8 2 Bijlage 1 Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Soest.pdf
Tekst van het document
Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Soest Besluit van de raad van de gemeente Soest tot vaststelling van de Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Soest (Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Soest) De raad van de gemeente Soest; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 8 december 2020 [en nummer]; gelet op artikel 4a, derde lid, van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Soest Artikel 1. Beslistermijn schuldhulpverlening De beschikking tot schuldhulpverlening of de afwijzing ervan, bedoeld in artikel 4a, eerste lid, van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, wordt genomen binnen een termijn van maximaal 8 weken na de dag waarop het eerste gesprek, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van die wet, heeft plaatsgevonden. Artikel 2. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2021. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Soest. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 4 februari 2021. De voorzitter, De griffier,
Toelichting Algemeen De Verordening beslistermijn schuldhulpverlening geeft uitvoering aan artikel 4a, derde lid, van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (hierna: wet), zoals deze met ingang van 1 januari 2021 zal gelden. Artikel 4a van de wet is ingevoerd bij Wet van 24 juni 2020 tot wijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening ten behoeve van de uitwisseling van persoonsgegevens (Stb. 239). Artikelsgewijs Artikel 1. Beslistermijn schuldhulpverlening De wet regelt dat inwoners met problematische schulden bij gemeenten terecht kunnen voor onder meer advies, schuldbemiddeling of een saneringskrediet. Het uitgangspunt is dat schuldhulpverlening breed toegankelijk is. Daarbij is van belang dat het voor de inwoner duidelijk is binnen welke termijn na het eerste gesprek over de hulpvraag wordt besloten of diegene voor een schuldenregeling in aanmerking komt. Om deze reden is bij de genoemde wetswijziging in navolging van het advies van de Nationale Ombudsman besloten een wettelijke termijn op te nemen waarbinnen de gemeente na het eerste gesprek over de hulpvraag moet besluiten of iemand voor een schuldenregeling in aanmerking komt. Niet alleen burgers dienen zich aan wettelijke termijnen te houden.
Ook van een dienende overheid mag verwacht worden dat zij op een verzoek van een burger binnen een redelijke, door de raad in een gemeentelijke verordening vastgestelde, termijn reageert. Deze termijn mag volgens artikel 4a, derde lid, van de wet niet langer zijn dan acht weken. Dit is gelijk aan de maximale redelijke termijn die in artikel 4:13, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt gesteld. Een kortere beslistermijn vaststellen is wel toegestaan. De beslistermijn is bepaald op 8 weken, omdat het verplichte onderdeel van het besluit om een plan van aanpak op te stellen tijd kost. In belang van de betrokkene met schuldenproblematiek dient dit zorgvuldig te gebeuren. Met een termijn van 8 weken sluiten we daarnaast aan bij de maximale redelijke termijn die in artikel 4:13, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt gesteld. Artikel 2. Inwerkingtreding en citeertitel De datum van inwerkingtreding valt samen met de inwerkingtreding van artikel 4a van de wet.