelen 2024-2026 Voor OAB in het VO maken we de volgende keuze: voor het versterken van de doorgaande lijn po-vo oriënteert de gemeente Soest zich in 2024 of aansluiting bij het regionale plan ‘Kansrijk Funderend onderwijs’ meerwaarde heeft. Doelen • •

9

De doorgaande lijn onderwijsachterstanden van po naar vo is eind 2026 versterkt. Onderadvisering in het po in Soest in 2026 is gedaald t.o.v. 2023.

Monitor en evaluatie OAB

In de vorige OAB-nota Soest is afgesproken om meer werk te maken van monitoring en evaluatie. Door diverse omstandigheden is dat de afgelopen jaren nauwelijks van de grond gekomen. We gaan hier vanaf 2024 meer werk van maken, zodat we een kwaliteitscyclus kunnen inrichten voor de onderdelen Check en Act binnen de PDCA-cyclus19. We werken daarom dit onderdeel concreter uit waarbij ook onze gezamenlijk gestelde doelen verwerkt zijn. We delen de monitor in, in verschillende onderdelen. We maken hierbij gebruik van de handreiking ‘Tips voor het inrichten van een GOABmonitor’20 van het GOAB-ondersteuningstraject vanuit het Ministerie van OCW. Om duidelijk te maken wie wat wanneer gaat aanleveren voor de genoemde monitors in dit hoofdstuk en hoe dit besproken gaat worden, stellen we eerste kwartaal 2024 een uitvoeringsnotitie op. 9.1 Monitor en evaluatie Bereik We gaan vanaf 2024 ieder jaar in september/oktober in het bestuurlijk overleg (LEA) terugblikken op het bereik van onze OAB-activiteiten. Begin september zullen diverse partijen hiervoor input leveren aan de gemeente. De gemeente draagt er zorg voor dat deze input gebundeld beschikbaar gesteld wordt. We betrekken hierbij de volgende OAB-activiteiten: • Bereik jonge ouders met kinderen 0-2 jaar bij consultatiebureau (input vanuit GGD).

• Bereik toeleidende activiteiten: samenspelgroep en aantal opgehaalde BoekStartkoffertjes (input Idea). • Bereik voorschoolse educatie afgelopen schooljaar, blijkend uit de Peutermonitor. Hierin zit ook non-bereik als de mate waarin ouders alle ve-dagdelen afnemen (input van de gemeente). Bij voorkeur uitgewerkt per wijk met ook gegevens als aanbod ve per wijk en wachtlijsten ve per wijk. • Bereik warme overdracht: alle vve-kinderen warm overgedragen (input van de basisscholen en ve-aanbieders).

19 De PDCA cyclus is een manier om continu te verbeteren aan de hand van een vaste structuur. De vier letters van de PDCA-cyclus staan

voor de vier fases die doorlopen worden: Plan, Do, Check, Act. 20 https://goab.eu/kennisbank/tips-voor-het-inrichten-van-een-goab-monitor/

28

• •

Bereik vroegschoolse educatie via vve-programma voor vve-kleuters (input basisonderwijs). Bereik OAB-activiteiten onderwijs: schakelklas, Taalklas Nieuwkomers, verlengde schooldagen, Taalstimuleringsactiviteiten en Voorleesexpress van Idea. Input komt vanuit het onderwijs en Idea. Hierbij zal ook aandacht zijn voor de vraag of de juiste kinderen worden bereikt.

In het bestuurlijk gesprek gaan we na of het bereik naar verwachting is, bij welke activiteiten het bereik verhoogd moet worden en welke acties hiervoor nodig zijn. 9.2 Monitor Kwaliteit We gaan vanaf 2024 ieder jaar in september/oktober in het bestuurlijk overleg terugblikken op de kwaliteit van onze OAB-activiteiten. Begin september gaan diverse partijen hiervoor input leveren aan de gemeente die zorgdraagt dat dit gebundeld beschikbaar gesteld gaat worden. Hierbij betrekken we de volgende OAB-activiteiten: • Kwaliteit toeleidende activiteiten: gesprek na indicering door GGD (input GGD). • Kwaliteit voorschoolse educatie per ve-locatie afgelopen schooljaar, blijkend uit de GGDrapporten en Inspectierapporten en uit eigen inhoudelijke verantwoordingen van de veaanbieders (voorgaand kalenderjaar voor vaststelling subsidie). • Kwaliteit overdracht ve-kind naar basisonderwijs: tijdig, juiste informatie, gebruik van juist overdrachtsformulier en ouders goed betrokken. Input van ve-aanbieders en basisscholen. • Kwaliteit doorgaande lijn: mate van afspraken over inhoudelijke doorgaande lijn tussen velocatie en basisschool (input van ve-aanbieder en basisscholen). • Kwaliteit vroegschoolse educatie via vve-programma voor vve-kleuters (input basisonderwijs).

• Kwaliteit OAB-activiteiten basisonderwijs: schakelklas, Taalklas Nieuwkomers, verlengde schooldagen, Taalstimulering en de Voorleesexpress. Ook aandacht of professionals voldoende opgeleid zijn. Input komt van onderwijs en Idea. In het bestuurlijk gesprek wordt nagegaan of de kwaliteit naar verwachting is, bij welke activiteiten de kwaliteit verhoogd zou moeten worden en welke acties hiervoor nodig zijn. 9.3 Monitor opbrengsten voor kinderen Voor en vroegschoolse educatie De gemeente en de schoolbesturen zijn wettelijk verplicht om met elkaar afspraken te maken over wat vroegschoolse educatie oplevert voor kinderen (WPO artikel 160 lid 1b). Dit worden de resultaatafspraken vve genoemd. We kiezen hierbij voor resultaatafspraken die door veel andere gemeenten eveneens zijn gemaakt. Hierbij betrekken wij ook de twee ve-aanbieders, zodat we de opbrengsten van heel vve in kaart brengen. Scholen, ve-aanbieders en de gemeente maken gezamenlijk afspraken over wat de resultaten van vve zouden moeten zijn. Het delen van ervaringen en expertise tussen de betrokken instanties staat hierbij centraal. Het doel van deze dialoog is om gezamenlijk een goed beeld te krijgen over hoe de (voor)school ervoor staat en welke mogelijke verklaringen hiervoor te geven zijn, maar vooral om met elkaar te bepalen welke consequenties dit zou moeten hebben voor uitvoering of beleid.

Deze dialoog kan op verschillende niveaus gevoerd worden: op schoolbestuurlijk-/organisatieniveau, tussen voorschool en school, en tenslotte tussen gemeente en OAB-partners. De dialoog wordt

29

bestuurlijk gevoerd in de LEA. In de gemeente Soest streven we ernaar om ieder kind dat bij aanvang een (taal)achterstand heeft een extra groei in ontwikkeling te laten doormaken. We realiseren ons dat tal van factoren invloed hebben op de taalontwikkeling van jonge kinderen en dat we via vve niet in staat zijn deze ontwikkeling altijd de gewenste impuls te geven. Toch gaan we deze taalontwikkeling volgen en de uitkomsten ervan bespreken, zodat we hiermee zicht krijgen op hoe e.e.a. zich ontwikkelt en wat we hierbij van elkaar kunnen leren. We passen daarom vanaf 2024 onze resultaatafspraken aan, zodat deze ontwikkeling nog meer in beeld gebracht wordt en gerelateerd wordt aan de uitgangspositie van het kind. We kiezen hierbij voor resultaatafspraken die door veel andere gemeenten eveneens zijn gemaakt. Resultaatafspraak voorschoolse educatie (2-4 jaar) Bij 80% van de peuters met een vve-indicatie die met een taalachterstand instromen op de voorschool is deze achterstand op het domein taal bij uitstroom uit de voorschool afgenomen. Leidraad hierbij is het door de ve-locatie gehanteerde volgsysteem via observaties. Resultaatafspraak vroegschoolse educatie (4-6 jaar) Bij 80% van de kleuters die met een taalachterstand instromen in groep 1 is deze taalachterstand eind groep 2 afgenomen. Leidraad hierbij is het door de school gehanteerde volgsysteem via observaties.

Deze ambities zijn stevig. Immers de taalontwikkeling van kinderen ontwikkelt zich lineair en de lijnen van observatiesystemen en ook SLO doelen bewegen hierbij mee. Als een kind zich volledig volgens de lijn ontwikkeld, loopt het dus geen verdere taalachterstand op, maar neemt deze taalachterstand ook niet af. Om te voldoen aan deze ambities, moet dus een kind die vaak een taalarme thuissituatie heeft een stuk taalontwikkeling inhalen ten opzichte van een kind die zich in een gemiddeld/rijke taalomgeving bevindt. Het is goed om de gewenste resultaten van vve met elkaar vastgesteld te hebben. Het Rijk verwacht dat deze resultaten vervolgens ook met regelmaat in beeld gebracht worden. In de huidige beleidsperiode spreken we af dat we tweemaal de resultaatafspraken vve op kindniveau verzamelen en uiteraard geanonimiseerd in beeld brengen. Dit vindt plaats begin 2024 over schooljaar 2022/2023 en ook in het najaar van 2025 over schooljaar 2024/2025. De gemeente gaat samen met de ve-aanbieders en de scholen uitwerken op welke wijze de gegevens bijgehouden en geïnventariseerd gaan worden, bijvoorbeeld via resultaatafsprakenmodule van Innovatienul13, die ook de Peutermonitor verzorgt. De LEA bespreekt de uitkomsten half 2024 en februari 2026.

Opbrengsten OAB-activiteiten onderwijs De kinderen die deelnemen aan de schakelklas, taalklas en verlengde schooldagen maken als het goed is een goede taalontwikkeling door. We koppelen hier geen concrete afspraken aan, zoals we dat voor vve wel hebben gedaan. Wel spreken we af dat het onderwijs per schooljaar per leerling die deelgenomen heeft de Didactische Leeftijd Equivalant (DLE) voor onderdeel taal in kaart brengt voorafgaand en na afloop van deelname aan de OAB-activiteit. In de LEA van september/oktober bespreken we in de LEA de uitkomsten en trekken we waar nodig conclusies voor het vervolg,

30

9.4 Monitor procesafspraken OAB-plan Naast de monitor en evaluatie over bereik, kwaliteit en opbrengsten is het ook goed om de gemaakte procesafspraken en doelen uit dit OAB-plan te gaan monitoren. We gaan dit doen via een jaarlijkse uitvraag aan gemeente, ve-aanbieders, scholen en schoolbestuurders. Dit bevat de volgende onderdelen: • Alle ve-kinderen kunnen binnen een maand worden geplaatst bij een ve-locatie thuisnabij. • Ouders van ve-peuters zijn meer betrokken bij de ontwikkeling van hun kind en ondernemen zelf taalondersteunende activiteiten. • Iedere ve-locatie kan via het eigen team vanaf 2024 terecht met vragen over moeilijk gedrag bij de kinderen. Daarnaast biedt de GGD ondersteuning door minimaal 2 keer per jaar de VE kinderen te bespreken met de coach of PM’er van de VE groep. • Minimaal vijf scholen hebben verlengde schooldagen. • We hebben zicht op de mate van segregatie (op inkomen, opleiding en herkomst) in de wijken van Soest en we zorgen ervoor dat de segregatiemate minimaal stabiel blijft. • Er zijn voor ouders duidelijkere en eerlijke toelatings- en inschrijfprocedures. • De verdeling van achterstandsleerlingen stabiliseert en de vijf basisscholen met de hoogste schoolgewichtenscores in 2023 zien hun schoolgewichtenscore niet stijgen.

10

Financiën

Gemeente Soest De gemeente heeft eind september 2023 een voorlopige beschikking gehad voor het OAB-budget in 2024. Deze bedraagt afgerond € 1,49 M. Dit budget verandert jaarlijks, omdat het Rijk jaarlijks per gemeente een nieuwe verdeling opstelt en er een correctie kan komen voor loon- en prijsstijgingen. Soest kent al jaren een stijgend OAB-budget. We veronderstellen dat het bedrag van 2024 de ondergrens is voor de jaren 2025 en verder. We rekenen dus derhalve dat wij € 1,49M blijven ontvangen. Indien er een onderbesteding is in het jaar 2023, kunnen we die inzetten in de periode 2024-2026. Deze middelen houden we apart voor onvoorziene kosten. Tabel 3: Verwachte inkomsten OAB 2024-2026 2024 Specifieke uitkering OAB

≈ € 1,49M

2025

2026

≈ € 1,49M

≈ € 1,49M

Op basis van tabel 3 is op te maken dat naar verwachting in de periode 2024-2026 in totaal € 4,5 M aan gemeentelijke OAB-middelen in te zetten is. In tabel 4 staat de te verwachte inzet van de gemeente Soest vanuit de specifieke uitkering OAB van het Rijk. In dit beleidsplan staan enkele andere activiteiten genoemd (onder meer Boekstart, Samenspel, Verlengde Schooldagen) die uit andere gemeentelijke middelen betaald gaan worden. Omdat de specifieke uitkering jaarlijks verantwoord moet worden, geven we die hieronder apart weer. We creëren hierbij ook een post nieuwe initiatieven, zodat nieuwe punten die voortkomen uit aangekondigde onderzoeken of nieuwe samenwerkingsoverleggen mogelijk gemaakt kunnen worden.

31

Tabel 4: Verwachte inzet gemeente Soest vanuit Rijksmiddelen OAB 2024-2026 2024

2025

2026

OAB 0-2 (indiceren en toeleiden, taalstimulering

€15.000

€15.000

€15.000

OAB 2-4 (o.a. ve-plekken*, ouderbetrokkenheid, 3e pm’er, Pbm’er, Taalstimulering, Voorleesexpress)

€ 1.126.000

€ 1.126.000

€ 1.126.000

Overdracht en doorgaande leerlijn (warme overdracht etc) Opbrengsten in beeld, monitoren etc.

€25.000

€25.000

€25.000

€20.000

€20.000

€20.000

OAB basisonderwijs (o.a. schakelklassen, taalklas**, Taalstimulering, Voorleesexpress) VVE werkgroep

€ 166.000

€ 166.000

€ 166.000

€3.000

€3.000

€3.000

Ambtelijke kosten

€50.000

€50.000

€50.000

Peutermonitor / resultaat monitor

€35.000

€35.000

€35.000

Nieuwe initiatieven (stelpost)

€50.000

€50.000

€50.000

€ 1.490.000

€ 1.490.000

€ 1.490.000

Activiteiten

Totale geschatte kosten

*Ve plekken excl. De peuterplekken van peuters zonder indicatie van 2-2,5 jaar. **Taalklas kosten is inclusief verwachte middelen vanuit het Rijk .

Basisscholen De schoolbesturen ontvangen in 2023 in totaal € 808.000 voor de basisscholen in Soest voor het bestrijden van OAB. Deze middelen zitten in de lumpsum-financiering en kunnen door schoolbesturen en scholen dus naar eigen inzicht worden ingezet. Aangezien wij met elkaar partners zijn voor dit onderwijsachterstandenbeleid, geven de schoolbesturen met enige regelmaat inzicht in de inzet die gepleegd worden. Ook kunnen zij besluiten om een deel in te zetten voor nieuwe initiatieven die voortkomen uit dit beleidsplan. In de bijlage staat hoeveel OAB-middelen er per school beschikbaar is. Vo-school Het Griftland college ontvangt in 2023 ongeveer €78.000 voor bestrijden van onderwijsachterstanden via de Leerplusarrangement-middelen (bijna 100 leerlingen uit postcode 3765, € 805 per leerling). Vanwege omvorming naar Onderwijskansenregeling voortgezet onderwijs vanaf 2024 met een nieuwe berekeningssystematiek is moeilijk in te schatten hoeveel middelen Griftland college vanaf 2024 en verder gaat ontvangen. De inzet staat het Griftland college volledig vrij, waarbij we eveneens de wens uitspreken van transparantie in deze inzet en bijdrage aan nieuwe initiatieven indien nodig/gewenst.

11

Samenwerking en structuur OAB

We sluiten deze beleidsnota af met een hoofdstuk over samenwerking en structuur. In de afgelopen periode was de regie op OAB wisselend. Mede door corona en een flink aantal ambtelijke wisselingen was er weinig regie op OAB. Vanaf 2023 is ingezet op stevigere regie van de gemeente en dat zetten

32

we voort in de periode 2024-2026, waarbij de gemeente voornemens is extra ambtelijke capaciteit voor OAB te reserveren vanaf 2024. Overlegstructuur rond OAB 2024-2026 Lokaal Educatieve Agenda Het Lokaal Educatieve Agenda (LEA) overleg is een bestuurlijk overleg in het kader van de WPO artikel 160a en WVO artikel 3.42. Het LEA-overleg bestaat uit de bestuurlijke partners: gemeente, schoolbesturen, kinderopvang met ve en samenwerkingsverbanden. De LEA is een besluitvormend overleg. Hier wordt het lokale beleid op hoofdlijnen vastgesteld en worden de thema’s en bijbehorende doelen bepaald. Dit overleg is daarmee overwegend strategisch en besluitvormend en formuleert waar nodig opdrachten of taken voor de onderliggende vve-werkgroep. In de gemeente Soest verzorgt de OAB-beleidsadviseur de terugkoppeling en communicatie tussen het LEA-overleg en de vve-werkgroep. Het LEA-overleg vindt ongeveer 4 keer per jaar plaats. Een paar voorbeelden van mogelijke OABonderwerpen op de LEA zijn: uitkomsten resultaatafspraken vve, beleidsnota OAB en financiële uitwerking van plannen. Minimaal 1 keer per jaar bespreken we het OAB in de LEA zodat de wettelijke afspraken OAB geborgd zijn. De LEA adviseert het college over het gewenste gemeentelijk beleid, dus ook over OAB. POSS

Het platform onderwijs Soest en Soesterberg (POSS) is een overleg tussen alle schoolbesturen po en vo. Bij dit overleg sluit ook de beleidsadviseur onderwijs van de gemeente Soest aan en het Samenwerkingsverband. Dit overleg vindt ongeveer 4x per jaar plaats en hierin bespreken de schoolbesturen alle relevante, actuele punten. Het OAB kan hier ook een bespreekpunt zijn. Vve-werkgroep Deze houdt zich bezig met het vve-beleid en de evaluatie van het beleid en de uitvoering. De werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeente, ve-aanbieders, vertegenwoordigers van het basisonderwijs, Idea, JGZ en stichting Balans. De vve-werkgroep kan advies uitbrengen aan de LEA. In dit overleg komen specifieke thema’s of onderdelen van vve-beleid aan bod. Het gaat hierbij voornamelijk om gemeentebrede afspraken op het gebied van vve, zoals bijvoorbeeld de overdracht en doorgaande lijn vve. De deelnemers aan dit overleg kunnen indien nodig hun achterban raadplegen voordat definitieve besluiten worden genomen. De vve-werkgroep komt 4 keer per jaar bijeen om de gang van zaken en eventuele ontwikkelingen op het gebied van vve te bespreken. In deze structuur geldt dat OAB-vraagstukken besproken kunnen worden op één of meerdere niveaus: strategisch (LEA, vve-werkgroep bereidt dit voor), tactisch (vve-werkgroep) en uitvoerend niveau (koppeloverleg tussen school en voorschool).

De afweging op welk niveau iets besproken wordt, ligt primair bij de beleidsadviseur onderwijs. Als een vraagstuk OAB besproken wordt, zitten er mensen met mandaat aan tafel indien er beslissingen gevraagd worden. Deze personen kunnen ook acties uitzetten op het niveau waarop wordt gesproken. Ook koppelen deze mensen de uitkomsten terug binnen de eigen organisatie.

33

Bijlage Cijfers OAB Soest Kerngetallen met aantallen Tabel B.1:

Ve-locaties Soest (bron: landelijkregisterkinderopvang, 2023) School

Kern

Wijk

Aantal kindplaatsen 21

Kinderdagverblijf Toren

Soest

Wijk 01 ‘t Hart-Soestdijk

32

Kinderdagverblijf Woelwaters

Soest

Wijk 01 ‘t Hart-Soestdijk

16

Kinderdagverblijf De Bron

Soest

Wijk 02 Klaarwater

16

Helden Opvang Van Hamelstraat

Soest

Wijk 02 Klaarwater

44

Kinderdagverblijf Bereboot

Soest

Wijk 05 Smitsveen

32

Kinderdagverblijf Kwetternest

Soest

Wijk 06 Overhees

32

Helden Opvang Insingerstraat

Soest

Wijk 06 Overhees

16

Kinderdagverblijf Ukkepuk

Soest

Wijk 07 Soest-Zuid

16

Kinderdagverblijf Helikopter

Soesterberg

Wijk 08 Soesterberg

32

Tabel B.2: Overzicht basisscholen (bron: DUO en CBS, 2023) Wijk

Aantal leerlingen

Schoolweging

OABbudget 2023

Openbare basisschool De Egelantier (19JO00)22

Wijk 05 Smitsveen

202

34,2

€ 382.000

Basisschool de Achtbaan (20JB00)

Wijk 02 Klaarwater

164

32,3

€ 86.000

De Startbaan (27NN00)

Wijk 08 Soesterberg

153

31,3

€ 59.000

3e vd Huchtschool van Bo (23TM00)

Wijk 05 Smitsveen

219

30,9

€ 189.000

Basisschool de Wegwijzer (20IT00)

Wijk 06 Overhees

192

29,9

€ 45.000

St Carolusschool (17KD00)

Wijk 08 Soesterberg

231

29,5

€ 40.000

Basisschool De Bron (19VY00)

Wijk 06 Overhees

238

28,6

€0

2e van der Huchtschool (09DI00)

Wijk 06 Overhees

225

27,7

€0

Daniëlschool (23WR00)

Wijk 05 Smitsveen

102

27,3

€0

School

21 Met ‘aantal kindplaatsen’ wordt de maximumbezetting van het aantal kinderen per opvanglocatie bedoeld. 22 Onder dit brinnummer valt ook basisschool DeBuut.

34

Insinger basisschool (19UH00)

Wijk 06 Overhees

220

27,1

€0

Basisschool De Postiljon (06UZ00)

Wijk 08 Soesterberg

194

26,5

€0

RK Bs de Driesprong (20IQ00)

Wijk 01 ‘t HartSoestdijk

229

25,8

€0

Da Costa Basisschool (19TK00)

Wijk 01 ‘t HartSoestdijk

221

25,3

€ 7.000

1e Van der Huchtschool (08CN00)

Wijk 01 ‘t HartSoestdijk

237

24,9

€0

RK Montessori-School (20IY00)

Wijk 04 de EngSoest-Midden

230

24,1

€0

De Werveling Basisschool (19RY00)

Wijk 07 Soest-Zuid

310

23,3

€0

Ludgerusschool (20IM00)

Wijk 07 Soest-Zuid

242

22,9

€0

Noot: Het weergegeven aantal leerlingen en de schoolweging betreft het driejaarsgemiddelde van 2019 t/m 2021 (Bron: CBS).

Tabel B.3: OAB-schoolpopulatie per wijk (bron: CBS, 2021) Wijk

Aantal scholen

Leerlingen

Gemiddelde schoolweging23

Wijk 02 Klaarwater

1

164

32,3

Wijk 05 Smitsveen

3

523

31,5

Wijk 08 Soesterberg

3

578

28,9

Wijk 06 Overhees

4

875

28,3

Wijk 01 ‘t Hart-Soestdijk

3

688

25,3

Wijk 04 de Eng-Soest-Midden

1

230

24,1

Wijk 07 Soest-Zuid

2

552

23,1

Noot: Het weergegeven aantal leerlingen en de schoolweging betreft het driejaarsgemiddelde van 2019 t/m 2021 (Bron: CBS).

Plaatjes spreiding risicoleerlingen (CBS)

Om ook binnen wijken inzicht te geven in de concentratie risicokinderen OAB, stelt het CBS zogenoemde ‘heatmaps’ op; kaartjes waarin de concentratie risicokinderen wordt getoond. Hierbij geldt: hoe groter de concentratie risicokinderen, des te donkerder de figuur. In onderstaande figuur

23 Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) berekent de schoolweging van een school door te kijken naar verschillende

kenmerken, waaronder: • • • • •

35

Het opleidingsniveau van de ouders; Het gemiddelde opleidingsniveau van alle moeders op de school; Het land van herkomst van de ouders; De verblijfsduur van de moeder in Nederland; Of de ouders in de schuldsanering zitten.

geven we op de heatmap de locaties weer van peuterspeelzalen en kinderdagverblijven mét (groen) en zonder (blauw) ve-aanbod in de gemeente Soest. Figuur B.1: Heatmap locaties peuterspeelzalen en kinderdagverblijven met en zonder ve-aanbod (bron: Heatmap: CBS, Landelijk Register Kinderopvang (1-1-2023), bewerking Oberon)24

We zien dat het aantal kinderopvanglocaties met en zonder ve zich concentreert rondom de wijken Klaarwater, Smitsveen, Overhees en de Eng-Soest-Midden. In de wijk Soest-Zuid zien we alleen in het noorden enkele kinderopvanglocaties gevestigd. Wat opvalt is dat de wijk Eng-Soest-Midden wel enkele kinderdagopvanglocaties kent, maar geen van al deze locaties ve biedt. Ook voor kinderen in de basisschoolleeftijd stelt het CBS ‘heatmaps’ op per gemeente. Hieronder geven we weer waar de risicokinderen OAB in Soest geconcentreerd zijn. Hierbij geldt: hoe groter de concentratie risicokinderen, des te donkerder de figuur. Op basis van het risico op onderwijsachterstand per leerling, kan ook een overkoepelend schoolniveau worden bepaald op welke scholen het risico op onderpresteren het grootst is. Het CBS berekent de schoolweging25. Deze schoolweging loopt van 20 tot 40. In de beoordeling van scholen gebruikt de Inspectie van het Onderwijs deze schoolweging. De Inspectie zegt hierover het volgende: 24 Het CBS ligt het volgende toe met betrekking tot de heatmaps: “In de heatmaps wordt de spreiding in de

gemeente weergegeven van de locaties waar de kinderen wonen die tot de landelijke doelgroep behoren. De heatmaps geven een indruk van de concentraties binnen de gemeente, maar geen exacte aantallen op een bepaalde locatie. De heatmaps zijn gebaseerd op de X en Y coördinaten (geografische aanduidingen) voor de woonplaats van huishoudens waarin kinderen woonachtig zijn. Per locatie van 100x100 meter wordt bepaald hoeveel kinderen uit de gekozen populatie tot de landelijke doelgroep behoren. Voor iedere locatie wordt het aantal uitgesmeerd over naburige locaties met een zogenaamde kernel density smoother, hetgeen resulteert in “gladdere” ruimtelijke verdeling en vermindert onthulling van individuen. Als een locatie na uitsmeren alsnog een dichtheid heeft die kan leiden tot onthulling dan worden deze verwijderd uit de heatmap. De aantalllen worden daarna op een logaritmische schaal in 4 klassen ingedeeld: dit voorkomt dat hoge (bevolkings-)dichtheden het kaartbeeld overheersen en toont meer gradaties. Als de aantallen dusdanig klein zijn dat de extra beveiligde heatmaps ook onthullend zouden zijn, wordt geen heatmap getoond. De heatmaps zijn gegenereerd per gemeente.

Dit zorgt ervoor dat vergelijkingen van heatmaps tussen gemeenten voor een vertekend beeld zorgt: de aantallen kinderen die corresponderen met de hoogste categorie zijn immers per gemeente verschillend.” (Bron: CBS Onderwijsachterstandendashboard) 25 Voor toelichting op het berekenen van de schoolweging door het CBS, zie pagina 4.

36

“Hoe lager de schoolweging, hoe minder complex de leerlingenpopulatie en hoe hoger de resultaten die we van de school mogen verwachten.” Op onderstaande kaart is te zien waar de scholen in Soest liggen en welke leerlingpopulatie ze bedienen. Figuur B.2: Heatmap concentratie doelgroepkinderen schoolweging locaties (bron: Heatmap: CBS, Data: CBS, bewerking Oberon)

Risicokinderen zijn vooral geconcentreerd in de wijken Smitsveen, Klaarwater en het noordoosten van de wijk Overhees. Ook in de wijk Soesterberg, het centrum van de wijk ’t Hart-Soestdijk en het westen van de wijk de Eng-Soest-Midden zien we een concentratie risicokinderen. Scholen met een zwaardere schoolweging zien we in Smitsveen, Klaarwater en Soesterberg.

37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=b905751d-a8fb-4382-95d1-56f97ca0212c