Bijdrage van starter uit Soest
Tekst van het document
Bijdrage van inwoner t.b.v. bijeenkomst 29 februari 2024 Ik ben 21 jaar, probeer een eigen start te maken in het leven. Hierbij komt veel kijken. Een belangrijke stap in volwassen worden is de mogelijkheid op jezelf te wonen. Door het beleid met de opvang van vluchtelingen en asielzoekers, word het mij erg moeilijk gemaakt om te beginnen aan dit eerste deel van mijn eigen volwassen leven. Hierdoor heb ik een kleine kans om een eigen woning te krijgen. Ik heb niet het gevoel dat er gedacht wordt aan de gemiddelde Nederlandse burger, die net als ik probeert stappen te maken in zijn of haar leven. Waar houdt het op? Moet er eerst iets gebeuren met mij voordat ik in aanmerking kom voor een woning, of moet ik twee uur van mijn familie en werk vandaan gaan wonen omdat daar nog plek is. Wanneer er een woning online komt, waar 1300 mensen op reageren, voel ik mij kansloos. Is dit nou waar Nederland voor staat? Om mij heen zie ik alleen maar vrienden met hetzelfde probleem, niemand bouwt iets op. Iedereen voelt zijn leven on hold staan. Vriendschappen, relaties, families en kennissen worden uit elkaar gerukt omdat niemand in de buurt kan blijven wonen. Tenzij je de komende 10 jaar mazzel hebt, maar die illusie heb ik niet. De problemen worden alleen maar groter.
Kan er iemand ook voor mijn belangen opkomen, al ben ik niet dakloos, aan de drank of drugs, zat ik niet in de bak, ken ik geen oorlog of ellende. Moet ik mij schamen dat ook ik gewoon gelijke kansen wil? Ik ben zelfs een beetje bezorgd om in dit bericht mijn identiteit bekend te maken, omdat als ik niet oppas word weggezet als een verwende twintiger, die blij moet zijn met een dak boven zijn hoofd. Ik kan ook niet op tegen de ellende die sommige mensen in hun leven hebben. Maar uiteindelijk zijn wij allemaal gelijk en krijgen ook zij het weer op de rit. Met alle steun en voorzieningen die er allemaal geregeld worden, zoals een sportabonnement, een ziektekostenverzekering, geld om te leven en dingen te doen. Daarvoor moet ik hard werken en natuurlijk doe ik dat gewoon. Maar ik voel mij niet gehoord in dat dat allemaal maar vanzelfsprekend is.