CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. PvA Transitiefase Omgevingsplan Soest (2020)

Beeldvormende vergadering (Raadzaal) 14 december 2023, gemeente SoestBij agendapunt: Kerninstrument Omgevingsplan12.858 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Maatwerkregels kunnen enkel worden gesteld voor onderwerpen die door het Rijk of de provincie zijn aangegeven. Een voorbeeld van maatwerkregels: bij de afwatering van een wijk kunnen problemen in het rioolstelsel en het watersysteem ontstaan. Om dit te beperken kunnen in het omgevingsplan regels voor de afwatering van percelen van een wijk als maatwerkregels gesteld worden. Vanuit de instructieregels in het Besluit kwaliteit leefomgeving moet in sommige gevallen het bevoegd gezag verplicht maatwerkregels stellen. Het gaat om de bescherming van woningen en andere gevoelige of kwetsbare bouwwerken tegen geur, geluid, externe veiligheid en trillingen. Maatwerkvoorschriften en maatwerkregels hebben geen vastgelegde volgorde en bestaan daarmee naast elkaar. Een maatwerkvoorschrift wordt vaker naar aanleiding van een melding opgelegd, waardoor het een reactief karakter krijgt, in tegenstelling tot een maatwerkregel die juist een proactief karakter heeft. Een maatwerkregel kan namelijk ook voor toekomstige activiteiten gelden. Een maatwerkvoorschrift kan sneller worden opgelegd dan een maatwerkregel vanwege de procedure die gevolgd moet worden. Een maatwerkvoorschrift heeft immers de vorm van een beschikking waardoor het stellen van een dergelijk voorschrift enkele weken behelst.

Dit in tegenstelling tot een maatwerkregel die de voorbereidingsprocedure van een omgevingsplan moet volgen. Dit kan maanden in beslag nemen. 4.2.3.2. Aanpak Bij het koppelen van regels aan werkingsgebieden (zie paragraaf 4.1) zal worden bekeken of en in welke gevallen het nodig is om maatwerkvoorschriften of -regels te stellen.

26

4.2.4.

Hoe om te gaan met zorgplichten?

4.2.4.1. Wat zijn zorgplichten? In de Omgevingswet is een algemene zorgplicht opgenomen. Dit houdt in dat naast de overheid ook inwoners en ondernemers verantwoordelijk zijn voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Deze algemene zorgplicht is vooral een vangnet als er geen specifieke gemeentelijke regels of rijksregels van toepassing zijn. Als deze specifieke gemeentelijke of rijksregels er wel zijn, geldt de algemene zorgplicht niet meer. In de AMvB’s zijn specifieke zorgplichten opgenomen. Deze borduren voort op de algemene zorgplicht, maar zijn concreter. Een specifieke zorgplicht is toegespitst op specifieke activiteiten voor concreet genoemde belangen. Zowel in het Besluit activiteiten leefomgeving als het Besluit bouwwerken leefomgeving staan specifieke zorgplichten. Het gaat bijvoorbeeld om zorgplichten voor milieubelastende activiteiten, het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden en brandveilig gebruik van bouwwerken. Deze specifieke zorgplichten maken duidelijk wat er wel en niet moet gebeuren. Bijvoorbeeld dat degene die verantwoordelijk is voor een activiteit, de beste beschikbare technieken gebruikt. De specifieke zorgplichten in de AMvB’s zijn algemene regels. Deze regels gelden direct voor inwoners en bedrijven. Daarnaast kunnen ook in het omgevingsplan nog specifieke zorgplichten worden opgenomen.

Het handhaven op een (specifieke) zorgplicht is mogelijk. Wel vraagt de eis van de rechtszekerheid dat inwoners en ondernemers slechts kunnen worden aangesproken op naleving van de zorgplicht als zij vooraf hadden kunnen weten dat hun handelen of nalaten onmiskenbaar in strijd is met de zorgplicht. Het bevoegd gezag moet een in het kader van bestuurlijke handhaving gegeven last concreet invullen, zodat degene tot wie de last is gericht niet in het duister hoeft te tasten over wat te doen of na te laten. Het is niet voldoende om in de last uitsluitend aan te geven dat de zorgplicht moet worden nageleefd. 4.2.4.2. Aanpak In 2021 zal worden bekeken of en in welke gevallen het wenselijk is om in de regels van het omgevingsplan specifieke zorgplichten op te nemen. 4.2.5.

Hoe om te gaan met regels voor kostenverhaal?

4.2.5.1. Wat is het kostenverhaal? Voor nieuwe bouwontwikkelingen zijn in de Wet ruimtelijke ordening regels opgenomen over het verhalen van kosten. Het gaat dan om onder meer over ambtelijke uren, maar ook over ingrepen in het openbaar gebied. Ook in de Omgevingswet zullen regels gaan gelden voor kostenverhaal. Deze regels worden via de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet toegevoegd. Als gevolg daarvan zullen ook voor het onderwerp kostenverhaal keuzes gemaakt moeten worden. Te denken valt bijvoorbeeld aan een verdeelsleutel voor kosten voor de verschillende activiteiten. Dienen bijvoorbeeld initiatiefnemers die sociale woningen realiseren ook mee te betalen aan bovenplanse kosten? En welke verhouding hanteert de gemeente Soest tussen de bouw van woningen en de bouw van voorzieningen?

27

4.2.5.2. Aanpak Het wetgevingstraject rond de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet is op dit moment nog niet afgerond. Het is verstandig om de besluitvorming en het daaraan gekoppelde Aanvullingsbesluit af te wachten, alvorens deze keuzes te maken. Daarom blijft de gemeente Soest de ontwikkelingen rondom de wetgeving volgen en bepaalt zij vanaf 2021 hoe deze regelgeving vertaald wordt in het omgevingsplan.

4.3.

BRUIDSSCHAT

4.3.1.

Wat is de bruidsschat?

Onder de Omgevingswet krijgen gemeenten meer ruimte om lokaal afwegingen te maken. Het gaat dan bijvoorbeeld over horeca en huishoudelijk afvalwater, zaken die nu nog door het Rijk worden geregeld. Er zijn op hoofdlijnen 4 soorten onderwerpen die worden opgenomen in de bruidsschat: • • • •

regels voor milieubelastende activiteiten waaronder horeca, recreatie en detailhandel; regels over lozingen; regels over de gevolgen van emissie van geluid, geur en trillingen door bedrijven; regels op het gebied van bouwen.

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet kunnen gemeenten zelf bepalen of en welke regels ze over deze thema’s willen stellen. Het is echter onmogelijk voor gemeenten deze keuzes direct in hun omgevingsplan te verwerken. Daarom zorgt de rijksoverheid voor een pakket van regels dat automatisch onderdeel van het tijdelijk omgevingsplan wordt. Deze regels worden de bruidsschat genoemd. Gemeenten krijgen door de bruidsschat de tijd om zelf een afweging te maken over onderwerpen die ze wel of niet willen regelen.

Schematische weergave van de bruidsschat

28

Tijdens de transitiefase (2021 tot 2029) mogen gemeenten de regels uit de bruidsschat intrekken en wijzigen. Daarnaast zullen nog niet alle regels in de bruidsschat helemaal voldoen aan de kaders van de Omgevingswet. Een voorbeeld zijn de instructieregels voor geluid in het Besluit kwaliteit leefomgeving. Hiermee is de opgave drieledig: 1. specificeren: om lokaal maatwerk te kunnen regelen; 2. schrappen: voor onderdelen uit de bruidsschat die voldoende zijn geborgd via een specifieke zorgplicht en waarvoor geen lokale knelpunten bestaan; 3. afstemmen: het afstemmen van regels uit de bruidsschat op de gewijzigde regels in de Omgevingswet. 4.3.2.

Aanpak

In 2020 werkt de gemeente Soest voor de inventarisatie van de bruidsschat samen met de Omgevingsdienst Utrecht en de U10-gemeenten. In multidisciplinaire teams met adviseurs vanuit verschillende gemeenten wordt de bruidsschat geïnventariseerd en worden de mogelijkheden voor de verwerking van de bruidsschatregels in het omgevingsplan in beeld gebracht. Vervolgens wordt vanaf 2021 een keuze gemaakt uit deze mogelijkheden en worden deze regels opgenomen in de regelset.

4.4.

ANNOTEREN

4.4.1.

Wat is annoteren?

Om het omgevingsplan op een simpele manier te kunnen gebruiken is het onder andere van belang dat mensen regels kunnen lezen en kunnen zien op welk gebied een regel van toepassing is. Daarnaast kunnen regels makkelijker doorzoekbaar worden gemaakt als er zoektermen worden gebruikt. Om dit mogelijk te maken, zullen de regels uit het omgevingsplan moeten worden geannoteerd. Annoteren is het toevoegen van informatie aan een gedeelte van de tekst van het omgevingsplan. Een markering (label, tag, etc.) heet een annotatie. Het feitelijk ‘markeren’, of het voorzien van een (ken)merk voorzien van tekst, kan handmatig of geautomatiseerd gedaan worden. Met het annoteren kan je regels filteren: je kan een selectie van regels oproepen op basis van de aan de teksten toegekende annotatie. Om uniformiteit te bevorderen kunnen gemeenten de annotaties niet vrij kiezen. Er is landelijk een aantal standaard annotaties geformuleerd. Denk daarbij aan de annotatie ‘onderwerp’ waarbij uit een aantal waarden zoals ‘bodem’ of ‘natuur’ een keuze gemaakt kan worden. Een annotatie kan een limitatieve waardelijst hebben of een uitbreidbare waardelijst: • •

een limitatieve waardelijst: er moet een waarde gekozen worden uit een lijst met vooraf gedefinieerde waarden. Er mag geen waarde gebruikt worden die niet op de lijst voorkomt, of een uitbreidbare waardelijst: er is een lijst met vooraf gedefinieerde waarden. Wanneer de gewenste waarde op de waardelijst voorkomt, wordt die gebruikt. Als de gewenste waarde niet op de waardelijst voorkomt, wordt een eigen waarde gekozen.

29

Annoteren is niet nieuw. Ook in het huidige stelsel van ruimtelijke plannen wordt reeds geannoteerd. Door op www.ruimtelijkeplannen.nl te klikken op de verbeelding worden de relevante planregels getoond. Dat is mogelijk doordat onderdelen van de bestemmingsplannen zijn voorzien van annotaties. Op dit moment is echter nog veel onduidelijk rondom annoteren. Zo zijn de landelijke standaarden voor het omgevingsplan, waarin ook de standaarden voor annoteren worden opgenomen, nog niet definitief. Daarnaast zijn leveranciers van software waarmee annoteren mogelijk wordt gemaakt nog bezig met de ontwikkeling van hun software. Drie vormen van annotaties Een aantal annotaties is verplicht. Dit betreft de zogeheten Bekendmakingwet-annotaties. Bekendmakingswet-annotaties zijn verplichte annotaties die nodig zijn om besluiten te kunnen publiceren op de Landelijke voorziening. Het gaat hierbij om gegevens zoals het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen, de datum waarop het besluit is genomen en de gebruikte versie van de standaard alsmede de annotatie die de (regel)tekst verbindt met het bijbehorende werkingsgebied. Dit is het juridisch minimumniveau waarop het bevoegde gezag dient te annoteren. Een aantal andere annotaties is (deels) optioneel. Het gaat dan om zogeheten ‘Omgevingswetannotaties’ en ‘Service-annotaties’.

Omgevingswet-annotaties of functionele annotaties zijn deels optionele en deels onder voorwaarden verplichte annotaties. Deze annotatiesoort zorgen er onder meer voor dat in de viewer getoond wordt waar een bepaald type regel geldt. Voorbeelden zijn het annoteren van activiteiten, functies en omgevingswaarden. Service-annotaties zijn optionele annotaties. Deze annotaties bieden gebruikers een meer gedetailleerd inzicht, maar zijn niet noodzakelijk om de regels van het omgevingsplan op een minimaal niveau te kunnen tonen. Voorbeelden van deze annotatiesoort zijn de volgende annotaties: Regelkwalificatie (geeft bijvoorbeeld aan dat een regel een vergunningplicht of een meldingsplicht bevat), Thema en Onderwerp. 4.4.2.

Aanpak

In de eerste helft van 2021 wordt een aanpak voor annoteren opgesteld. Dat geeft enerzijds tijd om de ontwikkelingen rondom de standaarden en software af te wachten. Anderzijds zorgt deze planning ervoor dat de aanpak gereed is op het moment dat voor de eerste gebieden of initiatieven regels aan werkingsgebieden gekoppeld zullen worden (zie paragraaf 4.1). Daarmee zijn de annotaties beschikbaar op het moment dat een wijzigingsbesluit van het omgevingsplan ter inzage wordt gelegd. In de aanpak wordt onder meer ingegaan op: • • • • •

het soort annotaties dat de gemeente Soest wil gebruiken: enkel de bekendmakingswet-annotaties of ook (een aantal van) de Omgevingswet- en service annotaties? afstemming met (keten) partners: wil de gemeente Soest de aanpak afstemmen op de annotatieaanpak van haar ketenpartners? het niveau van annoteren: annoteert de gemeente Soest op het niveau van artikelen of van regels? de waarden die de gemeente Soest wil invoeren: wil de gemeente Soest de standaard waardenlijsten uitbreiden? verwijzingen en relaties tussen artikelen: wil Soest hier gebruik van maken?

30

4.5.

TOEPASBARE REGELS

4.5.1.

Wat zijn toepasbare regels?

Toepasbare regels vormen de ‘bouwstenen’ van vragenbomen. Met vragenbomen kunnen burgers en bedrijven nagaan of een vergunning of melding voor hun initiatief nodig is. Ook kunnen met toepasbare regels formulieren worden gemaakt voor het opstellen van een vergunningaanvraag die zich automatisch aanpassen aan het initiatief en de gegeven antwoorden. Toepasbare regels worden gebruikt om gebruikers, zoals inwoners en ondernemers, optimaal te ondersteunen bij het checken of een vergunning nodig is of en er een aanvraag ingediend moet worden. Met de vergunningcheck krijgt de initiatiefnemer een concreet antwoord op onder meer de volgende vragen: 'Mag ik op deze locatie zonder vergunning mijn initiatief starten of moet ik daar een vergunning voor aanvragen?’ en ‘Moet ik daarvoor een melding doen of geldt er een andere informatieverplichting?’. Als blijkt dat er een vergunning, melding of andere informatieverplichting nodig is wordt door middel van toepasbare regels het juiste aanvraagformulier klaargezet. Toepasbare regels zijn daarmee de vertaling van juridische regels in begrijpelijke taal. Het DSO bevat nog geen toepasbare regels. Deze moeten door het bevoegde gezag zelf worden gemaakt. 4.5.2.

Aanpak

De gemeente Soest zal in 2021 ervaring opdoen met het opstellen van toepasbare regels en vervolgens de toepasbare regels daadwerkelijk gaan opstellen. Om toepasbare regels op te kunnen stellen, is software noodzakelijk. De aanschaf hiervan is voorzien in 2020.

4.6.

INTEGRATIE VERORDENINGEN IN HET OMGEVINGSPLAN

4.6.1.

Wat is de opgave?

In het omgevingsplan worden regels voor de fysieke leefomgeving opgenomen. Ook delen van gemeentelijke verordeningen worden dus in het omgevingsplan opgenomen. Met de inventarisatie (zie paragraaf 2.1) is het speelveld duidelijk: er is in beeld gebracht welke regels mee moeten en mee kunnen in het omgevingsplan. Er dient vervolgens gekozen te worden op welk moment de gemeente de verordeningen zal integreren: 1. gelijk met het gebiedsgericht omzetten van het tijdelijk omgevingsplan in het volwaardig omgevingsplan, of; 2. na het vaststellen van het volwaardig omgevingsplan, waarin alle bestaande regels zijn omgevormd vanuit het tijdelijk omgevingsplan.

31

4.6.2.

Aanpak

In 2021 wordt verder verkend op welke wijze en op welk moment verordeningen zullen worden geïntegreerd in het omgevingsplan. Daarbij wordt ook de vraag betrokken of allereerst een zelfstandige verordening voor de fysieke leefomgeving wordt gemaakt, met alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, en of deze ook als zodanig ter vaststelling aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Deze verordening zou dan vervolgens geïntegreerd worden in het omgevingsplan.

4.7.

HARMONISEREN VAN BEGRIPPEN

4.7.1.

Wat is de opgave?

In de bestemmingsplannen en verordeningen van de gemeente Soest worden nog niet altijd dezelfde begrippen gebruikt. Bij de integratie van de regels uit bestemmingsplannen en verordeningen in het omgevingsplan is dat wel noodzakelijk. Daarnaast wordt voor het DSO een begrippenkader ontwikkeld: de Stelselcatalogus. Deze catalogus is - sterk vereenvoudigd - een digitaal woordenboek waarmee gemeenten en andere bevoegde gezagen een gemeenschappelijk begrippenkader kunnen ontwikkelen en daar hun eigen specifieke aanvullingen in kunnen opnemen. De Stelselcatalogus zal begrippen bevatten uit wet- en regelgeving, uit landelijke standaarden en normen, en uit decentrale regelgeving, alsmede omschrijvingen van die begrippen en relaties tussen de diverse begrippen. Daarmee zal de Stelselcatalogus een belangrijke ondersteuning vormen voor het harmoniseren van de begrippen die de gemeente Soest in het omgevingsplan zal gebruiken. 4.7.2.

Stappenplan VNG

Door de VNG is een praktijkproef georganiseerd voor het harmoniseren van begrippen (Praktijkproef Harmoniseren van Begrippen, 2018). In deze praktijkproef is gebruik gemaakt van een stappenschema om het harmoniseren van begrippen te vereenvoudigen. De deelnemers waren enthousiast over dit stappenplan. Stappenschema harmoniseren van begrippen (VNG): 1. Bepalen of het definiëren van een begrip nodig is (of is het begrip reeds voldoende duidelijk in het dagelijks taalgebruik). 2. Filteren of het begrip niet reeds in de Omgevingswet, AMvB’s of andere wet- en regelgeving is gedefinieerd, waardoor het opnemen van een definitie in het omgevingsplan niet meer nodig is. 3. Bepalen of er verschillen bestaan tussen de definities die voor het begrip worden gebruikt in de Stelselcatalogus, gemeentelijke verordeningen en bestemmingsplannen. 4. Nagaan of het begrip onder de Omgevingswet nog op dezelfde wijze kan worden gedefinieerd. 5. Nagaan of er op basis van jurisprudentie een noodzaak bestaat om het begrip en/of de definitie aan te passen. 6. Definities uitsluiten die normen bevatten, zoals bijvoorbeeld ‘een bedrijf aan huis mag maximaal 30% van de woning...’. 7. Maken van een keuze voor de te hanteren definitie tussen de verschillende definities die na het doorlopen van de stappen 3 tot en met 6 naar voren zijn gekomen.

32

4.7.3.

Aanpak

Allereerst worden de begrippen en definities van de bestemmingsplannen van de gemeente Soest geïnventariseerd. Daarmee wordt in beeld gebracht hoe uniform de gehanteerde begrippen en definities zijn. Voor de woonwijken wordt hier in 2020 mee begonnen. De begrippen en definities van de gemeentelijke verordeningen zijn reeds geïnventariseerd en er is een voorzet gedaan hoe de begrippen definities na 2021 moeten luiden. Vervolgens worden de begrippen en definities in de bestemmingsplannen vergeleken met de begrippen en definities in de Stelselcatalogus en in de gemeentelijke verordeningen. Daarmee is duidelijk uit welke varianten gekozen kan worden. Het daadwerkelijk definiëren van begrippen wordt gelijktijdig opgepakt met het opstellen van de regels voor de regelbibliotheek. Op dat moment is duidelijk welke begrippen gebruikt worden en in welke context. Bij de koppeling van de regels aan werkingsgebieden (zie paragraaf 4.1) wordt bekeken of maatwerkregels het noodzakelijk maken om aanvullende begrippen dan wel afwijkende definities op te nemen. Vooralsnog kiest de gemeente Soest ervoor om ook voor het harmoniseren van begrippen voor het omgevingsplan gebruik te maken van het stappenplan. Tijdens het oefenen met het omgevingsplan in 2020 wordt bekeken of dit stappenplan ook in de praktijk goed werkt.

4.8.

MONITORING

Monitoring is een vorm van informatievoorziening over de fysieke leefomgeving. Bestuursorganen verzamelen gedurende langere tijd op systematische wijze gegevens over de fysieke leefomgeving of onderdelen daarvan. Deze monitoringsinformatie kan vervolgens gebruikt worden om te beoordelen of doelstellingen worden gehaald, of aan verplichtingen wordt voldaan en of er nog gebruiksruimte voor nieuwe ontwikkelingen is. Ook inwoners en ondernemers hebben belang bij de beschikbaarheid van de gegevens. Door actief monitoringsgegevens beschikbaar te stellen, kunnen onderzoekslasten voor concrete initiatieven verminderd worden. Er zijn verschillende vormen van monitoring van (onderdelen van het omgevingsplan) denkbaar: •

•

•

monitoring van omgevingswaarden: indien in het omgevingsplan omgevingswaarden worden opgenomen, zijn gemeenten verplicht om te monitoren of aan deze omgevingswaarden wordt voldaan, of; monitoring van gebruiksruimte: in het omgevingsplan kan bijvoorbeeld worden opgenomen dat in een gebied maximaal 1.500 woningen gebouwd kunnen worden. Vervolgens dient gemonitord te worden hoeveel van deze woningen gebouwd en vergund zijn en hoeveel van deze gebruiksruimte nog beschikbaar is voor aanvragen om een omgevingsvergunning, of; monitoring van ambities: in het omgevingsplan kunnen ambities uit bijvoorbeeld de omgevingsvisie vertaald worden in juridische regels. Via monitoring kan informatie worden verzameld om te evalueren of de gestelde ambities ook gehaald worden. Daarmee vormt monitoring een belangrijk element in de beleidscyclus en geeft het college en de gemeenteraad belangrijke sturingsinformatie.

33

De opzet van de monitoring is daarmee afhankelijk van de keuzes die gemaakt worden in de omgevingsvisie en de wijze waarop de regels worden opgesteld. In 2020 en 2021 wordt verder onderzocht hoe monitoring vormgegeven zal worden.

4.9.

PLANNING

In de paragrafen 4.1 tot en met 4.8 zijn de keuzes beschreven die vanaf 2021 nog gemaakt moeten worden, alsmede de acties die nog moeten worden opgepakt. Daarmee is de opgave bekend en kan deze worden vertaald naar een planning waarmee duidelijk wordt welke stappen de gemeente Soest wanneer gaat zetten om te komen tot het volwaardig omgevingsplan. In deze paragraaf worden de acties uit dit gehele hoofdstuk in een planning weergegeven.

Activiteit

Al in 2020 gestart

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Regelset Schrijven regels regelset voor woonwijken Schrijven regels regelset voor overige gebieden Koppelen regels aan regelset woonwijken Koppelen regels aan regelset overige gebieden

Omgevingsvisie Verwerken input omgevingsvisie in regelset

Keuzes Bestaande bebouwing en bestaand gebruik Activiteiten direct toestaan, vooraf melden of alleen na het verkrijgen van een omgevingsvergunning Maatwerk Zorgplichten Kostenverhaal

Bruidsschat Inventariseren Vertalen in regelset

Annoteren Opstellen aanpak

Harmoniseren van begrippen Inventariseren van begrippen en definities Vergelijken definities en begrippen Definiëren van begrippen omgevingsplan

34

Activiteit

Al in 2020 gestart

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Toepasbare regels Ervaring opdoen Opstellen toepasbare regels

Integreren verordeningen in omgevingsplan Opstellen aanpak

Annoteren

Monitoren Opstellen aanpak

35

5.

DE WINKEL BLIJFT OPEN

De transitie naar het volwaardig omgevingsplan is een omvangrijke opgave die jaren in beslag zal gaan nemen. Gedurende deze periode zullen zich echter ook initiatieven aandienen. In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe medewerking verleend kan worden aan deze initiatieven, oftewel hoe de gemeente Soest ervoor zorgt dat de winkel open blijft.

5.1.

WETTELIJK KADER AANVRAGEN EN INITIATIEVEN

5.1.1.

Periode tot inwerkingtreding Omgevingswet

Aanvragen om omgevingsvergunning die tot en met 31 december 2020 worden ingediend, worden beoordeeld en getoetst volgens het huidige recht. Het gaat hierbij zowel om aanvragen om omgevingsvergunning die passen binnen het huidige bestemmingsplan als om aanvragen die daarmee in strijd zijn, dus waarvoor wordt afgeweken van het bestemmingsplan. Aanvragen die direct na de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet (1 januari 2021) worden ingediend worden beoordeeld volgens het nieuwe recht en hiervoor worden de bijbehorende procedures doorlopen. Gemeenten hebben dus te maken met een periode direct na de inwerkingtreding van de Omgevingswet waarin procedures volgens zowel het oude als het nieuwe recht naast elkaar lopen. Aanvragende partijen zullen in de periode net voor de inwerkingtreding een afweging maken om aanvragen juist nog net voor de inwerkingtreding in te dienen, zodat ze volgens het oude recht worden afgehandeld, of juist te wachten tot na de inwerkingtreding. 5.1.2.

Periode na inwerkingtreding Omgevingswet

Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet zullen er aanvragen komen voor zowel initiatieven die passen in het tijdelijk (of na aanpassing het volwaardig) omgevingsplan, als initiatieven die niet passen binnen het tijdelijk omgevingsplan. Afwijken van het tijdelijk omgevingsplan is dan mogelijk met behulp van een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit (hierna: OPA) of door wijziging van het tijdelijk omgevingsplan in het volwaardig omgevingsplan. De afwijking middels een OPA is de meest eenvoudige methode van afwijken en min of meer vergelijkbaar met de huidige buitenplanse afwijking van het bestemmingsplan op grond van de Wabo. Dit is echter niet in alle gevallen mogelijk. Het afwijken middels een OPA is onder meer niet mogelijk als ook regels van omliggende percelen moeten worden aangepast. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de situatie waarin de geur- of geluidscontour van een naastgelegen bedrijf over de kavel van de initiatiefnemer is gelegen die een woningbouwplan heeft. In dat geval is afwijken alleen mogelijk door het omzetten van het tijdelijk omgevingsplan in het volwaardig omgevingsplan. 5.1.3.

Overgangsrecht voor lopende bestemmingsplanprocedures

Voor bestemmingsplannen waarvan het ontwerp voor inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage is gelegd, geldt nog de huidige procedure op grond van de Wet ruimtelijke ordening. Specifiek voor bestemmingsplannen met verbrede reikwijdte is in artikel 7c, achttiende lid van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet bepaald dat tot 1 januari 2024 gebruik kan worden gemaakt van de vrijstellingen, mits voor 1 januari 2021 een ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd.

36

5.2.

MEEWERKEN AAN INITIATIEVEN

Afwijken van het tijdelijk omgevingsplan zal veelal plaatsvinden met toepassing van de OPA. Dit is immers de snelste procedure. Op voorhand is echter niet uit te sluiten dat iedere ontwikkeling met een OPA kan worden vergund of dat iedere initiatiefnemer altijd de voorkeur geeft aan toepassing van de OPA. Daarom wordt in 2020 gewerkt aan de regelset (zie paragraaf 2.3.2). Deze regelset kan gebruikt worden om snel en adequaat een wijziging van het tijdelijk omgevingsplan op te stellen en in routing te brengen en op die manier het betreffende initiatief te faciliteren. Hiervoor wordt in 2020 software aangeschaft. Hiermee wordt het mogelijk om na 1 januari 2021: • • •

aanvragen om een omgevingsvergunning en verleende omgevingsvergunningen te publiceren; werkingsgebieden te koppelen aan de regels in de regelset; wijzigingen van het tijdelijk omgevingsplan in procedure te brengen.

37

BIJLAGEN BIJLAGE 1: OVERZICHT VAN DE VIER INSTRUMENTEN UIT DE OMGEVINGSWET

38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=23323c52-9ae9-404d-96fb-e3ee7534aad8