CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

9. Bijlage 8 Bijlage 4 bij het BP Archeologisch Rapport

Beeldvormende vergadering (Kamer 2.03) 26 oktober 2023, gemeente SoestBij agendapunt: Bestemmingsplan Prins Bernhardlaan 8B7.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ArcheoPro Archeologisch rapport Nr. 22057 Prins Bernhardlaan 8B, Soest Gemeente Soest Inventariserend Veldonderzoek (IVO-O); Bureauonderzoek en karterend booronderzoek

Concept versie 18-07-2022 Richard Exaltus Joep Orbons

Juli 2022

ArcheoPro

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 2

ArcheoPro Archeologisch rapport Nr. 22057 Prins Bernhardlaan 8B, Soest Gemeente Soest Inventariserend Veldonderzoek (IVO-O); Bureauonderzoek en karterend booronderzoek Colofon Opdrachtgever Projectcode Bestandsnaam Versie Status Archis melding (zaaknummer) Bevoegd gezag Opslagplaats documentatie ISSN Auteur(s) Projectleider Projectmedewerkers Onderaannemers Autorisatie

mRO, Leeuwenveldseweg 16H, 1382 LX Weesp 22-106 ArcheoPro Rapport Prins Bernhardlaan 8B, Soest 2022 07 18 18-07-2022 Concept 5273710100 Gemeente Soest Provincie Utrecht 1569-7363 Richard Exaltus (actorregistratie 92909010) Joep Orbons (actorregistratie 55660015) Richard Exaltus (actorregistratie 92909010) Richard Exaltus (actorregistratie 92909010) Joep Orbons (actorregistratie 55660015) Niet van toepassing Drs R.P. Exaltus; senior KNA archeoloog

Uitgegeven door ArcheoPro © Copyright 2022 ArcheoPro, Eijsden ArcheoPro Sint Jozefstraat 45 NL 6245 LL Eijsden Nederland

Versie: 18-07-2022

Tel : 0(0 31) 43 3672586 www.archeopro.nl

Kamer van Koophandel Limburg: 14117581 e-mail: info@archeopro.nl

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 3

Inhoudsopgave SAMENVATTING ........................................................................................................................................ 4 1. INLEIDING ............................................................................................................................................... 5 1.1 ALGEMEEN .................................................................................................................................................................................................... 5 1.2 LOCATIEGEGEVENS (LS02) .................................................................................................................................................................. 5 1.3 AARD VAN DE INGREEP (LS01) ............................................................................................................................................................ 5 1.4 ONDERZOEK (LS01) ........................................................................................................................................................................ 5 1.5 DOEL- EN VRAAGSTELLING ......................................................................................................................................................................... 6

2 BUREAUONDERZOEK ......................................................................................................................... 11 2.1 METHODE EN BRONNEN ...........................................................................................................................................................................11 2.2 GEO(MORFO)LOGIE, AARDKUNDE EN BODEM (LS04) ...................................................................................................................13 2.3 REFERENTIEPROFIEL.................................................................................................................................................................................13 2.4 ARCHEOLOGIE (LS01/LS04) .........................................................................................................................................................19 2.5 INFORMATIE AMATEURARCHEOLOGEN (LS01/LS04) ..................................................................................................................20 2.6 HISTORIE (LS03) ............................................................................................................................................................................24 2.7 GESPECIFICEERD ARCHEOLOGISCH VERWACHTINGSMODEL (LS05) ...........................................................................................27

2.8 ONDERZOEKSSTRATEGIE (LS05) ......................................................................................................................................................28

3 VELDONDERZOEK ............................................................................................................................... 29 3.1 VERRICHTE WERKZAAMHEDEN (VS03) ...........................................................................................................................................29 3.2 RESULTATEN BOORONDERZOEK (VS03) .........................................................................................................................................29

4 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

(VS07) .............................................................................. 32

4.1. SELECTIEADVIES .......................................................................................................................................................................................32

5. LITERATUUR EN BRONNEN ............................................................................................................ 33 6. BIJLAGES................................................................................................................................................ 35 BIJLAGE 1: VERKLARENDE WOORDENLIJST ..................................................................................................................................................35 BIJLAGE 2: ARCHEOLOGISCHE TIJDSCHAAL...................................................................................................................................................35 BIJLAGE 3: OVERZICHT VONDSTLOCATIES ....................................................................................................................................................36 BIJLAGE 4: OVERZICHT ARCHEOLOGISCHE MONUMENTEN ........................................................................................................................36 BIJLAGE 5: OVERZICHT ARCHEOLOGISCHE ONDERZOEKSMELDINGEN .....................................................................................................37 BIJLAGE 6: BOORBESCHRIJVING ......................................................................................................................................................................40

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 4

Samenvatting Op 1 juli 2022 is door ArcheoPro een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO-O) uitgevoerd op een terrein aan de Prins Bernhardlaan 8B te Soest in de gelijknamige gemeente. Volgens het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel kunnen binnen het plangebied archeologische resten aanwezig kunnen zijn die kunnen dateren vanaf het laatpaleolithicum. De verwachting voor resten van jachtkampjes uit het laat-paleolithicum, het mesolithicum en het neolithicum, is gezien het ontbreken van (voormalig) open water in de nabijheid van het plangebied, hooguit middelhoog. De verwachting voor (meer permanente) nederzettingsresten uit het neolithicum, de bronstijd, de ijzertijd, de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen is hoog. Voor resten van bebouwing uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd geldt gezien de ligging tot in de twintigste eeuw op een akker, een lage verwachting. Om het gespecificeerd verwachtingsmodel te toetsen zijn binnen het plangebied zes boringen gezet in een dichtheid van ruim vijftig boringen per hectare. Drie van deze boringen zijn gezet binnen de contouren van de nieuw te bouwen woning.

Op basis van de resultaten van het booronderzoek kunnen de onderzoeksvragen als volgt worden beantwoord: -Hoe is de bodem opgebouwd binnen het plangebied? De bodem binnen het plangebied lijkt van oorsprong te hebben bestaan uit een ongeveer een halve meter dik akkerdek dat direct of via een dunne AC-horizont overging in het lichtgele, grindhoudende zand van de C-horizont. Deze bodemopbouw is nog slechts aangetroffen langs de westgrens van het plangebied. Op de overige delen van het plangebied is de bodem tot ongeveer tachtig centimeter diepte vergraven en daarmee tot minimaal dertig centimeter in de C-horizont. -In welke mate is de bodem verstoord? Indien er vanuit wordt gegaan dat op de boorpunten 1 en 2 ongeveer op een halve meter beneden het maaiveld de oorspronkelijke top van de C-horizont is aangetroffen, is de bodem op de overige boorpunten tot minimaal dertig centimeter in de C-horizont verstoord. -Zijn binnen het plangebied archeologische resten aanwezig; zo ja, in welke zones en op welke diepten is dit het geval? De tot onderin het humusrijke zand aangetroffen deeltjes baksteenpuin, kachelslak en glas wijzen er op dat dit pakket in zijn huidige vorm, in de negentiende eeuw zal zijn ontstaan.

Ondanks de hoge boordichtheid en het op alle boorpunten naboren met een megaboor waarbij het opgeboorde zand is gezeefd, zijn geen relevante archeologische indicatoren aangetroffen. -Welke vorm van vervolgonderzoek is geschikt om eventueel aangetroffen resten nader te onderzoeken? Niet van toepassing.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 5

1. Inleiding 1.1 Algemeen Opdrachtgever Contactpersoon opdrachtgever Datum uitvoering bureaustudie Datum uitvoering veldwerk Archis onderzoeksmelding Onderzoekskader Bevoegd gezag Bewaarplaats vondsten Bewaarplaats documentatie

1.2 Locatiegegevens

mRO, Leeuwenveldseweg 16H, 1382 LX Weesp Robert Brink Juni/juli 2022 1 juli 2022 5273710100 Aanvraag bouwvergunning Gemeente Soest Provincie Utrecht Provincie Utrecht

(LS02)

Provincie Gemeente Plaats Toponiem Globale ligging Hoekcoördinaten plangebied (bounding box)

Oppervlakte plangebied Eigendom Grondgebruik Hoogteligging Bepaling locaties

Utrecht Soest Soest Prins Bernardlaan 8B, Soest In het centrum van Soest 148790 / 466172 148790 / 466217 148836 / 466217 148836 / 466172 878 m2 Particulier Tuin Ca. 10,50 +NAP GPS Garmin, meetlinten

1.3 Aard van de ingreep (LS01) Aard ingreep

1.4 Onderzoek

De bouw van een woning. (LS01)

Op 1 juli 2022 is door ArcheoPro een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO-O) uitgevoerd op een terrein aan de Prins Bernhardlaan 8B te Soest in de gelijknamige gemeente. De aanleiding tot het onderzoek vormt de voorgenomen bouw van een woning op het terrein. Volgens de beleidskaart van de gemeente ligt het plangebied in een zone met Archeologische Verwachting 1 (AWV1). Hier geldt volgens het vigerend bestemmingsplan een dubbelbestemming voor archeologie en dient onderzoek plaats te vinden voorafgaande aan bodemingrepen die dieper reiken dan dertig centimeter en die meer dan honderd vierkante meer beslaan. In het kader hiervan heeft onderhavig onderzoek plaatsgevonden.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 6

Het archeologisch onderzoek betrof een Inventariserend Veldonderzoek Overig (IVO-O) met bureaustudie.

1.5 Doel- en vraagstelling Bureauonderzoek heeft tot doel om op basis van beschikbare informatie te komen tot een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel. Inventariserend Veldonderzoek heeft vervolgens tot doel om het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel te toetsen door middel van veldwaarnemingen. Aan de hand van de resultaten hiervan kunnen de volgende vragen beantwoord kunnen worden: -Hoe is de bodem opgebouwd binnen het plangebied? -In welke mate is de bodem verstoord? -Kunnen binnen het plangebied nog behoudenswaardige archeologische resten aanwezig zijn? Zo ja, in welke zones en op welke diepten is dit het geval? -Welke vorm van vervolgonderzoek is geschikt om eventueel aanwezige resten nader te onderzoeken? ArcheoPro voert haar onderzoeken uit conform de hiervoor vastgelegde normen en richtlijnen (KNA 4.1 en SIKB BRL 4000) en is in het bezit van de daarvoor vereiste BRL 4000 certificaten 4002 en 4003. Het onderzoek is uitgevoerd door drs. R.P. Exaltus (senior KNA-archeoloog), drs. ing. P.J. Orbons (senior KNA-archeoloog/senior vakspecialist) en H. Rik (veldtechnicus).

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 7

Figuur 1: De ligging van het plangebied (rood omlijnd) op de topografische kaart. 1 De cirkel geeft de buitengrens van het onderzoeksgebied aan.

1 Bron: Kadaster Topografische Dienst, Emmen 2008.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 8

Figuur 2: In het rood omlijnde gebied is men voornemens om een woning te bouwen 2

2 Bron: mRO

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 9

Figuur 3: Het plangebied op de bestemmingsplankaart 3 3 Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 10

Figuur 4: Het plangebied op de kadasterkaart 4

4 Bron: www.kadaster.nl

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 11

2 Bureauonderzoek 2.1 Methode en bronnen Het bureauonderzoek wordt uitgevoerd conform de KNA 4.1, protocol 4002. Tijdens het bureauonderzoek wordt door de bestudering van de beschikbare bronnen, kennis vergaard omtrent de bodem en geologie van het onderzoeksgebied en de in en rondom het plangebied aanwezige bekende en te verwachten archeologische waarden. Op basis hiervan wordt op het schaalniveau van het plangebied een locatie specifiek verwachtingsmodel geformuleerd. Dit model kan gedetailleerder zijn dan de verwachtingsmodellen (trefkansen) zoals deze op de gemeentelijke verwachtingskaarten worden gepresenteerd. Eventueel worden ook lokale deskundigen geraadpleegd. Aan de hand van de resultaten van het bureauonderzoek kan de beste aanpak voor het veldonderzoek worden bepaald. Het veldonderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen c.q. nader te detailleren. Het bureauonderzoek kent de volgende onderdelen: • Afbakenen plan- en onderzoeksgebied en vaststellen consequenties van mogelijk toekomstig gebruik; • Aanmelden onderzoek bij Archis; • Beschrijven huidig gebruik; • Beschrijven historische situatie en mogelijke verstoringen; • Beschrijven mogelijke aanwezigheid bouwhistorische waarden in de ondergrond; • Beschrijven bekende archeologische en aardwetenschappelijke waarden; • Opstellen gespecificeerde verwachting; • Opstellen rapport bureauonderzoek.

Hierbij zijn de volgende bronnen geraadpleegd: • Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) • Archeologische MonumentenKaart (AMK) • ARCHeologisch Informatie Systeem (ARCHIS) • Atlas van topografische kaarten Nederland 1955-1965, 1:50.000 • Bodemkaart van Nederland 1:50.000 • Gemeente Soest, Archeologische beleidskaart • Geomorfologische kaart van Nederland 1:50.000 • Geologische kaart 1:50.000 • Grote historische atlas van Nederland 1:50.000 1838-1857 (Deel West) • Grote historische topografische atlas van Nederland, provincie Utrecht 1:25.000 18941926 • Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) • Kadastrale minuutplan met aanwijzende tafels, 1830 • Overig historisch kaartmateriaal (indien gebruikt) • Provincie Utrecht, tastbare tijd, Cultuurhistorische atlas van de provincie Utrecht Bovenstaande bronnen zijn gebruikt omdat deze relevante informatie bevatten over de historische en/of archeologische en/of aardkundige achtergrond van het plangebied. De informatie uit deze bronnen wordt gebruikt voor het opstellen van de gespecificeerde verwachting. Niet opgenomen bronnen hebben geen relevante informatie opgeleverd en zijn verder niet beschreven.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 12

De kaart Archeologie in Nederland is een combinatie van de Archeologische Monumentenkaart (AMK) en de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW). Hierop zijn bekende behoudenswaardige archeologische terreinen verzameld, gecombineerd met de trefkans (hoog, middelhoog, laag) op archeologische resten. Sinds 2014 wordt de AMK niet meer bijgehouden door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). De huidige AMK kan dan ook beschouwd worden als een statisch bestand. De IKAW bevat een vlakdekkende en landsdekkende classificatie van de trefkans op archeologische resten. Deze trefkans is gebaseerd op een kwantitatieve analyse en op archeologisch inhoudelijke kennis van het bodemarchief. De kaart geeft een globaal beeld van de trefkans op archeologische resten in de bodem en onder water. Deze trefkans wordt per gebied van 50 bij 50 meter aangegeven met een van de categorieën: ‘hoge', ‘middelhoge', ‘lage' of ‘zeer lage' trefkans, dan wel: ‘niet gekarteerd'. Deze laatste categorie geeft aan van welke gebieden tijdens het maken van deze versie van de IKAW geen bodemkundige of geologische gegevens beschikbaar waren. Het gaat hier vooral om bebouwde gebieden.

Figuur 5: Luchtfoto uit 2021 met daarop rood omlijnd het plangebied 5

5 Bron: http://www.pdok.nl

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

2.2 Geo(morfo)logie, aardkunde en bodem

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 13

(LS04)

Het plangebied ligt op de oostelijke flank van de Utrechtse heuvelrug. De Utrechtse Heuvelrug is ongeveer 150.000 jaar geleden ontstaan tijdens de voorlaatste ijstijd; het Saaleglaciaal. Tijdens dit glaciaal zijn pleistocene fluviatiele afzettingen door Scandinavisch landijs opgestuwd tot stuwwallen. Tijdens een groot deel van de laatste ijstijd (het Weichseliën), heerste in Nederland een poolklimaat. Door het ontbreken van begroeiing had de wind vrij spel en kon vanuit het Noordzeebekken dekzand worden afgezet. Dit dekzand behoort tot het laagpakket van Wierden (Formatie van Boxtel). Hoewel het plangebied geomorfologisch niet is gekarteerd, valt uit de geomorfologische kaart af te leiden dat het plangebied in de overgangszone ligt van een stuwwal met flauwe, korte hellingen (legenda-eenheid 11B11 op figuur 7) naar hellingafspoelingen die bedekt worden door dekzand (legenda-eenheid 4H32ydl op figuur 7). Op de uitsnede uit het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN; figuur 8) is de ligging op een helling, duidelijk herkenbaar. Op de drogere delen van het dekzandlandschap zijn veelal podzolgronden ontstaan. Deze worden gekenmerkt door een uitspoelingslaag (E-horizont) en een inspoelingslaag (Bhorizont). De B-horizont gaat veelal via een overgangslaag (de BC-horizont) over in het niet door bodemvorming beïnvloede zand (de C-horizont).

Hoewel het plangebied ook bodemkundig niet gekarteerd is, valt uit de bodemkaart af te leiden dat binnen het plangebied waarschijnlijk hoge zwarte enkeerdgronden zijn gevormd in grof zand met grind ondieper dan veertig centimeter (legenda-eenheid gzEWZ30) of met hoge zwarte enkeerdgronden die zijn gevormd in leemarm en zwak lemig fijn zand (legenda eenheid zEZ21g op figuur 9). Dergelijke gronden worden gekenmerkt door een humusrijke bovenlaag die dikker is dan vijftig centimeter. De grondwatertrap bedraag waarschijnlijk VII. Dit betekent dat het gedurende het gehele jaar, goed ontwaterde bodems betreft.

2.3 Referentieprofiel De enkeerdgronden worden gekenmerkt door een tenminste 50 cm dikke zwarte humeuze bovengrond die veelal in de Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd ( tot ± 1900), is ontstaan ten gevolge van eeuwenlange bemesting met potstalmest. Veelal gaat dit akkerdek geleidelijk aan over in het niet door plaggenbemesting met humus verrijkte zand. Doordat enkeerdgronden vaak zijn aangelegd in gebieden waar oorspronkelijk podzolgronden zijn ontstaan, kunnen resten hiervan onder het akkerdek aanwezig zijn. (Zie figuur 6 uit Ten Cate et al. 1995).

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 14

Figuur 6: Voorbeeld van een hoge zwarte enkeerdgrond op een podzol profiel 6

6 Bron: Ten Cate et al. 1005

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 15

Figuur 7: Uitsnede uit de geomorfologische kaart. 7 Het plangebied is rood omlijnd en de cirkel geeft de buitengrens van het onderzoeksgebied weer.

7 Bron: Universiteit Wageningen, 2017

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 16

Figuur 8: Uitsnede uit het Actueel Hoogtebestand Nederland. 8 Het plangebied is rood omlijnd en de cirkel geeft de buitengrens van het onderzoeksgebied weer.

8 Bron: Rijkswaterstaat, Servicedesk Data, AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland), Delft

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 17

Figuur 9: Uitsnede uit de bodemkaart met daarin rood omlijnd het plangebied met daaromheen de cirkel die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft. Voor uitleg van de codes, zie hoofdstuk 2.2 9

9 Bron: Universiteit Wageningen, 2017

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 18

Figuur 10: Uitsnede uit de grondwatertrappenkaart met daarin rood omlijnd het plangebied met daaromheen de cirkel die de buitengrens van het onderzoeksgebied aangeeft 10

10 Bron: Universiteit Wageningen, 2017

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

2.4 Archeologie

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 19

(LS01/LS04)

Volgens de beleidskaart van de gemeente ligt het plangebied in een zone met Archeologische Verwachting 1 (AWV1). Hier is archeologisch vooronderzoek vereist bij bodemingrepen die dieper reiken dan dertig centimeter en die groter zijn dan honderd vierkante meter. Voor dekzandgebieden in hun algemeenheid geldt dat hierbinnen bewoningssporen kunnen worden aangetroffen die dateren vanaf het laat-paleolithicum. Vuursteenvindplaatsen van jager-verzamelaars uit het laat-paleolithicum en het mesolithicum liggen veelal op relatief hooggelegen delen van het dekzandlandschap in de nabijheid van water. Later, in het neolithicum wanneer een sedentair bestaan in de plaats komt van een nomadisch levenswijze, verkiest men vooral de hoogste delen van het dekzandlandschap. Deze nederzettingskeuze blijft tot in de vroege middeleeuwen bestaan. In de late middeleeuwen en de nieuwe tijd zijn de nederzettingen met name gesticht langs doorgangswegen, op kruispunten van wegen en aan de overgangen van rivieren. Binnen of in de directe omgeving van het plangebied liggen geen bekende archeologische vindplaatsen. Binnen het onderzoeksgebied als geheel liggen vier archeologische vindplaatsen en één archeologisch monument. Dit laatste betreft (voormalig) AMK-terrein 12257 dat de historische kern van Soest betreft.

Hierbinnen ligt op zevenhonderd meter ten zuidoosten van het plangebied zaaknummer 2363972100). Hier heeft het Centrum voor Archeologie (CAR) in 2012 een beperkte opgraving gedaan aan het Kerkpad Zuidzijde 5. Hierbij zijn slechts negentiende eeuwse (gebouw)resten aangetroffen die niet behoudenswaardig zijn geacht en geen aanleiding gaven tot verder onderzoek. Het meest zuidoostelijke deel van het onderzoeksgebied valt nog net binnen (voormalig) AMK-terrein 12252. Hier zijn onder een 45 tot 90 cm dik plaggendek zijn diverse typen vondsten gedaan die wijzen op bewoning in meerdere perioden. Het oorspronkelijk oppervlak heeft door latere bodembewerking weinig schade ondervonden. Dit terrein ligt op de stuwwal. Er bestaat zeer waarschijnlijk een relatie met de grafheuvel die middenin de eng ligt. Zaaknummer 2335443100 ligt hier net ten noordwesten van (op ruim negenhonderd meter ten zuidoosten van het plangebied), en betreft een in 2011 door Oranjewoud BV verricht karterend en waardestellend proefsleuvenonderzoek (IVO‐P). Op basis van de resultaten hiervan is geadviseerd om het plangebied vrij te geven voor de gewenste ontwikkelingen. Zaaknummer 2475533100 betreft de resultaten van een door MUG aan de Van Weedestraat 62, op driehonderd meter ten noorden van het plangebied verricht proefsleuvenonderzoek.

Bij werkzaamheden in de Stadhouderslaan zijn iets ten zuidoosten van de onderzoekslocatie enkele laatmiddeleeuwse paalgaten waargenomen met drie fragmenten aardewerk en een fragment van een mesje. Hier zijn twee proefsleuven aangelegd met een totale lengte van circa 23 m en een breedte van circa 2 m. Door de proefsleuven lopen verschillende recente leidingen en er is een betonpoer aanwezig. Het eerste sporenvlak bevindt zich in beide werkputten op de overgang van de A- naar de Chorizont. In beide werkputten gaat de humeuze en vergraven bovengrond via een scherpe grens over in de C-horizont van het dekzand. In het dekzand zijn binnen de werkputten geen sporen van bodemvorming waargenomen. De aangetroffen sporen in de proefsleuven zijn van sub-recente en recente ouderdom en betreffen kuilen, een gemetselde zinkput en een betonfundering. Aan vondstmateriaal is dierlijk botmateriaal, plastic en recent bouwpuin aangetroffen. Het dierlijk bot is afkomstig uit een kuil die is geïnterpreteerd als een diergraf. Mogelijk heeft dit graf aan de rand van een erf gelegen. Omdat de bodem geheel verstoord is geen verder onderzoek geadviseerd. De zaaknummers 3250387100 en 3251018100 liggen beiden ruim negenhonderd meter ten noorden van het plangebied en betreffen allebei de (metaaldetector)vondst van lood-gewichten uit de nieuwe tijd.

Zaaknummer 454232100 betreft de resultaten van een ruim honderd meter ten oosten van het plangebied door

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 20

Salisbury Archeologie B.V. verricht booronderzoek. De bodemopbouw in het plangebied bestaat van boven naar beneden uit een bouwvoor/verstoord esdek op een verstoorde zandlaag op de C-horizont van dekzand. De bodem is door het grote aantal bouwactiviteiten die in het plangebied hebben plaatsgevonden sterk verstoord tot de C-horizont van het dekzand. Op basis van de resultaten van het onderzoek, is geadviseerd om het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ingrepen.

2.5 Informatie amateurarcheologen

(LS01/LS04)

ArcheoPro heeft contact opgenomen met de heer René van Hal van de Heemkundeverening Verdwenen Soest. Dit heeft met betrekking tot het plangebied de volgende informatie opgeleverd: De woning aan de Prins Bernhardlaan lag vroeger aan de zgn. Holleweg, die naar de hoger gelegen Engh liep. De Engh was vooral bedoeld als akkerbouwland.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 21

Figuur 11: Kaart met Archis vondstlocaties. 11 Het plangebied is rood omlijnd en de cirkel geeft de buitengrens van het onderzoeksgebied weer. 11 Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, ARCHIS III (Archeologisch Informatie Systeem), http://archis.cultureelerfgoed.nl

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 22

Figuur 12: Kaart met Archisonderzoeksmeldingen. 12 Het plangebied is rood omlijnd en de cirkel geeft de buitengrens van het onderzoeksgebied weer.

12 Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, ARCHIS III (Archeologisch Informatie Systeem), http://archis.cultureelerfgoed.nl

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 23

Figuur 13: Uitsnede uit de gemeentelijke beleidskaart. 13 Het plangebied is rood omlijnd en de cirkel geeft de buitengrens van het onderzoeksgebied weer.

13 Bron: Gemeente Soest

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 24

2.6 Historie (LS03) Volgens Tastbare tijd, de cultuurhistorische atlas van de provincie Utrecht lag het plangebied in de middeleeuwen aan de rand van een gebied dat is ontgonnen in blokverkaveling. Het grondgebied van de huidige gemeente Soest maakte oorspronkelijk waarschijnlijk deel uit van het foreest Fornhese dat in 777 door Karel de Grote als onderdeel van een domein wordt geschonken aan de Sint-Maartensbasiliek te Utrecht. Dit was één van de zogenaamde domaniale wildernisgebieden buiten het gebied van de villa Lisiduna. De oudste vermelding van Soest dateert uit 1028. Waarschijnlijk betekent "Soest" bron op de grens van hoge en lage gronden. In de middeleeuwen vond landbouw plaats op de hoog gelegen Eng, turfwinning in het Soesterveen en schapenhouderij op de uitgestrekte heidevelden. Tevens vonden bijenteelt plaats en in mindere mate veeteelt. Soest ontstond als een aan één zijde van een aan de voet van de stuwwal gelegen weg met op de ten zuidwesten gelegen Eng het akkerland. De boerderijen lagen als een lint langs de voet van de Eng. Het historisch centrum, met kerk en klooster Mariënburg, ligt op de stuwwal en heet tegenwoordig Kerkebuurt. De vroegste (lint)bebouwing lag ten noorden van de Oude Kerk tussen de Lange- en Korte Brinkweg en de Torenstraat/Middelwijkstraat/Steenhoffstraat.

De kadasterkaart uit omstreeks 1832 (zie figuur 14), laat zien dat het plangebied destijds vrijwel geheel binnen één kavel viel dat deel uitmaakte van de Eng. De topografische kaart uit 1845 (zie figuur 16), laat zien dat deze destijds nog niet was opgedeeld in afzonderlijke percelen en precies tussen de bestaande bebouwing in lag. Dit is ook nog niet het geval op de topografische kaarten uit 1890. Pas in de eerste helft van de twintigste eeuw is het plangebied binnen de bebouwing van een woonwijk komen te liggen. Tegenwoordig bestaat het plangebied uit een tuin met op het oostelijke deel een bijgebouw.

Figuur 14: Uitsnede uit de kadastrale kaart uit 1832 14 14 Bron: Kadaster Topografische Dienst, Emmen 2008

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 25

Figuur 15: Uitsnede uit de kaart cultuurhistorische monumenten. 15 Het plangebied is rood omlijnd. 15 Bron: Monumentenregister Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Amersfoort 2018

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 26

Figuur 16: Uitsneden uit de topografische kaarten uit achtereenvolgens: 1845, 1890, 1952 en 2016. 16 Het plangebied is telkens rood omlijnd.

16 Bron: Kadaster Topografische Dienst

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

2.7 Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 27

(LS05)

Specifieke ligging (locatie) Het plangebied ligt op de noordoostelijke flank van de Utrechtse Heuvelrug in een overgangsgebied van hoog naar laag, in een zone waarbinnen mogelijk hoge zwarte enkeerdgronden aanwezig zijn. Het plangebied heeft tot aan het begin van de twintigste eeuw op een akker gelegen op relatief grote afstand van historische bebouwing. Verwachte perioden (datering) Op basis van de bekende gegevens omtrent archeologische waarden in dekzandgebieden moet worden geconcludeerd dat binnen het plangebied archeologische resten aanwezig kunnen zijn die kunnen dateren vanaf het laat-paleolithicum. De verwachting voor resten van jachtkampjes uit het laat-paleolithicum, het mesolithicum en het neolithicum, is gezien het ontbreken van open water in de nabijheid van het plangebied, hooguit middelhoog. De verwachting voor (meer permanente) nederzettingsresten uit het neolithicum, de bronstijd, de ijzertijd, de Romeinse tijd en de middeleeuwen is hoog. Voor resten van bebouwing uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd geldt gezien de ligging tot in de twintigste eeuw op een akker, een lage verwachting. Complextypen Binnen het plangebied kunnen resten van kampementen uit het paleolithicum en het mesolithicum aanwezig zijn alsmede nederzettingen uit het neolithicum, de bronstijd, de ijzertijd en de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen.

Tevens kunnen resten van begravingen uit deze perioden aanwezig zijn. In verband met het ontbreken van bebouwing in of nabij het plangebied op de historische topografische kaarten, worden geen resten verwacht van huisplaatsen of bijgebouwen e.d. uit de late-middeleeuwen en de nieuwe tijd. Uiterlijke kenmerken Nederzettingsresten uit alle perioden zullen binnen het plangebied uit vondststrooingen bestaan en/of uit opgevulde spoorvullingen onder de bouwvoor of onder het akkerdek. Resten uit het Paleolithicum en het Mesolithicum hoeven uit niet meer te bestaan dan een strooiing van bewerkte vuursteenresten. Uit latere perioden zal veelal ook aardewerk aanwezig zijn.

Gaafheid en diepteligging Door het gebruik als akker en tuin zal op zijn minst oppervlakkige bodemverstoring hebben plaatsgevonden. Intacte sporen kunnen direct onder het akkerdek worden veracht vanaf een diepte van ongeveer een halve meter beneden het maaiveld.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 28

2.8 Onderzoeksstrategie (LS05) Tijdens het veldwerk moet allereerst worden vastgesteld hoe de bodem is opgebouwd, in hoeverre deze intact is en of hierin archeologische indicatoren aanwezig (kunnen) zijn. Om de bodemopbouw zo exact mogelijk te kunnen bestuderen kan het beste gebruik gemaakt worden van een guts. Indien blijkt dat de huidige grondbewerking tot in de natuurlijke bodem reikt en er een goede vondstzichtbaarheid heerst, is een oppervlaktekartering het meest geschikt voor het opsporen van archeologische indicatoren. Indien een oppervlaktekartering niet mogelijk is of in onvoldoende mate effectief zal zijn, wordt nageboord met een edelmanboor met een diameter van 15 cm. Het hiermee opgeboorde materiaal wordt gezeefd op een zeef met een maaswijdte van vier millimeter. Binnen het plangebied zijn zes boorpunten verdeeld over een zo gelijkmatig mogelijk netwerk. Hierdoor is binnen het 0,1 hectare grote plangebied een boordichtheid bereikt van ruim vijftig boringen per hectare. Een dergelijke boordichtheid voldoet volgens de Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek (SIKB, 2006), ruimschoots als zoekoptie om kleine op zand gelegen terreinen met een brede verwachting op te sporen (zoekoptie E).

Zelfs met de door ArcheoPro gehanteerde hoge boordichtheid is op basis van booronderzoek nooit te garanderen dat alle typen archeologische resten kunnen worden opgespoord. De kans op het aantreffen van grondsporen is bijvoorbeeld aanmerkelijk groter indien een proefsleuvenonderzoek wordt uitgevoerd. Een dergelijke aanpak zou echter in dit stadium van het onderzoek een te zwaar middel vormen Van alle boorpunten is de NAP-hoogte bepaald door middel van het AHN.

Figuur 17: Het plangebied nabij boorpunt 5, gezien in zuidelijke richting

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 29

3 Veldonderzoek 3.1 Verrichte werkzaamheden (VS03) Positie boringen: Gebruikt boormateriaal: Totaal aantal boringen: Boordichtheid: Geboorde diepte: Inmeten boorlocaties: Boorbeschrijving:

Regelmatige verdeling over het plangebied (figuur 21). Zandguts met een diameter van 2 cm en edelmanboor met een diameter van 15 cm. Zes Ruim vijftig boringen per hectare 0,9 – 1,1m –Mv GPS, meetlint en waterpas Archeologische Standaard Boorbeschrijving (ASB 5.2)

Inspectie bodemontsluitingen en/of oppervlaktekartering: In verband met de begroeiing van het plangebied was geen oppervlaktekartering mogelijk. Evenmin waren bodemontsluitingen aanwezig die geïnspecteerd konden worden op de aanwezigheid van archeologische indicatoren.

3.2 Resultaten booronderzoek (VS03) De boorpunten zijn zodanig over het plangebied verdeeld dat er drie vallen binnen de contouren van de nieuw te bouwen woning (boringen 3, 5 en 6). De ligging van de boorpunten is weergegeven op de boorpuntenkaart. De resultaten van het booronderzoek zijn opgesomd in Bijlage 1. Bovenin alle boringen is een rommelig pakket humusrijk zand aangetroffen. De dikte hiervan loopt uiteen van ongeveer dertig centimeter in de boringen 3, 4 en 6 tot ruim zestig centimeter in boring 5. In de boringen 1 en 2 bedraagt de dikte van dit pakket ongeveer een halve meter. In dit pakket zijn talrijke relatief moderne insluitsels aangetroffen zoals kachelslak, glas en puindeeltjes (zie figuur 18).

Figuur 18: Foto van de op boorpunt 5 aangetroffen bodemopbouw met links de humusrijke toplaag, rechts van het midden het vergraven zand en geheel rechts, de Chorizont. Precies in het midden is bij de punt van het mes een deeltje vensterglas zichtbaar met links en rechts hiervan brokken kachelslak (zwart). Op boorpunt 1 gaat de humusrijke toplaag direct over in het schone lichtgele zand van de Chorizont. Dit zand is matig grindhoudend. Op boorpunt 2 ligt tussen de humusrijke toplaag en de C-horizont nog een vijf centimeter dik pakket geel zand met brokken humeus zand. Een dergelijke vergraven tussenlaag (AC-horizont), loopt op boorpunt 6 door tot bijna tachtig centimeter beneden het maaiveld. Tussen dit pakket en de humusrijke toplaag is op dit boorpunt een pakket humusrijk zand met daarin brokken schoon geel zand aangetroffen. Een dergelijk vergraven zandpakket is ook op de boorpunten 3, 4 en 5, onder de humusrijke

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 30

toplaag aangetroffen. Op deze drie boorpunten loopt dit pakket echter door tot op de Chorizont. De top hiervan ligt op deze drie boorpunten rond tachtig centimeter beneden het maaiveld. Op boorpunt 4 bestaat deze volledig uit grind. Op alle boorpunten is nageboord met een edelmanboor met een diameter van vijftien centimeter. Het zeven van het hiermee opgeboorde zand heeft behalve een grote hoeveelheid grind, op alle boorpunten tot aan de top van de C-horizont relatief moderne insluitsels opgeleverd zoals kachelslak, vensterglas en zelfs plastic (zie figuur 19).

Figuur 19: Foto van het zeefresidu zoals dit binnen het plangebied is aangetroffen.

Figuur 20: Boorprofielen Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 31

Figuur 21: Boorpunten met verstoringsdiepten

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

4 Conclusies en aanbevelingen

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 32

(VS07)

Volgens het gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel kunnen binnen het plangebied archeologische resten aanwezig kunnen zijn die kunnen dateren vanaf het laatpaleolithicum. De verwachting voor resten van jachtkampjes uit het laat-paleolithicum, het mesolithicum en het neolithicum, is gezien het ontbreken van (voormalig) open water in de nabijheid van het plangebied, hooguit middelhoog. De verwachting voor (meer permanente) nederzettingsresten uit het neolithicum, de bronstijd, de ijzertijd, de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen is hoog. Voor resten van bebouwing uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd geldt gezien de ligging tot in de twintigste eeuw op een akker, een lage verwachting. Om het gespecificeerd verwachtingsmodel te toetsen zijn binnen het plangebied zes boringen gezet in een dichtheid van ruim vijftig boringen per hectare. Drie van deze boringen zijn gezet binnen de contouren van de nieuw te bouwen woning. Op basis van de resultaten van het booronderzoek kunnen de onderzoeksvragen als volgt worden beantwoord: -Hoe is de bodem opgebouwd binnen het plangebied? De bodem binnen het plangebied lijkt van oorsprong te hebben bestaan uit een ongeveer een halve meter dik akkerdek dat direct of via een dunne AC-horizont overging in het lichtgele, grindhoudende zand van de C-horizont.

Deze bodemopbouw is nog slechts aangetroffen langs de westgrens van het plangebied. Op de overige delen van het plangebied is de bodem tot ongeveer tachtig centimeter diepte vergraven en daarmee tot minimaal dertig centimeter in de C-horizont. -In welke mate is de bodem verstoord? Indien er vanuit wordt gegaan dat op de boorpunten 1 en 2 ongeveer op een halve meter beneden het maaiveld de oorspronkelijke top van de C-horizont is aangetroffen, is de bodem op de overige boorpunten tot minimaal dertig centimeter in de C-horizont verstoord. -Zijn binnen het plangebied archeologische resten aanwezig; zo ja, in welke zones en op welke diepten is dit het geval? De tot onderin het humusrijke zand aangetroffen deeltjes baksteenpuin, kachelslak en glas wijzen er op dat dit pakket in zijn huidige vorm, in de negentiende eeuw zal zijn ontstaan. Ondanks de hoge boordichtheid en het op alle boorpunten naboren met een megaboor waarbij het opgeboorde zand is gezeefd, zijn geen relevante archeologische indicatoren aangetroffen. -Welke vorm van vervolgonderzoek is geschikt om eventueel aangetroffen resten nader te onderzoeken? Niet van toepassing.

4.1. Selectieadvies Gezien de op het overgrote deel van het plangebied diepe bodemverstoring en het ondanks de hoge boordichtheid en het boren met een megaboor ontbreken van relevante archeologische indicatoren, geven de resultaten van het onderzoek geen aanleiding om archeologisch vervolgonderzoek te adviseren. In alle gevallen blijft onverminderd van kracht dat indien bij toekomstig graafwerk archeologische vondsten worden gedaan of archeologische grondsporen worden aangetroffen, deze direct gemeld dienen te worden bij de minister conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 & 5.11.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 33

5. Literatuur en bronnen Bronnen Grote historische Provincie Atlas van Nederland; deel 1 West-Nederland 1838-1857 1:50.000. Topografische dienst Wolters Noordhoff Groningen 1990 Grote topografische atlas van Nederland 1:50.000 Deel 1 West-Nederland. Topografische dienst. Wolters Noordhoff Groningen 1997 Kadaster Topografische Dienst, Top25Raster, Top10Vector, GBKN kaarten, Emmen 2008 Luchtfoto, http://maps.google.nl Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, IKAW 3.0 (Indicatieve kaart Archeologische Waarden), Amersfoort. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, AMK (Archeologische monumentenkaart), Amersfoort. Rijkswaterstaat, Servicedesk Data, AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland), Delft. Stichting voor Bodemkartering, Bodemkaart van Nederland 1:50.000. Wageningen, 1968. Stichting voor Bodemkartering: Geomorfologische kaart van Nederland 1:50.000, Staring Centrum, Wageningen, 1989 Stichting voor Bodemkartering, Geologische kaart van Nederland 1:50.000. Wageningen, 1968. Tranchot en v. Muffling, Kartenaufnahme der Rheinlande 1803-1820 Twaalf provinciën 2007. Atlas van topografische kaarten. Nederland 1955-1965. Uitgeverij twaalf provinciën. Landsmeer.

Digitale bronnen Ruimtelijke plannen http://www.ruimtelijkeplannen.nl Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed - Archis III http://archis.cultureelerfgoed.nl

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 34

Literatuur Blijdenstein, R., Tastbare Tijd, Cultuurhistorische atlas van de provincie Utrecht, Utrecht, 2005 Cate, J. A. M. ten. A. F. van Holst, H. Kleijer en J. Stolp, 1995. Handleiding bodemgeografisch onderzoek; richtlijnen en voorschriften. Deel A: Bodem. Wageningen, DLO-Staring Centrum. Technisch Document 19A. Cohen, K.M. & E. Stouthamer, 2012. Beknopte toelichting bij het digitaal basisbestand paleogeografie van de Rijn-Maas Delta, Utrecht, 2012. Es. Van W.A., Sarfatij, H. & P.J. Woltering (red.) 1988. Archeologie in Nederland; De rijkdom van het bodemarchief. Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek. Amersfoort. Kuiper, M. 2006/2007. Atlas van topografische kaarten Nederland, 1955-1965. Uitgeverij 12 Provinciën, Landsmeer. Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek (SIKB, 2006)

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 35

6. Bijlages Bijlage 1: Verklarende woordenlijst Verklarende woordenlijst AHN Actueel Hoogtebestand Nederland AMK Archeologische Monumentenkaart ASB Archeologische Standaard Boorbeschrijving Archis Archeologisch Informatie Systeem BP Before Present (present=1950) GIS Geografische Informatie Systemen GPS Global Positioning System IKAW Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden IVO Inventariserend VeldOnderzoek KLIC Kabels en Leidingen Informatie Centrum KNA Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie -mv Onder maaiveld NAP Normaal Amsterdams Peil PVA Plan van Aanpak PVE Programma van Eisen RCE Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed SBB Standaard Boor Beschrijvingsmethode SIKB Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer

Bijlage 2: Archeologische tijdschaal Periode Midden- en Laat Paleolithicum (oude steentijd) Mesolithicum (midden steentijd) Neolithicum (nieuwe steentijd) Bronstijd IJzertijd Romeinse tijd Vroege middeleeuwen Volle middeleeuwen Late middeleeuwen Nieuwe tijd

Versie: 18-07-2022

Datering 250.000

- 9000

9000 4500 2000 800 12 v chr. 500 1000 1250 1500

-

4500 2000 800 12 v. chr. 500 n. chr. 1000 1250 1500 heden

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 36

Bijlage 3: Overzicht vondstlocaties Zaak nr.: Coördinaat Periode 2335443100 149221/465365 Neoliticum, Bronstijd, IJzertijd, Romeinse tijd, Middeleeuwen, Nieuwe Tijd 2363972100 149420/465942 Middeleeuwen, Nieuwe Tijd, Onbekend

Vondsten Keramiek

Complexen Agrarisch

2475533100 148785/466454

Bouwmateriaal, Bewoning gebruiksmateriaal, keramiek, metaal, onbekend Geen Geen

3250387100 148663/467138 Nieuwe Tijd 3251018100 148663/467137 Nieuwe Tijd

Metaal Metaal

Onbekend Onbekend

Bijlage 4: Overzicht archeologische monumenten AMK nr.: 12252

Coördinaat Periode 149204.3/464870.2 Middeleeuwen, Onbekend

12257

149529/465762.4

Versie: 18-07-2022

Middeleeuwen, Nieuwe Tijd

Complex Nederzetting, onbepaald, Nederzetting, onbepaald, Akker/tuin Nederzetting, onbepaald

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 37

Bijlage 5: Overzicht archeologische onderzoeksmeldingen Zaak nr.: Coördinaat 2026477100 148209/465657 Oppervlak: 2.23521 ha. 2029928100 149219/464872 Oppervlak: 78.8478 ha. 2042352100 151148.7/470379 Oppervlak: 8041.59 ha.

Onderzoek Booronderzoek

Periode Onbekend

Vondsten Geen

Complexen Geen

Booronderzoek

Onbekend

Geen

Geen

Booronderzoek

Paleoliticum, mesoliticum, neoliticum, bronstijd, ijzertijd, romeinse tijd, middeleeuwen, nieuwe tijd Onbekend

Bot, bouwmateriaal, gebruiksmateriaal, keramiek, vuursteen, onbekend Geen

Bewoning, onbekend

2174107100 149261.3/465321.7 Booronderzoek Oppervlak: 3.31551 ha.

Onbekend

Geen

Geen

2271786100 148744/465521.8 Oppervlak: 0.088012 ha.

Onbekend

Geen

Geen

2324176100 147993.7/466830.1 Bureauonderzoek Onbekend Oppervlak: 0.574973 ha.

Geen

Geen

2114856100 147944.1/466046.8 Booronderzoek Oppervlak: 3.30922 ha.

Booronderzoek

Geen

2335443100 149262.9/465323 Proefsleuven Oppervlak: 3.31942 ha.

Neoliticum, bronstijd, ijzertijd, Keramiek romeinse tijd, middeleeuwen, nieuwe tijd

Agrarisch

2338619100 149358.5/465892.3 Onbekend

Onbekend

Geen

Versie: 18-07-2022

Geen www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 38

Oppervlak: 0.009695 ha. 2343057100 148462.6/465702.9 Bureauonderzoek Onbekend Geen Geen Oppervlak: 0.312465 ha. 2343065100 148462.6/465703.1 Booronderzoek Onbekend Geen Geen Oppervlak: 0.311648 ha. 2363972100 149419.4/465942.1 Proefsleuven Middeleeuwen, nieuwe tijd, Bouwmateriaal, Bewoning Oppervlak: onbekend gebruiksmateriaal, 0.029853 ha. keramiek, metaal, onbekend 2373668100 148808.6/466461.7 Begeleiding Onbekend Geen Geen Oppervlak: 0.168453 ha. 2470576100 149310.3/465285.2 Proefsleuven Neoliticum, bronstijd, ijzertijd, Keramiek Geen Oppervlak: romeinse tijd 0.595951 ha. 2475533100 148784.7/466459.2 Proefsleuven Onbekend Geen Geen Oppervlak: 0.08675 ha. 2683460100 149393.9/465431.9 Booronderzoek Onbekend Geen Geen Oppervlak: 0.065847 ha. 4021530100 148417.4/466515.7 Booronderzoek Onbekend Geen Geen Oppervlak: 0.216603 ha. 4028002100 148540/464753.2 Bureauonderzoek Onbekend Geen Geen Oppervlak: 1.34833 ha.

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

4542320100 148937.4/466187.5 Oppervlak: 0.164602 ha. 4555898100 148868.3/466540.8 Oppervlak: 0.502774 ha. 4558084100 148483.8/465701.5 Oppervlak: 0.223982 ha. 4572778100 148866.6/466543.6 Oppervlak: 0.543194 ha. 4643336100 148866.6/466560.6 Oppervlak: 0.276253 ha. 4710582100 148962.6/465493.2 Oppervlak: 0.181166 ha.

Onbekend

Geen

Geen

Bureauonderzoek Onbekend

Geen

Geen

Proefsleuven

Onbekend

Geen

Geen

Proefsleuven

Onbekend

Geen

Geen

Opgraving

Onbekend

Geen

Geen

Bureauonderzoek Onbekend

Geen

Geen

4750897100 148202.7/465540.5 Bureauonderzoek Onbekend Oppervlak: 0.273326 ha.

Geen

Geen

4869473100 149025.4/465422.8 Onbekend Oppervlak: 0.257534 ha.

Geen

Geen

Versie: 18-07-2022

Booronderzoek

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 39

Onbekend

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 40

Bijlage 6: Boorbeschrijving Algemene boorgegevens Soort boring Projectnummer Projectnaam Deelgebied Organisatie Archis meldingsnummer Coördinaatsysteem Coördinaatsysteemdatum Locatiebepaling Referentievlak Bepaling maaiveldhoogte Boormethode Boordiameter Opdrachtgever

BAR 22-106 Prins Bernhardlaan 8B, Soest NVT ArcheoPro 5273710100 RD2000 ETRS89 GPS en meetlint NAP AHN – Waterpas Guts en edelman 3 cm en 15 cm mRO

Posities van de boringen (boorlocaties) Boornummer XCO 1 148796.1 2 148810.4 3 148807.6 4 148818.8 5 148810.8 6 148817.7

Versie: 18-07-2022

YCO 466193.8 466177.3 466194.6 466187.8 466204.6 466198.2

Meters t.o.v. NAP 10.48 10.66 10.56 10.50 10.52 10.42

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 41

Boorbeschrijving volgens ASB 5.2 Boor Nr. 1 2

3

4

5

6

LDO 48 90 47 54 85 25 78 110 28 82 105 63 74 105 27 42 78 105

Lithologie GD BK BS Z Z Z Z Z Z Z Z Z Z G Z Z Z Z Z Z Z

BZ

BG 2 2 2 2 2 2 2

2 2 2

2

BH 3 3 1 3 2 3 2 3 2 3 2 1

Kleur HK BR GE BR GE GE BR BR GE BR BR GR BR BR GE BR BR GE GE

TK GR WI GR

IK DO LI DO

WI GR

LI DO

VLK

Overige kenmerken CO PLH VS

AIS SST

BHN BHC

BR

BHAC BHC

LI DO

GI DEZ

AKK VRG

DEZ DEZ

AKK VRG

GE WI GR

BI AKK

BHC

DEZ AKK VRG

GE BHC GR

DO

AKK VRG

GE WI GR

LI DO

BHC GE BR

WI

LI

BHAC BHC

DEZ AKK VRG VRG

DEZ DEZ

Betekenis van de afkortingen: LDO – Onderzijde boortraject in cm -mv Lithologie: GD – Onverharde sedimenten: G = grind, K = klei, L = leem, V = veen, Z = zand, P = puin Korrelgrootte: uf = uiterst fijn, zf = zeer fijn, mf = matig fijn, mg = matig grof, zg = zeer grof, ug = uiterst grof Bijmengsels: BK = bijmengsel klei, BS = bijmengsel silt, BZ =bijmengsel zand, BG= bijmengsel grind, BH = bijmengsel humus. Betekenis toegevoegde cijfers: 1 = zwak, 2 = matig, 3 = sterk en 4 = uiterst. Kleur: Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

Archeologisch onderzoek Prins Bernhardlaan 8B, Soest, Gemeente Soest.

ArcheoPro Rapport, 22057, Pagina 42

HK = hoofdkleur, BL = blauw, BR = bruin, GE = geel, GN = groen, GR = grijs, OL = olijf, OR =oranje, PA = paars, RO = rood, RZ = roze, WI = wit, ZW = zwart. TK = Tweede kleur (kleurafkortingen als boven). IK = Intensiteit kleur: LI = licht en DO = donker VLK = Vlekken (V): 2e en 3e letter is kleurafkorting als boven, 1 = weinig, 2 = matig , 3= veel Overige kenmerken: SO = Sortering: 1 = slecht, 2 = matig, 3 = goed, 4 = zeer goed CO = Consistentie (C ): ZSL-zeer slap, SLA-slap, MSL-matig slap, MST-matig stevig, STV-stevig PLH = plantenresten (PL): PL0 = geen, PL1 = spoor, PL2 = weinig, PL3 = veel) NVS = nieuwvormingen: MNC = mangaanconcreties, ROV = roestvlekken, FEC = ijzerconcreties, FFV = fosfaatvlekken TL = trends in de laag; FUA = naar boven toe fijner, TOH = aan de top humeus, TOK = top kleiig SST = Sedimentaire structuren; STKL = kleilagen, STLL = leemlagen, FLA = fijn gelaagd LG = laaggrens; BSE = basis scherp, BGE = basis geleidelijk, BDI = basis diffuus BHN = Bodemhorizont; BHAC = AC-horizont, BHAa = esdek, BHB = B-horizont, BHBs = B-horizont met sesquioxiden, BHBt = B-horizont met lutuminspoeling, BHC = C-horizont, BHCg = C-horizont met gleykenmerken, BHCr = gereduceerde C-horizont BI = Bodemkundige interpretaties; BOV = bouwvoor , AKK = akkerdek, XM = verveend, VEG = veengrond, OPG = opgebracht, SLO = slootvulling, PD = plaggendek, AD = antropogeen dek, MPG =

moderpodzol, BO = begraven oud oppervlak, CL = cultuurlaag, GI = Geologische interpretaties; LSS = löss, COL = colluvium, ALL = alluvium, DEZ = dekzand, RIV = rivierafzettingen, FPG = fluvioperiglaciaal AIS = Archeologische indicatoren; BST = baksteen, SKO = steenkool, HKF = houtskool fijn verdeeld, AWF = aardewerkfragmenten, PUI = puin, SIN = sintels, ASF = asfaltbeton, MXX = metaal, SVU = vuursteenfragmenten, GLS = glas, SLA = slakken/sintels, VKL = verbrande klei/leem, SXX = Natuursteen, PLC = plastic, OXBO = onverbrand bot

Versie: 18-07-2022

www.ArcheoPro.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=e3e62a2a-c51f-475f-a851-69fe7e7a06d9