OmgevingsprogrammaMobiliteitDEF
Tekst van het document
en het verbeteren van het openbaar vervoer, inclusief de last-mile connecties. Deelmobiliteit(hubs) en laad-
punten zijn hierbij ook relevant. Voor het ontwikkelen van deelmobiliteit zoeken we de verbinding met de regio. Tegelijkertijd staan we open voor lokale initi-
atieven. Binnen deelmobiliteit, maar ook om minder te reizen (zoals plaatsonafhankelijk werken). Tot slot staan wij open voor ontwikkelingen die het gebruik van waterstof aanmoedigen.
• Deelmobiliteit: aantallen en gebruik van
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende
keer, maar deze voertuigen zijn niet meer alleen
Duurzame alternatieven voor fossiel vervoer
• We richten ons op minder en anders reizen.
(her)inrichtingsplannen.
bij aan het verlagen van CO2-uitstoot. Investeren in
• In Soest blijft er ruimte voor gemotoriseerd ver-
maar leidend bij het maken van beleidskeuzes en
Inhoudsopgave
deelvoertuigen.
Duurzame alternatieven voor fossiel vervoer dragen
beleidsuitgangspunt:
deze vervoersopties helpt niet alleen het milieu, maar
29
DEEL B - MOBILITEIT Duurzame materiaalkeuzes We erkennen de impact van onze materiaalkeuzes op de CO2-uitstoot. Daarom is het belangrijk om
duurzaamheid mee te nemen bij het maken van deze keuzes. Door in te spelen op de nieuwste ontwik-
kelingen en innovaties, zetten we in op het gebruik
naar een balans tussen ontwikkeling en behoud van de natuurlijke omgeving die Soest zo uniek maakt. We zorgen voor een inclusief vervoerssysteem. Hierdoor kan iedereen elkaar ontmoeten. Indicatoren
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• We leggen alleen extra verharding aan als dit de verkeersveiligheid verbetert.
van duurzame en circulaire materialen. Dit draagt
• Luchtkwaliteit en verkeersgeluid: onderzoeken op
Meer fietsen
maar sluit ook aan bij onze bredere ambitie om een
• Lengte netwerk: geeft inzicht in het netwerk per
Fietsen is gezond, brengt geen schade toe aan het
nomie. Dit vraagt ook om een andere manier van
• Afstand tot voorzieningen in gemeente Soest:
niet alleen bij aan het terugdringen van CO2-uitstoot, positieve bijdrage te leveren aan de circulaire ecowerken.
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende
plekken waar dat belangrijk is.
We willen het gebruik van de fiets stimuleren.
vervoerswijze.
milieu en draagt bij aan een betere bereikbaarheid.
geeft inzicht in de afstand tussen wonen en voorzieningen.
beleidsuitgangspunt:
Minder verharding, meer ruimte voor groen en water
• We kiezen voor duurzame en circulaire materialen
omgeving voor iedereen. Om dit te bereiken, vermin-
volgens het (gemeentebrede) circulaire actieplan.
2.4.4 Doel 4: Behouden van een vitale en aantrekkelijke woon, werk en recreatiegemeente We zetten ons in voor een leefomgeving waarin onze inwoners zich prettig en gezond voelen.
Samen werken we aan een Soest waar iedereen met
We werken aan een groene, leefbare en duurzame
deren we onnodige verharding. Onnodige verharding veroorzaakt onnodige hittestress en wateroverlast, en doet afbreuk aan de natuurlijke uitstraling van onze gemeente. Ook kijken we bij herinrichtings-
We brengen fietsgebruik daarom zo goed mogelijk onder de aandacht. Zo proberen we structurele gedragsverandering te creëren. Dit vraagt ook wat van de inrichting van de openbare ruimte.
Wanneer de ruimte niet groot genoeg is voor alle
vervoersmiddelen, geven wij daarom vaker prioriteit aan de voetganger en fietser, in plaats van de auto. Ook het recreatieve fietsnetwerk is belangrijk om onze inwoners gezond van onze natuur te laten genieten. Deze houden we in stand.
projecten naar het vergroten van ruimte voor groen en water. Zo ontstaat er meer ruimte voor groen en water.
plezier kan wonen, werken en recreëren. We streven
Inhoudsopgave
30
DEEL B - MOBILITEIT
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• We volgen het STOMP-principe.
• Bij ruimtelijke knelpunten krijgen fietsers en
voetgangers voorrang op auto’s in de inrichting. Vooral op locaties die verkeer aantrekken.
• Meer mensen gaan fietsen, omdat we inzetten op passende infrastructuur en gedragsverandering.
Verplaatsingsmogelijkheden Iedereen heeft recht op goede
verplaatsingsmogelijkheden. Dit betreft toegang tot betrouwbaar, betaalbaar en geschikt vervoer, maar ook de toegankelijkheid van de openbare ruimte.
met het Sociaal Domein. We voorkomen daarnaast
van de fiets en de bus om de bereikbaarheid van
belemmering is om buiten te komen.
Ook hebben wij bushaltes rookvrij gemaakt om een
zo veel mogelijk dat de openbare ruimte fysiek een
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende
• We dragen bij aan het waarborgen van verplaat-
singsmogelijkheden voor iedereen door de fysieke leefomgeving op orde te maken.
• We zorgen ervoor dat stoepen voor iedereen toegankelijk zijn.
• Samen met team Sociaal Domein organiseren we
sociaal vervoer en bestrijden we vervoersarmoede.
Toegankelijke bushaltes
openbaar vervoer, mensen die zich geen privé-
is een belangrijk onderdeel van onze mobiliteitsvisie.
Soest en Soesterberg mensen in gebieden zonder
Goed bereikbaar en toegankelijk openbaar vervoer
voertuig kunnen veroorloven, of mindervaliden en
Het moet voor iedereen mogelijk zijn om veilig en
Het belemmert kansen op werk, gezondheidszorg en sociale participatie. Dit is een groeiend
aandachtspunt bij het maken van mobiliteitsbeleid.
We zetten in voor het waarborgen en beschikbaarder
maken van vervoerswijzen zoals (passend) OV, samen
Inhoudsopgave
gezondere omgeving te creëren voor alle inwoners.
beleidsuitgangspunt:
Verminderde verplaatsingsmogelijkheden raken in
ouderen vanwege ontoegankelijke infrastructuur.
bijvoorbeeld bedrijventerreinen te verbeteren.
comfortabel gebruik te maken van bushaltes en
andere (overstap)voorzieningen. Wij werken aan een
inclusiever en beter bruikbaar netwerk van openbaar vervoer. Zowel via fysieke aanpassingen als via
begeleiding door ambassadeurs van het openbaar vervoer. Daarnaast stimuleren we het combineren
31
DEEL B - MOBILITEIT
beleidsuitgangspunten:
Hoe minder overlast van verkeersgeluid, lucht-
2.4.5 Doel 5: Zorgen dat iedereen zijn bestemming kan bereiken
• Iedereen moet gebruik kunnen maken van het
Geluidreducerend asfalt op wegen met een maxi-
snetwerk bevorderen. Daarnaast willen wij bekende
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende
openbaar vervoer.
• Er zijn voldoende fietsvoorzieningen bij bushaltes. Drukke haltes krijgen daarbij prioriteit.
• Bushaltes zijn rookvrij. Spelen op straat
We willen een leefomgeving creëren die zowel
prettig als natuurlijk is. Een belangrijke stap in deze richting is het bevorderen van ‘spelen op straat’.
Wij vinden dit belangrijk, want de openbare ruimte is van iedereen. Toch zien we in Soest dat veel straten
vol staan met geparkeerde auto’s. Dit gaat ten koste
van de ruimte voor groen en speelplekken. We staan open voor veranderingen waar dat kan.
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende beleidsuitgangspunt:
• Wanneer er wel veel vraag naar parkeerplaatsen is, moet er wel voldoende draagvlak voor ‘spelen op straat’ aanwezig zijn.
Inhoudsopgave
Geluid, lucht en licht van verkeer vervuiling en trillingen, hoe prettiger het leven is.
Met dit doel willen wij een sociaal inclusief vervoer-
mumsnelheid van 50 km/uur werkt verminderend
knelpunten voor fietsers, voetgangers, openbaar
voor het verkeersgeluid. Om de luchtkwaliteit te
verbeteren, stimuleren wij ‘zero-emissievoertuigen’.
vervoer en gemotoriseerd verkeer oplossen.
Dit zijn voertuigen die zonder uitstoot, zoals elek-
We willen Soest en Soesterberg behouden als een
voorzichtig om met openbare verlichting. Zo pro-
werken en recreëren (zie doel 4). Dit betekent dat de
trische auto’s. Verder gaan wij in het buitengebied beren wij de natuur zo min mogelijk te verstoren, zonder in te leveren op veiligheid.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• Geluidsoverlast beperken door passend materiaal
vitale en aantrekkelijke gemeente om in te wonen,
gemeente goed bereikbaar moet zijn, dat inwoners gemakkelijk ontmoetingsplekken kunnen bereiken,
dat ondernemers goed bereikbaar zijn voor klanten en leveranciers, en dat recreanten kunnen genieten van onze natuur. Indicatoren
te gebruiken, in combinatie met de toegestane
• Afstand tussen woningen en voorzieningen in de
• Met betrekking tot licht is er per locatie een balans
• Score fietsstad: welk cijfer geven onze inwoners
snelheid.
tussen verkeersveiligheid, sociale veiligheid en natuur.
gemeente Soest.
onze fietsinfrastructuur?
• Aantal in- en uitstappers in het openbaar vervoer. • Werknemersbanen en reisafstand: tussen woonen werkregio.
32
DEEL B - MOBILITEIT Doorfietsroutes en directe fietsverbindingen Met de groei van de regio Amersfoort neemt de druk op fietspaden toe. Hierdoor groeit het belang van
een goede fietsinfrastructuur. We richten ons zowel lokaal als regionaal op veilige en snelle (door)fietsroutes om autogebruik te verminderen en dorpen
en steden bereikbaar te houden. Hiervoor volgen we
in voor een beter gebruik We streven naar verbeteringen in toegankelijkheid, overstapmogelijkheden en knooppunten van het openbaar vervoer. Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
onze wensstructuur. Zie hiervoor bijlage 4.
• De Soesterlijn en de snelle busverbindingen
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende
• De OV-knooppunten en de P+R Soesterberg
beleidsuitgangspunt:
• (Door)fietsroutes zijn een aantrekkelijk alternatief voor autogebruik.
Openbaar vervoer
vormen de ruggengraat van het openbaar vervoer. maken het gebruik van openbaar vervoer makkelijker.
• We streven ernaar Soesterberg onderdeel te
maken van de HOV-as tussen Amersfoort en Utrecht.
Openbaar vervoer als duurzaam alternatief voor
Verkeersknelpunten
Het verbindt ons met elkaar en omliggende kernen,
meer verkeer, wat kan zorgen voor meer drukte op
de auto is onmisbaar in Soest en Soesterberg.
De groei van woningen in de regio zorgt voor
vermindert uitstoot en ruimtegebruik en helpt
bestaande wegen in Soest. Het wegennet van Soest,
vervoersarmoede te bestrijden door mensen zonder auto meer vervoersopties te geven. De Soesterlijn
vormt de ruggengraat van het OV-netwerk, aangevuld met snelle busverbindingen en buurtbussen.
De Soesterlijn moet blijven bestaan. We zetten ons
Inhoudsopgave
Soesterberg en daaromheen maakt ons lokaal en
bedoeld zijn, zoals door woonstraten. Dit geeft druk op onze kernwaarden ‘dorps’, ‘groen’ en ‘vitaal’. We onderscheiden zogenaamde ‘structuurknel-
punten’, wat betekent dat de hoeveelheid verkeer niet klopt bij de functie en inrichting van de weg,
en ‘capaciteitsknelpunten’. Dit betekent dat er meer verkeer is dan de weg gezien zijn functie aankan.
De verschillende knelpunten vragen om verschillende oplossingen.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• Ruimtelijke ontwikkelingen mogen niet leiden tot knelpunten op onze wegen.
• Wij verwijderen wegafsluitingen als dit niet leidt tot capaciteitsknelpunten op andere plekken.
• We gebruiken slimme verkeerslichten, omdat die de doorstroming verbeteren.
regionaal toegankelijk voor gemotoriseerd verkeer.
Gemeentelijke wegencategorisering
aankunnen. Anders ontstaan er knelpunten en gaan
en goed ingericht wegennet. Hier is al eerder een
Het is belangrijk dat onze hoofdwegen dit verkeer
Een heldere wegcategorisering zorgt voor een veilig
meer mensen op wegen rijden die daar niet voor
wegencategorisering voor opgesteld, gebaseerd
33
DEEL B - MOBILITEIT
op keuzes rond de landelijke inrichtingsrichtlijnen
Calamiteitenplannen
lende wegtypen draagt namelijk bij aan een juist
heid van hulpdiensten. Ze zijn een belangrijk onder-
van Duurzaam Veilig. Het herkennen van verschil-
Onze hoofdwegen zijn belangrijk voor de bereikbaar-
gebruik van de weg en aan positief gedrag van de
deel van calamiteitenplannen. Daarom moeten onze
weggebruikers.
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende beleidsuitgangspunt:
• Een juiste wegencategorisering leidt tot veilige en herkenbare wegen.
hoofdwegen ook bij bijvoorbeeld zware regenval toegankelijk zijn.
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende
voor de toegankelijkheid voor mensen met een beperking.
Indicatoren • Parkeerdrukonderzoek: dit onderzoek geeft inzicht in de parkeerdruk in woonstraten.
beleidsuitgangspunt:
Parkeernormen
• Onze hoofdwegen zijn bij calamiteiten beschikbaar
leefbaarheid van onze wijken. We volgen de lande-
voor hulpdiensten.
2.4.6 Doel 6: Vraag en aanbod naar parkeerplaatsen zijn in balans Een goed parkeerbeleid is onmisbaar voor een
leefbare, toegankelijke en duurzame gemeente
Soest. Voldoende parkeerruimte is belangrijk voor
de bereikbaarheid en vitaliteit van onze gemeente.
Tegelijkertijd moeten we ook rekening houden met de gevolgen van verharding, zoals hittestress en
minder goede infiltratie van regenwater. We willen
een balans vinden tussen de parkeerbehoefte (Nota Parkeernormen, hierna de Parkeernota) aan de ene
kant en het behoud van groene, leefbare straten aan
Inhoudsopgave
de andere kant. Daarbij hebben we speciale aandacht
Onze parkeernormen dragen bij aan de vitaliteit en lijke richtlijnen van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Wegenbouw en Verkeerstechniek
(CROW), maar passen deze aan naar de behoefte van Soest. We gaan de parkeernormen herzien, waarbij
we het STOMP-principe toepassen en de ruimtevraag van parkeren efficiënter maken. We zoeken de balans in het gebruik van parkeerplaatsen, ook in relatie
tot de nabijheid voorzieningen. Ook zijn de andere omgevingsprogramma’s input voor de herziening. Bij ontwikkelingsprojecten nabij OV-knooppunten
zorgen we ervoor dat minder parkeerplaatsen nodig zijn, in lijn met het Convenant Toekomstbestendig Bouwen (link).
34
DEEL B - MOBILITEIT
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende
• Bij ruimtelijke ontwikkelingen hanteren we de
• Bij een hoge parkeerdruk behouden we zoveel
• In de centrumgebieden zoals gesteld door EZ
• De Omgevingsprogramma’s zijn de basis voor de
• Bij een lage parkeerdruk is ander gebruik van
handel, centrumfuncties en horeca dan in
beleidsuitgangspunten:
normen volgens de Parkeernota. Parkeernota.
beleidsuitgangspunten:
mogelijk bestaande parkeerplaatsen. parkeerplaatsen mogelijk.
beleidsuitgangspunten:
gelden andere parkeernormen voor detail-
andere gebieden, zoals staat omschreven in de Parkeernota.
Bestaande parkeerruimte
Parkeren in centrumgebieden/parkeerregulatie
In Soest en Soesterberg is het heel belangrijk om
(blauwe zones)
brengen. Dit geldt vooral voor oudere wijken, omdat
locaties goed bereikbaar blijven, zodat ze kunnen
Parkeren voor mensen met een beperking
er soms een krapte op het gebied van het aantal
mogelijk kunnen bewegen. Dat vraagt een toegan-
• Een wijziging van bestemming leidt hierdoor niet tot een andere parkeernorm.
vraag en aanbod van parkeerplaatsen in balans te
Voor onze ondernemers is het belangrijk dat hun
hier minder ruimte is. We monitoren de parkeerdruk
concurreren met andere winkelgebieden. Toch is
Mensen met een beperking moeten zich zo vrij
parkeerplekken. Het parkeerbeleid met een blauwe
kelijke omgeving. Voor mensen met een lichamelijke
in onze woonstraten. De gemeente streeft ernaar
om daar waar mogelijk de beschikbare ruimte om te parkeren te optimaliseren, zonder dat dit ten koste gaat van groen en waterbeheer. Hierbij kijken wij
zorgvuldig naar het behoud van bestaande parkeerplaatsen en de mogelijke toevoeging van nieuwe
parkeerplaatsen, zonder dat dit onnodige verharding met zich meebrengt die bijdraagt aan hittestress en wateroverlast. We kijken kritisch naar het verhar-
dingstype dat we toepassen. Door bermen anders in te richten voorkomen we (onnodig) parkeren in
zone stimuleert bezoekers daarom om meer met de fiets te komen. We streven ernaar om de parkeermogelijkheden te optimaliseren, zonder dat
dit ten koste gaat van de leefbaarheid en toegankelijkheid van de openbare ruimte. De bestaande
hoeveelheid parkeerplaatsen houden we in stand.
Daarvoor blijven we actief monitoren of de parkeerregulatie effectief is.
beperking is lopen en/of fietsen niet altijd mogelijk, waardoor de auto vaak het beste alternatief is voor langere afstanden. Parkeerplaatsen voor mensen
met een beperking spelen hierbij een belangrijke
rol, omdat deze ervoor zorgen dat deze groep dicht bij hun bestemming kan parkeren en de loopafstand naar hun bestemming zo kort mogelijk is.
bermen.
Inhoudsopgave
35
DEEL B - MOBILITEIT
Parkeerplekken voor mensen met een beperking
is nu gericht op de fysieke staat van de chauffeur.
2.5 Gebieden
Hier voegen we maatwerk aan toe. Denk bijvoor-
2.5.1 Korte toekomstschets van belangrijke gebieden
beperking.
Onderstaande toekomstbeelden vatten kort ons
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende
stromend verkeer op specifieke locaties. Dit kan
beeld aan de toegankelijkheid voor kinderen met een
beleidsuitgangspunten:
• We zijn ruimhartig met aanvragen voor parkeer-
beeld samen voor veilig, duurzaam en goed doorals input gebruikt worden als we gebiedsvisies of gebiedsprogramma’s willen opstellen.
Tegelijkertijd zijn er ook veel bestemmingen langs
de Birkstraat. De huidige inrichting zorgt voor uitda-
gingen in de doorstroming, bereikbaarheid en veiligheid van deze bestemmingen. Aanpassingen die wij
in de toekomst gaan doen, brengen balans tussen de verkeersfunctie en het behoud van de omliggende
groenstructuur. Hierdoor blijft de straat aantrekkelijk voor inwoners en weggebruikers.
Van Weedestraat: verkeersveiligheid in het hart
Soesterberg: dynamische verbindingen
van Soest
kenteken.
Soesterberg ontwikkelt zich als een belangrijk
De Van Weedestraat loopt door het levendige
voldoende parkeerplaatsen voor mensen met een
een overstappunt voor reizigers die verder willen
route. De intensiteit van het verkeer maakt het
plaatsen voor mensen met een beperking op
• Bij voorzieningen waar veel mensen komen, zijn beperking.
knooppunt voor mobiliteit. De P+R Soesterberg is met de bus. Nieuwe HOV-lijnen moeten Soes-
terberg minder afhankelijk van de auto maken. Nieuwe woonwijken, zoals Oude Tempel en De
Groene Hoogte, krijgen betere verbindingen met het openbaar vervoer. Deze verbeteringen maken Soesterberg aantrekkelijker voor inwoners en bezoekers.
Daarnaast verminderen zij de afhankelijkheid van de
oversteken voor voetgangers en fietsers uitda-
gend. De straat wordt veiliger en vriendelijker voor
gebruikers dankzij verbeterde oversteekplaatsen en een focus op langzaam rijdend verkeer, zonder dat dit ten koste gaat van de toegankelijkheid van het winkelgebied.
auto, terwijl het dorp zijn karakter behoudt.
Koninginnelaan: balans tussen drukte en
Birkstraat: een groene verkeersader
De Koninginnelaan in Soest is een drukke straat waar
De Birkstraat verbindt Soest met Amersfoort en
is onmisbaar voor onze regionale bereikbaarheid.
Inhoudsopgave
centrum van Soest en is een belangrijke verkeers-
leefbaarheid de hoge verkeersintensiteit de leefbaarheid onder
druk zet. Met een herinrichting in de toekomst, krijgt
36
DEEL B - MOBILITEIT
de straat meer ruimte voor fietsers en voetgangers. Dit zorgt voor een betere balans tussen verkeer en
woonomgeving, terwijl de straat zijn verbindingsrol
voor inwoners en bezoekers, met een goede balans tussen natuur en ruimtegebruik.
behoudt. Om een herinrichting mogelijk te maken,
Oude Tempel en De Groene Hoogte: nieuwe
aandacht voor fietsers bij oversteekplaatsen. Bij het aanpassen van deze straten blijft het behoud van groenstructuren een belangrijk uitgangspunt.
moeten er wegafsluitingen op een andere plek in de
buurten, verbonden met de regio
Torenstraat
wijk verdwijnen. Zo neemt de verkeersdruk op de
Koninginnelaan af en houden we de verkeersveilig-
De wijken Oude Tempel en De Groene Hoogte zijn
heid zo hoog mogelijk.
nieuwe woongebieden in Soesterberg. Met verbe-
De Torenstraat is een hoofdweg en kent een struc-
terde wandel- en fietsroutes en een aangepaste
staan onder druk, vanwege het gebruik en profiel
Rademakersstraat en Novalaan: toegang tot een groeiend Soesterberg De Rademakersstraat en Novalaan zijn belangrijke
buslijn verbinden wij deze buurten op een duurzame manier met omliggende gebieden, terwijl de focus blijft op een rustige, groene leefomgeving.
wegen in Soesterberg. Dit heeft te maken met een
Dalweg: een gebied in ontwikkeling
Een betere inrichting van deze straten zorgt ervoor
die mogelijk impact hebben op het verkeer. Als er
hogere verkeersdruk door nieuwe woningbouw.
Langs de Dalweg ontstaan nieuwe ontwikkelingen
dat ze hun functie als toegangswegen behouden,
door deze ontwikkelingen verkeersmaatregelen
terwijl de leefbaarheid en veiligheid verbeteren. Soest-Zuid en Soesterduinen: recreatief en
van de straat. Wanneer wij onze hoofdwegen verkeersveiliger gaan inrichten, heeft de Torenstraat prioriteit.
voorzieningen.
Beckeringhstraat en Vredehofstraat: regionale
Soest-Zuid geeft toegang tot verschillende recrea-
verbindingen
Wij verbeteren de huidige fiets- en wandelroutes,
steden en het provinciale wegennet. De hoge
tiegebieden, zoals bijvoorbeeld de Soesterduinen.
Deze wegen verbinden Soest met omliggende
zodat deze beter aansluiten op de behoeften van
verkeersdruk vraagt om verbeteringen op het gebied
Inhoudsopgave
(fietsstroken in plaats van vrijliggende fietspaden)
nodig zijn nemen we deze uit de bovenwijkse
verbonden
recreanten. Zo blijft het gebied aantrekkelijk en veilig
tuurknelpunt. De leefbaarheid en verkeersveiligheid
van doorstroming en veiligheid, met daarbij speciale
37
Deel C Mobiliteit
DEEL C - MOBILITEIT
3. Acties Mobiliteit 3.1 Inleiding 3.1.1 Algemeen In dit deel beschrijven wij per doel de concrete acties die volgen uit het Omgevingsprogramma Mobiliteit. Deze acties voeren wij rolbewust uit, en plaatsen
wij in de context van de Planning & Control-cyclus
(P&C-cyclus) en de relevante beleidsfase. Zo kunnen we de voortgang van de acties monitoren.
2. De wetmatige overheid. De overheid zorgt voor rechtmatigheid en handelt volgens wet- en regelgeving.
3. De presterende overheid. De overheid richt zich op het halen van concrete resultaten en het leveren van meetbare prestaties.
4. De responsieve overheid. De overheid luistert naar de behoeften van de samenleving en speelt hier flexibel op in.
3.1.2 Rollen van de gemeente
Samenwerkende overheid
Om onze acties efficiënt en effectief te kunnen
We werken intensief samen met partners binnen
welk moment wij als gemeente welke rol hebben.
bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere
uitvoeren, is het belangrijk om scherp te hebben op Bij het beschrijven van onze rol als gemeente gaan we uit van de manier waarop de Nederlandse
School voor Openbaar Bestuur (NSOB) de overheid omschrijft. Volgens deze omschrijving zijn er vier rollen die een overheid kan hebben:
1. De samenwerkende overheid. De overheid werkt actief samen met partners om maatschappelijke vraagstukken aan te pakken.
Inhoudsopgave
en buiten de gemeente. Denk hierbij aan inwoners,
overheden. We voeren de Omgevingsprogramma’s
doelen op het gebied van klimaatadaptatie, sociale cohesie en een gezonde leefomgeving. Wetmatige overheid De gemeente zorgt voor rechtmatigheid en dat
wet- en regelgeving wordt nageleefd. Denk aan de Omgevingswet en aan verschillende milieuwetge-
ving. Met alle Omgevingsprogramma’s zorgen we
voor een veilige, toegankelijke en klimaatbestendige leefomgeving die voldoet aan de wettelijke kaders.
Dit wordt ondersteund door de afdeling Realisatie en
VTH. Met vergunningverlening en toezicht, duurzaam beheer en onderhoud, dragen zij bij aan de realisatie van de beleidsdoelen.
Wonen, Werken, Mobiliteit, Groen & Landschap en
Presterende overheid
Domein en het Energieprogramma integraal uit.
impact. Door doelen te koppelen aan prestaties,
Water in nauwe afstemming met het team Sociaal
We streven naar concrete resultaten en meetbare
Omdat de verschillende fysieke en sociale domeinen
zoals vergroening van werkplekken en veilige
samenwerken aan gezamenlijke doelen, versterken wij elkaar en bereiken we meer dan wanneer wij
allemaal apart werken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan
mobiliteitsnetwerken, zijn wij effectief in het halen van onze ambities. Innovatieve oplossingen, zoals aquathermie en groen-blauwe netwerken, zorgen voor tastbare verbeteringen in de leefomgeving.
39
DEEL C - MOBILITEIT Responsieve overheid Soest luistert naar inwoners en speelt in op hun
behoeften en ideeën. Door participatie en co-creatie betrekken we de gemeenschap actief bij zowel
het maken van beleid als de uitvoering daarvan.
Met flexibele oplossingen en maatwerk reageren
we op nieuwe uitdagingen als de energietransitie en klimaatverandering. Zo zorgen we dat Soest toekomstbestendig blijft.
3.1.3 Uitvoering: P&C en monitoring In dit deel beschrijven wij de acties op hoofdlijnen.
In het kader van de P&C-cyclus brengen de verschillende beleidsteams en afdelingen al hun activiteiten in beeld. In de P&C-cyclus maken we vervolgens
voor alle activiteiten een integrale afweging voor de inzet van mensen en middelen.
door de verschillende beleidsteams. We kijken
van wat de maatregel oplevert? Oftewel: is de
Zo kunnen wij acties datagedreven ontwikkelen en
de mogelijkheden voor subsidies mee.
daarbij naar zowel kwantitatieve als kwalitatieve data. uitvoeren. Wij werken dus op basis van inzichten en feiten. Bij het prioriteren van acties in de uitvoering gebruiken we onderstaande criteria:
• Oplossend vermogen: draagt de maatregel bij aan één of meerdere doelen van het
In het actie-overzicht hieronder staat per doel welke
om aan de maatregel mee te werken?
prioriteit wij geven aan de verschillende acties,
maatregel? Oftewel: zijn direct betrokkenen bereid • Haalbaarheid: is de maatregel voldoende con-
creet? Zo nee, is aangegeven dat er een onderzoek nodig is, op basis waarvan we wél kunnen overgaan op het uitvoeren van de maatregel?
praktijk vaak van anderen afhankelijk. Vinden zij
wordt deze extra inzet via de P&C-cyclus gevraagd. Het monitoren van deze voortgang wordt gedaan
Inhoudsopgave
3.2 Acties
maatschappelijk en politiek draagvlak voor de
• Draagvlak: is er bij verschillende doelgroepen
schillende indicatoren die wij in Deel B beschrijven.
gang kan verbeteren met extra mensen en middelen,
uitvoerbaar?
3.2.1 Toelichting op geprioriteerde en geordende actieoverzichten
• Uitvoerbaarheid: is de maatregel, gezien vanuit de
Wanneer er onvoldoende voortgang is en de voort-
• Planning: op welke termijn is de maatregel
Omgevingsprogramma?
Wij monitoren vervolgens de acties en de voortgang van de doelen. Dit doen wij aan de hand van de ver-
maatregel kosteneffectief? Hierbij nemen we ook
gemeente, uitvoerbaar? Daarnaast zijn wij in de het ook uitvoerbaar?
• Kosten: hoe duur is de maatregel en wie moet
acties wij voorzien. Daarnaast laat het zien welke
omdat wij de actie met de meeste prioriteit als eerste noemen. We onderscheiden daarbij acties om aan wettelijke taken te voldoen, acties die de basis op
orde brengen en acties die bij onze ambities passen. We laten ook zien in welke beleidsfase de actie past. Hiervoor gebruiken we de zogenaamde ‘beleidscy-
clus’ uit de Omgevingswet. Deze cyclus vraagt in elke fase om acties. Er zijn vier fases:
daarvoor betalen? Is het mogelijk dat de
• Beleidsontwikkeling: wat willen we?
kosten van de maatregel redelijk ten opzichte
• Beleidsdoorwerking: hoe maken we het mogelijk?
gemeente de maatregel financiert? En zijn de
Hier formuleren we onze visie en doelen.
40
DEEL C - MOBILITEIT
Hier stellen we de kaders, regels en afspraken op en werken deze uit. Zie ook bijlage 3.
• Beleidsuitvoering: hoe voeren we het uit? De fase
gaat over de praktische uitvoering en het beheer.
De vierde fase gaat over beleidsevaluatie. Dit volgt onder meer uit de monitoring. Daarom heeft deze fase geen specifieke plek in de geprioriteerde en
geordende actie-overzichten. In de uitvoering heeft deze fase natuurlijk wel een plek.
Onderstaande geprioriteerde en geordende
actie-overzichten maken het een stuk makkelijker
om prioriteiten op hoofdlijnen te blijven stellen, de voortgang te monitoren en flexibel te reageren op
ontwikkelingen. Uiteraard pakken we in de uitvoering
waar mogelijk acties die elkaar versterken tegelijk en/ of gezamenlijk op.
Inhoudsopgave
41
DEEL C - MOBILITEIT
3.2.2 Geprioriteerd en geordend actieoverzicht per doel Doel 1: Verbeteren van de (verkeers)veiligheid met de ambitie van nul verkeersslachtoffers in 2040 Voldoen aan wettelijke eisen
Beleidsontwikkeling Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
Basis op orde brengen
Ambitie t.b.v. realisatie doelen
1. Onderzoek naar aanpassingen voor de verkeersveiligheid en leefbaarheid op de Koninginnelaan 2. Onderzoeken wensbeeld hoofdwegen en nieuwste veiligheidsrichtlijnen 3. Onderzoeken hoe we de verkeersveiligheid en doorstroming op de Birkstraat kunnen verbeteren 1. Gefaseerd aanpassen afsluitingen en andere beperkingen voor een veiligere verkeerscirculatie op de Koninginnelaan 2. Herinrichten hoofdwegen volgens wensbeeld hoofdwegen 3. Onderzoeken en uitvoeren mogelijkheden school-sportroutes 3. Aanpassingen maken om verkeer veiliger en soepeler te laten verlopen op de Birkstraat
1. Fietspaden veiliger, breder en overzichtelijker maken op belangrijke routes 1. Snelheidsremmende maatregelen toepassen op polderwegen en woonstraten, waar dit nodig is voor de veiligheid van voetgangers en fietsers
1. Bestaande zebrapaden zijn uniform en veilig 2. Toevoegen veilige voetgangersoversteekplaatsen 3. Snelheidsremmende maatregelen plaatsen bij rotondes 4. Dynamische LED-verlichting plaatsen en onderhouden bij rotondes langs de Koningsweg
1. Meewerken aan initiatieven voor veiligheidscampagnes en themaweken verkeer op scholen
42
DEEL C - MOBILITEIT Doel 2: Het bevorderen van een gezondere leefstijl door toepassing van het STOMP-principe Voldoen aan wettelijke eisen
Beleidsontwikkeling
Basis op orde brengen
Ambitie t.b.v. realisatie doelen
1. Meer gezamenlijkheid in fietsbeleid in strategie en gedrag 1. Gebruik van het STOMP-principe om alternatieve vervoerswijzen te stimuleren 2. Stimuleren van lopen en fietsen door waarborgen van aantrekkelijke infrastructuur
1. Wandel- en fietsroutes verbeteren voor comfortabel en veilig gebruik
1. Bushaltes toegankelijker maken voor alle gebruikers 2. Realiseren van rookvrije zones bij bushaltes en andere OV-knooppunten
1. Meedoen aan een pilot voor deelmobiliteit met bakfietsen
Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
43
DEEL C - MOBILITEIT Doel 3: Terugdringen van de CO2-uitstoot van onze verplaatsingen Voldoen aan wettelijke eisen
Beleidsontwikkeling
Basis op orde brengen
Ambitie t.b.v. realisatie doelen
1. Aandacht voor fietsvoorzieningen bij nieuwe woningbouwontwikkelingen 2. In regioverband deelmobiliteitshubs realiseren
1. In regioverband verkennen hoe deelmobiliteit breder uitgerold kan worden
1. Laadpalen plaatsen binnen 150 meter van aangevraagde locaties 2. Gebruik van duurzame en circulaire materialen in infrastructuurprojecten
1. Promoten van alternatieven voor de personenauto, zoals deelauto’s en fietsen
Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
44
DEEL C - MOBILITEIT Doel 4: Behouden van een vitale en aantrekkelijke woon-, werk- en recreatie-gemeente Voldoen aan Basis op orde brengen wettelijke eisen
Ambitie t.b.v. realisatie doelen
Beleidsontwikkeling Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
1. Toevoegen van groene of speelse elementen aan woonwijken door overbodige verharding weg te halen 1. Bushaltes toegankelijker maken voor mindervaliden 1. Geluidsreducerend asfalt toepassen op 50 km/uur hoofdwegen, om geluidsoverlast te beperken 2. Fietsbeleid op gedrag richten via het organiseren van fietscampagnes, zoals Doortrappen. Daarnaast ook uitvoeren adhoc projecten 2. Doorfietsroutes realiseren, zoals de verbinding Soest – Hilversum
45
DEEL C - MOBILITEIT Doel 5: Zorgen dat iedereen zijn bestemming kan bereiken Voldoen aan wettelijke eisen
Beleidsontwikkeling
Basis op orde brengen
Ambitie t.b.v. realisatie doelen
Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
1. Realiseren van ketenmobiliteit door OV-knooppunten beter te integreren met fiets- en looproutes 1. Soesterlijn aantrekkelijker maken (Beter Benutten Soesterlijn) door uitvoeren van quick wins 2. Verkeersdruk Koninginnelaan beter verdelen door afsluitingen op andere plekken op te heffen 3. Verbeteren van de doorstroming op de Birkstraat 4. Overgaan op slimme verkeerslichten (iVRI’s)
46
DEEL C - MOBILITEIT Doel 6: Vraag en aanbod naar parkeerplaatsen zijn in balans Voldoen aan wettelijke eisen
Beleidsontwikkeling Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
Basis op orde brengen
Ambitie t.b.v. realisatie doelen
1. Parkeerdruk in woonstraten onderzoeken, en mogelijkheden verkennen om woonstraten met een hoge parkeerdruk waar mogelijk te optimaliseren 1. Herzien van de Nota Parkeernormen, en daarin het STOMP-principe en convenant toekomstbestendig bouwen verwerken
1. Ruimhartiger omgaan met parkeerplaatsen voor mensen met een beperking op kenteken
1. Onnodige parkeerplaatsen verwijderen om ruimte te creëren voor bijvoorbeeld groen, water en ruimtelijke vragen 2. Optimalisatiemogelijkheden van parkeren uitvoeren in woonstraten met een hoge parkeerdruk
47
Deel D Mobiliteit
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT
Bijlagen 4.1 Bijlage 1: Ruimtelijke vraagstukken Mobiliteit Hoe wenselijk is het om hoofdwegen met een 50 km/uur-regiem in kern Soest in te richten als 30 km/uur-regiem? Doelstelling
We streven naar nul verkeersslachtoffers. Als wegbeheerder hebben wij de inspanningsverplichting om onze wegen zo veilig mogelijk in te richten. Ook op onze hoofdwegen (50 km/uur-wegen) binnen de bebouwde kom is dit uiteraard het geval. Daarbij zijn verkeersongevallen puur als wegbeheerder nooit volledig uit te sluiten.
Indicator
Het aantal verkeersslachtoffers op onze hoofdwegen (bron: ViaStat).
Consequenties voor andere programma’s
Koppelkansen Risico’s Conclusie
Inhoudsopgave
Op sommige plekken zal ruimte nodig zijn voor het herinrichten van wegen. Op enkele plekken ontstaat beperkt meer ruimte. Daar kunnen we koppelkansen (bijvoorbeeld voor Groen en Water) benutten. Onze hoofdgroenstructuur is gerelateerd aan onze hoofdwegenstructuur, en dus ook met het groene karakter van Soest. Deze hoofdgroenstructuur moeten we tenminste behouden. Het verplaatsen van groen is daarbij een mogelijkheid.
Op strategisch niveau zijn er geen koppelkansen. In de technische uitwerking zijn er wel koppelkansen, waardoor we kunnen bijdragen aan onze doelen (bijvoorbeeld onze doelen voor groen, water en leefbaarheid).
Het herinrichten van onze hoofdwegen is erg kostbaar. Het herinrichten van al onze hoofdwegen zal daardoor gefaseerd moeten plaatsvinden. Daarbij moeten we slim prioriteren in wanneer we welk wegvak herinrichten. Waar mogelijk laten we groot onderhoud meeliften. Verkeerskundig oogpunt willen we de huidige netwerkhiërarchie behouden. Dit houdt in dat onze hoofdwegen ook in het geval van 30 km/uur hun ontsluitingsfunctie moeten behouden. Doen we dat niet, dan gaat verkeer over andere routes rijden die hier niet op berekend zijn. Onze wegen zijn soms veiliger 50 in te richten. Dat heeft verkeerskundig de voorkeur. Is het niet mogelijk om een weg veiliger 50 in te richten, dan doen we concessies op bereikbaarheid voor de verkeersveiligheid. Een hoofdweg gaat dan terug naar 30 km/uur.
49
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT Hoe gaan we in de verschillende wijken/buurten om met de vraag naar uitbreiding parkeergelegenheid in relatie tot andere functies en inrichting van de straten?
Gelinkt aan doel
In de Omgevingsvisie staat dat we vraag en aanbod naar parkeerplaatsen in balans willen houden.
Indicator
Parkeerdrukonderzoek (2025).
Koppelkansen
We koppelen het optimaliseren van het parkeerareaal aan groot onderhoud. Zo zetten we onze budgetten zo efficiënt mogelijk in. In straten met een lage parkeerdruk kunnen we parkeerplaatsen gebruiken bij het oplossen van andere ruimtevragers, bijvoorbeeld voor het plaatsen van een trafohuisje.
Consequenties voor andere programma’s
Risico’s
Conclusie
Inhoudsopgave
Nadere uitwerking voor een aantal buurten is nodig. Dit doen we naar aanleiding van het parkeeronderzoek. In een aantal wijken/ woonstraten is de beschikbare ruimte beperkt, waardoor we afwegingen moeten maken om onze doelen zo optimaal mogelijk behalen. Daarbij ook groen, water en spelen betrekken. Als we parkeerplaatsen willen toevoegen dan zal dit ten koste gaan van een andere ruimtevrager. Op een parkeerplaats kunnen we bijvoorbeeld ook een boom planten. We moeten een integrale afweging maken.
We kunnen niet in elke straat vraag en aanbod aan parkeerplaatsen in balans brengen. In sommige woonstraten is er simpelweg onvoldoende ruimte om extra parkeergelegenheid aan te leggen. Daarnaast is dit ook niet wenselijk. Vanuit het STOMP-principe willen we niet voorzien in het parkeren van alle tweede of derde auto’s in Soest. We willen juist dat alternatieven voor de auto worden gestimuleerd.
Deze integrale afweging maken we het beste bij het herinrichten van een weg bij groot onderhoud aan de weg of het riool. We kunnen dan bijvoorbeeld kijken of we elders in de straat onnodige verharding kunnen verwijderen, wat de aanleg van een parkeerplaats weer compenseert. We leggen geen nieuwe parkeerplaatsen aan zonder groot onderhoud.
50
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT
4.2 Bijlage 2: Beleidskaders
Vrachtwagenheffing
Mobiliteitsstrategie U Ned
Planwet verkeer en vervoer
Het kabinet werkt aan de invoering van een zoge-
naamde ‘vrachtwagenheffing’. Dit kan zorgen voor
Deze strategie streeft naar een robuust en duurzaam
meer vrachtverkeer op gemeentelijke wegen, zoals
op nabijheid, betere fiets- en wandelnetwerken,
De Planwet verkeer en vervoer stelt dat elke
gemeente, totdat de Omgevingswet in 2024 werd ingevoerd, een gezamenlijk en uitvoeringsgericht verkeers- en vervoersbeleid moest hebben.
Strategisch Plan Verkeersveiligheid (2020-2030) Het SPV richt zich op het verbeteren van de verkeersveiligheid via een zogenaamde ‘proactieve risico-
gestuurde aanpak’. Voor de periode 2020-2030 is
vijfhonderd miljoen euro beschikbaar gesteld om de
de N221. Dit heeft mogelijk gevolgen voor bereikbaarheid en verkeersveiligheid in Soest.
mobiliteitssysteem. Met deze strategie wordt ingezet en mobiliteitshubs zoals de P&R (Park & Ride) Soesterberg.
Woondeal regio Amersfoort
Netwerkperspectief provinciale wegen
Voor 2030 zijn er afspraken gemaakt om 27.000
De provincie wil de maximumsnelheid op provinciale
Extra verplaatsingen door deze woningen kunnen de
te verbeteren. Voor Soest betekent dit veranderingen
woningen te realiseren in de regio Amersfoort. verkeersdruk in Soest verhogen.
wegen verlagen, om zo de veiligheid en leefbaarheid voor de N413, N237 en N221.
Convenant Toekomstbestendig Bouwen
Netwerkperspectief openbaar vervoer
waterschapswegen te verbeteren.
Soest heeft gekozen voor het ambitieniveau ‘brons’
Het behoud van de directe verbinding Utrecht-Soest-
Nationaal Toekomstbeeld Fiets
Dit betekent onder andere dat de parkeernormen
maken van deze verbinding. Het opwaarderen van
verkeersveiligheid op gemeentelijke, provinciale en
Het doel is dat het gebruik van de fiets in 2027 met twintig procent is toegenomen, en dat dit richting 2040 nog verder groeit. Investeren in fietsinfra-
in het convenant voor duurzame woningbouw. met tien procent dalen op plekken met goede OV-bereikbaarheid.
Baarn is onzeker, omdat weinig reizigers gebruik buslijnen in de regio kan het openbaar vervoer
aantrekkelijker maken voor inwoners van Soest.
structuur levert veel op en is dus kosteneffectief. Het is onmisbaar bij het realiseren van nieuwe woningbouwopgaven.
Inhoudsopgave
51
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT Regionaal Toekomstbeeld Fiets De provincie werkt aan de snelfietsroute tussen
Amersfoort, Soest, Baarn en Hilversum, die vanaf 2023 wordt gerealiseerd. Mobiliteitsvisie Baarn Baarn heeft de nieuwe fietsroute naar Hilversum
uitgesteld en richt zich op het weren van verkeer
door het centrum van Soest naar de A1. De ontwik-
kans op verkeersongevallen minimaal is. Deze visie is gebaseerd op drie pijlers:
• Functionele Wegcategorisering: wegen worden
ingedeeld op basis van hun functie. De verschil-
lende functies zijn stroomwegen, gebiedsontsluitingswegen en erftoegangswegen. Elk soort weg heeft specifieke inrichtingseisen en snelheids
limieten, die bijdragen aan de verkeersveiligheid.
keling van Paleis Soestdijk kan extra verkeersdruk op
• Homogene verkeersstromen: dit principe stelt dat
provincie Utrecht, de gemeente Baarn en gemeente
en snelheden zoveel mogelijk van dezelfde weg
de N221 veroorzaken. Daar staat tegenover dat de
Eemnes samenwerken aan een plan om de verkeers-
veiligheid en de doorstroming op de provinciale weg N221 te verbeteren. Specifiek gaat het om het stuk ten noordwesten van Baarn, rondom de Poort van Baarn.
Duurzaam Veilig-visie Het verkeersveiligheidsbeleid van de gemeente
verkeersdeelnemers met vergelijkbare massa’s
Nationale Agenda Verkeersveiligheid (NAV) De Nationale Agenda Verkeersveiligheid
(NAV) stuurt lokale beleidsmaatregelen, door doelen te stellen voor het verminderen van
verkeersslachtoffers. Daarnaast stimuleert het
gemeenten om risicogroepen en risicolocaties
aan te pakken. Verkeersveiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid die we integraal aanpakken.
Hiervoor werken wij samen met de politie, scholen, en verkeersorganisaties.
categorie gebruik maken. Dit vermindert het risico op ernstige ongevallen.
• Vergevingsgezinde inrichting: wegen worden zo ingericht dat menselijke fouten niet direct tot
ernstige ongevallen leiden. Onderdeel hiervan zijn bijvoorbeeld veilige oversteekplaatsen, duidelijke verkeerssignalen en obstakelvrije zones.
Soest krijgt richting aan de hand van verschillende landelijke kaders en richtlijnen. De “Duurzaam
Veilig”-visie vormt de kern van deze kaders en heeft als doel het verkeerssysteem zo in te richten dat de
Inhoudsopgave
52
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT
4.3 Bijlage 3: Doorwerking in (onderliggend) beleid
Los van het Omgevingsprogramma werken wij apart
Andere beleidsstukken blijven voorlopig ongewijzigd.
Bij het vaststellen van het Omgevingsprogramma
• Nota parkeernormen 4e herziening, raad 14
• Beleidsregels inritvergunningen, 1e herziening
Verkeers- en Vervoersplan (GVVP)’ ingetrokken.
• Beleidsnota gehandicaptenparkeerplaats op ken-
• Komgrenzenbesluit wegenverkeerswet (2013)
Mobiliteit wordt de beleidsnota ‘Gemeentelijk
Dit is inclusief de daarbij horende kadernota, het uitvoeringsprogramma, de oplegnotitie en de
aan:
oktober 2021
teken, 9 november 2010
tussenevaluatie.
Mogelijk volgen er ruimtelijke maatregelen die we
Dit geldt ook voor de beleidsnotitie opheffen
lijk aanpassingen aan de weginrichtingen naar aan-
afsluitingen van wegen. Nieuwe kaders hiervoor staan in het Omgevingsprogramma Mobiliteit.
Bij het vaststellen van het Omgevingsprogramma Mobiliteit vervalt een aantal nu geldende beleidsnota’s. Het gaat hierbij om:
vertalen in het Omgevingsplan. Er volgen waarschijn-
Het gaat hierbij om:
(2019)
• Beleidsregels bewegwijzering, toeristisch en recreatief (2013)
• Beleidsregels verkeersontheffingen (2013) • Wegsleepverordening (2001)
leiding van de beslissing of de maximumsnelheid op
onze hoofdwegen 50 km/uur of 30 km/uur wordt. De uitgangspunten daarvoor vertalen we in de Leidraad Fysieke Leefomgeving en de richtlijn verkeersdrempels. Deze processen volgen na vaststelling van het programma.
• Gemeentelijk verkeers- en vervoersplan – Beleidsnota, raad 30 oktober 2008
• Beleidsnotitie opheffen afsluitingen van wegen, raad 11 juni 2009
Inhoudsopgave
53
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT
4.4 Bijlage 4: Wensstructuur fiets
Inhoudsopgave
54
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT
4.5 Bijlage 5: Huidige wegenstructuur auto
Hoofdwegenstructuur gemeente Soest
Inhoudsopgave
55
DEEL D - BIJLAGE MOBILITEIT
4.6 Bijlage 6: Relevante bronnen Gemeente Soest, 2023. Stap voor stap ver komen, Omgevingsvisie Soest en Soesterberg. (link).
Goudappel & Rekenkamercommissie Soest, 2021.
Soest op de Fiets. Onderzoek rekenkameronderzoek naar het fietsstimuleringsbeleid. (link).
Onderzoeksbureau Opiniepeilers, 2023. Hoe moet uw dorp eruit zien? Participatie inwoners over omgevingsprogramma’s.
Provincie Utrecht, 2022. Convenant Toekomstbestendig Bouwen. (link).
Rijksoverheid, 2020. Nationale Omgevingsvisie. (link). Rijksoverheid, 2024. Omgevingswet. (link).
Inhoudsopgave
56